Nr. 1-2019 DE REGENBOOG GROEP
MEELEVEN MEELEVEN IS EEN MAGAZINE VAN DE REGENBOOG GROEP EN VERSCHIJNT VIER KEER PER JAAR
HELDEN
COVERSTORY VAN SYRIË NAAR AMSTERDAM-NOORD
DIEHARDS AAN TAFEL BIJ DE BUDDYGROUP
DEPRESSIE? “MAANDAG? HET WORDT VANZELF DINSDAG”
AKI 39 JAAR IN DIENST “MIJN COLLEGA’S ZIJN MIJN HELDEN” 1
HOOFDREDACTIONEEL COMMENTAAR
Wat maakt een held? Ik zocht de afgelopen weken naar van alles over heldendom. Van Stephen Fry’s Mythos (dank, lieve collega’s!), tot allerlei superheldenfilms en haalde mijn ferme stapel Suske en Wiske’s tevoorschijn. Niets van dat alles gaf een sluitende definitie of het gevoel van: ‘YES, IK HEB HET!’. Dus zoek ik het dichterbij: zijn mijn lieve vader en moeder helden? Hoe dankbaar ik ze ook ben voor mijn geweldige opvoeding, deze was logischerwijs zo vol van menselijkheid, dat de term heldendom niet opgaat. Al zijn we het er over eens dat hoe ze mij en mijn broer tot dusver hebben doorstaan, wel behoorlijk in de buurt komt. Terwijl ik, mijmerend over dit stukje, bij de kassa van de supermarkt sta, vraagt het kassameisje of ik heldenstickers wil. “Ja!”, roep ik uit, “Heel graag!”. Zo veel enthousiasme voor deze actie was ze blijkbaar niet gewend; ik krijg een enorme stapel. Ik kon niet nalaten nog even te zeggen: “Dank, je bent een held!” Eenmaal thuis rits ik alle stickers open om te zien wie dan die helden zijn. Verlossing! Maar helaas. Maar helaas. Het eerste wat ik tegenkom is een pratende broccoli die de vraag stelt: ‘Topchef!?’ Daarna zie ik een foto van andijviestamp met spekjes en rookworst en daarna een foto van Monica Geuze, Colofon Meeleven wordt vier keer per jaar uitgegeven door De Regenboog Groep ISBN 13840607 De Regenboog Groep Droogbak 1-d 1013 GE Amsterdam 020 531 76 00 www.deregenboog.org info@deregenboog.org Contactpersoon donateurs Fré Meijer 020 531 76 00 2
Fotografie cover Merlijn Michon
niet zeker wetende van welke heldendaden zij beticht wordt. Meer plaatjes gaan open. Een pratende avocado, de mannen van Stuk TV, een online kanaal wat mijn schoon-neefjes graag kijken, en nog meer pratende groenten en eieren. En vooral heel veel sporters. In dit verband blijkt ‘beroemd’ of ‘voorbeeld’ te staan voor heldendom. En dan dient de kern zich aan: de held bestaat in het oog van degene die hem of haar zo betitelt, of sponsort. Het enige bruggetje dat ik tot slot aan dit relaas kan knopen is dat van de stapel helden. Het stapeltje voor me zijn helden, volgens de supermarkt. Het stapeltje dat voor je ligt, bijeengehouden door twee nietjes, zijn helden volgens collega’s en redactieleden van Meeleven. Het moeilijkste hiervan is kiezen. Als je de één roemt, nomineer je daarmee automatisch de ander niet. Maar daar hebben we geluk. Want er is volgens mij maar een ding wat alle helden gemeen hebben: ze zien zichzelf niet zo. Die doen wat ze doen. En dat maakt ze natuurlijk nóg heroïscher. Veel leesplezier en tot de volgende Meeleven, die een heel bijzondere vorm zal hebben. Je vindt hem begin juni op je mat of favoriete leestafel in de stad. Sander Kersten Hoofdredactie Sander Kersten
Fotografie Druk Merlijn Michon Drukkerij Schuttersmagazijn Sander van Breemen (p.18-19) Nicolline van der Spek (p. 20) Disclaimer De in dit magazine gepresenteerde informatie is in samenTekst spraak met en met toestemNicolline van der Spek ming van de geraadpleegde Merlijn Michon Sander van Breemen (p.18-19) bron tot stand gekomen. Samensteller De Regenboog Groep accepteert dan ook geen Eindredactie en Correcties enkele aansprakelijkheid voor Veu Studio onjuistheden anders dan spellings- of interpunctiefouten. Design Bourne Design
Acceptgiro We sturen altijd een acceptgiro mee met Meeleven, zodat ook de lezers die geen donateur zijn aan onze projecten kunnen doneren. Direct doneren? Dat kan ook NL79 TRIO 0379 3155 64 De Regenboog Groep Amsterdam@Regenboog020 Nieuwsbrief ontvangen? www.deregenboog.org/nieuwsbrief Meeleven niet meer ontvangen? Stuur een mail naar Fré Meijer: fmeijer@deregenboog.org
HANS IN GESPREK MET…
AKI HERLYN Aki Herlyn is sinds 1980 werkzaam als maatschappelijk werker bij inloophuis AMOC. Hans Wijnands is directeur bij De Regenboog Groep. H: “Het thema van deze Meeleven is ‘helden’. Zelf geloof ik niet in helden, omdat niemand altijd alleen maar goede dingen doet. Wat ik wel heldhaftig vind, is als mensen doorzetten. Toen moest ik meteen aan jou denken. Je doet je werk al zo lang met dezelfde gedrevenheid en betrokkenheid, terwijl we niet met de makkelijkste doelgroep werken. Successen liggen niet voor het oprapen. De vraag is: hoe lukt het je om je werk al 39 jaar lang vol te houden?” A: “Het is gewoon ontzettend leuk werk. Soms heb je met iemand te maken waar niemand meer in gelooft. Ik bijt me dan juist vast in zo’n persoon en zet alles in het werk om alle partijen mee te krijgen: ggz, ziekenhuizen, ambassades. Als je voelt dat de puzzelstukjes in elkaar vallen en je kunt iemand op weg helpen, dan komt de gedrevenheid vanzelf. Je ziet als het ware iemand weer compleet worden, klaar om volgende stappen te zetten.” H: “Ben je dan nooit cynisch?” A: “Natuurlijk wel. Laatst nog sprak ik een jongen die al drie maanden in Amsterdam was en welgeteld drie maanden niets had gedaan. Hij had geen werk gezocht, niet met instanties gebeld. Hij had al die tijd op de bank gezeten. Dan zakt de moed je wel even in de schoenen. De jongen zei toen zelf: ‘ik heb een duw nodig’. ‘Nou’, zei ik, ‘die kun je van me krijgen’. Hij is nu aan het werk in de keuken voor een treinticket. Dat geeft hem zelfvertrouwen. En daar gaat het om.”
H: “Ik moet denken aan het gesprek dat we hadden met Femke (Halsema, red.). Ze legde zo liefdevol haar hand op je schouder toen je het even te kwaad had.” A: “Ja, ik was op een gegeven heel geëmotioneerd toen ik over mijn werk vertelde.” H: “Ze voelde je passie. Dat was mooi. Terwijl het gesprek bedoeld was om te praten over zaken als overlast en hoe ingewikkeld het kan zijn voor buurtbewoners en politie om met onze doelgroep om te gaan. Voordat je het weet ga je als organisatie in de verdediging. Jij bleef daar juist heel mooi uit door te zeggen dat je deze mensen de moeite waard vindt om in te investeren. ‘Het zijn gewoon mensen’, zei je, ‘geen groepen die je kunt wegzetten’. Het gaat om individuen. Dat raakte haar.” A: “Ik realiseer me gewoon altijd dat – anders dan veel mensen, die in een veilige omgeving zijn opgegroeid – onze bezoekers veel minder geluk hebben gehad in hun leven. Dan luister ik naar hun verhalen en denk ik: ach, jongen toch.” H: “En dat al sinds 1980. Ik zal je geen held noemen, maar moedig vind ik het wel.” A: “Ja maar zonder mijn collega’s zou ik het niet volhouden hoor. Dat zijn mijn helden.” AMOC Veel EU-inwoners zoeken werk in een ander deel van Europa dan hun thuisland. Een aantal van hen komt in Nederland terecht, vaak in Amsterdam. De kwetsbaarsten onder hen vinden hier een harde realiteit: geen werk, geen loon, geen onderdak. De overheid beschouwt ze als niet-rechthebbend: geen recht op uitkering, zorg en huisvesting. Extra moeilijk is dat velen alleen hun moedertaal spreken. Uit deze combinatie volgt niet zelden een neergaande spiraal, met psychische en andere problemen van dien. Voor deze kwetsbare groep buitenlanders heeft AMOC (1978) een specifiek aanbod: opvang overdag en een beperkte nachtopvang. Tegelijk helpt AMOC mensen bij hun terugkeer.
3
BUDDIES ONDER ELKAAR Eens in de zes weken gaan ze bij elkaar eten, de buddygroep. Er worden harde grappen gemaakt, maar ook mooie verhalen verteld. Drie gangen, vijf mannen, één vrouw en samen goed voor tientallen jaren vrijwilligerswerk. Aan tafel bij deze club diehards van De Regenboog Groep.
4
“D
us je hebt haar eindelijk naar het buurthuis weten te krijgen?” zegt Wouter. “Wát goed!” “Sterker nog”, zegt Iris, “ze is er niet meer weg te slaan. Eerst zat ze hele dagen thuis, The Bold & the Beautiful te kijken. Maar nu wil ze alleen nog maar naar het buurthuis. Ze heeft er een man ontmoet.” “Maar ze was toch lesbisch?”, informeert Wouter. “Is die man dan ook lesbisch?”, knipoogt Marco. Als iedereen is uitgelachen, wordt er geproost. Want op succesverhalen moet je proosten. Iris zit nu vijf jaar bij de buddygroep. Als een van de weinige vrouwen maakt ze deel uit van het clubje Hornbach-mannen met het hart op de goede plek en een zwak voor de pittige gevallen; de klassieke Zeedijkers en de allereenzaamsten. Marco zit het langst bij de buddygroep, dertien jaar om precies te zijn. Achternaam: De Maijer. Hij wordt wel eens gekscherend Dr. Death genoemd door de anderen. Hij vertelt: “Ik heb vaak afscheid moeten nemen van mijn maatjes. [Vervolgt lachend] Bij mij blijven ze niet zo lang leven… Nee, zet dat er maar niet in. Maar zo is het gewoon, soms zit het werk ook in de harde kant en maak je rauwe dingen mee. Zo had ik ooit een maatje dat ik maar niet te pakken kreeg. Een paar dagen later werd ze dood gevonden. Dan sta je slechts met zijn tweeën op de begrafenis... Daar heb ik er wel meerdere van meegemaakt.” Dit is wat het is: sommige deelnemers treffen een tragisch lot. Ze zijn onder een brug door de kou bevangen of in de armen van hun buddy overleden aan aids.
Jeu-de-boulen op Ruigoord “Kennen jullie Kees nog?” vraagt Jeannot tijdens het voorgerecht. De groep knikt. “Kees zit niet lekker in zijn vel”, vervolgt hij. “Ik ging dit weekend met hem jeu-de-boulen op Ruigoord en ik moest alle ballen oprapen. Daarna zijn we nog een visje gaan eten in IJmuiden, maar Kees was hondsberoerd.” Ook Marco kampt met zorgen. Hij haalt zijn maatje altijd thuis op, maar deze keer vond hij dat hij te veel stonk. “Zo kan ik je echt niet meenemen, Rob” had hij gezegd. “Kun je niks schoons aantrekken?” “Hoezo?” lacht Michiel “wou je bij De Librije gaan eten of zo?” Het is erger dan de groep denkt. Binnen trof Marco een enorme zwijnenstal aan. Zijn deelnemer woont begeleid, maar niemand lijkt zich om de mensen te bekommeren. “De deur van de badkamer stond op een kier. Daar kwam een verschrikkelijke ammoniakgeur achter vandaan. De kamer van Kees was helemaal een bende. Er lagen iets van 200 dvd’s verspreid door de kamer, terwijl zijn lakens de kleur van zijn kleding hadden aangenomen. Ik wil hem er het liefste vandaan trekken, maar ja – dat is mijn taak niet als vrijwilliger. Ik zit bovendien niet om werk verlegen.”
De verhalen zijn bekend, aldus de groep. Begeleid wonen is aan inflatie onderhevig. “Ik ben er niet om mensen helemaal uit hun schrijnende situatie te helpen”, lacht Marco zijn zorgen weg, “maar zeker niet om mensen achteruit te helpen. Hier vervuilen mensen gewoon met toestemming.” Het doet hem zichtbaar pijn. Dan komt het hoofdgerecht op tafel en vertelt de kok van vanavond dat hij vorige week heel mooi afscheid heeft genomen van zijn deelneemster, met wie hij twee jaar lief en leed heeft gedeeld. “Het was voor Liesbeth tijd voor een andere buddy”, zegt Mario. “Ze dacht zelf aan een kickbokser.” “Volgens mij heeft Badr Hari nog wel tijd”, lacht Michiel. Ook een zware jongen, zou je denken, maar in alles de tegenpool van deze ruwe bolsters. Kom, tijd om te roken. Omwille van de privacy zijn de namen van de deelnemers gefingeerd. Tekst: Nicolline van der Spek | Fotografie: Merlijn Michon
5
DEPRESSIE
MAANDAG? HET WORDT VANZELF DINSDAG Een jaar geleden meldde het CBS dat bijna 20 procent van de Nederlandse volwassenen ooit in hun leven te maken krijgt met een depressie. Jaarlijks is dit ongeveer 5 procent van de volwassenen. Maar hoe voelt een depressie dan? En wat kan je doen als een bekende er mee kampt? Adrienne Garber (66) maakte het mee. Haar antwoord is: “Ja, het gaat over, wanhoop niet.” 6
Lees verder
Ć’ 7
DEPRESSIE
“W
at reageer je raar’, zei mijn zoon op een dag tegen me. Hij merkte dat ik helemaal niet luisterde toen hij een verhaal zat te vertellen. Ik was in die tijd heel erg passief. Noem het depressief. Bij alles dacht ik: het zal wel. Ik vind het nu onvoorstelbaar, maar zelfs voor de verhalen van mijn zoon kon ik geen belangstelling opbrengen. Ik zat in mijn eigen wereld. Ik deed niets en wilde niets. Het enige wat ik deed, was een beetje suf op de bank voor me uit staren. Ik ben zelfs een poos opgenomen geweest. Toen ik uit de instelling kwam, kreeg ik een vrijwilliger van De Regenboog Groep. Saskia heette ze, een schat van een meid. Ze deed haar werk zo goed. Ze ging geen ellenlange verhalen vertellen, maar gewoon een kopje thee zetten. Zo lekker als iemand dat voor je doet: een kopje thee zetten. Ze ging heel subtiel te werk. Dat was haar kracht. Dan zei ze: ‘Misschien is het een idee om deze week je kamer op te ruimen.’ Zonder enige druk, zette ze me aan het werk. Heel effectief, want het opruimen gaf afleiding – én rust.”
8
Onrust “Voorheen was ik juist altijd heel onrustig. Waarschijnlijk kwam dat ook door alle rotzooi die ik in mijn mond stopte: kaas, vlees, snoep. Ik woog iets van honderd kilo. Inmiddels ben ik dertig kilo afgevallen. Ik doe sinds twee jaar aan dry fasting en eet en drink na zes uur ‘s avonds niets meer tot de volgende dag twee uur. Ook eet ik al vier jaar geen dierlijke producten meer: geen vlees, geen vis, geen vet, geen kaas. Als ik wil snoepen, eet ik dadels of zo nu en dan een klein stukje pure chocola van 80%. Ik heb het allemaal zelf uitgedokterd op internet. Ik zocht in eerste instantie een oplossing voor mijn diabetes. Maar door veganistisch te eten ben ik niet alleen van mijn suiker af, ik heb ook geen astma meer en ben nooit meer depressief. Zelfs een beetje neerslachtig, wat iedereen bij tijd en wijle is, ben ik nooit meer. Als mijn zoon nu met een verhaal thuiskomt, zit ik op het puntje van de bank. ‘Goh ja’, zeg ik dan, ‘vertel eens.’ Ik sta weer midden in het leven. De kranten lik ik af. Ik heb echt goede zin en ga overal op af.
“
IK ZEG ALTIJD TEGEN MENSEN DIE DEPRESSIEF ZIJN: VERG NIET ZOVEEL VAN JEZELF. LAAT HET GEWOON GEBEUREN.
Aantrekkingskracht “Door de levensenergie die ik uitstraal, trek ik nu allerlei mensen aan, mannen én vrouwen. Ze komen bij me staan en willen weten hoe ik leef en wat ik doe. Als je dik bent, denken mensen dat je niet veel te vertellen hebt. Ben je daarbij ook nog eens depressief, wat ik lange tijd was, dan gaan mensen helemaal met een grote boog om je heen. Met depressiviteit kunnen mensen niets. De grap is: je hoeft er ook niets mee. Er gewoon zijn is al genoeg. De grootste fout die je kan maken, is te veel eisen van iemand die depressief is of je eigen patroon opleggen. Je hoeft ook niet meteen met allerlei oplossingen te komen. Liever niet zelfs. Beter is om over dagelijkse dingen te praten, ditjes en datjes. Een muziekje aanzetten, koffie maken. Hoe meer je vergt van depressieve mensen, hoe meer je de grip verliest. Dooddoeners Niemand zit te wachten op dooddoeners als ‘niet aan toegeven hoor!’ Ik zeg altijd tegen mensen die
”
depressief zijn: verg niet zoveel van jezelf. Laat het gewoon gebeuren. Mensen met een depressie leggen de lat extreem hoog voor zichzelf. Ze zien om zich heen dat iedereen gelukkig en succesvol is. Dat eisen ze ook voor zichzelf. Ze zijn bijna nog strenger voor zichzelf dan de strengst denkbare baas. Maar je bent ziek. Dus vraag niet zoveel van jezelf. Wanhoop niet, het gaat over, maar gun het tijd. Dus ook wat Blue Monday betreft, zou ik willen zeggen: lekker laten gaan. Het wordt vanzelf dinsdag.”
De Regenboog Groep zet zich al meer dan 20 jaar in voor mensen met psychiatrische problemen. Dat doen we door het tot stand brengen van contact tussen een vrijwilliger en een deelnemer. Adrienne Garber is een tijdje ambassadrice geweest van De Regenboog Groep. Ze overweegt nu om vrijwilliger te worden. “Door mijn eigen ervaring kan ik mensen met een depressie goed helpen.”
Tekst: Nicolline van der Spek | Fotografie: Merlijn Michon 9
HELDENVERHAAL Voor deze editie is Meeleven’s huisfotograaf Merlijn op zijn eigen heldenepos gestuurd: Uit zijn telefoon hoorde hij het vanaf de redactionele burelen donderen: “Gij zult den cover fotograferen (want gij zijt nog niet aan den beurt geweest en veelen fotografen al wel), en teevensch zult gij op onderzoek gaan in het koude Amsterdam-Noord en uwen bevindingen over den lokale helden te noteren teneinde eenen mooie reportage te schrijven!”
10
Bio Merlijn Michon Merlijn Michon studeerde fotografie aan de Rietveld Academie en Culturele Antropologie aan de Universiteit van Amsterdam. Hij werkt als zelfstandig fotograaf o.a. voor De Regenboog Groep, educatieve uitgeverijen en bedrijven. Als stadsantropoloog werkt hij vaak samen met sociaal onderzoekers, architecten, sociologen en stedenbouwkundigen voor gemeente en overheid. Websites: www.merlijnmichon.nl en www.wijkwiskunde.nl
Merlijn over zijn coverfoto “Op de coverfoto staat Abdulhamid alleen op het veld, bal aan de voet, onder een spotlight. Donkere, grillige takken boven zijn hoofd, maar ook een helder licht. Verleden, heden en toekomst komen samen in dit beeld. Een Syrische jongen, veilig in zijn eigen voetbalwereld op een Nederlands veld. Ontroerend om te zien.”
HELDENVERHAAL Lees verder
ƒ 11
12
HELDENVERHAAL
“D
it is echt een heldenverhaal” vertelt Mike, ambulant dagcoördinator en sportcoördinator bij De Regenboog Groep. “Wat deze jongen heeft bereikt in twee jaar tijd is ongekend, daar word ik gewoon emo van.” We staan op een donker en koud voetbalveld in Amsterdam-Noord. Het regent een beetje. Op het veld staat Abdulhamid, 22 jaar oud, een bal hoog te houden. Hij laat de bal dansen. Heen en weer, omhoog, omlaag, knietje, kopbal, schijnbaar zonder moeite. Als een jonge Diego Maradona met een kop vol krullen, gedrongen postuur en sterke uitstraling. Helemaal in z’n element en met alleen oog voor de bal. Twee jaar terug stond hij ook te voetballen, maar toen op een stoffig veldje in Aleppo, Syrië. Totdat daar de bommen vielen en hij in z’n eentje naar Nederland vluchtte. Zonder familie en vrienden, alleen in de asielopvang en later, als statushouder, geplaatst bij een gastgezin in Amsterdam. “Ik wil voetbal” Mike weet nog goed hoe hij Abdulhamid voor het eerst tegenkwam bij Huis van de Wijk de Meeuw. Een schuchter ventje, dat nog maar een paar woorden Nederlands sprak. Op Mike’s vraag “Wat zou je hier graag willen doen?” antwoordde hij alleen maar: “Ik wil voetbal”. Hier begint het heldenverhaal: in de sporthal van de Meeuw. Balletje overtikken om elkaar te leren kennen, daarna door naar de Cruyff Courts, elke week trainen, om vervolgens met overmacht streetcup toernooien te winnen. Elk team waar hij in zat, won en hij stond al snel in de kijker bij verschillende clubs. Nu, na de winterstop is het zover en gaat Abdulhamid betaald voetbal spelen in het eerste elftal van de landelijk bekende club ASV de Dijk. Ook begint hij
aan de KNVB trainerscursus. Want dat is nog iets wat hij goed kan: anderen trainen en beter maken. Mike heeft veel bewondering voor de Abdulhamid en de jongens uit zijn team. “Als je door de misère en de druk om je heen -van een nieuwe taal leren, een nieuwe omgeving, alleen moeten knokken- toch de motivatie en inspiratie vindt om vol te houden en vol voor je sport te gaan… Dat vind ik zo onnoemlijk knap! Die jongens moet je laten doen wat ze goed kunnen. Geef ze de tijd om zich te ontwikkelen”. Die tijd bleek ook nodig om Abdulhamid’s hoge verwachtingen bij te stellen. Niet naar Ajax Hij wilde namelijk op hoog niveau professioneel voetbal spelen, het liefst bij Ajax. Mike moest hem duidelijk maken dat dat niet meer gaat lukken. Met zijn 22 jaar is hij al te oud. Bij Ajax begin je al op je zevende. Dat gaf strijd en boosheid bij hem. “Waarom kan ik niet bij Ajax voetballen, Mike?” De afgelopen maanden was hij daarover heel treurig. “Mijn toekomst als professioneel voetballer is vergooid, kapotgemaakt, kapotgeschoten, platgebombardeerd”. Dat zal nog een tijd duren om te verwerken en blijft moeilijk. “Toch heeft hij nu in Nederland een goede toekomst. Als je hier trainer wordt, verdien je een goede boterham. En als je vanuit het eerste elftal naar divisie 2 gaat, heb je gewoon een jaarsalaris op die leeftijd”, aldus Mike. Na de winterstop verlaat Abdulhamid de groep, hoe jammer ook voor het team. Voor Abdulhamid, Mike en De Regenboog is het een succesverhaal. Uitstromen uit het dagbestedingsprogramma* is immers het doel. Hoe meer uitstromers, hoe beter. Lees verder
ƒ 13
HELDENVERHAAL Held op sokken Niet alleen Abdulhamid verlaat de groep. Vanuit het dagbestedingsprogramma stromen er meer deelnemers door naar een nieuwe toekomst met nieuwe kansen. Kickbokstrainer Bas is ook zo’n mooi voorbeeld. Nog niet zo lang geleden was hij een beul van een kerel, die professioneel kickbokser en kooivechter was. Elke dinsdag en donderdag geeft hij nu als vrijwilliger kickbokslessen aan mannen en vrouwen. Ik ga kijken bij zijn les op dinsdag. We staan samen in de sportzaal waar een groep vrouwen binnenkomt voor de les. Hij moet lachen om zijn rol in het heldenverhaal. “Een held op sokken zeker!” Wanneer de les even later begint, is hij dat letterlijk. Hij is zijn sportschoenen vergeten. Geeft niks. Zelfs op kousenvoeten rost hij dikke stootkussens af, alsof het yogamatjes zijn. “Niet vergeten er geluid bij te maken, ik wil jullie horen!” klinkt zijn aanwijzing. Oerkreten en harde klappen op de stootkussen vullen de ruimte. USB kabel Bas zijn geschiedenis is een rollercoaster van narigheid. Zijn vader was drugsverslaafd, zijn moeder vertrokken. Jarenlang heeft hij in een drugspand gewoond, werd meerdere malen uit huis geplaatst, en verloor vrienden en zijn vriendin door geweld. Dat hij het überhaupt nog kan navertellen, is te danken aan een te dunne usb-kabel, die afbrak toen hij er met z’n nek en volle gewicht aan ging hangen in een suïcidaal moment. Het laatste wat hij zag, waren de punten van zijn witte gymschoenen. Lang geleden alweer. Bas: “Ik moest altijd sterk zijn; voor mijn vader zorgen, keihard knokken. Ik heb emoties nooit toegelaten, om dat leven aan te kunnen”. Dat kwam hem
14
goed van pas in zijn vechtsportcarrière: gevoelens uit en keihard knokken. Hij werd op zijn sloffen twee keer kampioen kickboksen van de Benelux en drie keer Europees kampioen. Hij verhuisde naar de Verenigde Staten en vocht in Los Angeles voor veel geld in kooigevechten. “Het was in die tijd trainen of drugs gebruiken. Allebei een vlucht om maar niks te hoeven voelen.” Toen zijn vader overleed, ging het helemaal mis. Een twee jaar durende neerwaartse spiraal vol drugs en gokken, die eindigde in de mislukte zelfmoordpoging. Toen kwam ook de ommekeer. Bas kickte af in een kliniek in Zuid-Afrika, kwam terug naar Nederland, volgde de 12-stappen naar herstel en werd vanuit een safehouse in Amsterdam opgenomen in het dagbestedingstraject van De Regenboog Groep. Delen is helen Bas vertelt: “Ik wil me verder ontwikkelen in een maatschappelijke richting, mensen helpen als ervaringsdeskundige. Ík weet wat het is om in een junkenhol te leven en speed te moeten nemen, omdat er niks te vreten is. Ik weet ook wat het is om veel geld te hebben. In Amerika stond ik in de kooi, had ik twee dikke auto’s en een mooi appartement, maar ik was er doodeenzaam. Als ik me nu verdrietig voel, dan praat ik daar over. Ik hoef dan niet meer de lachende Chinees uit te hangen.
Dagbesteding bij De Regenboog Groep Bas kwam voor dagbesteding bij De Regenboog Groep. Al snel bleek het een goed idee om de afstand naar betaald werk via sport te overbruggen. Abdelhamid kwam als nieuwe Nederlander via Amsterdam Hometown, een ander project van De Regenboog Groep. Sport helpt hem in een vreemd land met vreemd weer (regen in plaats van bommen) en een vreemde taal zijn draai te vinden. Meer informatie over dagbesteding en activeringstrajecten bij De Regenboog Groep vind je op www.deregenboog.org/werkt
Tekst en fotografie: Merlijn Michon 15
DE KRACHT VAN ERVARINGSDESKUNDIGHEID In Nederland drinken 11,6 miljoen mensen. Er zijn 1,29 miljoen zware drinkers, waarvan ruim 78.400 mensen afhankelijk zijn van alcohol. Het aantal mensen in behandeling was 29.374*. Sanne (46) was een van hen, maar hij ging nog een stapje verder: ook coke en wiet behoorden tot zijn cocktail van verslavingen. Hij gooide het roer helemaal om en is psycholoog, verantwoordelijk vader ĂŠn ervaringsdeskundige coach bij De Regenboog Groep. 16
“I
k werkte jarenlang in de horeca van Amsterdam en zat er met mijn neus bovenop. Overal was wiet, coke en gratis drank. Wiet gebruikte ik dagelijks en ik nam me elke dag voor er mee te stoppen. Eigenlijk altijd zodra het zakje leeg was. Maar dat zakje was natuurlijk nooit op het juiste moment leeg. Het zakje was bijvoorbeeld midden op de dag leeg. Lekker dan, want ik wilde nog wel even de dag een beetje fijn eindigen. Ging ik toch weer een nieuw zakje kopen. Coke gebruikte ik maar eens in de maand. Maar in die maand moest er wél gesnoven worden. Ging er een maand voorbij zonder cocaïnegebruik, dan werd ik onrustig. Dat tijdsverloop zat gewoon in mijn hoofd. Dat is het gevaarlijke van coke, als er eenmaal een ritme in zit, krijg je dat er maar moeilijk uit.” ‘Trek’, het touwtje dat aan je trekt “Er is altijd dat touwtje dat aan je trekt, ook als je wil stoppen. Het begint met de gedachte. In je hoofd ben je daarna al snel bezig om je te verkneukelen over hoe lekker het straks zal zijn. Je hersenen bereiden zich daarop voor door allerlei stofjes aan te maken. Dan ineens moet je tegen jezelf zeggen: ‘Jammer jongen, gaat niet gebeuren’. Dat is moeilijk natuurlijk. Het duurt ook even voordat die stofjes in je hoofd weer zijn afgebroken en je terug op de 0-lijn zit. Het beste is: weggaan. Krijg je trek, ga weg uit huis, ga sporten. Vlucht. Anders blijft de verslaving aan je trekken.” 113 Zelfmoordpreventie In 2007 besloot hij definitief een streep onder zijn verslaving te zetten. Hij realiseerde zich dat hij niet meer goed voor zijn kinderen kon zorgen. Dat was voor hem de grens. Hij meldde zich bij de Jellinek, zocht afleiding in de sportschool, had twee banen tegelijk en ging uiteindelijk psychologie studeren. Twee jaar geleden studeerde hij af. Nu werkt hij als psycholoog bij 113 Zelfmoordpreventie en is hij aan zijn leven 2.0 begonnen, zoals hij dat zelf noemt. Ervaringsdeskundige coach In zijn vrije tijd is Sanne coach bij De Regenboog Groep. Vanuit zijn eigen ervaring helpt hij mensen, die net uit behandeling komen. “De eerste tijd vraag
ik hen de lastige situaties in kaart te brengen tussen nu en onze volgende afspraak. ‘Denk aan verjaar-dagen waar alcohol geschonken wordt en feesten in de stad, zoals Koningsdag. Hoe ga je dat opvangen?’ vraag ik dan. Op een gegeven moment gaan mensen dit voor zichzelf doen en dat is precies waar ik ze hebben wil. Je moet er heel bewust mee omgaan. Zeker als je net uit een dagbehandling komt, moet je weten welke situaties voor jou gevaarlijk zijn. Daar moet je alert op zijn en het liefst op anticiperen. Je moet altijd een vluchtplan hebben en weten wie je kunt bellen als je in de verleiding komt.” Even geen feestje “Je weet dat je straks geheid die ene persoon weer tegenkomt op een feestje. Dilemma, want jullie gingen vroeger altijd samen zuipen. De kans op terugval is groot. Stel jezelf dan de vraag: hoe belangrijk is dat feestje? Je kunt ook afbellen namelijk. Na een jaar kun je weer naar alle feestjes. De trek is tegen die tijd veel minder geworden. Bovendien heb je voor jezelf bewezen dat je het onder controle hebt. De schaamte is vaak ook weg. Je durft aan mensen te vertellen over je problemen met drank, waardoor je bondgenoten krijgt op feestjes: Hé, voor hem een Spa Rood, hè.” “Onder een verslaving zit soms een heel ander persoon.” “Voor alle verslavingen, groot en klein geldt dat je voor jezelf het wiel opnieuw moeten uitvinden. Onder een verslaving zit soms een heel ander persoon. Die komt dan ineens tevoorschijn. Mijn ervaring is dat mensen die gebruiken doorgaans wat toeschietelijker zijn. In werkelijkheid onderdrukken ze alles wat ze niet prettig vinden. Daar leggen ze een heel dikke deken van de roes overheen. Als die deken weggetrokken wordt, kom je mijns inziens bij de kern van elke verslaving: verdrongen emoties. Daar moet je mee aan de slag. Dat heb ik ook gedaan. Vandaar dat ik het ook al meer dan tien jaar volhoud.” *Jellinek.nl Tekst: Nicolline van der Spek | Foto: Merlijn Michon 17
EEN SCHONE TUIN VOOR ELZA Onze Homeservice heeft, samen met tien vrijwillige medewerkers van Amerikaans schoenenmerk TOMS, in drie uur tijd de zwaar verwaarloosde achtertuin van Elza in stadsdeel West onder handen genomen. Tijdens de werkzaamheden vertelde ze over haar zware mantelzorgsituatie, waardoor ze al haar energie heeft gestoken in het verzorgen van haar zieke vader. Aan haar tuin kwam ze daardoor niet meer toe. Met het extra budget dat TOMS heeft toegezegd, kochten we materialen voor de schutting en wat planten. Zo kan het onkruid het komende jaar de tuin niet weer volledig overnemen. Het was een superdag met team TOMS! Samen hebben we in korte tijd zoveel werk verzet, dat de bewoonster weer met frisse moed haar tuin op orde kan houden. Reactie van Elza: “Dank jullie wel jongens, meiden en vrijwilligers die mij hebben geholpen de puinhoop die ik mijn tuin noemde weer werkelijk een tuin te maken, opgeruimd en wel. Duizendmaal mijn dank!� 18
19
OP DE ZEEPKIST
HOE IS HET MET DE CULTHELD UIT NOORD? Dennis, uit de bekroonde tv-serie Schuldig, vocht jarenlang tegen een eindeloze stoet schuldeisers en deurwaarders. ‘De schuldenindustrie’, noemt hij dat zelf. “Mensen die verdienen aan de schulden van anderen”. Ontruiming van zijn dierenwinkel dreigde, maar Dennis zette door.
V
olle schappen in zijn winkel. Dat was in de tv-serie uit 2017 wel anders. Met ruim 40.000 euro schuld kon Dennis zijn voorraad niet meer op peil houden. Klanten kwamen vaak voor niets. Nu loopt het storm en hoeft hij nooit meer ‘nee’ te verkopen. “Ik ben inmiddels zo goed als schuldenvrij”, lacht Dennis. “Ook alle leveranciers hebben hun geld. Dat vind ik belangrijk. De gemeente wou me failliet verklaren en saneren op de leveranciers. Ik zei: ‘Saneer nou op de mensen die ertussen zitten, op de deurwaarders.’ Deden ze niet.” Er wacht een klant. “Heb je nog kattengras, Dennis? Mijn kat is er dol op.” De zaken gaan goed. Misschien wel iets te goed. Brede lach: “Vorig jaar heb ik net iets te veel verdiend. Dus wat moet ik terugbetalen? Mijn huursubsidie en mijn zorgtoeslag. Dat is 300 euro per maand, dus in totaal 3600 euro. Daar reken je dan weer niet op.” Dennis geeft het eerlijk toe: hij is digitaal niet de handigste. Maar zoals hij is, zijn er velen, benadrukt hij. “Het is allemaal onnodig ingewikkeld gemaakt. Het menselijke contact is verdwenen. Als je de gemeente belt voor een probleem, krijg je niemand aan de telefoon, want alles gaat tegenwoordig via internet. Mijn fax is me ontnomen. Vroeger liep ik door mijn winkeltje en schreef ik op een blaadje wat ik moest bestellen. Faxen, klaar. Nu moet ik achter een laptop gaan zitten en in een bestand van de groothandel al die artikelen gaan zoeken. Allemaal
verloren tijd. Ik wil bezig zijn, niet achter een computer zitten. Er komen hier mensen voor hun duivenvoer. Oude mensen. Die moeten dan met een app betalen om te kunnen parkeren. Die snappen dat niet en komen niet meer. De belastingen. Nog zoiets. Iedereen zou in staat moeten zijn om zelf zijn belasting in te vullen, denkt de overheid. Tachtig procent lukt dat. Bij tien procent lukt het pas als je het zes keer hebt uitgelegd, en die andere tien procent snapt het nooit. Dat soort mensen komen in de problemen.”
“
HET IS ALLEMAAL ONNODIG INGEWIKKELD GEMAAKT
”
In de serie zagen we Dennis stoom afblazen tussen zijn postduiven. ‘s Ochtends had hij een brief gekregen namens de koning: zijn zaak zou maandag ontruimd worden. Dennis stelde alles in het werk om dat te voorkomen en verkocht uiteindelijk zijn lievelingsduif. De tranen stonden in Dennis’ ogen - en in die van duizenden televisiekijkers. Presentatrice Hanneke Groenteman bewierookte zijn zachte persoonlijkheid bij DWDD, terwijl wijlen burgemeester Van der Laan Dennis ‘zijn held’ noemde. Zelf haalt de man met de Jezus-lokken zijn schouders op over zijn toegedichte heldenstatus. “Tja, wat moet ik daar op zeggen? Ik ben wie ik ben, gewoon een buurtjongen. Wel ben ik blij dat sinds de serie wat meer aandacht is gekomen voor wat ik de ‘schuldenindustrie’ noem. Al die mensen die verdienen aan de schulden van anderen. Dat moet echt veranderen.” Weer een klant. “Muizenvallen?” stoot de klant uit. “Hoeveel wil je er hebben?” lacht Dennis en legt er een stuk of vijf op de toonbank. “Doe ze allemaal maar”, mompelt de klant en stopt ondertussen een eurootje in de fooienpot. Duidelijk, iedereen is dol op Dennis. Tekst en fotografie: Nicolline van der Spek
20