Skip to main content

Veeteeltvlees juni 2026

Page 1


De Angushoeve investeert volop in de korte keten

Neospora, een familieprobleem in de veehouderij

Oog van de meester en sensoren kondigen nieuw leven aan

Bolivar

De La Langherode

(Cachemire De Dessous La Ville x Idefix van Terbeck)

Op 26 mnd.:

988 kg en 139 cm (+4)

Vrouwelijk gesekstbeschikbaarsperma

Zal grenzen verleggen

Ki-code: 945331

⊲ 91 punten eindbeoordeling

⊲ 92 punten bespiering

⊲ Hoge dochtervruchtbaarheid

Wilt u sperma van Bolivar of andere stieren bestellen, bezoek dan onze webshop op shop.crv4all.nl of shop.crv4all.be

RUBRIEKEN

5 Van de redactie

6 Fokkerijnieuws

23 Overall uit: bordercollies

29 CRV-coöperatienieuws

30 Managementnieuws

32 Marktinfo voer

33 Marktinfo vee

34 Agenda/vooruitblik/colofon

35 CRV-bedrijfsnieuws

HOOFDARTIKEL

8 A alfdetectiesystemen vinden steeds meer ingang in de vleesveehouderij. Ze vullen het oog van de meester aan

REPORTAGE

14 Op de Oost-Vlaamse De Angushoeve is korte keten zo veel meer dan boeren alleen

MANAGEMENT

17 De leeftijd van de Nederlandse grasmat

18 Serie Gezondheid: neospora, een typisch familieprobleem

24 Anne Krediet maakt eco-onderzoek in gras toegankelijk voor iedereen

VOEDING

20 Voer aankopen, vast of flexibel?

26 Voerwijzer: doordacht weidemanagement

De Angushoeve investeert volop in de korte keten

Neospora, een familieprobleem in de veehouderij VEETEELTVLEES

Oog

BIJ DE COVER

Al ruim vijf jaar siert een koppel van honderd angusrunderen het Wase landschap (foto: Regine Foket)

hoofdartikel a alfdectectie

gezondheid neospora voer termijnmarkt

Lore Van Raemdonck: ‘Als ik morgen stop met klantenbinding, is het gedaan met vlees verkopen’

Anne Krediet: ‘Het bodemleven is essentieel voor een gezonde bodem’

CowsOnWeb®

De geboortemelder voor elke rundveehouder

- CowsOnWeb® waakt 24u/24u en 7d/7d over uw dieren.

- Nadering geboorte 16 tot 30 uur op voorhand zichtbaar van op eender welke locatie via laptop, tablet, en smartphone.

- Plan uw kalving in tijdens uw werk door

- Reeds 400 tevreden klanten in zowel België, Nederland en Frankrijk

- Verlaag uw sterftecijfer, verhoog uw rendabiliteit.

- Inwendige als uitwendige sondes op markt met temperatuurmetingen.

- Vraag nu uw vrijblijvende testperiode aan

WWW.COWSONWEB.NET Brecht Van Wambeke

tel.: +32 497 222 647, email: info@cowsonweb.net www.cowsonweb.net

is een nutritioneel additief ontwikkeld door Starmilk om de start van het kalf te onders teunen. Het werkt vanaf de eerste dagen om de darmimmuniteit te versterken, de melkvertering te verbeteren en de risico’s van neonatale stress te beperken.

Uw melkpoederexpert Jean-François Lericq +32 (0) 484/11.86.38 - jf.lericq@starmilk.be www.starmilk.be

U kunt uw advertentieruimte reserveren tot 30 juni

advertenties@crv4all.com

Een misleidende claim breek je met trots en openheid

Dat er in reclameclaims tegen de grenzen van het aanvaardbare wordt geschurkt, merken we toch al wat langer. Vaak zijn het claims die niet aantoonbaar of bewijsbaar zijn, soms speelt men op het emotionele. Maar af en toe wordt er ook gespeeld met de feiten. In Vlaanderen kreeg de sector ‘Niet jouw moeder, niet jouw melk’ voorgeschoteld, in Nederland bracht Wakker Dier zijn ‘sloopmelk-campagne’. Twee keer was het een aanval op de sector, maar beide campagnes hadden ook een verschillende dynamiek. Wakker Dier durfde het aan om zijn boodschap specifiek te maken met een cijfers, en claimde dat een op de vier melkkoeien kreupel loopt. Daarmee nam het een risico op een klacht voor de Reclame Code Commissie, omdat die cijfers niet bepaald representatief zijn en enig kader ontbreekt. En die tik op de vingers volgde. Gaia deed het dan net wat anders. Geen feitelijke onderbouwing, maar een boodschap die geënt is op emotie. Er wordt niet verwezen naar enig probleem met de dieren zelf, maar de campagne haakt in op het systeem van de veehouderij, het scheiden van kalf en koe.

Beide campagnes richten zich op onze sector, maar waar de ene campagne op basis van feiten makkelijk onderuit te halen is, is dat veel moeilijker met de Belgische campagne. Ook al wekt de boodschap terecht een felle irritatie op in de sector. Vrijheid van meningsuiting is er dan wel, ook in de reclame, maar evenzeer is die vrijheid natuurlijk niet absoluut. Er zijn grenzen. Feiten geven dan weer duidelijker grenzen dan wanneer het om emotie gaat. Het krachtigste antwoord is dat van het constructieve en de openheid. Emotie counteren is echter niet zo eenvoudig. Je mag daarbij niet vervallen in een droog verhaal met cijfers en feitelijkheden over de e ciëntie in de sector. De consument zal eerder nood hebben aan een geruststelling van zijn emoties.

Kortom: antwoorden met trots, openheid. Als sector kunnen we dan zelf de regie pakken en tonen wat en hoe we het doen. Op die manier tonen we ook waarom we bepaalde keuzes maken, keuzes die gebouwd zijn op het welzijn van de koe, het kalf en de veehouder.

Opnieuw winst voor Valexia

Valexia van de Woeste Hoeve van Berkhout Blondes werd op de recente jongveekeuring in Koekange gekroond tot algemeen dagkampioene. Valexia showde zich op deze keuring met haar uitmuntend bekken, een prachtige rasuitstraling en veel harmonie. Met overtuiging won de jonge vaars de titel op de jongveekeuring. Daarvoor was ze ook gekroond tot kampioen van de oudere pinken van een jaar en ouder. De net tweejarige vaars met als vader Structure van de Woeste Hoeve is gefokt door Johan Schilder van de Woeste Hoeve en sinds medio vorig jaar in handen van Martijn van den Berkmortel van Berkhout Blondes in Sint-Oedenrode. Ook op de NVM in 2025 werd Valexia gekroond tot algemeen kampioen van de blondes.

Als reservekampioen bij de pinken van een jaar en ouder mocht Vienna Malo van Marcel Gerritsen uit Maurik zich opstellen. De jury roemde haar fijnheid en de goede bespiering. Kampioen bij de pinken tot een jaar werd Annelott, een dochter van Ronaldo van fokker en eigenaar Henk Visscher in Dalfsen. Volgens de Franse jury Peter Thissen is zij een fraai bespierd dier met een heel goed bekken en veel inhoud. Reservekampioen in deze klasse werd Berkhout Athene (v. Largo) van fokker en eigenaar Martijn van den Berkmortel. Zij werd geroemd om haar fijnheid, lengte en zeer goed bekken.

Voor de keuring van de bedrijfsgroepen vulden vijf deelnemende bedrijven met elk drie dieren de ring. De groep van Marcel Gerritsen, een zeer uniforme groep en veel individuele kwaliteit van de dieren, greep de overwinning.

De kampioenen en reservekampioenen van Koekange 2026 met jurylid Peter Thissen

Egon Verheijden stopt als CFO van CRV

Egon Verheijden heeft per 15 juni CRV verlaten. De raad van commissarissen van CRV Holding BV heeft zijn vertrek begin juni aangekondigd. Verheijden, die zes jaar bij CRV heeft gewerkt, heeft aangegeven toe te zijn aan een nieuwe uitdaging buiten CRV. De raad van commissarissen meldt Verheijden zeer erkentelijk te zijn voor zijn inzet en leiderschap in de afgelopen jaren. Hij heeft

Egon Verheijden werkte zes jaar bij CRV als financieel directeur

volgens de raad van commissarissen een belangrijke rol gehad in de ontwikkeling van CRV, zowel in de thuismarkt als op de internationale markten. Zo is CRV onder leiding van Verheijden efficiënter geworden en zijn strategische data-oplossingen verder ontwikkeld. De wervingsprocedure voor een definitieve opvolger is inmiddels gestart. Om de voortgang tijdens deze procedure te waarborgen, zal een interim-bestuurder de taken tijdelijk waarnemen.

Valexia van de Woeste Hoeve, algemeen kampioene Koekange

Alex Datema, directeur food & agri bij Rabobank:

‘Zolang we met wetgeving sturen op duurzaamheid maar dat economisch niet aantrekkelijk is, is het vechten tegen de bierkaai’

uit: Chance.inc, 11 mei 2026

Cabotin populairste stier in Wallonië

Met net meer dan 12.000 rietjes is Cabotin de la Cleuzeur de populairste witblauwstier in het aanbod van Inovéo in Wallonië. Dat blijkt uit de jaarcijfers van Inovéo, de commerciële tak van Awé. Met 12.130 rietjes is Cabotin met voorsprong de populairste stier in het aanbod van Inovéo. Een verklaring hiervoor ligt deels in zijn breder inzetbare afstamming. Met Race als vader en Paravent als moedersvader heeft hij enkele minder gefrequenteerde stieren in de pedigree. Ook tonen zijn nakomelingen verschillende gewenste kwaliteiten. Zo is Cabotin goed voor een fokwaarde 117 voor karkasgewicht en heeft hij een index gewicht/conformatie van 113. Nummer twee in de toplijst van Inovéo is Feston de Belle Eau. De zoon van Boy is goed voor 8.068 rietjes. Nummer drie is Cachemire de Dessous la Ville met 7.562 rietjes. Ter vergelijking: Demi de l’Orgelot was in 2025 goed voor een productie van 95.604 rietjes, zijn genen worden vooral ingezet voor beef on dairy. Ki-organisatie BBG realiseerde in 2025 opnieuw een sterke stijging in de productie van rietjes. Dat jaar werden er 4,475 miljoen rietjes geproduceerd tegenover 2,932 miljoen een jaar eerder. Dat jaar werd evenwel sterk getekend door de gevolgen van blauwtong. In 2023 produceerde BBG immers nog 3,906 miljoen rietjes.

Cabotin, de populairste stier in het aanbod van het Waalse Inovéo

Donné Hegger wint voorbrengwedstrijd blonde d’Aquitaine

Donné Hegger werd tijdens de jongveekeuring voor blondes in Koekange uitgeroepen tot beste voorbrenger. Op de jubileumjongveekeuring in Koekange werd er naast het keuren van de blondes ook gekeken naar het voorbrengen van deze dieren. De beoordeling van de voorbrengers, waarbij gelet werd op een rustige presentatie van het dier alsook de focus op het dier en de jury, werd gedaan door Alice Booij. Zij roemde in haar commentaar de rust en volledige aandacht bij het dier van de winnaar Donné Hegger. De winnares presenteerde de dieren van Ed en Marjan Neerincx uit Elst.

Donné Hegger was in Koekange de beste voorbrenger

‘Hallo, uw koe gaat

Een kalving die fout afloopt, kost geld. Het monitoren van naderende kalvingen is echter vrij arbeidsintensief. Daarom investeren steeds meer veehouders in a alfsystemen die hen ondersteunen in het tijdig waarnemen van a alvingen. Maar het oog van de meester behoudt zijn kracht.

TEKST WIM VEULEMANS

‘Hallo, uw koe gaat kalven!’ Dat is het sein dat de veehouder vandaag de dag al op meerdere rundveebedrijven ontvangt. Sensoren van divers allooi helpen veehouders om het afkalven van koeien tijdig te melden. Arbeidsbesparing en gemoedsrust zijn daarbij belangrijke redenen om hierin te investeren.

Al langer zijn er diverse afkalfdetectiesystemen op de markt. In het verleden baseerden deze sensoren zich vooral op de temperatuur van het dier of de beweging van de staart. Ook eenvoudige camera’s in de afkalfstal zorgden voor enig arbeidsgemak voor de veehouder. Recenter komen daar nieuwe technieken bij, zoals camera’s die op basis van artificiële intelligentie afkalfgedrag van runderen kunnen herkennen

of sensoren die verschillende koesignalen herkennen, zo ook het kalven.

Maar er zijn ook veehouders die deze technologie naast zich neerleggen en vertrouwen op hun thermometer. En het oog van de meester blijft cruciaal.

Het geboorteproces verloopt simpelweg in drie fasen. In de voorbereidingsfase – die loopt van enkele dagen tot enkele uren voor het afkalven – bereidt het lichaam van de koe zich voor en maakt het de baarmoedermond klaar. Vervolgens komt de ontsluitingsfase. Daarbij opent de baarmoedermond, waarbij de waterblaas en pootjesblaas verschijnen. Dit kan twee tot zes uur duren. Tot slot is er de uitdrijvingsfase, waarbij de persweeën beginnen. De duur is vaak afhan-

quent mee. Dit zijn signalen dat de ontsluitingsfase is gestart. In de uren voor het kalven neemt ook de herkauwactiviteit af, net als de voeropname.

Tot slot is ook de temperatuur een belangrijk hulpmiddel voor een veehouder om het afkalven te monitoren. De lichaamstemperatuur van een koe is immers een veelgebruikte indicator om de naderende kalving te voorspellen.

Het temperatuurverloop in fasen

Onder normale omstandigheden schommelt de interne lichaamstemperatuur van een gezonde, drachtige koe tussen de 38,5 en 39,0 graden Celsius. Tot enkele dagen voor het kalven blijft die temperatuur vrij stabiel. Eén tot twee dagen voor kalven vertoont de lichaamstemperatuur onder invloed van hormonale veranderingen een geringe stijging, gevolgd door een daling 12 tot 36 uur voor het kalven. Voor ervaren veehouders is dat een duidelijk signaal, omdat de temperatuur van de koe dan 0,3 tot zelfs 1,0 graad Celsius daalt. Deze dip wordt veroorzaakt door een plotse aanpassing in de hormonenbalans van het dier. Het progesterongehalte daalt immers om de geboorte op gang te kunnen brengen. Dit hormoon houdt echter ook de lichaamstemperatuur op niveau. Als de uitdrijvingsfase begint en de persweeën aanvangen, stijgt de temperatuur weer naar een normaal niveau, of zelfs iets hoger. De zware fysieke inspanning en de stress van het persen zijn hier de oorzaak van.

kalven!’

kelijk van de leeftijd van het dier en de persdrang van het dier. Dit laatste is ook wel wat rasafhankelijk.

Koegedrag bij kalven verandert

De meeste veehouders herkennen de naderende geboorte aan een combinatie van fysieke en gedragsmatige signalen die zich in de verschillende fases voordoen. Dit monitoren vraagt continu aandacht. Een groter koppel of activiteiten op het veld of buiten de deur maken monitoring echter moeilijker. Runderen die zich klaarmaken voor het afkalven, tonen een aantal fysieke signalen. De uier ontwikkelt zich, loopt vol en enkele dagen voorafgaand aan de kalving zwellen ook de spenen op. De bekkenbanden verslappen rond de 12 tot 24 uur voor het kalven. Deze banden situeren zich naast de staart en komen dan dieper te liggen, waardoor er als het ware geulen naast de staart ontstaan. Dit is een betrouwbaar visueel signaal dat het naderende kalven aangeeft. Tot slot zal ook de vulva opzwellen en roder worden. Er loopt vaak een taaier, helder slijm uit wanneer de slijmprop loslaat. Ook het gedrag van het dier verandert. Zo zal een koe zich afzonderen van het koppel en gaat ze rust opzoeken. Het dier zelf is eerder wat onrustig, gaat staan en liggen en wisselt dit frequent af. Er zijn ook dieren die dan met regelmaat naar hun buik kijken. Ze heffen de staart op en zwaaien er fre-

Dierenarts Hans Van Loo, verbonden aan de UGent, wijst in het temperatuurverhaal wel op een belangrijk aandachtspunt. ‘Niet alle dieren laten die temperatuurdip even goed zien’, geeft hij aan. ‘Zo kan een dier voor het afkalven wat last hebben van mastitis of een andere ontsteking in het lichaam, waardoor de temperatuur wat verhoogd kan zijn.’

Voor de dierenarts zijn de diverse tools en sensoren zeker een hulpmiddel, maar het oog van de meester is van niet te onderschatten waarde.

Hulpmiddelen voor a alfdetectie

Niet alleen omdat veebedrijven en koppels groter worden, maar ook als extra paar ogen zoeken veehouders vaak naar technologische hulpmiddelen om het afkalven tijdig waar te nemen. Voor Van Loo zijn deze zeker een belangrijke aanvulling, maar de dierenarts wijst erop dat het vooral belangrijk is om er goed mee te werken.

In het huidige aanbod werken de meeste afkalfsystemen op basis van temperatuur of staartbewegingen. Zij monitoren dus de temperatuurval of de verandering in de beweging van de staart. De betrouwbaarheid van deze geboortedetectiesystemen is al voldoende accuraat gebleken in de praktijk.

Veehouders kunnen de temperatuur handmatig meten met een thermometer, maar dat is arbeidsintensief en minder precies. Daarom maken moderne systemen gebruik van automatische sensoren. Een van de meestgebruikte sensoren momenteel is van CowsOnWeb, dat in Nederland, Frankrijk en België vierhonderd gebruikers heeft. ‘Momenteel hebben we twee soorten temperatuursensoren’, vertelt Brecht Van Wambeke, die onder meer CowsOnWeb verdeelt in België. ‘We hebben een fijne inox sensor die een 25 centimeter in de schede wordt ingebracht en waarbij de sonde met een speld op de huid van de koe wordt bevestigd.’ Deze sensor meet elke 10 minuten de temperatuur in de schede en geeft via de server een melding op de telefoon van de veehouder wanneer de temperatuur plots daalt. Zo is te zien dat de koe binnen de 16 à 30 uur gaat kalven. CowsOnWeb geeft aan voor 99 procent accuraat te zijn. ‘Wij doen rond de 15.000

De sensor van CowsOnWeb monitort continu de temperatuur

Met de senor van smaXtec wordt het afkalven met data vanuit de maag voorspeld

kalvingen met ons systeem en weten uit data dat de nietzakkingen vrij beperkt zijn’, zegt Van Wambeke. Recent is ook CowMed beschikbaar op de markt. Deze technologie is dezelfde als de spinnetjes van het Franse bedrijf Medria. Dit bedrijf stopte jaren terug met de ondersteuning van deze technologie. ‘De spinnetjes doen hetzelfde als de klassieke sensor’, verduidelijkt Van Wambeke. ‘Al zitten ze met 15 centimeter net wat minder diep in de schede. De sensor wordt bij het kalven naar buiten geduwd met de waterblaas. Naast de temperatuurzakking krijgt de veehouder ook een melding dat de sensor uit het dier is’, vertelt de adviseur. Hij wijst wel op enkele aandachtspunten bij het gebruik van de spinnetjes. Omdat ze net wat minder diep zitten en makkelijker beïnvloed worden door de buitentemperatuur, geeft deze sensor iets meer temperatuurschommelingen weer. Maar het is vooral belangrijk om schoon te werken. ‘Er kan contaminatie optreden bij het uitwerpen van de sensor, je moet ze dus heel goed reinigen en bij het in-

brengen goed ontsmetten’, gaat Van Wambeke verder. De spinnetjes zijn ook wat breder dan de sensor van CowsOnWeb. ‘Sommige runderen, vooral vaarzen, kunnen er dus wel wat op werken als je ze hebt ingebracht.’

Beweging van de staart

De meeste veehouders kiezen daarom nog steeds voor de klassieke, fijnere sonde. ‘Veehouders monitoren graag tijdig op een keizersnede’, verduidelijkt Van Wambeke. ‘Daarmee willen ze moeilijke geboorten vermijden en investeren in de verdere vruchtbaarheid van het dier.’ Maar ook hij wijst op het oog van de meester. ‘Er zijn immers dieren die amper een temperatuurval laten zien. Dat kan door een uierontsteking, maar ook toen blauwtong actief was, waren er vaker dieren met een hogere temperatuur, waardoor de temperatuurdip voor het kalven afgevlakt werd. Het gaat echter maar om een zeer klein percentage dat niet zakt in temperatuur.’

Een sensor die dan weer werkt op de beweging van de staart, is die van Smartvel van het Franse Innoval. Het Ierse Moocall werkt met een soortgelijke sensor. Smartvel als systeem is niet invasief, wat betekent dat het niet in het dier wordt ingebracht. Er is dus weinig gezondheidsrisico. De sensor wordt enkele dagen voor het kalven boven op de staart bevestigd en wordt voornamelijk bij runderrassen met natuurlijke bevallingen zoals melkvee en vleesveerassen als blonde d’Aquitaine gebruikt. Bij weeën zal de staart specifieke staartbewegingen maken, die het systeem herkent. Deze specifieke bewegingen worden via een algoritme geanalyseerd. De veehouder krijgt dan een oproep van de sensor om naar het dier te gaan kijken. Het voordeel van een staartsensor is de eenvoudige plaatsing en de correctheid van de melding.

Breder inzetbare sensoren

Voor tochtdetectie of het opvolgen van de gezondheidsstatus van de runderen zijn er al langer sensoren beschikbaar. Die sensoren meten bijzonder veel parameters, zoals activiteit, herkauwen, vreetgedrag en temperatuur. Dat zijn allemaal variabele parameters die vaak dier- en omgevingsgebonden zijn. Een verandering in het gedrag van het dier zorgt ervoor dat de veehouder een melding krijgt. Op die manier zijn zulke sensoren ook inzetbaar om het afkalfproces te monitoren.

Zo geeft het bekende SenseHub van MSD Animal Health al enkele jaren gerichte en duidelijke attenties als er problemen zijn rond het afkalven. ‘SenseHub geeft de veehouder geen notificatie dat het afkalfproces is gestart’, vertelt Kees Pols, key-accountmanager koemonitoring bij MSD. ‘SenseHub geeft wel duidelijk aan wanneer er zich complicaties voordoen tijdens of kort na het afkalfproces.’ Het bedrijf onderzoekt momenteel wel de integratie van een betrouwbaar afkalfdetectiesysteem via veldproeven. Pas na een succesvolle test zal dit dan volledig geïntegreerd worden in hun SenseHub Cow Calf voor vleesvee en later ook in SenseHub Dairy.

Melding vanuit de maag

Ook het Oostenrijkse smaXtec heeft een sensor beschikbaar die diverse parameters bij de koe meet. Deze bolus wordt via de muil in de netmaag ingebracht. De sensor meet dan de herkauwactiviteit, de activiteit en temperatuur van het dier.

De temperatuur wordt in de netmaag gemeten. ‘De tem-

Keizersnedes handig inplannen

Al meer dan dertien jaar werken de broers Tiemen en Jarich Cocquyt met CowsOnWeb op hun vleesveebedrijf. ‘Het systeem werkt meer dan goed, maar je moet er als veehouder wel mee leren werken’, geeft Tiemen Cocquyt aan. De West-Vlaamse vleesveehouder wijst zo naar de gevolgen van een

hittegolf. ‘Dan hebben onze dieren het wat moeilijker om hun warmte kwijt te geraken en merk je amper die temperatuurdip.’ Hij ziet vooral voor de planning van hun werk op het bedrijf veel voordelen met de afkalfdetectie. ‘Het systeem laat 18 tot 30 uur duidelijk de temperatuurdip zien en dat

peratuur meten we dus in de kern van de koe’, vertelt Laurens van Gilse, sales consultant bij smaXtec. ‘Onder meer doordat ze omgeven is door spier- en vetmassa is die temperatuur stabiel en met 39,4 tot 39,6 graden Celsius ook wat hoger. Bij fermentatie van het voer komt er immers warmte vrij’.

De sensor meet elke 10 minuten de temperatuur tot op een honderdste van een graad precies. Als een dier dan wat water drinkt, kan de temperatuur even een dip hebben. Daarmee wordt een berekening gemaakt van de waterinname. Elk half uur wordt een pakketje data op basis van drie voorafgaande metingen via de antenne en de bijhorende hardware naar de veehouder verstuurd.

Van Gilse: ‘We combineren met smaXtec deze temperatuurdata en de ondertemperatuur die aan het kalven voorafgaat, met alle andere data die we als afwijkend opmerken en kunnen zo een correcte melding doen aan de veehouder. Zo krijgt hij een fopspeen als melding, gemiddeld is dat zo’n vijftien uur voordat de keizersnede plaatsvindt bij witblauw of tot twintig uur voordat het kalf geboren wordt.’

Het Oostenrijkse systeem geeft aan zo een betrouwbaarheid van 90 procent te hebben in het voorspellen van het afkalven. ‘Zo hebben we uit ervaring geleerd dat een tien procent van de dieren die temperatuurdip niet of amper laat zien. Daarvoor kunnen verschillende redenen zijn, zoals de stofwisseling van het dier of een ziekte.’

AI-getrainde camera’s

Er zijn ook camerasystemen, al dan niet met toevoeging van AI-getrainde software. Al in meerdere (afkalf)stallen hangen er boven de dieren camera’s om van een afstand de koeien te kunnen monitoren. Deze hebben zeker hun waarde, maar de dieren dienen dan wel in het zicht van de camera te liggen. En vooral moet je als veehouder steeds zelf actie ondernemen om te kijken. Ondertussen is ook artificiële intelligentie geïntroduceerd in de veehouderij. Lely heeft in Nederland een slim monitoringssysteem ontwikkeld dat het afkalven tijdig detecteert: Zeta AI Calving Monitor. Daarnaast heeft Lely Zeta AI Barn Monitor ontwikkeld, een uitgebreider stalmonitoringssysteem dat de gezondheid en het gedrag van individuele koeien in de stal monitort. Deze module is nog in de conceptfase. Het systeem kan tochtgedrag detecteren, stalrobots aansturen en individuele koeien herkennen. Momenteel test Lely de Zeta AI Calving Monitor uitgebreid op tientallen melkveebedrijven in Nederland, waar ze het afkalven en de werking van de camera van nabij opvolgen. Het systeem herkent de stadia van afkalven en volgt de weeën nauwkeurig.

maakt dat we de kalving handig kunnen inplannen’, verduidelijkt Cocquyt. ‘Geen 10 procent van onze kalvingen is nu tussen 20.00 uur en 5.00 uur ’s morgens, maar ook een derde van de kalvingen doen we nu met twee kalvende dieren tegelijk. Dat scheelt ons en de dierenarts wat werk.’

Het is een volledig pakket, dat bestaat uit een cameraarmatuur met volwaardige verlichting en de nodige software met beveiliging van deze laatste. Om een voldoende groot zichtveld te hebben, is het belangrijk dat de armatuur hoog boven de dieren komt te hangen. ‘De camera en de bijhorende software werken op basis van de contracties in de flank van het dier en herkennen dus de persweeën’, vertelt Paul Van Adrichem, manager Zeta bij Lely. Hij was betrokken bij de ontwikkeling van het systeem. ‘Het systeem stuurt een melding als het kalven begint, inclusief een weeënscore en laat daarmee weten wanneer het afkalfproces is gestart.’ Het Lely-systeem meet ook de duur van de weeën. ‘Dat maakt het mogelijk dat ook verder in het geboorteproces of bij eventuele complicaties meldingen worden gemaakt door het systeem.’

Omdat het een zelflerend systeem is, leert het steeds bij. ‘De focus ligt nu op melkveebedrijven, aldus Van Adrichem. ‘Als het systeem getraind wordt met informatie voor vleesvee, zou het mogelijk in de toekomst ook daarvoor ingezet kunnen worden.’

‘De boeren die het nu gebruiken, slapen beter’, geeft de Lely-manager aan. ‘Het systeem volgt de koeien immers van dichtbij op en meldt meteen.’

Gratis AI-tool

Niet alleen bedrijven investeren in AI-getrainde systemen, ook verschillende jonge melkveehouders zijn ermee bezig. Drie jonge Nederlandse melkveehouders, Jan-Jaap Verweij, Erik Schouten en Jouke Harders hebben zo een gratis softwareprogramma ontwikkeld dat de beelden

De Zeta AI Calving Monitor wordt momenteel op tientallen bedrijven getest

Geboorte vanuit de maag gemeld

In Borgloon houdt Didier Kersten samen met zijn broer Filip 240 witblauwen. Twee jaar geleden investeerden ze in de sensoren van smaXtec. ‘Het is een totaalpakket dat ons veel inzicht geeft in de prestaties en gezondheid van onze dieren’, vertelt Didier Kersten. Hij geeft ook wel aan dat je met het systeem moet leren werken. ‘Je krijgt heel veel data uit de sensoren, je moet die juist kunnen interpreteren.’

Een maand voor de vaarzen bevrucht moeten worden, brengen de broers de bolus in. In die periode heeft het systeem de nodige tijd om het dier en haar gedrag te leren kennen. Ook het afkalven volgen de broers met smaXtec op. ‘Circa 15 tot 20 uur voor het

kalven krijgen we een melding. Dat biedt ons de kans om alles voor te bereiden en ons werk te plannen. Af en toe is er eens een valspositieve bij, maar ik ga liever een keer te veel kijken.’

Anderzijds wijst Kersten ook op de scherpte van de techniek. ‘Plots kregen we een melding dat een koe ging kalven’, vertelt hij. ‘Ze was echter nog niet aan haar potentiële datum, dus dachten we aan een foutje in de melding, maar het dier bleek wel degelijk te gaan kalven.’

De bolussensoren van smaXtec worden ook al enige tijd gebruikt bij een deel van de melkveestapel op het onderzoeksbedrijf van ILVO in het Oost-Vlaamse Merelbeke. ‘Ze

van eenvoudige camera’s boven de dieren kan analyseren. Eerst richtte dat programma, CowCatcher AI, zich op tochtwaarneming, recent hebben ze ook CalvingCatcher AI beschikbaar, die het aan veehouders automatisch meldt wanneer een koe op het punt staat te kalven en updates geeft over het afkalfproces. Beide programma’s zijn open source en gratis beschikbaar.

Jouke Harders, melkveehouder in Parrega, stond mee aan de wieg van de CalvingCatcher AI-ontwikkeling. ‘Drie jaar terug werkten we met de AI-tool Gemini’, vertelt Harders. ‘Maar daarvoor was ons aantal requests beperkt. We zijn dus zelf gaan ontwikkelen aan een eigen tool.’

CalvingCatcher AI herkent een waterblaas bij een kalvende koe

Het AI-programma krijgt de beelden binnen en herkent momenteel al de vruchtblaas, de pootjes, maar ook de kop, romp en het gehele kalf. ‘Op die manier kun je het geboorteverloop goed monitoren’, aldus Harders. Momenteel trainen ze het systeem op herkenning van het omhoog houden van de staart. ‘Ons programma leert zo continu bij, waarvoor we al meer dan 8000 beelden hebben toegevoegd’, gaat Harders verder.

In hun deelnemersgroep zitten iets meer dan veertig veehouders die met een van de programma’s werken in

ondersteunen onderzoeksprojecten met data als wateropname, activiteit, temperatuur en tochtdetectie’, vertelt Björn Inghelbrecht, onderzoeksondersteuner bij ILVO. ‘Die sensoren signaleren verschillende gezondheidsissues bij onze dieren, vaak veel vroeger dan we ze zelf opmerken. Sinds veertien maanden gebruiken we ze ook voor het tijdig signaleren van kalvende koeien.’

‘Er zit natuurlijk variatie in, maar zes tot twaalf uur vooraf krijgen we de aanstaande kalving gemeld. Altijd tijdig vooraf dus’, aldus Inghelbrecht. ‘Het is ook al eens voorgevallen dat we een melding kregen bij een dier waarvan de dracht nog niet ten einde was. Deze kalving hadden we anders kunnen missen.’

hun stal. ‘Het grote voordeel is dat je als veehouder niet zelf altijd naar de beelden hoeft te kijken, CalvingCatcher AI is een extra paar ogen voor ons.’ Harders zondert ook pas een kalvende koe af uit het koppel naar de afkalfbox wanneer de AI-tool de kalving aankondigt. ‘Op die manier haal ik haar niet te vroeg uit het koppel.’

Joram Hofman uit Lutkewierum is een van de gebruikers van CalvingCatcher AI. Hij is melkveehouder en biedt daarnaast met StalZicht ook camerasystemen aan voor de landbouw. Hij werkt voor zijn tachtig melkkoeien al enige tijd met het systeem. ‘Als het systeem de uitgeduwde blaas of de pootjes herkent, krijgt ik via Telegram een melding’, vertelt hij. ‘In het merendeel van de gevallen is het systeem dan spot-on, soms is er wel een valse melding. Maar het systeem wordt door de toevoeging van steeds meer beelden steeds beter.’

Op de Nederlandse en Vlaamse markt zijn zo verschillende systemen beschikbaar, elk met hun eigen voor- en nadelen. Maar het is ook duidelijk dat geen enkele sensor het oog van de meester helemaal vervangt. De meest adequate resultaten worden gehaald uit de combinatie van sensordata, kijk op de koe en check in de stal. l

Samenvatting

– Diverse signalen geven een aanstaande kalving aan. Temperatuur, activiteit en het invallen van de bekkenbanden zijn de meest opvallende.

– De eerste afkalfsystemen werken met het monitoren van de temperatuur en de beweging van de staart.

– Recent komen daar sensoren bij die verschillende data vanuit de koe registreren, maar ook camera’s met AI-getrainde software.

– Het oog van de veehouder is tot slot van grote waarde in het opvolgen van kalvende koeien.

Door klimaatverandering worden onze zomers steeds warmer. Hierdoor neemt het aantal uren dat een rund hittestress ervaart toe. De gevolgen zijn: een lagere voeropname, een grotere kans op pensverzuring, klauwproblemen, lagere groei, verminderde voerconversie en indien van toepassing een verminderde vruchtbaarheid.

Met onze zomer aanpak zijn deze gevolgen gelukkig voor een belangrijk deel te voorkomen. Onze specialisten helpen u daar graag bij!

Scan de QR-code en ontdek onze zomer aanpak!

De Poort 3a 5751 CN Deurne • T +31(0)88 73 00 500

TRANSPORTEER EN

www.voergroepzuid.nl

GOEDKEURING

‘Korte keten is veel meer dan boeren’

Sint-Niklaas

naam bedrijf De Angushoeve eigenaren Bart Heyrman (33) en Lore Van Raemdonck (30) aantal dieren 250, waarvan 150 Belgisch witblauwen en 100 angusrunderen grondgebruik 30 ha bouwland en 35 ha graasweide

Met een honderdtal angusrunderen bouwden Bart Heyrman en Lore Van Raemdonck in enkele jaren een succesvolle korteketentak uit. Via De Angushoeve verkopen ze maandelijks vleespakketten rechtstreeks aan de consument. Het extensieve ras houdt de productiekosten laag en biedt een sterk verhaal, al vragen verwerking en klantenbinding veel arbeid.

TEKST JUSTINE POPPE

Wie het erf van Bart Heyrman en Lore Van Raemdonck oprijdt, kan de gloednieuwe openfrontstal vol zwarte angusrunderen niet missen. Het koppel heeft een 100 angusrunderen en 150 Belgisch witblauwen. Onder de naam De Angushoeve verkoopt het duo maandelijks vleespakketten rechtstreeks aan de consument. Dat was het resultaat van een creatieve ommezwaai, nadat ze het ouderlijk bedrijf van Heyrman hadden overgenomen.

Stamboekdieren moeilijk

‘ Toen we in 2020 gedeeltelijk overnamen, was de Belgischwitblauwtak niet zo rendabel’, begint Heyrman. ‘Het bedrijf telde 150 Belgisch-witblauwrunderen. We wilden er nog iets

bij, het liefst iets wat Lore kon combineren met haar parttime werk buitenshuis als landbouwleerkracht.’ Na tal van opties te hebben overwogen, bracht de zoektocht hen uiteindelijk bij de verkoop van hoevevlees in korte keten. ‘Omdat ik in mijn vergunning nog ruimte had voor extra vleesvee, konden we deze nieuwe tak opstarten zonder grote aanpassingen.’

Die nieuwe tak vroeg volgens het koppel om een ander vleesras. ‘Belgisch witblauw vind je in bijna elk dorp’, zegt Van Raemdonck. ‘We wilden ons onderscheiden met een extensief ras met een duurzaam verhaal. Klanten vinden het fantastisch als ze een kalf bij de koe zien lopen. Ook het extensieve grasgevoerde karakter spreekt aan.’ Ze kozen voor het angusras. ‘De Franse rassen vonden we te temperamentvol’, vervolgt

Van Raemdock. ‘Hierdoor keken we al snel naar de Engelse en Schotse rassen. De tip om angus te gaan houden kwam van een vertegenwoordiger. Die was fan van het iets vettere, smaakvolle angusvlees.’

In 2021 was het zover. Via via kocht het stel zestien angusdieren, bestaande uit vijf drachtige koeien, tien vaarzen en een stier. Daarmee legden ze de basis voor de huidige honderdkoppige angusveestapel. ‘Omwille van de genetische kwaliteit had ik graag dieren vanuit het Verenigd Koninkrijk, het land van oorsprong, gekocht’, zegt Heyrman glimlachend. ‘Maar dat was met brexit destijds moeilijk.’ Toch stamt zijn huidige Vlaamse veestapel indirect af van Schotse bloedlijnen, het werk van de vorige eigenaar.

‘Door hun schuwe karakter kiezen we voor natuurlijke dekking met een stamboekstier’, geeft Van Raemdonck aan. ‘Zo kochten we onze tweede stamboekstier via collega-boeren aan voor de nieuwe generatie vaarzen.’ Belangrijk bij dekstieren zijn karakter, bouw, bevleesdheid, grootte en kwaliteitsvolle bloedlijnen. Met de beperkte populatie is goede genetica zoeken uitdagend. Heyrman: ‘In Nederland is er een officieel stamboek. In België niet. En export van dieren tussen beide landen is gebonden aan strikte regels omwille van de verschillende ibr-statuten.’

Vandaag de dag houden ze circa 250 stuks rundvee, waarvan een hondertal angusrunderen en circa 150 Belgisch witblauwen. ‘Onze angusveestapel groeit naargelang de vraag van de consument’, zegt Van Raemdonck. Belgisch-witblauwvlees verkopen ze niet in korte keten. ‘Dan mis je het unieke verhaal van je product’, vermoedt ze. ‘Steunpunt Korte Keten tipte dat het voor de marketing slim is om bij één verhaal te blijven.’

Korte keten kan uit

Of angus houden financieel voordeliger is dan witblauw?

‘De prijzen van Belgisch witblauw zitten nu op het niveau waarop ze horen te staan’, geeft de veehoudster als antwoord. ‘Maar dat zegt weinig over wat je marge is.

Uiteindelijk telt het verschil tussen kosten en opbrengsten. Bij een extensief ras zoals angus liggen die kosten heel laag.’

Angus doet het het best op een laag eiwitrantsoen van gras en hooi. ‘En tijdens de afmest een beetje gerst’, geeft Heyrman aan. ‘Daarnaast lopen ze buiten zolang het weer het toelaat en graast een deel op natuurgebied in beheer van het Agentschap voor Natuur en Bos.’ Dat verschilt sterk van de witblauwen, die ook weiden in de zomer, maar vooral in de stal op gewicht worden gevoerd met voordroogkuil, mais en krachtvoer naargelang gewicht.

Ook het half jaar zogen bij de moeder bespaart kosten, zoals de veeartskosten. ‘Tijdens de grote blauwtongdruk in 2024 zagen we een paar witblauwen ziek, maar geen van onze angusdieren’, stelt de veehouder. Van Raemdonck vult hem aan: ‘Daarnaast kalft zo’n 98 procent

Helemaal links is de nieuwe openfrontstal goed te zien met vooraan de nieuwe verwerkings- en koelruimte en achteraan een overdekte mestopslagplaats

Naast een hondertal angusdieren houdt het duo een 150-tal Belgisch witblauwen

van de koeien zelf. En zit de stier erbij, dan zijn ze binnen de kortste keren drachtig.’ Wel duurt het circa drie jaar voordat een angusdier slachtrijp is. ‘Dan weegt hij ongeveer 400 kilogram geslacht, maar uiteindelijk draait het om de marge’, vervolgt ze. Daarnaast moet de korte keten rendabel zijn. ‘Door rechtstreeks aan particulieren te verkopen houden we meer controle over de prijs’, zegt Van Raemdonck. ‘Voor supermarkten is onze productie te beperkt, maar we leveren wel aan enkele lokale horecazaken.’

Vlees verwerken in container

Toch behoeft de rendabiliteit van korte keten enige nuance volgens het duo. ‘Als je de rendabiliteit van de korte keten berekent, tel je het extra werk meestal niet mee’, zegt Heyrman. En dat werk is niet min. ‘Maandelijks, meestal op zaterdag, verkopen we vleespakketten’, zegt Lore Van Raemdock, die alles van de vleesverkoop en het klantcontact voor haar rekening neemt. Bart neemt het werk bij de dieren voor zijn rekening en staat haar bij tijdens het versnijden en de pakkettenverkoop. ‘De week ervoor laten we twee dieren slachten, waarna het vlees terugkomt om te versnijden met hulp van een beenhouwer.’

Het versnijden van het karkas gebeurt in een mobiele container op het bedrijf van circa 3 bij 6 meter, die voldoet aan de regels van de voedselveiligheid. Naast die container staat een losse koelcontainer. ‘Dankzij de containers konden we zonder grote financiële risico’s starten’, zegt Van Raemdock. Ze schetst hoe zo’n week voorafgaand aan de pakkettenverkoop eruitziet: ‘Dinsdag gebeurt het voorbereidende werk, zoals klantenstickers drukken en gerief klaarzetten, woensdag en donderdag versnijden we, vrijdag maken we de pakketten en zaterdag komen de klanten langs.’

Klanten stellen hun pakketten zelf samen en kunnen op zaterdag ook losse stukken vlees kopen aan een kleine koeltoog. Het gaat om restjes van de twee dieren die overblijven na de pakkettenverkoop. ‘Dat gaat bijvoorbeeld over een paar worsten of vijf steaks’, duidt Lore. ‘Ook die zijn meestal de deur uit na afloop.’ Dat geldt ook voor de niet-edele stukken, zoals mergpijpen, hart en lever. Volgens Van Raemdonck spreekt het concept een breed publiek aan, van ouderen en sporters tot gezondheidsbewuste jongeren. Die klanten behouden vraagt wel veel werk. ‘Korte keten is meer dan boeren alleen’, zegt ze. ‘Als ik morgen stop met klantenbinding,

is het gedaan met vlees verkopen. Denk bij klantenbinding aan sociale media, flyers, nieuwsbrieven en andere communicatie rond de verkoop.’

Nieuwe stal, nieuw hoofdstuk

Ze geeft toe dat het in combinatie met haar parttime werk als leerkracht soms druk kan zijn. Zeker met hun twee kleine kinderen Floris (2,5 jaar) en Pippa (10 maanden). Maar ze zijn daardoor niet minder enthousiast. ‘Dit voorjaar zijn we pas verhuisd naar mijn ouderlijk huis op het bedrijf’, vertelt Heyrman. ‘Mijn ouders wonen nu om de hoek en helpen nog dagelijks mee.’

Werk is er momenteel genoeg. Net voor de nieuwe openfrontstal staat een extra gebouw. Lore leidt ons rond en toont de toekomstige verwerkings- en koelruimte. Een paar werkmannen zijn in de weer en bevestigen de afwasbare platen tegen de muren. ‘Steunpunt Korte Keten gaf ons tips hoe zo’n verwerkingsruimte ingedeeld moet worden en aan welke vereisten die moet voldoen voor de voedselveiligheid. Ik zal blij zijn als het af is. De container wordt stilaan te klein.’

Groeien in aantal angusdieren hangt af van de consumentenvraag. Beide veehouders geven toe dat ze nu in de vijfde versnelling leven. ‘Later zullen we misschien zeggen: amai, hoe hebben we dat destijds allemaal gedaan?’, zegt Lore. ‘En misschien vooral ook: amai, wat een mooie periode was me dat.’ l

Extra foto’s online

Meer beelden van De Angushoeve in Sint-Niklaas zijn te vinden op de website van VeeteeltVlees.

Fotoserie op veeteeltvlees.nl

De nieuwe verwerkings- en koelruimte is bijna klaar

Een derde van de grasmat is ouder dan 21 jaar

De gemiddelde leeftijd van grasland is het hoogst op de veengronden in Noorden West-Nederland. Op de zuidelijke zandgronden is de leeftijd van de grasmat het laagst. Dat blijkt uit een overzicht van masterstudent Yuxi Feng, die de leeftijd van grasland in kaart bracht aan de hand van de basisregistratie gewaspercelen (BRP). Dit gebeurde in het kader van het NWO Nationale Wetenschapsagenda-project Kligras, geleid door Franciska de Vries van de Universiteit van Amsterdam en met partners CBS en Eurofins. In deze studie wordt onderzocht in welke mate grasland bestand is tegen extreme weersomstandigheden.

Leeftijd van grasland in Nederland (gemiddelde 2004-2024)

grasland

Elke rundveehouder kan ermee te maken krijgen: ziekten in de veestapel. Maar hoe herken je ze op tijd? Hoe behandel en voorkom je ze? In deze serie duiken we in veelvoorkomende ziekten bij runderen. Praktische inzichten voor een gezonde veestapel.

onderwerp

1. salmonella

2. bvd 3. ibr

4. mycoplasma

5. leptospirose

6. mannheimia

7. para-tbc

8. neospora

Neospora is een typisch familieprobleem

Het begint vaak met één koe die verwerpt. Vervelend, maar dat kan gebeuren. Pas als in korte tijd meerdere dieren volgen, gaan alarmbellen rinkelen. Neospora kan de stille boosdoener zijn, een parasiet die zich ongemerkt van generatie op generatie kan blijven verspreiden.

TEKST QUINTEN DEN HERTOG

Neospora is een parasiet die op veel rundveebedrijven voorkomt en abortus kan veroorzaken. In de praktijk varieert het beeld sterk: de ene keer blijft het bij een incidentele verwerper, terwijl het een andere keer uitgroeit tot een terugkerend probleem met meerdere abortussen per jaar of een abortusstorm met in korte tijd veel verwerpers.

Verwerpen hoeft niet altijd

Koeien worden zelf niet ziek van neospora. Daardoor blijft een besmetting lang onopgemerkt. Verwerpen is vaak het eerste duidelijke signaal. Als een vrucht rond de derde of vierde maand van de dracht sterft, kan deze mummificeren. Treedt de sterfte later op, dan volgt vrijwel altijd abortus. Ook onregelmatige tocht en vroeggeboortes kunnen het gevolg zijn van een besmetting. Opvallend is dat bij neospora abortus vaak plaatsvindt in het laatste deel van de dracht.

Twee belangrijke besmettingsroutes

Een besmetting met neospora kan zich eenvoudig en langdurig in stand houden binnen een veestapel. De parasiet wordt in 80 procent van de gevallen doorgegeven van moeder op kalf en blijft zo generaties lang, vaak onopgemerkt, aanwezig op een bedrijf. Ook de hond, voornamelijk de eigen boerderijhond, kan voor nieuwe neospora-infecties zorgen, waarbij er vaak meerdere abortussen in korte tijd voorkomen.

DRACHTIGE KOE

Besmette koe geeft parasiet in 80% van de gevallen door aan kalf

‘Verwerpt een koe rond de zes of zeven maanden dracht, dan zijn dat alarmbellen voor neospora. Dat is een vrij typisch tijdvak’, zegt Royal GD-dierenarts Liza Dekker. Tegelijkertijd benadrukt ze dat lang niet alle besmette koeien verwerpen. ‘In de meeste gevallen wordt er een ogenschijnlijk gezond kalf geboren. Boeren ervaren neospora daarom vaak niet als een probleem, behalve bij een abortusstorm.’

Een verminderde weerstand, bijvoorbeeld door stress, ziekte of schimmelig voer, kan daar een oorzaak van zijn. Neospora verstopt zich voor het immuunsysteem. Zodra de weerstand van de koe afneemt, kan de parasiet heropleven en dat vergroot de kans op abortus. Maar ook na een infectie door het eten van besmet voer of het drinken van besmet water ziet Dekker sneller een abortusstorm. Een koe kan namelijk op twee manieren besmet raken met de parasiet: via overdracht van moeder op kalf in de baar-

KALF

Kalf wordt met parasiet geboren en groeit op zonder zichtbare symptomen

DRACHTIGE VAARS

Vaars wordt drachtig, 80% kans op overdracht parasiet aan nakomeling

Liza Dekker, GD-dierenarts:

‘In veruit de meeste gevallen verloopt een neosporabesmetting van moederkoe op kalf’

moeder, of via opname van besmet voer of water (zie infographic). Overdracht tussen koeien onderling, buiten de baarmoeder, komt niet voor. ‘In veruit de meeste gevallen verloopt de besmetting van moederkoe op kalf’, zegt Dekker. ‘Als een besmette koe een kalf krijgt, is dat kalf in ongeveer 80 procent van de gevallen ook besmet. Neospora is dus typisch een familieprobleem.’

Dieren die al in de baarmoeder besmet raken, blijven de parasiet bovendien levenslang bij zich dragen. Om besmetting van moederkoe op kalf terug te dringen adviseert Dekker om geen nakomelingen van besmette dieren aan te houden, zodat de parasiet geleidelijk van het bedrijf verdwijnt. Het is daardoor niet noodzakelijk om besmette moederdieren af te voeren. Voor waardevolle fokdieren kan embryotransplantatie een oplossing zijn, want de embryo’s van een besmette koe zijn volgens de GD-dierenarts niet besmet met neospora en kunnen worden teruggeplaatst in een neospora-vrij dier. Behandeling van de besmette dieren is niet mogelijk. Met bloedonderzoek kan worden vastgesteld of een koe besmet is. ‘De hoeveelheid antistoffen kan schommelen en is meestal het hoogst in het laatste deel van de dracht. De test is echter gevoelig genoeg om ook eerder in de dracht antistoffen aan te tonen.’

Ook de hond heeft een rol

De tweede besmettingsbron is de hond. Honden krijgen neospora door eten van besmette nageboortes, verworpen vruchten of oplikken van besmet vruchtwater. Vervolgens scheiden zij via de ontlasting twee tot drie weken besmettelijke eitjes uit. Als koeien deze eitjes via verontreinigd voer of drinkwater opnemen, raken ook zij besmet. De eitjes kunnen tot een jaar overleven en nieuwe besmettingen veroorzaken. Runderen die via deze route neospora krijgen, geven de infectie in zo’n 60 procent van de gevallen door aan hun nakomelingen en kunnen de besmetting na zo’n twee jaar weer kwijtraken. Volgens Dekker speelt meestal de eigen boerderijhond een rol. ‘Een hond van buiten het bedrijf vormt een kleiner risico, omdat die minder snel in contact komt met besmet materiaal.’

Honden kunnen niet immuun worden voor neospora en kunnen dus herhaaldelijk besmet raken. Bovendien kan een besmette teef de parasiet tijdens de dracht doorgeven aan haar pups. Omdat honden maar tijdelijk eitjes uitscheiden, heeft ontlastingsonderzoek weinig zin en is ontwormen niet effectief. ‘Zorg ervoor dat de hond geen toegang heeft tot kalfkoeien, nageboortes en vruchtwater, en voorkom dat hij zijn behoefte doet op de voergang, bij de kuilen of in het land.’ Verspreiding via bedrijfskleding of schoeisel is theoretisch mogelijk, maar minder waarschijnlijk. ‘Dan moet je echt in besmette hondenpoep hebben gestaan’, zegt Dekker.

Nieuwe tool geeft inzicht

De meest uitgebreide cijfers over neospora stammen uit 2006. In dat jaar was 71 procent van de vleesveekoppels in Nederland besmet met neospora, met gemiddeld 13 procent besmette dieren. Bij melkvee ging het om 80 procent van de koppels, met gemiddeld 10 procent besmette dieren. Dekker: ‘Hoewel deze cijfers niet recent zijn, verwacht ik dat ze niet sterk veranderd zijn. Neospora kan zich goed binnen een koppel handhaven via overdracht van moeder op kalf en er is geen bestrijdingsprogramma.’

Een kwart van de Nederlandse melkveebedrijven neemt deel aan tankmelkonderzoek naar neospora. Bij 11 procent is de uitslag ongunstig. Dat duidt erop dat meer dan 15 procent van de dieren op het bedrijf antistoffen heeft. ‘Dat betekent ook dat op bedrijven met een gunstige uitslag nog steeds enkele besmette dieren kunnen rondlopen’, licht Dekker toe. Van de ingestuurde bloedmonsters van verwerpers test bovendien al jaren 10 tot 12 procent positief, bij melk- en vleesvee. Omdat neospora zich vaak binnen familielijnen verspreidt, ontwikkelt GD een tool die data van dieren en hun nakomelingen combineert met testuitslagen van antistoffen tegen neospora. Hiermee kunnen veehouders gerichter keuzes maken rond inseminatie en afvoer. ‘Op kleinere bedrijven weet de veehouder vaak wel hoe de afstamming loopt, maar op grotere bedrijven is dat lastiger’, aldus Dekker. De verwachting is dat deze tool dit najaar beschikbaar komt. l

ROUTE 2 KOE RAAKT BESMET DOOR EEN BESMETTE HOND

DRACHTIGE KOE

Besmette koe kalft af, nageboorte is ook besmet

NAGEBOORTE

Hond eet besmette nageboorte op en raakt zelf besmet

HOND

Hond scheidt twee tot drie weken eitjes uit in ontlasting

VOER

Ontlasting met eitjes komt in contact met voer of water

KOPPEL KOEIEN

Koeien eten besmet voer of drinken besmet water en raken besmet

Vast of flexibel voer aankopen?

Door de oorlog in het Midden-Oosten is er onrust op de grondstoffenmarkt. Moeten veehouders hun voerkosten daarom vastleggen? Experts wijzen op de voordelen van prijszekerheid, maar waarschuwen dat het perfecte moment om de prijs vast te zetten, niet bestaat. Wie het doet, kiest vooral voor meer grip op zijn kostprijs.

TEKST JUSTINE POPPE

De oorlog in het Midden-Oosten zorgt voor wisselende voerprijzen. Dat kan bij veehouders de vraag wekken of de voerprijs vastleggen nu interessant is. ‘De interesse om voerkosten vast te leggen is er altijd al geweest, los van deze situatie’, zegt Niels Achten, eigenaar van agrarisch adviesbureau Liba. ‘Dat is niet om er rijk van te worden, maar om een deel van de uitgaven tegen een vaste prijs te verzekeren.’

Adviesinstanties die boeren daarmee helpen, bestaan volgens hem niet. ‘Zie het als spelen op de beurs’, legt hij uit. ‘Niemand weet perfect wat de markt gaat doen. Vaak is het nattevingerwerk.’

Werken met termijnmarkten

Meestal legt een veehouder zijn veevoerprijs vast via zijn veevoerfirma. Doorgaans gaat het om de iets grotere bedrijven die

tmr voeren en relatief grote volumes aan grondstoffen inslaan. Maar in principe kan iedereen de voerprijs vastleggen. Dirk Van Thielen, businessunit director animal nutrition bij Arvesta, geeft uitleg over hoe dat precies werkt. ‘Veevoerbedrijven kopen grondstoffen aan op twee manieren: een deel op de spotmarkt tegen de prijs van vandaag voor snelle levering en een deel op de termijnmarkt om zich in te dekken tegen prijsrisico’s. Daarbij leggen ze nu al prijzen vast voor leveringen in de komende maanden.’ Dit kan soms door fysiek grondstoffen aan te kopen die pas later geleverd worden, of door te ‘hedgen’. Hierbij is er geen fysieke aankoop van grondstoffen, maar dek je je met termijncontracten in tegen financiële risico’s. ‘Voor sojaschroot gebeurt dit meestal via de beurs van Chicago, voor granen is dit in Europa vaak via de termijnmarkt Matif’, zegt Van Thielen.

januari 2023 juli 2023 januari

maand/jaar

1 – Sojaschrootnotering (bron: beurs CBOT)

De blokkade van de Straat van Hormuz heeft niet alleen impact op de diesel- en kunstmestprijzen, maar ook op de veevoermarkt. ‘De prijzen van tarwe zaten al in een licht stijgende trend net voor het uitbreken van de oorlog’, zegt Katrien D’hooghe, managing director van Belgian Feed Association. ‘Sinds begin februari steeg de tarweprijs even met ongeveer 10 procent naar 224 euro per ton.’ Begin juni zakte hij naar 211 euro per ton. Ook sojaschroot werd duurder en staat nu op 324,5 euro per ton. ‘Sinds begin februari bedraagt de stijging ongeveer 5 procent, al liep die op piekmomenten op tot ongeveer 10 procent.’ Volgens D’hooghe speelde ook de wisselkoers van de dollar een rol. ‘De verhouding tussen dollar en euro ging van 1,18 naar 1,15 en later opnieuw naar 1,18. Op het hoogste piekmoment betekende dat nog eens een extra nettoprijsstijging van ongeveer 3 procent.’

juli 2024 januari 2025 juli 2025 januari 2026

maand/jaar

Mais kende volgens haar de sterkste prijsstijging. Reden hiervoor is de grotere behoefte aan kunstmest en de nauwe band tussen mais en de productie van bio-ethanol. ‘De maisprijs steeg sinds begin februari van 192 euro naar 218 euro per ton en staat nu op 207 euro per ton.’ De verwachtingen op lange termijn zijn

januari 2024 juli

Ook veehouders kunnen zich op die manier via de veevoerfabrikant indekken. Zo kan een melkveehouder bijvoorbeeld in mei al een prijs vastleggen voor voer dat hij nodig heeft van juli tot december. De fabrikant berekent dan wat de grondstoffen vandaag kosten voor die periode en maakt op basis daarvan een vaste voerprijs, inclusief de transport- en verwerkingskosten, die circa 25 procent van de totaalprijs van veevoer uitmaken.

maand/jaar

Aan de hand van een voorbeeld legt Van Thielen uit hoe dat werkt. ‘Stel: een veehouder legt in mei een prijs van 340 euro per ton krachtvoeder voor het najaar vast. Als de grondstoffenprijzen in september sterk stijgen en hetzelfde voeder dan 380 euro kost, heeft die veehouder een voordeel. Hij behoudt

januari

Oorlog Midden-Oosten beïnvloedt veevoerprijzen

mei

mei

maand/jaar september 2024 januari

januari 2025 juli 2025 januari 2026

maand/jaar maand/jaar maand/jaar september

maand/jaar maand/jaar

Figuur 2 – Tarweprijsnotering (bron: beurs Euronext)

september 2025 januari 2026 mei 2026

september 2025 januari 2026 mei 2026

Figuur 3 – Maisnotering (bron: beurs Euronext)

volgens D’hooghe moeilijk in te schatten. ‘Wel staat vast dat de stijgende energieprijzen en hoge kunstmestprijzen een prijsverhogend effect zullen blijven hebben op de grondstoffenmarkt.’

de lagere afgesproken prijs. Maar als de marktprijs later gaat zakken naar 310 euro per ton, heeft hij achteraf gezien duurder aangekocht.’

Te laat om je in te dekken

Volgens Van Thielen is er op dit moment niet meer of minder interesse voor termijnmarktaankopen dan voorheen. ‘De grondstoffen zijn al behoorlijk gestegen in prijs en wie zich vandaag wil indekken, doet dat op een relatief hoog prijsniveau’, zegt hij. ‘Eigenlijk is het een beetje te laat om je in te dekken. Tenzij de prijzen nog verder blijven stijgen.’ Bovendien profiteert de veehouder op dit moment met de recente prijsstijging een beetje van de indekking van de vee-

Dirk Van Thielen, directeur diervoeding bij Arvesta:
‘De grondstoffen stegen al behoorlijk in prijs. Wie nu vastlegt, doet dat op een relatief hoog niveau’
Figuur

Melkveehouder Jildert Monkelbaan: ‘Marktprijzen stijgen vaker sneller dan ze dalen’

Jildert Monkelbaan melkt 300 koeien in het Friese Haskerdijken. Hij voert een tmr-rantsoen en legt een deel van zijn soja, tarwe, maismeel en raapschroot vast via voercontracten. Vooral in de periodes januari-februari en augustus-september vraagt hij prijsprognoses op bij zijn voerleverancier. ‘Dat zijn de beste momenten om vooruit te kijken’, zegt hij. ‘In het voorjaar is er meer zicht op de ZuidAmerikaanse oogst, na de zomer op de tarweoogst.’

‘Zijn de prijzen gunstig, dan leg ik een aantal vrachten vast’, vervolgt hij. ‘Ik bereken hoeveel voer ik per kwartaal nodig heb. Zo kan

ik in januari vier vrachten soja vastleggen en die gespreid over het jaar laten leveren.’ Om prijzen te beoordelen vergelijkt Monkelbaan ze met oude contracten die hij sinds 2015 bewaart. ‘Als een ton soja vier jaar geleden 320 euro kostte en nu, na inflatie, 350 euro, dan weet ik dat die prijs nog meevalt.’ Daarnaast volgt hij de markt op de voet en overlegt hij met zijn voerleverancier. ‘Natuurlijk zit je er soms naast, maar ik acht de kans groter dat prijzen sterker stijgen dan dalen.’

Hij wijst op inflatie en geopolitieke spanningen. ‘Als de termijnprijs 350 euro per ton bedraagt, zie ik die eerder naar 400 euro

voederfabrikant. ‘Fabrikanten linken hun verkoopprijzen nooit helemaal aan de huidige spotprijzen, omdat ze meestal zelf gedeeltelijk ingedekt zijn’, zegt Van Thielen. ‘Hierdoor worden sterke prijsschommelingen op de grondstoffenmarkt deels afgevlakt voor de veehouder.’

Het grote voordeel van termijnmarkten is volgens Van Thielen prijszekerheid. ‘De landbouwer weet vooraf wat het voer zal kosten en kan zijn marge beter inschatten’, zegt hij. ‘Daar is geen goed of fout in. Het is een keuze die je maakt en je moet er mentaal mee kunnen omgaan dat je soms wint, maar ook eens verliest. Net zoals beleggen op de beurs.’ Voor de veevoerfabrikant biedt dit zekerheid. Van Thielen: ‘Hij weet welke volumes verkocht zijn en kan zijn grondstoffenaankopen daarop afstemmen.’

Eiwit duurste component in rantsoen

Voerkosten vormen de grootste uitgavenpost op veel veehouderijbedrijven. Cijfers van Focus, het boekhoudprogramma van Boerenbond, tonen dat voerkosten 66 procent vertegenwoordigen van de totale kostprijs van melk. Ook in de vleesveesector is voer de grootste kostenpost.

Volgens Dirk Audenaert, consulent rundvee bij Boerenbond, is eiwit in een rantsoen de duurste component. Boeren klikken daardoor vooral de sojaprijs vast. Uit een ruwe berekening schat hij dat eiwitrijk krachtvoer circa 35 procent van de voerkosten uitmaakt.

Een perfecte timing om de voerprijs vast te leggen bestaat volgens Audenaert niet. ‘De bodemprijs zal je nooit hebben’, stelt hij. ‘Een veehouder focust daarom het best op de prijs die voor hem aanvaardbaar is.’

Of vastleggen op dit moment een goed idee is, valt te bezien. De rundveeconsulent verwijst naar de relatieve prijsdaling van soja de afgelopen periode. ‘De prijsschommelingen van soja waren de voorbije jaren zeer hoog, met pieken tot boven de

stijgen dan naar 280 euro zakken.’ Zo legde hij de tarweprijs vast voor 248 euro per ton. ‘Omdat die al op 270 euro heeft gestaan, vond ik dat wel een aardige prijs. En met de geopolitieke spanningen zie ik die niet direct dalen’, aldus Monkelbaan. Over de hele lijn levert die aanpak hem voordeel op, stelt hij. ‘Elke maand bereken ik mijn voerkosten’, zegt hij. Recent bedroegen zijn krachtvoerkosten, inclusief natte bijproducten, 9,5 cent per liter melk. ‘Ik ken boeren die op 15 cent zitten. Dat ik op een gunstig prijsniveau heb kunnen inkopen, is puur genieten.’

600 euro per ton in 2022 en 2023’, vervolgt hij. ‘Op dit moment zit de notering met 350 euro per ton op een gunstiger prijsniveau. Maar wanneer vastleggen slim is, weet niemand.’

Risico minimaliseren

Het risico dat je met de contractprijs duurder uit bent dan met de huidige marktprijs, bestaat dus altijd. Om dat risico te spreiden kan het voer het best niet in één keer worden aangekocht, maar verspreid over verschillende aankoopmomenten. Zo leggen veehouders nu bijvoorbeeld 60 procent van het benodigde volume vast bij hun veevoerhandelaar en kopen ze later de rest bij. Dit beschermt de boer tegen zware klappen als een vastgelegde prijs hoger uitvalt dan de marktprijs. Ook spreiding over verschillende producten kan helpen. ‘Naast een vaste voerprijs kunnen veehouders ook hun kunstmest- of melkpoederprijs vastzetten bijvoorbeeld’, zegt Audenaert. Maar zelfs bij een gespreide aankoopstrategie blijft de vraag wanneer een prijs aantrekkelijk genoeg is om vast te leggen. De voederwaardeprijs-rekentool van Liba kan daarbij helpen. ‘Daar berekent een boer makkelijk de voederwaardeprijs van een product mee’, zegt Niels Achten van Liba. ‘Nadien kan hij die vergelijken met de huidige marktprijs.’ De voederwaardeprijs vertegenwoordigt de economische waarde van een voedermiddel, gebaseerd op de hoeveelheid energie (vem) en eiwit (dve) die het bevat. De marktprijs betaalt een boer op een specifiek moment aan de handelaar of leverancier. ‘Ligt de marktprijs lager dan de voederwaardeprijs, dan koop je voordelig aan’, aldus Achten.

Ondanks die onzekerheid ziet Dirk Audenaert van Boerenbond, wel voordelen in termijnmarkten. ‘Je zal er misschien wat mee verdienen, maar geen fortuinen’, zegt hij. ‘De grootste meerwaarde is dat je de markt beter leert volgen. Je krijgt gevoel voor wat goedkope of dure soja is en net dat is vaak het meest waardevol.’ l

Dirk Audenaert, consulent rundvee bij Boerenbond:
‘De schommelingen in de sojaprijs waren de afgelopen jaren zeer hoog’
‘Ik ben echt

een puppymens’

TEKST QUINTEN DEN HERTOG

‘In 1993 kwam onze eerste bordercollie op de boerderij. Niet alleen als gezinshond, maar ook als echte werkhond tussen de schapen en koeien. Na zijn overlijden volgde opnieuw een bordercollie met stamboom, waarmee we in 2003 o cieel zijn gaan fokken. Inmiddels hebben we 37 nestjes grootgebracht.’

‘Sinds onze eerste bordercollie is de liefde voor het ras gebleven, ik noem het een soort virus. Het leukste? Dat vind ik “the will to please”. Ze vinden je altijd leuk, ze zijn er altijd en als je iets van ze vraagt, gebeurt het. Voor mij geen beagle of basset.’

‘Het fokken doe ik voor de puppy’s, ik ben echt een puppymens. En waar er een kan eten, kunnen er ook meerdere eten. Het vraagt wel veel tijd en energie. Met een nestje ben je 24/7 bezig.’

‘De eerste tien jaar fokten we borders van het Engelse type, de werklijn. Die honden zijn erg gedreven, maar ook nerveuzer in huis. Nu fokken we vooral nog met de Australische, de showlijn. Die lijn spreekt mij meer aan en kan ik echt als huishond verkopen. Het blijven werkhonden, maar ze zijn een stuk rustiger. Ook hebben we de honden liever niet meer in de koeienstal vanwege neospora. De koeien blijven onze hoofdtak en we willen geen risico lopen.’

‘Om via de Border Collie Club Nederland te mogen fokken, moeten honden aan strenge eisen voldoen. Zo heeft elke hond showkwalificaties nodig. We hebben eens een Nederlands kampioen gehad, dat was heel leuk. Maar tegenwoordig is deelname aan shows duur geworden en hebben we al een paar jaar niet meegedaan. Ook zijn gezondheidsonderzoeken verplicht, zoals testen van heupen, ellebogen, ogen en DNA. Fokken wordt met al die regels niet per se leuker gemaakt en het kost een hele bak geld, maar zo blijft het ras wel gezond.’

Joriene van Meurs (54) heeft samen met haar man Aad een rundveebedrijf met 100 koeien en zeven bordercollies in het Zuid-Hollandse Zoeterwoude.

Als ecoloog en expert in regenwormen staat Anne Krediet (34), samen met zijn compagnon Niels Frenken-Kimpel (32), regelmatig in het veld om regenwormen te tellen, maar hij programmeert ook software om met behulp van AI ecologisch onderzoek en natuurbeheer te verbeteren.

‘Eco-onderzoek toegankelijk maken voor iedereen’

TEKST QUINTEN DEN HERTOG

‘Veel mensen zijn geïnteresseerd in de natuur: in wat er rondom hun huis leeft en hoe ze zelf kunnen bijdragen aan verbetering. Voor boeren geldt hetzelfde. Maar de drempel om ermee aan de slag te gaan is vaak nog hoog. Sensoren zijn niet goedkoop en vaak moeilijk te gebruiken. Ik hoop dat ecologisch onderzoek toegankelijker wordt, dat is echt een droom en een ontwikkeling die al in gang is gezet. Waar nu al onderzoek wordt gedaan, kan het e ciënter en beter, bijvoorbeeld met behulp van AI. En mensen die eerder bepaalde onderzoeken niet konden doen, willen we de gelegenheid geven om dat wél zelf te kunnen doen. Zo kunnen ook leken het e ect van genomen maatregelen meten. De data zullen niet hetzelfde niveau hebben als professioneel onderzoek, maar het is altijd beter dan geen data hebben.’

Eenvoudig wormen herkennen in het veld

‘We ontwikkelden bijvoorbeeld een boekje waarmee iedereen regenwormsoorten direct in het veld kan herkennen. Dat is veel sneller dan de gebruikelijke methode waarbij wormen worden meegenomen om ze onder de microscoop te bekijken. Dat is belangrijk, want het bodemleven is essentieel voor een gezonde bodem. Er zijn bijvoorbeeld een stuk of dertig regenwormsoorten, waarvan de helft in een gemiddeld landbouwperceel voorkomt. Je kunt ze indelen in drie groepen met verschillende functies: strooiseleters, die nauwelijks graven, pendelaars, die verticale gangen maken, en grondeters, die horizontale gangen graven. Alle regenwormen zijn waardevol, maar de pendelaars het meest. Door hun verticale gangen kan regenwater diep in de bodem trekken en komt organisch materiaal dieper in de bodem terecht.’

‘We willen het herkennen en tellen van regenwormen nog gaan koppelen met AI. Dat deden we al om de heel kleine, normaal onzichtbare beestjes in de bodem te tellen en te herkennen. We ontwikkelden daarvoor onze eigen AI-software. Eerder kostte het ons uren om het kleine grut, zoals springstaarten en mijten, te herkennen en te tellen. AI doet dit nu in enkele seconden.’

Kruiden en gras onderscheiden met drones en AI

‘Er zijn nog veel meer toepassingen. We onderscheiden kruiden en gras met drones en ontwikkelden een systeem dat met AI foto’s van een profielspaan analyseert en de bodemstructuur en de beworteling tot in detail bepaalt. Maar ook buiten bodemfauna om gebruiken we AI, bijvoorbeeld voor vegetatie-, vogel - en vleermuismonitoring.’

Boven: Anne Krediet (links) en Niels Frenken-Kimpel (rechts) staan met een schop en profielspaan in de wei om de bodem te onderzoeken

Onder links: een gat van zo’n 20 bij 20 cm is voldoende om verschillende regenwormsoorten te vinden

Onder midden: in de grond vindt Anne een regenworm in de categorie pendelaar. Dit type regenworm is het meest waardevol voor de bodem

Onder rechts: met AI analyseren Anne en Niels een foto van het bodemprofiel. De software onderscheidt bodem, wortels, stukken structuur en overig, zoals gras

Aan de hand van praktijkcases, schrijven verschillende voeradviseurs van Aveve (B.) en Agrifirm (Nl.) over rantsoenberekeningen in de vleesveehouderij. Deze editie beschrijft Anne Vandelannoote van Aveve Veevoeding het belang van doordacht weidemanagement.

PAS-maatregel vleesvee vraagt doordacht weidemanagement

Binnen de huidige PAS-context in Vlaanderen zoeken vleesveehouders naar manieren om hun rundvee efficiënt te weiden. Zoogkoeien of fokvaarzen verhuizen enkele maanden uit de stal en komen op het blijvend grasland en de huiskavelpercelen terecht. Er zijn mogelijkheden om dit gras optimaal te benutten, toch rijst vaak de vraag: wanneer is bijvoederen nodig en welk type voeder kies je dan het best?

In het vroege weideseizoen kent gras een sterke groei en een hoge voederwaarde. Het bevat veel verteerbaar eiwit en energie en het drogestofgehalte is doorgaans gunstig. In deze periode kan gras in principe volledig voorzien

in de voedingsbehoefte van de meeste diergroepen, op voorwaarde dat het grasaanbod voldoende is en de bezettingsgraad (aantal dieren per hectare) in balans blijft. Bij een hoge veebezetting of beperkte grasgroei is het zinvol om al vroeg in het seizoen aanvullend bij te voederen, om groeiverlies of conditiedaling te vermijden. Weidegang leent zich makkelijk voor extensievere vleesrassen, bij Belgisch witblauwe runderen zijn het eerder zoogkoeien en oudere vaarzen. Bij deze diergroepen ligt de nadruk op onderhoud en geleidelijke groei, waardoor gras meestal een goede basis vormt. Het is nuttig om kritisch te kijken of bijvoederen op de weide nodig

is en om de hoogdrachtige dieren ook tijdig weer op stal te brengen.

Wanneer bijvoederen?

Bijvoederen is vooral noodzakelijk wanneer de grasgroei stilvalt (bij droogte of koude), de graskwaliteit afneemt of de graasdruk te hoog wordt. In zulke situaties daalt zowel de opname als de voedingswaarde van het gras, wat directe gevolgen heeft voor de dierprestaties. Als aanvulling wordt vaak gekozen voor ruwvoeders zoals voordroogbalen en maiskuil, al of niet in combinatie met beschikbare bijproducten. Voordroog sluit meestal goed

hoog aanbod weidegras laag aanbod weidegras

voedermiddel kg vers kg droge stof kg vers kg droge stof weidegras zomer

maiskuil

voordroogpak

Tabel 1 – Rantsoenvoorbeeld van weiderantsoen voor vaarzen met bijvoeding

rantsoenkenmerken

hoog aanbod weidegras laag aanbod weidegras

drogestofgehalte (%) 16 28 vevi/kg ds 1.058 1.012

ruw eiwit (g/kg ds) 166 165 dve (g/kg ds) 89 88 oeb (g/kg ds) 9 16

ruwe celstof (g/kg ds) 197 205 zetmeel (g/kg ds) 68 108 suiker (g/kg ds) 75 64

Tabel 2 – Rantsoenkenmerken met weidegras

Kenmerk pensa reekbaar eiwit

Pensa reekbaar eiwit is de verteerbare eiwitfractie uit veevoeder dat in de pens wordt afgebroken tot ammoniak (NH3). Microorganismen gebruiken NH3 voor de opbouw van microbieel eiwit. Weidegras is rijk aan pensa reekbaar eiwit en levert zo een belangrijke bijdrage aan dit proces. Naast pensa reekbaar eiwit dienen ook fermenteerbare koolhydraten via het rantsoen opgenomen te worden om fermentatie te stimuleren, de productie van microbieel eiwit te optimaliseren en om stikstofverliezen te beperken.

In het vroege weideseizoen kent gras een sterke groei en een hoge voederwaarde

aan bij het grasrantsoen en helpt om voldoende structuur te behouden. Wanneer maiskuil of perspulp wordt ingezet, moet men aandacht hebben voor de eiwitbalans. Deze voeders bevatten minder eiwit, waardoor aanvulling met krachtvoer nuttig is. Vooral bij groeiende vaarzen is een correctie op het darmverteerbaar eiwit belangrijk om de groei verder te ondersteunen. Een goed weidemanagement vormt de basis van een succesvol rantsoen. Door tijdig bij te sturen met aangepast voeder kan de veehouder inspelen op schommelingen in grasaanbod en -kwaliteit. Zo blijven de dierprestaties en de efficiëntie van het bedrijf gewaarborgd. l

Du Pont De Messe

(Jefferson De Dessous La Ville x Vidal de St Fontaine)

Op 24 mnd.:

866 kg en 136 cm (+3)

Vrouwelijk gesekstbeschikbaarsperma

Voor economie met klasse

Ki-code: 945352

⊲ Eenvoudig te gebruiken bloedlijn

⊲ Hoge karkasindexen

⊲ Hoge dochtervruchtbaarheid

Wilt u sperma van Smoking of andere stieren bestellen, bezoek dan onze webshop op shop.crv4all.nl of shop.crv4all.be

Heeft u een witblauwe sterkoe?

Coöperatie CRV en CRV Vlaanderen introduceerden enkele jaren geleden het predicaat Sterkoe voor Belgisch witblauw. Voor

dit predicaat komen Vlaamse en Nederlandse koeien in aanmerking die het Vlaamse fokdoel uitmuntend belichamen.

Voor het predicaat Sterkoe zijn de volgende voorwaarden vastgelegd:

1. Vrouwelijk en stamboek hoofdsectie (A1-gekeurd), ingeschreven in het CRVstamboek.

2. In leven op het moment van aanvraag.

3. Minimaal 37 maanden oud op het moment van aanvraag.

4. Twee eigengedragen kalveren hebben voor de leeftijd van 37 maanden.

5. Eigen inteeltcoë ciënt lager dan 3,25 (te vinden op de bwb-stamboekkaart).

6. Lineaire beoordeling:

Denk

• met eindbeoordeling: ≥ 89 punten

• beenwerk: ≥ 85 punten

• hoogtemaat: ≥ 85 punten

• bespiering: ≥ 89 punten

7. Vrij zijn van alle actueel bepaalde erfelijke gebreken in het Belgisch-witblauwras.

Indien een dier haar kalf heeft gezoogd, krijgt ze het predicaat Sterkoe+. Heeft u een koe waarvan u denkt dat ze sterkoe kan worden? Meld dit bij het stamboek. Het stamboek checkt of de aangemelde koe voldoet aan de voorwaarden. Sterkoeien krijgen een vermelding in VeeteeltVlees. Bij het stamboek melden kan via: registratie.be@crv4all.com

mee en sluit je aan bij het CRV Panel

Coöperatie CRV is gestart met een nieuw initiatief: het CRV Panel. Wil jij CRV helpen om betere diensten en producten te ontwikkelen en strategische keuzes te maken die beter aansluiten op de praktijk op jouw erf?

Dan is het CRV Panel dé kans om jouw inzichten en ervaringen te delen met CRV. Er gebeurt veel in onze sector en juist daarom is het voor CRV belangrijk om de ideeën en

ervaringen van leden-veehouders te kennen. Als je deelneemt aan het CRV Panel, ontvang je vier tot zes keer per jaar een korte vragenlijst in jouw mailbox. Invullen van de online vragenlijst kost per keer maximaal tien minuten. Alle antwoorden worden anoniem verwerkt en enkel door CRV gebruikt om waardevolle inzichten te verzamelen. Deelnemers aan het CRV Panel ontvangen na afloop een

Zomerseizoen is prijskampseizoen

De komende maanden staan er meerdere prijskampen in de agenda. Zo wordt op zaterdag 27 juni de prijskamp voor Belgisch witblauw in Merksplas gehouden. Het evenement vindt plaats in de Bosstraat en start om 11.00 uur.

Inschrijven van dieren is niet meer mogelijk Zaterdag 18 juli vindt in het West-Vlaamse Wulpen een keuring voor Belgisch witblauw plaats en dit vanaf 13.00 uur.

Inschrijven van dieren voor deze keuring kan nog tot 30 juni via e-mail: veeprijskampwulpen@hotmail.com

Op dinsdag 21 juli worden tijdens de jaarmarkt in Bogaarden keuringen georganiseerd voor de rassen blonde d ’Aquitaine en Belgisch witblauw. De jaarmarkt vindt weer plaats in de Molenstraat in Bogaarden en de prijskampen starten vanaf 10.00 uur. De inschrijving van dieren ls gesloten

Een dag later, op woensdag 22 juli, staat de

Belgisch-witblauwprijskamp voor de regio Oosterkempen gepland. Deze wordt weer georganiseerd op de terreinen van Agri-Z in Retie. De prijskamp start om 12.30 uur. Voor het aanmelden van dieren wordt een inschrijvingsavond gehouden met ook een stierenpresentatie. Ook veehouders die geen dieren inschrijven, zijn welkom. Inschrijvingsavond op donderdag 25 juni vanaf 20.00 uur in Café De Welkom in Geel Op de landbouwbeurs van Libramont heeft op 24 juli een keuring voor blonde d’Aquitaine plaats. Een dag later, 25 juli is er de nationale keuring voor Belgisch witblauw. De inschrijving van dieren ls gesloten

Op zaterdag 1 augustus organiseren Hedwig en Jelle Redant opnieuw de Grote Prijs Keukens Redant, een nationale prijskamp voor Belgisch-witblauwstamboekdieren. De prijskamp start vanaf 10.00 uur op het terrein aan de Joseph Cardijnstraat 46 in Erpe-Mere.

samenvatting van de uitkomsten en een duidelijke terugkoppeling van wat er met de input wordt gedaan. Zo zie je wat er met jouw inbreng wordt gedaan en blijf je ook zelf op de hoogte van nieuwe ontwikkelingen.

Aanmelden kan via een online aanmeldingsformulier.

Scan hiervoor de QR-code

Inschrijven voor de prijskamp kan tot uiterlijk 5 juli via info@keukensredant.be of tel.: 0475 78 64 38 (Hedwig) Zondag 9 augustus vindt in Beveren-Waas de fokveedag van het Waasland plaats. Op het programma staat ook een prijskamp voor Belgisch witblauw.

Inschrijven voor deze prijskamp kan nog tot 21 juli bij Glenn Verhelst, tel.: 37 32 23 of glenn_verhelst@hotmail.com

Onderzoekers ontwikkelen prikpleister tegen mkz

GEZONDHEID – Onderzoekers van de Amerikaanse University of Connecticut en het Amerikaanse ministerie van Landbouw (USDA) hebben een prikpleister ontwikkeld als methode om tegen mond-en-klauwzeer te vaccineren. Dit melden ze in het wetenschappelijk tijdschrift Advanced Health-care Materials. De alternatieve methode van vaccineren, die ook voor andere vaccins kan worden toegepast, biedt meerdere voordelen. Zo hoeven dieren niet geïnjecteerd te worden, maar volstaat het plakken van een pleister op de huid. Dit bespaart veehouders arbeid, dieren stress en het risico op zwellingen, ontstekingen en littekenvorming. Bovendien hoeft het alternatieve vaccin niet gekoeld bewaard te worden, wat distributie en gebruik veel gemakkelijker maakt. De onderzoekers bewaarden de vac-

Injecteren wordt overbodig door gebruik van een prikpleister als vaccinatiemethode

cins een maand lang op 45°C zonder verlies van werkzaamheid.

De nieuwe vaccinatietechniek maakt gebruik van een pleister met micronaaldjes, die kanaaltjes maken in de bovenste huidlaag en via deze weg het vaccin toedienen. In laboratoriumtests en proeven bij muizen werden geen schadelijke effecten van de prikpleister gevonden. Ook maakten deze proeven duidelijk dat het gebruik van de pleister hetzelfde effect heeft op het immuunsysteem als een injectie met een gekoeld vaccin.

De antistoffen die worden aangemaakt na gebruik van het pleistervaccin, verschillen van de antistoffen die dieren aanmaken na een besmetting met het veldvirus. Hierdoor blijft het mogelijk om gevaccineerde dieren en besmette dieren van elkaar te onderscheiden. De volgende stap in het onderzoek is het testen van de prikpleister op grotere dieren, zoals runderen.

Achtste Actieprogramma Nitraatrichtlijn moet 1

juli 2027 ingaan

BEMESTING – Minister Van Essen wil de invoering van het achtste Actieprogramma Nitraatrichtlijn uitstellen tot uiterlijk 1 juli 2027. De planning wordt aangepast, omdat het kabinet de maatregelen uit het actieprogramma wil laten aansluiten op de voorstellen die momenteel binnen de Taskforce Landbouw, Natuur en Stikstof worden uitgewerkt. In die taskforce werkt het kabinet aan een bredere aanpak voor stikstofreductie, natuurherstel en andere milieudoelen in het landelijk gebied. Ook de verbetering van de waterkwaliteit speelt een belangrijke rol. Volgens Van Essen bestaat er een duidelijke samenhang tussen de maatregelen uit de taskforce en het acht-

Het achtste actieprogramma is gericht op het verminderen van de nutriëntenbelasting van grond- en oppervlaktewater

ste actieprogramma, dat gericht is op het verminderen van de nutriëntenbelasting van grond- en oppervlaktewater vanuit de landbouw. De minister wil de Tweede Kamer dit najaar informeren over de voortgang van de afstemming tussen beide trajecten. Ondertussen worden de voorbereidingen voor het nieuwe actieprogramma verdergezet, met als doel de regeling uiterlijk op 1 juli 2027 in werking te laten treden. Van Essen streeft ernaar om de bijhorende regelgeving gelijktijdig met het programma te publiceren. Zo krijgen veehouders tijdig duidelijkheid over de nieuwe verplichtingen. Volgens de huidige planning wordt het concept van het achtste actieprogramma uiterlijk in het eerste kwartaal van 2027 voorgelegd aan de Commissie voor de milieueffectrapportage. Tegelijk start ook een internetconsultatie. Het tijdpad sluit volgens de minister aan bij de voorbereiding van de stroomgebiedbeheerplannen 2028-2033 in het kader van de Kaderrichtlijn Water. Daarnaast werkt Van Essen binnen het nieuwe actieprogramma aan doelsturing op waterkwaliteit. Hij wil al dit najaar starten met metingen van de minerale stikstofvoorraad. Daarover voert hij overleg met sectorpartijen, waterschappen, provincies, de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland en de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit. Hoe die doelsturing precies vorm krijgt, wordt nog verder onderzocht.

Agractie is teleurgesteld over het besluit van minister Van Essen om de invoering uit te stellen tot 1 juli 2027. Volgens de organisatie blijven boeren daardoor langer vastzitten aan strenge regels rond stikstof en waterkwaliteit. Vooral boeren in de huidige NV-gebieden voelen zich benadeeld. In het concept van het nieuwe actieprogramma zouden sommige gebieden hun ‘kwetsbare’ status verliezen en zou de korting op de stikstofgebruiksnormen dalen van 20 naar 10 procent. Door het uitstel blijven die versoepelingen voorlopig uit.

Agractie vindt ook dat boeren in regio’s waar de waterkwaliteit al jaren op orde is, onterecht met extra maatregelen als bufferstroken geconfronteerd blijven worden.

Volgens het NAJK, de Nederlandse jongeboerenorganisatie, biedt het extra tijd om het debat over de toekomst van het mestbeleid grondig te voeren, met meer aandacht voor Europese ontwikkelingen. De jongerenorganisatie pleit daarbij voor een omslag van middelvoorschriften naar doelsturing, waarbij gestuurd wordt op resultaten voor waterkwaliteit in plaats van op extra regels. Tegelijk waarschuwt NAJK dat het huidige zevende actieprogramma en de bijhorende maatregelen langer van kracht blijven. De organisatie vindt dat de actualisatie van de NV-gebieden wel gewoon moet doorgaan. Zo worden boeren buiten de risicogebieden niet langer met strengere regels geconfronteerd.

Gros van de derogatiebedrijven voldeed aan alle voorwaarden In 2025

BEMESTING – Negentig procent van de bedrijven die in 2025 gebruikmaakten van derogatie, voldeed aan alle voorwaarden. Dit blijkt uit een rapportage van de NVWA van de voorlopige uitslagen van de inspecties die vorig jaar werden uitgevoerd.

In 2025 verleende RVO 14.001 derogatievergunningen. Op 728 derogatiebedrijven voerde de NVWA controles uit. Deze bedrijven

werden deels willekeurig gekozen en deels geselecteerd op basis van een verhoogd risico op overtredingen. Van de gecontroleerde bedrijven voldeden er 654 (90 procent) aan alle voorwaarden. Bij 66 bedrijven werd niet voldaan aan een of meerdere derogatievoorwaarden. Acht bedrijven zijn nog in onderzoek.

Van de 66 bedrijven die niet aan de voor-

waarden voldeden, hadden er 28 het bemestingsplan onjuist of onvolledig ingevuld. Bij 33 bedrijven waren de grondmonsters onjuist uitgevoerd of waren er geen of te weinig geldende grondmonsters.

Enkele bedrijven overschreden een of meerdere gebruiksnormen of hielden zich niet aan de voorwaarden voor het uitrijden van mest.

Geen welzijnsnadelen van draadloos weiden

GRAS – Draadloos weiden gaat niet ten koste van het dierenwelzijn en kan een nuttig hulpmiddel zijn om grasland beter te benutten en de biodiversiteit te beschermen. Daardoor past het systeem goed in biologische en agroecologische veehouderijsystemen. Dit schrijven onderzoekers van het Louis Bolk Instituut in een presentatie voor een wetenschappelijk congres over biologische veehouderij. Uit oogpunt van dierenwelzijn worden wel eens vraagtekens geplaatst bij draadloos weiden, omdat dieren gestuurd worden met elektrische schokjes. Volgens de wetenschappers laat onderzoek op proef- en praktijkbedrijven in Nederland echter consequent zien dat draadloos weiden, mits correct toegepast, niet slechter is voor het dierenwelzijn dan weiden achter een reguliere elektrische afrastering. ‘Hier zien we dus een kloof tussen het beeld dat mensen hebben van draadloos weiden en wetenschappelijk bewijs’, schrijven ze.

Omdat de afbakening van percelen snel en gemakkelijk kan worden aangepast, maakt draadloos weiden arbeidsintensieve beweidingssystemen als stripgrazen eenvoudiger toepasbaar. Hierdoor kan met draadloos wei-

den volgens de onderzoekers de benutting van weidegras worden verhoogd zonder veel extra arbeid.

Draadloos weiden kan volgens de wetenschappers van het Louis Bolk Instituut ook bijdragen aan verbetering van de biodiversiteit. Met een systeem van draadloos weiden kunnen veehouders eenvoudig delen van grasland flexibel afrasteren. Daardoor zullen meer veehouders bereid zijn maatregelen te nemen om de biodiversiteit te beschermen, verwachten de onderzoekers. En wanneer vertrapping van natte stukken aan het begin of einde van het beweidingsseizoen kan worden voorkomen, kunnen koeien langer weiden.

Een ander voordeel van draadloos weiden is het ontbreken van fysieke barrières, waardoor wilde dieren zich gemakkelijk kunnen verplaatsen. In natuurgebieden waar zowel wordt gegraasd als gerecreëerd, kan draadloos weiden bovendien conflicten tussen recreanten en grazers verminderen zonder de nadelen van fysieke afrasteringen.

Draadloos weiden kan volgens de wetenschappers van het Louis Bolk Instituut bijdragen aan verhoging van de biodiversiteit

Vlaams areaal voedererwten en voederbieten groeit

VOEDING – Vlaamse telers oogstten afgelopen jaar minder korrelmais en meer voederbieten en voedererwten. Het snijmaisareaal daalde, maar door een hogere opbrengst werd toch meer geoogst. Dit blijkt uit de definitieve oogstramingen van het Belgische statistiekbureau Statbel.

In 2025 werd in Vlaanderen 428 hectare voedererwten voor de droge oogst geteeld, bijna 200 hectare meer dan in 2024. De opbrengst steeg van bijna 3,5 ton naar 5 ton per

hectare. Zo kwam de totale voedererwtenoogst uit op 2.140 ton, meer dan anderhalf keer zo veel als in 2024.

Ook de teelt van voederbieten zat in de lift. Het areaal steeg van 4.373 naar 4.539 hectare. De opbrengst per hectare steeg bovendien naar bijna 97 ton, tegenover circa 80 ton in 2024. De totale bietenopbrengst steeg met ruim 25 procent naar bijna 440.000 ton. Het areaal korrelmais daalde fors van meer dan 51.000 naar minder dan 45.000 hectare.

De opbrengst steeg weliswaar licht naar ruim 11 ton per hectare, maar dit kon niet voorkomen dat de totale korrelmaisopbrengst met nog geen 500.000 ton in 2025 ruim 10 procent onder die van 2024 uitkwam.

Het Vlaamse areaal snijmais daalde met ruim 1.500 hectare naar 116.337 hectare. Maar omdat de opbrengst in 2025 met gemiddeld ruim 42 ton per hectare fors hoger was dan in 2024, kon in totaal ongeveer 4 procent meer mais worden ingekuild.

Markt in rustiger vaarwater

De huidige voederwaardeprijzen zijn berekend door Wageningen Universiteit (WUR) op 12 mei 2026. De waarde van 1000 vem (kvem-prijs) daalt naar 20,6 eurocent, de waarde van eiwit blijft stijgen en staat momenteel op 92,2 eurocent per kg dve.

– In de onderstaande tabel met de voederwaardeprijzen staan verschillende producten opgesomd met bijbehorende voederwaarde. De voederwaarde van het product wordt berekend aan de hand van de cijfers die WUR publiceert. Er wordt daarbij een vergelijking gemaakt tussen de marktwaarde en de voederwaarde. Belangrijk om te weten is dat men enkel producten mag vergelijken die vergelijkbaar zijn. Bij een voederwaardeprijs onder de 100 is het voedermiddel prijstechnisch interessant. Evalueer ook eerst welke producten in het rantsoen passen en kies binnen deze producten de goedkoopste optie. – De eiwitprijzen zijn weer gedaald. Ook de sojaprijzen zijn na een kleine opleving gedaald, met name de dagprijzen. De termijnprijzen blijven stabiel. De inzaai van sojabonen in de Verenigde Staten is versneld en de belangrijkste gebieden hebben neerslag gehad, waardoor de groeiomstandigheden momenteel goed zijn. De raapprijzen dalen ook behoorlijk. Een hoog aanbod zet de prijs onder druk. Vanaf de tweede helft van juni gaat de fabriek voor NGMO-raap even dicht voor onderhoud, dan zal het aanbod geringer zijn. Dit kan zorgen voor kleine prijsstijging.

– De graanprijzen zijn wat gedaald, behalve de maisprijzen. De daling van de graanprijzen komt met name doordat in belangrijke productiegebieden zoals Europa, Verenigde Staten en het Zwarte Zeegebied op tijd neerslag gevallen is. Ondanks de gunstige weersomstandigheden verwacht men minder productie. In de Verenigde Staten vallen de condities van de gewassen tegen. In de productieraming voor Australische tarweproductie verwacht men een daling van 26 procent. Dit kan zelfs nog verslechteren wanneer de superEl Niño zijn intrede doet.

– Vulmiddelen blijven duur, hierbij daalt palmpit licht en blijven de sojahullen aan de prijs.

– De bijproducten zijn gelijk gebleven in prijs. De prijs voor de nieuwe bietencampagne is echter wel bekend, deze is iets hoger dan vorig jaar.

ENERGIE- EN EIWITPRIJZEN VOER

in eurocenten, excl. btw (bron: Wageningen Livestock Research)

juni

2026 m/m y/y

fokvee kvem 20,60 kg dve 92,20 mestvee kvevi 19,50 kg dve 94,50

m/m = vergelijking t.o.v. vorige maand y/y = vergelijking t.o.v. dezelfde maand vorig jaar

Zoek, vervang en bespaar

Voederwaardeprijzen geven de verhouding weer van de voederwaarde van mengvoer, grondstoffen en bijproducten in relatie tot de marktprijs. Bij een voederwaardeprijs onder de 100 procent is het voedermiddel prijstechnisch interessant.

VOEDERWAARDEPRIJZEN

(bron: Liba)

juni 2026

voederwaardeprijs (€/ton)vevi marktprijs t.o.v. voederwaardeprijs(%) bewaringsverlies(%)

NUCHTERE KALVEREN

Bron: BVK

bron: Veemarkt Les Hérolles (Fr.)

BROUTARDS LIMOUSIN

BROUTARDS

U-stieren

R-stieren 250-300 kg

Bron: veemarkt Les Hérolles (Fr.) Bron: veemarkt Agen (Fr.)

KOEIEN BELGISCH WITBLAUW BROUTARDS BLONDE D’AQUITAINE

KOEIEN BELGISCH WITBLAUW BROUTARDS BLONDE

Bron: Veemarkten België

Bron: veemarkten België

STIEREN BELGISCH WITBLAUW

STIEREN BELGISCH WITBLAUW

KARKASPRIJZEN

KARKASPRIJZEN WERELDWIJD

land waarde mei 2026 trend (m/m**)

Groot-Brittannië 714,50

Bron: European Market Observatories

Bron: European Observatories

Uruguay 471,90

Europa 679,58

Australië 457,44

Verenigde Staten 748,24

Nieuw-Zeeland 465,10

Argentinië 523,76

Brazilië 391,97

*euro/100 kg geslacht gewicht stieren =

**m/m = vergelijking t.o.v. vorige maand

AGENDA

KEURINGEN EN PRIJSKAMPEN

27 juni Prijskamp Belgisch witblauw, Merksplas

4 juli Open Nationale Vleesveekeuring (verbeterd roodbont en Belgisch witblauw), Rhenen

11 juli Fokveedag Belgisch witblauw, Sluis

18 juli Fokveedag Belgisch witblauw, Wulpen

21 juli Keuring blonde d’Aquitaine en Belgisch witblauw, Bogaarden

22 juli Witblauwkeuring Oosterkempen, Retie

24 juli Nationale keuring blonde d’Aquitaine, Libramont

25 juli Nationale keuring Belgisch witblauw, Libramont

1 augustus Grote Prijs Keukens Redant (Belgisch witblauw), Erpe-Mere

8 augustus Vleesveekeuring, Enter

9 augustus Witblauwkeuring, Beveren

VOORUITBLIK

VEILINGEN

26 september BAC-fokstierenveiling, Laren

18-19 november Veiling limousin, Boisseuil (Frankrijk)

BEURZEN, STUDIEVERGADERINGEN, DEMODAGEN

24-27 juli Landbouwbeurs, Libramont

6-8 oktober Sommet de l’Elevage, Clermont-Ferrand (Frankrijk)

5-6 november Open dagen BBG, Ciney

Raadpleeg de website veeteeltvlees.be of veeteeltvlees.nl voor een actuele en uitgebreide stand van zaken.

COLOFON

VeeteeltVlees is een uitgave van CRV BV in opdracht van Coöperatie CRV ua. De leden van de Coöperatie CRV ontvangen VeeteeltVlees gratis, als onderdeel van het lidmaatschap. VeeteeltVlees verschijnt maandelijks.

redactie hoofdredacteur Wim Veulemans redactie Inge van Drie, Jaap van der Knaap, Wichert Koopman, Quinten den Hertog, Justine Poppe foto- en beeldbewerking Rogier van der Weiden vormgeving René Horsman, Esther Onida eindredactie Lieke van den Broek hoofd CRV-magazines Jaap van der Knaap

redactie-adres

Nederland: postbus 454, 6800 AL Arnhem telefoon 026 38 98 800

Vlaanderen: Buchtenstraat 7, 9051 Sint-Denijs-Westrem telefoon 078 15 44 44 fax 09 363 92 06 e-mail veeteelt@crv4all.com

abonnementsprijs/jaar

Nederland en België € 108,00, overige landen € 175,00. In combinatie met abonnement op vakblad Veeteelt bedraagt een abonnement € 180,00 per jaar, overige landen € 311,00 per jaar. Prijzen excl. btw. Abonnementen zijn gebaseerd op kalenderjaar en worden jaarlijks in februari gefactureerd. Opzegging is mogelijk per kwartaal. Bel voor opgave van een abonnement: België: CRV Klantenservice (078 15 44 44) e-mail klantenservice.be@crv4all.com

Nederland: CRV Klantenservice (088 00 24 440) e-mail klantenservice.nl@crv4all.com

advertentie-afdeling

Karen Dammer en Froukje Visser postbus 454, 6800 AL Arnhem telefoon (+31)(0)6 53 16 85 29 e-mail advertenties@crv4all.com

illustraties/foto’s

De foto’s zijn van de eigen fotodienst van VeeteeltVlees. Uitzonderingen zijn de foto’s van Theo Janssen (6, 7), BBG (7, 35), CowsOnWeb (10), smaXtec (10), Lely (11),

JULI RASSPECIAL

De traditionele jaarlijkse rasspecial in het julinummer staat in het teken van een van de grootste en oudste vleesrassen, al zeker in Europa. VeeteeltVlees stelt in dit nummer charolais uitgebreid voor en bezoekt een Frans en een Nederlands bedrijf met charolaisdieren. We kijken ook in Nederland en Vlaanderen naar de aanwezigheid van het ras.

Verder hebben we het in dit nummer met Tjebbe Huybrechts, global director information solutions bij CRV, over de ontwikkelingen met data in de rundveehouderij en de interactie met en impact op de fokkerij.

CowCachter AI (12), Regine Foket (14-16, 26-27), Mark Pasveer (30) en MacGregor Photography (35).

Overname van artikelen is alleen toegestaan na toestemming van de redactie. Hoewel aan de samenstelling van de inhoud de meeste zorg is besteed, kan door de redactie geen aansprakelijkheid worden aanvaard voor mogelijke onjuistheden of onvolledigheden. Alle auteursrechten en overige intellectuele eigendomsrechten ten aanzien van (de inhoud van) deze uitgave worden uitdrukkelijk voorbehouden. Deze rechten berusten bij CRV BV c.q. de betre ende auteur. Artikelen uit VeeteeltVlees mogen uitsluitend verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden na schriftelijke toestemming van CRV.

Druk: Senefelder Misset, Doetinchem ISSN 01.68-7565

Werk volgens protocol en maximaliseer bevruchting met SiryX-sperma

De kans op bevruchting met SiryX-sperma is aanzienlijk hoger als ontdooien en insemineren zorgvuldig wordt uitgevoerd. Om veehouders die zelf insemineren hierbij te helpen heeft CRV een protocol ontwikkeld. Het inseminatieprotocol voor SiryX-sperma is op te vragen bij uw fokkerijspecialist en te downloaden van de website.

Kijk op www.crv4all.nl of www.crv4all.be of scan een van de QR-codes

Nu beschikbaar: vrouwelijk gesekst sperma van Belgisch witblauwe topstieren

In samenwerking met BBG heeft CRV het stierenaanbod voor het Belgisch-witblauwras versterkt met vrouwelijk gesekst (SiryX-)sperma van zes topstieren. Het gaat om de stieren Bolivar, Dorure, Genie, Smoking, Tchin Tchin en Cachemire. Van Cachemire is naast vrouwelijk ook mannelijk SiryX-sperma beschikbaar. Met de inzet van vrouwelijk SiryX-sperma verhoogt u de kans op een vaarskalf tot minstens 90 procent. De inzet van gesekst sperma is dus een zeer interessante strategie om uw genetisch beste dieren te benutten en meer rendement te halen uit uw fokkerij. Alle gegevens van de genoemde stieren zijn te vinden in de CRV-webshop.

Kijk op www.crv4all.nl of www.crv4all.be of scan een van de QR-codes

Van Cachemire de Dessous la Ville is zowel vrouwelijk als mannelijk SiryX-sperma beschikbaar

Bwb-proefstier Ramses van de Stokerij ki-code 945348

geboren: 16-07-2024

schofthoogte: 15 mnd., 130 cm

gewicht: 730 kg

39 cm op 22 mnd.

RAMONA V.D. STOKERIJ

verkoper: Roger Monbaliu, Jabbeke fokker: Roger Monbaliu, Jabbeke haarkleur: wit

OPRAH V.D. STOKERIJ

WILMOTS DU FALGI

SUPERSTAR DE CENTFONTAINE

TILOUIS D’ATRIVE

PEUREUSE DU COIN

WHISKY 0226 VAN HET

NEGENBONDER

PASTOURELLE DE ST. FONTAINE

DARIO D’EMBISE

LOLITA V.D. STOKERIJ

Ramses is een fenotypisch uitmuntende Cargozoon uit een Vidalmoeder. Hij werd in 2025 kampioen bij de stieren tussen 12 en 18 maanden te Erpe-Mere, de nationale prijskamp Grote Prijs Keukens Redant. Momenteel maakt hij een super evolutie door in de stallen van BBG. In zijn genoomfokwaarden zien we een mooi profiel op 14 maanden met een fokwaarde 113 conformatie met behoud van gestalte en gewicht.

NEDERLAND BELGIË
NEDERLAND BELGIË

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Veeteeltvlees juni 2026 by CRV Uitgeverij/CRV Publishers - Issuu