20ste jaargang âą jaaruitgave 2009
Chris nieuwsbrief âMaar ik heb net een pizza in de oven gezet!â Het is woensdagavond 11 november. Vanavond komen de telefoonvrijwilligers van Chris naar Dordrecht om de maandelijkse vergadering bij te wonen. Er wordt gestart met âroosterenâ voor de maand december. âVrijdag 5 december: ochtend... middag... avond...â, roept een medewerkster van Chris. Hier en daar gaat er een hand omhoog. âWie vult alle legen plekken op?â vraag ik mezelf bijna hardop af. âDe hulplijn moet toch vierentwintig uur per dag bereikbaar zijn?â Ik ben nog in gedachten verzonken als ik word voorgesteld. âEn dan nu het woord aan de schrijfster van de nieuwsbrief!â. Het is mijn beurt. Ik open de avond met de stelling: Alle kinderen/tieners die Chris bellen, zijn ten diepste eenzaam. Geen enkele vrijwilliger is het hiermee eens. âDe meeste kinderen/tieners die Chris bellen, voelen zich op dat moment eenzaamâ, zegt één van de telefoonvrijwilligers. âDĂĄt dekt de lading inderdaad wat meerâ, vult een collega aan. âMaar waarom zou een kind of tiener Chris bellen als het zich niet eenzaam voelt?â is mijn wedervraag. Die vraag is raak. De vrijwilligers vertellen me wat voor telefoonjes ze zoal krijgen. De verhalen raken me stuk voor stuk.
âZe wil haar pleegouders niet kwetsen en dus belt ze ons.â
In alle verhalen die ik vanavond hoor, klinken steeds dezelfde woorden door: liefde, gebed en geduld. âOnlangs belde er een meisje dat in een pleeggezin zitâ, begint iemand achter in de zaal. âZe krijgt
daar veel liefde en heeft mensen om zich heen waar ze mee kan praten, maar toch belt ze ons regelmatig. Een reden hiervan is dat ze niet tegen haar pleegouders durft te zeggen dat ze haar eigen ouders mist. Ze wil hen niet kwetsen. En dus vertelt ze het tegen ons.â
âJe krijgt ook wel eens van die prettelefoontjes.â
Het verhaal dat hierop volgt, doet mij beseffen dat het hebben van een flinke dosis geduld geen overbodige luxe is als telefoonvrijwilliger. âJe krijgt ook wel eens van die âprettelefoontjesâ. âIk wil graag een pizza bestellenâ, hoor ik dan aan de andere kant van de lijn. âIs prima hoorâ, antwoord ik. âMaar is niet een stuk makkelijker om een zaak bij je in de buurt te bellen?â Na wat gegiechel wordt de hoorn op de haak gegooid. Tien minuten later gaat de telefoon weer: âGraag vijf patat mĂ©t, op hetzelfde adresâ. âJa...â, zeg ik verontwaardigd, âmaar ik heb net een pizza in de oven gezet!ââ
âHet meest bijzonder zijn de momenten dat je mag bidden met een kind.â De liefde van de vrijwilligers voor de kinderen en tieners die de hulplijn bellen, raakt me deze avond meer dan eens. âWe hebben tijd voor en geduld met deze kinderen. We mogen hen de boodschap geven dat ze waardevol zijn en geliefd in de ogen van de Here God Ă©n in die van ons.â âWeet je wat ik altijd nog het meest bijzondere vindt?â, zegt iemand voor in de zaal. âDat je aan de telefoon mag bidden met een kind of tiener. Dat is het belangrijkste onderdeel van ons werk: kinderen en tieners aan de voeten van de Here Jezus brengen.â Als ik naar huis rijd, branden de lichten bij Chris nog. Het zal nog een een uur duren voordat de vergadering ten einde is. De volgende dag begrijp ik dat de gaten in het rooster zijn opgevuld: medewerkers van Chris en vrijwilligers die tijdens de vergadering niet aanwezig waren, draaien de nog niet gevulde diensten. Extra vrijwilligers zijn hard dus nodig. Bekijk daarom snel de oproep op de achterzijde van deze nieuwsbrief!