Nr. 2-2020
PARAAT
MEELEVEN IS EEN MAGAZINE VAN DE REGENBOOG GROEP EN VERSCHIJNT VIER KEER PER JAAR
VRIJWILLIGER MICHAEL: ‘IN ÉÉN KLAP AL M’N VOOROORDELEN WEG’
PAUL BLOKHUIS: ‘ALLE POLITICI MOETEN DE Z!-KRANT VERKOPEN’
DE STRUCTUUR IS WEG ‘DAARDOOR GA IK MALEN’
CRISISOPVANG ‘NORMAAL SLAAP IK ONDER EEN BRUG’
HOOFDREDACTIONEEL COMMENTAAR
Paraat Als deze hele coronacrisis, voor mij iets heeft aangetoond, is het dat we met zijn allen behoorlijk goed blijken in aanpassen. Hoe mooi is het om te zien dat er zoveel direct anders kan, als het niet anders kan (en dan beperk ik me even tot het ecosysteem dat De Regenboog Groep heet). Medewerkers bedachten andere functies, panden kregen nieuwe bestemmingen en de vrijwilligers en helpende handen stroomden toe; cabaretiers, reisleiders, stewards en fotografen werden vrijwilliger en zowat half Amsterdam naaide mondkapjes voor de mensen in de frontlinies. Ook deze Meeleven krijgt een nieuwe bestemming. Normaal zou dit, net als de juni-editie van vorig jaar, de fijne, mooie en lekker leesbare versie van ons Jaarverslag 2019 worden. Maar ook dat moest anders, want om deze crisis kun je niet heen. Die Meeleven houd je dus nog even tegoed en zal in de eerste week van september verschijnen. Het echte jaarverslag staat al wel online, dat hebben we natuurlijk ook gewoon gemaakt. Je vindt het op deregenboog.org/jaarverslagen. Ik sluit nu af om in deze overvolle Meeleven plaats te maken voor het verhaal van een van de vele aardige Amsterdammers die deze crisis zijn opgestaan. Heel veel leesplezier en alle gezondheid en goeds voor jou en de jouwen. Sander Kersten
Colofon Meeleven wordt vier keer per jaar uitgegeven door De Regenboog Groep ISBN 13840607 De Regenboog Groep Droogbak 1-d 1013 GE Amsterdam 020 531 76 00 www.deregenboog.org info@deregenboog.org Contactpersoon donateurs Fré Meijer 020 531 76 00 Fotografie cover Desiré van den Berg bergdotjpeg.com 2
Fotografie Merlijn Michon, Desiré van den Berg Kopij Nicolline van der Spek, Desiré van den Berg Eindredactie en correcties Vanessa Smit/ Veu Studio Hoofdredactie Sander Kersten
Op de cover: Michael van Os de Man (42) “Door de crisis is de luchtvaart tot stilstand gekomen, waardoor ik mijn baan als purser bij KLM niet meer kon uitvoeren. Ik had helemaal geen zin om me thuis dood te vervelen. Dus ik besloot uit m’n comfortzone te stappen en me hier op te geven. Er is een wereld voor me open gegaan. Het werk dat ik hier doe lijkt eigenlijk heel veel op mijn werk bij KLM: ik loop met een karretje met koffie en thee langs mensen om ze wakker te maken en we maken een praatje. Net als in het vliegtuig, vindt men het hier ook fijn als je aandacht aan ze besteedt. Veel mannen hier hebben zoveel pech gehad, dat kan iedereen overkomen. Deze plek heeft in één klap al mijn vooroordelen weggehaald. Over daklozen, maar ook over vrijwilligers. We hebben allemaal onze eigen redenen om hier te zijn en dat maakt dit werk heel interessant.” Bekijk de rest van de serie portretten met interviews ‘Paraat’ door Zilveren Camera winnares én vrijwilliger in de nachtopvang Desiré van den Berg op deregenboog.org/nieuws. Haar ervaring als vrijwilliger in de opvang lees je op pagina 7.
Disclaimer De in dit magazine gepresenteerde informatie is in samenspraak met en met toestemming van de geraadpleegde bron tot stand gekomen. Samensteller De Regenboog Groep accepteert dan ook geen enkele aansprakelijkheid voor onjuistheden anders dan spel- of interpunctiefouten.
Design Left Graphic Design
Acceptgiro We sturen altijd een acceptgiro mee met Meeleven, zodat ook de lezers die geen donateur zijn aan onze projecten kunnen doneren.
Druk Drukkerij Schuttersmagazijn
Direct doneren? Dat kan ook NL79 TRIO 0379 3155 64
Volg ons op Facebook en Twitter en blijf op de hoogte van het laatste nieuws over De Regenboog Groep. De Regenboog Groep Amsterdam @Regenboog020 @regenboog020 Nieuwsbrief ontvangen? Meld je aan via www.deregenboog.org/nieuwsbrief Meeleven niet meer ontvangen? Stuur een mail naar Fré Meijer: fmeijer@deregenboog.org of bel 020 531 76 00
HONDERD VELDBEDDEN IN TWEE DAGEN “Distance please!”, klinkt het door de Hogendorp Sporthal in Amsterdam-West, die vol staat met veldbedden. Twee mannen staan in de rij voor de koffie, maar houden zich niet aan de anderhalve meter. Ze doen onmiddellijk een paar passen naar achteren. Els steekt haar duim op.
I
n snelle passen loopt Els van Koeverden door de sporthal. De wangen rood, de haren opgestoken. Ze ziet alles en corrigeert waar nodig. Altijd met een lach trouwens, want zelf vindt ze het ook lastig om 24/7 afstand te houden. Buiten wacht Rachid, hoofd opvang van de gemeente. Hij is het aanspreekpunt voor De Regenboog Groep. Draait alles nog lekker, wil hij weten. Zijn er knelpunten waar de gemeente iets mee moet? Is de entree bijvoorbeeld niet wat aan de smalle kant? Daar heeft hij zelf zo zijn twijfels over namelijk.
“Valt mee”, zegt Els, ondertussen ruimte makend voor twee jongens die net komen aanlopen. “Amigo’s”, zegt ze met een grote glimlach, “keep the corona distance, hè!” De jongens desinfecteren hun handen en lopen naar binnen, waar ze hun bagage afgeven. Het verdwijnt in een grote stellingkast tussen de rugzakken, plastic tassen, een gitaar en zelfs een joekel van watermeloen. Alles is keurig genummerd met stickertjes. Het systeem loopt op rolletjes, wat ook de gemeente is opgevallen. “Het gaat hier eigenlijk vanaf dag één hartstikke lekker”, zegt Rachid.
3
To-do lijstjes Terug naar Els. Op vrijdag 27 maart kreeg ze vanuit het management van De Regenboog Groep een telefoontje. Of ze locatiehoofd wilde worden van het Hogendorp Sportcentrum, een van de de sporthallen in Amsterdam die de gemeente heeft aangewezen als nachtopvang voor de daklozen van de stad. Nederland moest binnen blijven. Die boodschap was van meet af aan duidelijk. Maar hoe blijf je binnen als je geen thuis hebt? En hoe houd je afstand in een te krappe opvang? Eind maart luidde de gemeente Amsterdam de noodklok. De Regenboog Groep sprong bij. Els stelde onmiddellijk een team samen, schakelde eindeloos met alle mogelijke instanties en maakte non-stop to-do lijstjes in haar hoofd. Met recht slaakte ze een diepe zucht van verlichting toen twee dagen later, met hulp van een leger aan vrijwilligers en aardige buurtbewoners, de honderd veldbedden van het Rode Kruis waren opgezet.
Wekdienst Op een van die bedden zit Ivan. Pen in de mond. In zijn handen houdt hij een dagboek. Elke dag schrijft hij op waar hij dankbaar voor is: de douche, het eten, de mensen die hij hier ontmoet. Ook maakt hij een planning voor de volgende dag. Dit alles houdt zijn hoofd op orde. Ivan (achternaam ‘the homeless’, laat hij optekenen) is 32, slaapt normaal op straat, komt uit Litouwen en lijkt een beetje op Rutger Bregman, de schrijver van de bestseller De Meeste Mensen Deugen. Toepasselijke boektitel ten tijde van corona. Alleen al bij De Regenboog Groep meldden zich binnen een paar dagen ruim honderd nieuwe vrijwilligers om direct in te springen. Marianne is zo’n vrijwilliger. Ze schenkt koffie. Vroeger werkte ze in de reisbranche, maar door corona kwam ze thuis te zitten. Ook Jeroen heeft opeens tijd over. Nu heeft hij wekdienst. ‘s Morgens vroeg fietst hij door een muisstil Amsterdam naar de Hogendorp Sporthal, waar om half acht de lichten aangaan. “De mensen die nog slapen, maak ik wakker. Op afstand maak ik een praatje en vraag ik wat ze die dag gaan doen.” 4
GROTE KERELS SLAPEN ONDER DEKBEDDEN VAN DISNEY-PRINSESSEN Ivans planning staat al vast. Hij begint zijn dag met bidden en lezen. Na het ontbijt gaat hij naar de kerk, waar hij koffie kan drinken. Vervolgens gaat hij aan het werk. Hij veegt de straten schoon, al ligt er een stuk minder vuil op straat nu de toeristen wegblijven. Bij inloophuis Princehof, ook van De Regenboog Groep, gaat hij lunchen. Zo rond half vijf loopt hij terug naar zijn veldbedje in West.
Febo kroketten In de enorme sporthal heeft iedere dakloze hier zijn eigen kamer, een ruim vierkant, waarvan de ‘muren’ bestaan uit tape op de grond. De dekbedhoezen zijn geschonken door Amsterdammers. Grote kerels, die de tijd doden met het maken van push-ups, slapen onder dekbedden van Disney-prinsessen. De beheerder van de sporthal geeft toe dat het even wennen was. “Normaal wordt hier gebasketbald,
5
nu gesnurkt. Een hele andere tak van sport.” Het ruikt inmiddels naar kroketten in zijn hal. De Febo heeft ze zojuist afgeleverd: honderd kroketten. Never a dull moment. Gisteren is Beau van Erven Dorens nog langs geweest met snoepgoed en camera. Aardige Amsterdammers doneerden zeep en doucheschuim, achter de schermen werden honderden mondkapjes genaaid, met Pasen kwam de paashaas langs, een buurtbewoner bakt elke week brood, een ander maakt kaneelkoek en morgenavond is er een filmavond. “Ik weet niet wat me overkomt”, zegt Ivan. Hij durft het bijna niet hardop te zeggen, maar voor hem is de coronacrisis een zegen. Hij slaapt beter, hij eet goed. Stiekem droomt hij van een nieuwe toekomst. Door zijn oude bijnaam, Ivan the Terrible, zet hij in ieder geval een dikke vette streep. “Since I am here, only good things happen.” Het gebrek aan privacy vindt hij geen enkel probleem. “Normaal slaap ik onder de brug. Hier kan ik lekker douchen.” Bang voor corona is hij niet. Hij wijst naar boven. Als het zijn tijd is, is het zijn tijd. Wel merkt hij dat mensen in de stad bang zijn. Ze deden altijd al een stapje opzij voor hem, maar nu nog meer.
Stay safe, sleep well Het loopt ondertussen tegen elven in de sporthal, bijna iedereen ligt al. Zou er worden gehoest vannacht? Wanneer de beheerder de lichten uitdoet, is het opvallend stil, maar dat duurt niet lang. Ivan had het al gezegd. “’s Nachts is het net een orkest. Eerst begint er iemand links te snurken, dan iemand rechts en al snel volgt de rest.” Hij slaapt er geen minuut minder om. Hij is safe. Tekst: Nicolline van der Spek | Foto’s: Merlijn Michon
Alle daklozen veilig onder dak Eind maart deed de gemeente Amsterdam een beroep op HVO Querido, Leger des Heils en De Regenboog Groep. Voor maximaal 700 daken thuislozen in de te krappe opvangbehuizing en de kwetsbare straatgroep moest vanwege het coronavirus veilige extra nachtopvang worden gecreëerd. Dit gebeurde in de leegstaande sporthallen Caland, Zuid en het Hogendorp Sportcentrum. De Regenboog Groep ontfermt zich over de slapers in laatst genoemde hal. 6
Coverfotograaf en vrijwilliger! Desiré van den Berg meldde zich aan als vrijwilliger voor de nachtopvang en vroeg gelijk of ze nog iets kon betekenen. Aangezien voor iedere Meeleven een andere fotograaf het coverbeeld mag schieten, was één en één al snel drie. Want ze beschrijft bovendien ook nog graag haar ervaringen van het vrijwilligerswerk in de nachtopvang. Dit is haar verhaal: “’You have to learn better English’. Het was de tweede keer in korte tijd dat hij dit tegen me zei. Hij liep mokkend weg, terwijl ik nog een keer ‘sorry’ nariep. Ik moest denken aan de ‘goede communicatieve vaardigheden’ in de profielschets van de vrijwilligersvacature en het voelde een beetje alsof ik had gefaald. Ik nam me voor om iets vaker een praatje met hem te maken zodat ik aan zijn accent kon wennen en de gesprekken voortaan iets gezelliger werden afgerond. Het is een voorbeeld van de vele manieren waarop ik mezelf en mijn medevrijwilligers een band zie proberen op te bouwen met de gasten in de noodopvang waar we sinds kort werken. Als ik de anderen vraag wat ze het leukst vinden aan dit werk, noemt iedereen het contact. En ik moet zeggen dat
dit ook voor mij geldt. Die blik van herkenning als ik de sporthal binnenloop, die glimlach als ik weet hoeveel suiker iemand in zijn koffie wil. Recentelijk kwamen al onze levens op z’n kop te staan door een verschrikkelijk virus. Nu sta ik hier, samen met een cabaretier en een reisleidster, drinken in te schenken voor honderd mannen zonder thuis, maar met roots over de hele wereld. Sinds een paar weken rijd ik iedere maandagochtend met een karretje langs hun bedden, waar het gepiep van de wieltjes en de geur van hete koffie de meesten hun hoofd buiten de dekens doet steken. Het is altijd weer een mooi gezicht. Bij de één liggen er spannende boeken nog opengeslagen naast het kussen, bij de ander staat een bosje kleurige tulpen in een zeeppompje tentoongesteld. Ik rij langs kleedjes en korans, kunstwerken en kaartspellen. Ik heb het woord ‘koffie’ in alle mogelijke talen al horen langskomen, maar ik ben er nog niet. “Because first, I will learn better English.” Bekijk de rest van de serie ‘Paraat’ door Desiré van den Berg op deregenboog.org/nieuws. Meer van Zilveren Camera-winnares Desiré van den Berg zien? Kijk op www.bergdotjpeg.com
7
BEELDBELLEN MET PAUL BLOKHUIS, STAATSSECRETARIS VWS
“CORONA ONDERSTREEPT URGENTIE DAKLOZENPROBLEEM” Het aantal daklozen in Nederland is in tien jaar verdubbeld naar 40.000, zo bleek vorig jaar uit cijfers van het CBS. Het kabinet is zich rot geschrokken en komt met 200 miljoen euro extra over de brug, bedoeld voor structurele oplossingen. Tijdens een videocall geeft staatssecretaris Paul Blokhuis (VWS) tekst en uitleg, waarbij we niet om corona heen kunnen. 8
Meer steun voor daklozen, prachtig! Maar gooit corona nu geen roet in het eten? “Ik merk dat de coronacrisis, ondanks al het verdriet die het met zich meebrengt, juist iets positiefs oplevert, namelijk meer aandacht voor het lot van de dak- en thuislozen. Het is natuurlijk heel paradoxaal dat we tegen alle Nederlanders zeggen: ‘Gij zult binnenblijven’ en tegen daklozen moeten zeggen: ‘Gij zult naar buiten gaan, want er is geen plek voor je.’ Corona onderstreept de urgentie van het daklozenprobleem. Dat hoor ik ook links en rechts om me heen.”
Wat verwacht u: komen er door corona straks meer daklozen bij? “Ik hoop dat de schade meevalt, maar het zullen eerder meer dan minder daklozen worden.” Bij De Regenboog Groep zien we – ook voor corona – steeds meer zzp’ers die het niet redden en bij ons aankloppen. Heeft de politiek in de afgelopen jaren te veel ingezet op de zelfredzaamheid van de mens? “Ik denk wel dat het goed is dat je voor de Wet Maatschappelijke Ondersteuning criteria hanteert op basis waarvan je mensen wel of niet ondersteuning biedt. Tegelijk denk ik dat we zijn doorgeschoten in de zelfredzaamheidsmatrix. We zouden wat mij betreft minder kil moeten omgaan met mensen die een hulpvraag hebben. Niet alles afvinken en dan zeggen: ‘Nou, u bent volgens het formulier voldoende zelfredzaam, gaat u maar weer de straat op met uw plunjebaal.’ Kijk naar het individu. Je mag als uitvoerder uitzonderingen maken. Neem de kostendelersnorm. Die mag je als gemeente op individuele basis buiten werking stellen om ervoor te zorgen dat iemand niet op straat komt te staan. Dat laatste is ook veel duurder dan de kostendelersnorm hanteren. Dat zit in Amsterdam goed tussen de oren, dankzij jullie project Onder de Pannen.” Wat vindt u eigenlijk van dit project, waarbij de verhuurder niet op zijn of haar uitkering wordt gekort zodra hij een kamer verhuurt? “Onder de Pannen vind ik een heel gaaf project. Het is ook een typisch Amsterdams project, omdat het de grenzen van de wettelijke mogelijkheden opzoekt, overigens zonder anarchistisch te zijn. Het is vooral een heel praktisch project: geen onzin, we gaan mensen helpen. Met toepassing van wat ik altijd noem: ‘artikel vijf.’ Blokhuis brengt zijn hand met vijf opgestoken vingers naar zijn gezicht, doelend op iets door de vingers zien.)” Onder de Pannen is alleen wel een tijdelijke oplossing. Wat zijn structurele oplossingen voor het daklozenprobleem? “Dakloosheid is primair een huisvestingsvraag. We hebben vanuit het Ministerie van VWS 43 centrumgemeenten gevraagd naar hun daklozenpopulatie in de opvang. Wat blijkt: bijna de helft van de daklozen hoeft
‘IK RAAD ALLE POLITICI AAN OM DE DAKLOZENKRANT TE VERKOPEN. DAN GAAN ZE VANZELF HARDER LOPEN VOOR DE DAKLOZEN.” helemaal geen zware begeleiding. Nu betalen we jaarlijks 30.000 tot 40.000 euro opvangkosten voor één persoon, terwijl deze mensen volgens de gemeenten in staat zijn zelfstandig te wonen, of hooguit met lichte begeleiding. We hoeven voor deze groep dus helemaal geen ingewikkelde fratsen uit te halen.” Huizen bouwen dus? “Voldoende woningen beschikbaar stellen is inderdaad de grootste uitdaging. Tegelijkertijd voel ik als staatssecretaris van VWS de verantwoordelijkheid om de begeleiding te bieden die nodig is. En we hebben het Ministerie van Sociale Zaken natuurlijk hard nodig bij zaken als de schuldhulpverlening, toeleiding naar werk en de toepassing van de kostendelersnorm. Maar er gaat zeker gebouwd worden, nu de herrie rond de stikstof is neergedwarreld. Ook voor daklozen. Tot voor kort zaten we in de langspeelplaat: we gaan bouwen, maar daklozen mogen achteraan aansluiten. Juist deze investering van 200 miljoen euro biedt de minister van Binnenlandse Zaken een goede opening in het voeren van gesprekken met woningcorporaties en andere verhuurders. Er is een zak geld voor begeleiding, zodat jullie huurders straks ook goede huurders blijken te zijn. Het doel is mensen minder lang in de opvang te laten zitten en sneller aan een woning te helpen. Daar worden mensen gelukkiger van en het systeem goedkoper.” Tot slot. Komt u wel eens een dakloze tegen op straat? “Zeker. Toen ik net wethouder was in Apeldoorn, heb ik zelfs een keer geprobeerd de Daklozenkrant te verkopen. Ik voelde me diep ongelukkig en dacht: zo word je dus bejegend als dakloze. Ik raad alle politici aan om de Daklozenkrant te verkopen, dan gaan ze vanzelf harder lopen voor de daklozen.” Tekst: Nicolline van der Spek | Foto’s: rijksoverheid.nl 9
WANNEER S ALLEWEGVALT Geen bezoek, geen dagbesteding, geen zicht op verandering. Wat doet corona met mensen die al een klein sociaal netwerk hadden? “De structuur is weggevallen. Daardoor ga ik malen.”
N
ormaal gesproken fietst Chiel vier dagen per week naar de Derde Schinkelstraat voor zijn werk bij Repro. De sociale drukkerij van De Regenboog Groep is een werkplek voor mensen voor wie regulier werk nog een stap te ver is, maar die wel graag willen werken. Nu zit hij door corona gedwongen thuis. Chiel is lange tijd depressief geweest. Door het vele alleen zijn komen de sombere gevoelens weer op. “Ik mis de positieve energie van een opdracht. En ik mis de interactie met mijn collega’s. We maakten altijd grapjes onderling. Maar het belangrijkste is dat de structuur is weggevallen. Daardoor ga ik malen en loop ik vast in mijn gedachten. Het scheelt dat Berend belt, mijn werkbegeleider bij De Regenboog. Hij belt een paar keer per week om te vragen hoe het gaat, maar ook om te vertellen hoe het ervoor staat met de drukkerij. Misschien dat we weer open kunnen. Ik hoop het maar, want ik was door mijn werk bij Repro zelfs al stappen aan het zetten richting betaald werk.” 10
Plantjes Ook bij José viel alles weg door corona. De thuishulp kwam niet meer en de fysiotherapeut belde af. Ze kreeg het advies om op haar balkon te gaan zitten en te genieten van haar plantjes. Lukte niet. José voelde zich alleen maar onrustiger worden. Anderhalf jaar geleden verloor ze totaal onverwacht haar man. Ze trof hem dood aan in bed; een aanblik die ze nooit vergeet en zelfs uitgroeide tot een trauma. Bij de ggz kwam ze op een wachtlijst terecht. Op 24 maart zou dan eindelijk haar behandeling beginnen. “Daar had ik hoge verwachtingen van, maar ja, toen kwam corona.”
Extra stress Het gevreesde virus houdt heel Nederland in zijn greep, maar voor de 1 miljoen Nederlanders die al te maken hadden met psychische klachten, levert deze crisis extra stress op. Mensen vallen terug in oude angsten en voelen zich eenzamer dan ooit. Een half miljoen Nederlanders met een ggz-achtergrond, geeft aan tijdens deze coronatijd meer last te hebben van angst, depressiviteit, paniek en slecht slapen. Dit blijkt uit onderzoek onder het ggz-panel van MIND, de landelijke organisatie voor cliënten in de geestelijke gezondheidszorg. Een derde van de respondenten weet niet hoe zij de komende periode moet doorkomen. Zij verwachten vaker dan gemiddeld dat ze de komende tijd geen zorg of hulp meer krijgen, voelen zich eenzamer en ervaren minder hulp van mensen uit hun netwerk.
Wordfeud De sombere toon verandert wanneer José over Pauline begint, haar maatje van De Regenboog Groep. Een schot in de roos, aldus José. “We spelen vaak Wordfeud samen. Dan vraagt ze tijdens het spel of ze zaterdag nog iets voor me kan meenemen. Ze doet altijd de boodschappen voor me en heeft me ook geholpen met Facetime. Dat soort dingen deed mijn man vroeger altijd. Vorige week zijn we samen gaan wandelen door het Beatrixpark, veilig op anderhalve meter. We spraken over van alles en nog wat. Over Engeland bijvoorbeeld, waar we allebei zo van houden en over haar jonge kinderen. Ze brengt het geluk mee.”
Maaltijd van De Regenboog Bij Jaap gaat drie keer per week de bel. “Ik kwam altijd bij de Voedselbank, maar er werd door corona zo gehamsterd, dat er niets meer over was voor mensen zoals ik. Toen werd ik gebeld door Mirjam van De Regenboog Groep. Ik kwam in aanmerking voor een maaltijd, zei ze. Drie keer per week stond er een vrijwilliger voor mijn deur. Ik vroeg altijd of ze even binnenkwamen. Gewoon voor de gezelligheid. In huis kun je toch ook afstand houden?”
Skypen met maatje Aad is druk in de weer met zijn computer, wanneer we hem bellen. Hij klinkt opgetogen. Vanmorgen is hij ook al gebeld door De Regenboog Groep. “Ik krijg een belmaatje, dus wil ik Skype op mijn computer hebben. Aad kan weer lachen, maar eerlijk gezegd kwamen de muren de afgelopen weken op hem af. “Ik had net één dag een Museumjaarkaart toen de musea dicht gingen. Ook kwam ik nog wel eens in het buurthuis, maar dat moest ook dicht. Ik lag van ellende hele dagen op bed.”
Zonnestralen Vrijwilliger Mieke belt twee keer per week met Jannie, de eerste keer op 26 maart. Hartje lockdown. Het viel niet mee om Jannie een beetje op te vrolijken, bekent ze. Ze had het alleen maar over corona. Jannie kampt met een angststoornis. Zelf heb ik daar ook ervaring mee, dus ik moest echt mijn best doen om niet in haar angst mee te gaan. Ik zei telkens: ‘Zullen we het even over iets anders hebben dan corona?’ Dat lukte amper. Telkens begon ze weer over corona. Pas toen ik zei dat ik zelf mijn haar had geknipt en dat het er niet uitzag, moest ze lachen. Als ik haar nu bel, merk dat
het steeds iets beter gaat. Ik heb haar ook gezegd dat ze gewoon naar buiten kan. ‘O, mag dat dan?’, vroeg ze. Dat arme mens kwam al weken de deur niet meer uit. Een dag later zat ze heerlijk in het zonnetje in het Oosterpark.”
Belmaatjes Ecenur Korkmaz is stagiair bij De Regenboog Groep. Van gewoon maatje werd ze belmaatje. “Het ging best redelijk met mijn deelnemer Saskia, maar door corona en de veranderende omstandigheden zit ze weer hoger in haar emoties. Ik heb haar voorgesteld samen naar de persconferenties van Rutte te kijken. Dan kunnen we het er na afloop over hebben.”
Juist nu contact Direct na de allereerste coronamaatregelen van het RIVM nam Miranda Dijks, coördinator informele zorg bij De Regenboog Groep, het initiatief voor een belpool. “Juist nu hebben mensen behoefte aan contact. Zeker mensen met psychische problemen. De weinige mensen die ze zagen, zien ze niet meer. De hulpverlening is grotendeels stilgevallen. Ze kijken in hun eentje naar de televisie, zonder te kunnen relativeren en ventileren. Daardoor komt het coronanieuws harder aan. Dan is het mooi wanneer iemand even wat luchtigheid de huiskamer in praat.”
Flexpool De aanmeldingen stroomden binnen. Dijks: “Mensen willen wat doen. Vroeger was iedereen druk, nu hebben we ineens tijd om een stadgenoot te bellen.” De belpool is een flexpool. Behalve bellen of skypen, doen de vrijwilligers veel meer. Ze doen boodschappen, leggen raambezoeken af, geven online bijles, brengen maaltijden langs of gaan ‘samen’ wandelen, waarbij ze elkaar al bellend vertellen wat ze onderweg zien: ‘Waar loop jij nu? Oh mooi. Maar houd je wel afstand?’” Dijks: “Alle Nederlanders zitten door corona in hetzelfde schuitje. We zitten allemaal verplicht thuis en iedereen is op een bepaalde manier bang voor het virus. Die wederkerigheid pakt goed uit met het vrijwilligerswerk, merken we.”
Tekst: Nicolline van der Spek De namen van onze deelnemers zijn gefingeerd om privacyredenen. De echte namen zijn bij de redactie bekend. 11
PAM! PROJECT AMSTERDAMSE MONDKAPJES
Toen de crisis toesloeg in Nederland introduceerde ons kabinet, in navolging van de adviezen van het RIVM, beschermende maatregelen. Zoals: zo veel mogelijk thuisblijven, minstens twintig seconden je handen wassen en de inmiddels volledig ingeburgerde anderhalve meter afstand die we in acht dienen te nemen. 12
HOE EEN, OGENSCHIJNLIJK KLEINE BEHOEFTE, VELE HANDEN ACTIVEERDE. Hoe PAM kwam Marit Postma van De Regenboog Groep: “Op dat moment moesten we juist heel veel aandacht geven aan het opvangen van de daklozen. Maar vanuit die situatie was het soms ingewikkeld om die anderhalve meter de hele tijd te handhaven. Mondkapjes zouden kunnen helpen, naast de gebruikelijke maatregelen. En, omdat er zo’n schaarste was, hebben we bedacht zelf mondkapjes te gaan maken, samen met enkele andere initiatiefnemers [Zie kader: Wie is PAM?].
Vele handen ... Emma Ricketts is normaal gesproken coördinator van Amsterdam Underground. Toen dat werk even stil kwam te liggen, wilde ze graag ergens anders binnen de organisatie haar talenten aanbieden. Ze deed
Makers Unite en Sam, van Tisja Damen Lingerie, in actie. Twee van de helpende ateliers die zich uit de naad genaaid hebben om kwetsbare Amsterdammers te helpen.
online een oproep voor hulp met het maken van mondkapjes. En deze oproep sloeg meteen aan. Emma vertelt: “De eerste PAM ochtend om 9.00 uur opende ik mijn mail en vond vijftig enthousiaste reacties, van professionals tot mensen die zelf vanuit huis wilden helpen met mondkapjes naaien. Tussen deze reacties zat ook een reactie van Jakob Kok, een designer met technische patroon-tekenskills. Precies wat PAM nodig had. Ik belde hem om 09.30 uur en om 10.00 uur zaten we samen aan de koffie. Een uur later kwam het eerste patroon tot leven. Nog die zelfde dag ontstond er een klein groepje stofknippers en naaiers en werd het patroon, in samenwerking met tandarts Marjolein van Dijk, verbeterd.
WhatsApp-team Vervolgens ontstond het productieteam, bestaande uit communicatie- en mediaspecialisten, AMFI docenten, tandarts Marjolein, designer Jakob en Marit Postma en ik vanuit De Regenboog om alles te coördineren en faciliteren. De meesten van deze mensen kenden elkaar alleen maar via WhatsApp, maar iedereen werkte samen alsof ze elkaar al jaren kenden, dat ging super organisch!
Later sloten vrijwilligers Kai, Asmaa en Bep nog aan bij het team. Zij droegen zorg voor de voorbereiding van de materialen, de inkoop en de distributie. Al snel kwamen we op het idee om ateliers aan te trekken, om naast de thuisnaaiers en wat grotere productielijn op te zetten. Zo kwam er hulp van een flink aantal ateliers als Makers Unite, Rambler, Tisja Damen Lingerie, Ann Casanno en Denim City. Binnen twee dagen na het eerste idee vonden we
Wie is Pam? PAM is een initiatief van De Regenboog Groep, Tandartspraktijk Nieuw Amsterdam en het AMFI. We zijn allemaal betrokken bij de situatie in de stad en willen graag wat doen. Tandarts Marjolein van Dijk was al gestart (vanuit haar expertise) met het ontwerpen van mondkapjes, omdat ze dit tekort al snel voorzag. De Regenboog Groep liep tegen schaarste aan op de mondkapjesmarkt en besloot uit nood zelf mondkapjes te gaan produceren. Het Amsterdam Fashion Institute (AMFI) was op verzoek van Marjolein meteen enthousiast om mee te doen, door met studenten professionele mondkapjes te gaan maken. 13
De eerste mondkapjes in gebruik bij Inloophuis Princehof.
Onze mondkapjes ... de jongens van LINe Up Media bereid een heuse tutorial te filmen en stond deze op YouTube voor de thuisnaaiers.
Lakens gevraagd Ondertussen liepen er ook oproepen voor lakens, want daar worden onze mondkapjes van gemaakt. Met zo’n dreamteam aan naaiers (m/v), gingen de lakens er zo snel doorheen, dat we hier ook iets op moesten vinden. En daar was de gewenste helpende hand: via gemeente Amsterdam kwamen we in contact met de Koplopergroep Circulaire Hotels Blycolin. Zij leverden twee pallets gebruikte lakens aan. Drieduizend lakens!
Werkbedrijf Derde Schinkel wordt lakenwaserette Ondertussen ontstond onder leiding van top vrijwilligers Kajinder en Asmaa op de Derde Schinkel een tweede productielijn: die van het wassen, strijken en distribueren van de lakens naar al die fantastische thuisnaaiers. We zijn zo blij met de moeite die deze mensen er in gestoken hebben!” Tekst: Sander Kersten | Fotografie: DRG 14
... zijn géén vervangers voor de kapjes voor medici, maar wasbare mondkapjes met verwisselbare filters, die als doel hebben verspreiding van het virus te beperken. De mondkapjes worden gebruikt in onze inloophuizen en bij de noodhulp die we bieden in sportcentrum Hogendorp. Nu enerzijds de maatregelen versoepeld zijn voor hulpverleners maar mondkapjes verplicht worden in het OV komen ze ook ter beschikking voor onze medewerkers.
DAKLOOS IN TIJDEN VAN CORONA Hoe leger de straten, des te meer ze opvallen: daklozen. In Amsterdam houdt De Regenboog Groep zijn inloophuizen open. De openingstijden zijn zelfs verruimd. Wel gelden strikte regels.
O
ud-West is een van de eerste inloophuizen van de stad die ‘s ochtends zijn deuren opent. Jos is vaste gast bij het inloophuis, maar mag sinds de corona-uitbraak niet meer naar binnen. “Er heerst coronahaat!” lacht hij en neemt een trekkie van zijn gebietste peuk. De woede is gespeeld. “Ze laten alleen mensen binnen die op straat moeten slapen. Ik heb een eigen slaapplek.” René mag wel naar binnen. Een paar weken geleden verruilde hij de winteropvang aan de Transformatorweg in Amsterdam-West voor een tentje in Amsterdam-Noord. “Toen ik daar de eerste mensen hoorde hoesten, dacht ik: wegwezen. Ik ben niet bang voor corona, wel voor de dood.” Jos vindt het allemaal maar onzin, die hele corona. Hij mist het inloophuis en komt nog steeds langs. “Gewoon voor een praatje. Dan maar op de stoep.”
Deurbeleid “Niemand nam het in het begin serieus”, zegt locatiehoofd Bianca Koster, wijzend op de flyers van de GGD die op het raam zijn geplakt. In verschillende talen staan de maatregelen uitgelegd. “Onze bezoekers deden het af als een griepje en vonden het belachelijk dat we striktere regels hanteerden. Pas toen ze zagen dat supermarkten ook maatregelen namen, snapten ze waarom we ons deurbeleid hadden gewijzigd.” De Regenboog Groep helpt wie het meest te lijden heeft. Heb je een eigen huis, blijf dan thuis. Zo blijft er meer ruimte over voor de mensen die geen woonplek hebben. Wel kun je koffie krijgen en wat te eten mee krijgen. Bij binnenkomst moet iedereen zijn handen wassen. Wie hoest, krijgt een mondkapje. Om zoveel mogelijk mensen te kunnen helpen, is Oud-West in twee ‘shifts’ open; wie ‘s morgens komt, is ‘s middags niet meer welkom. 15
“IN DE NATUUR BEN JE VRIJ” VOL Een paar straten verderop zit Het Claverhuis. Normaal biedt Het Claverhuis activiteiten voor buurtbewoners en is er (wijk-)zorg en hulp- en dienstverlening, onder andere op het gebied van welzijn en gezondheid, wonen, werk en inkomen. Nu stelt het zijn deuren open voor buitenslapers, de harde kern daklozen. Op de deur hangt een A4: VOL. Toch komt er zo nu en dan iemand binnen. De persoon stuit op locatiehoofd Malika Amghar. Ze zit achter de receptie en blijft altijd vriendelijk. “Sorry, we mogen niet meer mensen binnenlaten, ik vind het ook vervelend.” Malika houdt ook binnen alles in de gaten. “Die daar in het midden zorgt altijd voor gedonder. Je kunt met hem lachen, maar hij gedraagt zich naar de vrijwilligers achter de bar vrouwonvriendelijk. Dat wil ik niet hebben. Straks ben ik ze een voor een kwijt.”
Coronakilo’s Vrijwilligers moet je koesteren, weet Kathleen Denkers. Ze is locatiehoofd van inloophuis Makom. Ook hier is het aantal bezoekers gereduceerd om afstand te kunnen creëren. Er mogen maximaal 32 mensen binnen zijn, voorheen waren dat er zeventig. Kathleen: “Zitten mensen te lang binnen, dan vragen we ze vriendelijk plaats te maken voor hun maten die buiten staan te wachten. En dat gaat verrassend goed. Ik heb echt bewondering voor onze bezoekers. Maar ook voor de buurt. We krijgen wekelijks eten van bedrijven en mensen. De bekende coronakilo’s vliegen eraan. Er hebben zich ook spontaan mensen gemeld om te helpen. Heel fijn, want een aantal van onze vaste vrijwilligers zit nu verplicht thuis, omdat ze kwetsbaar zijn of zorgen voor iemand die tot de risicogroep hoort.” De bezoekers zelf zijn in de regel niet bang voor corona, valt Kathleen op, een enkeling uitgezonderd. Ze snapt het. “Als je gewend bent te overleven, wat zegt jou zo’n ziekte dan. Kijk naar de piramide van Maslow; het eerste wat telt is eten en drinken, dan een dak boven je hoofd. Heb je dat allemaal voor elkaar, dan kun je je druk maken om andere dingen in het leven. Bij onze bezoekers is die onderste laag niet eens in orde.” 16
Proactief Brian (64) kwam vroeger vaak in de openbare bibliotheek, maar nu kan hij alleen nog maar bij Makom terecht. De straatkrant verkopen doet hij ook niet meer. Hij komt oorspronkelijk uit Amerika en zou, gezien zijn leeftijd, banger moeten zijn voor corona, maar is dat niet. Wel is hij bang voor de toekomst. Hoe gaat corona het land raken, de economie? Hij slaapt in een tentje en houdt zich heel erg bezig met
de Amerikaanse politiek. Het contrast met Amsterdam kan niet groter. “Wat De Regenboog doet met zijn inloophuizen, gewoon open blijven voor daklozen, is an heroic effort. Zo proactief. Geen vergelijk met Amerika.”
In contact blijven Tegen vieren, wanneer Makom op het punt staat zijn deuren te sluiten, bindt buitenslaper Jacques zijn gitaar om. Over een uur gaat de inloop weer open voor het avondeten, weet hij. Jacques ziet vooral de positieve kanten van corona. “Het is heel goed voor het klimaat en veel rustiger op straat.” Door de felle zon lijkt corona even heel ver weg, tot iemand op straat ostentatief een flink aantal passen opzij doet zodra Jacques eraan komt. De boog om daklozen is groter geworden, ervaart Jacques. “Jammer, want angst maakt je ziek. Je moet in contact blijven met mensen. Dat is goed voor je weerstand. Net als naar buiten gaan. In de natuur ben je vrij.”
Tekst en titelfoto: Nicolline van der Spek | Fotografie: DRG
Relatief weinig daklozen besmet In Amsterdam zijn door de GGD vier locaties ingericht als quarantaineplek voor mensen die geen slaapplek hebben. Van de kleine 100 plekken die beschikbaar zijn, zijn er nooit meer dan 15 bezet geweest. Wie op straat leeft, loopt veel risico, zou je zeggen. Hoe valt het relatief lage aantal besmettingen onder daklozen te verklaren? “Hier kunnen we alleen over speculeren”, zegt Dylan Price van de GGD Amsterdam. “Maar het klopt, ook wij verwachtten elke week een uitbraak onder daklozen, maar deze bleef uit. Wel hadden we de nodige voorbereidingen getroffen. We wilden alle daklozen onderdak bieden, legaal en illegaal. We hebben alle inloophuizen en opvanglocaties voorzien van advies. Er zijn ook vier locaties ingericht als isolatieplek, waaronder Villa Buitenlust van De Regenboog Groep. We gingen ervan uit dat het nodig was. Daklozen hebben in de regel een zwakker immuunsysteem, komen op veel verschillende plekken en houden zich niet altijd aan de anderhalvemetermaatregel.” 17
FONDSEN
DONATIES IN TIJDEN VAN CORONA
Om je heen hoor je nu vaak dat de crisis tevens hele mooie dingen teweegbrengt. De saamhorigheid is groot, men helpt elkaar graag en denkt zeker ook aan mensen die het in deze tijd moeilijk hebben. Ofwel, omdat ze geen dak boven hun hoofd hebben, of, omdat ze juist wél binnen in hun huis zitten, maar door psychische problemen verder geïsoleerd raken. Ook de fondsen die ons werk al jaren steunen, zijn bij de start van de crisis snel in actie gekomen. Zo boden fondsen als het RCOAK, Fundatie Santheuvel Sobbe en het Kansfonds ons financiële hulp. Zij verzochten ons een officiële aanvraag van slechts een A4’tje te doen. Waarna we veelal binnen een week wisten dat ons verzoek werd gehonoreerd! Daarop volgden fondsen die speciale noodfondsen in het leven hadden geroepen. Het Oranjefonds, het noodfonds Dak, Ars Donandi en het Marinelfonds deden hiermee nog een behoorlijke duit in het zakje. Daarbovenop kwamen nog spontane giften van (bedrijfs-)fondsen die graag anoniem willen blijven. Zo is het, in alle drukte rondom de extra activiteiten in crisistijd, eveneens een mooie periode. Dank lieve fondsen. Jullie donaties zijn hard nodig voor alle extra maatregelen, zoals de tijdelijke noodnachtopvang, beschermingsmiddelen, ruimere openingstijden, centrale maaltijdvoorziening en meer. Fantastisch om op deze manier te kunnen samenwerken.
Wil je direct doneren? Scan de QR code!
Bedrijven en particulieren in tijden van corona In tijden van crisis leer je je vrienden kennen. En die hebben we! Onze inloophuizen kregen direct bij de uitbraak van de crisis etenswaren gedoneerd van buren, zoals bakkers, hotels en andere ondernemingen. De 100 mensen in de sporthal aan de Van Hogendorpstraat werden evenmin vergeten. Geweldig, niet alleen omdat het zo welkom is, maar ook omdat we de steun van iedereen om ons heen daadwerkelijk vóélen. Dat is echt bijzonder. Het zijn er superveel, vandaar hierbij slechts een kleine opsomming van acties van weldoeners, die dus lang niet volledig is: De Febo bakte kroketten. Menken Keuken bracht eten. De HEMA en Primark zorgden voor paassnoep. We kregen prachtige sporttassen en meeneembekers van het Zilveren Kruis. Perry Sport verblijdde 100 daklozen met een setje met daarin een tentje, slaapzak en luchtbed. Hotel2Stay had 100 paar badslippers voor ons. Brown-Forman Corporation bezorgde tientallen liters soep en Natural Tableware houten wegwerpbakjes, -borden en -bestek. De RAI en Horecava bleven hun lijntjes maar voor ons uitzetten en regelden werkelijk van alles. McDonald’s Amsterdam Osdorp Drive doneerde allerlei lekkers aan de mannen in de sporthal. De fotografen van fotoagentschap Witman Kleipool selecteerden werk dat ze voor ons verkochten. Verder werd er onder andere gedoneerd door: Patta Amsterdam, Uitvlugt, Bakkerij Westerpark en De Kweker Levensmiddelen- en Horecagroothandel. En natuurlijk door: Café Winkel 43, Café Schinkelhaven, Pequ, Bar Restaurant LELY en Café Fest. Buurtbewoners en vrijwilligers waren net zo lief. Van kaneelkoek tot handgel en honderden doucheschuims en mondkapjes! Twee schoolkinderen bakten 100 cakejes en brachten deze naar de sporthal. Iemand anders verkocht weer zelf gebakken carrot cakes op Koningsdag, waarvan de opbrengsten naar ons gingen. En zo kunnen we nog wel even doorgaan. Lieve ondernemers, vrijwilligers, buurtbewoners en andere barmhartigen: we omarmen jullie! #dasechtlief! :) 19
OP DE ZEEPKIST
CORONA LEIDT TOT NIEUWE INZICHTEN Don Ceder (30) is geboren en getogen in de Amsterdamse Bijlmer. Naast zijn dagelijkse werk als sociaal advocaat is hij gemeenteraadslid voor de ChristenUnie in Amsterdam. “De coronacrisis legt de sociale ongelijkheid in de stad genadeloos bloot. Dan denk ik aan dak- en thuislozen, die nergens heen kunnen, maar ook aan ongedocumenteerde gezinnen, die nergens aanspraak op kunnen maken. Ik hoop dat de politiek straks voor een integrale aanpak kiest, waarbij we ook oog hebben voor deze groepen. Natuurlijk is de coronacrisis een gigantische tragedie met veel menselijk en economisch leed. Tegelijkertijd denk ik dat we juist nu niet bij de pakken neer moeten gaan zitten. De herstelfase biedt ondanks alles namelijk enorme kansen voor de stad, zoals elke crisis een overheid voor een keuze stelt op welke voet ze verder kan gaan. De toekomst biedt de kans om nieuwe wegen in te slaan, verder te kijken dan de waan van de dag en te kiezen voor nieuwe integrale oplossingen die duurzamer zijn van aard. Ik ben om deze reden niet somber over de toekomst van mijn stad. Integendeel. Ik moet wel denken aan een bijbelvers in Mattheüs 9 vers 17: ‘Men doet geen nieuwe wijn in oude zakken.’ Als je nieuwe plannen vanuit een oud verkokerd systeem probeert uit te voeren, kan het zijn dat de plannen met alle goede bedoelingen tot onbevredigende resultaten zullen leiden. Het moet echt anders. 20
Neem het daklozenprobleem. Hoe we dit in de afgelopen jaren hebben aangepakt, heeft uiteindelijk onvoldoende gewerkt, gezien de explosieve groei van het aantal daklozen. Onder jongeren is dat aantal in de afgelopen tien jaar zelfs verdrievoudigd. Het huidige daklozenvraagstuk zie ik met name als een huisvestingsvraagstuk en niet zozeer als een zorgvraagstuk. Wacht daarom niet alleen op landelijk beleid, zou ik zeggen, want dat duurt allemaal veel te lang. Bouw bijvoorbeeld flexwoningen op plekken waar nog geen vast bestemmingsplan voor is. Dat is relatief goedkoop en snel. Ondertussen zorg je met flexwoningen dat mensen niet meer op straat hoeven te leven. En je zorgt voor een snellere doorstroom, zodat ook anderen weer opgevangen kunnen worden. Dat geeft op alle onderdelen van de keten lucht. Housing First is een belangrijke principe om een persoon perspectief te kunnen bieden.” Tekst: Nicolline van der Spek