Skip to main content

VOEDINGSVEZELS

Page 1

Dr. Rath Health Foundation

VOEDINGSVEZELS


Voedingsvezels Eerste editie © 2016 Dr. Rath Health Foundation Uitgever: Dr. Rath Education Services B.V. Postbus 656, NL-6400 AR Heerlen Email: info@rath-eduserv.com Internet: www.drrathbooks.com Alle rechten voorbehouden. Gepubliceerd door Dr. Rath Health Foundation. Individuele pagina’s van deze brochure mogen alleen voor privé- en niet-commerciële doeleinden worden gebruikt. Elk direct of indirect commercieel gebruik van deze brochure of uittreksels daarvan, in welke vorm dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteurs, is ten strengste verboden.


Inhoud Inleiding

5

Wat zijn voedingsvezels?

6

Fysiologische werking van voedingsvezels

8

Therapeutisch gebruik van voedingsvezels

13

Conclusie

16

Literatuurlijst

17

Dr. Rath Health Foundation 3.


4.


Inleiding Gedurende lange tijd werden voedingsvezels beschouwd als overbodige voedingsbestanddelen, die geen bijzondere functie hadden voor mensen. Pas in de laatste twee decennia is het duidelijk geworden dat ze een belangrijke rol spelen voor de menselijke gezondheid. Het aantal welvaartsziekten in de geïndustrialiseerde landen, zoals overgewicht, vetstofwisselingsstoornissen, diabetes mellitus, hart- en vaatziekten en kanker, is schrikbarend hoog en stijgt enorm. Tegelijkertijd wordt het gebruik van voedingsvezels in de industrielanden steeds minder. Dit laatste is het gevolg van toenemende industriële voedselbewerking en toegenomen consumptie van dierlijke voedingsmiddelen.

van welvaartsziekten, kunnen we ervan uit gaan dat er sprake is van een verband tussen deze twee feiten. Cellulaire geneeskunde houdt zich al meer dan 20 jaar bezig met de oorzaken en gevolgen van voedingsstoftekorten. Dankzij modern natuurgeneeskundig onderzoek konden vele verbanden met de opkomst van de huidige welvaartsziekten, en oplossingen voor een ommekeer, worden aangetoond. Wij zien het als onze plicht om u over deze verbanden te informeren. Ook willen wij u laten zien dat er mogelijkheden bestaan om ziekte te voorkomen en willen wij het belang van gezondheids-bevorderende voeding de nodige aandacht geven.

Aangezien de verandering van de voedingsstoffensamenstelling van onze voeding parallel verloopt aan de toename

Dr. Rath Health Foundation 5.


Wat zijn voedingsvezels? Met de term „voedingsvezels“ worden alle onverteerbare voedselbestanddelen bedoeld. Meestal zijn voedingsvezels van plantaardige oorsprong, vooral te vinden in volkoren graanproducten, peulvruchten, fruit, groenten, noten en zaden. Voedingsvezels die via de voeding worden opgenomen, komen onverteerd via de dunne darm in de dikke darm aan. Hier worden ze ofwel door de bacteriën van het darmmicrobioom1 afgebroken en als energiebron en/of bouwstof gebruikt, of onverteerd uitgescheiden. De meeste voedingsvezels bestaan hoofdzakelijk uit verschillende enkelvoudige koolhydraten, die door middel van speciale verbindingen aan elkaar gekoppeld zijn. Aangezien het menselijk lichaam geen enzymen bevat die deze verbindingen kunnen verbreken, zijn voedingsvezels voor de mens onverteerbaar. Tot de groep voedingsvezels behoort een groot aantal, tot nu toe niet volledig be-

6.

kende, verschillende complexe structuren. De belangrijkste, meest voorkomende zijn: Cellulose: een voedingsvezel die in bijna alle planten voorkomt, bij voorkeur in de celwanden van groenten en fruit. Het is een vezel die bijna niet oplosbaar is in water, en die een hoog waterbindend vermogen bezit. Hemicellulose: complexe verbindingen, vaak samen met cellulose in de celwanden van planten te vinden, vooral in de graansoorten tarwe en rogge. Pectine: oplosbare voedingsvezels, vooral aanwezig in de celwanden van de zaden en de schil van groenten en fruit. Plantaardige gom: complexe, wateroplosbare, meervoudige verbindingen, die zich binnenin de plantencellen bevinden. Plantaardige gom heeft een hoog waterbindend vermogen.


Slijmstof: voedingsvezels, vooral aanwezig in het endosperm van de zaden (het voedingsstofrijke deel van de cel). De meest bekende slijmstof is guarpitmeel, dat van de zaden van de guarboon afkomstig is.

de gezondheid van de mens zijn: bètaglucanen en psyllium.

Opslagkoolhydraten: voedingsvezels die ook te vinden zijn in het endosperm van de zaden.

Bèta-glucanen: natuurlijke meervoudige verbindingen, die qua structuur vergelijkbaar zijn met cellulose. Ze behoren tot de oplosbare vezels, voornamelijk aanwezig in de buitenste lagen van graankorrels en in grotere hoeveelheden in haver en gerst.

Resistent zetmeel: voedingsvezels die zich binnen in de cellen van zaden bevinden. Het komt in de meeste graansoorten voor, maar ook in bonen, erwten en gekookte aardappelen.

Psyllium: voedingsvezel verkregen uit de zaden en zaadhuiden van weegbree planten, en voornamelijk gewonnen van de oorspronkelijk Indische plantensoort Plantago ovata.

Lignine: een bestanddeel van plantencelwanden, dat niet oplosbaar is in water en bijvoorbeeld in tarwezemelen voorkomt. Lignine is een uitzondering in de groep van voedingsvezels, omdat het geen koolhydraat is.

Naast de genoemde voedingsvezelsoorten, bevinden zich in de plantencelwand talrijke andere stoffen, die het menselijk lichaam niet kan verteren en daarom ook tot de voedingsvezels gerekend worden.

Twee andere soorten voedingsvezels die vaak genoemd worden in verband met

ook wel darmflora genoemd, en is het totaal van alle micro-organismen in de darm 1

Dr. Rath Health Foundation 7.


Fysiologische werking van voedingsvezels De samenstelling van de voedingsvezels kan sterk variëren, afhankelijk van de plantaardige herkomst. Dit leidt tot verschillende effecten op het metabolisme en de spijsverteringsorganen, gebaseerd op de volgende fysische eigenschappen: Waterbindend vermogen Alle voedingsvezels, behalve lignine, kunnen water binden, als gevolg van hun structuur. Zij vergroten op die manier de voedselbrij en ondersteunen daarmee de vertering. Vezelrijke voeding wordt langer gekauwd. Bovendien wordt door het grotere volume en de taaie consistentie van de voedselbrij de maag langzamer geleegd. Het gevolg daarvan is dat er sneller een verzadigingsgevoel optreedt, dat langduriger aanhoudt. Andere voordelen van waterbinding: • Er ontstaan gunstige omstandigheden voor groei van gezondheids-bevorderende darmbacteriën Û toename van het aantal bacteriën en ontwikkeling van een goed microbioom

8.

• Het volume van de darminhoud neemt flink toe en de ontlasting verandert van consistentie Û meer en zachtere ontlasting veroorzaakt minder druk in de dikke darm • Meer darmbeweging Û bevordert de doorbloeding van de darmwand en helpt bij een betere functie van het darmslijmvlies, en een beter zelfreinigend vermogen • Verkort de passagetijd in het laatste deel van de dunne darm en de dikke darm


Fermentatie De bacteriën van het microbioom bevatten enzymen die de voedingsvezels in de darm kunnen afbreken. De mogelijkheid tot afbraak door darmbacteriën, fermentatie genoemd, kan afhankelijk van soort en vorm voedingsvezel zeer sterk variëren. Pectine, gom en slijmstoffen kunnen bijvoorbeeld zeer goed gefermenteerd worden. Bij het fermenteren ontstaan vooral de volgende stoffen:

• Ethanol • Waterstof • Kooldioxide • Methaan • Korteketenvetzuren (azijnzuur, propionzuur, boterzuur) Korteketenvetzuren zorgen voor een zure omgeving, waarin zich een optimale samenstelling en stofwisselingactiviteit van darmbacteriën kan ontwikkeling. Bovendien gaat verlagen van de pH-waarde gepaard met meer darmbeweging en een snellere passage.

Dr. Rath Health Foundation 9.


Daarnaast levert vooral het korteketenvetzuur boterzuur een bijdrage aan de ontwikkeling van het darmslijmvlies en daarmee aan de darmbarrière2. Verder helpt het in de dikke darm bij de opname van natrium en water, waardoor diarree voorkomen wordt. Oplosbaarheid in water De wateroplosbaarheid van voedingsvezels wordt bepaald door hun scheikundige structuur: hoe hoger het aantal zijketens, des te hoger is de wateroplosbaarheid. Wateroplosbare structuren worden snel en bijna volledig door darmbacteriën afgebroken, om als voedsel te dienen. Tot die soorten voedingsvezel behoren: • Pectine • Enige hemicellulose-soorten • Plantengom-soorten Stoffen die in water niet oplosbaar zijn, behoren vooral tot de volgende celwandbestanddelen: • Cellulose • Hemicellulose • Lignine

2

De bacteriële afbraak van in water onoplosbare voedingsvezels in de dikke darm is relatief gering. De meeste van die voedingsvezels worden daarom met de ontlasting uitgescheiden. Dat zorgt, samen met het hoge waterbindende vermogen, tot een flinke toename van de hoeveelheid ontlasting. Niet-specifieke bindingsmogelijkheid Voedingsvezels bezitten een hoge nietspecifieke bindingsmogelijkheid. Dat betekent dat vele verschillende stoffen verbindingen met voedingsvezels kunnen aangaan, zoals: • Mineralen en spoorelementen • Verteringsenzymen en galzure zouten • Vetten, vetzuren, cholesterol en andere in vet oplosbare stoffen • Schadelijke bestanddelen van voedsel Het aangaan van verbindingen heeft invloed op de mate en snelheid van zowel de vertering als de opname van deze stoffen in de bloedsomloop. Voedselbestanddelen die aan voedingsvezels gebonden zijn, worden niet in de dunne darm opgenomen en komen daardoor in de lager gelegen darmgedeelten aan.

F unctionele eenheid bestaande uit het darmimmuunsysteem, -epitheel, -zenuwstelsel, -slijmvlies en -uitscheidingsproducten. Functie: scheidingslijn tussen de binnenzijde van de darm en het binnenste lichaamsweefsel, transport van voedingsstoffen en water, verhindert het binnendringen van ziektekiemen in het lichaam.

10.


Door hun mogelijkheid bepaalde stoffen voor het lichaam onbereikbaar te maken, hebben voedingsvezels positieve invloed op diverse lichaamsprocessen. Dat gaat gepaard met een verlaagd risico op een aantal stoornissen, zoals hart- en vaatziekten en het metabool syndroom.

1. Mogelijkheid voor binden van galzure zouten Voedingsvezels kunnen galzuren zouten binden. De bindingsmogelijkheid is afhankelijk van het soort voedingsvezel en de pH-waarde van de darm. Vooral wateroplosbare vezels, die gemakkelijk door het microbioom gefermenteerd kunnen worden, zijn in staat een verbinding met galzure zouten aan te gaan. Aan voedingsvezels gebonden galzure zouten kunnen niet meer in de bloedsomloop opgenomen worden en worden daarom uitgescheiden. Aangezien zij

dringend noodzakelijk zijn voor de vetvertering, moeten dan nieuwe galzure zouten aangemaakt worden. Door de lichaamseigen aanmaak van galzure zouten uit cholesterol, is een daling van de cholesterol-bloedwaarde met 25% mogelijk. Cholesterol is volgens het inzicht van Cellulaire Geneeskunde een secundaire risicofactor voor hart- en vaatziekten. De primaire risicofactor is de instabiele slagadervaatwand, veroorzaakt door een langdurig tekort aan belangrijke microvoedingsstoffen die noodzakelijk zijn voor de vorming van bindweefsel. Toch is het belangrijk de waarden van cholesterol en andere bloedvetten met hulp van gezonde voeding onder controle te houden en cholesterolverlagende medicijnen te vermijden. Daarbij spelen voedingsvezels van granen en graanproducten de grootste rol.

Galzure zouten Gallensäuren Cholesterol Cholesterin Blut Bloed

Lever Leber

Cholesterol is een bouwstof voor de aanmaak van galzure zouten. Voedingsvezels kunnen galzure zouten in de darm binden en deze uitscheiden. Voor de aanmaak van nieuwe galzure zouten is weer cholesterol nodig, dat op die manier verbruikt en verminderd wordt.

Darm

Dr. Rath Health Foundation 11.


2. Mogelijkheid voor binden van vetten Naast het binden van galzure zouten, kunnen voedingsvezels ook vetten binden. Dat leidt ertoe dat de totale hoeveelheid vet die in de bloedstroom opgenomen wordt, daalt, terwijl de hoeveelheid vet in de ontlasting toeneemt. Onderzoek met voedingsvezels uit psyllium liet zien dat zowel de LDL- als de triacylglycerol-bloedwaarde verbeterde na inname van die vezels. Ontstaan van viscositeit Hoge inname van voedingsvezels zorgt, door het reeds beschreven waterbindend vermogen, voor een taaie voedselbrij. Voedselbestanddelen lossen daardoor minder snel op en komen langzamer vrij. Dat heeft vooral positieve invloed op de suikerstofwisseling:

12.

• Langzamere opname van suiker vanuit het maagdarmkanaal in de bloedsomloop Û vlakkere bloedsuikercurve • Gelijkmatige insuline-uitscheiding uit de alvleesklier Û gecontroleerde opname van suiker uit het bloed naar de organen • Vermijden van sterke schommelingen van bloedsuiker- en insulinewaarden Û voorkomen van ontwikkeling van diabetes Bewezen is dat een hoge inname van voedingsvezels op grond van hun specifieke capaciteiten beschermt tegen het ontstaan van vele andere aandoeningen. De volgende lijst laat slechts een aantal voorbeelden zien: • Aandoeningen van het maagdarmkanaal: Obstipatie, diarree, diverticulose, prikkelbaredarmsyndroom, aambeien, chronische darmontstekingen, dikkedarmkanker • Aandoeningen van de stofwisseling en van het hart- en vatenstelsel: Overgewicht, vetstofwisselingsstoornissen, diabetes mellitus type 2, essentiële hypertensie, hartinfarct


Therapeutisch gebruik van voedingsvezels Afgezien van de betekenis die voedingsvezels hebben bij de preventie van talrijke aandoeningen, laat onderzoek zien dat voedingsvezels ook bij de behandeling van vele ziekten effectief zijn. We noemen een aantal voorbeelden: Darmkanker: Een hoge inname van voedingsvezels verlaagt het risico op kwaadaardige tumoren in de dikke darm. Dat kan door de volgende eigenschappen van voedingsvezels verklaard worden: • Kankerverwekkende stoffen worden gebonden en snel uitgescheiden • Snellere passagetijd en lagere concentratie van kankerverwekkende stoffen als gevolg van het hoge waterbindend vermogen Û minder contact met de darmwand • Groei van bepaalde darmbacteriën

die kankerverwekkende stoffen (bv. ammoniak) afbreken, wordt gestimuleerd • Toename van de bacteriële aanmaak van beschermende korteketenvetzuren Û tumorcellen worden geremd in hun groei en in toegenomen mate vernietigd • Ontwikkeling van het herstellend vermogen van de darmwandcellen wordt ondersteund Vezelrijke voeding is meestal veten eiwitarm, en bevat over het algemeen veel waardevolle inhoudsstoffen

Dr. Rath Health Foundation 13.


(vitamine C, fytinezuur en andere secundaire plantenstoffen), die beschermen tegen kanker. Op die manier zijn de risico-verlagende effecten niet alleen aan voedingsvezels toe te schrijven. Overgewicht: Het gebruik van vezelrijke voedingsmiddelen helpt het lichaamsgewicht te reguleren en kan daarom als aanvullend advies raadzaam zijn voor gewichtsafname bij overgewicht. De volgende eigenschappen van voedingsvezels dragen daartoe bij: • Groot voedselvolume met lage energiedichtheid Û lagere totale calorieinname • Hoog verzadigend effect Û minder voedselinname • Vorming van een taaie voedselbrij en grote bindingscapaciteit voor galzure zouten en vetten Û reguleren van de stofwisseling

14.

Vetstofwisselingsstoornissen: Door de al beschreven capaciteit om het transport en de stofwisseling te reguleren van vetten en andere bij de vetstofwisseling betrokken stoffen, hebben voedingsvezels een positieve invloed op het verloop van vetstofwisselingsstoornissen. Diabetes: Op grond van de beschreven positieve werking van voedingsvezels op het reguleren van de bloedsuikerspiegel, kan toepassing van voedingsvezels een rol spelen binnen de dieetbehandeling van diabetes mellitus. Vezelrijke voeding verbetert zowel bij diabetes type 1 als type 2 de parameters van de koolhydraatstofwisseling: • Stabiele bloedsuikerspiegels, zowel nuchter als na de maaltijd


• Minder uitscheiding van glucose met de urine (vooral door het gebruik van guarpitmeel) • Positieve invloed op het versuikerde hemoglobine (HbA1c) Hart- en vaatziekten: Het risico op hart- en vaatziekten, die dikwijls het gevolg zijn van overgewicht en diabetes mellitus, kan al bij matig gebruik van voedingsvezels verlaagd worden. Obstipatie: Van obstipatie wordt gesproken wanneer de darmlediging met langere tussenpozen plaatsvindt. De darmfunctie is dan gestoord. Aangezien voedingsvezels de darmwerking kunnen bevorderen, kunnen zij helpen bij de behandeling van obstipatie. De volgende eigenschappen worden in verband gebracht met een betere darmfunctie en meer darmbeweging:

• Vochtopname Û verhogen van het vochtgehalte van de voedselbrij • Vergroten van de darminhoud Û uitrekken van de darmwand • Veranderen van de consistentie Û makkelijkere darmlediging Bij chronische verstopping verkort vooral het gebruik van psyllium de darmpassagetijd. Diarree: Bij diarree daarentegen verlengen voedingsvezels de passagetijd van de voedselbrij door de darmen. Daarnaast helpen de uit voedingsvezels ontstane korteketenvetzuren in de dikke darm bij de opname van natrium en water, en daarmee ook tegen diarree.

Dr. Rath Health Foundation 15.


Conclusie Over gezondheid en ziekte wordt beslist op het niveau van miljoenen lichaamscellen waaruit het lichaam en de organen zijn opgebouwd. Een optimale dagelijkse inname van vitale celstoffen is noodzakelijk voor optimaal functioneren. Hoewel voedingsvezels door de mens niet verteerd kunnen worden, hebben ze en positieve invloed op de gezondheid.

16.

Door directe en indirecte invloed op diverse stofwisselingsprocessen kunnen ze beschermen tegen het ontstaan van bepaalde ziekten of helpen bij de behandeling daarvan. Dat zijn belangrijke principes van cellulaire geneeskunde. Op grond daarvan moeten voedingsvezels beschouwd worden als een belangrijk bestanddeel van een gezondheid-bevorderende, volwaardige en uitgebalanceerde voeding.


Literatuurlijst Beta-glucan from two sources of

R Balanza, 2008, British Journal of

Schwarzenberg, München, P. 71 – 94,

oat concentrates affect postprandial

Nutrition, 99(6): 1380 – 1387

164, 168, 180, 241 – 242, 259,

glycemia in relation to the level of

290 – 291, 346, 529, 559

viscosity, S Panahi, A Ezatagha,

Oat β-glucan: physico-chemical

F Temelli, T Vasanthan, V Vuksan,

characteristics in relation to its blood-

Grundfragen der Ernährung,

2007, The Journal of the American

glucose and cholesterol-lowering

CA Schlieper, 1998, 14. Auflage,

College of Nutrition, 26(6): 639 – 644 properties, Q Wang, PR Ellis, 2014,

Dr. Felix Büchner – Verlag Handwerk

British Journal of Nutrition, 112(2):

und Technik GmbH Hamburg,

4 – 13

P. 38 – 39, 44 – 45, 419

cerevisiae in rats, Kusmiati,

Role of dietary beta-glucans in the

Mikronährstoffcoach – Das große

FX Dhewantara, 2016, Scientia

prevention of the metabolic syndrome, BIOGENA-Kompendium der

Pharmaceutica, 84(1): 153 – 165

L Cloetens, M Ulmius,

Mikronährstoffe, C Schmidbauer, 2015,

Cholesterol-lowering effect of BetaGlucan extracted from Saccharomyces

A Johansson-Persson, B Akesson,

1. Auflage, Verlagshaus der Ärzte,

Cholesterol-lowering effects of oat

G Onning, 2012, Nutrition Reviews,

Wien, P. 62, 170 – 172, 397

Beta-Glucan, RA Othman,

70(8): 444 – 458

MH Moghadasian, PJ Jones, 2011, Nutrition Reviews, 69(6): 299 – 309

Probiotika, Präbiotika und Synbiotika, Bioaktive Substanzen in

SC Bischoff, 2009, Georg Thieme

Lebensmitteln, B Watzl, C Leitzmann,

Verlag, Stuttgart, P. 9 – 10

Cholesterol-lowering effects of

2005, 3. Auflage, Hippokrates Verlag,

oat Beta-Glucan: a meta-analysis

Stuttgart, P. 20, 129, 157 – 182

of randomized controlled trials, A

Probiotika – Mikroökologie, Mikrobiologie, Qualität, Sicherheit

Whitehead, EJ Beck, S Tosh, TM

Biofunktionalität der Lebensmittel-

und gesundheitliche Effekt, J Schulze,

Wolever, 2014, The American Journal

inhaltsstoffe , D Haller, T Grune,

2008, Hippokrates Verlag, Stuttgart,

of Clinical Nutrition, 100(6): 1413

G Rimbach, 2013, Springer Spektrum,

P. 18 – 19

– 1421

P. 169, 177 – 178 Rationale Phytotherapie – Ratgeber

Effect of two doses of a mixture of

Diabetologie in Klinik und Praxis,

für Ärzte und Apotheker, H Schulz,

soluble fibres on body weight and

H Mehnert, E Standl, KH Usadel,

2004, 5. Auflage, Springer-Verlag Berlin

metabolic variables in overweight or

1999, 4. Auflage, Georg Thieme

Heidelberg, P. 279, 286 – 287, 291

obese patients: a randomised trial,

Verlag, Stuttgart, P. 650

J Salas-Salvadó, X Farrés, X Luque,

Taschenatlas Ernährung, HK Biesalski,

S Narejos, M Borrell, J Basora,

Ernährungsmedizin und Diätetik,

P Grimm, 2007, 4. Auflage, Georg

A Anguera, F Torres, M Bulló,

H Kasper, 1996, 8. Auflage, Urban &

Thieme Verlag, Stuttgart, P. 76 – 81, 44 Dr. Rath Health Foundation 17.


Notities

18.


Het Dr. Rath Research Institute Het Dr. Rath Research Institute in Californië (VS) is een centrum voor gerenommeerde wetenschappers op het gebied van geneeskunde, biochemie en voeding. Onder leiding van Dr. Aleksandra Niedzwiecki voert dit team opzienbarend vernieuwend onderzoek uit op het gebied van natuurlijke gezondheid, onderzoekt het de synergiën van voedingsstoffen en ontwikkelt het innovatieve gezondheidsstrategieën om verschillende ziekten te voorkomen en te beheersen. Het instituut bouwt voort op de opzienbarende ontdekkingen van Dr Matthias Rath op belangrijke gezondheidsgebieden zoals harten vaatziekten en kanker. De bevindingen uit het instituut worden zeer regelmatig gepubliceerd in internationale wetenschappelijke tijdschriften.

www.drrathresearch.org

Dr. Rath Health Foundation 19.


Dr. Rath Health Foundation

Tel.: 0031-457-111 222 Fax: 0031-457-111 119 Email: info@dr-rath-foundation.org Internet: www.dr-rath-foundation.org

#1714/02-010425/NL

Tesla 1 6422 RG Heerlen Nederland


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
VOEDINGSVEZELS by Dr. Rath - Issuu