Skip to main content

Verrekijkerbieb - 5e leerjaar - Kijker 5 - Thema 2 - N1 - Een boomhut als uitdaging

Page 1

ucatieve uitgaven

Een boomhut als uitdaging

BIEB

Joke Guns

Kijker educatieve uitgaven

Verrekijker 5

5


Een boomhut als uitdaging

1


1 Het is genoeg geweest! ‘Het is genoeg geweest!’ Onthutst1 kijken Sébastien en Marilene op van hun spelconsoles. Bij de televisie laat Victor van schrik de afstandsbediening vallen. Door de klap schiet het klepje los en stuiteren de batterijen ratelend op de pas geboende parketvloer. Op handen en knieën duikt Victor onder het salontafeltje. ‘Gevonden,’ juicht hij opgelucht terwijl hij de batterijen snel weer op de juiste plaats klikt. Dan kijkt hij weer op en ziet hoe mama en papa met gekruiste armen naar hem en zijn broer en zus kijken. Ze zien er niet erg gelukkig uit, stelt hij vast.

2


‘Ik heb het je toch gezegd!’ sist mama nijdig naar papa. ‘Je hebt gelijk, ze kunnen helemaal niets meer,’ bromt papa teleurgesteld. ‘De enige geluiden die we in ons huis nog horen, komen uit de computer en de televisie.’ ‘Dat is niet waar,’ spreekt Sébastien hem triomfantelijk tegen. ‘Ik zei daarnet nog tegen Marilene dat ik haar af zou maken.’ ‘Fraai!’ knikt mama zuchtend. ‘En ik antwoordde dat hij een sukkel is die toch nooit raak schiet!’ vult Marilene het verhaal van Sébastien enthousiast aan. ‘En ik ben daarnet minstens drie uitdagingen aangegaan!’ klinkt het vanuit de televisiehoek. Victor doet elke dag mee met het televisiespel ‘De uitdaging’. Het zijn suffe uitdagingen vinden zijn broer en zus. Het enige dat Victor moet doen, is naar het scherm turen en dingen tellen. Soms moet hij konijnen tellen, soms zwarte stippen in een zee van wit. Het juiste aantal moet hij dan zo snel mogelijk naar het televisiestation sms’en. De eerste die het juiste antwoord doorstuurt, wint een televisie. Victor telt altijd hardop. Hij heeft nog nooit iets gewonnen. De stilte die volgt, is oorverdovend. Na een minuut die voor de kinderen wel een uur lijkt te duren, zegt papa zo zacht dat ze moeite moeten doen om hem te verstaan: ‘Ik heb ook een uitdaging voor jullie.’

3


Nieuwsgierig kijken de kinderen hem aan. ‘De zomervakantie is bijna om,’ gaat papa verder. ‘Jullie hebben negen weken vrij, weken waarin gespeeld en ontdekt kan worden. Daar schiet nog maar een week van over. Dat is niet veel!’ Ze knikken alle drie heftig. Het einde van de vakantie nadert inderdaad razendsnel. Ze mogen er niet aan denken dat ze alweer naar school moeten. ‘Ik daag jullie uit om in de komende week een groot project uit te voeren. Jullie mogen er geen enkel scherm voor gebruiken. Geen televisie, geen computer, geen gsm.’ ‘Mogen we wel …?’ begint Sébastien die naar zijn iPad wijst. ‘Nee!’ zegt mama met een brede glimlach. ‘Ook geen iPad. Anders verliezen jullie de uitdaging.’ De kinderen steken de koppen bij elkaar. ‘Ik weet het niet,’ zucht Marilene. ‘Een hele week geen spelletjes?’ ‘Geen computerspelletjes,’ zegt Victor, ‘maar wel een uitdaging. Uitdagingen zijn leuk, toch?’ Sébastien draait zich met een ruk om naar zijn ouders en vraagt: ‘En als we de uitdaging winnen? Wat winnen we dan precies?’ Papa knipoogt naar mama en zegt dan: ‘Dat is een verrassing. Maar we beloven jullie dat het iets leuks is. Gaan jullie de uitdaging aan?’ Hij kijkt hen een voor een doordringend aan. Ze knikken. ‘Kom maar op met dat project!’ lacht Victor.

4


5


2 De grote uitdaging Mama en papa staan een hele poos te fluisteren. Ze knikken en schudden en wijzen en denken vervolgens nog eens na. Dan zegt mama: ‘Bouw een boomhut. Jullie moeten samenwerken, anders verliezen jullie de uitdaging. Aan het eind van deze week moeten jullie samen in de boomhut kunnen zitten, staan en misschien zelfs slapen!’ Een rilling van opwinding glijdt over Sébastiens ruggengraat. ‘Dat kunnen we!’ zegt hij. ‘We zoeken eerst op YouTube hoe we eraan beginnen.’ ‘Geen sprake van,’ zegt mama kordaat. ‘Zijn jullie het al vergeten? Geen schermen, geen computers, geen gsm’s.’ De drie kinderen laten zich met een doffe plof ontmoedigd in de zetel vallen.

6


‘Dus jullie geven het nu al op?’ vraagt papa verbaasd. ‘Dat valt me enorm tegen, hoor. Ik had vroeger niet eens een computer. Toen ik tien was, bouwde ik mijn eigen boomhut. Op warme dagen mocht ik er zelfs in overnachten.’ ‘Waar zocht jij dan informatie op?’ wil Marilene weten. ‘Ik ben altijd al behoorlijk handig geweest,’ glimlacht papa. ‘En bescheiden!’ schudt mama het hoofd. ‘Papa kreeg hulp van opa, hoor. Opa is jarenlang timmerman geweest, dat weten jullie toch? Hij weet alles af van hout.’ ‘Mogen we opa wel om hulp vragen?’ vraagt Victor. ‘Natuurlijk mag dat,’ zegt papa. ‘Zolang jullie hem niet bellen. Gsm’s zijn verboden!’ vult mama streng aan. Marilene kijkt haar broers aan. ‘We tekenen eerst een boomhut. Zo weet opa precies wat we willen doen.’ ‘Goed idee,’ knikt Victor bewonderend. ‘Dan hebben we potloden en papier nodig.’ ‘Hebben wij eigenlijk wel papier in huis?’ vraagt Sébastien. Bij gebrek aan spelconsole tikt hij met zijn vingers op zijn knieën. ‘Een kast vol,’ zegt mama. Ze loopt naar een brede kast met wel twaalf laden. ‘Papier!’ roept ze terwijl ze de onderste laatjes opent.

7


‘Potloden, pennen, viltstiften, scharen, lijm,’ jubelt ze nog luider terwijl ze de andere laden een voor een openschuift. ‘Tjonge!’ zucht Victor verbijsterd. ‘Hebben we dat allemaal in huis?’ Lachend verdwijnen mama en papa in de keuken. ‘Ik kan wel een kopje koffie gebruiken,’ zegt ze. ‘Vanaf nu moeten ze het samen klaarspelen.’ ‘De koffie komt er zo aan,’ lacht papa. ‘En ik denk dat we er wel een koekje bij verdiend hebben.’ Af en toe horen ze een kreet uit de woonkamer. ‘Niet zo hoog! Dat lukt ons nooit,’ roept Marilene. ‘We hebben geen ramen nodig!’ brult Sébastien. Een uur later is de kan koffie tot op de bodem leeg. De woonkamer ligt bezaaid met papier. Victor, Marilene en Sébastien trekken hun schoenen aan. ‘We gaan nu naar opa!’ laten ze hun ouders nog snel weten. ‘Wacht maar niet met het eten! Opa bakt vast pannenkoeken.’

8


9


10


3 Een boomhut met verdiepingen De voordeur wordt met een luide klap dichtgeslagen. ‘We zijn thuis!’ roepen Marilene, Victor en Sébastien in koor. Met blozende wangen komen ze de keuken in. Sébastien heeft een veeg chocoladepasta op zijn neus zitten. Op Marilenes kaken glinstert nog wat poedersuiker. ‘Waren de pannenkoeken lekker?’ grijnst papa. ‘Ze waren ongelooflijk lekker,’ lacht Victor die voldaan over zijn buik wrijft. ‘Maar we hebben ook over de boomhut gepraat, hoor!’ zegt Marilene. Ze rolt een groot vel papier open op de keukentafel. In het midden van het grote vel staat de boomhut die de kinderen thuis zelf bedacht hebben. Daaromheen staan wel twintig pijlen. Elke pijl wijst naar een tekstballon. In een ervan staat: STOP MET RUZIEMAKEN! EEN GOEDE BOOMHUT MAAK JE SAMEN. Papa gniffelt. Zo kent hij zijn vader! Er zijn ook een paar erg praktische tekstballonnen. VERGEET DE DWARSBALKEN NIET. en VRAAG AAN JULLIE VADER GOEDE SPIJKERS, NIET DIE GOEDKOPE ZOOI2 DIE SNEL GAAT ROESTEN. Papa kijkt snel naar mama. Zij heeft de tekstballonnen ook gelezen.

11


‘Wie A zegt, moet ook B zeggen3, we kopen goede spijkers dus,’ knikt ze. ‘Opa heeft ons verteld dat hij genoeg hout heeft,’ zegt Victor. ‘Morgenochtend brengt hij oma eerst naar de kapper. Daarna brengt hij een hele lading hout naar hier. Hij mag de aanhangwagen van oom Jacques lenen.’ Papa kijkt nog eens goed naar de tekening van de boomhut. ‘Dit wordt wel een enorm bouwwerk, hé,’ zegt hij onder de indruk. De kinderen knikken trots. Marilene wijst naar een van de grootste tekstballonnen. Daarin heeft opa geschreven: ALS JE IETS DOET, DOE HET DAN METEEN OOK GOED! ‘Het was jouw idee om hen een boomhut te laten bouwen,’ lacht mama wanneer ze het beteuterde gezicht van papa ziet. Hij pakt de rol papier, staat op en loopt naar het keukenraam. Daar kijkt hij eerst naar de tuin, dan naar de tekening. ‘Wat goed!’ roept hij plots uit. ‘Jullie hebben een boomhut ontworpen die precies tussen onze vier berken past.’ ‘Dat heeft Sébastien bedacht!’ roept Marilene. ‘Maar Victor en Marilene hebben alles opgemeten. Daar ben ik helemaal niet goed in!’ bloost Sébastien.

12


Trots zitten mama en papa hun kroost4 aan te kijken. ‘Het wordt een zware week, jongelui, ik denk dat het tijd is om naar bed te gaan.’ Zonder morren vertrekt het drietal naar boven. ‘Dit hadden we veel eerder moeten verzinnen,’ glimlacht mama.

13


4 De ochtendstond heeft goud in de mond De volgende ochtend worden mama en papa gewekt door een vrolijk claxonnerende5 auto. ‘Af en toe heb ik een hekel aan mijn vader,’ kreunt papa die eigenlijk nog lang niet van plan was om op te staan. ‘Opa en oom Jacques zijn er met het hout!’ juichen de kinderen beneden aan de trap. ‘Ik hoor het, ik hoor het,’ steunt papa. Mama trekt het donsdeken over haar hoofd. ‘Die boomhut was jouw idee. En bovendien is het jouw vader. Ga jij maar,’ zegt ze. In zijn pyjama en met zijn haren in de war stommelt papa de houten trap af. Hij hoort zijn vader commando’s schreeuwen.

14


‘Links, links, je andere links, Marilene! Victor, til die planken wat hoger. Sébastien, kom met je luie krent van die stoel af. Denk je dat jullie boomhut zichzelf bouwt?’ ‘Ja kinderen, luister goed naar opa!’ lacht papa vol leedvermaak6. ‘Inderdaad!’ bast zijn vader. ‘Jij en Jacques dragen die zware steunbalken maar even naar de tuin.’ ‘Maar ik sta hier in mijn pyjama, pa!’ protesteert papa. ‘En wiens fout is dat?’ antwoordt opa streng. Papa zegt maar niets meer. Hij kijkt boos naar zijn broer Jacques die zijn gelach met moeite kan bedwingen. Een half uur later ligt de tuin bezaaid met hout. Opa heeft ook een grote doos lange spijkers meegebracht. ‘Dan weet ik zeker dat de jongelui met goed materiaal werken,’ knipoogt hij. De rekening van de doe-hetzelfwinkel stopt hij in het borstzakje van papa’s pyjamatrui. Oom Jacques en opa drinken nog snel een kop koffie. Dan gaan ze ervandoor. ‘Mogen we beginnen bouwen?’ vraagt Sébastien gretig. Het mag. ‘Maar wees voorzichtig. Sla niet op je vingers, sla niet op elkaar,’ kijft mama. ‘Zwaai niet in het rond met houten planken en volg het plan dat jullie samen met opa getekend hebben, begrepen?’

15


Ze knikken alle drie gedwee7. Al sinds gisteren hebben ze geen televisie gekeken. Ze hebben geen gsm aangeraakt. ‘Ik help jullie bij het bevestigen van de steunbalken,’ zegt papa. ‘Al de rest moeten jullie zelf doen. Een uitdaging is een uitdaging.’ De uren vliegen voorbij. Af en toe zet papa een bord met een grote stapel boterhammen erop in de tuin. Een kwartier later liggen er alleen nog een paar kruimels op het bord. De flessen appelsap en water raken steeds sneller leeg. Wanneer het begint te schemeren, jaagt mama de kinderen om de beurt de badkamer in. Hun avondeten laten ze staan. Doodmoe zitten ze boven het dampende eten te knikkebollen. ‘Morgen staan we vroeg op,’ gaapt Marilene. ‘Doen we,’ knikken de broers terwijl ze naar boven sloffen. ‘s Avonds zitten mama en papa gezellig in de tuin. Papa raapt een hamer op die in een berg houtkrullen beland is. Hij legt de hamer bij het andere gereedschap. Hij controleert nog eens of de steunbalken goed zitten. Mama schuurt snel een paar splinters weg uit een plank die de vloer van de boomhut zal worden. ‘Je zei het gisteren al, schat,’ grijnst papa, ‘dit hadden we eerder moeten verzinnen.’

16


5 Een boomhut en meer Een hele week wordt er getimmerd, gesjouwd, geschuurd, gelachen en gepraat. Af en toe wordt er ook ruziegemaakt. Gelukkig loopt het nooit echt uit de hand. Heel even dreigt het mis te gaan, wanneer Marilene rode gordijnen met witte bloemetjes in de boomhut wil hangen. Sébastien vindt dat een belachelijk idee. Victor stelt uiteindelijk voor om van oude, witte lakens gordijnen te maken. Eerst schilderen ze hun namen erop. Dat vindt zelfs Marilene een goed idee. De voorbije drie dagen is de tuin verboden terrein geweest voor mama en papa. Ze zijn dan ook ontzettend nieuwsgierig naar het resultaat van de uitdaging. Die zaterdagochtend ligt er een uitnodiging op de ontbijttafel.

17


‘Eindelijk mogen we zien wat ze uitgevoerd hebben!’ juicht mama. Papa werpt snel een blik op zijn horloge en besluit om eerst zijn cornflakes op te eten en zich daarna pas aan te kleden. Het kan nog net.

18


Om tien voor elf klingelt de bel. Mama haast zich naar de voordeur. Daar staan opa en oom Jacques. Achter hen staan de buren. ‘We komen voor de opening!’ zeggen ze ongeduldig. Sébastien, Marilene en Victor staan op een rijtje in de tuin. Ze hebben hun netste kleren aan. Het jasje van Sébastien zit verkeerd geknoopt, maar daar heeft niemand last van. ‘Uhum, uhum,’ kucht Victor. Het geroezemoes valt stilt. Iedereen kijkt de kinderen verwachtingsvol aan. ‘Geachte aanwezigen,’ begint Victor. Marilene barst in lachen uit. ‘Doe maar normaal,’ grinnikt nu ook Sébastien. Victor haalt zijn schouders op, kucht nog een keertje en zegt dan: ‘Welkom op de opening van onze boomhut!’ Iedereen applaudisseert. Mama en papa klappen het hardst en het langst. Marilene loopt naar de boomhut. Ze klimt razendsnel naar boven. ‘De uitdaging was dat we hier alle drie moesten kunnen zitten,’ zegt ze. Ze wenkt haar broers. Een paar tellen later zitten er drie kinderen in de boomhut. Dan gaat Sébastien staan. ‘De uitdaging was ook dat we hier alle drie moesten kunnen staan!’ zegt hij.

19


Ze staan op en zwaaien enthousiast door de raampjes van de boomhut. ‘Misschien kunnen we hier vannacht wel slapen!’ zegt Victor. De een na de ander klauteren ze weer naar beneden. ‘Mogen wij nu naar boven?’ vraagt papa nieuwsgierig. ‘Natuurlijk!’ lachen de drie kinderen trots. Na papa en mama klimmen ook opa, oom Jacques, de buren én de overburen naar boven. ‘Hier kun je echt slapen!’ roept opa die ter plekke beslist om in de boomhut een dutje te doen. ‘Kan ik deze kamer boeken, kinderen?’ ‘Ja,’ juichen ze. ‘Dit is geen gewone boomhut, dit is ons eigen boomhotel!’

20


21


10 LEUKE DINGEN WAARVOOR JE GEEN COMPUTER OF TV NODIG HEBT!

22

1

Boomhutten zijn fantastisch. Maar niet iedereen heeft het materiaal of de geschikte bomen om een boomhut te maken. Je kunt ook een boomhut tegen de stam van een boom bouwen. Dan heb je alleen wat takken en stukken zeildoek of lakens nodig.

2

Lees een spannend boek.

3

Maak zelf een stripverhaal.

4

Verander het huis in een hotel. Maak een menu, kook zelf en zorg ook voor de schoonmaak. Misschien krijg je aan het eind van de dag wel een fooi!

5

Gooi je oude verjaardagskaarten niet weg. Knip er de leukste delen uit en maak er nieuwe kaarten mee.

6

Heb je nog tekeningen van toen je een kleuter was? Kies er de leukste uit. Maak de tekening nu opnieuw. Hang de twee tekeningen onder elkaar op. Misschien willen je ouders deze leuke ‘voor en na’ inkaderen.

7

Begin zelf een moestuin. Radijsjes zijn makkelijk te kweken. Of misschien houd je meer van sla en boontjes?


8

Vouw vliegers en houd een wedstrijd met alle kinderen uit de buurt: wiens vlieger vliegt het verst?

9

Maak zelf een televisieprogramma. Zorg dat het inhoud heeft! Welke nieuwsberichten zijn er? Is er een goede soap op tv?

10 Maak een televisie, spelconsole, gsm of tablet in karton. Doe alsof ze echt zijn. Ga hiermee door tot je ouders denken dat je gek geworden bent. Dan mag je vast snel weer televisiekijken.

23


Woorduitleg 1 onthutst zijn = geschrokken zijn 2 zooi = rommel 3 Wie A zegt, moet ook B zeggen = wie iets vertelt, moet het verhaal volledig vertellen 4 kroost = iemands kinderen 5 claxonneren = toeteren 6 leedvermaak = lachen met het ongeluk van een ander 7 gedwee = volgzaam

24


Het is genoeg geweest, vinden de ouders van Marilene, Sébastien en Victor. De drie kinderen kijken veel te vaak naar een scherm. Daarom krijgen ze een uitdaging. Ze moeten een groot project tot een goed einde brengen. Zonder schermpjes!

Dit boekje maakt deel uit van de Verrekijkerbieb 5. ISBN 978 90 486 2536 9 Bestelnummer 60 1021 497 KB D/2016/0147/105 NUR 191 Illustraties: Maarten Zerelik Verantwoordelijke uitgever die Keure Kleine Pathoekeweg 3, 8000 Brugge RPR 0405 108 325 © Copyright die Keure, Brugge

9 789048 625369

Niets uit deze uitgave mag verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke wijze ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. No part of this book may be reproduced in any form by print, microfilm or any other means without written permission from the publisher.


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook