ucatieve uitgaven
BIEB
Een kans voor papa Joke Guns
Kijker educatieve uitgaven
Verrekijker 2
6
Een kans voor papa
1
Elisa zit op de rand van haar bed. Met haar voeten schopt ze tegen de deur van haar kleerkast. Dat doet ze wel vaker, als ze boos is. En ze is de laatste tijd vaak boos. Dat is duidelijk te zien aan de lelijke plek op de kast. 1
‘Elisa, kom je naar beneden?’ klinkt de stem van papa. ‘Dat zou je wel willen,’ mompelt ze nijdig. ‘Wat zeg je, Elisa? Ik hoor je niet!’ vraagt papa van beneden aan de trap. ‘Ik kom!’ roept Elisa onwillig. Ze wipt van het bed, loopt de kamer uit en slaat de deur achter zich dicht. Papa zegt er vast niets van. Papa heeft een vriendin op bezoek, en dan is hij anders dan anders. Elisa sloft de trap af. Ze doet dat zo traag als ze maar kan. ‘Ze komt eraan, Daantje,’ hoort ze papa zeggen. Met een zucht duwt Elisa de deur van de woonkamer open. ‘Daantje!’ denkt ze nog lacherig. ‘Welke volwassen vrouw heet er nu Daantje!’ Nieuwsgieriger dan ze wil toegeven, kijkt ze naar de vrouw op de bank. ‘Dag Elisa,’ lacht Daantje met een brede glimlach. ‘Wat leuk dat we elkaar leren kennen. Maar ik moet je bekennen dat ik het ook eng vind!’
2
Elisa’s mond hapt verbaasd naar adem. Die Daantje geeft gewoon toe dat ze bang is. Bang om haar, Elisa, te ontmoeten. Straks gaat ze haar nog leuk vinden ook. Dan kijkt Elisa in de hoopvolle ogen van papa. ‘Geef haar een kans,’ zeggen die ogen. ‘Dag,’ zegt Elisa en ze geeft Daantje een hand. ‘Mag ik nu terug naar mijn kamer?’ vraagt ze aan papa. Papa zucht teleurgesteld. ‘Ga maar,’ zegt hij dan zacht. Elisa loopt de woonkamer weer uit. Waarom moet haar vader zo nodig een vriendin? Ze hebben het toch goed met zijn tweetjes? Ze voelt haar boosheid groeien. Straks schopt ze weer tegen de kleerkast. Zo gaat het altijd weer.
3
2 Ze zijn altijd samen geweest, Elisa en papa. Ze kennen elkaar door en door. Elisa is, net als papa, dol op spruitjes. Hij weet dat ze bang is voor enge films en pestkoppen. Elisa zet elke dag het ontbijt klaar voor papa. Als ze dat niet doet, vergeet hij te eten. En aan de schoolpoort geeft ze hem een zoen. Daar wordt ze nooit te groot voor, dat weet ze zeker.
4
Elisa weet dat papa van pannenkoeken met honing houdt. Ze weet dat hij bang is voor spinnen, al geeft hij dat niet graag toe. Hij kookt en doet de was. Hij leest Elisa voor en helpt haar bij haar huiswerk. ‘Meer moet dat niet zijn,’ zei papa vroeger vaak. Maar alles veranderde toen papa met een vriendin naar huis kwam. ‘Alleen als jij haar ook leuk vindt, hoor!’ had papa haastig gezegd. Elisa vond haar dus niet leuk. Toch bleef ze op bezoek komen, maandenlang. Ze heette Danielle en ze zag er oogverblindend uit. Ze zette alle meubels op een andere plek. Ze vond dat papa Elisa veel vroeger naar bed moest sturen. Toen ze bovendien de spruitjes van het menu schrapte, was ook voor papa de maat vol. ‘Ze gaat eruit!’ had hij woest geroepen. En daar ging Danielle.
5
Elisa’s opluchting was van korte duur. Want na Danielle kwam Gwendolien. Gwendolien wilde papa voor zichzelf. Kinderen vond ze maar niets, en dat liet ze goed merken ook. ‘Ze gaat eruit!’ had papa gezegd. Na Gwendolien kwam Rita. Die was dol op ruziemaken. Met papa en Elisa. Met de buren, de overburen én zelfs met de postbode. Papa had zwijgend gezucht. Elisa had de deur voor haar opengehouden. En nu is er dus Daantje. Ze denkt aan de vrouw die blij en toch bang op de bank zit. Ze denkt aan de smekende ogen van papa. ‘En toch wil ik haar niet!’ beslist ze. Ze schopt nog eens stevig tegen de deur van haar kleerkast. Helpen doet dat niet. Ze houdt er alleen een zere dikke teen aan over.
6
3 Er wordt niet meer gepraat over Daantje. Alles gaat zoals het moet gaan, vindt Elisa tevreden. Elke ochtend maakt ze het ontbijt klaar voor papa. Op een dag verrast ze hem met een spiegelei dat maar een klein beetje aangebrand is. ‘Heerlijk!’ lacht papa. Maar als Elisa hem aankijkt, merkt ze dat zijn ogen niet meelachen. Ze schudt de bezorgdheid van zich af. Hij heeft vast een zware week op kantoor, stelt ze zichzelf gerust. Maar als ze heel eerlijk is, weet ze waarom papa er niet blij uitziet.
7
Elisa denkt aan gisteren. Ze was net klaar met haar huiswerk. ‘Kijk maar wat televisie,’ had papa afwezig gemompeld. Toen Elisa wat later de telefoon hoorde overgaan, had ze de tv wat zachter gezet. Papa houdt niet van luistervinken, dat weet ze maar al te goed. Toch probeerde ze te horen wat hij zei. ‘Niets aan te doen,’ hoorde ze hem zuchten. En ook nog: ‘Mijn kind gaat voor alles, dat weet je. Als zij het niet wil, dan is het zo.’ Een paar minuten later ving ze nog net op dat papa zei: ‘Ik mis jou ook, Daan.’ Nijdig had ze de televisie weer harder gezet. Daan, Daan, Daan. En zij dan? ‘Gooi je boekentas maar in de auto. Ik breng je wel even naar school. Ik moet straks bij een klant langs, die daar in de buurt woont,’ zegt papa na het ontbijt. Blij springt Elisa recht. Dat is een meevaller! Ze heeft door het raam gezien dat het heel hard regent.
8
Wat is ze blij dat ze daar niet doorheen moet. In de auto zet papa de muziek lekker luid. Hij zingt met elk liedje mee, ook met de liedjes die hij niet kent. Elisa lacht tot ze er buikpijn van krijgt. Dit is weer de oude papa. Zo heeft ze hem het liefst. Midden in een zin stopt papa met zingen. Hij zwijgt zo plots dat ook Elisa stil wordt. Ze ziet dat hij met open mond naar buiten staart. Daar loopt Daantje. Ze is drijfnat, maar dat kan haar blijkbaar niet veel schelen.
9
De radio loeit onverstoorbaar verder. Wat later stopt de auto voor de schoolpoort. ‘Dag papa,’ zegt Elisa stil voor ze van de achterbank schuift. ‘Tot vanavond, schat,’ antwoordt papa met een brok in de keel.
4 Opletten in de klas is heel lastig als je aan andere dingen denkt. Papa’s trieste ogen dansen tussen de sommen op het bord. Ze achtervolgen haar wanneer ze touwtje springt. ‘Ik mis jou ook, Daan,’ klinkt het steeds weer in haar hoofd.
10
Aan het eind van de schooldag is ze het zat. Ze wil papa niet kwijt. Ze wil hem niet verliezen aan Danielle. Ook niet aan Gwendolien en al helemaal niet aan Rita. Maar ze wil papa ook niet langer verdrietig zien. ‘Straks,’ denkt ze, ‘straks ga ik op zoek naar Daantje. Ik moet te weten komen of ze een hekel heeft aan kinderen. Ik moet ontdekken of ze graag ruziemaakt. Ze wil papa vast helemaal voor zichzelf. Dan kan ik hem vertellen dat ze niet anders is dan die anderen. Dan begrijpt hij dat hij beter af is zonder haar.’ Maar een zacht stemmetje fluistert: ‘En wat als ze toch van kinderen houdt? Wat als ze een hekel heeft aan kibbelen? Wat als ze papa eerlijk wil delen met jou?’ Ze krijgt een duw van Karel die naast haar zit. ‘Zit je te dromen?’ lacht hij. Elisa ziet dat de klas bijna leeg is. Juf Nadja staat bij de deur.
11
‘Komen jullie nog?’ vraagt ze ongeduldig. Snel stopt Elisa haar spullen in haar boekentas. ‘Tot morgen,’ zwaait ze nog naar Karel. Dan rent ze in een ruk naar huis. Het regent gelukkig niet meer. Bij hun gezellige, witgeverfde huisje stopt ze de sleutel in het sleutelgat. Ze vindt het meestal niet fijn om in een leeg huis thuis te komen. Maar vandaag komt het haar goed van pas. Snel loopt ze naar de woonkamer. Daar pakt ze papa’s adresboek en bladert naar de D. Geen Daantje te vinden natuurlijk. De familie Degens staat erin. Dat zijn de buren. En Jan Davergems, dat is de baas van papa. Zo komt ze geen stap verder. Elisa heeft geen idee hoe Daantje verder heet. Ze laat zich op de bank zakken. Met een zucht begint ze bij de letter A. Haar vingers glijden langs de namen. Onrustig kijkt ze af en toe naar de klok. Om vijf uur komt papa thuis.
12
Ze moet zich haasten! Pas bij de letter V heeft ze beet: Daantje Verliefde. ‘Wat een naam. Hoe is het mogelijk!’ roept ze uit. Dan hoort ze een autodeur dichtslaan. Snel schrijft ze het adres bij de naam over. Het papiertje propt ze in haar broekzak. Net op tijd.
13
5 Elisa is blij dat het zaterdag is. Op zaterdag slaapt papa altijd uit. Vroeger moest ze dan stil zijn tot papa eindelijk op wilde staan. Wat was dat ontzettend saai! Maar nu mag ze elke zaterdag naar de bibliotheek! Die gaat al om acht uur open. ‘Het zit er vol met kinderen van mijn leeftijd,’ had ze papa verteld. ‘Er zijn dus nog ouders die veel te lang in bed blijven liggen.’ Papa had zijn schouders opgehaald en gezegd: ‘Je bent groot genoeg om er alleen heen te gaan. Zorg dat je om tien uur thuis bent. Dan zorg ik dat het ontbijt klaar staat.’ Elisa kijkt naar de klok boven de deur. Kloklezen vindt ze nogal lastig. Toch ziet ze dat het bijna acht uur is. Snel strikt ze haar veters. Een jas hoeft vandaag niet, beslist ze. Het papiertje met Daantjes adres zit in haar zak.
14
Nog net op tijd denkt ze aan haar tas met boeken. Ze zwaait de riem van de tas over haar schouder. Dan loopt ze het huis uit. De weg naar de bibliotheek is niet moeilijk. Ze moet naar de Boekensteeg. Altijd rechtdoor, tot bij de school. Dan naar rechts en weer naar links. Ze is er zo! Ook Daantje woont in de Boekensteeg. Elisa weet precies welk huis ze moet hebben. Naast de bibliotheek staat namelijk maar één huis. Het is een somber huis, vindt Elisa. De luiken zitten bijna altijd dicht.
15
Ze slaat de Boekensteeg in. Voor nummer 2 staat ze stil. Traag haalt ze het papiertje uit haar zak. Dan drukt ze op de bel. Ze kan het maar beter achter de rug hebben, denkt ze moedig. De deur zwaait open. ‘Dag Daantj...,’ begint ze beverig. Maar Daantje is nergens te bekennen. Voor haar staat een klein, oud vrouwtje. Ze heeft een grappige knot op haar hoofd. Er steken twee potloden uit.
16
‘En wie mag jij wel wezen?’ vraagt de dame streng. ‘Ik, ik, ik,’ stamelt Elisa. ‘Ik, ben ...,’ helpt de vrouw haar een handje. ‘Ik ben Elisa Rakels,’ gooit Elisa eruit. De vrouw krabt fronsend in haar knotje. ‘Rakels, zei je? Mijn dochter heeft een vriend gehad die zo heet. Familie van jou?’ Elisa slikt. Ze knikt: ‘Dat is mijn papa.’ De oude dame schuifelt opzij. ‘Kom maar binnen, kind. Dan kun je in de keuken op Daantje wachten. Die slaapt nog. In het weekend blijft ze tot tien uur in bed.’ Net als papa, denkt Elisa, maar ze zegt niets. Stil loopt ze achter de vrouw naar binnen.
