Veilig werken met de Heftruck Fot
1 Voorwoord De overheid stelt eisen aan alles en iedereen. Dit is om te voorkomen dat er chaos en optreedt. Als men bedenkt hoeveel ongelukken in het verkeer zouden optreden als er geen verkeersregels waren en iedereen 'maar wat doet' is het meer dan duidelijk dat er regels, wetten en normen nodig zijn voor bijna alle hedendaagse dingen Collé Safety & Training Collé Safety & Training is de juiste keuze voor elke professional in de bouw, industrie en/of petrochemie. Of het nu gaat om producttrainingen, veiligheidstrainingen of herhalingstrainingen, met onze trainingen werken uw medewerkers veiliger en efficiënter. Het werken met materieel is niet zonder risico’s! Een groot gedeelte van de ongevallen met materieel wordt veroorzaakt door een bedieningsfouten, onachtzaamheid of een gebrek aan kennis. Start daarom vandaag nog met veilig werken en neem direct contact op met onze opleidingsspecialisten voor een trainingsadvies op maat: 046-4574108 of training@colle.eu Collé bestaat meer dan 120 jaar, wat een duidelijk voordeel oplevert in de hoeveelheid ervaring die het bedrijf heeft. Collé vindt het delen van deze kennis een absolute noodzaak om de arbeidsveiligheid van werknemers en de bijbehorende werkomgeving te kunnen waarborgen. Daarom bieden wij u kwalitatief hoogwaardige product- & veiligheidstrainingen tegen gunstige tarieven! Onze opleidingsspecialisten adviseren u graag via 046-4574108. Bekijk het volledige trainingsaanbod op www.colle.eu
Namens Collé Safety & Training wensen we u plezier en succes met onze veiligheidstraining!!
Collé Safety & Training B.V. Nusterweg 100 - 102 NL 6136 KV Sittard Postbus 5123 NL 6130 PC Sittard Tel. +31 (0)46 - 45 74 108 Fax. +31 (0)46 - 45 21 120 training@colle.eu
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.2
2. Inhoud 1 Voorwoord.............................................................................................................................................2 2. Inhoud ..................................................................................................................................................3 1. Inleiding ........................................................................................................................................... 4 2. Doel van de training ........................................................................................................................ 4 3. Wetten en Normen ......................................................................................................................... 5 4. Risico’s ............................................................................................................................................. 8 5.Wat is een heftruck? ...................................................................................................................... 10 6. Soorten en types heftrucks ........................................................................................................... 10 7. Inspectie en onderhoud heftruck .................................................................................................. 13 8. Belasten van de heftruck ............................................................................................................... 26 9. Veilig werken met de heftruck ...................................................................................................... 31 10. Verkeersvoorschriften / Rijden op de openbare weg ................................................................. 37 11. Persoonlijke bescherming / PBM’s .............................................................................................. 39 12. Stapel middelen ........................................................................................................................... 39 13. Veiligheidswenken ....................................................................................................................... 43 14. Begrippenlijst ............................................................................................................................... 46 15. Bijlage .......................................................................................................................................... 49
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.3
1. Inleiding De Vorkheftruck speelt een belangrijkere rol in het bedrijfsleven. Om er zeker van te kunnen zijn dat het bedienend personeel beschikt over de juiste kennis en kunde, zijn deze verplichtingen opgenomen in de Arbeidsomstandighedenwet. Tijdens deze cursus worden alle benodigde aspecten behandeld, die een Vorkheftruckchauffeur moet weten en kunnen om op verantwoorde wijze zijn/haar taken te kunnen uitoefenen. Dit cursusboek bestaat uit de belangrijkste theoretische begrippen, opgesteld in begrijpelijke taal. Daarnaast bevat het boek een aantal oefeningen en berekeningen om de cursist optimaal voor te bereiden op het examen. De cursus bestaat uit een theoretisch en een praktijk gedeelte. Tijdens de praktijk brengt de cursist de in de theorie geleerde lesstof ten uitvoer. Aan het einde van de cursus wordt zowel een theorie als een praktijkexamen afgenomen. Beide examens dienen met een voldoende te worden afgesloten om het certificaat ‘Veilig werken met de Vorkheftruck’ in ontvangst te mogen nemen. Er bestaan geen gevaarlijke heftrucks. Er bestaan wel chauffeurs die op een gevaarlijke wijze werken met heftrucks!!
Veilige heftruck Om als heftruckchauffeur veilig te kunnen werken, moet je beschikken over een veilige heftruck. Verder dien je vakbekwaam te zijn. Ten slotte moet je ook op de hoogte zijn van de veiligheidsvoorschriften en de verkeersregels zoals die op het bedrijf van toepassing zijn.
De heftruckchauffeur is bepalend voor de veiligheid in en rond de heftruck. Veiligheid moet een wezenlijk onderdeel van de werkmethode zijn. Door als professional met de heftruck om te gaan, kun je de veiligheid op en rond de heftruck waarborgen.
Onveilige situaties Onveilige situaties op en rond de heftruck komen niet uit de lucht vallen, ze ontstaan door menselijke falen. Heftruckchauffeurs maken fouten doordat ze: -
Onvoldoende getraind zijn Risico’s verkeerd inschatten
- Met de verkeerde truck werken - De stoere bink willen uithangen
Als je deze cursus met succes hebt gevolgd, dan weet je hoe je veilig met een heftruck moet werken. Verder heb je de juiste training gekregen, zodat er geen sprake meer is van:
Niet willen
Niet kunnen
Niet weten
2. Doel van de training Na afloop van de deze training: Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.4
• • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •
Ken je de risico’s, die verband houden met het werken met heftrucks; Kun je de belangrijkste verplichtingen van de werkgever en de werknemer volgens de Arbowet opnoemen; Herken je de verschillende soorten stapelmiddelen; Kun je de mogelijkheden van de verschillende stapelmiddelen opnoemen; Herken je de verschillende soorten opslagmiddelen/stellingen; Kun je de mogelijkheden van de opslagmiddelen/stellingen opnoemen; Ken je andere transportmiddelen voor horizontaal en verticaal transport die lijken op de heftruck; Kun je de inspectie van de heftruck op de juiste wijze uitvoeren voordat je ermee aan het werk gaat; Kun je op de juiste wijze handelen als er bepaalde mankementen aan de heftruck zijn; Ken je de verschillen tussen een elektrotruck en een heftruck met verbrandingsmotor; Weet je hoe je de batterij van een elektrotruck moet laden; Je kent de risico’s in een acculaadstation: Je kunt met de risico’s in een acculaadstation omgaan; Kun je op de juiste wijze handelen als je in aanraking komt met elektrolyt. Kun je klein onderhoud op de heftruck uitvoeren (accu, olie, koelwater of koelvloeistof bijvullen); Weet je waarop je moet letten bij de belasting van de heftruck; Je kent de begrippen die te maken hebben met de belasting van de heftruck; Kun je een lastdiagram lezen en er de juiste conclusies uit trekken; Ken je diverse hulpmiddelen voor het opnemen van speciale lasten; Ken je de eisen waaraan de hulpmiddelen moeten voldoen; Kun je veilig en efficiënt met de heftruck werken; Kun je een last veilig en efficiënt heffen en stapelen; Kun je veilig en efficiënt laden en lossen; Kun je een heftruck veilig parkeren; Kun je met bijzondere lasten omgaan; Ken je het belang van de verkeersvoorschriften op het bedrijfsterrein en op de openbare weg.
•
3. Wetten en Normen Wetgeving Arbobesluit Sinds 1874 bestaan er wettelijke voorschriften met betrekking tot werkomstandigheden. Het “Kinderwetje van Van Houten” werd in dat jaar aangenomen met als doel de kinderen onder de 12 jaar van werken uit te sluiten. In 1980 werd de Arbeidsomstandighedenwet aangenomen. Deze wet wordt uitgelegd in het Arbeidsomstandighedenbesluit . Het meest recente besluit dateert van 1997. Hierin staan de regels en voorschriften, betrekking hebbende op onze werkplek.
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.5
Veiligheid
Gezondheid
Welzijn
Het doel is dus: Vastleggen in een Arbobesluit wat er in een bedrijf moet gebeuren op het gebied van veiligheid, gezondheid en welzijn. Verantwoordelijkheid werkgever De werkgever is verplicht U op een veilige, gezonde en zo prettig mogelijke manier te laten werken. Deze verplichtingen zijn: -
-
Voorlichting en instructie in praktijk en theorie voor iedere functie. Het volgen van cursussen in praktijk en theorie voor iedere functie. Het verstrekken van persoonlijke beschermingsmiddelen, die bij de functie horen. Ieder jaar dient de werkgever de gevaren op het gebied van veiligheid, gezondheid en welzijn vast te leggen. Dit kan ook worden uitbesteed aan de Arbodienst, deze heeft hiervoor veiligheidsdeskundigen en artsen in dienst, die voor de werkgever de bedrijfsrisico’s kunnen vastleggen. Het voeren van een ziekteverzuimbeleid. Hierin wordt aangegeven hoe een zieke vanuit het bedrijf wordt begeleid. De werkgever wordt begeleid door de Arbodienst.
Arbo-wet In de Arbo-wet is eigenlijk een arbeidsomstandighedenwet. In de Arbo-wet gaat men er van uit dat veiligheid, gezondheid en welzijn een gezamenlijk belang van werkgevers en werknemers is. De Arbo-wet is weer onderverdeelt in: -
-
Arbobesluit, hierin zijn specifieke regels en voorschriften opgenomen. In hoofdstuk 7 staan belangrijke zaken voor het verticaal transport. Arboregeling, hierin worden zaken uit het Arbobesluit uitgewerkt. Voor verticaal transport is dit, opleiding voor de machinist en onderzoek en beproeving van kranen. Arbobeleidsregels, hierin word uitleg gegeven over de wijze van veilig werken. Bij ongevallen bepaalt de rechter of de beleidsregels zijn toegepast.
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.6
Opleiding Volgens het Arbobesluit, artikel 7,32, moet een machinist in de bouw in het bezit zijn van een Certificaat van vakbekwaamheid. Het certificaat is nodig voor het bedienen van een machine met een lastmoment van 10 t/m of meer. Aan welke eisen een machinist moet voldoen is opgenomen in de Arboregeling. De uitwerking van de eind- en toets termen en de organisatie rondom de inhoudelijke vakbekwaamheidseisen zijn vormgegeven in een Certificatieschema W4-08. De lesstof kan bij de genoemde vakbekwaamheidseisen ontwikkeld worden door elke opleider, echter de inhoud van een examen ligt vast in een T.C.V.T document. T.C.V.T. is een afkorting van Toezicht Certificatie Verticaal Transport. Bij het behalen van voldoende resultaat op een examen, geeft recht op een Certificaat van Vakbekwaamheid hijsbegeleider. Het certificaat heeft een geldigheidsduur van 5 jaar. Daarna kan het certificaat verlengd worden. Men moet echter wel in die 5 jaar, 2 jaar met een machine gewerkt hebben, waarvan een halfjaar valt in de laatste 3 jaar. Het aantonen van de werkervaring moet minimaal elke drie maanden worden bijgeschreven in een T.C.P.R. certificatie boekje. Dit boekje moet worden ondertekend door de werkgever. Voor zelfstandigen is een afzonderlijke regeling. CE Markering Elke machine dient volgens de machinerichtlijn voorzien te zijn van een C.E. markering, en een of meerdere verklaringen van overeenstemming van de fabrikant. C.E. staat voor Conformité Europeen. De fabrikant draagt na ondertekening van de verklaring de verantwoordelijkheid voor de veiligheid van de machine. Om zich in te dekken tegen risico’s heeft de fabrikant een handleiding geschreven waarin op genomen de wijze waarop de machine gebruikt moet worden. Doel en betekenis Arbowet Het doel van de Arbowet is regelgeving op het gebied van Veiligheid, gezondheid, welzijn en milieu. De Arbowet verplicht de werkgever zich in te spannen om continu de arbeidsomstandigheden proberen te verbeteren. Daarnaast wordt door de arbeidsinspectie aanwijzingen gegeven voor een veilig gebruik van heftrucks in Arbo Informatiebladen: AI-14 Toezicht De controle op de naleving van de Arbowet wordt uitgevoerd door de Arbeidsinspectie. De Arbeidsinspectie heeft behalve het houden van toezicht op de naleving en uitvoering van de Arbowet, ook als taak bedrijven te adviseren over te nemen veiligheidsmaatregelen. Gezamenlijke verantwoordelijkheid werknemer en werkgever Werkgevers en werknemers hebben samen de zorg voor veiligheid, gezondheid, milieu en welzijn. Daarom verplicht de Arbowet de werkgever en werknemer tot samenwerking en overleg; tussen chefs en medewerkers, maar ook tussen directie en ondernemingsraad. Gebruikers dan wel bestuurders van gemotoriseerde transportmiddelen moeten gezien de potentiele gevaren minimaal zestien jaar (mits zij zodanig zijn geïnstrueerd en zodanig onder deskundig toezicht staan, dat de geïnventariseerde verhoogde risico`s voor jeugdigen afdoende worden voorkomen) zijn. Werknemers moeten met de bediening van een heftruck, de aard der werkzaamheden, de bedieningsvoorschriften en met het bedrijfsreglement vertrouwd en bekend zijn. De werkgever is verplicht de betreffende werknemer grondig te doen instrueren. De wetgeving vereist hiervoor specifieke deskundigheid. Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.7
Verantwoordelijkheden / verplichtingen werkgever • Zorgen voor persoonlijke beschermingsmiddelen (indien noodzakelijk) •
Gevaren bij de bron bestrijden.
•
Voorlichten en onderrichten van werknemers over veiligheid, gezondheid en welzijn in hun werksituatie;
•
Voorlichting bij werkverandering of werken in nieuwe situatie;
•
Gebruik van machines, werktuigen en stoffen die gevaarlijk zijn voor de veiligheid en gezondheid moet worden vermeden; Verantwoordelijkheden / verplichtingen werknemers • Dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen. •
Zorgvuldig en voorzichtig zijn op het werk volgens de geldende bedrijfsvoorschriften.
•
De werknemer is verplicht apparatuur, machines, gereedschappen. transportmiddelen en grondstoffen volgens de voorschriften te gebruiken.
•
Juist gebruik maken van beveiligingen (niet overbruggen).
•
Melden van gevaarlijke situaties bij de werkgever.
• Deelnemen aan voorlichting en onderricht. Boetes voor werkgever en werknemers voor het niet naleven van deze verplichtingen kunnen variëren van € 50 tot € 4500 per overtreding.
4. Risico’s Werken met een heftruck brengt de nodige risico’s mee voor de heftruckchauffeur en zijn omgeving. Voorbeelden van risico’s die verband houden met het werken met heftrucks zijn: Voor de chauffeur: Lichamelijk letsel door: • • • • • • • • • •
Omvallen van heftruck; Botsen met heftruck; Van een hoogte vallen met heftruck; Bekneld raken tussen heftruck en omgeving; Kapot gaan van onderdelen heftruck; Vallen van een lading; Inademen van teveel uitlaatgassen; Blootstelling aan te hoog geluidsniveau; Verkeerde belasting en houding van de rug; Huid- of oogcontact met zuur;
Psychisch letsel door: • Veroorzaken ernstig letsel bij derden; • Arbeidsongeschikt worden. Financiële schade door: • Proces verbaal krijgen van de arbeidsinspectie; • Boete krijgen van de rechter; • Ontslag krijgen van de werkgever; • Arbeidsongeschikt worden. Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.8
Gezondheidsrisico’s: • Trillingen; • Uitlaatgassen; • Fysieke belasting door in- en uitstappen en zitten; Voor de betrokkenen: Lichamelijk letsel door: • Een vallende lading; • Aangereden worden door een heftruck; Psychisch letsel door: • Arbeidsongeschikt worden; • Verliezen van een dierbare. Financiële schade door: • Arbeidsongeschikt worden. Voor de directie: psychisch letsel door: • Verliezen van een werknemer of een betrokkene(n); • Veroorzaken onrust in de organisatie. Financiële schade door: • Proces verbaal krijgen van de arbeidsinspectie; • Boete of gevangenisstraf krijgen van de rechter; • Inwilligen schadevergoeding van slachtoffer(s). Aan de heftruck: Materiële schade door: • Aanrijden tegen een object; • Omvallen van de heftruck; • Ontstaan van brand of explosie; • Inwerken van zuur; • Bezwijking van heftruck onderdelen. Aan de lading: Materiële schade door: • Aanrijden door heftruck; • Vallen van hoogte. Voor de omgeving: Materiële schade door: • De heftruck; • De lading; • Ontstaan van brand of explosie. Er zijn dus nogal wat risico’s verbonden aan het gebruik van een heftruck. Een deel van de (schade) risico’s kan worden gerepareerd en verzekerd, maar blijvend letsel door ongevallen kan het leven van iemand verwoesten. Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.9
Wees dus op je hoede en rijd altijd met verstand, voorzichtig & veilig!!!!
5.Wat is een heftruck? Een heftruck is een transportwerktuig dat bestemd is voor horizontaal en verticaal transport van lasten in bedrijfsruimten, bedrijfsterreinen en schepen. De last wordt meestal per pallet vervoerd. Heftrucks zijn onder te verdelen in trucks met een verbrandingsmotor (LPG, Diesel, en Benzine) en elektrotrucks. De trucks zijn in drie- of vierwielsystemen uitgevoerd. In de cursus komen we nog terug op de verschillen.
6. Soorten en types heftrucks Vorkheftruck
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.10
Elektropallettruck (EPT) Als lasten te zwaar worden of afstanden te groot dan kun je gebruik maken van een elektropallettruck die elektrisch wordt aangedreven.
Reachtruck waar te weinig manoeuvreerruimte is voor een vorkheftruck. Reachen is afgeleid van het Engelse woord “to reach” dat reiken betekent. Een reachtruck wordt gebruikt in compacte magazijnen en of afzetplaatsen.
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.11
Stapelaar : Vooral gebruikt bij kleine bedrijven die toch gebruik willen maken vanstapelmogelijkheden. Hoogte tot ong.3000 mm en een hefvermogen van ong. 1500 kg.
Zijlader:
Een zijlader is een compact hefwerktuig. De ruimte die hij nodig heeft is de breedte van het voertuig plus ongeveer 10 cm aan weerszijden. Je reikt de hefmast uit, je neemt de last op en trekt hem weer in en legt de last op zijn eigen werkvloer.
Wordt vooral gebruikt om lange lasten te vervoeren.
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.12
Verreiker
De verreiker wordt veel gebruikt in de bouwwereld, deze truck is een veelzijdige machine waarbij veel verschillende voorzetapparaten kunnen worden gemonteerd. De verreiker valt niet onder de heftruck types en er is een apart certificaat voor vereist.
7. Inspectie en onderhoud heftruck In dit hoofdstuk leer je om de heftruck rijklaar te maken. Dit doe je aan de hand van een lijst met controlepunten. Pas als alle punten in orde zijn, mag je met de heftruck gaan rijden. Algemeen Zoals bij veel transportmiddelen, is ook bij de heftruck een zorgvuldige behandeling van groot belang. Niet alleen de manier waarop tijdens het werk met de heftruck wordt omgegaan is belangrijk. Ook de werkzaamheden die moeten worden verricht bij het begin van de dagtaak of werkperiode zijn van belang. De chauffeur is namelijk verantwoordelijk voor het goed functioneren van de heftruck. Daarom moet hij een aantal wezenlijke punten controleren. Bij constatering van gebreken zal dit direct aan de leidinggevende moeten worden doorgegeven. Hieronder volgen de controlepunten. Lekkage onder de heftruck Is er lekkage onder de heftruck geconstateerd, dan mag de heftruck niet worden gebruikt tot de onderhoudsdienst of de leverancier is gewaarschuwd en er maatregelen zijn genomen. Lekkages kunnen bestaan uit motorolie, hydraulische olie, koelvloeistof, remvloeistof en elektrolyt. Indien je de heftruck verplaatst dien je altijd even achter je te kijken of er geen vloeistof op de grond ligt. Banden Bij luchtbanden moet je letten op de bandenspanning, zo nodig moet je de banden weer op de juiste spanning brengen. Ook controleer je de loopvlakken van de banden op beschadigingen. Je gaat na of er voldoende profiel aanwezig is. Scherven, spijkers of andere voorwerpen die in de band zitten, moeten worden verwijderd. Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.13
Er zijn drie soorten banden: • Luchtbanden: te gebruiken op buitenterrein bij ongelijk wegdek; • Volrubberbanden: ijzeren velg met band, opgebouwd uit drie lagen, te gebruiken op vlak wegdek, super elastisch; • Massieve banden: ijzeren velg met vol rubberen laag (energiebesparend), te gebruiken op vlak wegdek, de elastische tussenlaag ontbreekt.
Bandenspanning De bandenspanning wordt gemeten met een bandenspanningsmeter. Wat de juiste bandenspanning is wordt vaak aangegeven op het frame van de heftruck boven de wielen. Ongelijke bandenspanning maakt de heftruck onstabiel. Hij kan daardoor lading verliezen en bij een slecht wegdek kantelen. Is de bandenspanning voldoende, dan moeten de banden eerst op spanning worden gebracht. Het is belangrijk erop te letten dat de spanning van de banden gelijk is (stabiliteit).
Velgen
Controle van de moeren, indien deze los zijn ontstaat er roestvorming rondom de moer. Schade Het wel of niet constateren van schade aan de heftruck kan voor, tijdens of na de werkperiode grote gevolgen hebben voor de bestuurder. Achteraf is het altijd moeilijk vast te stellen wie de veroorzaker is. Je moet deze controle dan ook altijd voor aanvang van de werkzaamheden uitvoeren. Schade die een juiste uitvoering van de werkzaamheden belemmert, zal eerst moeten worden hersteld. Pas op voor slippen. Heftrucks zijn erg slipgevoelig omdat ze zo zwaar zijn. Door een vochtige vlek op de vloer kun je al met de heftruck slippen. Het maakt niet uit welke vloeistof op de vloer ligt, of dat nu water, olie melk of wat dan ook is. Pas altijd de rijsnelheid aan als je over een nat wegdek moet rijden. Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.14
Hefinrichting
Hefmast De hefmast moet iedere dag op de volgende punten gecontroleerd worden: • Beschadigingen; • Borging aan de vorktanden; • De juiste werkafstand van de vorktanden; • De hefkettingen (juiste lengte). Beschadigingen Controleer of de hefinrichting beschadigd is, is er schade, dan moet de onderhoudsdienst gewaarschuwd worden. Borging Op het vorkenbord zitten uitsparingen waarin de borgpen die aan de bovenzijde van de vorktand is gemonteerd, kan worden geplaatst. Nadat de vorktanden op de juiste werkafstand zijn gezet, moeten zij geborgd worden. Vorken De vorken moeten ook regelmatig gecontroleerd worden. Belangrijk hierbij is: • Parallelliteit van de vorken. Zowel in lengterichting als in de hoogte, maximaal 13 mm. • Slijtage. Als de dikte van de vork met meer dan 10% is afgenomen, dan zijn de vorken niet meer betrouwbaar; • Haarscheuren. Met name in de hiel van de vork; • Roestvorming. Hefkettingen De hefkettingen moeten worden nagekeken op kapotte schakels (ankerpennen controleren op beschadiging/slijtage). Als er schakels zijn beschadigd, bestaat de kans dat de ketting breekt. Er kan dan een ernstig ongeluk ontstaan. Als er schakels beschadigd zijn, moet de onderhoudsdienst worden gewaarschuwd. Er mag dan in ieder geval niet meer met de heftruck gewerkt worden. Schade aan de ketting is het best te zien als de ketting ‘’schoon’’ is. Zitten er dikke klodders vet op de kettingen, dan is controle op schade erg moeilijk. Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.15
Hydraulisch hefsysteem Het hydraulisch hefsysteem moet worden gecontroleerd op: • Voldoende hydraulische olie; • Lekkage; • Werking; • Terugverende stuurventielen. Voldoende hydraulische olie Door de hefmast uit te schuiven tot het hoogste punt, controleer je of er voldoende hydraulische olie is. Gaat de mast met schokken omhoog, dan is er waarschijnlijk onvoldoende olie. De controle moet dan direct worden gestopt. Er mag niet meer met de heftruck worden gewerkt. Onderhoud Door de hefmast in de uiterste stand te brengen, voeren we ook onderhoud uit. De cilinderwand van de hefcilinder en de cilinder worden nu van binnen gesmeerd. Daardoor kan er geen roestvorming optreden. De mast moet nu maximaal voor- en achterover worden gebracht en met ingeschakelde pomp in stand worden gehouden voor controle van de neigcilinder(s). verlopen deze controles zonder problemen, dan zal de kans op bijvoorbeeld een leidingbreuk een stuk kleiner geworden zijn. Bovendien dienen de hefcilinders voorzien te zijn van een slangbreukbeveiliging.
Remmen Voordat je gaat rijden, controleer je de remmen. Het remsysteem controleer je door het rempedaal in te trappen en met de voet vast te houden (zie tekening hieronder). De remdruk is goed als het rempedaal niet wegzakt. Zakt het rempedaal weg, dan werken de remmen slecht of niet. Er mag in dat geval niet worden gereden met de heftruck. De onderhoudsdienst moet worden gewaarschuwd. Bij elektrotrucks wordt er soms ook gebruik gemaakt van een zogenaamde dodemansrem of- knop. Deze kan uitgevoerd zijn als: • Een schakelaar onder de stoel (meestal bij een reachtruck) die, wanneer je de zitplaats verlaat, de stroomtoevoer stopt; • Een knop naast de bestuurderszitplaats die, wanneer deze ingeslagen wordt, de stroomtoevoer stopt; Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.16
•
Een knop op de vloer naast de bedieningspedalen die ingedrukt moet blijven tijdens het rijden. Als je deze knop loslaat, stopt de stroomtoevoer. Trek ook met kracht de handrem aan en probeer dan voorzichtig weg te rijden. Als je weg kunt rijden, moet de handrem opnieuw worden afgesteld. De onderhoudsdienst moet worden gewaarschuwd. Stuurspelling De controle van de stuurspeling is vrij eenvoudig. Met draaiende motor (bij motortrucks) beweeg je het stuur een keer naar links en een keer naar rechts. Je beweegt zover naar links en rechts tot je weerstand voelt. Als je weerstand voelt, dan sturen de wielen. Als alles in orde is, dan moet je de weerstand snel voelen. De spelling in het stuur moet klein zijn. Is de stuurspeling te groot (meer dan 15 = ca. 7cm.), dan reageren de wielen te laat op het draaien van het stuur. Je vermijdt sturen in stilstand, omdat: • Het slecht is voor de banden: het rubber ondervindt dan zeer veel wrijving, waardoor extra slijtage ontstaat; • De stuurstang te grote krachten ondervindt door de weerstand van de banden. De heftruck moet altijd in beweging zijn om te sturen.
Claxon De claxon van een heftruck wordt gebruikt om anderen te waarschuwen voor gevaar. Voor dat je gaat rijden met de heftruck, moet je controleren of de claxon werkt. Werkt de claxon niet, dan is veilig werken niet mogelijk, omdat andere heftruckchauffeurs of andere personen niet gewaarschuwd kunnen worden. Urenteller Als er een urenteller aanwezig is, moet je de goede werking daarvan controleren. Het aantal draaiuren is van belang voor het periodieke onderhoud van de heftruck.
Verlichting Controleer of op de heftruck aanwezige verlichting werkt. Het doel van de verlichting is: • Zien (werksituaties); • Gezien worden. Stand van de stoel Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.17
De stoel moet zo worden gezet dat je ontspannen kunt werken en de controle over alle bedieningsorganen hebt. Vergrendel de stoel na afstelling om te voorkomen dat bij het bedienen van de pedalen de stoel verschuift. We moeten bij het instellen rekening houden met: • Het sturen; • De bediening van de pedalen; • De bediening van de handels; • Het zicht rondom. Om de diverse functies te kunnen uitvoeren, moet bij een elektrotruck het contact worden ingeschakeld. Bij een verbrandingstruck moet de motor worden gestart. Let op Als je tijdens de controle of tijdens werkzaamheden gebreken constateert, dan is het noodzakelijk om het werken met de truck te beëindigen. Natuurlijk doe je onmiddellijk hiervan melding bij de onderhoudsdienst. Hierdoor worden schade/letsel en onveilige situaties voorkomen de heftruck moet gekenmerkt worden als ‘’niet inzetbaar’’. Veiligheidsgordel In een heftruck is sinds 5 december 1998 een veiligheidsgordel verplicht. Voor de trucks die voor die tijd al in het bedrijf ingezet werden, geldt een overgangstermijn van 4 jaar (dus vanaf 5 december 2002 verplicht). Als de veiligheidsgordel aanwezig is, dan ben je verplicht deze te dragen. Het niet dragen van een veiligheidsgordel brengt naast veiligheidsrisico’s ook aansprakelijkheidsrisico’s met zich mee. Dit betekent dat de heftruck chauffeur die de veiligheidsgordel niet draagt, bij een ongeval met persoonlijk letsel, in een bijzonder vervelende situatie terecht kan komen.
Pilotprotector Noodstop De noodstop is bedoeld om middels een ingreep van buitenaf de truck tot stilstand te brengen. De noodstop dient op elke elektrische truck, stapelaar, elektro-pallettruck, e.d. aanwezig te zijn. Een handgreep waarmee met een ruk de stroomvoorziening onderbroken wordt, voldoet eveneens aan de wettelijke voorschriften. Dodemansknop De dodemansknop is bedoeld om te voorkomen dat de truck doorrijdt op het moment dat de chauffeur niet (meer) op de bestuurdersplaats zit. De dodemansknop is in een aantal varianten beschikbaar. Bij elektrische trucks met een zittende bestuurder, is de dodemansknop onder de stoel gemonteerd. Een aanvullende dodemansknop als voetpedaal kan nuttig zijn in bijvoorbeeld werksituaties waarbij veel in smalle gangen gewerkt wordt, om zo te borgen dat de chauffeur tijdens het rijden met de benen binnen de contouren van de heftruck blijft. Bij trucks met een staanplaats voor de chauffeur is de dodemansknop uitgevoerd als voetpedaal. Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.18
Veiligheidskap Als heftruckchauffeur loop je het risico getroffen te worden door vallende lading. Daarom is een heftruck uitgerust met een aantal beveiligingen. Op een heftruck is altijd een veiligheidskap aangebracht, zodat de chauffeur beschermd wordt tegen de lading die uit bijvoorbeeld een stelling valt. Deze kap moet voldoende open zijn, zodat er doorheen gekeken kan worden. Let er wel op dat de mazen niet te groot zijn, zodat kleinere stukken lading er niet doorheen kunnen vallen. Lastbeschermrek Heftrucks die lasten hoger dan 1,8 meter tillen, moeten uitgerust zijn met een lastbeschermrek. Over de afmetingen en vormgeving is nagedacht. Het spreekt dan ook voor zich dat rekken of kappen niet verwijdert mogen worden. Ook smaller of korter maken, roept ontoelaatbare risico’s op.
Veiligheidskap en lastbeschermrek:
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.19
Elektrotruck In magazijnen, veilinghallen en grote winkelruimten wordt meestal met schone elektrotrucks gewerkt. De batterij drijft de elektromotor aan en moet regelmatig worden geladen. In deze paragraaf leer je: - De kenmerken van een elektrotruck kennen; - Hoe je moet omgaan met de risico’s die daaraan zijn verbonden. Anders dan bij een verbrandingsmotor, wordt bij de elektrotruck de aandrijving voor het horizontale transport en de snelheid van het heffen voor het verticale transport geregeld door twee motoren: de hefmotor en de rijmotor. De snelheid van het heffen wordt bepaald door de diepte waarmee de hydraulische bedieningshandels worden aangetrokken. Om te voorkomen dat de rijmotor wordt overbelast, wordt er tussen de tractiebatterij en deze motor schakelapparatuur geplaatst. Deze heeft als functie de rijsnelheid trapsgewijs op te bouwen of te verminderen. Batterij laden Je kunt op verschillende manieren te weten komen of de batterij bijgeladen moet worden. • Met de batterijcapaciteitsmeter die in de bestuurderscabine is gemonteerd. Deze geeft met behulp van kleuren of cijferindicaties aan of de batterij geladen moet worden. Het doel hiervan is te controleren of de batterij (voor 80%) is ontladen. Als de batterij tijdens de werkzaamheden in een ontladen toestand komt, wordt de hefinrichting geblokkeerd. Hierdoor wordt verticaal werken onmogelijk gemaakt. Dit is voor de bestuurder het teken dat hij naar het oplaadstation moet; • Met een zuurweger. Deze geeft het soortgelijk gewicht of dichtheid van het elektrolyt aan. In een ontladen toestand is de dichtheid tussen 1,13 en 1,15 kg/l. dit betekent dat 1 liter elektrolyt 1,13 tot 1,15 kg weegt. In een geladen toestand ligt de dichtheid tussen de 1,26 en 1,28 kg/l. het is belangrijk dat je de batterij geheel ontlaadt, voordat je hem aan een lader zet. De voorschriften van de leverancier kunnen hierin afwijken. Batterij laadruimte Bij het werken in de batterijlaadruimte moeten de volgende regels in acht worden genomen: • Niet roken; • Geen reparaties uitvoeren; • Geen open vuur; • Dragen van een zuurbril of gelaatsscherm.
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.20
Startaccu/tractiebatterij Om elektriciteit beter te geleiden is de startaccu en de tractiebatterij gevuld met zwavelzuur, aangelengd met water. De inhoud van de accu of batterij noemen we elektrolyt. Met dit elektrolyt gebeurt er in de accu of batterij tijdens het opladen niets. Het zorgt alleen voor een betere geleiding. Tijdens het opladen begint het water te borrelen. Dat komt doordat er een ontleding van het water plaatsvindt door elektrische stroom (elektrolyse). Bij het ontleden komen twee gassen vrij, n.l.: • Zuurstof; • Waterstof (al in kleine concentraties explosief, daardoor zeer gevaarlijk). Dit mengsel van gassen dat vrijkomt bij het laden van een batterij is zeer explosief en noemt men ook wel knalgas. Daarom is het in de buurt van een batterij in een acculaadstation verboden te roken of open vuur te maken (zie onderstaande figuur) De wisseling van tractiebatterijen gebeurt door een doelmatige hijs- en transportinrichting. Bij het hijsen Van de batterij moet je de batterijpolen door middel van een isolatie afschermen om kortsluiting door aanraking met de hijshaak te voorkomen. Tractiebatterijen moeten deugdelijk en onwrikbaar in de heftruck worden bevestigd. Oplaadpunten moeten aan de wettelijke normen voldoen en er moet altijd afzuiging aanwezig zijn. Om brandgevaar te voorkomen, is het niet verstandig om goederen op te slaan in de nabijheid van de oplaadruimte. Voor meer informatie kun je de NEN 1010 raadplegen. Beschermingsmiddelen Wordt er aan een batterij gewerkt, dan is het verstandig de volgende beschermingsmiddelen te gebruiken: • Een zuurbril of gelaatscherm; • Zuurbestendige handschoenen; • Een rubberen voorschoot. Eerste hulp Komt er toch iemand in aanraking met elektrolyt, dan moet je meteen maatregelen nemen: • Bij elektrolyt in de ogen of onbedekte huid: direct spoelen met veel water en een arts raadplegen; • Bij elektrolyt op kleding: kleding uit (voorzichtig, let op je handen), daarna kleding en huid spoelen met veel water. Als elektrolyt op de grond is gemorst, dan kan dit opgenomen worden met zand of absorptiekorrels. Elektrolyt moet worden afgevoerd als chemisch afval. Controle vloeistof niveau Tijdens het onderhoud van een batterij moet je nagaan of cellen bijgevuld moeten worden. Handmatig bijvullen Een batterij moet worden bijgevuld met gedestilleerd of gedemineraliseerd water (zie de tekening hiernaast). De vloeistof mag niet hoger dan 1 cm boven de platen komen. De leverancier kan echter een afwijkende hoogte voorschrijven. Het bijvullen van de batterij kan het best na het laden gebeuren. Als er sprake is van een duidelijk te laag niveau, dan zal de accu eerst bijgevuld moeten worden om te voorkomen dat de platen krom trekken tijdens het opladen. Vullen we voor het laden te veel bij, dan kunnen er problemen tijdens het laden ontstaan. Als een batterij geladen wordt, dan zet het elektrolyt uit. Door de vulopeningen kan dan elektrolyt naar buiten komen Gevolgen zijn: Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.21
• • •
Verlies van zwavelzuur; Lagere capaciteit van de batterij; Schade door de bijtende werking van het zuur.
Automatische vulsystemen (autofill) Tegenwoordig zijn er ook automatische vulsystemen. Deze automatische systemen vullen de batterij voor of tijdens het laden bij (zie onderstaande tekening). Het voordeel van een automatisch vulsysteem is, dat de batterij altijd tot het juiste niveau is gevuld. De batterij zal dan ook langer meegaan. Dagelijks onderhoud tractiebatterij De levensduur van een tractiebatterij is onder andere afhankelijk van het op de juiste manier laden en uitvoeren van het onderhoud. Het dagelijkse onderhoud bestaat uit: • Schoonhouden: met een droge doek vocht en vettigheid van het deksel en vuldoppen verwijderen (zie de tekening op de volgende bladzijde); • De aansluitverbindingen (polen): met zuurvrije vaseline insmeren; • De stekkers en contrastekkers • moeten droog, schoon en vetvrij blijven. Koppelen Voordat je de batterij aan de heftruck kunt koppelen, moet de verbinding tussen batterij en gelijkrichter worden verbroken. Je moet ervoor zorgen dat de stroomkabel van de gelijkrichter netjes wordt opgeborgen. De verbinding tussen tractiebatterij en heftruck wordt met stekkers tot stand gebracht. Foutief aansluiten van de batterij aan de heftruck is praktisch onmogelijk. Wel zal het aan- en afkoppelen wat stroef gaan, maar dat is normaal. Het dient om het inbranden van de contactpennen te voorkomen. Sluiten batterijdeksel Bij het sluiten van het batterijdeksel mogen de batterijkabels niet bekneld raken. Controleer ook of de batterij goed vast zit. Noodstop De noodstop is bedoeld om middels een ingreep van buitenaf de truck tot stilstand te brengen. De noodstop dient op elke elektrische truck, stapelaar, elektro-pallettruck, e.d aanwezig te zijn. Een handgreep waarmee met een ruk de stroomvoorziening onderbroken wordt, voldoet eveneens aan de wettelijke voorschriften.
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.22
Heftrucks met een verbrandingsmotor Naast de elektrotruck wordt ook veel gebruik gemaakt van de heftruck met verbrandingsmotor. In deze paragraaf leer je waar je op moet letten om ervoor te zorgen dat je heftruck een betrouwbare partner bij je werk is en blijft. Regelmatige inspectie en eenvoudig onderhoud is daarbij belangrijk. De verbrandingsmotor kan uitgevoerd zijn in benzine, diesel of LPG. De keuze is afhankelijk van de werksituatie. LPG heeft als voordelen: - Een gunstige verbranding waardoor uitlaatgassen schoner zijn; - Een lagere literprijs; - De motoren blijven inwendig schoner. Een nadeel is dat het verbruik hoger ligt en de motor minder vermogen levert. De dieselmotor is sterker dan de benzinemotor en is ook minder storingsgevoelig. De benzinemotor wordt niet of nauwelijks gebruikt. Je moet weten met welk soort verbrandingsmotor de truck is uitgerust om de juiste brandstof te kunnen tanken. Bij een truck met verbrandingsmotor begint het rijklaar maken onder de motorkap. Hier vragen de volgende punten je aandacht: • Motoroliepeil; • Koelwater of koelvloeistof; • V-snaren; • Accu; • Meters en lampjes. Motoroliepeil Bij het controleren van het motoroliepeil moet met behulp van de peilstok worden gekeken of er voldoende smeer of motor olie in het motorblok aanwezig is. De olie heeft als belangrijkste taken smeren en koelen, waardoor slijtage wordt verminderd. Hoe peil je de olie? Het peilen van de olie moet gebeuren bij een koude motor. Ook moet de heftruck op een vlakke (horizontale) ondergrond staan. Je moet de volgende stappen uitvoeren: • Haal de peilstok uit de carter. • Maak de peilstok schoon met een schone doek. • Steek de peilstok helemaal in de carter. • Haal de peilstok uit het carter en lees het oliepeil af. • Op de peilstok is een minimum en een maximum aangegeven. Er is voldoende olie in het carter als het niveau tussen de minimum en de maximumstand ligt. • Is het oliepeil afgelezen, steek dan de peilstok weer in het carter terug. Wanneer moet je olie verversen? Dit kunnen we aflezen van de urenteller, want het moment van verversen is gebaseerd op het aantal bedrijfsuren.
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.23
Bijvullen Als het oliepeil te laag is moet er olie bijgevuld worden. Vullen we niet bij, dan zal de moorolie te heet worden en haar smerende werking verliezen. Er kan dan ernstige schade aan de motor ontstaan (motor loopt vast) Koelwater en koelvloeistof Bij de verbrandingsmotor moet het koelwater of de koelvloeistof in de radiateur dagelijks of voorafgaand aan elke werkperiode worden gecontroleerd en zo nodig worden bijgevuld. Reinigen radiateur Als je de lamellen van de radiateur wilt schoonmaken, dan blaas je perslucht van binnen naar buiten. V-snaren Spanning V-snaar De spanning van een V-snaar (zie onderstaande tekening links) kan gemakkelijk worden gecontroleerd. In het algemeen is de spanning goed, als de V-snaar met de hand ongeveer een centimeter naar boven en beneden kan worden gehaald (zie onderstaande tekening rechts) Is er veel meer of veel minder dan een centimeter speling, dan moet de onderhoudsdienst gewaarschuwd worden. Deze controle mag uiteraard alleen worden uitgevoerd bij een uitgeschakelde motor. Accu Het vloeistof peil in de startaccu moet regelmatig worden gecontroleerd, en zo nodig met gedistilleerd gedemineraliseerd water worden bijgevuld tot 1cm boven de platen. De polen van de accu moeten worden schoongehouden en ingesmeerd met zuurvrije vaseline. Meters of lampjes Bij heftrucks met een verbrandingsmotor (benzine, LPG of diesel) kunnen we op het dashboard de volgende meters of lampjes aantreffen, die steeds gecontroleerd moeten worden. • Ampère meter of lampje: geeft aan of de dynamo stroom levert; • Oliedruk meter of lampje: geeft aan dat het smeersysteem goed functioneert. Wanneer je de motor start, moet de oliedruk meter uitslaan. Het oliedruk lampje moet branden als de contactsleutel wordt omgedraaid en uitgaan als je de motor start. Als tijdens het rijden het lampje gaat branden, of de meter anders aangeeft dan normaal, moet je DIRECT stoppen en de storing melden. • Brandstof meter of lampje: als het lampje gaat branden is de reserve- voorraad bereikt. • Temperatuur meter of lampje: geeft aan of de bedrijfstemperatuur van de motor te hoog oploopt. • Uren teller: geeft het aantal gedraaide bedrijfsuren aan. BMWT – keur De Europese Machine Richtlijn zegt dat alle machines een jaarlijks terugkerende keuring dienen te ondergaan, dus ook de heftruck. • De keuring kan worden gekoppeld aan een periodiek preventief onderhoud. Een voorbeeld van deze keuring is de BMWT – keur. • Alleen ondernemingen met een BMWT –keur certificaat kunnen en mogen deze BMWT keuringen uitvoeren. • De rapportage voldoet aan de voorwaarden van de Arbowet, de A.I. (arbeidsinspectie) en de stichting BMWT – keur. Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.24
Controle einde van de dag Aan het einde van de werkdag moet de truck veilig achtergelaten worden. Dit betekent dat de truck op een plaats geparkeerd wordt, waarbij hij geen risico’s oplevert. Als er geen vaste plaats beschikbaar is, dan altijd in de lengte richting van en zijpad parkeren. De mast wordt enigszins voorover gebracht en de hefinrichting laten we zakken, zodat de vorken op de grond rusten en de hefketting slap hangt. De rijrichting hendel of schakelaar, wordt in de neutrale stand geplaatst. Het stuur wordt in de recht- vooruit positie gedraaid. Het contact wordt uitgeschakeld. Om de druk uit het hydraulisch systeem te verwijderen, worden alle bedieningshendels een keer heen en weer bewogen. De handrem wordt aangetrokken. De contactsleutel wordt verwijdert en op de afgesproken plaats achtergelaten. Conclusie • Een heftruck moet voor het dagelijks gebruik door de chauffeur worden gecontroleerd. • Deze controle is noodzakelijk omdat hierdoor gebreken kunnen worden gesignaleerd, voordat ze tot ernstige ongevallen leiden. De heftruck wordt vaak door meerdere chauffeurs gebruikt en het is niet altijd duidelijk of de heftruck door de vorige bestuurder beschadigd is teruggezet. • Als heftruckchauffeur heb je de verantwoordelijkheid van de veiligheid van je heftruck. Een controle op de aangegeven punten is dus noodzakelijk. • Controle van de elektrotruck verschilt met die van de heftruck met verbrandingsmotor. Om de controle te vergemakkelijken zijn er in de bijlagen twee controle lijsten opgenomen: een voor de elektrotruck, en een voor de heftruck met verbrandingsmotor. • Bij geconstateerde gebreken die invloed op de veiligheid kunnen hebben: NIET met de heftruck rijden, maar de technische dienst of leverancier de heftruck laten repareren. CE Markering Conform Europese norm, product voldoet aan de Europese norm
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.25
Nu we de heftruck gecontroleerd hebben, zullen we eens gaan kijken naar de verschillende belastingen van de heftruck. Voor controlelijst zie bijlage 1
8. Belasten van de heftruck Na het leren van het rijklaar maken van de heftruck gaan we leren hoe de heftruck belast mag worden. Een onjuiste belasting leidt vaak tot onveilige situaties en tot (ernstige) ongevallen. Er komt wel wat rekenwerk bij kijken. Om te weten of je een heftruck op de juiste wijze belast, moet je eerst wat begrippen kennen om de uitleg over de belasting te kunnen volgen. Dit leer je in deze paragraaf. Heftrucks kun je in diverse soorten en maten tegenkomen. Wat betreft het hefvermogen is er een enorme keuze, die loopt van 300 kg tot 45.000 kg en soms wel meer. De lasten worden altijd voor de wielen van de heftruck opgenomen. Heftrucks kunnen wat betreft aandrijving verschillen. Er is keuze uit heftrucks met een verbrandingsmotor (benzine, diesel of LPG) of elektromotor. Daarnaast kun je ook kiezen tussen drie of vierwiel heftrucks. De vierwielheftruck is op een oneffen terrein stabieler. De driewiel heftruck heeft een kleinere draaicirkel dan de klassieke vierwieler. De hefmast kan enkele graden voor en achterover worden gekiept. Voordat je met een heftruck gaat rijden en werken, moet je over een aantal gegevens beschikken: Hefvermogen/werklast Het hefvermogen ofwel de werklast is het maximale gewicht in kg dat met die heftruck geheven mag worden. Wettelijk moet op ladingen met een hoger gewicht dan 1000 kg het daadwerkelijke gewicht worden vermeld. Zwaartepuntsafstand De zwaartepuntsafstand van een heftruck is de afstand gemeten vanuit de hiel van de vork naar voren toe. De zwaartepuntsafstand wordt door de fabrikant opgegeven in mm of cm. Ladingen Bij het berekenen van de capaciteit gaan we er meestal vanuit dat het gewicht van een last gelijkmatig is verdeeld over de last. Als dat niet zo is, dan moet je weten of je de last wel mag opheffen en als dat mag,hoe je dat moet doen. Daarover gaat deze paragraaf. Als het hefvermogen en de zwaartepuntsafstand van een truck bekend is, is de capaciteit te berekenen door het hefvermogen in kilogrammen (kg) te vermenigvuldigen met de zwaartepuntsafstand in centimeters (cm). De capaciteit is altijd in kg of cm gegeven. Die gegevens hebben we nodig om te kunnen bepalen hoe zwaar en lang een te voeren last mag zijn. Voordat we dit kunnen doen, moeten we weten wat een zwaartepunt is. Bepaling lastlengte en gewicht Om de lengte of het gewicht van een last te kunnen bepalen, moeten we het hefvermogen en de zwaartepuntsafstand weten. Voorbeeld Als een truck een hefvermogen van 1.000 kg en een zwaartepuntsafstand van 50 cm heeft, dan mag deze truck een lading vervoeren van 1.000 kg die 100 cm lang is. Dit is mogelijk omdat het zwaartepunt van een last van 100 cm x 100 cm op de 50 cm ligt. Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.26
Als het zwaartepunt van de lading gelijk is aan de zwaartepuntsafstand van de truck, dan mag de last zo zwaar zijn als het opgegeven hefvermogen. De capaciteit van de truck uit ons voorbeeld is dus: Hefvermogen x zwaartepuntsafstand = 1.000 kg x 50 cm = 50.000 kg-cm. Als het gewicht van een lading 1.000 kg is, dan kunnen we het zwaartepunt van deze lading bepalen door de capaciteit te delen door het gewicht van de lading, dus in ons geval: 50.000 kg-cm = 50 cm 1.000 kg Als het zwaartepunt van de lastlengte op 50cm uitkomt, dan is de hele lastlengte dus 2 x 50 cm (bij een gelijkmatig verdeelde last). Als niet het gewicht, maar alleen de lengte bekend is, kunnen we natuurlijk ook het gewicht van deze last bepalen. Als de lading bijvoorbeeld een afmeting heeft van 100 x 100 cm, dan is het zwaartepunt 50 cm. Door de capaciteit te delen door het zwaartepunt, krijgen we het gewicht dat de lading mag hebben. In ons geval is dat: 50.000 kg-cm = 1.000 kg 50 cm Als je lasten moet verplaatsen met afwijkende gewichten of lengten, dan kun je met capaciteitsvergelijkingen bepalen of de last wel of niet vervoerd mag worden. Zwaartepunt Alle ladingen hebben een zwaartepunt. Afhankelijk van de grootte en de vorm van de lading, kan de afstand van het zwaartepunt ten opzichte van de buitenkant van de lading verschillen. Deze afstand heet de zwaartepuntsafstand van de lading. Ook is de ligging van het zwaartepunt verschillend. Dit is afhankelijk van de uitvoering van de lading.
Lastdiagram Om lasten veilig op te kunnen nemen, moet je in staat zijn om het lastdiagram op je heftruck af te lezen. Hoe dat moet, leggen we uit in deze paragraaf.
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.27
Omdat het voor een heftruckbestuurder in de praktijk erg moeilijk zal zijn om alle ladingen te berekenen, geven de fabrikanten een vork- of lastdiagram (goed zichtbaar op de heftruck) aan. Bij trucks met een hefhoogte > 3 meter is op het diagram aangegeven tot welke hoogte een bepaalde last geheven kan worden. Wanneer een gelijkmatig beladen pallet van 100 x 120 opgenomen wordt aan de 100 cm zijde, dan zal het zwaartepunt op 60 cm liggen. Een lading met een zwaartepunt van 60 cm zal volgens het lastdiagram 860 kg mogen wegen en tot op een hoogte van 3,50 meter geheven mogen worden. Van belang is hierbij natuurlijk dat alle ladingen goed in de hiel van de vork worden geplaatst, anders gaat het zwaartepunt naar voren en zal de lading steeds minder mogen wegen. Is de last niet regelmatig van vorm en ligt het zwaartepunt niet in het midden, dan moet de last zo worden opgenomen, dat het zwaartepunt zoveel mogelijk op de hartlijn van de truck ligt. Ligt het zwaartepunt van de last niet op de hartlijn van de truck, dan zal de truck ongelijk belast worden. Hierdoor zal één kant van de truck zwaarder worden belast. Het gevaar van omslaan is dan niet denkbeeldig en kan ook ontstaan als de truck zijwaarts op een helling rijdt. De gevaren van kiepen en kantelen zijn te voorkomen door de lasten altijd op de juiste manier op te nemen en zo laag mogelijk te houden tijdens het rijden. Het zwaartepunt van de heftruck zit tamelijk ver achterin. Dit is zo gedaan om het moment (= kracht x arm) zo groot mogelijk te maken. Achter de achteras is een extra contragewicht gemaakt. De vooras is het lastpunt. Als de last zover mogelijk in de hiel van de vork staat, dan zal de druk op het achterwiel beter zijn. Extra contragewichten, dus ook mensen, zijn wettelijk verboden. Dit kan schade aan de heftruck en persoonlijke ongevallen veroorzaken. Documenten Een heftruckbestuurder zal niet alleen moeten rijden en stapelen, maar zal in zijn werk ook te maken krijgen met papieren documenten. Als ladingen moeten worden klaargezet, gebeurt dit met een mondelinge of schriftelijke opdracht. Bij binnenkomst van goederen behoren de documenten aanwezig te zijn. Deze documenten, bijvoorbeeld, vrachtbrief, instructie- of gevarenkaart, douanedocumenten of vervoeradres, moeten aan de daarvoor verantwoordelijke persoon op de hoogte worden gesteld, voordat tot lossen word overgegaan. Goederen die in het bedrijf staan waarvan de bestemming onbekend is, kunnen vertraging in aflevering oplopen. Belangrijk is dat het Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.28
gewicht van de lading en de afmetingen van pallets of colli kunnen worden vergeleken met het hefvermogen en de zwaartepunts-afstand van de heftruck. Beschadiging of tekorten moeten bij constatering direct gemeld worden overeenkomstig de bedrijfsvoorschriften. Hulpmiddelen voor de heftruck In bepaalde gevallen kan een last niet of moeilijk met een vork worden opgenomen en maak je gebruik van speciale, gekeurde hulpmiddelen. In deze paragraaf leer je welke er zoal zijn en hoe je er veilig mee kunt omgaan. De vorken zijn het voornaamste en meest toegepaste hulpmiddel voor de heftruck. Voor speciale doeleinden zijn er echter diverse uitbreidingsmogelijkheden. Aan ieder hulpmiddel dat aan de heftruck kan worden bevestigd, wordt een aantal eisen gesteld. Dat betekent dat er ook extra kennis en vaardigheden van de bestuurder worden verwacht. Het is daarom noodzakelijk dat bij de aan te brengen hulpmiddelen duidelijke montagevoorschriften of handleidingen worden gevoegd. Ook goede gebruikershandleidingen ofvoorschriften zijn onontbeerlijk. Als bestuurder moet je op een veilige en effectieve wijze met de uitbreidingsmogelijkheden omgaan. Dit houdt in dat je bij voorkeur Nederlandstalige gebruiksaanwijzingen moet kunnen raadplegen. Met behulp hiervan is na te gaan wat het effect van de hulpmiddelen is op het rij- of weggedrag van de heftruck en op de hefcapaciteit. Enkele belangrijke aspecten waar je op moet letten bij de toegevoegde hulpmiddelen zijn: • Het gewicht van het hulpmiddel (vermindert de capaciteit); • De last steekt nu extra naar voren (vermindert de capaciteit); • Het nemen van bochten en hellingen en de hefhoogte wordt beïnvloed. Enkele hulpmiddelen zijn: • • • • •
Een kraanarm, eventueel telescopisch; Kiepbakken voor aan- en afvoeren van los gestort materiaal; Verlengde vorken; Vatenklemmen, eventueel voorzien van een kantelinrichting; Werkbakken, waarmee de heftruck tot een ‘hoogwerker’ gemaakt kan worden. In onderstaande figuren zijn enkele voorbeelden weergegeven.
Werkbakken Het is toegestaan een beperkt ingerichte heftruck te gebruiken als hoogwerker. Deze hoogwerkers zijn eenvoudig op de vorken te plaatsen en passen op nagenoeg alle soorten heftrucks. De werkbakken moeten wel voldoen aan de richtlijnen van het Arbobesluit.
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.29
Werken in een werkbak, bevestigd aan of op het hefmechanisme van een heftruck, mag voor incidentele werkzaamheden van korte duur zijn als: • De heftruck is voorzien van een inrichting die de bewegingsfuncties rijden en neigen blokkeert; • De werkbalk op de heftruck is geplaatst en waarbij een bedieningsorgaan (vrijgeef- knop) in de werkbalk aanwezig is, die bij bediening de hef- en daalbeweging vrijgeeft; • De te heffen last (werkbak plus werklast) niet meer bedraagt dan de maximaal toelaatbare werklast in de meest ongunstige belastingsituatie; • De werkbak aan de Zijde van de hefmast is voorzien van een fijnmazig gazen scherm van tenminste 1,75 meter hoog; • De vloer van de werkbak niet hoger ligt dan 25 cm boven het hefvlak van de heftruck. Een werkbak mag slechts voorzichtig en met geringe snelheid verticaal worden verplaatst. De bestuurder mag de bedieningsplaats niet verlaten zolang de werkbak geheven is. Het is niet toegestaan om met een heftruck te rijden als zich bemanning in de geheven werkbak bevindt. Werkbak t.b.v. heftruck:
Conclusies • De stabiliteit van de heftruck tijdens het heffen van een last wordt bepaald door; -de hoogte tot waar een last mag worden geheven; -het gewicht van de last -de zwaartepuntsafstand. • Omdat het niet eenvoudig is dit steeds te moeten berekenen, is er op iedere heftruck een lastdiagram aangebracht. Door dit af te lezen kan de chauffeur nagaan hoever hij mag heffen. • Het kan voorkomen dat je lasten moet verplaatsen die wat betreft afmeting en gewicht afwijken van de gegevens op de kenplaat waarop het lastdiagram staat vermeld. In dat geval is een capaciteitsvergelijking noodzakelijk. Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.30
• •
Neem een last altijd zo op dat het zwaartepunt van de last in de hartlijn van de heftruck ligt. Het verzwaren van het contragewicht is niet toegestaan.
9. Veilig werken met de heftruck Veilig en efficiënt besturen van een heftruck kan alleen goed worden geleerd als je de regels die in dit hoofdstuk staan beheerst. Natuurlijk is rijden met de heftruck zelf een goed leermoment om wat je in dit hoofdstuk leert in de praktijk te brengen. Begrippen • De bouwhoogte; • De doorrijhoogte; • De hefhoogte; • De vrije hefhoogte; • De afzethoogte. In de figuren hieronder zijn alle bovenstaande begrippen aangegeven. In de tekst daaronder worden ze afzonderlijk behandeld. Bouwhoogte De bouwhoogte is het hoogste punt van het transportmiddel met de mast in verticale stand en de vorktanden in de laagste stand. De mast hoeft niet altijd op het hoogste punt te zijn.
Doorrijhoogte de doorrijhoogte is het hoogste punt van een heftruck met de vork in de transportstand. In de transportstand is over het algemeen de vork of last 20 centimeter boven de grond. In deze situatie kan er veilig worden gereden. De doorrijhoogte is niet altijd hetzelfde, bijvoorbeeld door verschillen in de hoogte van de last. Let op de doorrijhoogte. Met de lading of vorken te hoog rijden kan betekenen dat deurkozijnen, leidingen of andere obstakels en mensen worden geraakt. Gevolg: schade en/of letsel.
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.31
Vrije hefhoogte de vrije hefhoogte wordt ook wel freelift genoemd. De vrije hefhoogte is het hoogste punt tot waar de vork geheven kan worden, zonder dat de mast uitgeschoven wordt.
Hefhoogte De hefhoogte is de maximale hoogte tot waar de vork kan worden geheven de hefhoogte wordt gemeten van de bovenkant van de vork tot aan de vloer, met de mast in verticale stand.
Afzethoogte De afzethoogte is het hoogste punt waarop een lading weggezet kan worden. Vaak wordt gedacht dat de afzethoogte hetzelfde is als de hefhoogte. Dit is echter niet waar. Het is de hefhoogte minus 25 cm. De volgende zaken bepalen de afzethoogte: • De hoogte van de pallet; Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.32
• •
De speling tussen de onderzijde van de pallet en de bovenzijde van de ligger van een stelling; De bandenslijtage van de heftruck.
Gordel Verplicht • Het is verplicht om op heftrucks met een open cabine een heupgordel op de bestuurdersplaats te laten monteren. • Het dragen van de gordel is verplicht (Artikel 11, lid c van de Arbo-wet) Manoeuvreren Elk vervoermiddel of transportmiddel vraagt bij de besturing om vaardigheid van de bestuurder. Dat geldt in het bijzonder voor de heftruck. Je leert hierna waarom dat zo is. Als je voor het eerst met de heftruck gaat rijden, dan is dat wat vreemd. Een heftruck reageert namelijk heel anders op het stuur dan een auto. Dit komt omdat een auto met de voorwielen stuurt en een heftruck met het achterwiel of achterwielen. De stuur as wordt bij een heftruck om 2 redenen achteraan geplaatst: • De draaicirkel wordt veel kleiner; • Bij een geladen heftruck wordt de vooras al zeer sterk belast. Met een heftruck kun je heel goed manoeuvreren, vooral rond scherpe bochten en obstakels, zoals de schappen met goederen die in het bedrijf zijn opgesteld, lukt dit goed. De benodigde manoeuvreerruimte bij het weghalen of neerzetten van ladingen wordt bepaald door: • Lengte en breedte van de truck, die de buiten draaistraal bepalen; • Breedte en diepte van de lading en de benodigde speling; • Soort besturing, drie- of vierwielbesturing. Te brede gangpaden geven onnodig ruimteverlies, terwijl in de smalle gangpaden (veel0 moet worden gemanoeuvreerd bij de ladingbehandeling. De juiste zithouding op de heftruck is van belang voor de veiligheid van de chauffeur en zijn omgeving. Voordat je met de heftruck gaat rijden, moet je de stoel op de juiste stand zetten zodat je alle handelingen ontspannen uit kunt voeren. Hoofd, armen en benen moeten binnen de heftruck blijven om te voorkomen dat ze bekneld raken. Rijd nooit met een te hoog geheven last of vork. Pas de hoogte bij omstandigheden aan. Bij een goede vloer is 20 cm voldoende. Vergeet daarbij niet de mast zover mogelijk achterover te halen, afhankelijk van de lading die je op de vork hebt. Bij een reachtruck is rijden met een uitgeschoven mast of vork gevaarlijk en daarom verboden. Als je een ruimte in- of uit rijdt, rij dan altijd met de heftruck achteruit naar binnen of naar buiten. De afstand achterkant heftruck tot de bestuurdersplaats is veel korter dan de afstand voorkant lading of vorkpunten tot aan de bestuurdersplaats, waardoor passerende voertuigen of voetgangers eerder worden opgemerkt. Als je in een pad vooruit rijdend een bocht nadert, rijdt je door tot de voorwielen (aandrijfas/draaipunt) gelijk zijn met de hoek. Daarna draai je het stuurwiel pas. De voorkant van de truck draait in de gewenste rijrichting, doordat het binnenste voorwiel als draaipunt fungeert. De achterwielen draaien weg, zodat de achterkant van de heftruck in lijn met de gewenste rijrichting zwaait. Op dezelfde wijze werkt het binnenste voorwiel als draaipunt als je de heftruck achteruit rijdt. Eerst passeert de achterkant van de heftruck de hoek. Op het moment dat de vooras de hoek bereikt, wordt het stuurwiel gedraaid. Deze besturingstechniek zorgt voor een draaipunt precies tussen de heftruck en de lading.
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.33
De zwaaibewegingen aan de voorzijde van de lading en aan de achterkant van de heftruck blijven hierdoor zo klein mogelijk. Als er gedraaid moet worden, denk dan altijd aan de zwaaibeweging van de achterkant van de heftruck. Bij nadering van bochten moet de rijsnelheid worden aangepast. Neem bochten altijd met matige snelheid. Als je bochten met hoge snelheid neemt, krijgt de heftruck de neiging om met de achterkant naar buiten te draaien (=overstuurd). Hierdoor neemt de kans op omslaan flink toe. Bij het nemen van een bocht naar rechts moet je rechts rijden. Bij een bocht naar links moet je links rijden, zonder daarbij tegemoetkomend verkeer te hinderen of in gevaar te brengen. Bij het nemen van een helling moet je als volgt te werk gaan: Als de heftruck onbeladen is: Houd de vorken bij voorkeur naar beneden gericht. Vanuit technisch oogpunt is dit de beste methode, omdat dan het grootste gewicht op de remmende wielen rust. Als de heftruck beladen is: Houd de vorken altijd naar boven gericht. De last rust dan tegen de hefmast waardoor afschuiven van de lading wordt voorkomen. Het is verboden om op een helling te keren of handelingen uit te voeren waardoor de truck in onbalans kan raken. Heffen en Stapelen Bij heffen en stapelen moet men zich strikt houden aan een paar regels, ook al heb je haast of ben je heel handig met de heftruck. De regels zijn bedoeld om je eigen veiligheid en die van anderen te waarborgen en om schade te voorkomen. Hieronder staan die regels. Laat de vorken tot op ongeveer 20 cm van de grond zakken en rijdt naar de last. Oppakken van de last Breng de vorken met de verticale mast tot iets hoger dan de hoogte van de pallet, eventueel met zijdelingse correcties van de schuifbeweging. Laat de handrem en/of voetrem los. Rijd langzaam vooruit, laat de vorken zakken tot insteekhoogte en rijd de vorken langzaam in de pallet. Zet de handrem en/of voetrem vast. Hef de last een stukje op. Kijk of de ruimte achter de heftruck vrij is. Zet de handrem en/of voetrem los en rijd voorzichtig achteruit totdat je vrij van de stapel staat. Stop. Laat de last zakken tot rijstand en kiep de mast achterover. De mast Bij het vervoeren van lasten heeft de stand van de mast een belangrijke invloed op het gedrag van heftruck. De mast kan omhoog en kan op de laagste stand staan. Hij kan ook naar voren of naar achteren kiepen. Als je met een last rijdt die hoger is geheven, dan is dit verschil nog groter en de stabiliteit word dan ook een stuk minder. Zijdelingse belasting Je moet het zwaartepunt van de last in het midden van de heftruck houden, omdat anders de hefcilinders en de kettingen geen gelijkmatige belasting en dus meer slijtage ondervinden.
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.34
Geladen transport Laat de pallet tot op ongeveer 20 cm van de grond zakken. Plaats de schuifbeweging in de middenstand en rijd naar de plaats van bestemming. Rij bij onbelemmerd zicht naar voren. Is het niet (goed) mogelijk over de last heen te kijken, rij dan achteruit. In beide gevallen dient de mast achterover te hellen. Bij een reachtruck moet bij het opnemen en wegzetten van een last rekening houden met bijkomende handelingen die moeten worden verricht. Dit gaat als volgt: De vorken op hoogte brengen zodat men de vorken in de pallet kan reachen de last opnemen, mast en last naar achteren reachen. De last altijd achteruit vervoeren tot aan bijvoorbeeld de stelling waarna de mast omhoog word geheven. Dan de mast naar voren reachen en de lading wegzetten. Hierna de mast weer naar achteren reachen, vorken laten zakken en wegrijden. Als door een onoverzichtelijke last het uitzicht belemmerd word, zodat je de weg vóór je niet meer kunt overzien, rij dan achteruit. Rij niet blind, maar kijk achterom. LET OP: je hebt te maken met een onoverzichtelijke last, als het zicht minder dan 3 meter naar voren is, gemeten vanaf de vorkpunten. Rijden met een onstabiele lading is zeer gevaarlijk en daarom niet toegestaan. Zorg ervoor dat de lading goed en in verband gestapeld is. Ladingen die kunnen gaan schuiven, kunnen beter met een touw of band gebundeld worden, voordat ze worden opgenomen. Laat geen lege pallets rondslingeren! Vroeg of laat worden ze beschadigd, of beschadigen ze de heftruck. Ze vormen ook een ernstig struikelgevaar. Als je met de stuurwielen tegen een pallet of een ander obstakel komt, dan kunnen bij bepaalde typen heftrucks de wielen omslaan. Het stuurwiel draait dan geforceerd mee. Dit kan letsel veroorzaken aan de hand/arm van de bestuurder. Laden en lossen Bij het laden en lossen van bijvoorbeeld een oplegger, is het handig om volgens een vast systeem te werken. Dat is veiliger en overzichtelijker. Hieronder staat hoe dat het beste kan en welke voorzorgsmaatregelen je moet treffen. Bij het lossen van voertuigen met vaten, moeten de vaten eerst geordend worden, voordat ze met een heftruck met vatenklem gelost mogen worden. Bij het laden van vrachtauto’s opleggers en aanhangwagens moet je controleren of: • De oprijplaat is geborgd; • De betreffende auto of wagen op de rem staat; • De keggen tegen de wielen zijn geplaatst; • De laadvloer voldoende sterk is; • Het lastrek is gebruikt; • De wissellaadbak is geborgd. Controleer iedere laadvloer of laadbrug op voldoende draagvermogen voordat je erover rijdt. Laat de bodem nooit onder je inzakken. Elke heftruckchauffeur kent het gewicht van zijn heftruck. Dat gewicht is altijd meer dan de zwaarste lading, die hij kan heffen. Bij het laden van vrachtauto’s of opleggers moeten eerst de kleppen geopend worden. Dit om zware beschadigingen aan de kleppen, aan de vracht of aan de vloer van de oplegger te voorkomen. Bij het laden of lossen van een ongekoppelde oplegger moet je vooraan beginnen. Vervolgens kun je om en om (links en rechts) laden of lossen.
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.35
Parkeren Parkeren van een heftruck lijkt zo eenvoudig. Toch zijn er strenge regels aan verbonden om de veiligheid te bevorderen. Hieronder staan die regels. Leer ze en houd je er goed aan! A. parkeer de heftruck zo, dat niemand daar last van heeft. Dit betekent: • Niet parkeren voor deuren; • Niet parkeren voor gangpaden; • Niet parkeren voor brandslangen of andere reddingsmiddelen. B. laat de mast naar voren hellen C. laat de vorktanden op de grond zakken. Hierdoor komen de hefkettingen ontspannen te hangen D. als het mogelijk is, moet het rijrichtingshendel in de neutraalstand worden gezet. E. De wielen in recht onder het chassis, zodat het mogelijk is de heftruck te verplaatsen bij defect. F. verwijder nu de contactsleutel. In veel bedrijven moeten de sleutels op een vaste plaats worden opgehangen. Dit om te voorkomen dat iemand de heftruck ongevraagd kan gebruiken G. beweeg alle bedieningshendels van het hydraulisch hefsysteem. Het bewegen van de bedieningshendels is nodig om druk uit het hydraulisch hefsysteem te laten ontsnappen H. controleer de heftruck op schade. Eventuele schade moet direct worden gemeld. I. de parkeerrem moet vastgezet worden, om te voorkomen dat de heftruck weg kan rollen. Eventueel kan het nog nodig zijn de accu’s van de truck op te laden of de truck van brandstof te voorzien. Conclusies • Rijden met een heftruck is duidelijk anders dan met een auto. Dit komt omdat er met de achterwielen word gestuurd. • Bij verplaatsing van de lading moet een aantal belangrijke regels in acht worden genomen om het kantelen van de heftruck te voorkomen. • Bij het manoeuvreren is het van grootst belang om alle lichaamsdelen binnen de heftruck te houden en om juist in te sturen voor een bocht. • Bij het heffen en stapelen voorzichtig in de pallet rijden met de vorken en voordat er weer weggereden wordt goed kijken of de rijrichting vrij van obstakels is. • De lading moet stabiel zijn opgeslagen. • Een trailer moet op de juiste manier worden beladen en gelost. • De etiketten op de verpakking van de last gegeven aan of er speciale zorg besteedt moet worden aan de last. • Om de heftruck veilig te kunnen bestuderen moet je je ook nog houden aan de verkeersregels die gelden op het bedrijfsterrein en op de openbare weg. Hoofdstuk 11 gaat over die regels. Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.36
10. Verkeersvoorschriften / Rijden op de openbare weg Verkeersvoorschriften op het bedrijfsterrein en op de openbare weg zijn er om te weten wat we van elkaar mogen verwachten. Ze geven zekerheid en veiligheid. In dit hoofdstuk leer je wat het belang ervan is. Op het bedrijfsterrein Bij veel bedrijven worden de normale verkeersregels gevolgd die ook op de openbare weg gelden. Omdat bijna iedereen de verkeersregels kent, is het raadzaam om deze regels ook te laten gelden op het eigen bedrijfsterrein. Dit houdt in dat dezelfde verkeersborden en –tekens gebruikt moeten worden. Daarnaast worden er vaak extra regels gesteld die de veiligheid verder verhogen: Bij dreigend gevaar gebruik je de claxon door 1 of 2 korte signalen te geven. Voorbeelden van dreigend gevaar zijn: • Het naderen van onoverzichtelijke punten; • Het uitrijden en inrijden van een locatie. Volgens AI-14 is een claxon wettelijk verplicht. Je mag dus niet rijden met de heftruck, als de claxon defect is. Een claxon moet hoorbaar zijn op een afstand van 10 m. Bij het rijden over spoorrails of oneffenheden in de weg moeten te grote schokken met de heftruck en de lading worden voorkomen. Om die reden moeten rails of oneffenheden schuin en langzaam worden overgestoken zonder daarbij anderen te hinderen. Het vervoeren van personen met de heftruck is verboden. Dus: niet iemand op een pallet of in een boxpallet omhoog brengen, om bijvoorbeeld lampen te verwisselen of andere reparaties te verrichten, en ook niet iemand op de vorken laten staan om het zeil van een oplegger op te laten rollen. Dergelijke handelingen zijn erg gevaarlijk. (zie bovenstaande figuur). Meerijden is alleen toegestaan op een heftruck die is uitgerust met een wettelijk goedgekeurde tweede zitplaats. Dus niet op een zelf gemonteerde tweede stoel! Je heftruck is geen racewagen, de rijsnelheid moet aangepast worden aan de omstandigheden. Als je met een heftruck gebruik maakt van een lift of laadperron of je rijdt een vrachtauto in of een brug over, dan moet je rekening houden met: • Het maximale draagvermogen van de lift of brug; • Het laadperron of de vrachtauto om de heftruck met lading te kunnen dragen. Gordel Verplicht • Het is verplicht om op heftrucks met een open cabine een heupgordel op de bestuurdersplaats te laten monteren. • Het dragen van de gordel is verplicht (Artikel 11, lid c van de Arbowet) Verkeersvoorschriften voor op de openbare weg In artikel 5 van de WVW(=wegenverkeerswet) staat één van de belangrijkste regels: Het is verboden zich op de weg zodanig te gedragen, dat de vrijheid van het verkeer zonder noodzaak wordt belemmerd of de veiligheid op de weg in gevaar wordt gebracht. Als in de wet of in de regels gesproken wordt over motorrijtuigen of –voertuigen, dan wordt daarmee ook de heftruck bedoeld.
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.37
Enkele specifieke regels voor het rijden met de heftruck op de openbare weg: • Als een heftruck smaller is den 1.30 mtr is geen erkend rijbewijs verplicht; • Als een heftruck technisch sneller kan en mag rijden dan 25 km per uur, dan is deze voor de wet gelijk aan personenauto’s. is het ledig gewicht, vermeerderd met het laadvermogen, hoger dan 3500 kg dan is de heftruck voor de wegenverkeerswet zelfs gelijk aan vrachtauto’s. De bestuurder moet in het bezit zijn van een rijbewijs in de categorie waaronder de vorkheftruck valt; • De punten van de vorktanden moeten afgeschermd worden door bijvoorbeeld autobanden of een lege pallet; • Een heftruck moet verzekerd zijn volgens de Wet Aansprakelijkheid Motorvoertuigen (WAM) tegen het risico van wettelijke aansprakelijkheid. Dit geldt ook als het terrein toegankelijk is voor publiek of andere personen die het recht hebben om daar te komen; • Je moet je houden aan de regels, gesteld in de wegen verkeerswet (WVW) en het reglement verkeersregels en verkeerstekens (RVV). • De heftruck moet volledig voldoen aan de inrichtingseisen van een motorvoertuig volgens de WVW. Enkele voorbeelden van deze inrichtingseisen zijn: - Remlicht - Richtingaanwijzer - Verlichting - Spiegels. Sinds 1 januari 1995 moet een heftruck aan de achterzijde zijn voorzien van een afgeknotte gevarendriehoek. (zie foto). Conclusies • Een heftruck heeft een grote massa en rijdt met zware lasten en veroorzaakt daardoor een hoger risico in het verkeer. • Zorg ervoor dat de overige verkeersdeelnemers je goed zien en rijd defensief. • Als je met lege vorken rijdt, bescherm de vorken dan met behulp van een lege pallet of iets dergelijks. • Rijd nooit te hard; een heftruck heeft een lange remweg nodig om tot stilstand te komen.
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.38
11. Persoonlijke bescherming / PBM’s Als in een bedrijfsreglement opgelegd is dat er persoonlijke bescherming gedragen moet worden, dient de bestuurder hier gehoor aan te geven. Veiligheidshelm Het dragen van een goedgekeurde helm wordt aanbevolen vooral als u werkt op hoogte waar veel uitstekende delen of obstakels aanwezig zijn. Bedrijven die VCA gecertificeerd zijn of bij de petrochemie is het dragen van een helm verplicht. Veiligheidsschoenen (altijd verplicht) Het is op iedere werkplek verplicht om veiligheidsschoenen te dragen.
12. Stapel middelen In dit hoofdstuk leer je welke soorten stapel en opslagmiddelen er zijn. Als heftruckchauffeur krijg je met deze stapelmiddelen te maken als je in een magazijn goederen moet opslaan of verplaatsen. Ook bij het laden en lossen van transportmiddelen krijg je ze voor de vork. Pallet of stapelbord De pallet of het stapelbord (Nederlandse benaming) wordt gebruikt om een aantal goederen een eenheidslast te maken, zodat zij in één keer te verplaatsen is. Hierna wordt uitsluitend over pallets gesproken, niet meer over stapelborden. Pallets zijn er in verschillende uitvoeringen en worden éénmalig of vaker gebruikt. Welke pallet gebruikt wordt, is afhankelijk van het gewicht van de lading, de soort lading en de opslagmethode.
Tweeweg-pallet De tweeweg-pallet (zie onderstaande figuur) is aan twee kanten op te pakken. Deze pallets worden uitgevoerd in twee vormen: enkeldeks en dubbeldeks. Vierwegpallet De vierwegpallet is aan vier kanten op te pakken. Ook dit type wordt zowel enkeldeks als dubbeldeks uitgevoerd.
Europallet In Europees verband zijn er standaardmaten ingevoerd, zodat uitwisseling van pallets tussen landen geen problemen oplevert.
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.39
De maten kunnen zijn: - 1,0 m x 1,20 m voor een ISO – of standaard pallet; - 0,8 m x 1,20 m voor een europallet.
Boxpallet Als goederen zich door hun vorm moeilijk laten stapelen en je wilt er toch verzamelde lasten of eenheidslasten van maken, dan kun je gebruik maken van een zogenaamde boxpallet ( zie onderstaand figuur)
Palletranden Boxpallets zijn leverbaar met vaste wanden of met losse randen. Palletranden (zie onderstaand figuur) maken het mogelijk een normale vlakke pallet om te vormen tot een boxpallet. Op iedere rand kan weer een volgende worden geplaatst, waardoor de laadhoogte aan de omstandigheden kan worden aangepast. Op de hoeken van een paletrand zitten stalen hoekplaten, die de vier planken bij elkaar houden en ook de rand op zijn plaats houdt. Verschuiving is dan niet mogelijk.
Vatenpallet Los op elkaar gestapelde vaten laten zich, wanneer ze niet zijn voorzien van een speciaal hulpstuk, moeilijk met een transportmiddel oppakken of wegzetten. Voor deze handeling is er een speciale vatenpallet beschikbaar, waarmee het mogelijk is twee of drie vaten naast elkaar op te slaan. In de pallet zitten uitsparingen waarin je de vorktanden kunt steken om de pallet op te nemen. De vatenpallets worden vooral toegepast
in een magazijn waar zowel andere goederen als vaten zijn opgeslagen. Collé Safety & Training: Revisiedatum : Indentificatiecode: Sittard 12-08-2019 S&T-KRM KLM
Blz.40
Opslagmiddelen Goederen worden in het magazijn in stellingen opgeslagen. Er zijn verschillende soorten stellingen, je leert in deze paragraaf welke er zijn en wat de mogelijkheden ervan zijn. Als goederen in en bepaalde ruimte moeten worden opgeslagen, dan moeten we die ruimte zo goed mogelijk benutten. Belangrijk hierbij is dat je de stapelhoogte van een magazijn helemaal gebruikt. Dit kan betekenen dat je een aantal pallets, boxen of andere goederen op elkaar stapelt. De praktijk wijst uit, dat zoiets vaak niet tot de mogelijkheden behoort door de bereikbaarheid & veiligheid. Er zijn verschillende soorten stellingen: Palletstelling; • Inrijstelling; • Doorrijstelling; • Doorrolstelling; • Draagarmstelling. Zij worden hieronder uitgelegd.
Palletstellingen Palletstellingen kunnen op eenvoudige wijze worden opgebouwd uit jukken en liggers. Meestal wordt er gekozen voor liggers van stellingen die zo lang zijn, dat er een één sectie twee pallets naast elkaar kunnen worden geplaatst. Deze stellingen worden toegepast als je elke willekeurige pallet in een magazijn moet kunnen bereiken. Let op: rijd nooit tegen een stelling. Een deuk in een staander betekent altijd een verzwakking van de stelling, waardoor hij kan instorten. Inrijstellingen Inrijstellingen bestaan uit jukken, die aan de bovenzijde met elkaar zijn verbonden. Op de gewenste hoogte zijn de jukken voorzien van steunen, waarop de pallets neergezet kunnen worden. Doordat de heftruck de stelling inrijdt, wordt het aantal werkgangen tot een minimum teruggebracht. Inrijstellingen zijn onder andere te gebruiken als er grote hoeveelheden gelijksoortige goederen opgeslagen moeten worden. Aan- en afvoer is maar aan één kant van de stelling mogelijk.
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.41
Doorrijstellingen Bij de doorrijstelling is de opbouw gelijk aan die van de inrijstelling. Het verschil is, dat aan- en afvoer aan beide kanten mogelijk is. Daardoor kunnen de goederen die het eerst zijn geplaatst, ook weer als eerste worden afgevoerd. Dit wordt het zogenaamde First-in/First-out systeem genoemd. Doorrolstellingen Doorrolstellingen (zie figuur hiernaast) worden ook vaak doorstroomstellingen genoemd. Deze stellingen kunnen zijn opgebouwd uit een soort rollenbanen, die volgens het principe van de zwaartekracht werken doordat ze iets hellend zijn opgesteld, óf door motorisch aangedreven banen. Hierdoor is een snellere orderverzameling, een maximale ruimtebenutting en een goede doorstroming van voorraden mogelijk. Draagarmstellingen Draagarmstellingen (zie onderstaande foto) bestaan uit een aantal staanders waaraan draagarmen zijn gemonteerd. Door het ontbreken van de jukken, zoals bij palletstellingen. Daarom zijn deze stellingen zeer geschikt voor lange materialen, zoals bundels pijp en staafijzer.
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.42
13. Veiligheidswenken In de voorgaand hoofdstukken is er heel wat aandacht besteed aan veilig werken met de heftruck. In dit hoofdstuk nog eens een samenvatting hiervan, gebruik deze tips zorgvuldig zodat je vanaf nu werkt als een vakbekwaam heftruckchauffeur. Tip 1: Laat nooit een onbevoegd persoon op de heftruck rijden. Wat is een bevoegd persoon? Bevoegd iemand is iemand die een opleiding heeft gehad tot heftruckchauffeur en deze met goed gevolg heeft afgesloten. In de Arbowet is opgenomen dat een bestuurder van een heftruck minimaal 16 jaar moet zijn. 16 en 17 jarigen moeten onder deskundig toezicht staan. Voldoet de chauffeur niet aan deze voorwaarden, dan is hij/zij onbevoegd. Tip 2: Draag goede veiligheidsschoenen. Het dragen van goede veiligheidsschoenen geeft de voeten bescherming. Als eens iets mocht vallen, dan zijn de voeten goed beschermt. Tip 3: houd altijd de volle aandacht bij het werk. Een heftruck lijkt een ongevaarlijk voertuig. Een onoplettende bestuurder maakt er echter een zeer gevaarlijk apparaat van. Om ongevallen te voorkomen, is het van grootste belang dat er met volle aandacht gewerkt wordt. Door de volle aandacht bij het werk te hebben, zijn we ook in staat eventuele fouten van collega’s op te vangen. We moeten ons altijd houden aan de bedrijfs- en verkeersvoorschriften. Tip 4: controleer of de truck in goede staat verkeert. Voor het in gebruik nemen van een heftruck moeten we controleren of de truck in orde is. Zijn er gebreken of defecten, dan moeten we dit melden aan de toezichthouder of de technische dienst. Als er defecten zijn, waardoor de veiligheid in gevaar kan worden gebracht, dan mogen we de truck niet gebruiken. Tip 5: zorg dat de gegevens van de truck bekend zijn. Voordat we met de truck gaan rijden, moeten we het volgende weten: • De eigen massa van de truck; • De toegestane werklast. Deze gegevens hebben we nodig om te beoordelen of we op een bepaalde vloer mogen rijden en welke lasten we mogen vervoeren. Tip 6: zorg voor een goede zithouding. Omdat tijdens het werken met een heftruck de chauffeur te maken krijgt met trillingen en schokken, zijn de meeste trucks uitgerust met een instelbare stoel. Voordat we gaan rijden, moeten we de stoel zo instellen dat we: • Een goede steun in de rug hebben; • Gemakkelijk bij alle hendels en pedalen kunnen. Stel, als dit mogelijk is, de vering van de stoel in op het lichaamsgewicht. Op deze manier kunnen rugklachten worden voorkomen.
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.43
Tip 7: vervoer nooit personen op een heftruck. Het vervoeren van personen op een heftruck is verboden. Er mogen alleen mensen meerijden als een truck een tweede zitplaats heeft. Gebruik een heftruck ook niet als een gemakkelijke opstap. Het is verboden om personen op een pallet of in een boxpallet omhoog te brengen. Wel toegestaan met een gekeurde werkbak. Tip 8: zorg dat laden en lossen veilig gebeurt. Je moet het laden en lossen van bijvoorbeeld vrachtauto’s met de nodige zorg en voorzichtigheid uitvoeren. Door ladingen op de juiste wijze op te nemen, te vervoeren en te plaatsen, voorkom je dat er ongevallen ontstaan. Je kunt hierbij denken aan verschuiven, kantelen of vallen van de lading. Tip 9: let op omstanders. Bij het oppakken of het wegzetten van een lading moet worden gelet op omstanders. Het is verboden om onder of vlakbij een lading te komen. Gebeurt dit toch, dan moet je de omstanders direct wegsturen. Tip 10: controleer de laadvloer of laadbrug op draagvermogen. Het is niet mogelijk om op iedere laadvloer of laadbrug (zie onderstaand figuur) te rijden. De heftruck met lading kan te zwaar zijn voor de laadvloer of laadbrug. Als het draagvermogen van de laadvloer of laadbrug bekend is, dan moet dit vergeleken worden met het gewicht van de truck plus de lading. Het gewicht van de truck is af te lezen op de typeplaat van de truck. Het gewicht van de lading moet, voordat je deze oppakt, bekend zijn. Het draagvermogen van de laadbrug staat op het plaatje dat de leverancier heeft aangebracht. Tip 11: controleer de borging van de laadbrug. Is de borging niet of niet goed aangebracht, dan kan een gevaarlijke situatie ontstaan. De brug kan door de wielen van de heftruck weggeschoven worden. Tip 12: overbelast een truck nooit Om te voorkomen dat een heftruck overbelast wordt, moeten de gegevens van de truck en de lading bekend zijn voordat een lading wordt opgenomen. De gegevens van de truck die voor het heffen belangrijk zijn, staan op de typeplaat en het lastdiagram. De gegevens van de lading staan vermeld op de vrachtbrief of op de lading zelf. Tip 13: gebruik nooit extra contragewicht. Er mag nooit extra contragewicht op de achterzijde van een truck gebruikt worden. Ook niet door mensen die op de achterzijde van de truck te laten zitten. De truck is gebouwd voor een bepaald hefvermogen. Door extra contragewicht kan de truck niet kiepen, maar de overige onderdelen van de truck zijn niet gemaakt om een groter gewicht te tillen. Er kan dan een gevaarlijke situatie ontstaan. Het hydraulisch systeem kan kapot gaan. Kettingen, vorken, assen worden overbelast. Tip 14: verplaats nooit een onstabiele lading. Als een lading niet goed op een pallet is gezet waardoor zij gemakkelijk van de pallet valt, dan spreken we van een onstabiele lading. Een onstabiele lading mag nooit opgepakt en vervoerd worden. Pakken we een onstabiele lading wel op, dan ontstaat er gevaar voor de chauffeur en voor de omgeving. Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.44
Tip 15: neem een lading steeds zover mogelijk in de hiel van de vork. Hierdoor ligt de lading stabieler op de vork en wordt de kans Dat de lading verschuift kleiner. Let wel op het (eventueel) uitsteken van de vorktanden. Tip 16: pak de lading altijd met de beide vorktanden in het midden. Pak de lading nooit met een vorktand. De lading kan dan gemakkelijk wegschuiven. Een ongeval is dan niet uitgesloten. Bovendien kan een vorktand zo zwaar belast worden, dat deze verbuigt en misschien zelfs afbreekt. Tip 17: rijd met een reachtruck met uitgeschoven mast. Je mag nooit rijden met een uitgeschoven mast. De reachtruck wordt dan langer en de stabiliteit neemt af. Tip 18: rijd zonder last met horizontale vork. Bij rijden zonder last moet de vork horizontaal zijn. Houd de vork ongeveer 20 cm boven de vloer. Tip 19: rijd nooit met te hoog geheven lading. Als er met een lading gereden wordt, dan moet: • De mast achterover hellen, afhankelijk van het soort lading; • De vork met lading ongeveer 20 cm boven de vloer zijn. Tip 20: rijd achteruit in onoverzichtelijke situaties. Door achteruit te rijden kun je de situatie eerder overzien. Ook wordt voorkomen dat bij plotseling remmen de lading omvalt. Als onoverzichtelijke situaties kunnen worden genoemd: • Deuropeningen; • Kruisingen van gangpaden; • Smalle doorgangen. Tip 21: rijd achteruit, als de last het uitzicht belemmert. Als de heftruck beladen is met een lading, waardoor voor de bestuurder het zicht vóór de heftruck op de vloer minder dan 3 meter is (gemeten vanaf de vorkpunten), dan heb je te maken met een onoverzichtelijke last en rijd je achteruit. Tip 22: pas de rijsnelheid aan de omstandigheden aan. Niet iedere situatie op de werkplek is even overzichtelijk. Bij een onoverzichtelijke situatie moet de rijsnelheid aangepast worden. Je moet immers tijdig kunnen stoppen. Tip 23: benader kruisingen voorzichtig. Als je een kruising nadert, moet je de rijsnelheid aanpassen. Er kan altijd verkeer van de andere kant komen. Gebruik de claxon bij dreigend gevaar. Tip 24:
neem bochten nooit te snel.
Als je een bocht nadert, moet je de rijsnelheid aanpassen. Wordt een bocht te snel genomen, dan kan de truck omslaan. Spring nooit van een omslaande truck af. Houd het stuur stevig vast, zet de Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.45
voeten schrap en leun naar voren, weg van de plek waar de truck de grond zal raken. Bij het nemen van bochten moet je op de achterzijde van de truck letten. Door de achterwielbesturing draait de achterzijde weg. Tip 25: rijd hellingen op de juiste wijze op en af. • Met last vooruit de helling op (bij een hoge last loopt er een begeleider mee op veilige afstand); • Met last achteruit de helling af. Tip 26: zorg dat de truck aan de wettelijke eisen voldoet. Voordat je op de openbare weg gaat rijden, moet je ervoor zorgen dat: • De vorktanden zijn afgeschermd; • Er een afgeknotte gevarendriehoek aanwezig is; • Je hebt vrijstellingsbewijs van de motorrijtuigenbelasting bij je hebt. Moet je in het donker rijden, dan moet voor en achter op de truck verlichting zijn aangebracht. Bij een gesloten cabine moeten ook richtingaanwijzers, stoplichten en spiegels aanwezig zijn. Tip 27: leer de verkeersregels. De heftruck is een motorvoertuig. Dit betekent dat men zich moet houden aan dezelfde regels als de bestuurder van een auto. Wel is rijbewijs B verplicht. Tip 28: parkeer de truck op een veilige plaats. Je mag een heftruck alleen parkeren op een plaats die buiten de transportroutes ligt. Parkeer nooit op een helling, voor deuren of voor brandblusmiddelen. Tip 29: parkeer de truck op de juiste manier. Je moet de truck op de volgende manier parkeren: • Wielen recht; • Vork op de grond; • Mast iets voorover; • Druk van het systeem af door de hendels te bedienen: • Parkeerrem vast; • Rijkeuzeschakelaar (indien aanwezig) in neutraal; • Bij LPG-trucks: gaskraan dichtdraaien; • Contactsleutel verwijderen en inleveren op de afgesproken plaats, waar ook eventuele gebreken gemeld moeten worden.
14. Begrippenlijst AI – bladen
Arbo Informatiebladen, uitgegeven door de arbeidsinspectie met gedetailleerde informatie over allerlei onderwerpen uit de Arbowet.
Afzethoogte
hoogste punt waarop een lading met een heeftruck kan worden weggezet, dit is hefhoogte minus 25 cm.
Arbowet
arbeidsomstandighedenwet.
Bouwhoogte
het hoogste punt van de heftruck met de mast in verticale stand en de vorken op de laagste stand.
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.46
Boxpallet
houten pallet met openstaande wanden om van verzamelde lasten een eenheidslast te maken.
Capaciteit
het gewicht van de last (in kg), vermenigvuldigd met de zwaartepuntsafstand (in cm). De capaciteit wordt uitgedrukt in kg/cm.
Contragewicht
gewicht aan de achterzijde van de heftruck, om tegenwicht te bieden aan de last.
Dichtheidsmeting
meting van het soortgelijk gewicht van de vloeistof in een tractiebatterij of startaccu om daarmee te meten in hoeverre de batterij/ accu geladen is.
Doorrolstelling stelling met rollerbanen, waardoor de goederen naar hun plaats rollen. Doorrijhoogte
het hoogste punt van de heftruck met de vork in transportstand (= ongeveer 25 cm boven de grond)
Doorrijstelling
stelling zoals een inrijstelling, maar dan vanaf 2 zijden in te rijden ( First in / First out).
Draagarmstelling
stellers met staanders en draagarmen voor lange materialen.
Draaipunt
punt waarop de truck draait als de achterwielen wegdraaien. Het draaipunt in hetzelfde punt als de vooras/aandrijfas.
Elektrolyt
vloeistof in een tractiebatterij of startaccu.
Elektrotruck
heftruck die word aangedreven met een elektromotor, gevoed door een tractiebatterij.
Europallet
pallet met standaardmaten, afmeting 120x80 cm.
Gaasboxpallet
metalen pallet met opstaande opengewerkte wanden om van verzamelde lasten een eenheidslast te maken.
Hefhoogte
de maximale hoogte tot waar de vork van een heftruck geheven kan worden gemeten vanaf de bovenkant van de vork tot aan de vloer (mast in verticale stand).
Inrijstelling
stellingen met jukken, die aan de bovenzijde zijn verbonden. Aan en afvoer is aan één zijde mogelijk. Je kunt met de heftruck de stelling inrijden.
Lastdiagram
aanduiding op de heftruck, waarop kan worden afgelezen tot hoe hoog een last met een bepaald zwaartepunt met een heftruck van een bepaald hefvermogen mag worden geheven.
Lastpunt
het evenwichtspunt tussen de lading en het contragewicht van de heftruck, zijnde het hart van de vooras.
Moment
kracht x arm, vertaald naar de heftruck: gewicht van de last x afstand tussen het lastpunt en het zwaartepunt.
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.47
Onstabiele lading
lading die weinig samenhang heeft waardoor (een deel van) de lading kan verschuiven.
Pallet
houten stapelbord om een aantal goederen tot een eenheidslast te maken.
Palletstelling
stelling voor de opslag van twee pallets per sectie. Elke pallet is afzonderlijk bereikbaar.
Palletranden
boxpallet met losse randen op een losse pallet. De box kan hierdoor in hoogte worden veranderd.
Reachtruck
soort heftruck waarmee je naar de last kunt reiken. De bestuurder zit dwars op de richting waarin de vorken reiken. Deze truck wordt gebruikt op plaatsen waar geen manoeuvreerruimte is voor de heftruck.
Stapelaar
machine om op een kleine ruimte lasten te stapelen.
Tweewegpallet
pallet die aan twee kanten kan worden opgepakt.
Tractiebatterij
grote batterij (accu) voor de aandrijving van de heftruck en de pomp van het hydraulisch systeem.
Verbrandingsmotor
motor waarin door de verbranding van een brandstof (diesel,benzine,LPG) een draaiende beweging wordt verkregen, waarmee een voertuig kan worden voortbewogen.
Vatenpallet
metalen pallets, gevormd uit ronde pijp met daarin de vorm van twee vaten om de vaten liggend en stabiel te verplaatsen en te stapelen.
Vierwegpallet
pallet die aan vier kanten kan worden opgepakt.
Vrije hefhoogte
het hoogste punt tot waar de vork van een heftruck geheven kan worden zonder de mast uit te schuiven.
Zijlader
soort reachtruck waarbij de last op een eigen laadvloer wordt vervoerd. Deze truck kan in hele smalle gangen worden gebruikt.
Zwaartepunt
de afstand van de buitenkant van de last tot het punt waarop de last in evenwicht is. Bij een gelijkmatige last ligt dat punt in het midden, bij een ongelijkmatige last ligt dat punt uit het midden.
Zwaartepuntsafstand
De afstand van het zwaartepunt van een last tot de buitenzijde van die last.
Last Zwaartepuntsafstand
De afstand gemeten vanuit de hiel van de vork naar voren toe.
Heftruck
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.48
15. Bijlage Dagelijkse controle,- en onderhoudsbehandeling Vorkheftruck alvorens men de vorkheftruck gaat gebruiken
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11
Dagelijkse controle / visuele inspectie: Bedieningshandleiding / instructieboek Gekeurd / keuringsstikker en keuringsdocument Typeplaat en de CE markering Lastdiagram capaciteiten aflezen Beschadigingen algemeen Banden spanning en of beschadigingen Wielmoeren van velgen vast Lekkages Hefcilinder, kettingen en hydraulisch systeem Neigcilinders Kruiskop Vorkenbord Vorken (dikte, haaks en minder dan 13 mm hoogte verschil) Contragewicht goed vast Veiligheidskooi (vast zit, beschadigd en eventueel scheuren) Motorolie peil / Bij elektro: accu’s vloeistof niveau Koelvloeistof / Bij Elektro: klemmen goed vast en geen oxidatie V- snaar Brandstof niveau / Bij elektro: accu’s opgeladen Functietest / technische controle: Instellen bestuurdersstoel Gordel testen en gebruiken Instellen en vastzetten stuurpositie Hand en voetrem: remdruk & test Alle bewegingen controleren met de bedienings schakelaren Dodemansknop (in stoel) en eventueel noodstop (elektro) Waarschuwingslampjes controleren op display Verlichting / zwaailamp Stuurinrichting max. 1/8 spelling Claxon Heftruck verplaatsen en kijken voor lekkages
Collé Safety & Training: Sittard
Revisiedatum : 12-08-2019
Indentificatiecode: S&T-KRM KLM
Blz.49