Skip to main content

Verrekijkerbieb - 5e LJ - Kijker 8 - Thema 3 - N1 - De jongen die besloot altijd vakantie te nemen

Page 1

ucatieve uitgaven

BIEB De jongen die besloot voor altijd vakantie te nemen

Jonas Boets

Kijker educatieve uitgaven

Verrekijker 5

8


De jongen die besloot voor altijd vakantie te nemen

1


Mats gooide zijn boekentas weer waar hij hoorde: in de hoek van de kast die in de hoek van zijn kamer stond. Op een plek waar niemand hem nog zou zien en zo hoorde het. Mats was het grondig beu. Het hele systeem van schoolgaan en vakantie, het klopte niet meer voor hem. Er was geen evenwicht meer: een heel jaar voor school werken om dan maar af en toe vakantie te hebben. Dat was volkomen onlogisch. Een heel jaar vakantie hebben en dan af en toe naar school gaan, dat klonk al veel beter. Waarom was er nooit iemand op dat idee gekomen? Niet dat Mats nog geen vakantie had gehad. De zomervakantie was net voorbij, het nieuwe schooljaar stond voor de deur. En daar keek hij niet naar uit. Hij wilde geen dingen leren die hem niet interesseerden. Als hij wilde weten welke rivier er door Roemenië stroomde dan zocht hij dat wel op met Google. En als hij meer wilde leren over de Romeinen dan keek hij wel naar de film Gladiator. Hij was toch vast niet de enige die er zo over dacht? Volwassen mensen die moesten gaan werken, deden die dat dan altijd met plezier? Iedereen vond vakantie leuker dan school, iedereen vond vakantie leuker dan werken. Mats nam een besluit. Hij nam vanaf nu voor altijd vakantie.

2


Mats was wel even vergeten dat hij ook nog ouders had. En dat die ouders een andere mening hadden over school en vakantie dan hij. ‘Mats, je gaat nu naar school,’ zei mama. ‘Waarom?’ ‘Omdat school verplicht is en omdat de vakantie gedaan is.’ Mats glimlachte. Mama beschikte niet over alle informatie. Daarom maakte ze zo’n vreemd besluit. ‘Dat was ik vergeten te zeggen,’ legde hij kalm uit. ‘De vakantie is nog niet voorbij.’ Papa keek op van zijn kom ontbijtgranen. Een ontbijt dat hij elke dag at als hij moest gaan werken. Bijna alle dagen dus. ‘Welke dag is het vandaag?’ vroeg papa. Daar had Mats geen Google voor nodig. ‘Eén september.’ ‘Wat begint er op één september?’ ‘School.’ ‘Waar wacht je dan nog op?’ Naar dit moment had Mats uitgekeken. Het moment waarop hij zijn ouders iets zou bijleren. Normaal gezien is het omgekeerd: volwassenen leren kinderen dingen bij, behalve als het om smartphones, wifi of pipikakamoppen gaat. Maar nu zou Mats zijn ouders iets bijleren over de geschiedenis die net geschreven werd. ‘Normaal begint de school vandaag,’ zei hij. ‘Maar niet voor mij. Want mijn vakantie blijft nog even duren.’ Papa en mama bleven verrassend kalm bij die mededeling.

3


Ze keken elkaar even aan met rollende ogen, ze leken zich niet te veel aan te trekken van hun revolterende1 zoon. ‘En hoelang blijft jouw vakantie dan nog duren?’ vroeg mama. ‘Voor altijd,’ antwoordde Mats. Mama en papa wisten niet meteen wat te zeggen. ‘Dat is best lang,’ zuchtte papa na een tijdje.

4


Mats bleef de hele dag thuis. Zijn ouders hadden het gesprek ’s ochtends afgesloten met de woorden: ‘Jij gaat nu naar school.’ En dan waren ze zelf gaan werken. Mats voelde niet meteen de behoefte om naar school te vertrekken, want hij had immers vakantie. Wie ging er nu naar school tijdens zijn vakantie? Soms zeiden zijn ouders toch rare dingen. En dan had hij het niet over de pipikakamoppen die papa soms probeerde te vertellen. Mama en papa leken erg boos toen ze ’s avonds thuiskwamen. Ze hadden gevraagd hoe het op school was geweest. Mats had geantwoord: ‘Geen idee, want ik heb vakantie. Dat heb ik toch al verteld?’ Daarop begonnen ze hem allerlei vragen te stellen. Had hij ruzie met zijn vrienden? Was zijn leraar niet leuk? Kon hij niet goed volgen? Mats schudde vastberaden zijn hoofd. ‘Ik heb geweldige vrienden, mijn leraar ken ik nog niet en ik heb altijd redelijk goede punten behaald. Maar ik ga niet naar school als ik vakantie heb.’ Mama kwam naast hem zitten en aaide over zijn hoofd. ‘Wat ga je later doen als je niet meer naar school gaat?’ ‘Weet ik niet,’ zei Mats, die op zijn hoede was voor de nieuwe vriendelijke tactiek van mama. ‘Mijn vakantie is nog lang.’ ‘Dat bedoel ik niet,’ zei mama. ‘Als je niet naar school gaat, ga je ook moeilijk werk vinden. Als je later studeert, dan kan je makkelijker gaan werken.’ Dat vond Mats niet zo’n moeilijke vraag.

5


‘Als ik later studeer, ga ik dus werk vinden?’ Mama lachte, blij dat hij het begreep. ‘Klopt.’ ‘En als ik werk, heb ik dan veel vakantie?’ ‘Eh. Zoveel vakantie als wij hebben.’ ‘Niet zoveel dus,’ zei Mats. ‘Waarom zou ik dan gaan werken? Dan kan ik beter vakantie nemen.’ Nadat Mats nog een dag was thuisgebleven, kwam zijn nieuwe leraar op bezoek. Het was een lange magere man die probeerde zijn baard te laten staan om er ouder uit te zien. Maar dat lukte niet, hij leek nauwelijks ouder dan Mats. En hij babbelde met een hoge stem. ‘Wil je later gaan werken, Mats?’ ‘Nee.’ ‘Wil je niets studeren?’ ‘Nee.’ De man had beter eerst even overlegd met zijn ouders, want als hij dezelfde argumenten ging gebruiken, zou het gesprek snel afgelopen zijn. Tijd om de rollen om te draaien. ‘Kijk,’ zei Mats ongeduldig. ‘Mijn vakantie duurt nu veel langer en ik amuseer me veel beter. Dat is toch goed?’ ‘School is toch ook leuk?’ zei de leraar met twijfel in zijn stem. ‘Hebt u kinderen?’ vroeg Mats. De leraar knikte. ‘Heeft u veel plezier met hen gehad deze vakantie?’ De leraar werd nu enthousiast. ‘Ja, we hebben veel leuke dingen gedaan. We zijn naar de speeltuin geweest en een week naar zee. En dan nog twee weken naar Frankrijk en als we weer thuis waren, zijn we frietjes gaan eten.’ 6


‘Precies,’ zei Mats. ‘Zou u dat niet vaker met uw kinderen willen doen?’ ‘Natuurlijk,’ antwoordde de leraar. ‘Wie niet?’ ‘Wel, waarom neemt u dan ook geen vakantie? Dan kunt u elke dag met uw kinderen frietjes gaan eten.’ De leraar wist niet meer wat hij moest zeggen. Mats zag hem nog een tijd konkelfoezen2 met zijn ouders. Even overwoog hij om te gaan luisteren wat ze zeiden, maar dan besefte hij dat het hem niets kon schelen. Hij had vakantie, ze deden maar.

7


Na een week thuis, gaven mama en papa het op. Ze probeerden Mats niet meer te dwingen om naar school te gaan, ze probeerden niet meer om hem het nut ervan te laten inzien. Ze gingen zelf werken en lieten hem doen. Mats vond het prima. Hij begon met dingen te doen die hij niet mocht als zijn ouders thuis waren. Een hele dag op de computer spelen bijvoorbeeld. Heerlijk om niet de hele tijd te moeten horen dat dat slecht was voor zijn ogen of dat hij maar eens buiten moest gaan spelen. Mats ging ook buiten spelen, maar dan alleen omdat hij dat zelf graag wilde. Dan nam hij zijn bal en beeldde zich in dat hij in een groot stadion voetbalde, vol publiek. Hij scoorde de ene goal na de andere, iedereen juichte hem toe. Wanneer hij moe was van het voetballen, ging hij binnen naar televisie kijken. Ook dat ging nu zonder commentaar van zijn ouders. Voor het eerst besefte Mats dat het niet alleen de vakantie zelf was die zo leuk was. Het was de mate waarin je zelf bepaalde wat je deed die het echt plezierig maakte. ’s Avonds ging hij op tijd naar bed, moe van een dag plezier maken en klaar om de volgende dag weer volop van zijn vakantie te genieten.

8


9


Na een tijdje besloot Mats ook naar buiten te trekken. Niet omdat hij het beu was thuis, hij zou nooit toegeven dat vakantie op je eentje ook saai kon zijn, maar omdat hij eens wilde zien wat er nog allemaal te doen was in hun dorp. Een hele wereld ging voor hem open. Hij ontdekte allerlei nieuwe dingen die hij kon doen. Met het fitnessabonnement van papa ging hij naar de sportclub. Papa gebruikte het toch nooit, want ofwel moest hij werken, ofwel was hij te moe van het werken om te gaan sporten. Mats vond fitness best wel leuk. Een hele dag zat hij op alle toestellen, tot zijn spieren stram aanvoelden. Daarna zat hij uren in de sauna, om dan uitgeput thuis te komen en op tijd in bed te kruipen. Zijn ouders vonden dat hij meer moe was nu hij vakantie had, dan wanneer hij naar school ging. Op een andere dag besloot Mats de trein te nemen. Dat was best een avontuur. Hij drukte de hele rit zijn neus tegen het raam om alle landschappen in zich op te nemen. Wat was de wereld mooi als je vakantie had. Het was de eerste keer dat hij er echt op lette. In de stad ging hij naar een museum met moderne kunst. Het was niet omdat hij niet meer naar school ging dat hij niets wilde bijleren. Maar hij wilde enkel nog leren wat hij zelf wilde. Het museum was prachtig. Mats bleef bij elk kunstwerk stilstaan en las telkens het kaartje dat erbij hoorde. Dat duurde even, maar hij had toch tijd genoeg.

10


Een andere keer ging Mats naar het zwembad. Heerlijk om uren in het water te dobberen. Alleen die schoolklassen die de rust kwamen verstoren, vond hij best hinderlijk. Ongelooflijk hoeveel plezier die konden maken, terwijl ze toch op school waren en geen vakantie hadden zoals hij. Daarom ging hij maar naar de cafetaria en dronk hij een kop warme chocolademelk. Het werd al snel een vast ritueel, net zoals bij een groot deel van de oude mensen die ook elke dag in de cafetaria zaten.

11


Het duurde niet lang of Mats had zowat alles gedaan wat er thuis en in het dorp te beleven was. Hij piekerde zich suf over wat hij nog kon doen. Maar hij kon nergens op komen. Ten einde raad vroeg hij het aan de sprekende stem op zijn telefoon. ‘Wat kan ik doen in mijn vakantie?’ ‘Je kan gaan voetballen,’ antwoordde de stem. Dat was best een goede suggestie voor een computerstem, alleen was het niet wat Mats op dat moment wilde horen. ‘Ik wil niet voetballen. Iets anders.’ ‘Je kan gaan zwemmen.’ ‘Iets anders.’ ‘Op de computer spelen?’ ‘Iets anders!’ ‘Naar de fitness?’ Mats wilde het niet meer horen. Hij sloot de telefoon af en gooide hem op de mat aan zijn voeten. Lusteloos lag hij in de zetel. Was dit nu vakantie? Vakantie was toch altijd plezierig? Dan kon het toch niet dat hij zich aan het vervelen was? Nee, hij was zich niet aan het vervelen. Hij zou zich nooit vervelen in de vakantie. Er was enkel iets mis aan zijn vakantie, dat was het. En Mats wist wat er niet klopte. Het was niet zijn vakantie die saai begon te worden. Zijn vakantie was nog steeds tof, het probleem was dat hij de enige was met vakantie. Het was veel leuker als iedereen vakantie had. Mats zuchtte opgelucht. Hij was blij dat hij het probleem had gevonden.

12


Mats stelde een actieplan op. Hij was niet van plan te wachten tot iedereen weer vakantie had, dat duurde hem nog veel te lang. Het enige wat hij moest doen, was ervoor zorgen dat iedereen nu vakantie had. En dan vooral zijn vrienden uit zijn klas. Hij zocht in een winkel in zijn buurt een mooie postkaart uit en richtte die aan zijn leraar. POSTKAART Beste leraar. Groetjes vanop vakantie. Ik heb al heel veel leuke dingen gedaan. Ik ben naar de speeltuin geweest en heb vaak frietjes gegeten. Ik hoop ook nog een keer naar zee te gaan. Groetjes aan de hele klas. Mats. PS mist u uw kinderen niet een beetje?

De eerste keer kreeg hij geen antwoord en dus postte Mats nog een kaartje. Met allerlei tips over hoe je een vakantie met kinderen kan invullen. Toen ook daar geen reactie op kwam, besloot hij elke dag een kaartje te sturen. Zo had hij zelf ook zijn bezigheid en verveelde hij zich wat minder. Na een week ging zijn leraar overstag3. Hij zei met uitgestreken gezicht foert tegen de kinderen in zijn klas en deelde mee dat hij vanaf nu ook vakantie had. De kinderen van de klas wisten eerst niet wat ze daarop moesten zeggen. Maar toen hun leraar na een uur niet terugkwam, beseften ze dat het hem menens was. Daarop zeiden ze collectief4 ook foert en verklaarden ze de eeuwigdurende vakantie voor geopend. 13


De kinderen uit de klas zwermden uit over het dorp, tot groot jolijt van Mats. Dit was pas echt vakantie. Aan het voetbalveld gaf hij high fives met zijn voetbalvrienden. Nu moest hij eindelijk niet meer alleen voetballen. De schrik voor verveling was verjaagd. Sommige mensen uit het dorp stelden zich vragen bij het zien van al die kinderen. Mats hadden ze al weleens zien ronddolen, maar dan dachten ze dat die ziek was, of slecht opgevoed. Maar een hele horde kinderen die vrij rondliep tijdens schooluren? Dat was niet normaal. Al vonden sommige handelaars het best wel oké. De cafetaria van het zwembad verkocht nu extra veel chocolademelk en de sportclub was nog nooit zo vol geweest. De kinderen vertelden allemaal hetzelfde verhaal, ook al hadden ze dat niet zo afgesproken. Ze hadden vanaf nu vakantie. En die zou niet meer stoppen. ‘Is de vakantie niet pas over enkele weken?’ vroeg een bezorgde treinconducteur. ‘Nee hoor,’ antwoordden Mats en zijn vrienden. ‘De vakantie is al begonnen. Je moest eens weten hoe fijn dat is.’ Daar kon de treinconducteur zich wel iets bij voorstellen. Dat zei hij ook ’s avonds tegen zijn vrouw. ‘Ik zou graag nog eens ver weg gaan met ons twee.’ ‘Maar je hebt toch nog geen vakantie?’ zei zijn vrouw onmiddellijk. ‘Naar het schijnt is de vakantie al begonnen. Voor iedereen.’ ‘Voor iedereen?’

14


De ogen van zijn vrouw begonnen te twinkelen. Ze wilde al zo lang eens op reis, maar de moeilijke uren van haar man lieten dat niet toe. En ze wilde ook al zo lang nog eens een nieuwtje hebben om tegen haar vriendinnen te vertellen. Ze nam de telefoon en nodigde al haar vriendinnen bij haar thuis uit de volgende avond. Ze zorgde voor een lekkere cocktail en hapjes in alle kleuren en formaten. Ze trok haar feestelijkste jurk aan. Toen haar vriendinnen arriveerden, hief ze haar glas hoog de lucht in. ‘Zo chic?’ vroeg een eerste vriendin. ‘Wat valt er te vieren?’ vroeg een andere. De vrouw van de treinconducteur liet even een stilte vallen. Ze glimlachte mysterieus. ‘Vandaag vieren we dat de vakantie is begonnen!’

15


Na die avond met het groepje vrouwen, verspreidde het nieuws zich als een lopend vuurtje. De vakantie was begonnen! Voor iedereen! Het leidde net niet tot een massaal dorpsfeest, want niemand had veel zin om iets te organiseren in zijn vakantie. Overal werd het werk neergelegd, de werkkleren uitgedaan en vervangen door iets los en gemakkelijk zittend. Mats was blij dat iedereen eindelijk inzag dat vakantie leuker was dan werken of naar school gaan. Nu hoefde hij niet telkens uit te leggen waar hij mee bezig was. Tenzij aan zijn ouders, want die gingen wel elke dag nog werken. Ze geloofden niet in het concept5 vakantie, ook al waren hun bazen zelf niet meer op kantoor, evenmin als al hun collega’s. Mats besloot die ochtend naar de sportclub te gaan. Het was lang geleden dat hij nog eens gewichten had getild en hij wilde tegen zijn vrienden opscheppen over het gewicht dat hij kon dragen. Maar toen ze aan de deur kwamen, merkten ze dat die niet openging. ‘Gesloten wegens vakantie,’ hing er op een bordje aan de deur. Geen probleem, ze konden altijd gaan zwemmen en een warme chocolademelk drinken. Maar ook daar botsten ze op een gesloten deur. ‘Wij hebben vakantie en gaan ergens ver weg zwemmen,’ stond er hier.

16


Dat viel tegen, want er stond nergens bij wanneer het zwembad weer zou opengaan. ‘Laten we naar het zwembad in de stad gaan,’ opperde Mats. Hij herinnerde zich dat er naast het museum ook een zwembad was geweest. Samen met zijn vrienden ging hij naar het treinstation. Uren aan een stuk wachtten ze op een trein, maar er kwam er geen. Uiteindelijk ontdekten ze een papier op de deur van het station. ‘Omdat alle conducteurs met vakantie zijn, stoppen hier geen treinen meer.’

17


Mats en zijn vrienden baalden6 nu toch een beetje. Ze konden zelfs niet meer gaan voetballen, want het gras stond te hoog en de mensen die het moesten maaien hadden vakantie. Dus deden ze maar niets. Hele dagen lagen ze op hun rug op de zetel. De computerspelletjes hadden ze al stuk voor stuk uitgespeeld en zowat alle televisieprogramma’s hadden ze bekeken. Ze staarden naar het plafond, hopend dat er iets zou veranderen. Ook de volwassenen verveelden zich. Er waren geen restaurants of winkels open, de bibliotheek had zijn deuren gesloten en wie niet op reis was, had niet veel anders te doen. Het leek wel of het hele dorp stilgevallen was. Buiten liep nauwelijks iemand rond, auto’s bleven op de oprit staan, want het enige benzinestation in het dorp zat zonder benzine. Zo kon het niet verder, besefte ook Mats. Vakantie was leuk als je iets kon doen in je vakantie. Nu was het gewoon vervelend. Misschien moest er maar eens een einde aan komen. Aangezien hij met het hele gedoe was begonnen, besloot hij ook zijn verantwoordelijkheid te nemen en alles eigenhandig te stoppen. Mats ging het hele dorp rond om de spijtige mededeling te brengen dat de vakantie voorbij was. Mensen reageerden verrassend positief. Ze hoorden zijn uitleg, haalden hun schouders op en gingen weer aan het werk. Vaak zag hij ook een stiekeme glimlach op het gezicht van de mensen. Ze waren ook wel een beetje blij dat de vakantie voorbij was. 18


Mats ging ook bij zijn leraar langs. Die deed open met twee jengelende kinderen aan zijn benen. ‘De vakantie is voorbij,’ zei Mats. ‘Sorry.’ ‘Geen probleem,’ antwoordde de leraar tot zijn verbazing. ‘Ik wist niet meer wat ik nog met deze twee wildebrassen kon aanvangen.’

19


20


In tegenstelling tot zijn vrienden ging Mats zelf nog niet opnieuw naar school. Het was niet omdat de vakantie van alle mensen voorbij was, dat zijn vakantie ook moest stoppen. Net zoals in het begin ging hij weer zwemmen, fitnessen en uitstapjes maken. Maar net zoals in het begin begon ook dat na een tijdje weer te vervelen. Op een dag wandelde hij voorbij zijn school en hoorde hij door het open raam de leraar vertellen. Het was een verhaal over ridders en kastelen. Over veldslagen en veroveringen. Alle leerlingen zaten op het puntje van hun stoel te luisteren. Mats bleef staan bij het raam en luisterde geboeid mee. Dat verhaal had hij nog nooit in een film gezien. Toen de schoolbel ging, maakte hij zich snel uit de voeten. Hij wilde niet dat de leraar hem zag. De volgende dag ging Mats opnieuw naar het raam. Deze keer was het geen verhaal over ridders, maar een les wiskunde. Toch volgde hij geïnteresseerd mee hoe de stelling van Pythagoras precies in elkaar zat. De dagen erna nam Mats een stoeltje mee, want hij kreeg stijve spieren van de hele tijd aan het raam te staan. Hij merkte dat het raam altijd openstond als hij aankwam. En de ene keer dat het gesloten was, werd het niet veel later geopend. Na twee weken luisteren aan het raam was het hard aan het regenen. Mats wist niet goed wat hij moest doen, want hij had niet veel zin in gietende regen, maar hij wilde wel naar de leraar luisteren. Tot hij een briefje aan de binnenkant van het raam opmerkte: ‘Kom gerust binnen, achteraan staat een stoel voor je klaar.’

21


Toen zijn ouders op een avond aan de keukentafel discussieerden over de bestemming van hun volgende vakantie, luisterde Mats aandachtig mee. ‘We gaan naar Spanje,’ zei mama. ‘Nee, naar Italië,’ zei papa. ‘Naar Spanje,’ zei mama. ‘Ik wil tapas eten.’ ‘Naar Italië,’ zei papa. ‘Ik wil moussaka eten.’ Mats stak zijn vinger op en schudde die heen en weer. ‘Moussaka is Grieks,’ zei hij. ‘Dan moeten we naar Griekenland gaan. Wist je trouwens dat een groot deel van onze cultuur uit Griekenland komt? Lang voor de Romeinen legden de Grieken al de bouwstenen van onze beschaving.’ Zijn ouders keken vreemd op. ‘In welke film heb je dat gezien?’ vroeg mama. Mats antwoordde niet, hij had dat helemaal niet in een film gezien. Papa had meteen in de gaten wat er aan de hand was. ‘Jij gaat weer naar school!’ riep hij opgewonden uit. Mats keek snel naar zijn bord. Verdorie, hij had zich als een beginneling laten betrappen. Hij knikte nauwelijks zichtbaar. ‘Zie je wel,’ zei mama meteen. ‘Naar school gaan is toch veel leuk...’ Ze werd onderbroken door papa. Die had in de gaten dat Mats geen behoefte had aan een preek. Hij had zijn les geleerd en die hoefde niemand nog eens te benadrukken.

22


‘Weet je wat?’ zei papa. ‘Als jij binnenkort nog eens echt vakantie hebt, dan nemen wij ook vakantie. En dan gaan we lekkere spaghetti eten in Griekenland.’ Mats knikte blij. Voor het eerst sinds lang keek hij echt uit naar vakantie. Je geniet meer van iets als het er niet altijd is. Er moest hem wel nog één ding van het hart. ‘Spaghetti is Italiaans.’

23


Woorduitleg 1 2 3 4 5 6

24

revolteren = in opstand komen konkelfoezen = samenzweren overstag gaan = van mening veranderen collectief = iedereen samen concept = bepaald idee balen = zich ergeren aan iets vervelends


Mats moet na de zomervakantie weer naar school en daar heeft hij helemaal geen zin in. Daarom besluit hij op eigen houtje zijn vakantie te verlengen. Hij amuseert zich rot nu hij eindelijk kan doen en laten wat hij zelf wil. Tot hij zich na een tijd begint te vervelen. Op je eentje vakantie hebben is maar saai. Hij bedenkt een plan om iedereen altijd vakantie te laten hebben.

Dit boekje maakt deel uit van de Verrekijkerbieb 5. ISBN 978 90 486 2536 9 Bestelnummer 60 1021 497 KB D/2016/0147/105 NUR 191 Illustraties: Rocío Del Moral Verantwoordelijke uitgever die Keure Kleine Pathoekeweg 3, 8000 Brugge RPR 0405 108 325 © Copyright die Keure, Brugge

9 789048 625369

Niets uit deze uitgave mag verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke wijze ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. No part of this book may be reproduced in any form by print, microfilm or any other means without written permission from the publisher.


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Verrekijkerbieb - 5e LJ - Kijker 8 - Thema 3 - N1 - De jongen die besloot altijd vakantie te nemen by die Keure - Issuu