Skip to main content

BRUZZ editie 1967 (22-04-2026)

Page 1


‘Onze liefde voor de stad is diep, maar niet kritiekloos’

Franse mediabonzen vechten cultuurstrijd in Brussel uit

Mode: zonder Brussel geen ‘Antwerpse Zes’

10 jaar BRUZZ, 10 jaar uw gids in de

Haal je gratis exemplaar bij Muntpunt of check de verdeelpunten op BRUZZ.be/guide

10 JAAR BRUZZ = 3.650 DAGEN BRUSSEL

EN GEEN ENKELE DAG ZONDER NIEUWS

VAN GROOT NIEUWS TOT KLEINE VERHALEN.

VAN BREAKING TOT ACHTERGROND.

VAN STRAAT TOT STAD.

BRUZZ HOUDT BRUSSEL AL 10 JAAR SCHERP.

BELGA ZORGT ER ACHTER DE SCHERMEN VOOR DAT HET NIEUWS BLIJFT STROMEN.

NIET OP DE VOORGROND, MAAR ALTIJD AANWEZIG.

GEFELICITEERD MET 10 JAAR BRUZZ.

Multiconfessionele begraafplaats Dringend nood aan meer ruimte

Om dicht bij mijn kinderen te blijven”. Dat gaf de moeder van filmmaakster Karima Saïda als antwoord waarom ze in Evere begraven wilde worden en niet in Marokko. Begin dit jaar kwam Ceux qui veillent uit, een intimistische documentaire over de multiconfessionele begraafplaats in Brussel, waarbij Saïda met nabestaanden ging praten over het belang van die plek. Ook haar eigen moeder – moslima – vond op een perceeltje grond haar definitieve rustplaats.

Dat mag opmerkelijk heten, want de ouders van Saïda behoren tot de eerste generatie migranten van Marokkaanse afkomst en meestal keren die terug naar hun geboorteland, zoals de religieuze voorschriften van de islam voorschrijven. “Maar door voor Evere te kiezen, heeft mijn moeder ons verankerd”, liet Saïda bij de première optekenen in een interview met BRUZZ.

En voor alle duidelijkheid: het belangt niet enkel moslims aan, maar ook joden, orthodoxe christenen en nog andere bevolkingsgroepen, zoals de Congolezen, die steeds vaker een plek zoeken om hun leden (in casu vrienden en familie) op hun eigen manier, volgens hun eigen inzichten en tradities te begraven.

“Moslims, joden, orthodoxe christenen: allemaal vragen ze ruimte om hun doden te begraven”

De anekdote gaat dieper dan het persoonlijke, en getuigt van een wijzigend wereldbeeld bij velen die in dezelfde situatie zitten. Brussel is niet alleen een aankomstland, met het vooruitzicht van een betere toekomst. Het is ook de laatste halte, in een leven dat zich niet altijd laat voorspellen. Een stad met een multicultureel karakter moet op die vraag kunnen antwoorden met een gepast aanbod. De dood behoort tot de verantwoordelijkheid van de levenden – het gaat om zingeving, om respect, om pijn, om verdriet, om in dit bestaan een werkbare verhouding te vinden met het onvermijdelijke. Daarom moet de politiek het nieuws over Evere ernstig nemen.

Dinsdag staat het onderwerp op de agenda van de commissie Binnenlandse Zaken, waar bevoegd minister Ahmed Laaouej (PS) een deel van zijn plannen uit de doeken zal doen en een stand van zaken zal geven over de taskforce die hij oprichtte. Maar de wet is helder op dat vlak, en werd door de vorige regering vastgelegd: in principe moeten alle begraafplaatsen tegen 2029 over een multiconfessioneel perceel beschikken. Enkele gemeenten – Jette, Vorst, Anderlecht, Etterbeek en Brussel-Stad – proberen ondertussen vroeger dan gepland de nodige ruimte vrij te maken.

De vraag naar een bredere invulling komt trouwens niet uit de lucht vallen en viel ergens zelfs te anticiperen: door corona, de vele slachtoffers die toen vielen en de strikte reisrestricties onderging het denken over de dood een belangrijke kentering, die vandaag nog steeds resoneert.

En in dat resoneren toont de multiconfessionele begraafplaats in Evere, sinds 2002 open, op een vreemde manier tegelijk het eeuwige karakter van de stad. Ook voorbij het leven getuigt Brussel immers van een eigenzinnig, gelaagd en onuitwisbaar divers karakter. De dood is niet de grote gelijkmaker.

Maarten Goethals Coördinator magazine. In het edito fileert de redactie de Brusselse actualiteit.

Inhoud

Het Brussels Short Film Festival selecteerde de animatiefilm ‘Klonter’ van Levi Stoops, over een man van wie het lichaam verandert in een planeet

Meer BRUZZ

10 jaar BRUZZ

BRUZZ bestaat 10 jaar. We blikken een hele week lang terug op deze fantastische periode met de beste, grappigste en opmerkelijkste reportages.

Van maandag tot vrijdag na BRUZZ 24

Sporting BRUZZ

In Sporting BRUZZ richten Gunnar en Luc hun blik niet alleen op de apotheose van talloze competities, maar ook op de uit zijn winterslaap ontwakende Brusselaar.

Iedere zaterdag een nieuwe aflevering op BRUZZ.be/podcast

COLOFON

24

De nieuwe Brusselse

bouwmeester Lisa De Visscher: “Er is zeker nog plaats in Brussel om te bouwen”

OP DE COVER

10 Het gesprek Marc Didden en Dominique Deruddere: “Niet deze stad, maar de wereld is veranderd”

ACTUALITEIT

07 Vooraan Multiconfessionele begraafplaats: nood aan meer ruimte

29 10 jaar BRUZZ Hoofdredacteur Klaus Van Isacker kijkt tien jaar vooruit

32 Opinie Marc Michils: “10 jaar Bruzz, 10 jaar liefde en lef”

33 Cartoon Kim Duchateau

44 Wonen Vastgoedeconoom Ingrid Nappi: “Immospelers focussen op winstgevende niches”

48 Mode Oscar van den Boogaard ontrafelde het verhaal achter de Antwerpse Zes

VERHALEN

20 Verkiezingen Ook in Brussel barst de strijd om het Franse presidentschap los

35 Voorpublicatie Klimaatwetenschapper Valerie Trouet schreef met ‘Cuberdon’ haar eerste thriller

ELKE WEEK

16 In beeld

16 In het nieuws

32 Stadsleven De kat kwam weer

43 Botanisch Brussel Stadsboerderij levert vanaf mei groentemanden

46 Column Dat soort dingen

46 City Jobs Vannarath Thongkhoune verkoopt Aziatische specialiteiten

64 Hang-out Emma

66 Puzzelpagina

CULTUURGIDS

54 Shoptips

55 Eat & Drink 3 x eten in voormalige ambachtelijke voedingszaken

56 Uittips

59 Uittips

59 Klein onderhoud Tje

63 Inzichten Admiral Freebee

BRUZZ Flageyplein 18, 1050 Brussel, 02-650.10.65 ABONNEMENTEN Josiane De Troyer (abo@bruzz.be), 02-650.10.80 Gratis in Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Rest van België: 29 euro per jaar; IBAN: BE98 3631 6044 3393 van Vlaams Brusselse Media vzw, een abonnement binnen Europa kost 119 euro per jaar, buiten Europa 139 euro per jaar OPLAGE 50.000 exemplaren ADVERTEREN? Angela Mngongo 02-650.10.81 angela.mngongo@brusselmedia.be DISTRIBUTIE Ute Otten, 02-650.10.63, ute.otten@bruzz.be KLACHTEN? klachten@bruzz.be - www.bruzz.be/klachten ALGEMENE DIRECTIE Johan Goossens ALGEMEEN HOOFDREDACTEUR Klaus Van Isacker COÖRDINATOR MAGAZINE Maarten Goethals ART DIRECTOR EN VORMGEVING Heleen Rodiers VORMGEVING Maud Declerck EINDREDACTIE Karen De Becker WERKTEN MEE AAN DIT NUMMER Eva Christiaens, Kris Hendrickx, Steven Van Garsse, Tom Zonderman (redacteurs); Michaël Bellon, Jasper Croonen, Andy Furniere, Tom Peeters, Niels Ruëll, Matisse Van der Haegen, Marie Van Loon, Marjon Udo, Duchka Walraet (medewerkers), Inne Krokaert, Minne Uyttersprot (stagiaires) FOTOGRAFIE & ILLUSTRATIE Bart Dewaele, Tiene Carlier, Kim Duchateau, Delphine Frantzen, Ivan Put, Saskia Vanderstichele, Emiel Viellefont VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Johan Goossens, Flageyplein 18, 1050 Elsene. BRUZZ is een uitgave van de Vlaams Brusselse Media vzw wordt gedrukt bij Printing Partners Paal-Beringen en wordt gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap en de Vlaamse Gemeenschapscommissie

‘Niet deze stad, maar de wereld is veranderd’

Marc Didden en Dominique Deruddere leggen hun favoriete biotoop op de rooster

Marc Didden en Dominique Deruddere gaven in de jaren 1980 Brussel een gezicht in de cinema en daarbuiten. De eerste bleef er altijd wonen, de tweede is na een vrijwillige ballingschap in LA en Oostende terug. Voor tien jaar BRUZZ kijken de Statler en Waldorf van de Zenne met scherpe blik naar de stad, toen en vandaag.

door Tom Zonderman foto’s Heleen Rodiers

Op het hoekterras van Au Laboureur, waar de Vlaamsesteenweg en de Léon Lepagestraat elkaar een tong draaien, sluit Brussel de wereld in de armen. Toch op een vrijdag in de paasvakantie, wanneer het er een va-et-vient is van zelfbewuste hipperds, achteloze slenteraars en haveloze inwijkelingen op zoek naar een nieuw doel. Grijsaards laten de pietjesbak knallen, de radio spuwt oude eightieshits door de openstaande ramen en deuren, Jan Decorte en Sigrid Vinks komen er hun dagelijkse dorst lessen.

Aan de overkant lacht Giulia Trattoria ons toe, geen Italiaanse schoonheid maar het restaurant waar Brad Pitt onlangs een glutenvrije pizza kwam eten die zo lekker was dat hij de restjes meegriste in een doggybag. Om maar te zeggen: Brussel en Hollywood zijn slechts een kasseisteen dan wel een pizzakorst van elkaar verwijderd.

Wat verder in de Vlaamsesteenweg houdt Marc Didden het schouwspel in de gaten van op de luifel van de voormalige wijkcinema Tabora, waar nu het fietsatelier CyCLO de wielen doet draaien. Niet hijzelf, wel het beeld dat kunstenaar Senne Dehandschutter van hem maakte voor zijn reeks Lichtzoekers. “In het echt ben ik veel schoner”, grijnst de 76-jarige schrijver en filmmaker wanneer hij zijn stoel bijschuift. Dominique Deruddere, op zijn 68e nog altijd zijn scherpe zelf, lacht zijn oude kompaan toe, terwijl hij ons vervoegt voor een gesprek over tien jaar BRUZZ en tien jaar, nee, veel meer jaren, broederschap in Brussel. “Laat de champagne maar aanrukken!” grijnst Didden. Het worden twee koffies en een water.

De twee stadsgenoten gaan ver terug, helemaal tot in Limburg zelfs. Didden kwam bij de Derudderes over de vloer in Leopoldsburg, toen hij er als jong Brussels ketje de gezonde boslucht ging opsnuiven. “Ik was

bevriend met zijn oudere broers en verliefd op zijn oudere zus. Dominique en ik verschillen acht jaar. Toen hij één was, heeft hij een keer op mij gepist. We keken naar Bonanza en hij zat op mijn schoot. Toen voelde ik plots nattigheid, ‘Gij vettige klootzak’, dacht ik, maar ik durfde niets te zeggen.”

Jaren later liepen ze elkaar weer tegen het lijf in het slijk van Jazz Bilzen, toen Deruddere op een diefje Lou Reed kwam fotograferen voor het muziekblad Riff. Didden troonde Deruddere daarna mee als beeldenschieter op een hallucinante trip met de Britse band Madness, en hun (artistieke) band was bezegeld. Niet veel later stonden ze samen te filmen. Bij Diddens debuut Brussels by night was Deruddere regieassistent, in zijn film Istanbul speelde Deruddere een van de hoofdrollen. Didden schreef dan weer mee aan de scenario’s van Derudderes debuut Crazy love en daarna Hombres complicados

Marc Didden (vooraan) is blij dat zijn kompaan Dominique Deruddere weer in Brussel is neergestreken: “Wij hebben maar twee woorden nodig om elkaar te begrijpen.”

Het gesprek

Die ‘hombres complicados’, dat waren ook Didden, Deruddere en hun confraters Jan Decorte, Josse De Pauw en Arno, een bende creatievelingen die in het Brussel van de jaren 1980 schoonheid creëerden waar lelijkheid regeerde. Na omzwervingen langs Los Angeles en Oostende is Deruddere weer op kousenvoeten naar zijn eerste liefde geslopen.

Ben je definitief terug in Brussel, Dominique?

DOMINIQUE DERUDDERE: Ja. Ondertussen al bijna een jaar. Omdat mijn beide zoons nu ook weer in België wonen, hebben we alles verkocht in LA. Ik ben blij om weer in Brussel te zijn. Na al die jaren in LA viel mij wel op hoe smal de straten hier zijn. “How do you make a U-turn in your city”, vroeg Charles Bukowski altijd. Ik begrijp hem volkomen. (Lacht)

“Ik ben niet het reclamebureau van Brussel waar sommigen mij voor nemen. Niet alles is hier tof”
Marc Didden

MARC DIDDEN: Deze straat was je leven, Dominique. Je had kunnen blijven. Ik denk dat je ook gelukkig had kunnen zijn in LA, maar ik ben blij dat je terug bent. Wij lopen vandaag elkaars deur niet plat, maar we gaan regelmatig een koffie drinken. We hebben maar twee woorden nodig om elkaar te begrijpen. Ik ben de peter van zijn ene zoon, mijn vrouw is meter van de andere. We werken intussen opnieuw samen, aan een nieuw project dat ik Fiesta noem ...

DERUDDERE: ... en ik Brainstorm. (Lacht)

Hoe kijken jullie vandaag naar de stad die jullie in de jaren 1980 mee hebben verbeeld?

DIDDEN: Ik zou soms graag in LA wonen, ik heb altijd van die stad gehouden. Ik ben niet het reclamebureau van Brussel waar sommigen mij voor nemen. Niet alles is hier tof. De voorbije jaren waren op gezondheidsvlak niet prettig. Ik ben ziek geworden. Toen ik bijna genezen was, werd mijn vrouw ziek. Ook professioneel waren de afgelopen jaren geen hoogvlieger. Een paar projecten werden afgevoerd en Radioman, de film van Frank Van Passel waar ik ook aan meegewerkt heb, kreeg amper aandacht.

DERUDDERE: In de jaren 1980 was er meer eenheid tussen Vlamingen en Franstaligen. Zeker in de culturele wereld was er veel meer interactie. Vandaag lijken we elkaar amper nog te kennen.

DIDDEN: Door al die vervelende dingen heb ik een wat afstandelijke blik op het Brussel van nu. Ik zal de stad altijd verdedigen wanneer mensen haar aanvallen, maar op een grijze dag kan ik snel 120 dingen opnoemen waaraan ik mij erger. Ik ben geen flamingant, maar het respect voor het Nederlands gaat er niet op vooruit. En dan die Good Move, voor mij horen auto’s in een stad. Ik heb liever auto’s dan fietsers. (Grijnst) De meeste fietsers zijn klootzakken. Serieus, ken jij veel auto’s die over de stoep rijden? Mijn liefde voor Brussel is diep. Maar ik ben geen kritiekloze burger.

Dominique Deruddere woont sinds een jaar in Anderlecht: “Mensen worden er als vijfderangsburgers behandeld.”

“Niets werkt in Brussel, en dat vind ik tegelijk de gesel en de grote charme van die stad”, schreef je al in Een gehucht in een moeras, je boek uit 2013. Die haat-liefde lijkt iedere Brusselaar te delen in een stad waar regeringsvormingen soms meer dan zeshonderd dagen duren. DIDDEN: Al mijn Amerikaanse vrienden vinden Amsterdam fantastisch, omdat ze Europa associëren met kleine straatjes op oude postkaarten of beschilderde keramieken borden. Ze denken dat het allemaal cute en charming is, maar Amsterdam kan ook een nest zijn. In Londen en New York zijn veel huizen hetzelfde, hier is elk huis anders, dat vind ik geweldig.

DERUDDERE: LA is een fantastische stad. Maar het is ook a very lonely place. Toen ik er net was, gingen we ergens eten. De serveuse was een bloedmooie vrouw uit New York. Na een tijdje kwam ze bij ons zitten en vertelde ze dat ze terugging. “Waarom?” vroeg ik. “Because I can’t get laid in this fucking town”, zei ze. (Lacht) Brussel is veel socialer. Je moet maar je deur uitstappen en je komt iemand tegen. In LA zie je vooral auto’s als je buitenkomt.

Je woont in Kuregem, een wijk met een hardnekkig afvalprobleem. Wat zie je daar als je buitenstapt?

DERUDDERE: Een wasteland. Drugsverslaafden, opengescheurde vuilniszakken. Mensen worden er behandeld als vijfderangsburgers. Precies alsof je niet bestaat. Dankzij Lize Spit en een paar gelijkgezinden is er nu een buurtcomité, waar ik zelf ook deel van ben, dat de boel probeert op te kuisen. Ook Fien Troch kwam onlangs langs gefietst. In twee uur tijd hebben we driehonderd kilogram afval opgeruimd.

Aan de Luchtvaartsquare vlak bij waar ik woon zijn een paar hotels. Als toeristen daar de straat op gaan, geloven ze niet wat ze zien. Hetzelfde ervaart iedereen die van de Eurostar stapt en het Zuidstation verlaat. Als we een stad willen waar we trots op kunnen zijn, moeten we toch beter kunnen doen, zeker op plekken waar je ze binnenkomt.

Bij een terugblik op de voorbije tien jaar kom je onvermijdelijk uit bij de aanslagen van 22 maart 2016. Hoe hebben jullie die beleefd?

DERUDDERE: Ik was voor een paar dagen hier om een project te verdedigen bij de filmcommissie. Net zoals iedereen was ik totaal van slag. Maar uiteindelijk moest ik weer naar LA. De luchthaven was dicht, dus ging ik via Brussel-Zuid met de trein. Ik dacht dat het daar vol politie zou staan, maar daar was niemand. Er was zelfs niemand om al die verdwaasde reizigers te zeggen waar ze naartoe moesten. Heel bizar.

DIDDEN: Ik zat in Café OR, op de radio werd over de eerste aanslag bericht. De uitbaters werden bang en wilden sluiten. De man met het hoedje liep nog vrij rond. Ik kon hen ook niet beschermen, ik ben maar een broekschijter. Toen kwam die tweede aanslag, in een buurt waar ik vroeger zelf had gewoond. Niet veel later ben ik daar met een taxi gepasseerd. Dat was zeer bevreemdend. Sindsdien ben ik nooit meer in een vliegtuig gestapt.

Hebben die gebeurtenissen Brussel voorgoed veranderd?

DIDDEN: Of de stad veranderd is weet ik niet. Ik ben veranderd.

De voorbije jaren waren voor Marc Didden op gezondheidsvlak geen pretje: “Door al die dingen heb ik een wat afstandelijke blik op het Brussel van nu.”

DERUDDERE: Zeg maar gerust: de wereld is veranderd.

Van brassers naar charlatans

De koffies worden vervangen door pintjes en witte wijn. Een stoet bonte punks paradeert voorbij, figuranten voor de nieuwe film met Brad Pitt, waarvoor een scène wordt gedraaid in het Jezusstraatje naast de voormalige Daringman. Toen Brussel door de aanslagen werd platgeslagen, sloeg de kunstenscene terug met een ongekende bloei. In de muziek, dankzij Zwangere Guy en co, maar zeker ook in de film. Brussel kweekte de voorbije tien jaar vruchtbare humus voor film- en seriemakers, acteurs en actrices.

