Skip to main content

Stadsmagazine De Nieuwe Ster januari 2026

Page 1


Moeder en dochter Heine ademen politiek

PAGINA 18

Maarten van den Berg: ‘Kunst in publieke ruimte is hoogst haalbare podium’

PAGINA 34

STADSPRINS JAN І DE TEMPELEERS 1986

PRINS MAT I

CV DE BRANIEMEEKERS 1997

JAN JANSSEN

LIJST 4 NUMMER 7

MAT BRÜLL LIJST 4 NUMMER 5

STADSPRINS LUC І DE TEMPELEERS 2005

JEUGDPRINS PATRICK KV DE JUMBO’S 2007

LUC SCHOONBROOD LIJST 4 NUMMER 8

PATRICK VEUGEN LIJST 4 NUMMER 4

Vastelaovend: samen lachen, samen vieren. Maastrichtse traditie in hart en nieren –het CDA draagt dit feest met trots!

De Vastelaovend, ons geliefde carnaval, is een feest van verbondenheid, traditie en vreugde. Het is hét volksfeest dat de Maastrichtse cultuur kleur en warmte geeft. Het CDA koestert de Vastelaovend met hart en ziel - geen wonder met zoveel oud-prinsen binnen de partij. Carnaval zit in ons DNA en brengt ons samen om te lachen en te vieren.

In de politiek zetten wij ons vol overtuiging in voor een sterke ondersteuning van de Vastelaovend. Denk aan meer opslagruimten voor carnavalsverenigingen, een structurele carnavalssubsidie en de oprichting van een Maastrichts carnavalsmuseum - concrete stappen om traditie en het verenigingsleven te versterken. Tijdens de Vastelaovend draait het gelukkig niet om politiek, maar om samen zijn, lachen en vieren. Daarom: ‘ne sjoene Vastelaovend gewins — geniet, dans en vier mee met trots en plezier.

Hartelijke groet, Gabrielle Heine Lijsttrekker CDA

LIMMEL EN NAZARETH
POTTENBERG, BELFORT EN HAZENDANS

Vastelaovend en Verkiezingen

Beste lezer,

Er is de komende weken een tweedeling in de stad zichtbaar. De ene helft van de stad, misschien zelfs nog wat meer, loopt warm voor carnaval. De nieuwe stadsprins, prins Lloyd is inmiddels bekend. Hij zal binnenkort tijdelijk over de stad regeren en namens De Nieuwe Ster zeggen we: Proficiat! De groep carnavalsvierders leeft toe naar vastelaovend en voor hen is dit even het belangrijkste op dit moment. 

Een ander deel van de stad loopt zich ook warm, maar dan voor de verkiezingen in maart. Ook bij hen is de inzet wie er over de stad mag regeren, maar dan voor vier jaar. Minimaal 17 partijen doen aan de gemeenteraadsverkiezingen mee, dus dat belooft straks wat voor de lengte van de gemeentelijke vergaderingen.

Opmerkelijk vroeg zijn de politieke campagnes gestart. In tijden van verkiezingen gebeurt er normaal gesproken tot

DE NIEUWE STER

Gratis stadsmagazine voor Maastricht. Jaargang 3, editie 18, Januari 2026. Verschijnt elke maand. Het magazine is af te halen bij de supermarkten in Maastricht.

carnaval niet veel, maar nu lijkt de strijd om de kiezer al volop losgebarsten. Er staat voor menigeen dan ook veel op het spel. Een financieel aantrekkelijke wethouderspost, een raadszetel voor nieuwkomers op de lijst of het behoud van de huidige raadszetel. En natuurlijk is het spannend of de huidige coalitie kan blijven bestaan of dat de kiezer anders beslist.

De Nieuwe Ster volgt de politiek online dagelijks en in maart maken we zelfs een speciaal Verkiezingsmagazine. In dat magazine presenteren alle partijen die meedoen aan de verkiezingen zich zodat u als lezer kunt oriënteren op wat de partijen willen met onze mooie stad.

Maar dat is pas in maart.Vooralsnog zit De Nieuwe Ster in Team Carnaval en zeggen we Alaaf in plaats van Stem op mij.

Veel leesplezier met het nieuwe magazine!

Peter Eberson, hoofdredacteur

LEES HET MAASTRICHTSE NIEUWS

OOK ELKE DAG ONLINE WWW.DENIEUWESTERMAASTRICHT.NL

HET VOLGENDE MAGAZINE VERSCHIJNT 28 FEBRUARI PS STEUN ONS DOOR AMBASSADEUR TE WORDEN SCAN HIERVOOR DE QR-CODE

KANTOORADRES

Boschstraat 28 6211 AX - Maastricht

UITGEVER

Maurice Ubags 06 53 70 26 38

HOOFDREDACTEUR

Peter Eberson 06 55 93 29 18

DIRECTEUR

Maurice van der Linden 06 51 50 57 44

SALES

Maarten Goes 06 36 50 12 84 verkoop@denieuwestermaastricht.nl

TIP DE REDACTIE

redactie@denieuwestermaastricht.nl

UNIEKE LIGGING BIJ VLIEGVELD EN LOGISTIEKE HOTSPOT ZUID-LIMBURG

Twee nieuwe bedrijfsunits op Aviation Valley te huur

Een buitenkans voor ondernemers die op zoek zijn naar een hoogwaardig, modern en duurzaam bedrijfscomplex. Op bedrijventerrein Aviation Valley, grenzend aan Maastricht Aachen Airport, is de bouw gestart van vier aaneengeschakelde bedrijfsunits met kantoren. Momenteel zijn er nog twee units te huur en wordt het complex in mei 2026 opgeleverd voor gebruik.

Meer informatie via Spauwen Werrij, Jules Spauwen

Doctor Poelsstraat 34, 6411 HH, Heerlen 045-7370210

www.spauwen-werry.nl

Bedrijfsmakelaar Jules Spauwen en zijn collega Lukas Theunissen van het kantoor Spauwen-Werrij zijn voor opdrachtgever Stoneweg en in samenwerking met JLL, Dennis Kleijne en Peter Titulaer, verantwoordelijk voor de verhuur en ze merken dat de belangstelling van ondernemers voor nieuwe turn-key bedrijfsruimte groot is. “Ruim voordat het complex wordt opgeleverd zijn twee van de vier units al verhuurd. Voor de laatste twee units zoeken we nu huurders die het gemak willen ervaren van ondernemen op een zichtlocatie bij het vliegveld en dicht bij de autoweg A2 met aansluiting naar Antwerpen en Aken.”

Jules Spauwen somt de voordelen van de bedrijfsruimte voor ondernemers op. “We hebben het hier over een van de laatste kavels op Aviation Valley. Op dit moment wordt druk gebouwd aan een modern complex met een gezamenlijke oppervlakte van 10.250 vierkante meter. Binnen het complex zijn nu nog twee units van ongeveer 2500 vierkante meter te huur. Oplevering is voorzien voor het tweede kwartaal van dit jaar. Door de aanwezigheid van drie docks en een overhead deur per unit voor laden en lossen, de aanwezigheid van voldoende stroom en de vrije hoogte zijn de bedrijfsunits heel geschikt voor logistieke activiteiten. Andere invullingen zijn mogelijk en ook is het mogelijk om de units met elkaar te verbinden,” zegt Spauwen.

Zijn collega Lukas vult aan: “Daarnaast ligt het bedrijvenpark pal naast de start- en landingsbaan van Maastricht Aachen Airport. Dit maakt het complex bijzonder interessant voor ondernemingen met luchthavengebonden activiteiten, waaronder luchtvracht en logistiek. In de directe omgeving zijn reeds diverse toonaangevende lokale, nationale en internationale ondernemingen gevestigd, waaronder Convoi, Eijssen Dairy, Mosa, MLS, DSV Solutions, DHL Express, Rhenus Air & Ocean en Sitech European Distribution Centre”, zegt Theunissen.

Jules Spauwen: “Goed om te weten is dat het gebouw wordt gerealiseerd volgens de hoogste maatstaven op het gebied van duurzaamheid, functionaliteit en uitstraling. Zowel uiterlijk als technisch voldoet het complex aan de verwachtingen van bedrijven die waarde hechten aan representativiteit, efficiëntie en comfort. Wat ons betreft biedt dit unieke kansen voor ondernemers die voor langere tijd willen ondernemen vanuit een modern, nieuw pand op een toplocatie”.

Georges van Zeijl: “Ik heb er geen moeite mee om op de voorgrond te staan”

Georges van Zeijl is dertig jaar advocaat. De 56-jarige

Van Zeijl, geboren, getogen en woonachtig in Scharn, is gehecht aan zijn stad Maastricht. Hij is niet alleen een bekend advocaat, hij is ook fervent liefhebber van klassieke auto’s, “mijn tweede liefde naast mijn vrouw” en hij is bij de meeste mensen bekend als de ‘otoriteitetoeker’ van De Tempeleers.

DOOR: PETER EBERSON  BEELD: JEAN-PIERRE GEUSENS

Een man met vele talenten. In zijn woonkamer in Scharn hangt een schilderij in de stijl van Carel Willink. Twee Bugatti’s op de voorgrond. Het kasteel op de achtergrond, de bomen op het schilderij zijn geschilderd met oog voor detail. Op de vraag wie de maker is antwoordt Van Zeijl: “Ik heb het zelf geschilderd.” Het is een van zijn grootste hobby’s, al komt hij er door zijn drukke werkzaamheden als advocaat nauwelijks aan toe. Een andere grote hobby is pianospelen. Van Zeijl voegde als ‘otoriteitetoeker’ de piano toe aan zijn uurtje toeken, de piano en liedjes zijn nu een vast onderdeel van de ‘Machseuverdrach’.

Mancave

“ Ik ben een volhouder”

De piano verhuist een paar weken voor de overdracht op vriendelijk verzoek van zijn echtgenote Micha wel naar de garage. “Ze had er genoeg van elke dag dezelfde liedjes van mij te horen als voorbereiding op de machtsoverdracht”, lacht van Zeijl. Hij vindt het niet erg. Hij speelt nu piano in zijn tot mancave omgebouwde garage en die piano staat naast zijn andere grote liefde: een met veel zorg en tijd gerestaureerde Bugatti. Vraag Van Zeijl naar de Bugatti en je bent zo een middag verder.

Verknocht aan zijn stad Maastricht was het niet meer dan logisch dat hij ook voor zijn studie niet verder dan de Universiteit Maastricht hoefde te kijken. “Ik ben eigenlijk een bètaman, maar ben toch de ‘cursus rechten’ gaan volgen, zoals we gekscherend op kantoor zeggen.”

Volhouder

Van Zeijl begon na zijn militaire dienst bij het gerenommeerde kantoor van Tripels Advocaten. Een kantoor dat in 1868 werd opgericht door Gustave Tripels en steeds in de familie bleef. Georges: “Het was na mijn studie en militaire dienst lastig om een baan te vinden als advocaat.

Ik solliciteerde bij Tripels, maar hoorde niks, ook niet na herhaaldelijk met de secretaresse bellen. Maar dan ken je mij nog niet, ik ben een volhouder. Ik denk dat de secretaresse op een gegeven moment gek van me werd. Uiteindelijk lukte het mij als volontair voet aan de grond te krijgen. Dan verdien je niks, maar doe je wel ervaring op. Zo was dat in die tijd.”

Rampspoed

De familie Tripels was blijkbaar tevreden over het werk van de jonge Van Zeijl, want in 2004 kon Van Zeijl toetreden tot de maatschap van het kantoor. Hij kon op dat moment nog niet bevroeden welk onheil het kantoor zou treffen, waardoor hij er als leidinggevende alleen voor zou komen te staan. “In het jaar dat ik toetrad tot de maatschap stapte Dominique uit het leven op 52-jarige leeftijd. Een schok voor het kantoor. Een schok die zich zou herhalen toen in 2012 ook Fernand Tripels een einde aan zijn leven maakte. “We waren er allemaal kapot van en hebben het niet zien aankomen”, vertelt Georges.

Velen dachten dat de dood van de twee broers het einde van het bekende advocatenkantoor betekende, maar ook hier werd buiten de waard gerekend. Georges van Zeijl zette het kantoor voort. “Ik moest wel. Ik was toegetreden tot de maatschap, had er behoorlijk wat geld in gestopt, we huurden een kantoor en we hadden personeel. Ik had geen keuze én het was ook een erekwestie.

We hadden een goed team, maar één man moet de rug recht houden en voor de troepen uit, zo voelde dat.”

Veel bier drinken

‘En dan ben je opeens dertig jaar advocaat’, schreef Georges van Zeijl begin december op LinkedIn. Honderden felicitaties volgden onder zijn post. Het laat zien hoe bekend en gewaardeerd Van Zeijl in Maastricht is. De advocaat zelf benadrukt dat een succesvol kantoor niet vanzelfsprekend is. “Als ik niet zo veel bier had gedronken in mijn leven, had ik nooit een goede praktijk kunnen opbouwen. Ik wil maar zeggen, je moet bewegen en je gezicht laten zien, mensen moeten je leren kennen om vertrouwen in je te kunnen stellen.”

Voldoende materiaal

Van Zeijl steekt niet onder stoelen of banken dat hij geen enkele moeite heeft om op de voorgrond te staan. “Sterker nog, ik hou ervan. Al toen ik op de lagere school zat. Ik stond graag op de bühne. Eén keer per jaar is Van Zeijl het absolute middelpunt tijdens het ‘toeken’ van de autoriteiten. Een jaar lang verzamelt Georges het nieuws uit de politiek en uit de stad voor de machtsoverdracht. “Ze (de politiek, red.) hebben het me dit jaar niet zo moeilijk gemaakt. Er gebeurde genoeg. Heibel binnen D66, een gemeentesecretaris die moest opstappen. Nee, er was voldoende materiaal.”

Mensen en vertrouwen

Terug naar het vak van advocaat. Een metier dat Van Zeijl in drie decennia flink zag veranderen. “Dertig jaar geleden deed je als advocaat alles. Van scheidingen tot huurconflicten, ook strafrecht. Die tijd is voorbij. De advocatuur bestaat nu uit specialisten. Wat Van Zeijl ook merkt is de opkomst van AI. Al ziet hij dat niet als een bedreiging, maar eerder als een kans. “Het is net als bij de dokter. Mankeer je iets, dan kijken de mensen tegenwoordig eerst op Google en denken sommigen meer te weten dan de dokter.

In ons vak zie je dat ook. “Zelf een contract of overeenkomst maken met ChatGPT, ‘dat kan ik net zo goed zelf’ wordt door de mensen gedacht. Word ik gevraagd om het te checken dan heb vervolgens meer werk om het juridisch kloppend te maken, dan dat ik alles ineens doe. Of ze laten me links liggen en er komen problemen van wat met ChatGPT in elkaar is gestoken en dat levert ook weer werk op. Natuurlijk kan AI ons werk uit handen nemen of helpen, maar in mijn praktijk draait het om mensen. Om het menselijk contact. Dat kun je niet vervangen door AI. In mijn contacten met relaties draait het om interesse en vertrouwen. De behoefte aan menselijk contact en advies zal daarom altijd blijven. Daar ben ik van overtuigd”, besluit Van Zeijl. 

Van Huis naar Thuis bij Zorg Groep Beek, Elsresidenties Sittard en Margraten

Iedereen wil toch liefdevolle zorg?

Twintig jaar geleden zag Zorg Groep Beek op initiatief van Hannelore en Michael Hamers het levenslicht vanuit het ideaal dat de zorg anders moest én kon. Hannelore had immers in al haar jaren werkervaring goed voor ogen hoe het wél, maar ook hoe het juist niet moest.

In 2005 werd gewerkt aan een concept waarbij thuiszorg mogelijk moest zijn met vaste gezichten per route.

Geen duur gebouw, maar gewoon vanuit de garage aan huis.

Hier begonnen 2 medewerkers met 1 zorgroute door Beek voor een aantal cliënten. Dit verliep zo goed dat er steeds meer collega’s en cliënten volgden. De visie van Hannelore is vandaag de dag nog altijd onveranderd. 2 vaste collega’s hebben een route met eigen cliënten met uitzonderding van ziekten of vakantie. De cliënttevredenheid is ontzettend hoog waaruit blijkt dat deze werkwijze ook door de cliënten gewaardeerd wordt. Er is een vertrouwd gevoel voor zowel de cliënten als de medewerkers en de medewerkers kennen hun cliënten uitermate goed.

Na ruim 12,5 jaar werd de Elsresidentie Sittard geopend; een kleinschalige woonvorm met 24­uurs zorg voor mensen met de ziekte van Alzheimer en andere vormen van dementie.

In 2018 werd de tweede Elsresidentie in Margraten geopend.

Dit jubileumjaar (2025) is voor ons een mijlpaal. We staan stil bij het verleden, heden en kijken door naar de toekomst waarin we blijven zorgen en ondersteunen.

Kijk op www.elsresidentie.nl of op www.zorggroep-beek.nl voor meer informatie.

Muziekgieterij

zondag 12 april 20.00 uur aanvang 22.30 verwachte eindtijd

SPECIAL 70TH ANNIVERSARY CONCERT

SCAN VOOR TICKETS

Inmiddels is het 70 jaar geleden dat Elvis Presley in ‘56 doorbrak met ‘Heartbreak Hotel’. Destijds gaf dat de nodige controverse, en met name zijn losse heupen schiepen destijds nogal veel roering. Maar inmiddels is Elvis haast niet weg te denken uit de rock cultuur. Wie kan niet meezingen op nummers als ‘Suspicious Minds’ en ‘Can’t Help Falling In Love’?

JAAR

Welke vereniging gun jij extra geld? Stem op jouw favoriete project!

Waar: Theater aan het Vrijthof, Vrijthof 47

Wanneer: tijdens het slotevent op zaterdag 31 januari

en

Hoe laat: vrij binnenlopen tussen 09.30 en 12.00 uur

Nostalgie in zwart-wit

RECHTSTRAAT 28

In 1957 richtte fotograaf

G.Th. Delemarre de lens van zijn camera op het pand Rechtstraat 28, gelegen op de hoek met de Wycker Heidenstraat. Vorige maand opende in dit pand Lilly’s Petit Bistro. In dit nostalgische ‘pijpenlaatje’ worden gerechten bereid op de wijze zoals oma dit vroeger deed. De (Franse) muziek en het interieur zorgen ervoor dat je je in een woonkamertje in Frankrijk waant. Toen de foto werd gemaakt, was Café Slechten hier te vinden. Oorspronkelijk werd dit café begonnen door de in Veldwezelt geboren Antonius Slechten (18911976). In 1956 heropende zijn schoonzoon Hendrikus Hubertus Satijn na een kleine verbouwing het gemoderniseerde café. In De Nieuwe Limburger van 6 april 1956 is te lezen dat het café toen ook over een televisie beschikte.

Als we verder in de geschiedenis duiken, dan kunnen we in De Zuid-Limburger van 3 december 1898 lezen dat Jan Hubert Moonen op het adres Rechtstraat 28 zijn “volksgaarkeuken” had geopend.

Volgens het Maastrichtse bevolkingsregister had hij zich bijna een half jaar eerder, op 17 juni, gevestigd op dit adres, samen met zijn echtgenote Maria Catharina Bergmans en hun zeven kinderen. Oorspronkelijk was de in Spaubeek geboren Jan Hubert spekslager van beroep, maar in het bevolkingsregister werd dit later gewijzigd naar herbergier, en weer later naar vrachtrijder.

Elke dag zou vanaf half zes in de ochtend in de volksgaarkeuken “vleeschsoep of bouillon” te verkrijgen zijn. Arme gezinnen konden geholpen worden doordat men voor die gezinnen voor 8 cent per portie bonnen kon kopen bij Jan Hubert Moonen. Op die manier kon aan liefdadigheid gedaan worden. “Door goede bediening, en de

billijke prijzen in aanmerking genomen”, rekende Jan Hubert op voldoende omzet, zo meldt De Zuid-Limburger. Een erg lang leven was de onderneming van Jan Hubert niet beschoren, want in februari 1902 verhuisde het gezin naar een ander adres.

Met Jan Hubert Moonen liep het niet goed af. Op 3 september 1908 werd hij in staat van faillissement verklaard. Hij was toen woonachtig op het adres Rechtstraat 50, waar tegenwoordig Kunstuitleen Maastricht is gevestigd. Hij was toen vrachtrijder en logementhouder van beroep. Mr. Fernand Tripels werd tot curator benoemd. Op 10 juni 1941 overleed Jan Hubert. Hij was toen 82 jaar oud.

MARKT 9

In mei 1962 liep fotograaf G.Th. Delemarre naar de Markt en maakte een foto van onder meer het pand Markt 9 (het middelste pand op de foto). Op de gevel is Bams Haagmans te lezen. De anno 2026 nog steeds bestaande drankenzaak werd toen gedreven door het echtpaar Franciscus Alexander Bams en Clasina Anna Maria Haagmans. Een maand vóórdat deze foto werd gemaakt, had het echtpaar hun veertigjarig huwelijksjubileum gevierd. Toen zij op 18 april 1922 in Maastricht trouwden, was de bruidegom koffiehuisbediende van beroep. Mogelijk dat hij werkte in het koffiehuis (café) van zijn moeder Catharina Scheepers, weduwe van Joannes Petrus Bams. Dat koffiehuis was toen gevestigd op Markt 9, waar dus later de drankenzaak werd begonnen.

Omdat de moeder van de bruid ook koffiehuishoudster was, namelijk in de Sint Antoniusstraat (de huidige Sint Teunisstraat), kan het ook zijn dat Franciscus Alexander Bams bediende was in het koffiehuis van zijn latere schoonmoeder Maria Ida Rouschop (weduwe van Pieter Joseph Haagmans), en daardoor zijn aanstaande echtgenote heeft leren kennen. De ouders van Franciscus Alexander Bams werden in het Maastrichtse bevolkingsregister op 17 januari 1905 geregistreerd

op het adres Markt 9, samen met hun vijf kinderen. Vijf andere kinderen waren toen al op zeer jonge leeftijd overleden. Vóór de verhuizing naar de Markt had het gezin in de Koevliegenstraat (Kwadevliegenstraat) gewoond, een straat die verdween toen de Wilhelminabrug werd gebouwd. Vader Bams was aanvankelijk vernisser van beroep geweest, en later bierbrouwersknecht. Na de verhuizing naar Markt 9 begon hij daar zijn koffiehuis. Op 10 april 1910, ruim vijf jaar na de verhuizing naar de Markt 9, overleed Joannes Petrus Bams aan de gevolgen van longtuberculose. Hij was pas zesenveertig jaar oud. Franciscus Alexander Bams, de zoon die de drankenzaak zou beginnen, was toen twaalf jaar oud.

De familie Bams is van oorsprong geen Maastrichtse familie. Jean Bams, grootvader van Franciscus Alexander Bams, werd in 1814 in Vlijtingen geboren. Aan het begin van de jaren veertig van de negentiende eeuw verhuisde hij naar Maastricht. In het bevolkingsregister werd Jean aangeduid als landbouwer en stroopfabrikant. Toen zijn eerste echtgenote Maria Josephina Offermans in 1853 overleed, woonde Jean in de Kruisherengang. Drie maanden later hertrouwde hij met de tien jaar jongere Christina Judith Roumen uit Wessem, die de stammoeder werd van de Maastrichtse familie Bams. 

Markt 9 | Beeld: Beeldbank van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, documentnummer 73.123

Prins Lloyd d’n Ierste! Stadsprins vaan Groet Mestreech

Wat een eer dat onze eigen Lloyd als Hoege Hoeglustigheid voorop gaat in de Mestreechter vasteloavend.

Geniet ervan!

Je collega’s van Flexprof

In het Werkgebouw blijft de maakindustrie behouden

De voormalige Opelgarage aan de Griend kreeg een jaar geleden een nieuwe bestemming: het Werkgebouw. Het is een bijzondere plek, met een bijzondere invulling. Een plek waar creatieve ondernemers oude en nieuwe ambachten in leven houden en… met succes!

Lange tijd stond het karakteristieke pand aan de Griend leeg. Na het vertrek van het autobedrijf kocht woningcorporatie Servatius het gemeentelijk monument langs de Maas, maar het duurde nog tot 2024 voordat er concreet iets gebeurde. Aan de andere kant van de stad bij de Tapijnkazerne waren vijftien ondernemers al als een collectief aan de slag onder de naam het Werkgebouw. Toen de universiteit de gebouw van het Werkgebouw nodig had, moest gezocht worden naar een andere plek. Die werd gevonden aan de Griend.

Ambacht

Wie bij het nieuwe Werkgebouw binnenstapt ruikt, voelt en hoort het ambacht. Stalen constructies die aan

DOOR: PETER EBERSON  BEELD: JEAN-PIERRE GEUSENS
“ Niet elke ondernemer past binnen dit concept”

elkaar gelast worden, getimmer in de werkplaats, het geluid van een weefgetouw en het smeden van goud en zilver tot sieraden. In de voormalige werkplaats van het autobedrijf zijn 34 houten ruimtes gebouwd, verdeeld over twee verdiepingen. Elke ruimte is een atelier, een werkplaats, een studio of kantoor van een ondernemer. Eén van de ondernemers is Simone Hensen. Ze knapt (kinder)meubels en houten speelgoed op en geeft workshops. Op het moment van het interview is het net lunchtijd. Aan een grote houten tafel zit een aantal ondernemers met elkaar te eten en te praten. Ze maken gebruik van de centrale hal en de centrale keuken. “het Werkgebouw is een collectief van ondernemers”, legt Simone uit. “Dat betekent dat iedere ondernemer naast

zijn eigen bedrijf ook bijdraagt aan de algemene kosten van het collectief, zoals de huur van het pand en het onderhoud, maar het betekent ook dat je je een paar uur per maand moet inzetten door bijvoorbeeld schoon te maken of kleine klusjes te doen.

Gezamenlijke keuzes

Beslissingen over veranderingen worden in gezamenlijk overleg genomen en zo wordt er ook gezamenlijk beslist over nieuwe huurders. Simone: “Je kunt hier als ondernemer relatief goedkoop een ruimte huren, maar je moet wel passen binnen het collectief. Niet elke ondernemer past binnen ons concept. Dan gaat het niet alleen over het soort bedrijf dat je hebt, maar ook of je je wilt inzetten en of je ook voldoende aanwezig bent. Het is niet de bedoeling dat je de bedrijfsruimte als opslagruimte gaat gebruiken en dat we je vervolgens een hele week niet zien.”

Diversiteit

De belangstelling voor een plek in het Werkgebouw is groot. Momenteel zijn alle 34 units bezet met een mix aan bedrijven. Er zit een fietsenontwerper, een meubelmaker, een keramiekstudio, sieradenontwerper, wever designer, vormgever, mode-ontwerper en zeepmaker om een paar ambachten te noemen. “Maar,” zegt Simone, “er zit ook een tatoeëerder en een leefstijlapotheker. Wat er hier gemaakt wordt is heel divers. Dat maakt het ook zo leuk. We hebben allemaal een eigen werkplaats, maar delen onze kennis en profiteren van elkaars netwerk. We lopen geregeld bij elkaar

binnen, drinken samen een kop koffie en vragen elkaars mening. Af en toe gebruiken we elkaars gereedschap of machines.”

Connectie met de buurt

De volgende stap is meer verbondenheid met de buurt krijgen. “Op dit moment verbouwen we een gedeelte van het pand aan de straatkant tot een aparte ruimte die we gaan verhuren. Het is een plek van 70 vierkante meter met een keuken, beamer en tafels en stoelen. Organisaties uit de buurt kunnen de ruimte per dagdeel huren voor activiteiten”, zegt Simone. “Zo hopen we meer mensen kennis te laten maken met het Werkgebouw. Het is sowieso de bedoeling dat iedereen hier kan binnenlopen. We zijn tenslotte ondernemers die hun spullen ook willen verkopen. In de winter is de grote poort, vanwege de kou gesloten, maar vanaf het voorjaar staat alles open en kan iedereen binnenkomen om te kijken wat we doen en om met de ondernemers in gesprek te gaan. Veel van de producten worden in opdracht van particulieren en bedrijven gemaakt. Ondernemers van het collectief werken op een duurzame manier door materiaal te hergebruiken.”

Tegenwoordig is het lastig om als consument een goede vakman of vakvrouw te vinden die aandacht heeft voor materialen en technieken. Die kiest voor duurzaamheid en authenticiteit. Die vakmensen vind je bij het Werkgebouw. Hier blijft de Maastrichtse maakindustrie op een kleinschalige manier bestaan. 

Twee steden, één partij, één familie

Twee familieleden die actief zijn in de politiek, is niet zo bijzonder.

Maar wanneer zowel de moeder als dochter fractievoorzitter zijn van dezelfde partij in twee verschillende gemeenten, is dat niet alledaags.

Hannie Heine (70) is sinds 1998 raadslid voor het CDA in Heerlen en tegenwoordig fractievoorzitter. Haar dochter Gabriëlle (36) is sinds 2021 raadslid in Maastricht en voert daar de CDA-fractie aan.

DOOR: MAURICE VAN DER LINDEN  BEELD: JEAN-PIERRE GEUSENS

Bij de komende gemeenteraadsverkiezingen staat Hannie op nummer 2 en is Gabriëlle de lijsttrekker.

“Weet je wat ik leuk vind?”, vraagt Hannie.

GABRIËLLE:

“ Partijleider Henri Bontenbal kun je gewoon bellen.”

“Voorheen was het ‘ben jij de dochter van Hannie?’ en tegenwoordig is het ‘Ben jij de moeder van Gabriëlle?’” Het zegt iets over de snelle opmars van de jongste van de twee in de politiek.

“Politiek kwam bij ons thuis royaal aan de orde”, legt Gabriëlle uit. “Ik ging regelmatig mee naar bijeenkomsten. Dat vond ik leuk en interessant.”

Voorkeurstemmen

Hannie kwam eigenlijk per toeval in de politiek terecht. “Mijn man was al sinds 1990 actief in de politiek. In 1998 stond hij op de lijst van het CDA voor de gemeenteraadsverkiezingen. Doordat er binnen de partij onenigheid was over het reguleren van de straatprostitutie door middel van tippelzones, vertrokken een aantal kandidaten die op de voorlopige kieslijst stonden. Mijn man zei: ‘Zal ik jou op de lijst zetten op plek 15?’ Ik vond het prima en ging ouderwets langs de deuren om stemmen te winnen. Uiteindelijk kwam ik met 415 voorkeurstemmen in de raad van Heerlen.”

Stoeptegelpolitiek

Hannie koos voor het Christen-Democratisch

goed doen, waarmaken wat ik beloof en daarmee leg ik best wel wat druk op mezelf.” Politiek is niet altijd even leuk, zeker als je ziet hoe mensen reageren op social media. “Mensen moeten je of ze moeten je niet”, reageert Hannie. Ik doe het voor de mensen, maar ik realiseer me ook dat ik het nooit voor iedereen goed kan doen.” Haar dochter trekt zich niets aan van reacties op sociale media. “Ik heb meer moeite als mijn verhaal ongenuanceerd wordt overgebracht door de media of wanneer ik onjuist word geframed. Dat stoort me en daar kan ik mij druk om maken. Maar de politiek is ook een spel dat je leuk moet vinden, anders houd je het niet vol.”

Sterke eigenschappen

Als ze naar elkaars sterke eigenschappen kijken, vindt Gabriëlle dat haar moeder zaken gemakkelijk naast zich neer kan leggen. “Die rust die mijn moeder heeft, zou ik ook wel willen hebben. Ik heb meestal wat meer tijd nodig om dingen van me af te zetten.” Andersom vindt Hannie de dossierkennis van haar dochter een zeer sterk punt. “Zij kan zich inhoudelijk enorm verdiepen in dossiers en komt dan sterk beslagen ten ijs.”

Toekomst

HANNIE:

“ Stoeptegelpolitiek’ is ook een vorm van politiek die ertoe doet in een gemeente.”

Appèl omdat het voor haar een partij is voor iedereen, in de buurten, in de wijken. “Iedere dinsdag sta ik als marktkoopvrouw op de markt in Heerlen. Mensen spreken me dan direct aan op zaken die leven in de stad. Ik ben misschien nog van de ‘stoeptegelpolitiek’, maar ook die vorm van politiek doet ertoe in een gemeente.” Dat Gabriëlle ook voor het CDA koos, lijkt logisch. “Maar ik had de vrije keuze”, benadrukt ze. “Het was een bewuste keuze. Het CDA-gedachtegoed dat iedereen moet kunnen bijdragen, spreekt me zeer aan. Ik ben ook blij dat de lijntjes naar de landelijke politiek veel korter zijn dan in het verleden. Partijleider Henri Bontenbal kun je gewoon bellen. De lokale afdelingen zijn net zo belangrijk als de landelijke partij.”

Spel dat je leuk moet vinden

Moeder en dochter hebben dagelijks telefonisch contact en dan gaat het bijna altijd over politiek. “Het is een hobby”, zegt Hannie. “Voor mij is het ook plichtsbesef”, vindt Gabriëlle. “Ik moet het

Hannie is inmiddels de formele pensioensleeftijd gepasseerd. “Zolang het te doen is én ik het leuk vind, ga ik door. Ik sta bij de komende verkiezingen op plek 2, maar als een ander het stokje van fractievoorzitter kan en wil overnemen, is dat voor mij ook prima.” Gabriëlle krijgt met regelmaat de vraag wanneer ze naar Den Haag trekt. “De komende termijn van vier jaar maak ik zeker vol in Maastricht. Daarna zien we wel weer. Ik weet wel dat als ik het niet doe, ik er ooit spijt van krijg. Dus ooit ga ik de Haagse politiek wel in.”

Derde generatie

Of er ooit nog een derde generatie politica komt in de familie Heine is nog koffiedik kijken. Het dochtertje van Gabriëlle is nog geen drie jaar. “Mocht ze ooit in de politiek gaan, accepteer ik natuurlijk haar keuze voor welke partij dan ook”, zegt Gabriëlle. “Maar ik zal wel even moeten slikken als het geen CDA is. Ze draagt nu de achternaam van mijn man. Ik hoop dat als ze in de politiek gaat dit onder de naam Heine doet. Prachtig toch, drie generaties Heine-vrouwen in de politiek.”

Van 15 tot en met 18 januari trokken weer duizenden autoliefhebbers naar het MECC voor de autobeurs InterClassics. Dit jaar stonden Japanse sport- en racewagens in de spotlights onder de titel ‘Legends of the rising sun’. Iconische voertuigen die wereldwijd een legendarische status hebben verworven. InterClassics eerde hiermee de unieke Japanse autowereld, waar geavanceerde technologie en rijke traditie hand in hand gaan.

BEELD: JEAN-PIERRE GEUSENS

Een warm thuis in de laatste levensfase

DOOR: MAURICE VAN DER LINDEN  BEELD: RENSKE GODSCHALK

Sevagram beschikt over twee hospices in ZuidLimburg. Een in Mechelen en een in Valkenburg. Hospice Martinus in Mechelen heeft een dorps karakter, het Geerlingshospice in Valkenburg heeft een stads karakter. In deze twee high care hospices zijn 24 uur per dag gespecialiseerde zorgprofessionals aanwezig die directe toegang hebben tot het behandelteam van huisartsen en specialistische behandelaren.

Dit klinkt wellicht als een vanzelfsprekendheid, maar dat is het zeker niet”, zegt verpleegkundige Claudia Lambij. “Omdat wij gespecialiseerde zorgprofessionals in huis hebben en de lijnen met de directe behandelaren kort en goed zijn kunnen we ook mensen met een complexe palliatieve zorgvraag een thuis bieden en is er expertise aanwezig op het gebied van pijn- en symptoommanagement.”

Silvia Wachelder - Vangangelt en Claudia Lambij

Levenservaring

Alle zorgprofessionals hebben ook de opleiding

Palliatieve Zorg gevolgd bij Zuyd Hogeschool. Palliatieve oftewel terminale zorg richt zich op de kwaliteit van leven in de laatste fase. Het gaat om het verlichten van klachten, het bieden van comfort en het ondersteunen van gasten en hun naasten bij lichamelijke, psychische, sociale en spirituele vragen. Dat vraagt van zorgprofessionals niet alleen vakinhoudelijke kennis, maar ook communicatieve en emotionele vaardigheden. “Levenservaring speelt daarbij ook een belangrijke rol”, benadrukt Claudia. “Het horen wat er niet gezegd wordt. De vraag achter de vraag. Iedereen leeft op zijn eigen manier en sterft ook op zijn eigen manier. Het aanvoelen wanneer een gesprek wenselijk is of wanneer een gast de ruimte nodig heeft. Soms er gewoon zijn, kan ook al genoeg zijn.”

Vrijwilligers

“Ook de veertig vrijwilligers in Mechelen en Valkenburg spelen een belangrijke rol in de twee hospices”, vertelt Silvia Wachelder - Vangangelt die als teammanager zorg verantwoordelijk is voor de hospices van Sevagram. “Vrijwilligers hebben een andere band met onze gasten en naasten dan de professionals. Ze koken, bakken wafels, doen spelletjes en voeren vaker andere gesprekken met onze gasten. Dat is net dat stukje extra dat we kunnen bieden.” Je kunt de hospices vergelijken met een vijfsterrenplushotel. In principe is alles mogelijk. Heeft een gast ’s nachts zin in een broodje kroket, dan wordt dat gemaakt. Silvia: “We werken ook samen met de Wensambulance om laatste wensen van onze gasten in vervulling te laten gaan en Sevagram Verwenzorg ondersteunt ons bij bijvoorbeeld bijzondere uitstapjes.”

Complementaire zorg

Naast de kleinschaligheid, huiselijkheid, rust, privacy, warmte en betrokkenheid vallen de hospices van Sevagram ook op door het aanbod van complementaire zorg. Dit is aanvullende zorg die naast de reguliere zorg wordt gegeven. Hierbij wordt uitgegaan van een holistische

benadering die uitgaat van de lichamelijke, emotionele, mentale, spirituele en sociale behoeften. Complementaire zorg kan klachten verlichten zoals pijn, misselijkheid, braken, angst, vermoeidheid en slaapproblemen en kan de kwaliteit van leven verbeteren.

“Klankschalen, etherische oliën, kruiden, inzet van edelstenen, massages, luisteren naar muziek zijn hier voorbeelden van”, zegt Claudia.

“Het mooie is dat alle zorgprofessionals zelf gekozen hebben om zich via verschillende opleidingen te verdiepen in een complementaire zorg. Het is geen verplichting maar iets dat ze vanuit hun hart doen.

Inmiddels zijn we op sommige gebieden van de complementaire zorg zo gespecialiseerd dat de huisartsen waarmee we nauw samenwerken ons hierin volledig ondersteunen en ons vaker om advies vragen omdat ze zien dat het een positief resultaat oplevert voor de gasten.”

Laatste zorg

De kwaliteit van een hospice valt en staat bij de professionele zorgverleners en de vrijwilligers. “We horen vaak dat gasten en naasten zeggen dat ze eigenlijk eerder naar ons hospice hadden moeten komen”, zegt Silvia. “Dat voelt natuurlijk als een compliment, want het is ons streven om die laatste zorg voor een gasten, maar ook voor zijn of haar naasten zo uitmuntend mogelijk te laten zijn. Vaak komen naasten weken na het overlijden van hun geliefde nog een keer terug naar ons hospice om ons te bedanken voor de zorg van hun naaste.” 

Naar schatting hebben 1,5 miljoen Nederlanders minstens één tatoeage. Op 1 januari 2025 stonden er ruim 3.200 tattooshops ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. Ieder kunstwerk heeft een verhaal. Karlijn van der Graaf ging voor De Nieuwe Ster op onderzoek uit naar een van die verhalen.

Eerbetoon in muzikale vorm

‘Music was my first love’, dat geldt zeker voor Rick Debie. En al kwamen daar in de loop van zijn leven andere grote liefdes bij, muziek is de meest constante. Hij verdiende er tot z’n pensioen zijn brood mee en als organist van twee kerken vliegen Ricks vingers nog steeds wekelijks over de toetsen.

Zijn muzikaliteit brengt hem rust. En troost. Een uitlaatklep die hij menigmaal nodig heeft gehad. Want al ging zijn leven niet alleen over rozen, juist díe staan op zijn onderarm getatoeëerd. Het waren de lievelingsbloemen van zijn dochter Winnie, de jongste van zijn vier kinderen. Zij had sinds haar tienerjaren van doen met een dissociatieve identiteitsstoornis, hetgeen inhoudt dat Winnie als het ware tussen meerdere persoonlijkheidstoestanden en verschillende identiteiten schakelde (zogenaamde ‘alters’). Deze namen regelmatig haar gedrag volledig over. Dat was een vreselijk akelige gewaarwording voor Winnie en haar omgeving, waar ze erg onder leed. Het resulteerde er uiteindelijk in dat ze in 2011 het leven niet meer aan kon. Op 24 januari van dit jaar wordt herdacht dat Winnie 15 jaar geleden gestorven is.

Complete symfonie

Rick liet haar naam op zijn arm zetten om zijn jongste dochter altijd bij zich te dragen. Haar nabijheid voelde hij sterk toen hij enkele jaren na Winnie’s overlijden een stuk componeerde. Hij voelde de behoefte om te creëren en in een vloek en een zucht had hij een complete symfonie geschreven. Het voelde alsof zij hem aanstuurde. In 2014 werd het stuk uitgevoerd in de Sint Janskerk. Het was Ricks eerbetoon aan Winnie, uiteraard in muzikale vorm.

Heb jij ook een bijzonder verhaal bij jouw tattoo, woon je in Maastricht en wil je dit delen met de lezers van De Nieuwe Ster. Stuur dan een kort berichtje naar redactie@denieuwestermaastricht.nl

DOOR: KARLIJN VAN DER GRAAF
BEELD: KARLIJN VAN DER GRAAF
Rick Debie

Wij zijn op zoek naar:

Kaukasische Mannen (40-76) en post-menopauzale vrouwen (45-76) met type 2 diabetes (onafhankelijk van insuline en HbA1C < 8.5%) en overgewicht (BMI 25-35 kg/m2)

Onderzoek naar verlagen van de suikerspiegel door het verhogen van de aminozuur verbranding in mensen met suikerziekte een nieuwe strategie om de nuchtere bloedsuikerspiegel in mensen met type 2 diabetes te verlagen

Het onderzoek bestaat uit 2 periodes van elk 12 weken, waarbij u in willekeurige volgorde een medicijn of een nep-medicijn (placebo) inneemt.

Per periode worden verschillende metingen gedaan; o.a. bepaling van uw insulinegevoeligheid, MRI-scan van het hart, bloedafnames, vragenlijsten, bepaling van uw lichaamssamenstelling, afname van een stukje spier en vet en uw energiegebruik wordt gemeten tijdens een overnachting op de universiteit. Deze metingen vinden 2x plaats (1x per periode). Vooraf wordt getest of u geschikt bent voor deelname.

Bij deelname komt u 15 keer, waarvan 13 keer nuchter, naar de universiteit in een periode van 36 weken (9 maanden).

Na deelname ontvangt u €750 + reiskosten (0.21 € per km)

Bij interesse neem contact op met:

Evi Koene T +31 43 388 45 96 E e.koene@maastrichtuniversity.nl

Sinds het jaar 2008 is Chimera actief in de inkoop en verkoop van edelmetalen zoals goud, zilver en diamant. Chimera gelooft in eerlijke prijzen en garandeert daarom de hoogste goudprijs van Limburg.

www.goudinkoopchimera.nl

Keuze uit 5 groepslessen per week + gratis zwemmen

Zorgt voor een sterke, soepele wervelkolom, strakke buik- en rugspieren en een slanker lijf.

Sint Bernardusstraat 5 Maastricht

Voor al uw electrische installaties Ontwerp Aanleg Service Onderhoud

De vrouwen van de SPM

Binnen de senioren STADS

PARTIJ MAASTRICHT spelen de vrouwen een belangrijke rol en… om het nog maar eens even te benadrukken; het zijn de jonge vrouwen. Wij stellen die graag nu al even aan voor. Op de lijst treft u straks op plaats 2 Ria Makatita-Hendrix, die onlangs het fractievoorzitterschap heeft overgenomen van John Steijns. Zij gaat nu voor haar 2e periode in de gemeenteraad en heeft vooral de onderwerpen gezondheidszorg, ouderenbeleid en Enci in

haar portefeuille naast de algemene leiding over de fractie. Op plaats 6 staat Senna Bensalah die vooral actief is in de maatschappelijke dienstverlening en die a.h.w. staat te trappelen om actief te worden in de gemeenteraad. Palmyre Lucassen vinden wij terug op plaats 11 en zij is werkzaam in de gezondheidszorg. Kortom; hier zijn ze dan: de vrouwen van de SPM.

Al 45 jaar betrokken en betrouwbaar

Van links naar rechts: Ria Makatita-Hendrix, Palmyre Lucassen en Senna Bensalah.

Maastrichtenaren die verdwenen in het duister van het verleden

De inname en plundering van Maastricht door de Spanjaarden in 1579. Beeld: Amsterdams Historisch Museum

Vorig jaar schreef ik al een keer eerder over de veelgehoorde uitspraak “Mestreech is neet mie vaan de Mestreechtenere”. Inwoners die hun wortels buiten ZuidLimburg hebben liggen, worden vaak aangeduid als ‘Hollanders’, terwijl inwoners van het Zuid-Limburgse ‘platteland’ gezien worden als ‘boeren’. Met name de ‘Hollandse’ inwoners van de stad worden door ‘echte’ Maastrichtenaren vaak ervan beticht dat zij het schuld zijn dat de identiteit van Maastricht is veranderd. Ik schreef toen dat de vermeende verhollandsing van de stad zeker geen recent verschijnsel is. Het proces begon al in 1632, toen stadhouder Frederik Hendrik namens de Staten-Generaal van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden Maastricht veroverde. Ik toonde in dat verhaal overigens aan dat veel ‘echte’ Maastrichtenaren juist afstammen van ‘Hollanders’ die onder meer in de negentiende eeuw naar Maastricht verhuisden. Zonder die ‘Hollandse’ import hadden die betreffende Maastrichtenaren niet nu rondgelopen in de stad.

DOOR: STEFAN VRANCKEN

Was mijn moeder een halve ‘boerin’?

Wanneer ben je nou een ‘echte’ Maastrichtenaar volgens de kenners in de stad? Mijn overgrootvader Léon Vrancken zag in 1875 het levenslicht in Geulle. Hij verhuisde aan het begin van de twintigste eeuw naar Maastricht, waar hij mijn overgrootmoeder, de in 1873 in Echt geboren Trui Geraets, leerde kennen. Het resultaat was dat mijn opa René Vrancken in 1911 aan de Spoorweglaan werd geboren. Mijn opa had dus geen Maastrichtse ouders. Ben ik dan een ‘echte’ Maastrichtenaar? Ik ben in ieder geval wel de vierde generatie die in Maastricht woont. Mijn andere opa, Joep Caenen, kwam in 1915 in Margraten ter wereld. Hij werd verliefd op mijn in 1921 in de Kattenstraat geboren oma Truus Menten. Mijn moeder Marie-Louise Caenen zou je dan kunnen bestempelen als een halve ‘boerin’. Mijn oma Truus Menten is ook geen volbloed Maastrichtse. Haar vader Peter Menten kwam namelijk uit Roermond, waar hij in 1887 werd geboren. Slechts twee van mijn acht overgrootouders zijn in Maastricht geboren, en dan ook nog eens allebei in Wyck, wat vaak ook niet wordt gezien als het ‘echte’ Maastricht. Louis Cremers, de moederlijke opa van mijn vader, werd in 1878 in de Rechtstraat geboren.Helena Cuijpers, de moederlijke oma van mijn moeder, kwam in 1892 op de Hoge Barakken ter wereld. Mag ik mij een Maastrichtenaar noemen? Of de ‘geleerden’ het eens zullen worden, betwijfel ik.

De Beeldenstorm

Vorige maand en deze maand verzorgde ik twee keer een Maastrichtse geschiedenisles in de prachtige Cellebroederskapel bij de Brusselsestraat. Ik behandelde daarbij de periode 1500-1814. In het jaar 1500 werd de latere keizer Karel V geboren, één van de twee heren van de tweeherige stad Maastricht. Het jaar 1814

markeert de val van Napoleon, en het vertrek van de Fransen uit de stad. Belangrijke gebeurtenissen in onze stadsgeschiedenis passeerden de revue. Ik vertelde bijvoorbeeld over de Beeldenstorm, die plaatsvond tussen augustus en oktober 1566. Dit was een vernieling op grote schaal van heiligenbeelden en andere objecten van katholieke religieuze plaatsen door calvinisten in de Nederlanden. In die periode werden vele kerken geschonden en het interieur ervan vernield. In Maastricht werd onder meer de Sint Matthijskerk zwaar getroffen. De Beeldenstorm, en het feit dat Maastricht van groot strategisch belang was, deed de Spaanse landvoogdes Margaretha van Parma, een buitenechtelijke dochter van keizer Karel V, in april 1567 besluiten een vast garnizoen te legeren in Maastricht. De garnizoensstad Maastricht was daarmee geboren. Dit feit, de constante aanwezigheid van duizenden militairen in de stad, was zeer bepalend voor de identiteit van de stad.

Maar ook de Spaanse Furie (1576), waarbij de Spanjaarden de stad wisten te heroveren, kreeg aandacht. Tijdens deze Spaanse Furie vonden in Maastricht moordpartijen, brandstichtingen en plunderingen plaats. Vele Maastrichtenaren kwam hierbij om het leven. Ook in 1579 viel de opstandige stad Maastricht ten prooi aan de Spanjaarden. Na die bloedige verovering van 1579 zou Maastricht nog tot 1632 mede onder het gezag van de Spaanse koningen vallen. In dat jaar 1632 wisten de Staten-Generaal van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden Maastricht onder hun heerschappij te brengen. Het ‘Hollandse’ tijdperk ving daarmee aan.

De Maastrichtse bakkersfamilie Tans Hoe bijzonder zou het zijn als je als inwoner van Maastricht kunt zeggen dat je voorouders

Een tekening die Philippe van Gulpen omstreeks 1850 maakte van de Sint Jacobskerk. Toen hij de tekening maakte, bestond het gebouw niet meer. Philippe was elf jaar oud toen de kerk werd gesloopt. Beeld: beeldbank Historisch Centrum Limburg (HCL)

al die belangrijke, en helaas ook bloedige, gebeurtenissen in en rondom de stad van dichtbij hebben meegemaakt en daarmee onderdeel werden van de geschiedenis? Tijdens mijn betoog in de Cellebroederskapel vertelde ik dat ik zeer geïnteresseerd ben in de geschiedenis van Maastrichtenaren die normaal nooit aandacht krijgen in geschiedschrijving. Het zijn de Maastrichtenaren die in de loop van de geschiedenis verdwenen zijn in het duister van het verleden. Zogenaamd omdat ze onbelangrijk waren. Maar niets is minder waar.

Via mijn eerder genoemde overgrootmoeder Helena Cuijpers (1892-1966) heb ik veel Maastrichtse en Wyckse voorouders.

Zo is deze overgrootmoeder een nakomeling van de Maastrichtse bakkersfamilie Tans die op de Brusselsestraat woonde. Haar overgrootmoeder Elisabeth Tans werd op 15 september 1794 gedoopt in de verdwenen Sint Jacobskerk, gelegen op de hoek van de Bredestraat en de Sint Jacobstraat. Vier dagen nadat haar ouders, de bakker Joannes Tans en diens echtgenote Anna Elisabeth Thuijs, haar hadden laten dopen, arriveerde een Franse troepenmacht van 35.000 militairen bij Maastricht. Uiteindelijk moest de stad na een beleg van anderhalve maand capituleren. Maastricht zou vervolgens twintig jaar lang een Franse stad blijven.

Peter Hermans en Maria Bringhmans waren betovergrootouders van de hiervoor genoemde Elisabeth Tans. Zij trouwden op 3 maart 1669 in de Sint Jacobskerk, en zouden dus in 1673 de verovering van de stad door Lodewijk XIV (de Zonnekoning) meemaken. Een dergelijke verovering van de stad moet veel indruk hebben gemaakt op de bevolking.

De smokkel van tabak

Dankzij mijn overgrootmoeder Helena Cuijpers kan ik dus stellen dat ik een echte Maastrichtse afstamming heb. Maar zo’n Maastrichtse afstamming kan ook uit onverwachte hoek komen. Mijn eerder genoemde overgrootmoeder Trui Geraets (1873-1964) kwam in Echt ter wereld. Haar voorouders woonden vrijwel allemaal in Echt en omgeving. Ook heeft zij voorouders uit Tegelen. Achter één van die voorouders van haar zit een interessante geschiedenis. Joseph Emonts was zijn naam. Hij was schoolmeester van Echt. In 1806 overleed hij in zijn huis op de Bovenstestraat in Echt. Hij werd op 20 maart 1731 gedoopt in Beegden. Het bijzondere is dat zijn ouders, Joannes Emonts en Joanna Swinnen, op 7 februari 1722 trouwden in de Sint Jacobskerk in Maastricht. De eerste vier kinderen uit dit huwelijk werden geboren in Maastricht. Joannes Emonts was zelf een Maastrichtenaar. Hij werd op 14 april 1693 gedoopt in de Sint Nicolaaskerk, destijds gelegen links van de Onze Lieve Vrouwekerk. Joannes kwam uit een gegoede familie. Zijn vader Nicolaas Emonts bekleedde diverse bestuurlijke functies. Zijn moeder Maria Tixhon kwam uit een vermogende bierbrouwerfamilie die in de Stokstraat woonde. Haar ouders Olivier Tixhon en Catharina Le Jeune trouwden op 5 december 1655 in de Sint Nicolaaskerk. Zij maakten, net zoals hun kinderen, in 1673 de verovering van de stad door Lodewijk XIV

mee. De ouders van Catharina Le Jeune, bierbrouwer Paulus Le Jeune en diens echtgenote Maria de Lechij, waren nog getuigen geweest van de verovering van Maastricht in 1632 door stadhouder Frederik Hendrik. De overgang naar het ‘Hollandse’ tijdperk was een gebeurtenis die zij van dichtbij hebben meegemaakt.

Toen Joanna Swinnen in verwachting was van haar vierde kind deed zich een dramatische

gebeurtenis voor. Joanna en haar echtgenoot Joannes Emonts woonden toen in de Grote Staat. Joannes was koopman van beroep. Een zus van Joannes had tabak de stad in gesmokkeld, en door een samenloop van omstandigheden raakte Joannes hierbij betrokken. Smokkel werd gezien als een ernstig delict. Zowel Joannes als zijn zus werden gevangengenomen. De bezittingen van het echtpaar Emonts-Swinnen werden in beslag genomen en verkocht.

Het gezin raakte daardoor in de financiële problemen. Omdat de moeder van Joanna Swinnen afkomstig was uit Beegden zal dat de reden zijn geweest dat Joanna en haar man uiteindelijk naar Beegden zijn verhuisd. Was het om aan de publieke vernedering te ontkomen? Was het vanwege financiële problemen? Het zijn op dit moment allemaal vragen. En zo zie je maar dat je uit onverwachte hoek Maastrichtse voorouders kunt hebben.

De Onze Lieve Vrouwekerk. Van deze kerk was Herman Pamel aan het begin van de zeventiende eeuw organist. Zijn zoon Gerardt Pamel was behalve notaris ook rentmeester van het kapittel van Onze Lieve Vrouw.

Een notarisfamilie

Mijn connectie met de stad Maastricht gaat nog veel dieper. Ook mijn hiervoor genoemde opa Joep Caenen uit Margraten bleek namelijk een verrassende Maastrichtse afstamming te hebben. Zijn in 1824 in Klimmen geboren overgrootmoeder Anna Maria Catharina Steens is een nakomeling van Catharina Schaepen. In 1718 trouwde Catharina in Houthem met haar achterneef Joannes Steijns. De wieg van Catharina had echter in Maastricht gestaan, waar zij op 22 juli 1697 werd gedoopt in de Sint Jacobskerk. Catharina kwam uit een Maastrichtse notarisfamilie. Haar vader Reinier Schaepen was notaris in Maastricht, evenals haar oom Hendrick Michiel Schaepen en haar volle neef Godefridus Schaepen. Maar ook haar opa Henricus Schaepen en haar overgrootvad-

er Gerardt Pamel waren notaris in Maastricht geweest. De familie Schaepen woonde aan het begin van de zeventiende eeuw al in Maastricht. De voorouders van Catharina hebben dus de veroveringen van 1632 en 1673 bewust meegemaakt.

Gerardt Pamel, de overgrootvader van Catharina Schaepen, was behalve notaris ook onder meer rentmeester van het kapittel van Onze Lieve Vrouw. Hij en zijn echtgenote Verona Peerkens woonden in de Cortenstraat, en later ook in de Wolfstraat. Herman Pamel, vader van Gerardt, was organist van de Onze Lieve Vrouwekerk. Het waren allemaal Maastrichtenaren die de bijzondere geschiedenis van de stad aan het einde van de zestiende en het begin van de zeventiende eeuw meemaakten.

Spaanse Furie

Ik kon ook aantonen dat mijn Maastrichtse voorouders ten tijde van de Spaanse Furie (1576) en het beleg door de Spanjaarden (1579) in de stad woonden. De bakker Ghijs van Hern en zijn echtgenote Christijn van der Haegen woonden in een huis op de hoek van de Boschstraat en de Grachtstraat. Zij trouwden vijf maanden vóór het beleg van de stad in 1632 in de Sint Matthijskerk. Dankzij mijn afstamming van Christijn van der Haegen mag ik toch wel stellen dat ik zeer sterk verbonden ben met de bijzonder interessante geschiedenis van onze stad. Christijn werd vernoemd naar haar vaderlijke oma Christijn van de Werde, gehuwd met Lambert van der Haegen. De families Van der Haegen en Van de Werde woonden al in

de stad toen de Spanjaarden in 1576 en 1579 een bloedbad in Maastricht aanrichtten. Tijdens mijn onderzoek in de Maastrichtse archieven ontdekte ik akten op basis waarvan ik kon concluderen dat die families al ver vóór die bloedige jaren in de stad vertoefden.

Mijn band met Maastricht gaat zelfs nog veel dieper. Zowel via mijn vader als mijn moeder stam ik bijvoorbeeld af van Willem van den Biessen die in de periode 1442-1459 de hoogschout was van het Brabants Hooggerecht in Maastricht. Je zit dan al in de late middeleeuwen. Hoe fantastisch is dat? Zou ik mij nu tóch een echte Maastrichtenaar mogen noemen? Wie het antwoord weet, mag het zeggen.

Keizer Karel V (links) en zijn zoon Filips II van Spanje. Zij waren samen met de prins-bisschop van Luik de heer van Maastricht. Onder het bewind van Filips II vonden de Spaanse Furie (1576) en het beleg door Spanjaarden (1579) plaats. Beeld: Museo del Prado

Kunst in publieke ruimte is hoogst haalbare podium

DOOR: MAURICE VAN DER LINDEN  BEELD: JEAN-PIERRE GEUSENS / LYNN VRANKEN

Hij werd geboren in Heerlen, groeide op in Alphen aan den Rijn en woont inmiddels alweer bijna veertig jaar in de hoofdstad van Limburg: Maarten van den Berg, de onofficiële stadsdichter van Maastricht. Tot en met 1 maart is zijn expositie Godsvermogen nog te zien bij Bureau Europa aan de Boschstraat.

Op zijn achttiende kwam Maarten (56) terug naar Limburg. “Ik wilde de studie beeldhouwen volgen aan de Academie voor Beeldende Kunsten in Maastricht. Ik koos voor Maastricht omdat ik er als kind kwam. Mijn oma woonde er en het was liefde op het eerste

gezicht met de stad.” Na het afstuderen moest er geld op de plank komen en dat lukte nog niet met de kunst. Daarom begon Maarten zijn eigen klusbedrijf. “Met alle materiaal in een oude auto ben ik begonnen. Ik had het zo druk dat ik geen tijd meer had voor kunst. Daarom ben ik na vijf jaar klussen als taxichauffeur

Maarten van den Berg

begonnen. In deze tijd ben ik gestart met het schrijven van poëzie. Op de academie was daar weinig aandacht voor. De passie voor taal zit gewoon in mij en dat moest er een keer uitkomen. Wanneer een beeld ook poëzie bevat, zie je vaak dat het beeld en het gedicht door twee verschillende kunstenaars wordt gemaakt. De beeldhouwer verwerkt dan de poëzie van de dichter in een kunstwerk. Zelden gebeurt dit door een en dezelfde kunstenaar. Ik ben het in ieder geval nog niet tegengekomen. Uiteindelijk is dat mijn handelsmerk geworden.”

De ziel van de stad Twintig jaar lang reed Maarten met zijn taxi door Maastricht. “Ik reed overdag, maar ook veel in de avonden en ’s nachts. Ik kan wel stellen dat ik hierdoor de ziel van de stad heb leren kennen.” Net als bij zovelen,

veranderde corona heel veel in het leven van Maarten. “In twee weken tijd ging het taxiwerk van honderd procent werk naar zeven procent. Ik besloot een eigen atelier te bouwen en klopte aan bij bronsgieter Marco Hornstra van Art & Craft in Vroenhoven. Ik liet hem weten dat ik wel wilde meewerken in de bronsgieterij. Een tijdje later kreeg ik een telefoontje van hem met de vraag wanneer ik kon beginnen. Dat was voor mij ook het moment om de definitieve stap naar het vak van kunstenaar te maken. Ik liet de taxibranche achter me.”

Zijn eerste kunstwerk in brons dat hij samen met Marco Hornstra maakte, was de Holocaust-plaquette aan de muur van de Synagoge in de Capucijnengang. “Ik mocht dit monument maken in opdracht van de Nederlands Israëlitische Hoofdsynagoge Limburg.”

Steenkoolzwarte koffie “Ik zoek altijd naar de ideale ‘drager’ voor mijn kunst”, zegt Maarten. “Maar mijn voorliefde gaat uit naar brons.” Een tweetal kunstwerken die niet van brons zijn, maar wel heel bekend in Maastricht zijn de Hymne voor een taxichauffeur en Ode aan Sphinxwerkers. De Hymne voor een taxichauffeur maakte hij in opdracht voor de gemeente Maastricht. In blauwsteen hakte Maarten vier dichtregels uit in de stoeprand van de taxistandplaats aan de Markt. Want wij zijn ruiters, wij roken rauwe diesellucht, wij drinken steenkoolzwarte koffie, wij mennen het geweten van de stad.

Twee weken op de knieën

De Ode aan Sphinxwerkers is op de grond te zien bij het Eiffelgebouw. “In Heerlen is bijna alles van de mijnbouw

verdwenen en daarmee ook een groot deel van de identiteit van de stad. De directeuren en ingenieurs van de mijnen zijn vertrokken en de arbeiders bleven berooid achter. Gelukkig is dat met het Sphinxgebouw niet gebeurd, maar ik was bang dat je snel vergeet wat daar plaatsvond. Ik wilde een eerbetoon maken aan de werklui van de Sphinxfabrieken die er bijna letterlijk hun leven hebben gegeven. Twee weken heb ik op mijn knieën de tekst uitgehouwen in de betonnen plaat op de grond. Een heel klein beetje heb ik toen het zware werk van de Sphinxwerkers gevoeld. Bijzonder was dat tijdens het werk een 90-jarige man kwam kijken die nog op de Sphinx had gewerkt. Een dag later bracht hij een collega mee en de dagen erna nog meer oudcollega’s.

Het Holocaustmonument in de Capucijnengang. Foto: Lynn Vranken

36 MAARTEN VAN DEN BERG

De zeepdispenser. Een beeld van 3,20 meter hoog. Foto: Jean-Pierre Geusens

aan

Toen het werk klaar was, vroegen ze mij wie de tekst had gemaakt: Herinner mij het naamloos zweet dat hier de werkvloeren koelde. Ze wilden niet geloven dat ik dit geschreven had. Dat was voor mij het mooiste compliment.”

In de Karkol

Ongeloof was er ook bij de Amsterdammers die Maarten een keer vervoerde in zijn taxi. Ze kwamen met regelmaat naar Maastricht en bezochten dan altijd café In de Karkol. “De man vertelde dat hij het gedicht dat In de Karkol de muur siert, had gefotografeerd en groot boven hun bank in de woonkamer had hangen. Toen ik zei dat ik dit gedicht had geschreven, geloofde hij er niets van. Maar weinig mensen weten dat dit gedicht van mij is, het is een werk op zichzelf geworden, dat is toch fantastisch.”

Ode aan de stad

Momenteel is zijn expositie Godsvermogen te zien bij Bureau Europa. Het is pas zijn tweede expositie. “De openbare ruimte heeft toch mijn grote voorliefde”, legt Maarten uit. “Kunst in publieke ruimte is wat mij betreft hoogst haalbare podium. Het is voor iedereen toegankelijk of je nu geld hebt of niet en of je nu kenner bent

Foto: Jean-Pierre Geusens

of niet. Iedereen mag zijn mening vormen, je kunt er, bij wijze van spreken, overheen pissen.” Blikvangers tijdens de expositie zijn het beeld Ode aan de stad. Een amfoor met rondom een gedicht van Maarten. Maar ook de zeepdispenser springt letterlijk in het oog. “Dit beeld heb ik samen met Marco gemaakt. Ik heb er drie jaar voor gespaard

en Marco heeft het in beginsel tegen kostprijs gegoten.

Daar ben ik hem zeer dankbaar voor. Het beeld is zonder sokkel 3,20 meter hoog. Ik wilde altijd al een meer dan levensgroot beeld maken en dat is gelukt.” 

Hoe machtig golven hier de straten, het zwanger koortsen van het plein, niets en alles wil ik laten om in haar zoete schoot te zijn. Het klepperen van de kroegen, zweem van riool op een terras, waar platanen schaduw zwoegen, ik jouw naam in boombast kras, oude muren niets vergeten, de morgens verschaald naar gisteren zweten en het vuur uit elke klinker spat. De rivier stroomt hier, dit is mijn stad.

Ode aan de stad. Maarten van den Berg, 2025

Ode
Sphinxwerkers bij het Eiffelgebouw. Foto: Lynn Vranken
Kunstwerk amfoor met rondom het gedicht Ode aan de stad.

DE NIEUWE STER

Met uw advertentie in De Nieuwe Ster bereikt u niet alleen uw lokale doelgroep online en in print, maar houdt u ook het nieuws van onze stad GRATIS VOOR ALLE MAASTRICHTENAREN.

INFORMATIE: VERKOOP@DENIEUWESTERMAASTRICHT.NL

Koop lokaal, ook online!

www.boekhandeldominicanen.nl

OUDE MUNT

DRUK VERKEER SUKKEL LANDBEWONER

SCHEEPSZIJDE TAS

VERHANDELING

LID

BEGANE GROND UITROEP PROTEST LANDBOUWER

SCHROBBEN KUDDEDIEREN

GEWRICHT DOPING

KOSTEN KOPER LERAAR IN OPLEIDING 3 WIT MATERIAAL SPOT

SNELLE DANS

GEWICHTSEENHEID

WERPEN

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook