vr 18 september 2026 20.00 Concertzaal
Anima Eterna Brugge, Jan Söderblom & Wataru Hisasue
© Koen Broos
Bartók. Muziek voor snaren, slagwerk en celesta
concertmeester Anne Katharina Schreiber viool Mikolaj Zgólka Mélanie Pelé Mojca Jerman Rebecca Huber Nicolas Mazzoleni Balázs Bozzai László Paulik Martin Reimann Laura Johnson Albrecht Kühner* Jacek Kurzydlo* Helena Druwé Monica Waisman Albrecht Kühner Joseph Tan John Meyer Malina Mantcheva Nadi Paz Perez Mayorga Femke Huizinga Martine Beernaert Jacek Kurzydlo Mélanie Pelé* Nicolas Mazzoleni*
altviool Polina Babinkova Esther van der Eijk Chloé Parisot Gabrielle Kancachian Bernadette Verhagen Noah Mayer Blanca Prieto Acera Patricia Gagnon cello Hilary Metzger Tine Van Parys Dmitri Dichtiar Inka Döring Patrick Sepec Nicholas Selo contrabas Beltane Ruiz Molina Mattias Frostenson Walter McTigert Isaline Leloup klarinet Lisa Shklyaver fagot Javier Zafra hoorn Ulrich Hübner
pauken Jan Huylebroeck slagwerk Glenn Liebaut Wim De Vlaminck Koen Plaetinck harp Marjan de Haer piano Wataru Hisasue celesta Pieterjan Verhoyen
Uitvoerders & programma HUISARTIEST
Anima Eterna Brugge: orkest Wataru Hisasue: piano (Bechstein Concert Grand piano, gebouwd in 1920 in Berlijn (Maene)) Jan Söderblom: dirigent Olav Grondelaers: presentatie —
Leoš Janáček (1854-1928) Concertino, JWVII/11 (1925) I. Moderato II. Più mosso III. Con moto IV. Allegro
Béla Bartók (1881-1945)
Antonín Dvořák (1841-1904) Uit Cypresses, B152 (arr. Josef Suk) (1891) 3: V té sladké moci ocí tvých (Wanneer je lieve blik op mijn rust). Andante con moto 6: Ó zlatá ruže, spanilá (O verrukkelijke, gouden roos). Andante moderato 7: Kol domu se ted potácím (Vaak dwaal ik langs dat huis voorbij). Andante con moto 9. Ó duše drahá jedinká (Jij alleen, mijn dierbare). Moderato 11. Nad krajem vévodî spánek (Slaap heerst over het land). Allegro scherzando
Muziek voor snaren, slagwerk en celesta, sz106 (1936) I. Andante tranquillo II. Allegro III. Adagio IV. Allegro molto
Vítězslava Kaprálová (1915-1940) Partita voor piano en strijkers, opus 20 (1938) I. Allegro energico II. Andantino III. Presto (scherzando)
pauze Met de steun van de Tax Shelter Maatregel van de Belgische Federale Overheid
MUZIEK AVONTUURLIJK
* enkel Bartók
2
3
BEELDRIJK
Alexander Melnikov moest wegens een schouderblessure helaas verstek geven voor dit concert. We vonden een waardige vervanger in Wataru Hisasue.
18 sep 2026
18 sep 2026
Anima Eterna Brugge
Muziek kan een symbolische plek zijn om stil te staan bij de band met de taal, de geschiedenis en de landschappen van onze geboortegrond. Alle composities in dit programma getuigen op hun geheel eigen manier van het verlangen om via klanken zo’n symbolische plek te creëren.