“En toch weet ik niet of je die bloei kan linken aan de stad”, twijfelt Didden. “Er zijn vandaag veel filmscholen, die leveren elk jaar heel veel talent af.” “Toen ik zei dat ik filmmaker wilde worden in de jaren 1970, lachte iedereen mij uit”, treedt Deruddere hem bij. “Als je dat nu zegt, is dat heel normaal. De

stad is voor Marc een inspiratiebron geweest voor Brussels by night. Voor mensen als Bas Devos is de stad dat vandaag evenzeer. Dat is goed. Maar het feit dat er meer goede dingen gemaakt worden, komt vooral omdat er een betere structurele omkadering is.”

Maar de stad is toch veel nadrukkelijker aanwezig in de filmscene? Op de Ensors eiste Brussel de voornaamste prijzen op. In series als Putain speelt ze net zo goed een hoofdrol.

DIDDEN: Dat klopt en dat is prima, maar er zijn makers die denken dat Brussel automatisch een extra laag geeft aan hun films of series, zonder dat ze lang genoeg over hun scenario hebben nagedacht. Het moeilijkste aan een goed scenario is driedimensionale mensen schrijven. Die niet gewoon iets zeggen, maar die je ook kunt geloven, zelfs al zijn ze fictief.

Zien jullie jezelf nog als een deel van die filmstad, of voel je je eerder toeschouwer?

DERUDDERE: Ik voel me daar eigenlijk geen deel

van, omdat ik zo lang weg ben geweest. Er zijn zeker mensen die mij omarmen, zoals Michaël Roskam. Maar ik heb een hele generatie overgeslagen.

DIDDEN: Ik ken al die nieuwe makers wel, vaak heb ik aan hen lesgegeven toen ik docent was op Sint-Lucas, zoals Tim Mielants of Robin Pront of Fien Troch. Maar ik speel geen rol meer in de wereld van de cinema. De oude garde krijgt soms wat weinig aandacht. Mensen onderschatten wat het is om een film tot een goed einde te brengen.

DERUDDERE: Buiten dat project met Marc hoop ik volgend jaar de film Bleu te kunnen draaien, een coproductie tussen UK, Luxemburg en België. We zijn bezig met de financiering en de casting. Hopelijk komt de film er. De filmwereld is onvoorspelbaar, op elk moment kunnen je plannen omgegooid worden, zonder dat je daar controle over hebt.

DIDDEN: Zoals acteurs die sterven. Ik had een scenario geschreven, maar de twee acteurs die ik daarvoor in mijn hoofd had, zijn dood: Johan Leysen en François Beukelaers.

DERUDDERE: Ik heb ooit eens op een nacht zitten becijferen wat het kost om een film te maken zonder iemand te betalen. Uit dat zotte plan is Hombres complicados geboren. Dat onderscheidt ons van de nieuwe generatie, die is veel meer met geld bezig. Wij wilden gewoon iets maken dat moest gezien worden, wij dachten niet aan de centen.

Wordt creatief zijn moeilijker met ouder worden?

DIDDEN: Behalve als ik in de spiegel kijk, voel ik me niet oud. Ik ben een kind gebleven en ik ben daar trots op. Ik spreek over andere mensen als volwassenen. Als ik aan zee met mijn vrouw langs een restaurant wandel en ze vraagt of we daar kunnen eten, antwoord ik: “Nee, dat zit hier vol oude mensen.”

In de VRT Max-documentaire En toen was er new wave zit een fragment over De Brassers, die net als jij uit Hamont kwamen, Marc. De Brassers was voor hen een geuzennaam, omdat ze zo genoemd werden door de ouderen op café. Is elke generatie te streng voor de volgende?

DIDDEN: De Brassers werden niet geapprecieerd omdat ze tegen de kerk hadden gepist. Ik vond hen vanaf het begin authentiek, ook al was ik niet zo gek van punk. Hun song ‘En toen was er niets meer’ vond ik heel filosofisch. Nog één stap verder en je valt in de afgrond.

DERUDDERE: Op mijn 18e ben ik samen met

“Wij wilden gewoon iets maken dat moest gezien worden, wij dachten niet aan de centen”

Marcel Vanthilt een café begonnen in Leopoldsburg, De Wrat. Daar kwamen De Brassers soms optreden, De Kommeniste ook, en Arno. Maar om op je vraag te antwoorden: ik ben helemaal niet streng voor de nieuwe generatie. Ik vind die geweldig.

DIDDEN: Ik heb zo lang lesgegeven dat ik elk jaar een nieuwe generatie heb leren kennen. Die zijn ook wel benieuwd naar onze tijd, die ze vaak idealiseren.

DERUDDERE: In mijn boek Met de helm geboren vertel ik mijn leven aan de hand van de films die ik heb gemaakt, maar nog meer door de films die ik niet heb gemaakt. Eigenlijk heb ik dat boek geschreven voor de generatie na mij, om hen te zeggen: cineast zijn is niet gemakkelijk, maar laat je nooit ontmoedigen en geef nooit, nooit op.

Vinden jullie dat jullie je eigen talent genoeg hebben kunnen gebruiken?

DERUDDERE: Marc Punt heeft ooit eens gezegd over mij dat als ik minder zou zuipen, ik meer goeie dingen zou hebben gemaakt. Dat is gedeeltelijk waar. Als je drie katers per week hebt, blijft er niet veel tijd meer over om te schrijven.

DIDDEN: Daarom heet onze volgende film Fiesta

DERUDDERE: Nee, Brainstorm! (Lacht)

“Probeer de mensen niet te vervelen als je iets doet”, was een van je inzichten in de gelijknamige rubriek van dit blad. Is dat altijd een leidraad geweest?

DIDDEN: Ja. Zo heb ik mijn studenten ook opgevoed. Zelfs drie minuten kunnen lang duren. Ik ben een keer jurylid geweest op een kortfilmfestival van de VUB. Niets duurt zo lang als een kortfilm met een slap scenario.

Geen slap scenario was het leven van Arno, dat jij vijf jaar geleden naar de driedelige docu Charlatan hebt vertaald, Dominique. In het interview dat we toen met jullie deden, noemde jij de hele bende – Arno, Marc, Jan Decorte, Josse De Pauw en jezelf – ‘charlatans’.

DERUDDERE: Arno kon de realiteit omdraaien. Met één oneliner vatte hij een interview samen, of draaide hij een meisje binnen. Als ik terugkwam was Arno altijd de eerste die ik zag. En Arno en ik hadden altijd dorst, dus gingen we op stap. (Lacht)

Arno is ondertussen vier jaar dood. Is de stad anders zonder Le Plus Beau?

DERUDDERE: Deze wijk alleszins. Arno was een ijkpunt voor veel mensen. Ze trokken zich op aan hem. Elke grote artiest inspireert, of biedt troost.

DIDDEN: Troost en trots, dat was Arno.

DERUDDERE: Ik mis hem nog altijd.

DIDDEN: Je kon hem hier ook niet ontlopen, ik kwam hem elke dag tegen, op café, bij de bakker. Arno was overal.

Als jullie samen één film zouden maken, wie geeft dan de regie uit handen?

DIDDEN: (Snel) Ik! Dominique leeft op op een set en ik heb er stress. En Dominique kan dat ook gewoon veel beter.

DERUDDERE: Het is heel bizar, maar op een filmset word ik rustig. Alles mag uit de hand lopen, dan nog blijf ik zen.

DIDDEN: Een ploeg weet dat hij het weet. Bij mij weten ze dat ik het niet weet.

« CE N’EST PAS CETTE VILLE QUI A CHANGÉ, MAIS LE MONDE »

FR/ Marc Didden et Dominique Deruddere ont donné, dans les années 1980, un visage à Bruxelles, au cinéma comme en dehors. Le premier y est toujours resté, le second est de retour après un exil volontaire à LA et à Ostende. À l’occasion des dix ans de BRUZZ, les Statler et Waldorf de la Senne portent un regard acéré sur la ville, hier comme aujourd’hui.

“NOT

THIS CITY, BUT THE WORLD HAS CHANGED”

EN/ Marc Didden and Dominique Deruddere gave Brussels a face in the 1980s, both in cinema and beyond. The former has always stayed, the latter has returned after a self-imposed exile in LA and Ostend. For BRUZZ’s tenth anniversary, the Statler and Waldorf of the Senne cast a sharp eye on the city, then and now.

In het nieuws

20/04 | Broodhuis krijgt broodnodige renovatie van 6,2 miljoen euro. Het Brusselse stadsbestuur is een aanbestedingsprocedure gestart om de gevel van het monumentale Broodhuis aan de Grote Markt te renoveren. Het Broodhuis

huisvest het Museum van de Stad Brussel. Concreet wil de gemeente de gevel, het dak en de centrale toren van het historische gebouw opknappen. De kosten voor de renovatie worden geschat op 6,2 miljoen euro. Het gebouw kampt al enige tijd met

een lekkend dak en afbrokkelende plafonds.

19/04 | Waterbus vaart weer vanaf 1 mei. Vanaf vrijdag 1 mei hervat de Waterbus zijn traject tussen Sainctelette en het centrum van Vilvoorde. Dinsdag benadrukte minister Elke Van den Brandt (Groen) in het Brussels parlement dat

het voorlopig niet de bedoeling is om de Waterbus in te schakelen in het kader van het woon-werkverkeer, maar het te behouden als toeristisch vervoersmiddel. “De trein gaat hoe dan ook sneller”, zegt ze.

19/04 | Kindermuseum in Elsene viert vijftigste verjaardag. Zondag vierde

het Kindermuseum in Elsene zijn vijftigjarig bestaan. Jong en oud zakten af naar het Jadotpark, waar het museum gevestigd is. Muzikanten, circusartiesten en foodtrucks zorgden voor een feestelijke sfeer. De jubileumeditie stond in het teken van herinnering en verbeelding. “Er is veel taart en heel veel volk. Ik

Bloemenpracht

De Koninklijke Serres van Laken openden afgelopen zaterdag de deuren voor de eerste bezoekers van het jaar. Helaas blijft de Wintertuin, de grootste serre, gesloten voor renovatiewerken. Bezoekers kunnen wel hun hart ophalen in de Grote Eregalerij van het Kasteel, die voor het

eerst te bezoeken is. “Het is architectonisch perfect en de materialen van marmer zijn verbluffend”, liet een bezoeker optekenen. Wie nog een ticket wil bemachtigen om de serres te bezoeken, is eraan voor de moeite. De tickets waren voor de Koninklijke Serres in Laken ook dit jaar weer in een mum van tijd uitverkocht.

denk dat we heel Elsene over de vloer hebben gekregen”, vertelde een medewerker van het museum enthousiast.

19/04 | Ook Geoffroy Coomans de Brachène doet gooi naar het MR-voorzitterschap.

Vrijdag 24 april weten we wie de nieuwe voorzitter van de MR in Brussel is.

David Weytsman, die topfavoriet is, heeft de concurrentie gekregen van Geoffroy Coomans de Brachène. Die laatste krijgt nu de opmerkelijke steun van minister-president Boris Dilliès. Eind oktober gooide David Leisterh, als formateur, de handdoek in de ring. Sindsdien is de post van voorzitter vacant. Coomans de Brachène is

parlementslid en voormalig schepen van de stad Brussel.

17/04 | Meer dan helft van Brusselaars heeft MIVB-abonnement. In Brussel beschikt 55 procent van de inwoners over een abonnement voor het openbaar vervoer. Dat meldde de MIVB vrijdag naar aanleiding van

Wereldopenbaarvervoerdag. Bij jongeren gaat het zelfs om meer dan 90 procent, te danken aan de voordelige tarieven.

16/04 | Brussel sluit bijna helft van zijn buitenlandkantoren. De Brusselse regering sluit minstens veertien van haar buitenlandkantoren. Ook de Brussels Houses in

Milaan en Barcelona moeten eraan geloven. Volgens minister-president Boris Dilliès (MR) is gekozen in functie van de strategische belangen van het Gewest. Zo is er gekeken naar het aantal begeleidingen per kantoor, het marktaandeel voor de Brusselse export en het nut van een lokale aanwezigheid.

10% van de brusselaars heeft gehoorverlies

Het gehoor verandert in de loop van de tijd. Begrijpen van wat er gezegd wordt, hangt steeds vaker af van de context. Dat kan vermoeiend zijn. Vroegtijdig voorkomen en behandelen van gehoorverlies levert voordelen op korte en lange termijn.

Voor velen is een hoortest van hun kindertijd geleden. Doe daarom nu uw hoortest bij HOORCENTRUM AERTS. Het hoorcentrum in Brussel met kwalitatieve Nederlandstalige dienstverlening.

Bent u bij de 10? maak uw

Vlaamsesteenweg 168 | 02 615 27 20 | brussel@hoorcentrumaerts.be

Op 5 minuten van metrostation Sint-Katelijne

Ook in Brussel barst de strijd om het Franse presidentschap los

Linkse en rechtse Franse mediamagnaten slaan tenten op

Matthieu Pigasse, een linkse zakenman en Le Monde, wil opnieuw een sterk links Frankrijk en heeft zijn zinnen gezet op het presidentschap. Vincent Bolloré, een conservatieve miljardair, zet zijn media-imperium dan weer in om uiterst rechts in het Elysée te krijgen. Beiden staan aan het front van een Franse cultuurstrijd, en om die uit te spelen zijn de mediamagnaten nu ook in Verkiezingen

Zakenlui Matthieu Pigasse (links) en Vincent Bolloré (rechts) beseffen dat Brussel een rol kan spelen bij de presidentsverkiezingen in Frankrijk in 2027.

In oktober 2024 werd er vanuit Brussel een nieuw, rechts-liberaal nieuwsmedium opgericht: 21News. Volgens de redactie, gevestigd in Sint-PietersWoluwe, zou het initiatief de ‘Figaro’ of het ‘ABC News’ van Franstalig België willen zijn, met als redactionele pijlers “vrijheid, ondernemerschap en pluralisme”. De online-only nieuwswebsite richtte zich aanvankelijk enkel op Franstalig België, maar begin dit jaar werd ook een Vlaamse poot opgericht.

Opvallend is dat een van de investeerders van 21News de groep Lagardère is, die gecontroleerd wordt door de Franse zakenman Vincent Bolloré. Bolloré is een klinkende naam in het Franse medialandschap. De nu 74-jarige zakenman verdiende aan het begin van zijn carrière het grote geld in de logistiek en transportsector, maar legde zich begin jaren 2000 toe op de media. Bolloré, die in 2022 met pensioen ging, maar in de schaduw nog aan een heleboel touwtjes trekt, groeide uit tot een ware mediamagnaat die verscheidene kranten, radiostations en tv-zenders in Frankrijk controleert. Volgens cijfers uit 2025 van het onderzoeksbureau Statista was Bolloré in 2025 de 11e rijkste Fransman met een vermogen van 10,3 miljard dollar.

Het Franse Fox News

Via die media probeert Bolloré zijn hoogsteigen ideologische doel te verwezenlijken: Frankrijk rechts, conservatief en christelijk maken. Bij de media die Bolloré in handen heeft, is er dan ook weinig sprake van redactionele onafhankelijkheid. Integendeel, ze vormen een vehikel voor die ideologische strijd, waarlangs Bolloré de publieke opinie wil verrechtsen.

Een voorbeeld. Bolloré kreeg een tiental jaar geleden de Franse zender I-télé in handen. In 2016 brak er een staking uit op de redactie: uit verontwaardiging voor de grote politieke wijzigingen die Bolloré op tafel legde bij de zender vertrok uiteindelijk ongeveer driekwart van de redactie. In 2017 werd I-télé officieel omgedoopt tot CNews Sindsdien begon het steeds meer rechtse en extreemrechtse opinieprogramma’s te faciliteren, en al snel stond de zender bekend als het ‘Franse Fox News’.

Bovendien steunde CNews in de presidentsrace van 2022 de extreemrechtse kandidaat Éric Zemmour. Zemmour kreeg ettelijke uren zendtijd, mocht eindeloze debatten voeren over de islam, migratie en identiteitspolitiek, en steeg snel in populariteit door al die media-aandacht. Dat de steun van het Bolloré-imperium zo duidelijk te

voelen was in de race naar de verkiezingen, legt de macht van de Franse mediamagnaat bloot. Bolloré heeft naast CNews ook de populaire tv-zender Canal+, de radiozender Europe 1 en de krant Le Journal du Dimanche in handen. Allemaal werden ze conservatiever van aard na de overname van Bolloré.

Zoon van Sarkozy

Met de komst van 21News in Brussel en Bollorés aandeel in het medium, lijkt het alsof Bolloré in zijn kruistocht nu ook in België is aanbeland. Wat doet hij hier? “Ik denk dat Bolloré bewust zijn territorium probeert uit te breiden”, zegt Dave Sinardet, politicoloog aan de VUB. “Zeker in Franstalig België wil hij de geest wel proberen te beïnvloeden. Met 21News heeft Bolloré een gat in de markt gevonden: Franstalig België kent heel weinig uitgesproken media, en al zeker geen uitgesproken rechtse media.”

Voor Sinardet is het duidelijk: voet aan grond hebben in Brussel is voor iemand als Bolloré uiterst interessant. “Brussel is een politieke hub, met een publiek van beleidsmakers. Het past ook in zijn breder en ambitieus project om zijn rechtse ideeën tot buiten de eigen landsgrenzen te brengen. Nationale grenzen vervagen steeds vaker als het gaat om het voeren van een ideologische strijd. De twee vallen niet te vergelijken, maar kijk naar Trump. Die wil ook Europa verrechtsen. Waarom zou Bolloré zich dan beperken tot Frankrijk?”

Voorlopig lijken die plannen nog niet zo vergevorderd. even uitgesproken rechts, en ook niet even polariserend als Bollorés Franse nieuwskanalen. Het nieuwskanaal werd opgericht door Etienne Dujardin, een lid van MR dat zich eerder aan de rechtse kanten van de partij schaart. Dujardin zegt dat de invloed van Bolloré in zijn mediakanaal te verwaarlozen is, en niets te maken heeft met de redactieinspraak die Bolloré wel al toonde in zijn andere media. “Het is niet Vincent Bolloré

die in ons kapitaal zit, het is Lagardère dat een minderheidsbelang van 20 procent heeft”, zegt Dujardin bij de krant De Tijd. “Dat is een beursgenoteerde groep met veel aandeelhouders. En voor hen zijn wij sowieso maar een klein stipje op een hele grote radar.”

De ledenlijst van de raad van bestuur kan echter iets anders suggereren. In augustus 2025 traden enkele nieuwe leden toe aan 21News. Allereerst, Damien Hammouchi, directeur zendactiviteiten bij Canal+, een tv-zender waar Bolloré aandelen en een controlerend belang heeft. Yannick Bolloré, zoon van de miljardair, is er ook voorzitter van de toezichtsraad. En ook Lodoïs Moreau, leidinggevende bij Lagardère (dat in handen is van Bolloré), trad toe.

Ook Louis Sarkozy (de zoon van de voormalige president) stapte in de raad van bestuur. Sarkozy heeft geen directe band met de media van Bolloré, maar duikt wel af en toe op als opiniemaker bij CNews, en toont zich in dezelfde politieke lijn als zijn vader.

Een rockende bankier

Opvallend: Bolloré is niet de enige Fransman (met naam en faam) die zijn invloed tot buiten de eigen landsgrenzen wil verspreiden. Ook Matthieu Pigasse, een mediamagnaat aan de volledig andere kant van het ideologische spectrum, heeft zijn oog op Brussel laten vallen. De linkse Matthieu Pigasse is een zoon en kleinzoon van journalisten, maar maakte zelf zijn fortuin als investeringsbankier bij de bank Lazard Frères, waar hij later CEO werd. In de voorbije tien jaar werd Pigasse ook organisator van muziekfestivals. Zo kocht hij het grootste Franse rockfestival, Rock en Seine, in 2017. Maar muziek en bankieren zijn niet de enige dingen die hem interesseren. Begin jaren 2000 richtte Pigasse zijn pijlen op de media. In 2010 verwierf hij een controlerend belang in de progressieve en linkse kwaliteitskrant Le Monde. Ook het linkse radiokanaal Radio Nova kwam in zijn handen in 2015.

Pigasse heeft een hekel aan de vergelijking – die vaak gemaakt wordt – met zijn tegenhanger Vincent Bolloré. Die laatste mengt zich in zijn media en de inhoud van zijn programma’s. Iets waar Pigasse zich niet schuldig aan maakt, houdt hij vol. “Ik hecht juist enorm veel waarde aan de onafhankelijkheid van de redacties. Ik respecteer en bescherm die onafhankelijkheid, hij schendt die”, zegt Pigasse bij de Belgische publieke omroep RTBF

Wel is het duidelijk dat ook Pigasse met zijn mediakanalen een ideologische strijd wil voeren. Via het radiokanaal Radio Nova wil hij weer een sterke linkse basis introduceren in Frankrijk, en een tegengewicht bieden tegen het opkomende radicaal-rechtse gedachtegoed, aangewakkerd door Bolloré. “Radio Nova is een uitgesproken links, geëngageerd kanaal. Het is perfect mogelijk om mensen te mobiliseren met een krachtig en optimistisch discours”, zei Pigasse over dat radiokanaal in een interview met De Standaard

De rockende bankier investeert ook in het magazine en bijhorende denktank Le grand Continent, een intellectueel magazine en platform gesticht in 2019 dat zich richt op geo(politiek) en cultuur, met een sterke focus op Europa. En met dat project is

“Franstalig België kent heel weinig uitgesproken media, en al zeker geen uitgesproken rechtse media”

Pigasse nu ook naar Brussel getrokken. Sinds enkele maanden organiseert Le Grand Continent bijeenkomsten en conferenties in Brussel, met 25.000 euro aan steun van de Koning Boudewijnstichting. Onder meer de socialistische burgemeester van Brussel, Philippe Close, was van de partij op het eerste evenement, dat op 21 januari plaatsvond. Ook Pigasse zelf was er aanwezig.

Cultuurstrijd

In een interview met De Standaard rond de tijd van de lancering zei Pigasse dat we de “cultuurstrijd moeten aangaan tegen radicaal-rechts, die zal bepalen waar Frankrijk en Europa naartoe gaan.” Dat Pigasse met Le Grand Continent, en Bolloré met 21News, nu voet aan grond zetten in Brussel, toont dat de stad een arena is geworden waar die cultuurstrijd uitgevochten wordt. “Als een figuur als Bolloré aankomt in Brussel met 21News, dan weet je wel dat iemand als Pigasse zal willen volgen”, zegt Sinardet.

“Het zijn twee mannen die erg goed weten hoe de media werken, die er allebei een succesvol model in hebben uitgebouwd,

en dat nu ook naar België willen brengen”, zegt Archibald Gustin, onderzoeker naar uiterst rechts aan de ULB en VUB. “In het geval van Bolloré valt het echt te beschrijven als een uitbreiding van zijn media-imperium, om zijn agenda tot buiten Frankrijk te brengen. Maar ook Pigasse ziet een kans om mediatieke en politieke invloed tot in Brussel te krijgen. De link met beleidsmakers is vlotter gelegd als je in Brussel actief bent.”

Invloed in België

En dan zijn er nog de aanstaande presidentsverkiezingen in Frankrijk, in 2027. CNews van Bolloré wil vandaag doen wat het met Éric Zemmour deed bij de presidentsverkiezingen van 2022: zijn kandidaat naar voren duwen. Dat doet het dit keer met de jonge partijvoorzitter van de uiterst rechtse partij Rassemblement National: Jordan Bardella. Aan de andere kant uitte Pigasse zijn eigen persoonlijke ambities al om zich misschien zélf kandidaat te stellen voor het presidentsambt. In een eerder interview zegt Pigasse dat hij de optie “niet uitsluit”. Is Brussel van belang in de Franse presidentiële race? “Niet vergeten dat er een heel pak Fransen in Brussel en Wallonië wonen”, zegt Sinardet. “Zij mogen hun stem uitbrengen voor de volgende Franse president. Het is dus op dat vlak een extra ‘kiesdistrict’ voor zowel Pigasse als Bolloré in die race naar het presidentschap.”

“Maar ook onrechtstreeks is Brussel interessant om invloed uit te oefenen”, aldus Sinardet. “Als je België kunt verrechtsen, of verlinksen in het geval van Pigasse, dan is dat ook op Europees niveau een stukje verrechtsing, wat dan weer een impact heeft op wat er in Frankrijk gebeurt. Brussel blijft nu eenmaal het hart van de EU-instellingen, en de hoofdstad van Europa. Dat die figuren hun pijlen richten op onze hoofdstad, is dus niet onlogisch. ‘Hoe kunnen we ideologisch wind slaan uit België?’ dat is de vraag die beiden zich stellen.”

INFLUENCE FRANÇAISE À BRUXELLES

FR/ Les magnats français des médias Vincent Bolloré (droite) et Matthieu Pigasse (gauche) tentent d’étendre leur influence politique à Bruxelles via des projets médiatiques. En raison de la présence de décideurs et d’électeurs français, la ville est stratégiquement importante. Bruxelles devient ainsi un front dans la perspective de l’élection présidentielle française de 2027.

BRUSSELS AS A BATTLEGROUND FOR FRENCH MEDIA INFLUENCE

EN/ French media tycoons Vincent Bolloré (right) and Matthieu Pigasse (left) are seeking to expand their political influence in Brussels through media projects. The city is strategically important due to the presence of policymakers and French voters. Brussels is thus becoming a front in the run-up to the 2027 French presidential election.

WED 22 APR

Ragini Trio: Nathan Daems x Lander Gyselinck x Marco Bardoscia

SAT 25 APR

Rapsalon x Biza + Osozale, Sosotysha, PEPE, JAY MNG, Sictisu

SUN 26 APR TJE

SAT 02 MAY Dyce

MON 11 MAY Florry

10 JAAR BRUZZ

NU AL EEN KLASSIEKER

Proficiat met jullie eerste decennium als Brusselse klassieker!

Samen houden we de stad in beeld.

MON 25 MAY N’Faly Kouyaté 2/3/4 JUN HOLY by Martha Canga Antonio

TUE 06 OCT Jalen Ngonda

THU 08 OCT gala dragot

SAT 14 NOV JeanJass

Dial M for Murder, Alfred Hitchcock
‘Er

is zeker nog plek in Brussel om te bouwen’

Met Lisa De Visscher heeft Brussel een nieuwe bouwmeester. Ook voor haar was het wachten op een regering, maar nu die er is, heeft ze een oriëntatienota klaar waarmee ze tegen 2030 haar stempel wil drukken op het stedelijke weefsel in Brussel, ondanks een bouwsector in crisis. “Brussel moet een sprong maken in de bouw van betaalbare woningen.”

door Kris Hendrickx en Steven Van Garsse foto’s Bart Dewaele

De overheid zit op droog zaad, maar ook de private bouwsector gaat het niet voor de wind. Met de oorlog in het Midden-Oosten dreigen de materialen weer duurder te worden en de bouwsector deelde al in de klappen toen de oorlog in Oekraïne uitbrak. Grote relevante bouwprojecten riskeren bijgevolg uit te blijven de komende jaren.

Dat maakt Lisa De Visscher, de nieuwe Brusselse bouwmeester, echter niet minder strijdbaar. Ze gelooft dat ze het verschil kan maken de komende vijf jaar. Na twee mandaten van Kristiaan Borret, die met zijn eigenzinnige aanpak wel verdeeldheid opriep, wil De Visscher nu vooral de verbinding aangaan met de actoren op het terrein.

U woont zelf in Sint-Joost. Bepaalt dat uw kijk op de stad?

LISA DE VISSCHER: Sint-Joost is een compacte, dichtbevolkte gemeente, maar ik kijk uit op een mooie square. Dat scheelt. Licht en zicht zijn misschien wel de meest onderschatte kenmerken van de woonkwaliteit.

Brussel heeft sowieso relatief weinig vergezichten. We hebben ook geen grote rivier zoals in Antwerpen waar je over uit kunt kijken. Reden te meer om aandacht te besteden aan de buitenruimtes. Als je in een klein appartement woont en je hebt een terras met een mooi uitzicht, dan kun je toch kwalitatief wonen.

Veel mensen willen groot wonen, en met een tuin. Maar in de stad is de ruimte beperkt, en we hebben veel nieuwe woningen nodig én voldoende openbare

ruimte. Dan rijst de vraag: hoe doe je dat? Dat is een van de grote uitdagingen voor Brussel.

U was acht jaar lang hoofdredacteur van het architectuurtijdschrift A+. Was u niet liever architecte geworden, met een eigen bureau?

DE VISSCHER: Het klopt dat dat heel erg in de architectenopleiding zit: je eigen bureau oprichten als summum van je carrière. Ik doceer zelf en probeer daar in mijn lessen wat tegengewicht aan te bieden. Niet alle architecten kunnen een eigen bureau oprichten. Daarvoor is ons land te klein. Ik vind dat het juist erg belangrijk is dat er ook goeie architecten op andere plekken zitten, zoals bijvoorbeeld in administraties. Die moeten de dialoog aangaan met de ontwerpers van de stad.

Het is u wel verweten: u bent bouwmeester geworden, maar zonder een lange carrière als architecte. U hebt nog niet eens een bouwaanvraag ingediend, klonk het smalend.

DE VISSCHER: Een bureau in eigen naam hebben was geen voorwaarde om bouwmeester te worden, ik zie het probleem niet. Een visie ontwikkelen over architectuur vraagt meer dan de puur technische kant. En los daarvan, ik heb wel degelijk bouwaanvragen ingediend, zij het niet in Brussel.

Is Brussel een interessante plek om bouwmeester te zijn?

DE VISSCHER: Het is de meest fantastische plek. Het is mijn stad, waar ik al twintig jaar heel graag woon. Een stad die ik blijf ontdekken. Het is bovendien de grootste stad in België.

Het is daarnaast een interessante plek omdat je op een beperkte ruimte heel veel moet realiseren voor een diverse bevolking. Er ligt dus veel werk op de plank, zeker omdat Brussel een sprong moet maken in de bouw van betaalbare woningen.

Waar wil u het verschil maken met uw voorganger?

DE VISSCHER: Ik ga in de eerste plaats voor continuïteit. Ik wil zeker geen radicale breuk met het verleden. Kristiaan Borret, de vorige bouwmeester, heeft uitstekend werk geleverd. Hij heeft heel interessante instrumenten ontwikkeld, waarmee ik verder aan de slag kan.

Anderzijds is de context helemaal anders. Er was een tijd dat het geld kon rollen, zowel in de private als de publieke

sector. Vandaag is de kraan dichtgedraaid. Er is nog nauwelijks budget, tenzij voor enkele welbepaalde projecten.

Kun je dan wel impact hebben?

DE VISSCHER: Zeker, want er zijn nog projecten die lopen. Het zijn dossiers waar ik op kan wegen, bijvoorbeeld in de ontwikkeling van de Zuidwijk.

Verder kan ik een verbindende rol spelen. Er zijn veel spanningen binnen de sector. Als bouwmeester ben ik, vanwege mijn onafhankelijkheid, goed geplaatst om actoren rond de tafel te brengen in complexe dossiers met tegenstrijdige belangen.

Bij sommige Franstaligen voel je veel weerstand tegen het idee van een bouwmeester. Er is zelfs voorgesteld om die te vervangen

door een soort van college. Loopt er een communautaire breuklijn door dat debat?

DE VISSCHER: Het bouwmeesterschap is inderdaad uit Nederland overgewaaid, waar al begin vorige eeuw de eerste Rijksbouwmeester werd aangesteld. Later is Vlaanderen gevolgd, onder impuls van minister Wivina Demeester (CD&V), om dan in 2009 in Brussel te zijn ingevoerd.

En daarnaast ben ik Vlaming, net als mijn voorganger. Daar kan ik niet veel aan veranderen.

Maar in mijn contacten merk ik dat de reserve bij Franstaligen tegenover de bouwmeester er vandaag niet meer is. Het heeft er misschien mee te maken dat ik de Franstalige wereld goed ken. Ik geef vijftien jaar les in Luik, heb zeven jaar in Frankrijk gewoond. Ik ken de taal, en de cultuur.

Waar wil u inhoudelijk op wegen?

DE VISSCHER: Ik wil zeker inzetten op de openbare ruimte. Als bouwmeester zou ik daar ook mijn zeg over willen doen. In tegenstelling tot wat men zou verwachten, is voor grote ingrepen in de openbare ruimte geen advies van de bouwmeester nodig. Ik pleit ervoor om dat te veranderen.

U wil werk maken van betaalbare woningen. Ook de vorige regering heeft daar, na jaren van stilstand, echt werk van willen maken, maar vandaag is het geld op. Wat nu?

DE VISSCHER: Wij, als team bouwmeester, bouwen zelf niet, en hebben er de centen niet voor. Andere actoren doen dat wel, zoals de sociale huisvestingsmaatschappijen, de OCMW’s of Citydev. Het klopt dat ook daar gesnoeid wordt, zelfs al is de situatie nu beter dan toen er nog geen nieuwe Brusselse regering was.

Het komt er dus op aan om ook met de privé samen te werken. Belangrijk is daar dat er goeie afspraken worden gemaakt. Neem nu het Cityforward-project, waarbij in de Europese wijk in voormalige EU-gebouwen 25 procent woningen worden voorzien. Dat is best veel voor een kantoorwijk. Daarvan gaat nog eens een kwart naar sociale woningen. Dat is fantastisch. Maar wat blijkt? Er zijn geen duidelijke prijsafspraken gemaakt, waardoor de promotor de sociale woningen wil verkopen voor een prijs die de socialehuisvestingsmaatschappijen vandaag niet meer kunnen betalen. Dat is een gemiste kans, waar we uit moeten leren.

De voorbije legislatuur was er een flinke tegenstelling tussen socialisten, die meer woningen willen, en groenen en liberalen, die

open ruimte en biodiversiteit willen vrijwaren. Hoe kijkt u daarnaar?

DE VISSCHER: Het is een valse tegenstelling. Je moet open ruimte niet tegenover woningen zetten. Beide zijn nodig. Je lost dat op door hoger te bouwen, waarbij je toch meer mensen kunt laten wonen, én open ruimte kunt behouden.

Dat is makkelijk gezegd. Waar wil u dan verdichten?

DE VISSCHER: Je moet kijken waar het mogelijk is. Sint-Joost bijvoorbeeld is al een

bijna klaar. Het is een knooppunt van openbaar vervoer, met trein, tram en bus. Daar ligt een terrein, vlak aan het station, waar je perfect woningen kunt bouwen, aangevuld met kantoren en voorzieningen. Open ruimte moet je er niet bijmaken, want het Tournay-Solvaypark en het Zoniënwoud liggen vlakbij.

Ook in Evere kan het, daar is nog restruimte. En dan zijn er nog verlaten kantoorgebouwen in de tweede kroon, waar woningen kunnen komen. Opties genoeg dus.

“Veel mensen willen groot wonen, en met een tuin. Maar in de stad is de ruimte beperkt”

dense gemeente, maar het is vandaag een dichtheid die geen kwaliteit biedt, omdat de mensen er met velen in die typische huizen wonen en de straten smal zijn. Soms moet je sommige taboes laten vallen en durven te kijken naar de gemeenten die wat verder van het centrum liggen. Niet om torens te bouwen, maar wel appartementen van zeven bouwlagen bijvoorbeeld.

Die komen er dan in nieuw aan te snijden gebieden. Dan krijg je toch opnieuw dezelfde discussie, niet?

DE VISSCHER: Er zijn wel degelijk geschikte plekken. Het station van Bosvoorde bijvoorbeeld. Ik zal me hier misschien niet populair mee maken, maar de NMBS-werf is

Wanneer is voor u uw mandaat geslaagd?

DE VISSCHER: Het zal misschien moeilijk zijn om op korte termijn grote projecten te realiseren. Dat besef ik. Voor mij is mijn mandaat geslaagd als ik in de moeilijke context waar we ons nu bevinden, toch opportuniteiten heb kunnen vinden, door bijvoorbeeld projecten die al jaren sluimeren nieuw leven in te blazen.

Is de moeilijke context ook niet politiek? U moet samenwerken met MR, die al jaren flink wat kritiek heeft op het bouwmeesterschap.

DE VISSCHER: Daar maak ik me voorlopig niet veel zorgen over. Ik heb een goed contact met staatssecretaris Audrey Henry (MR), die mijn voogdijminister is. Ik voel me prima ondersteund en we begrijpen elkaar.

« IL RESTE DE LA PLACE POUR CONSTRUIRE À BRUXELLES »

FR/ Lisa De Visscher, nouvelle architecte urbaniste de Bruxelles, veut augmenter le nombre de logements abordables d’ici 2030 malgré la crise de la construction. Elle plaide pour une collaboration avec le privé et une densification intelligente. Espaces ouverts et logements ne sont pas incompatibles. Elle voit surtout son rôle comme un rôle de médiation pour faire avancer les projets dans un contexte difficile.

“THERE IS STILL ROOM TO BUILD IN BRUSSELS”

EN/ Lisa De Visscher, the new Brussels chief architect, aims to increase the supply of affordable housing by 2030 despite the construction sector crisis. She advocates cooperation with private actors and smart densification. According to her, open space and housing development do not have to be in conflict. She mainly sees her role as a connecting one, helping to move projects forward in a difficult context.

Back

Met een audiovisuele installatie van Romain Tardy en Coline Cornélis

Senne

07.02.26 › 03.01.27

Marios Bellas + Calya J.

BEURSSCHOUWBURG

Rosie Stuart + Blum

The Go Find + Few Bits

BEURSSCHOUWBURG

C-RHYMS + TROY

Harry Descamps + Lisette

gala dragot + Lima van Hees

MeyanDR

Siem Reap (solo) + Head On Stone

CURATED BY STADSKANKER I S M AB

Sportweekend + Slinger + Klutter

Silke Hamers

Tien op tien voor kwalitatieve

journalistiek met een groot hart voor de stad. Proficiat Bruzz!

ONZE WOONZORGCAMPUSSEN IN BRUSSEL

10 jaar , een verhaal dat generaties verbindt. Proficiat van KORIAN

Aux Deux Parcs | Jette

Romana | Laken

Saphir | Laken

Arcus | Sint-Agatha-Berchem

Mélopée | Sint-Jans-Molenbeek

Paloke | Sint-Jans-Molenbeek

Hey Bruzz,

Van harte gefeliciteerd! Dankzij jullie kunnen Brusselaars al 10 jaar het nieuws lezen in het Nederlands. En is de Bruzz uit?

Dan worden de Bruzz-letters al 10 jaar gebruikt voor duizenden collagegedichten. In de les, tijdens workshops of Allez:NL. www.huisnederlandsbrussel.be

Gesprek

Wil je nog meer toffe tips om Nederlands te oefenen?

xxx

Op www.nederlandsoefeneninbrussel.be vind je alle gratis conversatie-activiteiten en nog veel meer lees-, spreek- en luistertips.

Les Pléiades | Sint-Lambrechts-Woluwe

Bellevue | Vorst

Ter Kameren | Watermaal-Bosvoorde

Meer info? korian.be

‘Journalistiek is een werkwoord, zeker in Brussel’
Op 20 april 2016 werd BRUZZ geboren. Algemeen hoofdredacteur Klaus Van Isacker kijkt bij die verjaardag liever vooruit, naar de plannen die BRUZZ heeft voor de komende tien jaar.

BRUZZ bestaat deze week tien jaar. Wat begon als een ambitieus mediaproject, groeide uit tot een onmisbare Nederlandstalige stem in de hoofdstad. Met een redactie die de stad niet alleen beschrijft, maar ook nadrukkelijk journalistiek bevraagt, soms tegen de stroom in. In een mediacontext die steeds sneller, vluchtiger en internationaler wordt, blijft BRUZZ hardnekkig lokaal. Dat is geen beperking, maar een keuze: Brussel verdient journalistiek die zijn complexiteit niet wegfiltert.

Tien jaar BRUZZ moet meer zijn dan een fijne verjaardag. Introspectie, kristalheldere journalistieke processen, een ambitieuze digitale toekomstvisie en een hoge werkethiek zullen nodig zijn om dit opmerkelijke mediaproject verder te doen uitgroeien tot een volwassen stedelijke mediagroep die futureproof is.

De afgelopen tien jaar is er inderdaad een mooi verhaal geschreven, en we mogen dat bij BRUZZ best vieren. Maar in deze roerige tijden telt het verleden almaar minder mee, en moeten we snel schakelen met de komende tien jaar als horizon.

Hetzelfde geldt voor onze stad, Brussel. Beide staan voor cruciale jaren. Desinformatie, deepfake en de komst van AI hebben een onmiddellijke en massieve impact op het media­ecosysteem. Maar de snel veranderende wereldorde heeft dat evenzeer op een stad als Brussel.

Brussel is een wereldstad, met de zetel van de NAVO, van de Europese Unie en van de Belgische, Brusselse en Vlaamse regeringen, van de Franse Gemeenschap ook. Het is een stad die de littekens draagt van verwoestende aanslagen, net zoals mondiale steden als Parijs, Londen, Madrid en New York.

Dát is de arena waarin BRUZZ opereert, dát is het kader waarbinnen onze journalistieke opdracht zich moet openbaren: verder groeien tot een referentie voor breed, kwalitatief en inclusief nieuws over Brussel, met aandacht voor diverse perspectieven en gemeenschappen.

In dat kader moet BRUZZ de fundamentele vragen stellen die raken aan de leefbaarheid en toekomst van de stad. Wordt Brussel dermate bestuurd dat het zijn rol als hoofdstad en wereldstad waarmaakt? Is de stad veilig genoeg? Is ze duurzaam? Staat de mobiliteit op punt? Dient ze het economische weefsel? Geeft ze voldoende kansen aan jong talent? Hoe functioneert het

“Brussel verdient journalistiek die de complexiteit van de stad niet wegfiltert”

armoedebeleid, het migratie­ en integratiekader? En wat biedt de stad op cultureel, toeristisch en gastronomisch vlak?

De complexiteit van en de problematieken binnen onze stad zijn de afgelopen tien jaar alleen maar toegenomen. Niet in het minst door een nadrukkelijke en moedwillige malgoverno dat Brussel aan de rand van de afgrond heeft gebracht. De verantwoordelijkheid van de generaties politici in alle partijen die het Brussels Gewest sinds zijn oprichting in 1989 hebben bestuurd, is hierbij verpletterend.

Maar ook hier moet het verleden op de schop. De nieuwe Brusselse regering mag het voordeel van de twijfel worden gegund. Ze lijkt een aanzet te geven tot nieuwe, noodzakelijke inzichten met, onder meer, het opschonen van budget en begroting, het omverduwen van een aantal heilige huisjes, en het herbekijken van het automatische subsidiebeleid. Hopelijk kan dat een basis zijn voor fundamenteel nieuw bestuur, en geen nieuwe gemiste kans.

BRUZZ is onlosmakelijk verbonden met het Nederlands en de Vlaamse Gemeenschap binnen Brussel. Het Nederlands vormt de dragende taal van de redactie en het merk, en garandeert de band met het Vlaamse culturele en maatschappelijke netwerk in Brussel. Toch is ook hier introspectie broodnodig. In een diverse stad met meer dan 180 nationaliteiten zijn de uitdagingen als taalgroep groot. Nederlands spreken alleen is niet voldoende meer om relevantie te behouden. De Vlaamse politici zullen hun waarde en soortelijk gewicht moeten bewijzen met beleid dat het welzijn in de stad nadrukkelijk verbetert. De Nederlandstalige middenveldorganisaties en cultuurhuizen zullen projecten moeten ontwikkelen en presenteren die betekenisvol zijn voor de volledige stad, én de intrinsieke waarde van Brussel voor Vlaanderen bewijzen.

Ook BRUZZ zal die opdracht ten volle uitvoeren. Het is een dubbele taak. BRUZZ moet de uitdagingen waar de stad voor staat hoog op de radar houden. Ze zijn bekend en hardnekkig. Ze moeten benoemd worden, scherp en zonder omwegen.

Digitaal platform

En toch: als we Brussel reduceren tot zijn problemen, doen we de stad tekort. Er is ook de energie, de creativiteit, de ongepolijste schoonheid van een stad die nooit af is. Dat is de paradox die elke Brusselaar kent en die we als medium moeten omarmen.

BRUZZ doet dat in een moeilijke context. Nieuwsmedia staan onder grote druk in een tijdperk van doelbewuste desinformatie. De waarheid is niet langer vanzelfsprekend. Voor een redactie als BRUZZ betekent dat dat klassieke journalistieke principes verder moeten worden aangescherpt: rigoureuze factchecking, transparantie over bronnen en gebruik van AI, en het expliciet maken van twijfel waar die bestaat. Tegelijk is er nood aan nieuwe expertise – technologische kennis om manipulaties te detecteren, en mediawijsheid om het publiek te wapenen Daarom bouwen we BRUZZ uit tot een modern digitaal platform waar al onze

kanalen een plaats vinden en, vooral, waarbij we onze lezers, surfers, kijkers en luisteraars de kans geven hun mediaconsumptie zelf samen te stellen, en de drager te kiezen.

Ten slotte gaan we bij BRUZZ ook de basiswaarden van de journalistiek nadrukkelijk oppoetsen. Het hoe, waarom, wie, waar en wanneer zullen we op basis van naakte feiten aanvliegen. Meningen mogen geen waarheden worden, studies moeten worden getaxeerd op methodiek en bronnen.

Onze journalistiek zullen we niet alleen laten aansturen door algoritmes die voorspellen welke stukken, artikels of programmaonderdelen meer of minder zullen worden gelezen, bekeken of beluisterd. Onze journalistiek zal nog nadrukkelijker gestuurd worden door feitelijkheid en relevantie. Voor ons niet iedere dag een nieuw lief of een nieuw kind van Ruben Van Gucht, wel spraakmakende dossiers over fraude in het Brussels parlement of de illegaliteit van de duizenden Airbnb’s in Brussel. Ook lanceren we binnenkort een innovatieve manier om de uitvoering van het regeerakkoord en de Brusselse begroting van dichtbij op te volgen.

BRUZZ wil van journalistiek verder het ambacht maken dat ze hoort te zijn. Mooi opgeschreven en verteld, zeker, en modern geformatteerd om ons publiek te blijven boeien en te doen groeien. Maar wel gemaakt op basis van feiten, kwaliteit, sérieux en hard werk.

Journalistiek is een werkwoord. Brussel verdient BRUZZ.

« LE JOURNALISME EST UN VERBE, SURTOUT À BRUXELLES »

FR/ BRUZZ célèbre ses dix ans et continue de miser sur un journalisme critique et ancré localement autour de Bruxelles, ville complexe et mondiale. Dans ce texte, le rédacteur en chef Klaus Van Isacker souligne la volonté de la rédaction de renforcer la vérification des faits et de développer une plateforme digitale moderne face à la désinformation et aux mutations numériques.

“JOURNALISM

IS A VERB, ESPECIALLY IN BRUSSELS”

EN/ BRUZZ marks its tenth anniversary and continues to focus on critical, locally rooted journalism about Brussels as a complex global city. In this editorial, editor-in-chief Klaus Van Isacker emphasizes the newsroom’s ambition to strengthen fact-checking and build a modern digital platform in response to misinformation and digital change.

Tien jaar BRUZZ, tien jaar liefde en lef

“Brussel is zo mooi maar ook zo moeilijk dat er grote nood is aan toegankelijke en onafhankelijke duiding om de stad te begrijpen.” Marc Michils, gewezen voorzitter van BRUZZ, ziet daarin een belangrijke rol weggelegd voor het Brusselse stadsmedium.

Marc Michils

• Voorzitter BRUZZ, 2014-2026

• CEO Belgische poot Saatchi & Saatchi, 20032012

• Directeur Kom op tegen Kanker, 2013-2023

• VUB-Fellow

Kun je een stad graag zien? Mourir d’aimer, geldt dat ook voor een stad? Is kritisch zijn net geen teken van liefde? Niet enkel de rijke geschiedenis eren, de vele pareltjes van schoonheid en karaktervolle wijken van Brussel beschrijven, maar ook keihard zijn voor wat beter kan. Kun je een stad zo graag zien dat het pijn doet als die mismeesterd wordt? In 2014 werd ik als voorzitter aangetrokken om samen met een groep Brusselse mediaprofessionals de fusie van Agenda Magazine, Brussel Deze Week, brusselnieuws.be, FM Brussel en tvbrussel te realiseren en er één mediagroep van te maken: de vzw Vlaams-Brusselse Media. Naderhand hebben we besloten alles onder één merk te brengen: BRUZZ werd op 20 april 2016 een feit. Het gebeurde niet zonder slag of stoot, maar het resultaat was en is bijzonder sterk: één platform met diverse eigen kanalen, maar ook actief op externe platformen, één innovatieve informatiebron met een ijzersterke journalistieke

Stadsleven De kat kwam weer door Lieve Rodiers

Maandagmorgen. 7.30 uur. De deurbel gaat. Halfslapend opent mijn huisgenoot de deur. “Pas op! Er is een kat binnen!” Dat vind ik normaal. We hebben een kat. Die is daarnet naar boven gesprint, want de bel betekent vreemde, enge mensen. Maar de kat die de keuken binnenloopt, ken ik niet. Op zoek naar een verstopplek parkeert het beestje zich tussen de keukenkast en de muur.

ploeg waar veel jong talent zijn eerste stappen zet, één verbindend en constructief kritisch project over de complexe en zeer diverse metropool die Brussel is. Allemaal vanuit het historische Flageygebouw in Elsene. BRUZZ koos terecht voor ‘Brussels is capital’ als slogan. Het is de ‘I have a dream’ waar BRUZZ voor vecht. Door Brusselaars grondig te informeren, te verbinden en te inspireren, door Vlamingen Brussel beter te leren kennen. Na tien jaar ben ik nog altijd trots op de unieke maatschappelijke toegevoegde waarde die het hele BRUZZ-team elke dag levert. Brussel is zo rijk aan monumenten en meningen dat het al die schijnwerpers verdient. Brussel is zo mooi, maar ook zo

“Het doet pijn om te zien hoe de ziel van Brussel wordt doodgeknepen”

Met klaaglijk gemiauw laat de pluizenbol weten dat ze eigenlijk naar huis wil. Maar waar is thuis? Buiten zoekt niemand een kat. Binnen wil onze huiskat ook in de keuken. Uiteindelijk kan ik de indringer oppakken en in de garage opsluiten. Onze eigen poes ligt op zijn vertrouwde plekje aan het

moeilijk dat er grote nood is aan toegankelijke en onafhankelijke duiding om de stad te begrijpen. Nood aan liefde en lef voor Brussel.

Nood aan Bruzzelse liefde voor wat Brusselaars trots maakt: de vrijheid, de diversiteit, het onverwachte, het boeiende en het wereldse van deze stad. Meer dan 150 talen, vol culturen en keukens van goedkoop tot top, de EU en NAVO, de Bozar, het Magritte- en het Muziekinstrumentenmuseum, de theaters, de streetart, Place Sainte-Catherine en de Koninginnegalerij. Brussel, veel groener dan zijn imago: Ter Kamerenbos, Jubelpark, het Zoniënwoud vlakbij en de vele kleine parken. Brussel, met zijn prachtige architectuur en wijken met karakter: art nouveau (Horta), Marollen, Sint-Gillis, Elsene, Dansaert. De heropleving van de kanaalzone en Thurn & Taxis.

Toch trots op Brussel

Maar ook nood aan Bruzzels lef om aan te klagen wat fout zit of onaanvaardbaar is. Welke Brusselaar vindt zijn weg nog in het doolhof van politieke structuren? Brussel, zijn meerdere bestuurslagen boven op elkaar: federale staat, Brussels Gewest, gemeenschappen, commissies, de negentien gemeenten. Brussel, zijn versnipperde bevoegdheden en inefficiënte structuren, niet transparant voor zijn burgers en te complex voor een goed beleid. Brussel is te vuil, in vele straten is

raam. We hangen een briefje aan de deur met een foto. ‘s Avonds gaat nog eens de bel. Een paniekerige vrouw wil graag weten waar we haar poes gezien hebben. Ze zit in onze garage. “Oh Fifi! Vient!” Er volgen een boel knuffels voor Fifi, die uit het raam van de eerste verdieping gevallen was.

Dat ze onverschrokken haar toevlucht zocht in een vreemd huis bleek haar redding.

In Stadsleven vertellen redacteurs en lezers in maximaal 1000 tekens een verrassende anekdote over Brussel. Insturen kan via redactie@bruzz.be

het afval een hardnekkig probleem, rond sommige stations en uitgaanszones is het ronduit onveilig, fietsen door de stad blijft nog steeds een stressvol avontuur, de armoede en ongelijkheid zijn te groot. Het doet pijn om te zien hoe de ziel van Brussel wordt doodgeknepen.

BRUZZ heeft nog veel werk, ook buiten Brussel. Vlamingen die Brussel kennen (er wonen, werken, studeren, uitgaan) zien de charme en de problemen. Vlamingen die Brussel niet kennen, laten zich misleiden door het negatieve, mediagedreven beeld. Brussel wordt niet altijd fair behandeld door nationale politici die eens per ongeluk in Brussel passeren. “Als ik door Molenbeek rijd, voel ik me ook niet in België”, is zo’n bekende uitschuiver. Kritisch zijn is goed, maar om te oordelen mag het iets meer zijn dan eens door een straat rijden. Datzelfde Molenbeek werd vorig jaar ei zo na Culturele Hoofdstad van Europa. Het zou voor Molenbeek en heel Brussel een terechte opsteker zijn geweest. Het is moeilijk om uit tien jaar redactioneel werk enkele hoogtepunten van liefde en lef te kiezen. Het BRUZZ-magazine van 3 december 2025, waar naar aanleiding van het nieuwe formatierecord van 541 dagen Brusselaars hun verhaal ‘Toch trots op Brussel’ brachten. De interviews met bekende Brusselaars als Zwangere Guy, Jan Hautekiet, Eric de Kuyper, Arno en David Van Reybrouck. De vele

interviews waar Brusselse politici hun dromen, ambities en realisaties konden toelichten. ‘Brussel Helpt’ dat goede doelen steunt: allemaal spaghetti eten tegen de eenzaamheid en het sociaal isolement (vzw Accolage) of om kwetsbare Brusselaars begeleiding aan te bieden (vzw Groot Eiland). De avondwerking van de radio, waar jong Brussels talent de kans krijgt om te groeien. De cultuurspecials en de BRUZZGuide, die uitgroeide als referentie voor wat je moet ontdekken in Brussel. Het koningspaar Filip en Mathilde dat 21 juli vierde van op de BRUZZ-bus. Om het met Angèle te zeggen: “J’ai vécu mes plus belles histoires en français et en flamand. Laat mij het zeggen in het Vlaams, dank u Brussel.” (Angèle, ‘Bruxelles je ’t aime’).

Het gaf me veul plezier om gedurende bijna twaalf jaar BRUZZ te mogen leiden als voorzitter van de raad van bestuur. Het kostte me bergen energie en het leverde de nodige crisissen en tegenslagen op, maar we hebben altijd oplossingen gevonden. Jazeker, het vroeg ook van mij veel liefde en lef, maar het was de moeite van de vrijwillige inzet waard. Dank beste lezers, luisteraars, kijkers en collega’s van BRUZZ, voor uw aandacht en medewerking. Ik wens jullie allemaal nog vele jaren genieten van BRUZZ en Brussel. À la prochaine et bonne merde

Reageren of zelf een opiniestuk insturen? Mail naar redactie@bruzz.be

Quote

De Brusselse bokscoach Pierre Boeraeve zien in de Streamz-reeks Putain en momenteel in Celebrity MasterChef, is hard voor zijn vader

“Ik ben het kind van de beste moeder ter wereld en een dikke mongool van een vader”

De Morgen, 11 april 2026

Cartoon door Kim

Voorpublicatie

‘Cuberdon’

Valerie Trouet

In het kader van tien jaar BRUZZ, en als cadeautje voor uw trouw en vertrouwen, leest u hier een exclusieve voorpublicatie van het boek Cuberdon van Valerie Trouet, die vooral bekend is als klimaatwetenschapper. Dit is haar debuut als thrillerauteur.

Negen uur. Lina beweegt één arm onder de donsdeken vandaan en slaat op de top van haar wekker. Dit heeft ze om de negen minuten gedaan het voorbije uur, maar nu is het tijd om de realiteit onder ogen te zien. De realiteit van haar warme bed te moeten verlaten op deze donkere ochtend in januari, wanneer de vrolijkheid van de kerstdagen allang voorbij is, maar het plezier van de lente nog nergens in zicht. En vrijdagochtenden zijn het ergst. Een vrijdagochtend in januari in België, wie zou er daarvoor in godsnaam uit zijn bed willen komen?

BIO

• Geboren in 1974 in Leuven

• Doctor bio-ingenieurswetenschappen

• Specialiseerde zich in analyse van jaarringen van bomen en wat die ons leren over klimaatverandering

• Medeontdekker van de oudste levende boom van Europa

• Bereikt het grote publiek met het bekroonde boek Wat bomen ons vertellen

• Woonde in de VS, waar ze onderzoek deed aan de universiteit van Arizona

• Leidde van 2023 tot 2024 het Klimaatcentrum

Lina is tenminste een van de gelukkigen die pas om tien uur op het werk moeten verschijnen. En zelfs dat beginuur is flexibel bij De Morgen. Vorig jaar scoorde ze een enorm succes met een artikelenreeks rond seksueel misbruik op katholieke scholen. Het was een van de meestgelezen reeksen ooit en leidde zelfs tot een parlementaire onderzoekscommissie. Sindsdien schenkt niemand veel aandacht aan het tijdstip waarop Lina op de redactie opduikt, zolang ze op tijd is voor de redactievergadering om elf uur. Lina houdt er dan ook van om ’s ochtends te dralen, om in haar bed koffie te drinken en de kranten te lezen of door Twitter te scrollen.

Maar vanochtend heeft ze geen tijd om te treuzelen in haar warme cocon. Gisterenavond is ze te lang blijven plakken in den Daringman, heeft ze de laatste metro naar huis gemist en is dan nog wat langer blijven plakken. Het was drie uur eer ze thuis was en nu, amper zes uur en een deftige kater later, zal ze zich moeten haasten om op tijd op de redactie te geraken om zich nog te kunnen inlezen voor de redactievergadering. Ze gaat naar de keuken, lost een Dafalganbruistablet op in een groot glas water en drinkt het in één teug op. Dan zet ze koffie en terwijl die doorloopt en de pijnstiller zijn werk doet, neemt ze snel een douche. Ze sipt van haar koffie terwijl ze zich aankleedt en giet de rest in een reismok. Die zal ze wel opdrinken terwijl ze zich naar het metrostation haast.

ROULARTA BRUZZ BRUZZ HOERA

BRUZZ wordt 10, dat zullen we vieren! Samen met alle regionale zenders van REGIOO. Van harte proficiat!

Voorpublicatie

“Ooit zal er een dag komen dat ze rustig kan neerzitten voor haar ontbijt, maar vandaag is niet die dag”

Een halfuur later stapt ze uit aan Sint-Katelijne. Terwijl ze zich naar de redactie aan de Arduinkaai haast, hapt ze in de croissant die ze onderweg heeft gekocht en drinkt ze van haar koffie. Ooit zal er een dag komen dat ze rustig kan neerzitten voor haar ontbijt, maar vandaag is niet die dag. Op de redactie aangekomen, gaat ze recht naar de open keuken om haar koffiemok aan te vullen.

‘Goeiemorgen, schoonheid.’ Lina’s collega Toon begroet haar met een brede grijns op zijn gezicht. Lina heeft amper de tijd gehad om te douchen, laat staan om haar haar te föhnen of haar lippen te stiften, dus ontgaat de ironie van Toons verwelkoming haar niet. Maar ook hij was gisterenavond tot de vroege uurtjes nog in den Daringman, dus zelf ziet hij er ook niet al te fris uit.

‘Goeiemorgen, knapperd,’ antwoordt ze, terwijl ze met een volle koffiemok naar haar bureau loopt.

Toon volgt haar. ‘Al een idee voor de vergadering?’ vraagt hij. ‘Niet echt, ik moet m’n huiswerk nog doen,’ zegt Lina, terwijl ze haar computer aanzet. ‘Jij?’

Toon leunt met zijn heup tegen haar bureau. ‘Ik denk aan Tamara Leducque, de minister van Wetenschapsbeleid. Het gerechtelijk onderzoek naar haar misbruik van overheidsgeld start deze week. Misschien geen slecht moment om het publiek aan de zaak te herinneren.’

‘Goed idee,’ antwoordt Lina. ‘Ik zal ook met iets goeds voor de dag moeten komen.’

Ze kijkt op haar horloge en draait zich naar haar computerscherm, weg van Toon. Die verstaat de hint en stapt naar zijn eigen bureau. Lina slaakt een diepe zucht. Amper tien minuten op kantoor en de druk is al hoog. Toon is de sympathiekste van de jonge wolven bij De Morgen. Een groepje pas afgestudeerde, hoofdzakelijk mannelijke collega’s die bol staan van talent, ambitie en energie. En van competitiedrang, zeker tegenover succesvolle oudere journalisten zoals Lina. Lina voelt hun hete adem in haar nek. Haar succesreeks heeft haar een grote voorsprong gegeven, maar die reeks verscheen ondertussen al een jaar geleden en je kan als journalist maar zo lang teren op je succes. Het wordt hoog tijd voor

Lina om opnieuw te scoren als ze haar voorsprong en haar status wil behouden, zelfs al heeft ze minstens tien jaar meer ervaring dan de anderen.

“In Noord-Duitsland was een terroristische aanval gepleegd op de redactie van een lokale krant, ‘Die Bremer Zeitung’”

‘Goeiemorgen, iedereen. We hebben een volle agenda vandaag,’ zegt Raven, de chef nieuws, nadat de journalisten zijn aangeschoven aan de grote tafel in de vergaderzaal. ‘Laat ons beginnen met terrorisme. Tim en Laura, zijn jullie nog steeds bezig met Die Bremer Zeitung?’ Op de tweede dag van het nieuwe jaar was in Noord-Duitsland een terroristische aanval gepleegd op de redactie van een lokale krant, Die Bremer Zeitung Daarbij waren zes journalisten om het leven gekomen en dat heeft de hele redactie van De Morgen zwaar geraakt. Iedereen is zich ervan bewust dat dat ook op hun redactie, in hartje Brussel, had kunnen gebeuren. De aanval in Bremen en de jacht op de terroristen domineert al meer dan twee weken het nieuws en het is nog steeds een dagelijks onderwerp in de redactievergaderingen.

‘Absoluut,’ antwoordt Tim, een van de jonge wolven, ‘ik was gisteren in Bremen. Ik heb een aantal bewoners geïnterviewd van de buurt waar de terroristen vermoedelijk zijn opgegroeid. Ik schrijf er vandaag over.’

‘En ik ben in ons eigen veiligheidssysteem gedoken, hier op de redactie,’ voegt Laura toe. ‘Vandaag heb ik een afspraak met een paar beveiligingsagenten van Securitas. Ik wil een idee krijgen van de beveiligingsprotocollen die wij hebben. Misschien een scenario schetsen van hoe het zou verlopen als ze hier …’ Ze maakt haar zin niet af, maar slikt luid.

Het wordt muisstil rond de vergadertafel. Een what if-scenario is journalistiek gezien een goed idee; het toont een emotionele kant van de zaak. Zo’n verhaal kan bijna een sterkere boodschap brengen dan de volledig zwarte pagina die De Morgen drukte na de aanslag. Maar zo’n stuk is emotioneel ontzettend belastend om over na te denken, laat staan om het te schrijven. Lina is blij dat Laura voorstelt de job op zich te nemen.

10 JAAR BRUZZ, 10 JAAR VRIJ DENKEN. OVERAL.*

ROULARTA

*Maar vooral in Brussel. Al tien jaar geven jullie de stad en haar inwoners een stem en gezicht. Stellen jullie kritische en pertinente vragen. Dat is niet alleen gedreven journalistiek, dat is ook liefde en engagement voor onze hoofdstad en voor iedereen die er woont, werkt of studeert. DE WERELD HEEFT JE NODIG

Voorpublicatie

Raven doorbreekt de stilte. ‘Als jij er klaar voor bent, Laura, dan zou dat een heel overtuigende kijk op het Bremer Zeitung-verhaal kunnen leveren. Ik stel voor dat jij en ik het na de vergadering bepraten in mijn kantoor. Ik wil zeker zijn dat we het sereen brengen, maar ook dat we geen veiligheidsprotocollen weggeven of iemand op ideeën brengen. Goed, volgende onderwerp.’ De zucht van opluchting is bijna hoorbaar in de vergaderzaal. ‘Tamara Leducque. Het gerechtelijk onderzoek tegen haar gaat deze week van start. We hebben iemand nodig in het gerechtsgebouw om met de hoofdrolspelers te praten.’

‘On it.’ Nog voor iemand kan antwoorden, heeft Toon al toegezegd. ‘Ik denk dat ik wel een interview met de aanklager kan vastkrijgen.’

‘Perfect,’ antwoordt Raven, ‘dat zou een goede start zijn. Ga er maar voor.’ Toon knikt vergenoegd. ...

“Als het zo doorgaat, zal ze vandaag voor de showbizz- of sportsectie moeten schrijven”

Nu de terroristische aanval en Leducque toegewezen zijn, gaat Raven verder met de overige onderwerpen. De toewijzing gaat vlot. Ook de meeste onderwerpen die de journalisten zelf aanbrengen, worden door Raven vlot aanvaard. Het lijkt een uitzonderlijk naadloze redactievergadering te worden en dat maakt Lina nerveus. Ondanks haar verwoede pogingen is ze er niet in geslaagd om een catchy onderwerp te vinden en geen enkel van de onderwerpen die Raven heeft voorgesteld, grijpen haar aan. Als het zo doorgaat, zal ze vandaag voor de showbizz- of sportsectie moeten schrijven, waar ze altijd wel op zoek zijn naar extra schrijfopdrachten. Hoewel Lina het op zich best fijn vindt om te schrijven over Kate Middletons nieuwe zwangerschap – nog een royal baby! – of over wie nog in de running is voor De Slimste Mens Ter Wereld, kan ze zich niet veroorloven om te dikwijls over te gemakkelijke en lichte onderwerpen te schrijven. Haar sterstatus zou snel kunnen uitdoven. Dus wanneer Raven het volgende onderwerp aanbrengt – ‘Victor Vereecken’ – steekt ze onmiddellijk haar hand op, zelfs al komt de naam haar slechts vaag bekend voor.

Raven kijkt haar ietwat verbaasd aan.

‘Prima, Lina, dat onderwerp is dan voor jou. Vereecken wordt volgende week voorgedragen als procureurgeneraal van Brussel door de Hoge Raad van Justitie. Hij is negenendertig, de jongste procureur-generaal ooit. Dat is wel een profiel waard. Of misschien een interview?’

‘Ja, dat doe ik,’ antwoordt Lina en vermijdt zo, alvast voor vandaag, om naar de showbizzpagina’s verwezen te worden.

“Nepotisme bij de balie? Dat zal moeilijk zijn om hard te maken, maar misschien toch de moeite waard?”

Terug aan haar bureau googelt Lina eerst ‘procureur-generaal van Brussel’. Over justitie weet ze weinig, een beetje beschamend eigenlijk voor een volwassen vrouw en journaliste bovendien. Blijkbaar zijn er zes procureurs-generaal in België. Vijf van hen leiden de hoven van beroep van de vijf gerechtelijke gebieden en de zesde leidt het Hof van Cassatie.

Al snel vindt Lina Vereeckens cv op het net. De man heeft zowaar een Wikipediapagina. Geboren in 1976, de oudste van drie broers. Vader Guido Vereecken is een beroemd strafpleiter. Nu weet Lina waarom de naam haar bekend in de oren klonk toen Raven hem vermeldde. Guido Vereecken is een monument in België, hij was onder andere betrokken bij de veroordeling van de daders van de ontvoering van Anthony De Clerck en van Dutroux in de jaren negentig. Guido Vereecken is een belangrijk man en Victor waarschijnlijk een fils à papa. Lina leest verder. Victor liep school in het Sint-Jan Berchmanscollege in Brussel en is dan rechten gaan studeren aan de VUB. Hij studeerde vijf jaar later, in 1996, netjes af, liep drie jaar stage in het prestigieuze Brusselse advocatenkantoor Mutsaerts, en werd in 1999 officieel advocaat aan de balie van Brussel. Hij bleef nog een vijftal jaar bij Mutsaerts en begon dan, in 2005, als advocaat bij het Openbaar Ministerie en maakte daar pijlsnel carrière. Zo snel dat hij na amper tien jaar nu voorgedragen wordt als procureur-generaal, zowat de machtigste positie aan het Openbaar Ministerie van Brussel. Hoewel Victor duidelijk zijn best doet om een

Voorpublicatie

professionele weg te banen die ver verwijderd is van zijn vader en diens invloed, vraagt Lina zich toch af hoeveel Victors naam heeft geholpen bij de snelheid waarmee hij naar de top is geklommen. Is dat misschien een mogelijke invalshoek? Nepotisme bij de balie? Dat zal moeilijk zijn om hard te maken – Lina is zeker dat alle potentiële aanwijzingen hiervoor goed verstopt en ingedekt zijn, de Vereeckens zijn advocaten tenslotte – maar misschien toch de moeite waard? Lina maakt een aantekening in haar notitieboekje en gaat verder met Victors privéleven. Victor is getrouwd en heeft twee dochters van schoolgaande leeftijd. Hij heeft zijn vrouw Véronique leren kennen toen ze beiden bij Mutsaerts werkten, hij als advocaat, zij als stagiaire. Lina googelt ook Véroniques naam, zowel Véronique Vereecken als haar meisjesnaam Lalumière, maar zonder veel succes.

“Tot Lina in een interview één woord leest dat haar meteen rechtop doet zitten. Cuberdon”

Lina begint zich te beklagen dat ze zo ijverig haar hand heeft opgestoken om dit profiel te schrijven. Het zal saai worden, het zoveelste voorspelbare succesverhaal van een bevoorrechte hogeremiddenklasser. Ze vraagt zich af of het de moeite is om Victor te interviewen. Ze zal een goede invalshoek moeten vinden. Een schilfer in de laklaag waaraan ze kan krabben om een diepere laag te ontdekken.

Lina vult in de keuken haar koffiemok voor de derde keer bij en besluit dan zichzelf nog tien minuten te geven om dieper te graven. In de nationale media wordt Victors naam bijna uitsluitend vermeld in de context van Raymond Claessens, een Gentse drugsbaron die dankzij Vereecken veroordeeld is geraakt. Naast interviews voor de zaak-Claessens vindt Lina enkel interviews in een aantal juridische vakbladen. Lina leest het handvol artikels en krijgt daardoor weliswaar een meer gedetailleerd beeld van de rechtszaken die Victor gepleit heeft en van zijn carrière, maar alsnog springt er niets bijzonders uit. Tot Lina in een interview in De Moeial, de studentenkrant van de VUB, één woord leest dat haar meteen rechtop doet zitten. Eén woord dat een diepgewortelde reactie aan haar ontlokt. Cuberdon.

BRUZZ heeft voor tien lezers een gesigneerd exemplaar van Cuberdon. Stuur een mailtje met: ‘Cuberdon’ naar win@BRUZZ.be.

De winnaars kunnen hun exemplaar ophalen op de boekpresentatie in Passa Porta Bookshop, op zondag 24 mei om 11u. Inschrijven via: www.passaportabookshop.be

Paarse bonen Stadsboerderij levert vanaf mei groentemanden

Tijdens het ‘Festival van de 48 uur Stadslandbouw’ openen verschillende boerderijen en collectieve moestuinen komend weekend hun deuren. Zoals La Ferme Urbaine van vzw Le Début des Haricots in Neder-Over-Heembeek, die vanaf mei groentemanden levert aan haar leden.

door Andy Furniere

Komend weekend vindt opnieuw het Festival van de 48 uur Stadslandbouw plaats, samen met het festival Brusselse Kost een ideale gelegenheid om de vele initiatieven in Brussel te leren kennen.

Zo kan iedereen binnenstappen bij La Ferme Urbaine van vzw Le Début des Haricots, dat al vijftien jaar op een terrein van anderhalve hectare in Neder-Over-Heembeek gevestigd is.

Op de opendeurdag krijgen bezoekers een rondleiding op het hele terrein en kunnen ze ook deelnemen aan een specifieke wandeling om wilde planten zoals hondsdraf te ontdekken op de boerderij. Een verhalenverteller brengt voor kinderen een fabel over zaden.

Bezoekers kunnen de handen uit de mouwen steken om de centrale hut te helpen opknappen, want na tien jaar heeft die een opfrisbeurt nodig. In lijn met de ecologische filosofie worden daar duurzame, lokale en circulaire materialen voor gebruikt.

“Wij bewerken de grond ook met dieren, onze ezels Dolly en Porsche. Zij zijn als het ware onze tractoren en we gebruiken hun mest op de velden”, zegt Laurence Van Belle van Le Début des Haricots. “Maar noem onze methoden alsjeblieft niet ouderwets: we werken met modern, licht en efficiënt gereedschap, zorgvuldig ontworpen door ingenieurs.”

Op dit moment, volle lente, is het alle hens aan dek op de boerderij. Vanaf mei start ze met de wekelijkse leveringen van een vijftigtal groentemanden voor leden met een abonnement. De eerste mandjes van het seizoen zullen onder meer gevuld zijn met allerlei soorten sla, rucola, lente­uitjes, radijzen en venkel.

Eigenschappen

• Stadsboerderij die al ongeveer vijftien jaar bestaat in NederOver-Heembeek

• Beschikt over een terrein van anderhalve hectare

• Bewerkt de grond met twee ezels

kleur en worden groen.”

Behalve het voedingsgedeelte heeft de stadsboerderij ook een sterke sociaaleconomische component. Het project verschaft werkervaring aan mensen die moeilijk toegang vinden tot de arbeidsmarkt. In haar hut organiseert de boerderij geregeld teambuildings, workshops en opleidingsreeksen voor kleine groepen.

Zo start midden mei de opleiding ‘Beheer van een microboerderij volgens de principes van de agro­ecologie’, waar mensen nog voor kunnen inschrijven. Je leert er om op een klein stukje grond in de stad zoveel mogelijk groenten te verbouwen, mét het nodige respect voor de bodem.

Op een apart veldje vinden regelmatig lessenreeksen plaats over de biologische teelt van kruiden, geneeskrachtige planten en eetbare bloemen.

Alle info op www.haricots.org

Reeks nalezen?

Lees de hele reeks op BRUZZ.be/dossier/botanisch-brussel

‘Brussel lijkt op het Amerikaanse model: de rijkeren wonen buiten de stad’

Vastgoedeconoom Ingrid Nappi

Coliving, Airbnb, studentenhuisvesting of seniorenresidenties: veel huisvesting is de voorbije decennia een product geworden dat vooral winst op korte termijn nastreeft. De Franse professor Ingrid Nappi pleit voor een langetermijnvisie die ook oog heeft voor duurzaamheid. “Een eeuw geleden konden we het wél.”

door Kris Hendrickx foto Bart Dewaele

Ingrid Nappi (École nationale des ponts et chaussées in Parijs) is een autoriteit op het gebied van vastgoedeconomie. De voorbije week was ze in Brussel voor de jaarlijkse leerstoel van het Brussels Studies Institute en citydev.brussels. Ze kijkt daarbij met een economische en kritische bril naar de crisissen die woeden in de wereld van vastgoed. “Immospelers focussen steeds meer op winstgevende niches.”

Parijs, waar u werkt en woont, en Brussel zijn erg verschillende steden. Wat valt u in Brussel vooral op?

INGRID NAPPI: Ik heb begrepen dat Brussel wel een bevolkingsstijging heeft gekend, maar niet zozeer van de rijkere bevolking, die in het ommeland is gebleven. Op Europese schaal is Brussel in die zin een beetje het prototype van het Amerikaanse model, met gegoede burgers in grote villa’s buiten de stad, met dubbele garages en een levensstijl

die sterk van de auto afhangt. In Parijs is die rijkere middenklasse meer aanwezig in de stad. De focus ligt er meer op zachte mobiliteit en onafhankelijkheid van fossiele brandstoffen. Verder is Brussel een erg administratieve stad, ook dat heeft invloed op het huisvestingsaanbod. In Parijs weegt het toerisme dan weer veel zwaarder door.

De bouwsector zit internationaal in moeilijkheden, onder meer door stijgende materiaalkosten. Ziet u een uitweg uit die crisis?

NAPPI: Die sector zit met een aantal beperkingen: de aankoopprijs van gronden die zeldzamer worden, de bouwkosten zelf stijgen en die trend kan nog verergeren met de huidige olieschok. Daarom is het echt tijd om oplossingen te zoeken die minder steunen op fossiele brandstoffen en meer met korte ketens en recyclage werken. Alleen bestaat die manier van werken nog niet op industriële schaal, waardoor je de kosten zou kunnen drukken.

Ook bouwpromotoren moeten altijd duurder lenen.

NAPPI: Dat is een belangrijke beperking. De hele bouwsector steunt op schulden maken, veel schulden, het is cruciaal om dat te begrijpen. Nu zijn de rentevoeten plots gaan stijgen na een lange periode met lage rentevoeten.

De crisis in de sector is bijna volledig daaraan te wijten: de plotse stijging van de rentevoeten in 2022, waar nu nog eens de extra dreiging bovenop komt van een oliecrisis. Het zijn trouwens niet enkel grote spelers als vermogensbeheerder BlackRock die die schulden als hefboom hebben gebruikt voor rendement, maar ook gewone gezinnen. Met name in Oost-Europese

landen hebben die hun woning vaak op de toeristische markt gebracht, bijvoorbeeld via Airbnb. Die inkomsten zijn er belangrijk geworden op een moment dat er onzekerheid bestaat over de pensioenen. Het is daar dat de huisvestingsprijzen het meest zijn gestegen, niet in West-Europa.

Maakt u eens concreter welk alternatief voor de huidige gang van zaken u ziet.

NAPPI: Weg van het model dat we na de Tweede Wereldoorlog hebben geconstrueerd, dat veel grond opsoupeert, op schulden steunt en op olie. Dat betekent niet enkel anders gaan bouwen, maar ook meer aan de veerkracht van gebouwen denken. Veel kantoorgebouwen kun je niet in woningen omvormen omdat ze daar nooit voor bedoeld waren. Maar een gebouw afbreken veroorzaakt veel meer broeikasgassen.

We moeten met materialen bouwen die niet van olie afhangen en minder broeikasgassen uitstoten, korte ketens gebruiken en lokale grondstoffen gebruiken. Dat is niet zo revolutionair, want een eeuw geleden deden we dat al. Alleen zijn we dat vergeten. Die ommezwaai zal er niet zomaar komen, want de bouwlobby is heel sterk. De bouwsector maakt een groot deel van de economische groei uit, goed voor 8 à 9 procent van het BBP, en als je alles wat errond hangt meetelt,

zoals immokantoren, dan kom je rond 15 procent uit in Europa. Als een immobubbel barst, is er daardoor meteen een hele economische sector betrokken.

U werkt onder meer rond coliving, een woonformule met kortetermijncontracten in huizen met een privékamer en gemeenschappelijke delen. Er is een link met de immocrisis, zegt u.

NAPPI: Ja, door die crisis concentreren commerciële spelers zich op niches als toeristisch verhuur of coliving, zogezegd omdat ze zo voldoen aan een vraag van jongeren. In werkelijkheid worden woningen vooral bedacht omdat het financiële producten zijn, terwijl ze vroeger werden gecreëerd om aan een woonbehoefte te voldoen. Dat is wat je financialisering noemt.

Die trend gaat helemaal voorbij aan de behoefte van mensen om een woonparcours te hebben: een student neemt eerst genoegen met vijftien vierkante meter en samen met zijn of haar levenstraject groeit de behoefte aan woonruimte. Overheden moeten zich bewust zijn van die trends en maatregelen nemen. In veel Franse steden zijn de huurprijzen gereglementeerd en geniet de huurder bescherming. Maar de groei van niches als coliving, die een andere

“Kantoorgebouwen kun je vaak niet tot woningen omvormen”

sector werken betaalbare huisvesting te bieden? De VS functioneren al jaren met een model waarbij veel mensen ver van de stad wonen, en misschien één keer per week naar het centrum afzakken voor hun werk. Daar komen ze nu van terug.

Hoe doorbreek je die logica van financialisering concreet?

NAPPI: Met wetgeving. Alleen is dat moeilijker voor eigenaars van één woning dan voor bedrijven die er honderden hebben. De grote immospelers hebben de huisvesting de voorbije decennia losgelaten, maar komen nu terug in een aantal winstgevende niches: die voor studenten- of seniorenhuisvesting, of coworkingplekken. En als er al kantoren omgevormd worden tot appartementen, zijn het doorgaans dure woningen, want zo’n transformatie is niet goedkoop. Het is met wetgeving dat de stad Parijs de toeristische niche met onder meer Airbnb heeft beperkt of een huurkader heeft ingevoerd. Want op den duur kan het gemiddelde gezin niet meer in de stad wonen. Die stad dreigt zo een tekort te krijgen in bepaalde beroepscategorieën als verplegend personeel.

U pleit ervoor om een stad op de stad te bouwen, het bestaande weefsel verdichten dus?

NAPPI: Ja, we moeten vooral stoppen met afbreken en de bestaande structuur renoveren en verdichten. In Parijs doet het stadsbestuur dat vooral op bestaande sociale woningen. Sociale huisvesting heeft in het verleden al vaak een vernieuwende rol gespeeld.

Met het toegenomen telewerk heeft ook de kantoormarkt het moeilijk. Wat kan daar een duurzaam toekomstmodel zijn?

logica volgen, dreigt ten koste te gaan van het segment van klassieke, gereglementeerde woningen met langetermijncontracten.

Brussel heeft een gebrek aan betaalbare woningen, maar amper geld om nieuwe sociale woningen te bouwen of oude te renoveren. Hoe raak je daaruit?

NAPPI: We moeten weer woningen creëren om mensen op de lange termijn te huisvesten, niet om die kortstondig te verhuren. Daar ligt de urgentie. Dat vraagt om een denkoefening over de plaats van toerisme in een stad: moet de stedelijke economie grotendeels in functie van toerisme staan? Of proberen we te diversifiëren, door opnieuw industriële activiteiten naar de stad te brengen en de mensen die in die

NAPPI: In de VS zie je nu al dat bedrijven terugkomen van het model waarbij werknemers maar één keer per week naar kantoor komen, vaak in coworkingplekken. Dat is een model waar de steden onder lijden, omdat ze minder inkomsten hebben, maar ook de bedrijven hebben vragen bij de productiviteit van dat telewerk. De toekomst van kantoorwijken lijkt me vooral dat het echte stadswijken worden, met functievermenging en genoeg openbare plekken.

Wat met Airbnb?

NAPPI: Verschillende steden slagen er toch al in om dat fenomeen goed te reguleren. In Parijs is dat het geval. Er worden genoeg middelen voor vrijgemaakt, met bijvoorbeeld heel wat personeel dat patrouilleert en Airbnb’s opspoort die de regels niet volgen.

Column Duchka Walraet

Duchka Walraet is een Brusselse auteur en is projectverantwoordelijke voor de bouwsector. In haar tweewekelijkse column beschrijft ze de stad als een zinnelijk organisme.

Dat soort dingen

Kopen bij een lokale handelaar is nooit slechts een botte transactie. Klant zijn betekent vooral: verschijnen, en daarna opnieuw verschijnen. In een stad als Brussel zal geen handelaar ooit je naam kennen, laat je niet in de luren leggen. Je wordt na enkele verschijningen wel herkend. Aan je krullen. Aan het feit dat je mordicus weigert Engels te spreken. Omdat je telkens weer voor oranje wijn kiest. Die herkenning heeft niets diepzinnigs. Ze ontstaat uit herhaling en uit een bilateraal leerproces. De handelaar leert. Zij koopt gamay. Ze leest alles van Françoise Sagan. Ze draagt een small, heeft korte benen. Ze wil per se gevouvoyeerd worden. Jij leert. Hier kun je om wijnadvies vragen. Ook al praat de verkoopster wat zweverig over het effect van de volle maan op het palet van een Pouilly-Fumé. Daar moet je cash bij je hebben en spreken ze je plots aan in het Portugees. Bij dat antiquariaat krijg je een bemoedigend compliment bij elk filosofieboek dat je koopt.

Zoals je ziet: er worden in de winkel aardig wat praatjes geslagen. Smalltalk, shoptalk. De relatie die zich tussen de winkelier en jou ontspint is gepast, maar net niet hartelijk. Je mag rustig Alpenkazen monsteren achter het glas, struikelen over de prijs, verschillende saucissons vergelijken, zonder dat het op wantrouwen of gierigheid lijkt. Je kunt zeggen dat je een vegan zuurdesem croissant wil. Geen gewone. Zonder dat het klinkt alsof je de bakker corrigeert of veroordeelt.

Soms word je overmoedig. Al meer dan vijftien jaar kom je bij de boekhandelaar. Hij wil je boeken op de klantenkaart van Wuppens zetten, in plaats van op Walraet. M’enfin. Wuppens is zo’n kolderieke naam zonder allure! Verbeter je hem? Glimlach je, ga je nu je familienaam herhalen, maar zonder emotie, alsof het niets uitmaakt? Je gezicht en je handen verzetten op zulke momenten het heftigste werk. Ze verbergen net genoeg van je verbijstering en ergernis. Het went nooit helemaal: je hebt geen naam. Het is precies door dit soort sadomasochistische frustraties dat je zo graag terugkomt naar een winkel.

Zoals bij die barista waar je elke morgen op precies hetzelfde uur dezelfde latte bestelde. Enkele jaren terug. Peperdure gewoonte. Eerst kwamen er onschuldige vragen, later gerichtere. De complimenten begonnen nonchalant. Ze werden daarna dwingender. Wel proper gericht op je kleren, op je gevoel voor stijl. Je liet ze toe, tot op zekere hoogte. Je ontweek ze ook. Iets meer dan je ze toestond. Maar niet veel meer. Want je had een vriend. Nooit vroeg hij je naam.

Het spelletje bleef duren tot die ene ochtend. Terwijl je bestelde, keek je gefascineerd door het raam naar de slager aan de overkant die worsten aan het draaien was. Toen kwam de vraag: “U kijkt graag naar dat soort dingen?”

Dat soort dingen … euh ...

Je bent nooit meer teruggegaan.

City

jobs

‘Soms

sta ik al om 4 uur in de markthal’

Toen Vannarath Thongkhoune (48) in 2002 van Laos naar België kwam, was ze platzak en sprak ze geen Frans. Vandaag is ze vennoot in drie voedingswinkels in de overdekte markthal Foodmet in Anderlecht. “Vroeger stuurde ik audiocassettes naar mijn ouders.”

door Kris Hendrickx foto Ivan Put

De overdekte markthal op de site van Abattoir is een bont universum van speciaalzaken in smaken, van Roemeense charcuterie over Poolse patisserie tot vishandels en groente- en fruitverkopers van overal. Een koffie drinken of hongertje stillen in de markt, die wat aan de Spaanse overdekte mercado’s doet denken? Het kan.

Het is vlak bij die cafetaria dat we Vannarath, een bedrijvige vrouw met een brede glimlach, aanspreken. De Laotiaanse is een van de drie vennoten van Aya Asian Food, een bedrijfje dat drie verschillende stands uitbaat in Foodmet: een met groente en fruit, een met fetaspecialiteiten in Roemeense en Poolse stijl, en een die focust op Aziatische delicatessen. Die laatste stand is de werkplek van Vannarath.

“In Laos was ik boekhouder bij een kledingproducent, maar

in 2001 trouwde ik met een landgenoot die al sinds de jaren 1970 in België woonde. Het jaar erop verhuisde ik naar Brussel en moest ik helemaal opnieuw beginnen: de taal leren, kleine baantjes zoeken. Het was een moeilijke tijd. We hadden nog geen internet en mijn brieven schreef ik met de hand. Naar mijn ouders stuurde ik audioboodschappen op cassettes, dat ging sneller.”

Familiezaak

Gaandeweg vond Vannarath haar weg op de arbeidsmarkt.

“Ik werkte acht jaar voor een baas die een winkel had in de voorganger van Foodmet. Toen die stopte, nam ik zijn plaats in, samen met mijn nicht van 26 en onze Marokkaanse vennoot.”

Lisa, de nicht in kwestie, komt erbij staan: “Met zijn drieën werken we goed samen, het voelt alsof we allemaal

familie zijn.” Dat is ook bijna letterlijk zo, want terwijl nicht Lisa de fetawinkel runt, beheert Vannaraths dochter de stand met groente en fruit. “In de week studeert ze in Mechelen, iets met renovatie en architectuur.”

Op de stand van Vannarath vinden klanten behalve klassieke groenten ook Aziatische variëteiten zoals Chinese asperges, kleine Thaise aubergines of kailan (een soort spinazie met vlezigere bladeren). “Een Chinees bedrijf kweekt die in Spanje voor de Aziatische keuken in Europa”, legt de standhoudster uit. Verder onderscheidt de winkel zich door een brede waaier aan sauzen, onder meer op basis van gember, oester of vis. In de diepvries merken we dan weer minuscule garnaaltjes, banaanbladeren en galanga (Laoswortel) op.

Wat hoger in de rekken prijkt een voorwerp dat we nog niet

“Ik doe dit met mijn hart. Anders werk je enkel voor het geld. Dat vind ik maar triest”

Vannarath Thongkhoune

Verkoopt Aziatische delicatessen op Foodmet

kenden: het metalen object, dat wat doet denken aan een vergiet met te weinig en te grote gaten, blijkt een compacte Aziatische houtskoolbarbecue, die vaak als decorstuk wordt gekocht. “Je kunt het als een soort fondue gebruiken voor vlees of groente. Veel mensen hebben ondertussen een elektrische variant.”

Giften voor de pagode

Het moeilijkste aan haar baan blijft de wekker. Op het moment van het gesprek nadert het orthodoxe paasfeest en dan

komt ze een uur vroeger dan gewoonlijk. “Dan sta ik hier om vier uur ‘s ochtends al om alles voor te bereiden, want op zulke dagen komt er extra veel volk. Tegen zes uur opent de stand.”

De klanten in de foodmarkt zijn vaak habitués, doorgaans privépersonen en soms ook restaurants. “We zijn vooral bekend voor onze Aziatische producten tegen een zachte prijs,” legt Lisa uit. Dat Foodmet veel klanten trekt, helpt om die prijzen scherp te houden.

Tijdens het interview spreekt een passant de vrouw aan in haar eigen taal. “Dat was de voorzitter van de pagode aan Bockstael, een soort boeddhistische priester,” legt ze uit. “Net zoals mijn man is hij een vluchteling van de Indochinaoorlog. Elke week bezorgen we hem verse groenten, want de voorzitter heeft geen echt inkomen en leeft van wat de gemeenschap hem geeft.”

Vannarath straalt terwijl ze vertelt. “Als ik zie dat mijn klanten tevreden zijn, ze me bedanken en terugkomen, maakt dat me blij. En als je iets met je hart doet, doe je er ook het maximum voor. Als dat niet zo is, werk je enkel voor het geld. Dat vind ik maar triest.”

In City jobs toont BRUZZ de mens achter typische en minder typische stadsjobs

Oscar van den Boogaard vertelt onvertelde verhaal van de Zes van Antwerpen

‘Ook

Brussel was voor de Zes belangrijk’

In de jaren tachtig groeiden zes Belgische ontwerpers uit tot een internationaal fenomeen: De Zes van Antwerpen. Maar ook Brussel en zijn nationale instellingen speelden een sleutelrol in hun succes, stelt Oscar van den Boogaard in zijn veelbesproken portret, dat hij volgende week voorstelt bij Passa Porta. door Eva Christiaens

De Antwerpse Zes in 1986.

Ken Dirk Van Saene.

un je wel vrienden maken in de modewereld? Die vraag lijkt na te zinderen in het nieuwste boek van Oscar van den Boogaard – romanschrijver en bekend om zijn familiekronieken – over De Antwerpse Zes. De Zes, dat zijn ontwerpers Ann Demeulemeester, Dries Van Noten, Walter Van Beirendonck, Dirk Van Saene, Dirk Bikkembergs en Marina Yee.

Alle zes waren ze in de late jaren 1970 student aan de Academie van Antwerpen. Alle zes braken ze vanaf midden jaren 1980 door in een nieuwe Belgische modewedstrijd – de Gouden Spoel, in het leven geroepen in 1982 – en op een beurs in Londen. Nummer zeven, de haast ongrijpbare Martin Margiela, zat een jaar hoger en trok als eerste naar Parijs. Hij zou later als eerste een winkel in Brussel openen.

“Ik leerde de Zes kennen toen ik in 1988 aankwam als student in Brussel”, vertelt auteur Oscar van den Boogaard, met zijn eenenzestig lentes iets jonger dan deze modelichting. Van den Boogaard volgde toen Europese Studies aan de ULB. “De eenwording van Europa was volop aan de gang. Mensen uit heel Europa kwamen naar Brussel om zich daarmee bezig te houden. Het viel mij op dat velen hier een nieuw leven wilden beginnen. Jonge Nederlanders, Duitsers en Spanjaarden wilden als het ware hun hele identiteit vergeten en opnieuw beginnen”, herinnert hij zich. “In heel grote cafés kwamen mensen in grote groepen samen. Raves moesten uitstralen dat wij samen één werden. Maar een groep kan ook beangstigen. Dus zag je nieuwe individualisten, die zich juist van die massa wilden onderscheiden.”

Die hang naar eigenheid viel in Brussel samen met de Vlaamse Golf in de theaters, waar Jan Fabre en Anne Teresa De Keersmaeker oprukten. In de modewereld was wijlen Jenny Meirens Brussels pionier: in haar kledingzaak Créa in de Dansaertwijk haalde ze avant-gardemerken naar ons land, zelfs uit Japan. Vanaf 1984 deed ook Sonja Noël dat bij Stijl.

Kleurrijke minirokjes

“Ik woonde in Elsene, maar in de weekenden ging ik uit rondom de Beurs en in theaters. Ik zag daar mensen met een enorme eigenheid, op zware schoenen en heel gesofisticeerd, maar geen moment dacht ik aan mode. Dat waren voor mij kleurrijke minirokjes. Toen heb ik echt gevoeld dat de tijd aan het veranderen was”, vertelt Van den Boogaard. Ontwerpers werden echte popsterren, weet hij nog, zoals de Fransman Jean Paul Gaultier. Die gaf zelfs een defilé in de Hallen van Schaarbeek. “Mensen stonden voor hem op stoelen te applaudisseren, het was zo vernieuwend. Die verbazing heb ik later nog zelden ervaren. Het overkomt me nu minder dat ik langs een etalage loop en denk: ‘Wauw, dat wil ik absoluut hebben’. Gelukkig heb ik mijn kleren uit die tijd bewaard.”

Wat die grootstedelijke vibe met De Zes van Antwerpen te maken heeft, zal Oscar van den Boogaard volgende woensdag proberen te duiden in een panelgesprek bij boekhandel Passa Porta. De auteur gaat er in gesprek met Sonja Noël over de rol van Brussel voor de Antwerpse Zes en over zijn boek in het algemeen. Dat raakte na de uitgave vorige maand al snel omstreden: het Antwerpse ModeMuseum, dat gelijktijdig een overzichtstentoonstelling over de Zes

“Modejournalisten hebben mij al gezegd dat zij met de Zes een monster hebben gecreëerd”

Oscar van den Boogaard Schrijver

lanceerde en de auteur toegang had verleend tot zijn archieven, trok er zijn handen van af. In Brussel moest Karen Van Godtsenhoven afzeggen als moderator van het Passa Porta-debat: zij was tien jaar geleden nog curator van het ModeMuseum en is daar nog steeds aan gelinkt. Modejournalist Veerle Windels springt nu in. “Ik vind het een fantastisch boek omdat het inzicht geeft in de wonderjaren van de Zes, hun drive, talent en teleurstellingen, maar bepaalde zaken zou ik nooit gepubliceerd hebben”, geeft Windels toe.

In het boek volgen we de zes modeontwerpers dan ook niet alleen zakelijk. Het zijn evengoed zoekende twintigers die tussen punk en disco de liefde vinden, hun seksualiteit ontdekken en elk op hun manier rebelleren tegen de klassieke modeschool van die tijd – wat clichématig voorgesteld als een kostuumopleiding voor paardenmeisjes uit Brasschaat. We lezen over jaloezie en onzekerheden binnen de groep, maar ook van volgende generaties modestudenten die zich miskend voelden omdat de pers en administratie alleen maar oog hadden voor de Zes.

Gelukzakken

Het toenmalige Instituut voor Textiel en Confectie van België, verbonden aan het ministerie van Economie, ondersteunde de Zes bijvoorbeeld vanuit de huidige Actiristoren in Brussel. De nationale Gouden Spoelwedstrijden lieten hen toe om hun collecties te tonen in het Koninklijk Circus of het Brusselse Stadhuis. “Met enige afstand kun je zeggen dat het gelukzakken zijn geweest. Het platform dat ze kregen was uniek”, vindt Oscar van den Boogaard. De auteur gunt zichzelf de vrijheid om de getuigenissen van zijn personages te verweven met eigen observaties. Die schrijft

Van links naar rechts: Marina Yee, Dries Van Noten, Ann Demeulemeester, Walter Van Beirendonck, Dirk Bikkembergs

hij cursief om het onderscheid te bewaren. “Ik ben geen journalist”, zei hij aan andere media na de kritiek. Maar heeft hij zijn getuigen of het ModeMuseum niet misleid in zijn opzet? “Neen. Zes ontwerpers hebben ervoor gekozen om mij als literaire schrijver alle vrijheid te geven. Zij stapten mee in een literair verhaal en in de verbeelding van de schrijver. En niemand heeft mij gevraagd om de tekst eerst na te lezen voor publicatie. Een wonder”, zegt Van den Boogaard.

De nadruk op ieders kleine kantjes en hun onderlinge dynamiek is niet zomaar sappig voor de lezer, vindt hij. “De creaties van deze mensen komen voort uit hun levensenergie. Daar kun je de liefde en concurrentie niet uit wegdenken”, zegt de schrijver. “Aan jonge mensen wil ik zeggen: alles komt voort uit liefde, uit verlangens, uit dromen. De humus is de rommel. Het is het zoeken naar identiteit, het uitproberen en het zich spiegelen aan elkaar. Dat proces wilde ik zichtbaar maken. Dat is ook gelukt, vind ik, door alle getuigenissen als een spiegelpaleis tegenover elkaar te zetten.”

In enkele spiegels voel je als lezer zo de rancune smeulen, in andere trots of net ontwijking. “Modejournalisten hebben mij al gezegd dat zij met de Zes een monster hebben gecreëerd”, zegt Van den Boogaard. “Zij waren zo bang om niet meer uitgenodigd te worden voor hun events of om hun job te verliezen, dat zij hen alleen bewierookt hebben. Er ontstond een kritiekloze adoratie.” Dat hij nu een complexer verhaal brengt, valt kennelijk in de smaak: het boek is na enkele weken aan zijn derde druk toe, in juni volgt de Engelse vertaling. “De maskers moeten afvallen”, vroeg met name ontwerpster Marina Yee aan de auteur, toen die eraan begon in 2024. Met Yee was Oscar van den Boogaard lange tijd bevriend in Brussel – al hadden ze elkaar ruim twintig jaar niet gezien toen hij begon te schrijven.

In haar atelier praat Marina over haar verleden alsof het zich in het heden afspeelt. Voor haar bestaat er geen tijd: alles is nu.

Toen ik haar voor de eerste keer ontmoette in de jaren negentig – we woonden vlak bij elkaar in de Dansaertwijk in het centrum van Brussel – leek het alsof ik haar mijn hele leven had gekend. Het zou dwaas zijn me de Marina van toen voor de geest te halen, ze zit hier tegenover mij een taartje te eten. De Marina van toen is de Marina van nu. Dat is de essentie van Marina. Ze is wie ze altijd is geweest en altijd zal blijven.

Marina Yee stierf eind vorig jaar, nog tijdens het schrijfproces, aan kanker. “Toen

is het voor mij heel duidelijk geworden hoe de groep functioneerde”, zegt Van den Boogaard, die duidelijk opsomt wie wel en niet kwam opdagen aan haar ziekbed. “Zes mensen gaan samen een tentoonstelling maken, maar iemand wordt ziek en je laat haar niets weten? Ze hebben Marina in de steek gelaten”, vindt hij.

Tijdens de boekvoorstelling bij Passa Porta zal Marina Yee als meest Brusselse van de Zes dan ook niet ontbreken. Moderator Veerle Windels noemde haar in De Standaard al het echte hoofdpersonage van de Zes. In de jaren negentig baatte Yee een winkeltje uit in de Hoogstraat, Indigo, waar

“De maskers moeten afvallen”

Marina Yee

Een van de Antwerpse zes, intussen overleden

Oscar van den Boogaard geregeld binnensprong. “Ik leerde Marina kennen als een strandjutter op de vlooienmarkt. Ze was altijd op zoek naar het kapotte, het kwetsbare. Ze werkte heel erg een-op-een met kledingstukken, draaide die binnenstebuiten en sprak er zelfs mee: ‘Oh jee, dit is stuk en dat is mooi, dus zal ik er een naamkaartje op plakken om dat nog eens te benadrukken. Jij hebt nu een naam’, zei ze dan tegen dat kledingstuk”, geeft hij als voorbeeld. “Daarmee lag ze totaal buiten de groep, want mode functioneert niet zo. Dat zijn twee tot vier collecties per jaar. Marina leefde ’s nachts, rookte en dronk en ging heel zwaar door alles. Ze gaf ook vaak de schuld aan anderen.”

Zo leren we dat Yee als jeugdvriendinnetje van Martin Margiela een erg troebele verhouding met hem ontwikkelde. Toch trok ze enkele jaren bij hem in in Parijs en woonde ze aan de Varkensmarkt jarenlang tegenover Margiela’s Brusselse winkel. Yee noemt zichzelf zeer onzeker en niet op haar plek in Londen of Parijs. “Tegelijkertijd was ze superzelfverzekerd en rancuneus, een fascinerende paradox”, zegt Van den Boogaard. In het boek omschrijft Marina Yee de groep als volgt:

Ann en Dries, De Lange en Walter hebben hun bijbels gemaakt waarin hun oeuvre staat uitgestippeld. Ze leggen verantwoording af. Zo ben ik niet. Dirkske ook niet, zo zijn we niet.

Kunstenaars zijn geen boekhouders.

Mijn verleden is een grabbelton, je kunt er iets uit halen, het omhooghouden en denken: wanneer was dat? Ik vind dat ook fijn, op die manier blijft het verleden leven.

Martin Margiela heeft niet meegewerkt aan het boek en de auteur heeft er ook niet op aangedrongen. Zo ontbreekt een belangrijk perspectief. Zijn wisselwerking met Marina Yee is trouwens niet de enige waar de neutraliteit soms stokt.

“Alles is waar omdat alles is gezegd”, besluit Van den Boogaard over zijn werkwijze. “Het gaat wel om herinneringen van meer dan veertig jaar geleden. Dat zorgt voor magie, want herinneringen zijn subjectief en zó oncontroleerbaar. Zie het boek dus als een reconstructie van een ver verleden met subjectieve verhalen die in een verhaallijn zijn geplaatst. En neem je verantwoordelijkheid als lezer om er het jouwe van te denken.”

‘De Zes van Antwerpen in Brussel’: woensdag 29 april vanaf 20 uur bij Passa Porta Bookshop De Zes: het onvertelde verhaal van De Zes van Antwerpen van Oscar van den Boogaard is uitgegeven bij Pelckmans

« BRUXELLES A ÉTÉ IMPORTANTE POUR LES SIX D’ANVERS »

FR/ Oscar van den Boogaard réécrit dans son livre l’histoire des Six d’Anvers et montre comment les médias et les institutions ont contribué à leur succès, avec aussi un rôle de Bruxelles. Il met au jour les tensions internes, les rivalités et les mythes derrière leur percée internationale. Marina Yee apparaît surtout comme une figure critique et outsider au sein du groupe.

“BRUSSELS WAS ALSO IMPORTANT FOR THE ANTWERP SIX”

EN/ In his book, Oscar van den Boogaard rewrites the story of The Antwerp Six and shows how media and institutions helped build their success, with Brussels also playing a role. He reveals internal tensions, rivalries and myths behind their international breakthrough. Marina Yee in particular emerges as a critical outsider within the group.

10 JAAR BRUZZ & ERFGOEDBANK BRUSSEL

Jullie schrijven geschiedenis.

Wij geven ze door.

Duik in 10 jaar Erfgoedbank Brussel!

Expo . collageworkshop . podcast . lezing . erfgoedcafé . thé dansant

Ontdek het programma op www.erfgoedbankbrussel.be/10jaar

Cultuurgids Shop Made in Brussels

Granolapralines

Koffiebar Bleu aan de Louizalaan blijft een van de hippere nieuwkomers in de stad. De oprichters laten geen kans onbenut voor collabs met andere merken. Zoals deze pralines van Brunette: suikervrij, glutenvrij en huisgemaakt door Morgane de Hennin uit Ukkel. Ze bakt granola van noten en quinoa, wikkelt er pure chocolade rond en koos voor deze samenwerking voor een vulling van amandel met blauwe bes. Haar andere Brunette-pralines vind je bij een zestal verkooppunten in Brussel, zoals Seven en Café de la Presse. (EC) BRUNETTE vanaf 14 euro voor een doosje, via @brunette.brussels

MAG IK U(W) KUSSEN?

Een goede smakkerd om in neer te ploffen: de kusvormige kussens van Zohra Capucine typeren haar eclectische stijl helemaal. De Frans-Marokkaanse textielontwerpster landde in Brussel tijdens haar studies aan La Cambre en bleef er plakken, experimenteren, breien en volop recycleren. Haar patchworkkussens zijn bijvoorbeeld gevuld met veren van oude hotelkussens. In haar webshop vind je er ook in de vorm van knuffelende armen of grote bloemen. (EC) KISS AND MORE 300 euro, via zohracapucine.com

Indiase kleurenexplosie

Wie aan India denkt, denkt aan sari’s in alle mogelijke tinten, geurige specerijen en overweldigende landschappen. Met haar kledingmerk Aori importeerde Jeanne Goessant een deel van die levendigheid naar Brussel in de vorm van geborduurde jassen. Die zijn handgemaakt uit gerecy-

Cosmos

KWALITEIT

Restaurant

3 x eten in voormalige ambachtelijke voedingszaken

AUTHENTICITEIT

INFO

Troonstraat 65, Elsene cosmosrestaurant.be

Sommige restaurants hebben al een leven achter de rug voor de eerste service begint. Als voedingswinkel bijvoorbeeld, zoals bij Cosmos, waar dat verleden de rode draad is, van interieur tot bord.

Er gaat best iets bijzonders uit van eten in een restaurant dat is gevestigd in wat ooit een voedingswinkel, een slagerij of een viswinkel was. Alsof de ziel van die plek er voor altijd hangt. Bij het nieuwe restaurant Cosmos wordt die herinnering belichaamd door een imposante muurschildering die een scene uitbeeldt met zeelieden in stormachtig weer. Dat is geen toeval, de strakke keuken profileert zich als ‘soil and sea’ – een toch wel flexibel credo dat het gebruik van plantaardige ingrediënten benadrukt, zonder echter dierlijke eiwitten uit te sluiten.

Kevin Perlot, die eerder werkte bij L’Air du Temps, Pépite, Bon Bon en VerTige aan de Vlaamsesteenweg, is er de chef. ‘s Middags kunnen gasten kiezen uit menu’s met drie,

vier of vijf gangen (voor 49, 65 of 80 euro), terwijl het ‘s avonds verplicht is om het langste – en ook duurste – menu te nemen.

Het voorgerecht zet meteen de toon: in een kom komen verschillende bereidingen van hetzelfde product samen, in dit geval kool, van rauw tot geroosterd. Een smaakvol geheel, gebonden met een saus op basis van kookvocht, groentebouillon en wat foelie.

Dan volgt het hoofdgerecht: een stuk gerijpte zeeduivel komt perfect gegaard op tafel, met een sabayon van bonenkruid en een miso-sausje. De cuisson is perfect, de saus vol, maar niet overdadig, en de combinatie van kruidige smaken en umamitonen is uitstekend in balans.

Het dessert maakt het menu af. Bergamot, yoghurtijs, dragon en kumquat geven het gerecht een subtiele bitterheid met een nasmaak die van bloemen zou kunnen zijn. Het interieur past helemaal in het verhaal. Ontworpen door Maxime de Campenaere, met bruine tinten, een open keuken, een uitnodigende zinken toog en art-nouveauvitrines omgeven door jaloezieën. Bij de wijnen is de keuze meer op kwaliteit dan op kwantiteit gericht: een goed doordachte selectie met onder meer een prachtige blend van chenin en sauvignon van de hand van de uitstekende wijnbouwer Fabien Jouves (Les Agudes 2024, AOP Sud-Ouest, Mas del Péré voor 31 euro). MICHEL VERLINDEN

La Buvette

La Buvette is gevestigd in een voormalige slagerij uit de jaren 1920 en valt op door zijn monumentale art-deco-interieur. Het degustatiemenu, ook beschikbaar in een vegetarische versie, kost 68 euro. Op het menu onder meer gemarineerde en gegrilde makreel, gekonfijte citroen en artisjok; op houtskool gegrilde filets van rode poon, witte asperges en Reinette des Flandres-appels.

Alsembergsesteenweg 108, Sint-Gillis la-buvette.be

Quartz

David-Alexandre Bruno werkte in verschillende prestigieuze zaken. Sinds enige tijd heeft hij zijn vleugels uitgeslagen met Quartz, in een voormalige delicatessenzaak met prachtig bewaarde tegelwanden. Bruno serveert een gastronomische keuken, te ontdekken via een degustatiemenu van vier of zes gangen (95/135 euro). Ook is er een lunchformule met drie gangen voor 49 euro. Hervormingsstraat 22, Elsene quartzrestaurant.be

Podium Pop & Jazz

The Haunted Youth

The Haunted Youth is bezig aan een uitverkochte (inter)nationale tournee die de Limburgse band straks ook naar de weide van Rock Werchter zal loodsen. Maar eerst palmen frontman Joachim Liebens en co vier dagen lang het Koninklijk Circus in, waar ze hun nieuwe album, het in gothic dreampop en donkere postpunk gedrenkte Boys cry too, zullen voorstellen.

→ 29 & 30/4, 1 & 3/5, Koninklijk Circus

Elisabeth Klinck & Nils Vermeulen

In het vernieuwde AB Salon kun je voortaan ook terecht voor ochtendshows op zondag. Komend weekend presenteren de Brusselse violiste Elisabeth Klinck en de Gentse contrabassist Nils Vermeulen er Pioen, hun met even fragiele als intieme klanken gevulde debuutalbum, dat ze opnamen in een kleine kloosterkapel in Gent. Het is eens wat anders dan de elfurenmis.

→ 26/4, Ancienne Belgique

Skye Newman

De glazen bol van de BBC was de voorbije jaren wat minder accuraat. Toch zit de Britse omroep er niet zelden naast, zoals met Skye Newman, die hij tot Sound of 2026 kroonde. De singer-songwriter uit Zuidoost-Londen ging viraal op TikTok met haar eerste single, ‘Hairdresser’, een nummer waarmee ze bewees dat de vergelijkingen met Adèle en Amy Winehouse niet vergezocht waren.

→ 28/4, La Madeleine

En ook

Nujabes, miskende bruggenbouwer tussen hiphop en jazz, krijgt een eerbetoon (24/4, Sounds Jazz Club)

De Nederlands-Belgische Pitou rekt de grenzen van de pop nog wat verder op (29/4, Botanique)

Fennesz herenigt zich met zijn experimentele bloedbroeder Jim O’Rourke (28/4, Bozar)

The residency

Simon Van Schuylenbergh

Tijdens de Workspace Open Studios 2025 won performancekunstenaar Simon Van Schuylenbergh de prijs om een work-in-progress te tonen tijdens Open Studios dit jaar. Hij nodigt Charlotte Nagel en Micha Goldberg uit voor een eendaagse residentie, waarin ze de economische noodzaak van werken-in-progress en residenties in de maling en op de korrel nemen.

→ 26/4, Kaaistudios (Workspace Open Studios)

What we can do together

Wat kunnen we samen doen? Inclusiever dan dat worden de dansvoorstellingen niet. Monkeymind Company en Unmute Dance Company verenigen onder aanvoering van choreografe Lisi Estaras acht performers met verschillende achtergronden, genders, dansstijlen, lichamen en capaciteiten. In ieder hun taal, vertellen ze samen een verhaal.

→ 28/4, KVS

Dark Hands

Fabuleus/Michiel Vandevelde

Hoe zou het zijn met de teenage angst van gen Z? Choreograaf Michiel Vandevelde geeft de doom generation zelf het podium, in een donkere voorstelling waarin muziek, dans en een straffe lichtinstallatie weerwerk bieden tegen neerslachtigheid, nihilisme, kinky kicks, verdovende noise en oorverdovende metal. Een pleister op de pijn van het (tiener) zijn.

→ 24/4, BRONKS

En ook

Louis Janssens sluit met zijn innemende Family de reeks Theater op maandag af (27/4, Theater 1150)

Sophie Anna Veelenturf onderzoekt in Swiping right hoe ideologie doorwerkt in intimiteit (29/4, KVS_Box)

Het Hopla! Circusfestival met gratis acts in Brussel, Neder-Over-Heembeek en Laken begint (25/4 > 3/5)

Huizen in strips

Een stripexpo bezoeken in het Autrique Huis voelt als thuiskomen. Want het waren twee striphelden, Benoît Peeters en François Schuiten, die de parel van Victor Horta jaren geleden opnieuw inrichtten. Nu nodigen ze collega’s als Ben Gijsemans, Jeroen Janssen, Loïc Gaume en Judith Vanistendael uit om samen het concept ‘huis’ vanuit alle hoeken te bekijken.

→ 25/4 > 7/3/27, Autrique Huis

Val Saint Lambert & Design

De Luikse kristalfabriek Val Saint Lambert staat dit jaar in de schijnwerpers omwille van haar 200e verjaardag. Deze expo focust op haar creatieve productie van Expo 58 tot het begin van de jaren 2000, een tijd van vernieuwing door het samensmelten van ambacht en design. Centraal staat de Studio Crystal, waar kunstenaars en glasblazers zij aan zij experimenteren.

→ 24/4 > 25/10, Design Museum Brussels

Erfgoeddag: HAHA Humor

De 25e Erfgoeddag werkt op de lachspieren met activiteiten rond humor van vroeger en nu. Het Broodhuis toont hoe Manneken Pis in crisistijden wordt ingezet als spottende woordvoerder van ontevreden Brusselaars. In het KBR ontdek je grappen verborgen in oude handschriften, in de vorm van schunnige taferelen en vreemde wezens, en maak je ‘middeleeuwse memes’.

→ 26/4, verschillende locaties

En ook

Internationale galerieën bieden een mooie ontvangst op kunstbeurs Parloir (23/4 > 26/4, Paramour)

Jeppe Hein ademt kunst uit, bij voorkeur in gezelschap (25/4 > 31/12, Vanhaerents Art Collection)

Maak een technologische trip aan boord van Q-O2’s moederschip (24/4 > 3/5, iMAL)

Al 10 jaar vaste waarde in Brussel! Op naar de 100! Dikke kus vanuit de cinema,

Gelukkige verjaardag BRUZZ

OF SHARING THE LOVE OF OPERA WITH BRUSSELS

Yellow Letters

Regie: Ilker Çatak, met: Özgü Namal, Tansu Biçer

Na kritiek op het regime in Turkije verliezen een beroemde actrice en theaterprof hun werk. Moeten ze voortaan hun gezin vooropstellen of blijven ze waarschuwen voor fascistische tendenzen? Duitser Ilker Çatak won de Gouden Beer met deze opvolger voor het uitstekende Das Lehrerzimmer. Geen gebrek aan lef: hij laat Berlijn en Hamburg doorgaan voor Ankara en Istanboel.

→ In de bioscoop

Real faces

Regie: Leni Huyghe, met: Leonie Buysse, Gorges Ocloo, Yoann Blanc

“Het leven is geen opmars richting het grote succes maar een hobbelig parcours en Brussel straalt dat visueel perfect uit”, zegt Leni Huyghe. Haar eerste langspeelfilm is een toonbeeld van nuance, intimiteit en empathie met een zoekende bijna-dertiger. In opdracht van een toxische regisseur zoekt Julia op straat naar acteurs voor een parfumreclame.

→ In de bioscoop

Restored Film Festival Brussels

In Brussel is er altijd wel ergens een filmfestival, maar voor nieuwkomers als het Restored Film Festival moet er plaats zijn. Het prachtinitiatief koestert filmerfgoed en vertoont oude films die digitaal gerestaureerd zijn door filmarchieven en filmlaboratoria. Met Marco Bellocchio krijgt de eerste editie meteen een eregast van formaat over de vloer.

→ 25 > 30/4, Cinema Palace, Cinematek & Cinema RITCS

En ook

Michael Jackson wordt beaat bewonderd in de biopic

Michael Een bezeten stofzuiger steelt de show in de Thaise cultfilm Useful ghost

Noord-Macedonische volksverhalen inspireerden het wondermooie The tale of Silyan

Klein onderhoud Indieband Tje

Op debuutalbum Schade schakelt het Brusselse avant-poptrio Tje in een onzekere wereld tussen dromerige melancholie en rauw elektronicaexperiment.

“Het is niet de organic blend van David Lynch”, zeggen we met een knipoog naar Lindy Versyck, de frontvrouw van Tje. Toen ze nog een 9-to-5-job had als vormgever dronk ze tot acht kopjes koffie per dag, klinkt het later. Tot de pandemie daar een stokje voor stak. “Ik had met She Bad het popconcours Rockvonk al eens gewonnen, maar die band viel uit elkaar tijdens corona en dan ben ik zelf muziek beginnen te schrijven.” Ze ging op haar 24e alsnog studeren aan PXL-Music in Hasselt. En kijk: straks stelt ze samen met de muzikanten die ze daar ontmoette haar eerste langspeler voor in de AB. ‘Always hardening’, waaruit we de zinsnede “David Lynch Coffee Organic House” lichtten, blijkt een sleuteltrack. “In de studio van producer Pieter-Jan Decraene viel ons oog op dat pak koffie van de regisseur van Twin Peaks toen we zochten naar een plaatsvervangend stuk tekst, dat uiteindelijk is blijven staan. Ook omdat ons verlangen naar een speciale blend hier of een biogroente daar zo contrasteert met de lamentabele en onzekere staat van de wereld die we in die song oproepen.”

Contrast is een constante op Schade. “‘I lost my voice’, ook zo’n zwaar nummer qua tekst en emotie, eindigt met een bijna clowneske wals en het leven dat maar doordendert en waar we verondersteld worden door te walsen”, zegt Versyck.

Niet alleen de schade en de

disbalans in de wereld worden opgemeten. “We zijn persoonlijk hard gebotst. Het was zoeken naar ieders rol. Drummer Melvin Slabbinck en ik waren eerst nog een koppel. Nu ontpopte Pieter-Jan zich vanuit zijn rol als producer tot coschrijver en gastzanger.” Zoals op ‘The well’, dat verwijst naar de in armoede overleden Russische componist Modest Moessorgski. “Het gaat over de vraag of je gek moet zijn om goede kunst te maken. Vandaag geldt: hoe controversiëler je

“Als artiest koester je best een gezonde portie je-m’en-foutisme”

verhaal, hoe meer clicks. Maar als artiest wil je zo dicht mogelijk bij jezelf blijven én koester je best een gezonde portie je-m’en-foutisme. Anders ben je bezig met je product, niet met je hart.” Wie Versyck alleen zag optreden bij Meltheads en Arsenal zal haar vocale spreidstand opvallen. Ooit begonnen in het kerkkoor van Perk en qua vocale acrobatie gekneed door zangdocent Gunther Maginelle, noemt ze zich een geek als het op stemtechniek aankomt. “Mensen vergelijken me weleens met Björk. Ik hou van zangeressen die technisch top zijn, maar kunnen loslaten, die niet bang zijn voor een foutje of krakje, die kortom hun techniek linken aan spontaniteit en buikgevoel.” TOM PEETERS

Tje stelt Schade op 26/4 voor in de Ancienne Belgique, abconcerts.be

Uitgelicht

Brussels Short Film Festival: de spot op drie Brusselse filmmakers

In de naam van de vader, de heilige grot en de wilde fantasie

Met aanstekelijk enthousiasme toont het Brussels Short Film Festival elf dagen lang meer dan driehonderd kortfilms aan ongeveer 25.000 mensen. Met drie onvergelijkbare films dragen Brusselaars Sarah Lederman, Levi Stoops en Elko Van Raemdonck bij tot het feest. Hun verhalen, in het kort.

door Niels Ruëll

1Levi Stoops: ‘Erg leuk om een droevig verhaal of intrieste dingen op een grappige manier te vertellen’

In de animatiefilm Klonter denkt een door nierstenen geplaagde werknemer van een pizzafabriek dat zijn laatste uur geslagen heeft. Zwevend door de kosmos verandert zijn lichaam in een levendige planeet. “Ik denk dat mensen een bijsluiter kunnen gebruiken”, grinnikt Levi Stoops. “In essentie gaat het over iemand die een wilde fantasie heeft, maar in het dagelijks leven volstrekt inspiratieloos is. Klonter is een afrekening met een versie van mezelf die niet goed weet hoe hij vooruit moet in het leven omdat hij alsmaar bezig is met heel gekke ideeën. Ik besloot niet te lief te zijn voor hem.”

Stoops vindt het leuk om een intriest verhaal met een droevig, eenzaam personage op een heel grappige manier te vertellen. “Zo engageer je de mensen het makkelijkst. Er gebeuren gewelddadige dingen, er is best veel miserie. Vertel dat te serieus en je eindigt met een draak van een film. Humor relativeert.”

Klonter was eerder al te zien op de festivals van Gent, Leuven of Leipzig. “Maar Brussel blijft speciaal”, zegt de geboren en getogen Brusselaar. “Erkenning in je eigen land, je eigen stad, is waardevol. Ik denk dat al mijn films, zelfs mijn afstudeerwerk, op Brussels Short vertoond zijn.”

Eerder had Stoops een internationale hit met Drijf. Van kortfilms maken kun je echter

Links: een beeld uit Umwelt van Elko Van Raemdonck.

Rechts: In On naît, on meurt beschrijft Sarah Lederman de emoties die het verlies van haar vader teweegbrengt.

Op de vorige pagina: In Klonter rekent Levi Stoops ook af met een versie van zichzelf.

niet leven. “Je krijgt met wat geluk een beetje geld om je project uit te schrijven. Tijdens de productie ontvang je als zelfstandige of werknemer een loon van het productiehuis. Twee keer heb ik alles laten vallen om maandenlang 100 procent aan de film te werken. Dat is superleuk, maar na afloop heb je opnieuw geen werk meer.”

Stoops werkte als kok in verschillende Brusselse restaurants, op dit moment staat hij bij Kline achter het fornuis. “Aan een film werken, terug naar de keuken, aan een film werken, terug naar de keuken. Dat was het systeem.” Op dit moment staat zijn filmcarrière op een laag pitje. “Op mijn bucketlist staat een 2D-serie voor volwassenen. Het productiehuis onderzoekt de mogelijkheden, maar je moet een zender meekrijgen en die blijven argwanend staan tegenover 2D-animatie voor volwassenen.”

2Sarah Lederman: ‘Helend voor mij én voor onze samenleving om rouw te tonen’

Alle kortfilms van Sarah Lederman zijn aangrijpend, intiem, maar On naît, on meurt spant de kroon. Ze deelt de emoties die het verlies van haar vader teweegbrengt. “Een jaar na zijn overlijden heb ik de beelden herbekeken. Ik zag de rauwheid van de dood en de hardheid van verlies. Maar ik ontdekte ook veel schone momenten: de zachtheid van onze band, zijn humor … Hier kan ik iets bijzonders mee vertellen, dacht ik. Zo’n film kan helend zijn voor mij, maar ook voor een

samenleving die het moeilijk blijft hebben met rouw.”

Haar film laat een tweestrijd zien. “Enerzijds de rauwheid, de hardheid en het verdriet. Anderzijds de schoonheid en de zachtheid. Via het hyperpersoonlijke tracht ik iets universeels te vertellen.” Monteur Ezra Verbist hielp om de balans te vinden. “Een eerste versie was 45 minuten lang, maar buiten onze familie had niemand daar iets aan. We moesten streng zijn. Is dit enkel voor mij bijzonder, of gaat iemand anders daar iets aan hebben?”

De filmtitel verwijst naar een uitspraak van haar vader. “Ze typeert hem. Hij keek naar ALS (zeldzame neurologische ziekte, red.) op een heel stoïcijnse manier. Dat was heftig maar ook inspirerend.”

On naît, on meurt maakt veel los bij de toeschouwers. “Ik toon mensen, ongevraagd, heel intense en diepgaande dingen, maar na afloop zijn de reacties zo warm. Genre: ‘Wauw, ik had de dood nog nooit op zo’n zachte manier ervaren.’ Dat doet me enorm plezier. Ik vind het heerlijk dat ik de wereld kan tonen wie mijn papa was.”

De vertoning op het Brussels Short Film Festival wordt bijzonder. “Flagey was zijn lievelingszaal. Hij heeft er ooit een evenement georganiseerd voor de vijfde verjaardag van het overlijden van een van zijn beste vrienden: de muzikant Marc Moulin. Nu wordt het een memoriaal voor hem. Brussel was echt zijn stad en is ook echt mijn stad.” Lederman zal voor de derde keer een film tonen op het Brussels Short Film Festival. “Ik voel er mij thuis én gezien.”

Inzichten

Wat weet zanger Admiral Freebee van het leven?

3Elko Van Raemdonck: ‘Niet alle plekken op aarde vallen te begrijpen’

Elko Van Raemdonck moet nog afstuderen aan de Luca School of Arts. Maar het Brussel Short Film Festival selecteerde volkomen terecht zijn bachelorproef Umwelt: een cinematografisch ijzersterke onderdompeling in een pikdonkere, mysterieuze grot. “Grotten zijn enorm fascinerend: oeroud én bruut. Zonder zaklamp red je het er niet, maar mij gaat het om nog wat anders.” Van Raemdonck is gefascineerd door de menselijke drang om alles te willen weten, kennen en begrijpen. “En dat zie ik weerspiegeld in een speleoloog of cartograaf die een grot verkent, maar niet alle plekken op aarde vallen te begrijpen. Niet alles kan door ons gecontroleerd worden. De grot in de film is veel groter dan de mens. De grot is een stille kracht die bestand is tegen onze drang om alles te begrijpen.”

De filmstudent begaf zich in twee grotten: Saint-Anne in het Belgische Esneux en Grotte du Château de la Roche in het Franse Chamesol. “Zonder professionele hulp zou het niet veilig geweest zijn. Het Vlaams Verbond van Speleologen heeft me héél goed geholpen.”

De logistieke uitdaging was pittig. “In een van de tunnels moesten we vijftig meter, al bukkend door een rivier waden, met zware tassen, een statief, een camera. Voor een scène wilde ik naar een twaalf meter diepe plas op het einde van de grot. Dus moest er een duiker mee. Je mag al plannend ook niet vergeten dat iedereen na het filmen nog genoeg energie moet over hebben voor de terugweg.”

Het idee is niet om straks films of series te regisseren. “Met de camera vertellen is mijn passie. De ambitie is om in de cinematografie verder te gaan. Umwelt was bedoeld om mezelf uit te dagen. Hoe kan ik filmen in een omgeving die fysiek heel uitdagend is? Ook voor mijn masterproef zoek ik de moeilijkheid op.”

Van Raemdonck is afkomstig uit Antwerpen. “Ik ben naar hier gekomen voor de filmscholen. Film leeft het meest in Brussel. Ik vind het een fantastische stad. Net zoals de grot, daagt Brussel mij uit. Bovenal heb ik hier mijn partner leren kennen. Het plan is om hier te blijven.”

Brussels Short Film Festival: van 22/4 tot 2/5 in Flagey, Vendôme, Galeries en op de Kunstberg

Welke misvatting bestaat over jou?

Dat de songs die men van me kent mijn beste songs zijn. Het zijn gewoon de meeste gepromote songs. De beste songs zijn de albumtracks.

Op welk vooroordeel betrap jij jezelf soms?

Dat alle media vooral clickbait willen. In welk ander vak zou je ook top zijn? Tenniscoach.

Als je jezelf een andere naam kon geven, welke zou dat dan zijn? Een andere naam van mij is ‘nizno vater’, de ‘vernieuwer van de onzin’. Welke fout maak je keer op keer tijdens het creatieve proces?

Door fouten ontstaan de origineelste ideeën. Het is dus beter om niet te weten hoe en wanneer je fouten maakt.

Typeer Brussel in drie woorden. Eigenzinnig, ironisch en levend. Welk cliché over Brussel stoort je het meest?

Dat het surrealisme de enige kunst van Brussel zou zijn.

Wanneer verbaasde Brussel jou?

Elke keer dat ik er kom, is het veranderd, maar ook hetzelfde gebleven. En telkens ik in Au Vieux Saint Martin ga eten, verbaast het me dat het vol zit, maar je toch zonder reservering binnen kunt. Zoiets kan enkel nog in Brussel.

Doe je iets speciaals als je jarig bent?

Songs schrijven, zoals elke dag.

Wat doe je anderen graag cadeau?

Het boek Verstrengeld: over mijn moeder, de liefde en New York van Vivian Gornick.

Wat had jij pas op erg late leeftijd door dat iedereen al lang wist?

Dat vrouwen mannen soms leuk vinden.

Met welke quote pak je graag uit?

“To speed up, slow down, keep it small but keep it going.”

Waar kijk je naar uit?

Optreden in de AB – de best klinkende zaal in België.

Wie is de bekendste persoon die je ooit sprak?

Tom Waits.

Welke wet zou je meteen afschaffen?

De wet dat mensen niet meer met lege handen op straat mogen (en daarom met gsm en eten of koffie rondlopen).

Welke wet zou je meteen invoeren?

Dat je weer legaal met lege handen en zonder doel op straat mag lopen, zelfs zonder oortjes of koptelefoon.

• Tom Van Laere (1975), alias Admiral Freebee, is een zeer verdienstelijke tennisspeler, maar ook een muzikant

• Hij pikte zijn artiestennaam uit het cultboek On the road van beatnik Jack Kerouac. In 2000 kaapte hij zilver weg in Humo’s Rock Rally

• Admiral Freebee speelde al in het voorprogramma van dEUS en Neil Young. Met het nieuwe Raw fun zit hij ondertussen aan zijn achtste langspeler

Wat was er vroeger beter?

Muziek, voedsel, de lucht, vormgeving, auto’s, gebouwen, literatuur, concerten. Wat is kunst?

Kunst is het raadsel vergroten in plaats van antwoorden geven.

Welke levenswijsheid wordt overschat?

We zijn doorgeslagen in ons idee van maakbaarheid. Het idee dat we onszelf steeds maar weer moeten verbeteren, en daar de volledige controle over zouden hebben.

Bestaat er een God?

Als er een bestaat, weet ik niet goed of hij weet dat er mensen bestaan. Is God trouwens zijn voor- of achternaam?

Welke andere vraag hadden we je beter gesteld?

Iets over mijn muziek of concerten was wel leuk geweest. (Lacht)

MICHAËL BELLON

Admiral Freebee stelt Raw fun op 30/4 voor in de Ancienne Belgique, abconcerts.be

Oefenen op een echt kerkorgel

Elke week toont een Brusselse tiener zijn favoriete plek in de stad. Deze keer neemt Emma (14) BRUZZ mee naar het orgel van de Sint-Magdalenakerk.

Hoe kom jij aan de sleutel om naar het orgel te kunnen gaan?

We liepen op een zondag langs de kerk en toen hoorden we het orgel. Dan heeft mijn papa de mensen gecontacteerd en kreeg ik toestemming om op het orgel te oefenen. Je speelt ook echt orgel?

Ik hoorde in Brugge het geluid dat uit de klokkentoren kwam. Zo ontdekten we de beiaard en ben ik dat gaan spelen. Daarna startte ik aan het conservatorium met orgel. Ik wilde dat graag doen, mijn grootvader was organist.

Hoe is het om in een kerk te oefenen?

Soms komen er mensen binnen die blijven luisteren. Ik begin eerst te oefenen en daarna speel ik wat ik goed kan als een soort miniconcert. Is het voor jou verbonden met religie?

Ik speel vooral niet-religieuze stukken van klassieke en barokcomponisten. Maar ook hedendaagse muziek zoals ‘Thunderstruck’ van AC/DC.

Kun je iets vertellen over de pins op je boekentas?

Nijntje heeft een van mijn zusjes voor kerst gekregen en ik heb die gestolen van haar. En dit gebouw is een souvenir van het British Museum dat mijn mama en zus voor me meebrachten. Het heeft de kleuren van de progress flag Waarom hebben ze speciaal die voor jou gekocht?

Ik ben panseksueel (zich seksueel aangetrokken voelend tot personen, ongeacht hun sekse of gender, red.). We zijn nog aan het uitzoeken wat mijn gender is. Ik denk iets in het midden, maar ik ben zeker geen meisje.

Kun je daarover praten met je familie? Ja, met mijn ouders is dat geen probleem. En mijn zusjes nemen snel nieuwe ideeën op. MARJON UDO

Wil jij ook je favoriete plek tonen? Stuur een mailtje naar ket@bruzz.be.

Rappe Rik vindt z’n droomhuis in één klik.

Download rap de Zimmo app

Fubuki

Vul de cijfers 1 tot en met 9 in het rooster in, zodat het resultaat van de sommen klopt met de cijfers rechts en onderaan de kolommen. Elk getal mag maar één keer voorkomen. Het niveau van de puzzel kan variëren per editie.

Rekenpuzzel

Vul de witte vakjes met positieve gehele getallen zodat elke rij een kloppende som vormt met het doelgetal rechts of onder. Reken van links naar rechts en van boven naar beneden, zonder voorrang van × of ÷ (bij delen moet de uitkomst altijd een geheel getal vormen).

Verborgen Brussel

De hoofdstad kent veel verborgen plekjes, onverwachte panorama-uitzichten, en onbekende maar daarom niet minder intrigerende panden en kantjes, ver weg van Manneken Pis, de Grote Markt en het Atomium. Zoals dit standbeeld. Waar is deze foto getrokken? Zelf een foto van een onverwacht stukje Brussel insturen? Mailen naar redactie@bruzz.be

Woordzoeker

Zoek alle verborgen woorden in het raster van de speciale woordzoeker van BRUZZ.

Streep de begrippen één voor één weg, dit kan in alle richtingen: horizontaal, verticaal, diagonaal, en van links naar rechts en andersom.

▢ Advertentie

▢ Primeur

▢ Nieuws

▢ Redacteur

▢ Hoofdredacteur

▢ Socials

▢ Televisie

▢ Website

▢ Radio

▢ Toekomst

▢ Bruzz

▢ Journalistiek

Oplossingen

De puzzels in dit magazine zijn intern ontwikkeld of gegenereerd met gebruik van toegestane tools en artificiële intelligentie. Elke gelijkenis met bestaande puzzels is toevallig.

B B X P U Q Q A Q J C V J M P C H

X R R S S B Z Y P F C T A M R Y T

P N

Stuur het trefwoord, samen met je adres en telefoonnummer,

Wandelen, sport, dans en muziek in het bos

Promenades, sports, danse et musique en forêt

Walking, sports, dance and music in the forest

INSCHRIJVEN VIA WWW.WABO.BE

Marios Bellas + Calya J.

Rosie Stuart + Blum

The Go Find + Few Bits BEURSSCHOUWBURG

ROULARTA

C-RHYMS + TROY

Harry Descamps + Lisette

gala dragot + Lima van Hees

MeyanDR

Siem Reap (solo) + Head On Stone

Sportweekend + Slinger +

Silke Hamers

op het programma

29.04.2026 de zes van antwerpen:

oscar van den boogaard, sonja noël, veerle windels

06.05.2026 le regard de méduse: hélène frappat, astrid haerens, ayşegül savaş

0 8 .05.2026 rihla: what does home mean?

tickets & info passaporta.be

ROULARTA

Plan je route langs meer dan 1700 kunstenaarsateliers in Vlaanderen en Brussel

10 JAAR

10

jaar goeie journalistiek in de

stad.

BRUZZ viert tien jaar scherpe blik op Brussel. Sinds 2016 staat BRUZZ voor onafhankelijke journalistiek uit de hoofdstad. We brengen de actualiteit helder in beeld, volgen de culturele hartslag en geven een stem aan de stad in al haar complexiteit. Kritisch, eigenzinnig en dichtbij.

Al- 10 jaar dat het BRUZZT!

SCHOOL OF ARTS

BRUZZ & LUCA laten samen Brussel bruisen. BRUZZ maakt Brussel. LUCA maakt makers.

Welkom op 9 mei op de OPENCAMPUSDAG op onze Brusselse campussen. Kom genieten van een bruisende campus met ateliers, studio’s, werkplaatsen en koffiebars. Ontmoet studenten en docenten en werp een unieke blik achter de schermen van onze stadscampussen.

KOM HET MAKEN!

luca-arts.be

#WeArt

WAAR?

LUCA Brussel / Narafi

Victor Rousseaulaan 75 - 1190 Brussel

LUCA Brussel / Sint-Lukas Paleizenstraat 70 - 1030 Brussel

WANNEER?

9 mei 2026 van 11u tot 17u

Meer info: www.luca-arts.be/nl/kom-langs

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook