

Les 10 Titel
Ik kan voorspellen wat er in een tekst komt. Ik weet wat bij ons zonnestelsel hoort. Onze aarde in de
Kijk en luister naar het fragment ‘Onze aarde in de ruimte’. Welke antwoorden hoor je bij deze vragen? Noteer kernwoorden.
Ons zonnestelsel hoort bij een groter sterrenstelsel. Wat is de naam?
Hoe noemt Paxi onze aarde?
Op zijn reis door het heelal ontdekt Paxi nieuwe werelden en objecten. Wat ziet hij allemaal?
Wat ziet Paxi in de landschappen op aarde en herkent hij van op de planeet Ally-O?
Schrijf deze woorden op de juiste plaats in het schema. Aarde – de Melkweg – de zon – planeten – het zonnestelsel
het heelal sterrenstelsels bv. planetenstelsels bv.
WIST JE DAT?
Het heelal bestaat uit (meer dan) 100 miljard sterrenstelsels.
2 3
In één sterrenstelsel zitten wel duizenden planetenstelsels.
een ster
zoals andere hemellichamen (manen, kometen, dwergplaneten ...) : Mercurius
Venus
Mars
Jupiter
Saturnus
Uranus
Neptunus
Hoe noemt Paxi onze planeet en waarom? Noteer in een zin.
Ik kan informatie verzamelen voor een artikel over de maanlanding door vraagwoorden te gebruiken.
Welke informatie haal je uit het fragment?
Noteer kernwoorden onder de afbeeldingen.

















Mensen
Onze planeet goed bekeken
Ik kan verklaren waarom onze aarde de blauwe planeet wordt genoemd. Ik kan verwoorden wat de atmosfeer is.
Ik onderzoek een boon en kan voorspellingen maken over hoe die groeit.
Ik ken de verschillende lagen van de aarde en weet hoe warm ze zijn.
Beantwoord de onderstaande vragen door informatie uit de wist-je-datjes te halen.
- Stel dat onze aarde een taart zou zijn.
Kleur de delen die water zijn met blauw, en de delen die land zijn met bruin .
Vanuit de ruimte kun je goed zien dat we op een blauwe planeet leven. Oceanen en zeeën bedekken maar liefst twee derde van de aardbol. Eigenlijk is het een beetje raar dat we onze planeet ‘aarde’ noemen en niet ‘water’.
- Dit honderdveld stelt al het water op onze planeet voor. Welk deel is zoet water, en welk deel is zout water? Noteer.
Wistje dat?
Het grootste deel (97%) van al het water op aarde bevindt zich in de oceanen en zeeën, en is dus zout.
Slechts een klein deeltje van al het water, drie van de honderd delen (3%), is zoet. En van dat kleine beetje kunnen we maar een heel klein beetje gebruiken.
- Schrijf de woorden op de juiste plaats in het schema. zout – zoet – gletsjers en ijskappen – oceanen – rivieren en meren – grondwater
water op aarde
zeeën
Zoet water is geschikt voor het maken van drinkwater en van groot belang voor de mens. Het wordt geproduceerd door neerslag (regen, sneeuw en hagel). Van het zoete water is twee derde bevroren. Dat zit opgeslagen in gletsjers en in grote ijskappen. Het andere deel kom je tegen in rivieren, meren en grondwater.
Wistdat?je Wistdat?je

WE LEVEN IN EEN KAS
Niet zo’n kleine kas van glas, maar een enorme kas van gas!
Rond de aarde ligt een onzichtare deken van gassen, waardoor de energie van de zon wordt vastgehouden en het aardoppervlak opwarmt. Zonder dat deken zou het hier op aarde ijskoud zijn en zouden we niet kunnen leven.
Het deken van gassen om de aarde noemen we bestaat uit verschillende gassen, zoals broeikasgassen de temperatuur op aarde.
De atmosfeer bestaat uit vijf lagen. Ons
Noteer de begrippen op de juiste plaats bij de prent. aarde – atmosfeer – broeikasgassen – dampkring – zuurstof – zon

Zijn de volgende uitspraken waar of niet waar? Kruis aan.
1. De atmosfeer is een deken van gassen om onze aarde.
2. In onze dampkring zitten enkel broeikasgassen.
3. We kunnen op aarde leven zonder broeikasgassen.
4. De zon warmt onze aarde op.
5. Zonder broeikasgassen zou het op aarde heel warm zijn.
De aarde bestaat uit verschillende lagen. Je ziet ze hieronder op de afbeelding.
Noteer de naam van iedere laag in het juiste kader. de aardkern –de aardmantel –de aardkorstWaaruit bestaat elke laag? Verbind iedere laag met de juiste omschrijving.

Deze dunne laag is hard en rotsachtig. Ze bestaat uit losse aardplaten die naast elkaar liggen en een beetje kunnen bewegen. Het is hier het minst warm: tussen 0 en 1000 graden. Deze laag is veel dikker dan de bovenste laag. Het gesteente is er meestal stevig, maar hogerop wordt het stroperig, zoals honing. Hier is het warmer dan in de bovenste laag, tot wel enkele duizenden graden. Diep in het midden van de aarde zit de heetste laag. Deze bestaat uit twee delen: een buitenkern en een binnenkern. De buitenkern is zo gloeiend dat het metaal er vloeibaar wordt. Daarbinnen zit een grote bol van vast metaal, de binnenkern . Hoewel de temperatuur hier tot boven de 6000 graden gaat, blijft de bol toch hard door de enorme druk. 5 6
Iedere laag heeft een andere temperatuur. Kruis het juiste antwoord aan.
Welke laag is het minst heet? de kern de mantel de korstWelke laag is het heetst? de kern de mantel de korst
Formuleer een conclusie over de temperatuur van de aardlagen. Vul aan.
Hoe dieper in de aarde, .
Ik kan voorspellen waarover de tekst gaat op basis van de titel en de afbeeldingen. Ik kan uitleggen wat de gevolgen zijn van een vulkaanuitbarsting voor de mens.


Vulkanen blijven voor rampen zorgen
Regelmatig barsten er vulkanen uit. Vaak moeten mensen hun huizen verlaten en vluchten voor de hete lavastroom. Vulkanen hebben in het verleden al vaker grote rampen veroorzaakt.
Bij een vulkaan is er een opening in de aarde. Het gesteente dat bovenkomt, vormt een berg. Bij een uitbarsting stroomt er lava door de berg, via de krater naar buiten. Lava is gesteente dat vloeibaar en erg heet is. Een uitbarsting zorgt ook voor hoge aswolken, die gevaarlijk zijn voor motoren van vliegtuigen. Soms wordt het vliegverkeer daardoor voor dagen stilgelegd.
Noteer met woorden uit de tekst wat je ziet op de foto. 1

De hoogste vulkaan van Europa is de Etna. Die ligt op het Italiaanse eiland Sicilië. De vulkaan is nog altijd actief. Dit jaar nog waren er enkele uitbarstingen. De laatste grote ramp gebeurde in 1669. De Etna verwoestte toen een deel van de stad Catania. Ongeveer 25.000 mensen kwamen om. In de buurt van Sicilië ligt het kleine eiland Stromboli. Daar is een vulkaan met dezelfde naam nog erg actief.

Italië heeft nog meer bekende vulkanen. Bij de stad Napels ligt de Vesuvius. Die vulkaan verwoestte in het jaar 79 de stad Pompeï. De resten van de stad zijn beroemd. Nog altijd komen toeristen Pompeï bezoeken. Je kan er zelfs doden van die ramp zien. Lava stroomde over hun lichamen. Daarom lijken ze op beelden van steen.
De laatste uitbarsting van de Vesuvius was in 1944. Wat als er nog eens een grote uitbarsting gebeurt? In en rond Napels wonen meer dan een half miljoen mensen.
Herwerking van een artikel verschenen op www.wablieft.be
Noteer de namen van de drie bekendste vulkanen bij de kaart van Italië.
Stromboli
Sicilië
Napels


Etna leeft weer
De Etna toont opnieuw dat hij leeft. De Etna is een vulkaan op het eiland Sicilië in Italië. Met zijn 3.329 meter is het de hoogste vulkaan van Europa. De Etna is ook erg actief: bijna elk jaar is er wel een uitbarsting.
Ook nu spuwt de vulkaan weer lava uit. De hete lava stroomt in lange banen naar beneden. Tijdens de nacht geeft het vuur in de lava veel licht. Gelukkig zorgt deze uitbarsting niet voor grote problemen. Dat was vroeger wel anders. In 2001 duurde een uitbarsting 24 dagen. Toen liep de lava 2.000 meter naar beneden en vernielde ze gebouwen en een kabelbaan.

Omdat de Etna zo actief is, gelden er nu strengere regels voor toeristen. Ze mogen de vulkaan nog steeds bezoeken, maar ze moeten op minstens 50 meter afstand van de lava blijven. Zo wil de overheid ongelukken voorkomen. Sommige toeristen probeerden vroeger selfies te maken met de lava op de achtergrond. Dat is erg gevaarlijk, want ze staan dan met hun rug naar de vulkaan.
Herwerking van een artikel verschenen op www.wablieft.be
Beantwoord de volgende vragen met een zin.
- Wanneer zorgde een uitbarsting van de vulkaan Etna voor veel problemen?
- Waarom is het zo gevaarlijk om een selfie te nemen met lava op de achtergrond?
- Welke maatregel heeft de overheid genomen om ongelukken te vermijden?
Welke gevolgen kan een uitbarsting hebben voor de mens? Herlees beide teksten en noteer twee gevolgen.
uitbarsten plotseling tevoorschijn komen (zoals lava uit een vulkaan) de vulkaan een (meestal bergvormige) opening in de aarde waaruit lava kan komen de lava hete, vloeibare stoffen die bij een vulkaanuitbarsting naar buiten stromen actief op dit moment werkend of levend spuwen iets met kracht naar buiten laten komen de selfie een foto die je van jezelf neemt (meestal met een gsm)
Les 10 en 11
Vulkanen
WIST JE DAT?
Ik kan vertellen hoe een vulkaan ontstaat en waarom een vulkaan uitbarst. Ik weet wat de gevolgen van een vulkaanuitbarsting zijn voor de mens.
de aarde vanbinnen niet leeg is, maar uit meerdere lagen bestaat? Als je de aarde doormidden zou snijden, dan kun je zien wat er aan de binnenkant zit.
Teken een doorsnede van de aarde met de drie aardlagen.
Duid de aardlagen aan met een pijl. Noteer de juiste naam erbij.
Aardkern
De aardkern is ongeveer dubbel zo groot als de maan. De binnenkern is een reusachtige hete bol van vast metaal. Daarrond zit de buitenkern , een dikke laag van gloeiend heet, vloeibaar metaal.
Aardmantel
De aardmantel is de dikste laag en bestaat vooral uit vast gesteente. Alleen dicht bij de aardkorst is die laag stroperig als honing. Daarop kunnen de aardplaten goed bewegen.
Aardkorst
De aardkorst omgeeft de aarde als een schil, net zoals bij een appel. De schil is erg dun in vergelijking met de andere lagen, maar anders dan bij een appel vormt deze niet één geheel. De aardkorst bestaat uit losse aardplaten.
De aardplaten zijn altijd in beweging: ze drijven naar elkaar toe of juist van elkaar weg. Hierdoor kunnen scheuren of spleten in de aardkorst ontstaan. Uit die spleten, of aan de randen van de aardplaten, kan magma uit het binnenste van de aarde naar boven komen. Zo ontstaan op het land en op de zeebodem vulkanen.
Herwerking van Superleuke weetjes – vulkanen, Christina Braun, Uitgeverij Bontekoe
Hoe ontstaat een vulkaan? Noteer de zinnen op de juiste plaats.
Aardplaten zijn altijd in beweging. – Magma komt naar boven. –Scheuren of spleten ontstaan in de aardkorst.
de aardkorst de aardmantel

Waarom barst een vulkaan uit?
Al een paar uur zijn er kleine aardbevingen in de omgeving. De vogels kwetteren niet meer. Alles is stil.
Dan ineens volgt een enorme explosie. Boven de top van de vulkaan verschijnt een reusachtige, grijze wolk. Het regent stenen en as.
De vulkaan barst uit!
In de vulkaan is door een opening magma naar boven gekomen. Magma is vloeibaar gesteente uit de aarde en is super heet.
In het binnenste van de vulkaan is ook grondwater. Als het water bij het magma komt, verdampt het met een enorme explosie. Stenen, as en stof worden naar buiten geslingerd.
Geef twee signalen die vooraf gaan aan een uitbarsting. Noteer nadien twee zaken die je kan waarnemen bij het begin van een uitbarsting.
Voor een uitbarsting: 1.
Begin van een uitbarsting:
Uit Superleuke weetjes – Vulkanen, Christina Braun, Uitgeverij Bontekoe
Vul het schema aan met oorzaken en gevolgen.
oorzaak gevolg
Vogels kwetteren niet meer. Alles is stil.
Een reusachtige, grijze aswolk verschijnt boven de vulkaan.
Grondwater komt bij het gloeiende magma.
Welke gevaren zijn er voor de mens bij een vulkaanuitbarsting?
- Kleur de gevaren tijdens een uitbarsting met geel.
- Kleur de gevaren na een uitbarsting met rood.

Vorige week barstte deze vulkaan uit. Er waren grote explosies met harde knallen, alsof er bommen ontploften. De vulkaan spuwde lava de lucht in, wat leek op een fontein van vuur. Er waren grote rookwolken, vol as en brokken hard geworden lava.
Nu stroomt er nog steeds lava uit de krater. Ook de gassen die naar buiten komen zijn giftig voor mensen en dieren, waardoor je dus beter niet te dichtbij komt.

Uit Vulkanen, Susan Schaeffer, Schoolsupport
Niet alle vulkanen zijn gevaarlijk. Sommige zijn niet meer actief, of zelfs dood. Denk zelf na en vul deze woorden in.
slapende – dode – actieve

Deze vulkaan barst regelmatig uit.

Deze vulkaan rust, maar kan nog uitbarsten.

Deze vulkaan kan niet meer uitbarsten.
vulkaan vulkaan vulkaan
Zet deze woorden op de juiste plaats bij de tekening.
het magma – de lava – de vulkaanpijp – de aswolk – de krater

Op de wereld zijn veel vulkanen. Aan de buitenkant zien ze er verschillend uit, maar vanbinnen hebben alle vulkanen dezelfde opbouw.
Binnenin de vulkaan loopt een lange vulkaanpijp tot diep de magmakamer in.
Als er genoeg druk in de vulkaan is, stijgt het vloeibare magma helemaal naar boven en stroomt het naar buiten.
Het magma gaat niet alleen door de centrale krater naar buiten. Vaak ontstaan er ook zijkraters.
de aardkorst de zijkrater de magmakamer
WIST JE DAT ...
magma en lava eigenlijk hetzelfde zijn? Je noemt het vloeibare gesteente binnenin de aarde magma. Als dat bij een vulkaanuitbarsting naar buiten stroomt, noem je het lava.
WIST JE DAT ...
er wereldwijd ongeveer 1500 vulkanen actief zijn? Dat zijn de vulkanen die in de laatste 10 000 jaar zijn uitgebarsten.
Herwerking van Superleuke weetjes – vulkanen, Christina Braun, Uitgeverij Bontekoe
Lees jouw stukje tekst. Deel de informatie van je tekst met je groep. Noteer samen in een korte zin de vier voordelen van een vulkaanuitbarsting voor de mens.
VOORDELEN VAN EEN VULKAANUITBARSTING
1 Vruchtbare bodem
Natuurlijk kunnen vulkanen voor ons erg gevaarlijk zijn. Maar we hebben er ook voordelen aan.
Na een vulkaanuitbarsting lijkt het land eerst dor en leeg. Maar de grond is erg vruchtbaar. Daarom leggen boeren hun akkers vaak vlak bij een vulkaan aan.
Op het eiland Bali verbouwen boeren hunrijstaandevoet van de Agung.

2 Schatten uit de diepte
Wist je dat er zonder vulkanen geen diamanten zouden zijn? Diamanten bestaan uit koolstof. Dat is een van de meest voorkomende elementen in de natuur.
Een diamant ontstaat als koolstof bij grote hitte en onder sterke druk samengeperst wordt. Binnen in de aarde is het ongeveer 1200° Celsius. En de druk op 150 km diepte is precies goed voor diamanten.

In het zwarte lavagesteente glanst koper.
4 Bouwen met lava
Als lava afkoelt en stolt, dan ontstaat supersterk gesteente. Met lavastenen kun je zelfs huizen bouwen.
Lavastenen komen voort uit het vuur van een vulkaan en kunnen daardoor goed tegen hoge temperaturen. Bovendien isoleren ze heel goed tegen kou en warmte. Daarom worden huizen van lavasteen in de winter niet zo koud, en in de zomer blijven ze lekker koel.
ruwe diamant geslepen diamant



De Mirnydiamantmijn in Rusland gaat 1200 meter diep de aarde in.
3 Waardevolle lava
Lava bevat ook metalen, zoals koper, zilver en goud. Wanneer lava afkoelt tot vulkanisch gesteente, ontstaan er verschillende soorten mineralen (edelsteenkristallen), elk met een eigen kleur, vorm en glans.
Mensen gebruiken deze mineralen en metalen voor sieraden, voertuigen, telefoons en nog veel andere handige voorwerpen.
In de buurt van vulkanen wordt veel gebouwd lavagesteente.met

Uit Superleuke weetjes – Vulkanen, Christina Braun, Uitgeverij Bontekoe
Ik kan een kort krantenartikel schrijven volgens een vaste opbouw.
Schrijf hier je krantenartikel.

Tekststructuur
Ik maak weinig tot geen gebruik van de vormkenmerken van de tekst zoals titel en inleiding-midden-slot.
Ik maak een beetje gebruik van de vormkenmerken van de tekst zoals titel en inleiding-midden-slot.
Ik maak veel gebruik van de vormkenmerken van de tekst zoals titel en inleiding-midden-slot.
Vulkanen over de hele wereld
Ik kan informatie over een vulkaan meedelen aan mijn klasgenoten.
Noteer hieronder de informatie over je eigen vulkaan.
Naam van de vulkaan:
Hoogte van de vulkaan: __________
Het is een actieve vulkaan. slapende vulkaan. dode vulkaan.
Land waar de vulkaan gelegen is:
Laatste grote uitbarsting: _______
Weetje over deze vulkaan:
Noteer hieronder de informatie over de vulkanen van je klasgenoten.
Naam van de vulkaan:
Hoogte van de vulkaan: __________
Het is een actieve vulkaan. slapende vulkaan. dode vulkaan.
Land waar de vulkaan gelegen is:
Laatste grote uitbarsting: _______
Weetje over deze vulkaan:
Naam van de vulkaan:
Hoogte van de vulkaan: __________
Het is een actieve vulkaan. slapende vulkaan. dode vulkaan.
Land waar de vulkaan gelegen is:
Laatste grote uitbarsting: _______
Weetje over deze vulkaan:
Woordkeuze en zinsconstructies
Ik gebruik vaak dezelfde woorden. Ik spreek weinig met zinnen.
Ik gebruik soms al duidelijke woorden bij het spreken. Het lukt me meestal om met eenvoudige zinnen te spreken.
Ik gebruik duidelijke woorden en eenvoudige zinnen bij het spreken.
Ik kan afleidingen maken van een grondwoord met een voor- of achtervoegsel.
Markeer de woorden die een afleiding zijn van een grondwoord.
water windroos drinkbaar planeet zonnig verschil uitbarsting lichaam dampkring bevriezen
Onderstreep in deze woorden het grondwoord. Markeer de voor- en achtervoegsels.
heetste onschuldig bestaan herbruikbaar landing waterig verschuiving gebouw verwarming schuiner
Maak een afleiding van de grondwoorden. Voeg een stukje vooraan (voorvoegsel), achteraan (achtervoegsel) of vooraan en achteraan toe. Schrijf nadien het woord nog eens over.
voorvoegsels achtervoegsels be – ge – on – ver ig – ing – lijk – zaam
- Voeg een stukje vooraan (voorvoegsel) toe.
- Voeg een stukje achteraan (achtervoegsel) toe.
- Voeg een stukje vooraan en achteraan (voorvoegsel en achtervoegsel) toe.
hulp
Van welk grondwoord zijn de volgende woorden aan afleiding? Schrijf op.
talig – vertalen – vertaling gebarsten – uitbarsting

Beeldwoordenboek
de aardas
De aarde draait in één dag (24 uur) rond haar aardas

de aardkern
De aardkern is de heetste aardlaag van onze planeet en bestaat uit twee delen: een binnenkern en een buitenkern.
de aardmantel
Onder de aardkorst zit de veel dikkere aardmantel, waaruit magma kan opborrelen.


de aarde
Wij leven op planeet aarde, de derde planeet in het zonnestelsel.

de aardkorst
De buitenste, harde aardlaag waar wij op leven, is de aardkorst.

de aardplaat
De aardkorst bestaat uit aardplaten die langzaam bewegen.

de aswolk
Bij een vulkaanuitbarsting komt er een grote aswolk uit de krater van de vulkaan.

de bewolking
Door de zware bewolking zat de zon de hele dag achter de wolken.

de condensatie
Door condensatie verandert waterdamp in waterdruppels en regent het.

de atmosfeer
De atmosfeer of dampkring is de luchtlaag rondom de aarde waardoor wij kunnen leven.
het broeikasgas
Broeikasgassen in de atmosfeer houden de warmte van de zon vast, en veroorzaken klimaatverandering.
de dampkring
De atmosfeer of dampkring is de luchtlaag rondom de aarde waardoor wij kunnen leven.



de evenaar
De evenaar is de denkbeeldige lijn die de aarde in twee helften verdeelt: een noordelijk en een zuidelijk halfrond.
het gesteente
Het vaste materiaal waaruit de aardkorst en aardmantel zijn opgebouwd, is gesteente


de hittegolf
Een periode van minimum drie dagen met temperaturen boven de 30 °C is een hittegolf

de klimaatverandering
Klimaatverandering gebeurt wanneer het gemiddelde weer, het klimaat, langzaamaan verandert.

de lava
Wanneer magma uit een vulkaan stroomt, noemen we het lava

de Melkweg
De Melkweg is het sterrenstelsel waarin ons zonnestelsel en de aarde zich bevinden.

de gematigde klimaatzone
Wij bevinden ons in een gematigde klimaatzone met zachte temperaturen en vier seizoenen.

het grondwater
Water dat zich in of onder de grond bevindt, noemen we grondwater.

het klimaat
Het gemiddelde weer in een bepaalde regio over een lange periode vormt het klimaat

de krater
Het magma van een vulkaan komt via de krater naar buiten.

het magma
Magma is een gloeiend heet, vloeibaar gesteente dat in het binnenste van de aarde zit.

het mineraal
Mineralen zijn soorten gesteentes waarvan we bijvoorbeeld sieraden kunnen maken.

Toetswijzer Wereld
WAT
Les 3 De zon en de planeten
Ik weet dat de zon de ster van ons zonnestelsel is.
Ik ken de namen van de planeten in ons zonnestelsel in de juiste volgorde.
Maak nu je oefentoets op Kabas.
TIP
werkboek p. 6-7
Onthoud dat de zon een ster is, die ons licht en warmte geeft.
Oefen de planeten in de juiste volgorde met een tekening.
Les 7 Onze planeet goed bekeken werkboek p. 11-13
Ik kan verklaren waarom onze aarde de blauwe planeet wordt genoemd.
Ik kan verwoorden wat de atmosfeer is.
Ik ken de verschillende lagen van de aarde en weet hoe warm ze zijn.
Bekijk een wereldbol. Al het blauw dat je ziet, zijn zeeën en oceanen.
Denk aan de zon die op een broeikas schijnt: de kas houdt de warmte binnen.
Bekijk een doorsnede van de aarde en onthoud: hoe dieper, hoe warmer.
Les 10 en 11 Vulkanen werkboek p. 16-21
Ik kan vertellen hoe een vulkaan ontstaat en waarom een vulkaan uitbarst.
Ik weet wat de gevolgen van een vulkaanuitbarsting zijn voor de mens.
Oefen het verhaal: van aardplaten die bewegen tot magma dat naar boven komt.
Denk aan het dagelijks leven van mensen. Som voor- en nadelen op.
Les 15 Onze aarde draait werkboek p. 25-27
Ik weet dat de aarde in één dag van west naar oost om haar as draait. Ik weet dat die draaiing zorgt voor dag en nacht.
Ik ken de namen en data van de vier seizoenen en kan kenmerken van elk seizoen opsommen.
Oefen met een bal en een lamp. Kleef een sticker op de bal en draai de bal linksom/tegen wijzerzin. Beschrijf wat je ziet.
Herhaal de vier seizoenen met hun begin- en einddatum en som enkele typische kenmerken op.
Les 17 Wat een weer werkboek p. 28-31
Ik weet dat het weer wordt bepaald door temperatuur, bewolking, neerslag en wind.
Kijk naar buiten en benoem de vier elementen van het weer.
Les 20 De waterkringloop werkboek p. 35-37
Ik kan verwoorden wat een waterkringloop is en gebruik daarbij de passende woorden.
Oefen de kringloop als een verhaal: water verdampt, vormt wolken en valt als neerslag naar beneden.
Les 23 Weer en klimaat werkboek p. 39-43
Ik ken de naam en ligging van de werelddelen en oceanen.
Ik kan het verschil tussen weer en klimaat uitleggen.
Ik ken de kenmerken van enkele klimaatzones.
Oefen op een wereldkaart en zeg bij elke naam waar die ligt.
Onthoud: weer is vandaag, klimaat is over een lange tijd.
Denk per klimaatzone aan hoe warm of koud het is, en hoeveel regen er valt.
Les 26 Klimaatverandering werkboek p. 47-50
Ik kan oorzaken en gevolgen van de klimaatverandering opsommen.
Ik kan vertellen wat we kunnen doen om de aarde voor iedereen leefbaar te houden.
Onthoud dat de mens de klimaatverandering veroorzaakt (auto’s, fabrieken ..., maar ook de gevolgen ervan draagt (stormen, droogte …)
Denk aan kleine dingen die jij zelf kan doen voor het klimaat: korte douches, verwarming lager, te voet of met de fiets naar school …
Les 29 Extreem weer werkboek p. 51-53
Ik begrijp dat het klimaat invloed heeft op het weer.
Ik ken enkele extreme weersverschijnselen: orkaan, tyfoon, hittegolf, sneeuwstorm en waterbom.
Het klimaat van een land bepaalt het weer in dat land. Daarom komen orkanen in België niet voor, en regent het bijna nooit in een woestijn.
Oefen elk woord met een kort voorbeeld of een tekening.

Toetswijzer Taal
Les 4 Samenstellingen
Ik kan een samenstelling maken van twee woorden.
Les 14 Afleidingen
Ik kan afleidingen maken van een grondwoord met een voor- of achtervoegsel.
Les 21 Verkleinwoorden
Ik kan verkleinwoorden maken met de achtervoegsels -je, -pje, -tje en -etje.


Oefen Taalwijs verder met Kai.

werkboek p. 8
Bedenk zelf zo veel mogelijk samenstellingen. Zoek twee woorden en voeg ze samen.
werkboek p. 24
Voorvoegsels zijn stukjes die je voor het grondwoord kunt kleven: be-, ge-, ver-, te-, on-. Achtervoegsels zijn stukjes die je erachter kunt kleven: -ing, -ig, -el, -sel, -baar, -zaam, -er, -st(e).
werkboek p. 38
Benoem met verkleinwoorden wat je rond je ziet. bv. stoeltje, raampje, pennetje, tafeltje, boekje, gommetje, kindje, balletje, bedje, zeteltje …
Les 2 De planetenparade werkboek p. 3-5
Ik kan me oriënteren op een krantenartikel over planeten. Ik ken de planeten in ons zonnestelsel en weet hoe ik ze kan herkennen.
Les 9 Uitbarsting
Ik kan voorspellen waarover de tekst gaat op basis van de titel en de afbeeldingen. Ik kan uitleggen wat de gevolgen zijn van een vulkaanuitbarsting voor de mens.
Les 18 Het weerbericht
Ik kan informatie halen uit een weersvoorspelling.
Ik begrijp dat het weer gevolgen heeft voor mijn activiteiten.
Les 25 Er is wat met het klimaat
Ik kan informatie uit krantenartikelen halen en afleiden. Ik weet wat de gevolgen van de opwarming van de aarde zijn voor de mens.
Les 13 Vulkanen over de hele wereld
Ik kan informatie over een vulkaan meedelen aan mijn klasgenoten.
Bekijk eerst de titel, foto’s en tussentitels en zeg waarover de tekst zal gaan vóór je begint te lezen.
werkboek p. 14-15
Lees de titel en kijk naar de afbeeldingen. Wat weet je al over het onderwerp? Vertel wat je denkt dat er zal gebeuren in de tekst.
werkboek p. 32-33
Gebruik verschillende kleuren en duid in de tekst in dezelfde kleur aan wat bij elkaar hoort.
Bekijk de weersvoorspelling van vandaag. Bedenk wat je wel of niet kan doen.
werkboek p. 44-46
Zoek antwoorden op vragen als wie, wat, waar en wanneer, en onderstreep die informatie in de tekst. Lees zinnen met ‘dus’, ‘daarom’ of ‘gevolg’ extra goed: daar leid je nieuwe informatie uit af.
werkboek p. 23
Maak eerst een kort lijstje van de belangrijkste dingen die je wil vertellen. Oefen hardop en spreek rustig en duidelijk. Kijk naar je klasgenoten terwijl je spreekt. Vertel in een logische volgorde: begin, midden, einde.
Les 19 Kartonnen dieren voor het klimaat werkboek p. 34
Ik kan vertellen wat ik al weet over het klimaat. Ik kan mijn mening geven en onderbouwen met informatie.
Bestelnummer 60 1022 220 (werkboek 5 van 7)
Zeg eerst wat je weet, daarna wat je vindt. Geef minstens één voorbeeld of reden. Gebruik woorden als: bijvoorbeeld, zoals, omdat, want, daarom, dus …
Verantwoordelijke uitgever die Keure, Kleine Pathoekeweg 3, 8000 Brugge RPR 0405 108 325 – © Copyright die Keure, Brugge * 651000773*