Geen universele taal De bekende Hongaarse pianist András Schiff vertelt in een interview dat je hoegenaamd geen Hongaars paspoort hoeft te bezitten om de muziek van Béla Bartók (1881-1945) goed te kunnen vertolken. Nationaliteit an sich biedt dus niet de magische toegangspoort. Wat wel? ‘Het helpt als je vertrouwd bent met de karakteristieken van de Hongaarse taal’, vertelt hij. ‘Een uitvoerder moet proberen om onder de huid van de muziek te kruipen en taal speelt daar een enorm belangrijke rol in.’ Hij spreekt zelf geen Tsjechisch, vervolgt Schiff, maar hij zou de muziek van Leoš Janáček (1854-1928) niet willen spelen zonder de input van zijn Tsjechische vrienden. Hoe klinken bepaalde woorden? Waar zit de natuurlijke versnelling binnenin een woord? Schiff verbindt er een voor hem essentiële conclusie aan: ‘Ik geloof niet in de idee dat muziek een universele taal is.’ Ook muziek die wij misschien wel als ‘universeel’ ervaren, zoals die van Beethoven, is volgens hem geworteld in de specificiteit van een welbepaalde taal. Draagt taal dan bij tot een vorm van ‘muzikaal thuiskomen’? Is muziek schrijven, uitvoeren of beluisteren een manier om je geboortegrond te kussen? Of om de band van ánderen met hun geboortegrond beter te begrijpen? Mooie vragen – zo lijkt ons – om over na te denken tijdens het beluisteren van dit programma met Midden-Europese muziek.
4
– De muziek op het programma verklankt telkens de sfeer van het land van herkomst van de desbetreffende componisten. – Janáček liet zich inspireren door de Moravische natuur en folklore, ook Bartók ontleende de sfeer van zijn werk aan de volksmuziek, Dvořák zette voor zijn Cypresses achttien liederen van een Moravische dichter op muziek. – Partita is de laatste compositie van de Tsjechische Vítězslava Kaprálová, die decennialang onterecht in vergetelheid raakte.
Spraakmelodieën Janáček was, net als Antonín Dvořák (1841-1903), een vurig voorvechter van een onafhankelijk Tsjechië. En net als zijn grote voorbeeld zocht hij daarvoor inspiratie in de volksmuziek van zijn eigen streek. Anders dan Dvořák inspireerde hij zich echter niet op de geïdealiseerde en geromantiseerde versies van volksmelodieën zoals ze bij onder andere de dansorkesten bekend waren, maar ging hij zelf op het platteland op zoek naar het ‘rauwe’ materiaal. Die intieme omgang met de Moravische volksmuziek zou zijn muziek ten diepste kleuren. Vanaf zijn opera Jenůfa (1916) verwerkte hij ook het ritme en de intonatie van het Moravische dialect in zijn muziek, meer zelfs: ze bepaalden de precieze vorm van de melodieën. Janáčeks Concertino uit 1925 is niet in strikte zin gebaseerd op specifieke volksliederen, maar de vitaliteit van de Moravische natuur en folklore is alom aanwezig. Het bruisende karakter van de lente bood inspiratie en in de
‘Vítězslava Kaprálová is ongetwijfeld voor veel luisteraars dé ontdekking in dit programma.’
afgewerkte versie schreef Janáček elk deel aan een specifiek dier toe. Het thema van het eerste deel verbeeldt een ‘knorrige egel’. De klarinet in het tweede deel klinkt als een ‘onrustige eekhoorn’. De sfeer in het derde deel wordt gedomineerd door ‘uilen en andere nachtdieren’ en het laatste deel is als een ‘scène uit een sprookje waarbij iedereen met iedereen in discussie gaat’.
Bartóks fonograaf Ook Bartók was, zoals bekend, gegrepen door de volksmuziek van zijn land. Als etnomusicoloog verzamelde hij, gewapend met wasrol en fonograaf, talloze Hongaarse volksmelodieën. De volksmuziek werd dan ook al snel hét bepalende ingrediënt voor Bartóks muziekstijl: door en door modern en tegelijk vol van oude energieën en verbanden. In 1936 kreeg Bartók een compositieopdracht vanwege de Zwitserse dirigent en nieuwemuziek-mecenas Paul Sacher. Een opdracht die bijzonder welkom was, aangezien het veranderende politieke klimaat in Europa Bartóks artistieke pad allerminst gunstig gezind was. Zijn Muziek voor snaren, slagwerk en celesta groeide uit tot een van Bartóks meest geliefde werken: wild en beheerst tegelijk, onthutsend én sereen. Het stuk bevat geen expliciete referenties naar bestaande volksliederen, maar de rauwe, directe energie die Bartók aan de volksmuziek ontleende, is duidelijk voelbaar: zeker in het tweede deel, waarin de twee verschillende strijkersgroepen tegen elkaar opboksen. Of in het laatste deel, waarbij een melodie met een springerig Bulgaars dansritme ondersteund wordt door percussieve strijkers.