17
6 ‘Ga maar zitten, Daantje komt er zo aan. Kopje koffie?’ vraagt de vrouw. Ze is blijkbaar aardiger dan ze eruitziet. Elisa schudt haar hoofd: ‘Ik drink geen koffie. Ik ben negen, mevrouw!’ De dame barst in lachen uit. ‘Ik weet niet wat koffie met je leeftijd te maken heeft, kind. En zeg maar Maartje, dat praat wat makkelijker.’ Elisa glimlacht voorzichtig. ‘Zo, Elisa van negen, ik hoorde dat jij het maar niks vond, jouw vader en mijn Daantje.’ Elisa bloost. Daantje heeft alles dus aan haar moeder verteld! ‘Je hebt gelijk, meisje,’ gaat Maartje verder. ‘Soms zijn de dingen prima zoals ze zijn. Dan is het beter dat alles bij het oude blijft.’ ‘Dat dacht ik ook,’ stamelt Elisa. Maartje loopt naar het aanrecht. Ze komt terug met een schaal koekjes.
18
19
‘Wil je er eentje? Daantje heeft ze vers gebakken. Met kaneel, heerlijk!’ Elisa neemt een koekje. Maartje vertelt gezellig verder: ‘Daantje en ik zijn al zo lang met zijn tweetjes. Het is goed zo. Elke ochtend maakt zij het ontbijt klaar. Ik weet precies welke boeken zij het liefst leest. Ik weet dat ze van spruitjes houdt. Zij weet dat ik bang ben voor spinnen. We horen bij elkaar. Daar hoeft geen man tussen te komen.’
20
Elisa wordt bij elke zin bleker. Ze begrijpt Maartje heel goed. Toch klopt er iets niet. ‘En wat als ze heel erg van elkaar houden?’ fluistert ze. ‘Wat zeg je, kind?’ kwekt Maartje lustig verder. Elisa zwijgt. Ze staat op en rent naar de voordeur. ‘Je wilde toch op Daantje wachten?’ vraagt de vrouw verbaasd. ‘Ik moet naar huis,’ antwoordt Elisa vastbesloten.
7 Elisa rent het hele stuk naar huis. Wat is ze bang om te laat te komen. Ze stopt de sleutel in het slot en duwt de deur open. Alles is stil in huis. Hijgend laat ze zich op een stoel vallen. Dan kijkt ze naar de klok. Het is pas halftien! Opgelucht gaat ze aan het werk. Eerst dekt ze de tafel met het mooie servies. Dan pakt ze pen en papier.
21
In sierlijke letters schrijft ze:
Bel haar nou maar Zij mist jou ook Ik vind het goed Ps: echt! Het papier vouwt ze dubbel. Ze legt het op papa’s bord. Er klinken voetstappen op de trap. Elisa zet een pan op het fornuis en smelt er een klontje boter in. Ze klutst een paar eitjes in een kop. Wat peper en zout. Ze gaat er bijna door zingen, zo blij is ze. Bang en blij, maar dat is niet erg. 22
23
Wat fijn dat jij voor het ontbijt zorgt, hoort ze papa zeggen. Dan hoort ze niets meer. Elisa weet dat hij nu naar de tafel kijkt. Ze weet dat hij haar briefje gevonden heeft. Als de bel vijf minuten later gaat, schrikken ze allebei. Even maar.
24
Ze zijn altijd samen geweest, Elisa en papa. Ze kennen elkaar door en door. Op een dag heeft papa een nieuwe vriendin. Elisa vindt papa zijn nieuwe vriendin maar niets. Tot ze haar beter leert kennen …
Dit boekje maakt deel uit van de Verrekijkerbieb 2. ISBN 978 90 486 2281 8 Bestelnummer 60 1021 197 KB D/2015/0147/337 NUR 191 Illustraties: Yoeri Slegers Verantwoordelijke uitgever die Keure Kleine Pathoekeweg 3, 8000 Brugge RPR 0405 108 325 © Copyright die Keure, Brugge
9 789048 622818
Niets uit deze uitgave mag verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke wijze ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. No part of this book may be reproduced in any form by print, microfilm or any other means without written permission from the publisher.