5
18 sep 2026
18 sep 2026
Midden-Europese landschappen
Dvořáks liefde Toen de jonge Dvořák zijn liefde voor zijn pianostudente Josefína Čermáková wilde uitschreeuwen, pende hij maar liefst achttien liederen neer op teksten van de Moravische dichter Gustav Pfleger-Moravský. Tsjechisch was de taal van zijn liefde – uiteraard. De liefde bleef onbeantwoord (Dvořák trouwde uiteindelijk met Josefina’s zus), maar de melodieën van de liederen bleven Dvořák zijn leven lang achtervolgen. Hij bewerkte uiteindelijk twaalf van deze liederen tot strijkkwartet, hier uitgevoerd door strijkorkest, waarbij telkens één stem de melodie vertolkt en de andere stemmen ondersteunen.
Een neoklassieke ontdekking De Partita voor piano en strijkers van de Tsjechische componiste Vítězslava Kaprálová (1915-1940) is ongetwijfeld voor veel luisteraars dé ontdekking in dit programma. Kaprálová groeide op in Brno in een gezin waar muziek alom aanwezig was. Haar vader was eveneens componist, een student van Janáček. Haar moeder was zanglerares. Hoewel haar ouders haar liever als muziekpedagoog door het leven zagen gaan – wat waren de kansen voor een ambitieuze componiste en dirigente in het muzieklandschap van toen? – vervolgde Kaprálová koppig haar eigen weg met studies in Brno, Praag en ten slotte ook Parijs. Met een eenjarige beurs trok ze naar de lichtstad, waar ze les kreeg van landgenoot Bohuslav Martinů (1890-1959). Martinů groeide al snel uit tot Kaprálová’s mentor, een dierbare vriend en later ook haar geliefde. Hoe hun relatie er precies uitzag is ten dele voer voor speculatie, maar zeker is dat hun artistieke uitwisseling bijzonder intens was en in beide richtingen verliep. Martinů getuigde meermaals hoe Kaprálová’s input hoorbaar
Luistertip In het eerste deel van Janáčeks Concertino is meteen vanaf de eerste maten duidelijk welk instrument het voortouw neemt: de piano. De hoorn mag slechts nabootsen, als een klein kind dat zijn ouders na-aapt. #deeplistening
Annemarie Peeters
Doorheen de jaren 25 jaar concertgebouw 6
Anima Eterna Brugge speelde de allereerste noot van het allereerste concert in het Concertgebouw en stond alles samen al 99 keer op ons podium. 135 maal zelfs, als je de open repetities meerekent.
Had je voor deze avond nog nooit van Vítězslava Kaprálová gehoord? Je bent hoogstwaarschijnlijk niet de enige. Maar wie het levensverhaal van deze jong gestorven Tsjechische dirigente en componiste leest, begrijpt allerminst waarom: zowat overal waar ze kwam, oogstte ze niets dan lof. In juni 1938 mocht de 22-jarige Kaprálová haar land vertegenwoordigen op het jaarlijkse ISCM festival – dé internationale hotspot voor hedendaagse muziek. Ze reisde naar Londen en dirigeerde er tijdens het openingsconcert haar eigen Military Sinfonietta. Ze stond er op de affiche naast klinkende namen als Bartók, Britten en Messiaen – namen die, in tegenstelling tot die van Kaprálová, vandaag wél tot de canon behoren. Toch slaagde ze erin de aandacht van de Britse pers naar zich toe te trekken. Het concert werd eveneens uitgezonden in Amerika en ook Time Magazine merkte Kaprálová’s talent op en noemde haar werk ‘the golden egg’ van deze editie.
Hoe komt het dat diezelfde Kaprálová na haar dood zo snel uit de muzikale aandacht verdween? Aan haar muzikale productie kan het niet gelegen hebben. Ook al stierf ze jong, ze liet een gevarieerde en bijzonder kwalitatieve werkenlijst van om en bij de vijftig titels na. Had het te maken met de gruwelijke oorlog die op het moment van haar dood losbarstte en heel Europa de volgende vier jaar in z’n greep zou houden? Toch niet: in de jaren vlak na de oorlog gingen immers verschillende van de werken die ze vlak voor haar dood afwerkte nog in première. Toen was ze nog niet vergeten. Lag het dan aan het IJzeren Gordijn, dat een ondoordringbare culturele muur bouwde tussen Westen Oost-Europa? Of lag het simpelweg aan het feit dat ze een vrouw was en dat de weg die vrouwelijke componisten moeten afleggen om de canon te bereiken oneindig veel langer is dan die van hun mannelijke collega’s? Het lijkt erop: Kaprálová’s naam verwerd in de jaren na de oorlog tot een voetnoot in studies over het leven en werk van haar leraar Bohuslav Martinů. Dat ze zijn minnares was, stond er. Niet dat ze zelf ook dirigeerde en componeerde.
In het laatste jaar van haar leven verbleef Kaprálová, om kosten te besparen, in een gemeenschapshuis met andere kunstenaars. Ze trouwde met een van hen, schrijver Jiří Mucha. Hij was het die haar, net voor de nazi’s Parijs bezetten, evacueerde naar Montpellier, waar ze enkele weken later stierf aan de gevolgen van – hoogstwaarschijnlijk – tuberculose. Mucha beschreef de laatste maanden van Kaprálová in zijn in 1988 verschenen memoire en redde haar ei zo na van de vergetelheid. Karla Hartl, onafhankelijk onderzoekster en voorzitter van The Kaprálová Society, deed in het begin van deze eeuw de rest: ze schreef een biografie en initieerde de heruitgave van heel wat van Kaprálová’s partituren. Maar ook jij kan, vandaag, een rol spelen in Kaprálová’s verdere rehabilitatie. Als we deze winter opnieuw mogen stemmen voor Klara’s Top 100, stem dan op Kaprálová. Vind je haar naam niet in de keuzelijst, schrijf dan naar Klara. Vertel hen dat je het ongehoord vindt dat deze vrouw ongehoord blijft. Annemarie Peeters
Mag Vítězslava Kaprálová nu eindelijk de canon in?
Hoewel Bartók al 58 keer op het programma stond in het Concertgebouw, klinkt zijn Muziek voor snaren, slagwerk en celesta, sz106 nu voor het eerst. 7
18 sep 2026
18 sep 2026
is in verschillende van zijn werken. De Partita werd op haar beurt stevig beïnvloed door de ontmoetingen tussen leraar en leerling: beiden beschouwden het werk in de eerste plaats als een ‘studieobject’ – iets wat bij beluistering moeilijk te geloven lijkt. De Partita is beslist Kaprálová’s meest moderne werk: een werk dat intense, emotionele kleuren en een barokke energie verbindt met een duidelijke, beheerste structuur. Het werd Kaprálová’s laatste, grote orkestrale compositie, vooraleer ziekte haar, twee dagen nadat de Duitsers Parijs bezetten, het leven benam.
18 sep 2026 Wataru Hisasue (JP) behoort tot de meest opvallende pianisten van zijn generatie. Internationaal brak hij door met prijzen op vooraanstaande concoursen, waaronder de tweede prijs in de Koningin Elisabethwedstrijd 2025, de derde prijs op het ARD Concours in München en diverse onderscheidingen op het Concours Géza Anda. Als solist trad hij op met internationale orkesten als het Symphonieorchester des Bayerischen Rundfunks. Hisasue wordt gewaardeerd om zijn intelligente muzikaliteit, verfijnde klankcultuur en natuurlijke affiniteit met zowel het grote romantische repertoire als muziek van de 20e en 21e eeuw. Zijn kamermuzikale benadering verleent zijn spel een bijzondere luistergevoeligheid en transparantie. In 2025 verscheen zijn meest recente cd, Did it again, met muziek van Pascal Dusapin.
dirigeerde zowat alle grote Finse orkesten en stond ook bij heel wat internationale orkesten al op de bok. Olav Grondelaers (BE) volgde na zijn studies Germaanse talen aan de KU Leuven zijn late roeping om klassiek gitarist te worden. In 1999 begon hij als muzieksamensteller voor het toenmalige Radio 3;
een jaar later maakte hij reportages voor Klara en leverde hij culturele bijdragen voor Radio 1 en voor het vrt-nieuws. Luisteraars van Klara kennen hem van het ochtendprogramma Espresso, of Happy Hour, zijn eigen cultuurprogramma. Sinds 2018 is hij de vaste gastheer van het dagelijkse magazine rond muziekactualiteit Music Matters.
HUISARTIEST
‘Anima Eterna Brugge is letterlijk sinds dag één een trouwe partner van het Concertgebouw, want het liet er op 20.02.2002 om 20.02 de allereerste noten weerklinken.’ © Koen Broos
Biografieën
18 sep 2026
8
Sinds zijn oprichting in 1987 ligt de ziel en bestaansreden van het orkestensemble Anima Eterna Brugge (BE) in een voortdurende zoektocht, in de vraag naar de oorsprong en context van muziek en haar uitvoering. Vandaag zet Anima Eterna deze traditie voort met een nieuwe generatie musici en artistieke partners. Voor Anima Eterna is historisch geïnformeerde uitvoeringspraktijk geen vaste stijl, maar een voortdurende beweging: elk project is een kans om aannames in twijfel te trekken, nieuwe perspectieven te ontdekken en bekend repertoire nieuw leven in te blazen. Van grootschalige symfonische producties tot kamermuziekprojecten en interdisciplinaire experimenten: Anima Eterna creëert uitvoeringen waarin de geschiedenis een bron van inspiratie voor het heden wordt – en het onverwachte deel blijft uitmaken van de ervaring.
Met een veelzijdige achtergrond als uitvoerend musicus – onder meer als solist, kamermusicus en orkestleider – vormt verkenning de drijvende kracht achter het parcours van violist en dirigent Jan Söderblom (FI). Momenteel is hij artistiek directeur van het Fins Kamerorkest én van drie jaarlijkse festivals. Hij
9
Lees alles over ons huisorkest Anima Eterna Brugge en onze andere huisartiesten op concertgebouw.be/huisartiesten.
wijzertijd Expo Philippe Herbet wo 16 sep 2026 – zo 10 jan 2027
di 29 sep – vr 09 okt 2026
De Belgische Philippe Herbet fotografeert en schrijft vanuit een nieuwsgierigheid naar het leven en de cultuur van anderen. Speciaal voor het Concertgebouwseizoen 2026/27 rond ouderdom en wijsheid legde hij de kunst van het ouder worden op een positieve en nostalgische manier vast. Daarbij dook hij in zijn recentere beeldarchieven en dwaalde hij door Brugge en door Baskenland om de mensen die hij bij toeval kruiste te fotograferen als spiegels van zijn eigen verleden, heden en toekomst.
Zilver
Een ode aan de jaren van ervaring met onder meer Rosas, Gürzenich-Orchester Köln, Ryoji Ikeda, Paul Verhaeghe en Claron McFadden
Geniet van de foto’s van Philippe Herbet voor of na de voorstelling op het Hellend vlak en Foyer balkon 2.
10
curated for the curious concertgebouw.be/zilver
11
18 sep 2026
18 sep 2026
Komt wijsheid met de jaren?
do 08 okt 2026 20.00 Kamermuziekzaal
© Fux Fotografie
zo 04 okt 2026 17.00 Concertzaal
Gürzenich-Orchester Köln
Harvest
Met Der Rosenkavalier dompelt het GürzenichOrchester Köln je onder in een wereld vol weemoed, humor en weelderige klankkleuren. In deze geliefde opera van Richard Strauss staat een vrouw centraal die terugkijkt op haar leven, loslaat en met milde berusting plaatsmaakt voor een nieuwe generatie. Tegen de achtergrond van sierlijke Weense walsen en een fluwelen orkestklank ontvouwt zich een ontroerend en tegelijk lichtvoetig verhaal over tijd, liefde en aanvaarding. Gürzenich-Orchester Köln pookt, raakt en vertedert je in deze concertante versie van Strauss’ vocale pareltje.
Harvest opent een wereld van nieuwe perspectieven voor doorleefde stemmen. Componisten als Annelies Van Parys en Yating Wang schrijven rollen vol diepgang en levenservaring voor rijpere zangers. Het resultaat is een aantal monodrama’s vol gelaagde personages, voor ervaren stemmen die kracht, charisma en diepgang uitdragen. Filmbeelden en interviews omlijsten de stukken, en maken van Harvest een poëtisch festijn van klank, ervaring en theatraal leven.
Strauss. Der Rosenkavalier
Spinthout
Laat weten wat je van de voorstelling vond met #concertgebouwbrugge Info & tickets +32 (0)78 15 20 20 — I n&Uit: ‘t Zand 34, Brugge
concertgebouw.be
V.U. Katrien Van Eeckhoutte, 't Zand 34, Brugge
Getipt