‘Positief verrast door de stappen die mensen zetten’
12 Haagse samenwerking verbindt mensen en bouwopgave
38
Trends en ontwikkelingen
42
5 praktische tips voor opdrachtgevers en opdrachtnemers
COLOFON
MVO in de Bouw & Infra is een uitgave van cao-partijen
Bouw & Infra. Deze editie is ook digitaal te lezen via verantwoordbouwentoets.nl.
Hoofdredactie
INHOUDSOPGAVE
Astrid Mersmans | Stichting Onderzoek Duurzaam SROI
Brandy van Gerven | Bouwend Nederland
Elleke Collij | Technisch Bureau Bouw & Infra
Coördinatie en eindredactie
Jacob-Jan Esmeijer | Havana Orange
Vormgeving en opmaak
Mieneke Manschot | StudioTof!
Coverbeeld
Patricia Rehe
Druk
Zalsman B.V. Zwolle
Redactieadres
Technisch Bureau Bouw & Infra
Postbus 1128 3840 BC Harderwijk info@tbbouw.nl
Aansprakelijkheid
Bij het samenstellen van de inhoud van deze publicatie hebben we naar de grootst mogelijke zorgvuldigheid gestreefd. Hierbij sluiten we iedere aansprakelijkheid uit voor onjuistheden, onvolledigheden en eventuele gevolgen van het handelen op grond van informatie die door deze publicatie beschikbaar is.
Copyright
De informatie in deze publicatie kan worden gekopieerd voor persoonlijk gebruik, met uitsluiting van elke verdere verveelvoudiging, distributie, commercialiteit of exploitatie onder derden, tenzij voorafgaande toestemming van de auteur en/of Bouwend Nederland en cao-partijen Bouw & Infra.
ISSN: p-ISSN 3117-8774
Voorwoord Gijs Lokhorst
Sectorleider Bouw CNV
Werkgroepleden: een kennismaking
AMSTERDAM
‘Positief verrast door de stappen die mensen zetten’
DEN HAAG
Haagse samenwerking verbindt mensen en bouwopgave
ROTTERDAM
Geef statushouders een kans en ontdek wat het oplevert
VELDHOVEN
‘Met de juiste begeleiding kunnen ze tot vaklieden uitgroeien’
UTRECHT
Handgemaakt met trots, het verhaal achter bijzondere bouwpakketten
'Mooi hoe deze jongeren zich ontwikkelen als ze de kans krijgen’
ERM
'Zie de mens en denk in mogelijkheden'
DEN BOSCH
‘Stap uit je comfortzone en ga eens in gesprek’
Trends en ontwikkelingen
5 praktische tips voor opdrachtgevers en opdrachtnemers
VOORWOORD
Verantwoord opdrachtgeverschap: een gezamenlijk belang
Nederland staat de komende jaren voor enorme uitdagingen. Of het nu gaat om woningbouw, renovatie en verduurzaming van de bestaande woningvoorraad, energietransitie of infrastructuur: er is veel werk aan de winkel. En dat in een tijdgeest waarin arbeid schaars is en de krapte op de arbeidsmarkt maar blijft toenemen. Dit vraagt om maatregelen richting verschillende groepen om de schaarste op de arbeidsmarkt te bestrijden. Wat zien we op ons afkomen? Naast nieuwe medewerkers zien we zij-instroom uit andere sectoren, mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, buitenlandse medewerkers, uitzendkrachten en zzp’ers om maar een aantal groepen te benoemen.
Of het nu gaat om gemeenten, provincies, Rijkswaterstaat of de Rijksgebouwendienst: elke opdrachtgever heeft de verantwoordelijkheid te zorgen voor veilig en gezond werken en voor eerlijk werk. Daarbij moet je bijvoorbeeld denken aan eerlijk loon, eerlijke werktijden, mogelijkheden tot opleidingen en de juiste arbeidsvoorwaarden – ook richting de eerdergenoemde groepen van instromers.
Als cao-partijen willen we al deze opdrachtgevers ondersteunen en bijstaan. We hebben de Verantwoord Bouwen Toets ontwikkeld. Beschouw het als een meetlat waarlangs opdrachtgevers kunnen nagaan of de opdrachtgeversrol maatschappelijk verantwoord wordt ingevuld. Het moet hun het goede gevoel c.q. de overtuiging geven dat de opdrachtgeversrol adequaat en zorgvuldig wordt ingevuld. Een mooi samenspel tussen opdrachtgevers en sociale partners. Het kan niet mooier zou ik willen zeggen.
Beste opdrachtgever: schroom niet en ga in gesprek met ons als cao-partijen Bouw & Infra.
Ik maak graag ruimte voor je vrij in mijn agenda.
Gijs Lokhorst
Sectorleider Bouw CNV
Onderhandelaar cao Bouw & Infra
Foto Ton Kastermans Fotografie
Mijn deelname aan deze werkgroep vloeit voort uit het onderzoek De Inclusieve Bouwplaats, waarin duidelijk werd dat actief betrokken opdrachtgevers een cruciale rol spelen in het realiseren van duurzame SROI-resultaten. Wanneer opdrachtgevers verantwoordelijkheid nemen en hun opdrachtnemers versterken, ontstaan structurele kansen voor mensen voor wie meedoen op de arbeidsmarkt minder vanzelfsprekend is. Die missie drijft mij persoonlijk: het mogelijk maken dat iedereen, ongeacht achtergrond of kwetsbare positie, zijn of haar talenten kan inzetten. Mensen beschikken over waardevolle skills die onze samenleving én vaak ook de arbeidsmarkt nodig heeft. Met de juiste kansen, begeleiding en veilige werkomgeving kan social return daadwerkelijk bijdragen aan duurzame participatie.
In deze werkgroep vertegenwoordig ik de Stichting Onderzoek Duurzaam SROI als kennispartner. Samen bezoeken we opdrachtgevers, verkennen we hun SROI-opgaven en adviseren we hoe zij meer bestendige en inclusieve resultaten kunnen realiseren. Want wanneer opdrachtgevers, opdrachtnemers en partners rondom hen samenwerken aan duurzaam SROI, profiteert uiteindelijk iedereen.
Bouw- en infrabedrijven zetten zich iedere dag in voor veiligheid, duurzame inzetbaarheid en het maken van sociale impact in de sector door in te zetten op participatie. Ook publieke partijen zetten zich hiervoor in, zoals gemeenten en provincies. We zien echter dat de ambities van publieke partijen op deze thema’s niet altijd goed terechtkomen in de opdrachten die publieke partijen in de markt zetten (aanbestedingen) en dat is zonde. Hierdoor blijven kansen onbenut terwijl een duidelijke win-win-win mogelijk is voor publieke partijen, bedrijven en de maatschappij. Met het project Verantwoord Opdrachtgeverschap proberen we als Bouwend Nederland en sociale partners om samen met publieke aanbesteders onze gezamenlijk impact op veiligheid, duurzame inzetbaarheid en sociale impact te vergroten. Dit doen we onder andere aan de hand van de Verantwoord Bouwen Toets en door het gesprek aan te gaan met bijvoorbeeld gemeenten.
Als het gaat om SROI hoor ik steeds dezelfde geluiden. Als je als bouwer terugkomt in een gemeente kun je vaak dezelfde mensen als de vorige keer in je SROI-project van de bank halen om in te zetten. Dat is natuurlijk verre van duurzame arbeid waar we wel voor staan. Mede om deze reden hebben we de Verantwoord Bouwen Toets gelanceerd. Een tool om, bijvoorbeeld de gemeente als opdrachtgever, de juiste keuze voor haar eigen burgers te laten maken en de kans op bestendig, veilig en eerlijk werk te vergroten. Oftewel: een baan met perspectief. Met training om je vak veilig en goed te kunnen doen. En tegen een eerlijk salaris met goede secundaire voorzieningen onder een nette cao. De Bouw & Infra cao.
Hans Crombeen Bestuurder FNV
Binnen de werkgroep
Maatschappelijk Verantwoord
Opdrachtgeverschap breng ik bewust het perspectief van het mkb in, omdat daar maatschappelijke doelen elke dag in de praktijk worden waargemaakt. Tegelijkertijd kijk ik met de blik van een gemeenteraadslid in een grote stad: ik ken de bestuurlijke dynamiek, de publieke verantwoordelijkheid en de druk waaronder gemeenten hun afwegingen moeten maken. Juist daarom geloof ik in de kracht van samenwerking tussen publieke opdrachtgevers en het mkb. Wanneer beleid en praktijk elkaar vroegtijdig vinden, ontstaan opdrachten die zowel ambitieus als uitvoerbaar zijn: bijvoorbeeld door werk slim op te knippen en toegankelijk te maken voor het mkb. In de werkgroep bouwen we continue aan die brug, samen met gemeenten en andere publieke partijen. Want echte maatschappelijke verantwoordelijkheid ontstaat niet in vergaderzalen, maar daar waar bestuur en werkvloer elkaar het voordeel van de twijfel gunnen.
Jaap van de Burgt
Manager beleid & public a airs mens & werk
Bouwend Nederland
David van Swol
Manager Sociale Zaken & Arbeidsverhoudingen
Aannemersfederatie
De Werkgroep Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen is een prima initiatief van cao-partijen Bouw & Infra, van werkgevers en vakbonden samen. Dat mag best uniek worden genoemd. Samen eensgezind werken aan de ondersteuning en ‘ontzorging’ van opdrachtgevers. We leven in een land met de nodige wet- en regelgeving die soms erg complex is. Het doel een veiligere werkomgeving te scheppen, eerlijke lonen, naleven van arbeidsvoorwaardelijke regels en een gelijk speelveld voor het bedrijfsleven, om er zo maar een aantal argumenten uit te gooien. Niet in de laatste plaats willen we opdrachtgevers ondersteunen bij de wijze waarop we gemotiveerde mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt duurzaam naar onze mooie bedrijfstak kunnen geleiden. Een win-winsituatie voor de individuele medewerker, werkgever en samenleving. Daar werk je graag aan mee.
Gijs Lokhorst Sectorleider Bouw CNV
Cliënten Cordaan aan de slag bij VolkerWessels en Dura Vermeer
‘Positief verrast door de stappen die mensen zetten’
Van de dagbesteding naar de bouwplaats. Een aantal cliënten van de Amsterdamse zorgorganisatie Cordaan heeft deze ‘uitstap’ naar een bouwproject gemaakt. Annette Pasveer van VolkerWessels Inclusief was positief verrast door wat mogelijk bleek. Het Bureau Social Return van de gemeente Amsterdam zorgde ervoor dat bepaalde investeringen in zulke projecten als social return kunnen gelden, vertelt manager Giancarlo Carboni.
VolkerWessels Inclusief probeert op allerlei manieren mensen met een ondersteuningsbehoefte mee te laten doen in het werkende leven.
Annette Pasveer, directeur van dit onderdeel van een van de grootste bouwers van Nederland, heeft dus ervaring met diverse doelgroepen.
VolkerWessels werkte echter niet eerder met mensen met een dagbestedingsindicatie. ‘Toch zijn er best werkzaamheden te bedenken waarvoor je niet minimaal een mboopleiding op niveau 1 of 2 nodig hebt. En het is natuurlijk mooi en stoer werk op zo’n bouwplaats. Je kunt later langs een gebouw rijden en
denken: daar heb ík aan bijgedragen, samen met heel veel anderen. Het teamgevoel is groot in de bouw. Dat gun je eigenlijk iedereen.’
Wederzijds op bezoek
VolkerWessels, Dura Vermeer en zorgorganisatie Cordaan maakten kennis met elkaar op uitnodiging van de lobbygroep Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeverschap Bouw en Infra. Er vond een wederzijds bezoek plaats om een kijkje in elkaars wereld te nemen. Pasveer: ‘Dura Vermeer deed mee vanuit de infra-kant en ik had de pet van de bouwwereld op. Bouw en infra
waren dus beide vertegenwoordigd. En Cordaan heeft een werkplaats waar zowel voor de bouw als voor de infra werk gedaan kan worden.’ Bij de kennismaking was ook de Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland (VGN) betrokken. ‘Wij hebben iedereen meegenomen naar een grote bouwplaats, zodat ook de mensen van Cordaan en de VGN zagen hoe het eraan toegaat in de praktijk. En hoe belangrijk veilig werken op zo’n plek is.’
De wederzijdse kennismaking resulteerde in verdere plannen.
Een aantal Cordaan-cliënten ging uiteindelijk in de eigen werkplaats
aan de slag met bekistingen die gebruikt worden bij het storten van beton. Ook waren zij aanwezig bij de daadwerkelijke betonstort op de bouwplaats.
‘Mooi project mogelijk gemaakt’
Bij de gemeente Amsterdam, opdrachtgever van het betreffende project, werd ondertussen gewerkt aan het toekennen van social return-waarde aan de inzet van Cordaan-cliënten bij het bouwproject.
‘Dagbesteding en social return vormen geen vanzelfsprekende combinatie’, zegt Giancarlo Carboni, manager van het Bureau Social Return van de gemeente. Social return draait (ook) om toetreding of terugkeer naar de arbeidsmarkt, wat voor dagbestedingscliënten
Sla de brug tussen bouw en zorg
Ben jij als opdrachtgever, opdrachtnemer of zorgorganisatie benieuwd naar de kansen van samenwerking tussen bouw en zorg?
Annette Pasveer van VolkerWessels Inclusief geeft deze tips: Maak grondig kennis met elkaar vóór je in gesprek gaat over een concreet project. Bezoek elkaars locaties om thuis te raken in de wereld en de taal van de ander.
Zorg voor begeleiders die zowel de bouw als de zorg goed kennen. Voor werken op een bouwplaats is een VCA-certificaat vaak verplicht. Het is belangrijk om mensen met een leerbeperking de kans te geven dat certificaat te behalen. De zorginstelling heeft de kennis om cliënten hierbij te begeleiden. Maak hier gebruik van om hun kans op succes te vergroten. Voor sommigen zal dit het eerste diploma van hun leven zijn. En dat zorgt voor een enorm gevoel van trots bij alle betrokkenen.
doorgaans niet speelt. ‘Maar we zagen dat dit een mooi project is, waarbij goede dingen gebeuren voor Amsterdammers. Daarom hebben we mogelijk gemaakt dat een deel van de werkzaamheden het stempel social return krijgt.’
De gemeente Amsterdam tekende een samenwerkingsovereenkomst met cao-partijen in de bouw en infra en met de VGN om de brug te slaan tussen de zorg en de bouw.
Carboni: ‘Naast die algemene samenwerkingsovereenkomst hebben we voor het betreffende project een partnerovereenkomst getekend met
voorwaarden om bepaalde kosten als social return te declareren. Dan gaat het bijvoorbeeld om de begeleiding bij het maken van die betonbekistingen of extra materiaal omdat werkzaamheden bij deze doelgroep wellicht niet in één keer goed gaan.’
Met stapjes vooruit
Voor VolkerWessels Inclusief was de social return-constructie geen halszaak, zegt Pasveer. ‘Voor ons zijn inclusiviteit en medemenselijkheid de belangrijkste drijfveren. Als je mensen
in kleine stapjes meeneemt, blijken ze veel meer te kunnen dan je vooraf denkt. Dat heeft mij positief verrast. We willen ook graag een vervolg geven aan deze samenwerking. Zo zien we, samen met Cordaan, mogelijkheden om werkzaamheden óp de bouwprojecten uit te voeren zoals het verwijderen van stickers of aanbrengen van afsluitingsbandjes. Veilig werken is hierbij uiteraard het belangrijkste, maar daarnaast ook meedraaien in het uitvoeringsteam.’
Rutger Groot Wassink, wethouder Sociale Zaken, Diversiteit en Democratie in Amsterdam:
‘We hebben een groep mensen in beeld gebracht die normaal gesproken niet zomaar op een bouwplaats terechtkomt. Dat dit nu kan, stap voor stap, is een historisch moment.’
De Brug naar jouw Toekomst
Haagse samenwerking verbindt mensen en bouwopgave
Den Haag wil inwoners met afstand tot de arbeidsmarkt helpen om aan het werk te gaan. Het liefst in een sector waar de nood hoog is, zoals de bouw en infra. Het samenwerkingsverband
De Brug naar jouw Toekomst brengt deze werelden bij elkaar. Met succes, zo blijkt uit de ervaringen van Roderik van Geel, programmamanager Coalitie Wonen, Onderwijs en Werk Den Haag en Eelke Klerks, bedrijfsleider bij de Coen Hagedoorn Bouwgroep.
De Brug naar jouw Toekomst begon in 2022 als samenwerking tussen de gemeente Den Haag, woningcorporaties Haag Wonen, HOF Wonen en Staedion en ROC Mondriaan. Hierbij zijn de grote woning- en klimaatopgaven in de stad direct gekoppeld aan werk- en ontwikkelkansen voor inwoners. Centraal staat dat opdrachtgevers en opdrachtnemers samen social return-opgaven invullen, zodat er een duurzame instroom en betrokkenheid ontstaat.
Van Geel: ‘De gemeente probeerde eerder mensen naar sectoren met personeelstekort te leiden, zoals bouw en infra, maar als partij alleen lukte dat niet. Door nu gezamenlijk op te trekken, maken we pas echt impact.’
Eerst ervaren
Tijdens de zogeheten doe-dagen, vaak op locaties van het ROC Mondriaan, maken inwoners van Den Haag kennis met het werk in de bouw. Verschillende bouw- en infrabedrijven laten er hun dagelijkse werkzaamheden zien, zoals schilderen, dakdekken en grond- of sloopwerk. Van Geel: ‘Mensen kunnen hier echt het werk ervaren. Ze steken zelf de handen uit de mouwen.’
Wordt iemand enthousiast, dan volgt een kort en praktisch leertraject van maximaal twaalf weken. Deelnemers krijgen een training op mbo niveau 0. ‘We vragen de minimale vaardigheden om te
Tekst Barbara Hoogsteden Foto’s
Mohamed Baba, Bestuursvoorzitter Haag Wonen:
‘Volkshuisvesting betekent voor mij naast goed, jn en prettig wonen, ook duurzaam bijdragen in onze wijken en buurten aan perspectief op werk en onderwijs. Dit doen wij nooit alleen, altijd samen met onze partners en leveranciers.’
kunnen beginnen. Ben je gemotiveerd, fit genoeg en spreek je de taal zodat je de training kunt volgen? Dan mag je aan de slag: eerst met één dag in de week op het ROC, maar snel op–bouwend naar een stageperiode. Daarna stroom je door naar een contract van minimaal zeven maanden, mét begeleiding op de werkvloer.’
Warm hart
Volgens Eelke Klerks is die begeleiding cruciaal. De Coen Hagedoorn Bouwgroep is vanaf het eerste uur betrokken bij De Brug naar jouw Toekomst. Met 28 vestigingen in Nederland werken zij in alle disciplines van de aannemerij. ‘Op de werkvloer heb je de juiste man nodig die deze aanpak een warm hart toedraagt en het leuk vindt om een deelnemer te begeleiden. Je bent een soort buddy. Je moet met beide benen op de grond staan. Deze mensen zitten niet voor niets thuis. Soms zijn er schuldproblemen of spelen er praktische zaken, zoals vervoer. De gemeente helpt daar actief bij. Als bedrijf kun je dat vaak niet oplossen. Daarom is het belangrijk dat de sociale partners hun rol pakken. Zo kunnen wij ons richten op goed werkgeverschap.’
Klerks zegt dat daar de kracht van deze samenwerking ligt. ‘Social return wordt bedrijven vaak opgelegd. Dan voelt het als een verplichting. Hier doen we het echt samen, met corporaties, gemeente en onderwijs. Dat maakt een groot verschil. Duurzame instroom vraagt om samenwerking, realisme én betrokkenheid. Niet opgelegd, maar gedragen.’
Inmiddels werken er twee vaste medewerkers bij Coen Hagedoorn die via De Brug naar jouw
Toekomst zijn ingestroomd. Van Geel: ‘En dit jaar gaf op de doe-dag een dakdekker uitleg over zijn werk, die zelf ook dit traject heeft doorlopen. Dat is geweldig. Dat is het tastbare bewijs wat het uiteindelijk oplevert. Mensen krijgen perspectief: een vak, een inkomen en doorgroeimogelijkheden. Maar ook steeds meer bedrijven zijn enthousiast. De Brug naar jouw
Toekomst bestaat nu uit zo’n zestig werkgevers uit de bouw en infra. Opdrachtgevers, bedrijfsleven, onderwijs en de gemeente realiseren zich dat ze dit niet alleen kunnen. Met elkaar bereik je meer en met succes.’
Geef statushouders een kans en ontdek wat het oplevert
Statushouders willen niets liever dan meedoen. Toch staan in Rotterdam nog duizenden mensen aan de kant. Met de pilot Nieuwkomers Z-route laten de gemeente, woning–corporatie Havensteder en diverse bouw- en infrabedrijven zien hoe het wél kan.
De Z-route is bedoeld voor statushouders die moeite hebben met leren of analfabeet zijn. Zij hebben baat bij een praktijkgerichte aanpak waarin taalonderwijs en werkervaring gekoppeld worden. Werkgevers spelen hierin een sleutelrol: zij bieden niet alleen een werkplek, maar vooral een kans om te groeien en te integreren. ‘Het draait om meedoen in de maatschappij’, zegt Marja Talen, accountmanager bij de gemeente Rotterdam. Rotterdam telt ongeveer 3.000 statushouders in de bijstand. Niet al deze mensen volgen de Z-route. Landelijk doet ongeveer een derde van de inburgeraars dat, in regio Rijnmond gaat het om zo’n 800 mensen per jaar. De gemeente zoekt daarom gericht naar werkgevers die participatieplaatsen kunnen bieden in sectoren als bouw, techniek, zorg, horeca en logistiek.
Samenwerking met SNTR
De pilot Nieuwkomers Z-route is een initiatief van cao-partijen Bouw & Infra en de gemeente, bedoeld om mensen al tijdens hun inburgering kennis te laten maken met het werken in de sector. Deelnemers volgen naast taallessen participatie-uren, die tijdens de pilot worden ingevuld bij bouw- en infrabedrijven. Stichting Nieuw Thuis Rotterdam (SNTR) speelt hierin een centrale rol: zij begeleiden deelnemers bij praktische zaken en vormen de schakel tussen nieuwkomers, gemeente en werkgevers. ‘Dankzij SNTR kunnen we maatwerk bieden en snel schakelen’, vertelt Talen. ‘We zien direct waar extra ondersteuning nodig is en welke werkplek het beste past.’
Werkgevers als motor van succes
De pilot draait om werkgevers die bereid zijn om in mensen te
investeren. ‘De statushouders die deze route volgen, zijn gemotiveerde werkers’, zegt Talen. ‘Hun inzetbaar–heid is echter beperkt, omdat deel–nemers maar één dag per week mogen werken en de taal nog leren. Dat vraagt om geduld en flexibiliteit. Toch pakt het in de praktijk vaak positief uit: velen hebben al ervaring in hun land van herkomst en leren vaktaal vooral op de werkvloer.’ Ook woningcorporatie Havensteder wilde als opdrachtgever het goede voorbeeld geven en bood een plek in het serviceteam Onderhoud.
Kleine moeite, groot effect Het serviceteam van Havensteder bestaat uit 24 vakmensen die kleine reparaties uitvoeren voor huurders. Teamleider Barry Kruithof kreeg via zijn manager de vraag om te bekijken of er ruimte was om een deelnemer
Pilot Nieuwkomers Z-route
een kans te geven. ‘We kozen voor Hekmat vanwege zijn bouwervaring en motivatie’, vertelt hij. ‘Voor ons is het een kleine moeite om iemand één dag per week te laten meelopen. We zijn bovendien een erkend leerbedrijf, dus dat past.’ Sindsdien gaat Hekmat elke dinsdag op pad met leermeester Tim Bieseman. ‘Het werk gaat heel goed. We brengen hem vaktermen
bij en helpen hem zijn plek te vinden.
In het begin was hij gesloten, maar inmiddels schuift hij steeds vaker aan bij de lunch.’
Een eerlijke kans Kruithof bekijkt het nuchter. ‘Krijg je een lijst met geschikte kandidaten? Vertrouw daar dan op. Je zit nergens aan vast: als het niet werkt, neem
je tijdens of na het traject afscheid. Maar als het wél klikt, kun je iemand een contract aanbieden. Bij Hekmat zou dat zomaar kunnen gebeuren.’ Zijn boodschap is simpel en krachtig: geef mensen een eerlijke kans.
‘Denk aan de kansen die jij zelf hebt gekregen om te komen waar je nu bent.’
Sander Uiterwaal, bestuurder Havensteder:
Aandacht voor jongeren in het speciaal onderwijs
‘Met
de juiste begeleiding kunnen ze tot vaklieden uitgroeien’
Broeren & Das Bouwbedrijf leidt al jaren jongeren op die speciaal onderwijs volgen. ‘Het is mooi om te zien hoe ze op enig moment uit hun schulp kruipen’, stellen directeuren Remco
Broeren en Jurgen Das.
Met zo’n tien vaklieden werkt Broeren & Das Bouwbedrijf tegelijkertijd aan diverse projecten, variërend van nieuw- en verbouw tot herbestemmingsprojecten en bouwprojecten die vallen onder de Wet Maatschappelijke Ondersteuning. ‘Bij WMO-projecten gaat het vaak om aanpassingen in de woning waardoor mindervalide kinderen thuis kunnen blijven wonen’, vertelt Remco Broeren.
diverse taken uit te voeren. Denk aan voorbereidende werkzaamheden, opruimen of gipsplaten schroeven. Iedere stagiair vergt een eigen aanpak en daar passen we onze begeleiding op aan. Gaandeweg zien je hun zelfvertrouwen groeien.’
‘Bij Havensteder zijn we van mening dat iedereen van waarde is. Daarom vinden wij het belangrijk om statushouders, zoals Hekmat, te helpen een start te maken in hun nieuwe land. Dat doen we met een thuis en met een leerwerktraject.’
Beide directeuren hebben zelf een kind dat in de schoolbanken niet goed op zijn plek zat. Zo kwamen ze in contact met speciaal onderwijs. ‘Wij zien het als onze verantwoordelijkheid om jonge mensen met een beperking – denk aan autisme, een medisch dossier of niet passend in het traditionele onderwijssysteem – op te leiden in ons prachtige vak. We zijn inmiddels al meer dan acht jaar een erkend leerbedrijf. Ervaren leermeesters brengen deze groep de kneepjes van het vak bij. In 2025 heeft samenwerkingsorganisatie Beroepsonderwijs Bedrijfsleven ons als ‘Beste Leerbedrijf van Nederland’ in de sector Techniek en Gebouwde Omgeving genomineerd. Een trots moment voor ons beiden.’
Overzichtelijke periode
Stagiairs, meestal jongens tussen de 14 en 17 jaar, komen eerst met hun schoolbegeleider kennismaken. ‘Een overzichtelijke periode, van een paar dagen tot een aantal weken. Ze gaan dan mee naar het werk om daar
Zo’n stage kan best spannend zijn, en daarom gaan Remco en Jurgen altijd op zoek naar persoonlijke raakvlakken. ‘Denk aan sport of hobby’s. Na een dag zie je ze opener worden, mede dankzij de manier waarop onze medewerkers hen betrekken. We proberen de jongeren iets bij te brengen en zelfvertrouwen te geven zodat ze na de stageperiode een nieuwe uitdaging durven aangaan. We hebben het zelfs meegemaakt dat ouders ons huilend van blijdschap opbelden om ons te bedanken.’
Uitgroeien tot vaklieden Niet alles gaat echter van een leien dakje. Jurgen besluit: ‘Leerlingen zijn jong, weten vaak niet wat ze willen en hebben soms moeite met lange werkdagen. Bij een medisch dossier kan het helemaal een puzzel worden. Maar we doen er alles aan om hen met de bouw kennis te laten maken. Het vergt tijd en aandacht, subsidiemogelijk–heden ontbreken vaak. Maar met de juiste begeleiding kunnen we hen tot vaklieden laten uitgroeien.’
Tekst Brandy van Gerven
Handgemaakt met trots, het verhaal achter bijzondere bouwpakketten
Bij Van Miltenburg Bouw & Onderhoud, onderdeel van de VB Groep, zit maatschappelijk verantwoord ondernemen in het DNA. Dus toen de lobby Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeverschap een pilot voorstelde met zorginstelling Abrona en de Vereniging Gehandicapten Zorg stond directeur Arno Vos daar meteen voor open. ‘Wij dragen het sociale aspect hoog in het vaandel. Dat is een vanzelfsprekend onderdeel van hoe wij werken.’
De pilot richt zich op een groep mensen met een verstandelijke beperking. In eerste instantie was het idee om hen in de werkplaats mee te laten draaien, maar dat bleek niet makkelijk uitvoerbaar. Directeur Arno Vos van Van Miltenburg: ‘De groep heeft intensieve begeleiding vanuit Abrona nodig. In de praktijk bleek het een uitdaging om dat te regelen. Het geeft maar weer aan dat je op papier met elkaar iets heel moois kan bedenken, maar dat het in de praktijk anders kan uitpakken. Voor alle betrokken partijen een goed leerproces.’
Bouwpakketten
In plaats van het plan los te laten, zochten ze naar een creatieve oplossing. Met succes. De deelnemers van Abrona maken op
hun eigen werkplaats bouwpakketten voor plantenbakken en vogelhuisjes. Vos: ‘Wij werken alles voor ze uit in duidelijke bouwtekeningen, echt in Jip-en-Janneke-taal. Met maten, boorgaten en stappen, zodat iedereen ermee aan de slag kan. Vervolgens gaan deze bouwpakketten naar de JINC stagiaires bij ons op de werkvloer.’
JINC organiseert korte stages en beroepsoriëntatiedagen voor leerlingen uit wijken met minder kansen. Iedere maand ontvangen medewerkers van Van Miltenburg een schoolklas. Samen met een werkplaatstimmerman maken de kinderen de plantenbakken en vogelhuisjes op basis van de bouwpakketten. ‘Zo snijdt het mes aan twee kanten. We geven mensen
met een beperking eigenwaarde en betekenisvol werk én we inspireren jongeren om te zien wat er mogelijk is in de bouw.’
Aart Bertijn, senior beleidsadviseur bij VGN is blij met deze oplossing. ‘Wij vinden dat mensen met een beperking een betekenisvol leven moeten kunnen leiden. Met het maken van de bouwpakketten leveren ze echt werk en kunnen ze zich ontwikkelen. Ze doen ertoe. Dat is heel belangrijk voor hen. Van Miltenburg maakt dit mogelijk.’ Volgens Vos onderstreept deze pilot de maatschappelijke rol van de sector. ‘Natuurlijk draait ondernemen om rendement, maar ook om verantwoordelijkheid. Dit project geeft daar een concrete en dankbare invulling aan.’
Sociaal bouwen bij Van Miltenburg
Van pilot naar dagelijkse praktijk
SROI krijgt vorm bij Dura Vermeer
Dura Vermeer Infra Regio Noord West werkt duurzaam samen met de Hartekamp Groep, een organisatie voor mensen met een verstandelijke beperking. Rob Stender, projectleider bij de infrabouwer en verantwoordelijk voor de SROI-invulling, merkt dat aannemers en opdrachtgevers geïnteresseerd zijn als hij vertelt over de bijzondere synergie tussen zijn collega’s en de medewerkers van de Hartekamp Groep. ‘Het zaadje is geplant. Ik word steeds vaker gevraagd hoe wij dit precies aanpakken.’
In september 2023 zette Dura Vermeer de eerste stappen richting SROI-samenwerking met een zorgorganisatie in Amsterdam. Deze pilot met Cordaan liet zien dat er nuttig werk in de infrasector mogelijk is voor mensen uit de werk- en dagbesteding, vertelt projectleider Rob Stender van Dura Vermeer. De positieve ervaring vormde de basis voor verdere uitbreiding van SROIprojecten. Zo vroeg CT de Boer, een bevriende relatie, aan Stender of hij een oplossing kende voor het verwijderen van 40.000 m² folie van een staalconstructie. Hiervoor legde hij contact met de Hartekamp
Groep in Bennebroek. Zij pakten de werkzaamheden voortvarend op. Hierna volgde het gereedmaken van gebruikte rotondeblokken, waarvan kit- en specieresten verwijderd moesten worden voor hergebruik bij een nieuw project in Almere. ‘Het werk met de machines bleek eigenlijk te zwaar voor de werknemers van de Hartekamp Groep. We hebben daarop onze onderaannemer Rowij ingezet, met als voorwaarde dat de werknemers van de Hartekamp Groep mochten meehelpen. Zij vonden al snel hun rol in het schoonhouden en opruimen van de werkplaats, het wisselen van de accu’s, maar ook
het verzorgen van de koffie’, aldus Stender. ‘Dit droeg zeker bij aan de efficiëntie en het werkplezier bij de onderaannemer.’
Investering
De inzet van collega’s met afstand tot de arbeidsmarkt vraagt wel wat van de bedrijven. ‘Allereerst moet er voldoende ruimte in de planning zijn om vertraging op te vangen. Het is een investering: soms moeten dingen twee keer uitgelegd worden en soms moeten zaken overgenomen worden door reguliere krachten. Er is echter altijd een begeleider bij om de voortgang te bespreken en het
werk anders in te richten’, vertelt Stender. ‘De voordelen van deze samenwerking zijn duidelijk. Onze collega’s houden hun handen vrij voor specialistisch werk, terwijl taken die eenvoudig en repeterend zijn met grote inzet worden uitgevoerd door de Hartekamp. Zij doen nuttig werk en hun werkplezier en enthousiasme wordt ook door onze eigen collega’s erg gewaardeerd.’
De samenwerking breidt zich inmiddels uit naar leveranciers, zoals logistiek partner Vrijbloed in Haarlem, die in een pilot op de circulaire hub van de gemeente Haarlem kapotte pallets laat repareren door de Hartekamp. Zo ontstaat een ketenaanpak waarin de SROIverplichtingen niet alleen bij Dura Vermeer liggen, maar gedeeld wordt met partners en opdrachtgevers.
Diana van Loenen, wethouder Werk en Inkomen van Haarlem:
‘Contractpartners van de gemeente Haarlem hebben in 2024 201% van de totale SROI-eis gerealiseerd die we stellen van alle contracten en subsidies. Dat betekent dat 750 mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt voor langere of kortere periode op werk geplaatst, gebleven of dichter bij werk gebracht. Dit percentage is het hoogst behaalde SROI-percentage van de laatste jaren. Dura Vermeer is een van die contractpartners. Samen bouwen we aan projecten die zichtbaar zijn in de stad én voelbaar in kansen voor mensen.’
Samenwerking bouwsector en werkontwikkelbedrijven
‘We kunnen een win-winsituatie creëren’
Vera Hartkamp werkt bij BAM én is toezichthouder bij een werkontwikkel–bedrijf. De ideale positie om de brug te slaan tussen die beide werelden. Dat doet ze dan ook graag. ‘Mensen worden blijer als ze ertoe doen.’ Bovendien snijdt het mes aan twee kanten: ‘Met de grote bouwopgave die we in Nederland hebben, kunnen we extra mensen goed gebruiken.’ Hartkamp verkent de mogelijkheden om via een werkontwikkelbedrijf mensen werk te bieden bij BAM.
De gedachte is zó voor de hand liggend, dat je er wat Vera Hartkamp betreft nauwelijks woorden aan hoeft te wijden: mensen met een ondersteuningsbehoefte staan op de arbeidsmarkt vaak aan de kant. Ze hebben daardoor het gevoel dat ze er nauwelijks toe doen in de samenleving. Ondertussen kampen bedrijven met flinke personeelstekorten. Dan ligt het toch voor de hand dat je op zoek gaat naar de win-winsituatie?
Hartkamp werkt bij BAM Energie en Water. Daarnaast is ze toezichthouder bij de Tomingroep, het gezamenlijke werkontwikkelbedrijf van acht gemeenten in Almere en de Gooi- en Vechtstreek. Daar ziet ze wat het voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt kan
betekenen om in een regulier bedrijf te werken én hoe goed werkontwikkelbedrijven dat kunnen regelen en begeleiden. ‘Het is mooi om te zien dat mensen blijer worden als ze van toegevoegde waarde zijn.’
Opslag en onderhoud BAM heeft, als grootste bouwer van Nederland, allerhande werkzaamheden die gedaan moeten worden. ‘Ook werkzaamheden die heel geschikt zijn voor mensen met een ondersteuningsbehoefte’, vindt Hartkamp. ‘Denk aan BAM Materieel in Lelystad waar keten, steigers en hekken worden opgeslagen, totdat ze door kunnen naar het volgende bouwproject. Ondertussen moeten ze worden schoongemaakt, onderhouden, soms gerepareerd.
Tekst Berber Bijma Foto’s Tomin Groep
Ingeborg van der Vorm, Rijkswaterstaat, Senior adviseur Sociale Duurzaamheid & Impact, Groeituin Social Return:
‘Juist in werkzaamheden zoals onderhoud en logistiek ligt een kans om talent zichtbaar te maken. Bij Rijkswaterstaat geloven we dat elk project ruimte biedt voor inclusie. Door samen te werken met partners zoals BAM benutten we deze kansen: zinvol werk voor mensen, continuïteit voor projecten en maatschappelijke waarde voor de keten.’
Dat is heel zinvol en noodzakelijk werk.’ Een mooie bijkomstigheid is de social return. Hartkamp: ‘De BAM-strategie Building a sustainable tomorrow geldt niet alleen voor de bouw, maar ook voor de duurzame inzetbaarheid van mensen.’ Het inzetten van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt in de bouw hoeft niet zo heel ingewikkeld te zijn, vindt Hartkamp. ‘Op termijn zou het mooi zijn als we bij wijze van spreken op één A4 hebben vastgelegd welke stappen je voor zo’n samenwerking moet zetten en welke business case daaronder ligt.’
Stereotypen overwinnen Leendert Bos, programmamanager Innovatie bij Cedris, onderschrijft de woorden van Hartkamp. Cedris is de vereniging voor de inclusieve arbeidsmarkt, waarbij zo’n honderd werkontwikkelbedrijven zijn aangesloten. Ook Bos spreekt van een win-winsituatie: mensen met afstand
tot de arbeidsmarkt hebben baat bij regulier werk en bedrijven hebben baat bij deze – relatief nieuwe – groep medewerkers. ‘Als werkgever vind je het schaap met de vijf poten niet meer, dus je moet bedenken hoe je je werk anders kunt organiseren, zodat je mensen met diverse talenten goed kunt inzetten.’
Tussen de wereld van de bouw en die van de werkontwikkelbedrijven spelen wederzijdse stereotypen nog wel een rol, ziet Bos. ‘De bouw heeft het imago van zwaar, masculien werk en andersom: mensen die via werkontwikkelbedrijven werken, worden gezien als mensen die niet bij ons passen. Toch blijkt er in de praktijk heel veel mogelijk, vooral met een goede introductie en begeleiding.’
Technologische hulp
Goed nieuws in tijden van personeelskrapte: die begeleiding hoeft niet alleen maar door mensen te worden gedaan. Bos: ‘Er zijn al best
veel plekken waar bijvoorbeeld VRbrillen of projectiesystemen worden ingezet om mensen stap voor stap te begeleiden. Een productieruimte waar prefab-onderdelen worden gemaakt of geassembleerd, leent zich daar bijvoorbeeld goed voor. Overigens gebruiken ook mensen die géén ondersteuningsbehoefte hebben, dit soort technieken. Hetzelfde geldt voor vertaaltechnieken, die belangrijk kunnen zijn als je nietNederlandstalige mensen aanneemt.’ Daarnaast zijn werkgevers soms niet op de hoogte van regelingen die het aantrekkelijk maken om mensen in dienst te nemen, zoals een loonkostensubsidie of een noriskpolis voor het geval een nieuwe medewerker uitvalt. Kortom: tijd om deze talenten te ontdekken en voorbij de koudwatervrees te kijken, zegt Bos. ‘Met als leidend principe: denk groot en begin klein.’
‘Wij waarderen de inzet van Heijmans op dit project om zich verder te verdiepen in de mogelijkheden om invulling te geven aan SROI. De uitdagingen die we tegenkomen in dit project zijn mooie leerlessen die we kunnen meenemen in toekomstige projecten en contracten. Wij dragen er graag aan bij dat steeds meer mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt aan de slag kunnen en wij zien een rol voor ons als publieke opdrachtgever om dit te stimuleren.’
Drempels tussen intentie en praktijk
‘We willen heel graag tóch iets voor ze regelen’
Johan van der Velden, senior projectmanager bij Heijmans, zou mensen met een arbeidsbeperking graag betrekken bij de herontwikkeling van het voormalige postkantoor De Nieuwe Post in Arnhem. Maar tussen intentie en praktijk liggen soms drempels.
Van der Velden kwam in 2023 via het utiliteitsproject in Arnhem van opdrachtgever Rijksvastgoedbedrijf, voor het eerst in aanraking met Social Return On Investment (SROI). Om een indruk te krijgen van de mogelijkheden bezocht hij met zijn medewerkers de productielocatie van Qrackers waar ondernemer Geert Vonk samenwerkt met Driestroom, zo vertelt hij. Mensen met een beperking krijgen hier de kans om als dagbesteding betekenisvol werk te verrichten dat past bij hun mogelijkheden. Het leidde tot enthousiasme bij het hele bouwteam. ‘De cruciale vraag is: wat kunnen we betekenen voor elkaar?’
Toch is het vooralsnog niet gelukt om mensen met een arbeidsbeperking te betrekken bij de herontwikkeling van het voormalige postkantoor in Arnhem. ‘Het eerlijke verhaal is dat het lastig kan zijn om deze doelgroep op een bouwplaats in te zetten’, zo vertelt Van der Velden.
Volgens hem zijn er twee aspecten die daarbij een rol spelen. ‘Ten eerste veiligheid. Vanwege hoog-risicoactiviteiten op de bouwplaats zijn werknemers verplicht een VCA- en GPI-certificaat te behalen. Kunnen we mensen uit deze doelgroep die toetsen zelfstandig en succesvol laten afronden? Zo niet, dan zou je eenop-een begeleiding op de bouwplaats moeten organiseren.’
daarvoor buffers in te bouwen.’ Je moet ruim van tevoren het product naar de werkplaats sturen en een tussenopslag regelen, zo verduidelijkt hij. Ook was hier een grote afname nodig. ‘Voor het bekleden van trappen wilden we bijvoorbeeld tweehonderd kistjes laten timmeren, maar die repetitie bleek voor Driestroom veel te klein.’
Onder veilige condities
Omdat die optie niet haalbaar bleek, keek Van der Velden naar mogelijkheden om werkzaamheden van de bouwplaats weg te halen en ‘onder veilige condities’ in een sociale werkplaats te laten uitvoeren. Hij benoemt een tweede aspect: ‘Op een bouwplaats wordt een continue productie gevraagd, omdat de planning vaak onder druk staat. Als je samenwerkt met een dagbestedingslocatie of een sociale werkplaats inzet, dan is het nodig
Het project wordt voorjaar 2027 opgeleverd, daarna volgt een vijftienjarig onderhoudscontract. Van der Velden houdt ogen en oren open, want het bezoek aan Qrackers en Driestroom zorgde voor een grote intrinsieke motivatie binnen het team, zo vertelt hij. ‘We proberen continu scherp te zijn: komt er toch nog iets tussendoor? Is er een halffabricaatbijvoorbeeld het in elkaar zetten van een stekkerdoos - dat we kunnen uitbesteden aan Driestroom? Het zou heel gaaf zijn als we tóch iets voor ze kunnen regelen.’
‘We gaan mensen duurzaam aan het werk helpen’
Unieke SROI samenwerking in Midden-Limburg
Te vaak blijft social return beperkt tot een projectgebonden verplichting, met hoge administratieve lasten en weinig blijvend effect. In Midden-Limburg ontstaat nu een regionale samenwerking die deze aanpak fundamenteel moet veranderen. Wethouder Geert Frische van gemeente Echt Susteren: ‘We gaan mensen duurzaam aan het werk helpen. Dat is een sterk gedeelde intentie in onze regio.’
Beatrice Dormans, regiomanager bij Bouwend Nederland, herkent de noodzaak: ‘Infrabedrijven kregen boetes omdat ze niet voldeden aan hun SROI verplichting. Maar werken in de infra vraagt meer vaardigheden dan soms wordt aangenomen.
Daarnaast investeren bedrijven vaak maar voor de duur van één project in iemand. Dat is inefficiënt en weinig duurzaam.’ De behoefte aan een andere aanpak was duidelijk: meer continuïteit en focus op langdurige instroom. Inmiddels is het initiatief uitgegroeid tot een samenwerking tussen elf infrabedrijven, Technisch Opleidingscentrum Zuid, Gilde Opleidingen, arbeidsmarktregio Midden Limburg, zeven gemeenten, de provincie en waterschap Limburg. Centraal staat een regionale, sectorbrede aanpak waarbij SROI wordt ingezet als investering in vakmanschap.
Signalen uit de markt
De samenwerking is uniek in
omvang en opzet, bevestigt wethouder Frische. ‘Sinds 2012 hebben we social return structureel opgenomen in ons inkoopbeleid. De resultaten waren lange tijd goed, totdat bedrijven andere signalen begonnen af te geven. Soms wordt de SROI verplichting afgekocht, of worden mensen enkel ingezet voor opruimwerk. Dan bereik je niet het gewenste effect en werkt SROI vooral kostenverhogend.’ SROI coördinator Robert Paumen vult aan: ‘De huidige doelgroep heeft relatief vaak een meervoudige ondersteuningsvraag. Ze leren op een andere manier en hebben meer begeleiding nodig. Daarnaast spelen bij statushouders taal en cultuurverschillen een grote rol.’
Eerst kennismaken
Paumen licht de nieuwe werkwijze toe: ‘Een talentscout zoekt geschikte kandidaten, bijvoorbeeld jongeren uit het VSO/Pro onderwijs, statushouders en mogelijk voortijdig
schoolverlaters.’ Daarna volgt een fysieke kennismaking met het werk. ‘Veel mensen hebben geen goed beeld van werken in de infra. Op een proefterrein kunnen ze dat eerst ervaren. Als kandidaten te vroeg afhaken op een project, is dat voor iedereen demotiverend. Zeker voor hun leermeesters.’ Om die leermeesters te ondersteunen, komen er extra trainingen - de zogeheten Harry trainingen - gericht op het begeleiden van deze doelgroep. Ook worden meerdere opleidingsroutes verkend: ‘Niet iedereen haalt een mbo diploma. Daarom kijken we ook naar praktijkverklaringen en ervaringscertificaten.’
Regionale infravakschool
Een belangrijk onderdeel van de samenwerking is de ontwikkeling van een regionale infravakschool in Kelpen Oler. Technisch Opleidingscentrum Zuid en Gilde Opleidingen bundelen hun infra opleidingen op één locatie. Dormans:
‘Deze scholen bieden hier straks regulier infratechnisch onderwijs én leer werktrajecten voor de SROI doelgroep aan. Onze ambitie is om binnen twee jaar tientallen cursisten op te leiden, waarvan minimaal vijftien duurzaam instromen in de grond weg en waterbouw.’
Leren en investeren
In deze fase dragen zowel infrabedrijven als overheden financieel bij. ‘Voorgesteld is om bij gegunde infraopdrachten een
percentage van de aanneemsom in te brengen, met een maximum van 50.000 euro per opdracht. Daarmee creëren we een stevige en onafhankelijke basis voor de pilot,’ aldus Dormans. Paumen: ‘De sector heeft grote behoefte aan vakmensen. En mensen die nu langs de kant staan, zijn erbij gebaat om weer mee te doen. Met deze aanpak kunnen we hen stap voor stap kwalificeren voor waardevol werk.’ Frische ziet het brede draagvlak als een belangrijke succesfactor: ‘Natuurlijk moet je het
juridisch en financieel goed regelen. Maar als je er samen uit wil komen, lukt dat. Het is een pilot, dus we delen successen én teleurstellingen. Daar kunnen ook andere regio’s van leren. Ik heb er alle vertrouwen in dat we de goede weg inslaan.’
Tekst Brandy van Gerven Foto Ilse Leijtens
Het verhaal van Jesper de Nijs
‘Mooi hoe deze jongeren
zich
ontwikkelen als ze de kans krijgen’
Soms hebben SROI deelnemers meerdere ervaringen nodig voordat ze op hun plek zijn. Zo ook Jesper de Nijs. Eerst deed hij ervaring op in een renovatieproject van woningcorporatie Stadlander, uitgevoerd door ERA Contour. Nu helpt hij met veel plezier op de materieelwerf van De Kok Bouwgroep.
Bij woningcorporatie Stadlander is het goed gebruik om bij renovatie–projecten Social Return On Investment (SROI) mee te nemen in de uitvraag. Senior vastgoedontwikkelaar Cees Ploeg stimuleert de betrokken bouw–partijen om daarbij verder te kijken dan de buurtbarbecue. Ploeg werkt al ruim dertig jaar in de corporatiesector en voelt zich sterk verbonden met het maatschappelijke karakter van zijn werk. Hij is verantwoordelijk voor de grotere en complexe renovaties, die veelal in bewoonde staat worden uitgevoerd. Een kleine drie jaar geleden werden de 120 appartementen in de Wierlaan aangepakt. ERA Contour zag kansen om jongeren met een indicatie dagbesteding mee te laten doen. Ook Jesper maakte deel uit van het team. Leuk toeval: zijn oma en opa wonen in de flat.
Wie ervoor open staat
Ploeg: ‘In dit project moesten de bergingen worden leeggehaald. Dat bleek geen geschikte klus, want elke situatie was weer anders. Dat is lastig voor mensen met autisme, zoals Jesper. Daarom gaf ERA Contour ze een andere taak: tijdelijke schermen plaatsen in de slaapkamers. Dat ging heel goed. In het begin had Jesper nog hoogtevrees, maar op enig moment stapte hij zelfs in de bouwlift.’ Na een uitstapje met werk voor Constructif, was Jesper enthousiast geworden over werken in de bouw. Daarom klopte Stichting Onderzoek Duurzaam SROI opnieuw aan bij De Kok Bouwgroep. Daar kon Jesper aan de slag op de materieelwerf. De Kok verzorgt voor Stadlander het dagelijks en mutatieonderhoud en ook nieuwbouw. Directeur Robbert
van de Sande: ‘Voor de begeleiding van mensen die wat extra aandacht nodig hebben, vraag ik altijd eerst wie daarvoor open staat. Deze keer staken twee medewerkers van de materieelwerf hun hand op.’
Rustig opbouwen
De overdracht was heel goed, vertelt Van de Sande. Zijn begeleidster legde uit wat voor Jesper belangrijk is. Die informatie stond helder beschreven in de ‘persoonlijke handleiding’ uit het BrainsFirst-rapport van Jesper. ‘Zo wil Jesper duidelijk weten wat hij moet doen, maar hij heeft ook behoefte aan autonomie. Dat is handig om te weten. We spraken af om rustig op te bouwen, eerst een paar uur per dag. Jesper bepaalt het tempo.’ Inmiddels is hij twee dagen per week bij De Kok, wat zoals het zich laat aanzien verder
wordt uitgebreid. Volgens Van de Sande is Jesper veel opener geworden. ‘Hij heeft het naar zijn zin met John en Corné van de materieelwerf. En andersom ook. Het is essentieel dat de vaste medewerkers die de begeleidende rol op zich nemen, passen bij de persoon die de begeleiding nodig heeft. Dat ze geduld hebben en zich kunnen verplaatsen in wat iemand nodig heeft.’
Structureel laten meedoen
Wat Van de Sande een volgende keer anders zou doen? ‘Jesper helpt op een locatie waar meerdere collega’s werken en samen lunchen. Ik wilde hem geen stempel meegeven, dus de andere collega’s kenden zijn indicatie niet. Hij is heel goed
Breinvoorkeuren meten BrainsFirst is een instrument dat cognitieve capaciteiten meetbaar en voorspelbaar maakt. Met neurowetenschappelijke games worden de breinskills objectief gemeten en wordt inzichtelijk voor welke rollen het brein geschikt is. Er komt een rapport uit het instrument dat je een gebruiksaanwijzing kunt noemen voor de werknemer. Wat past goed bij iemand en wat helemaal niet? Voor de plaatsing van Jesper is BrainsFirst als proef ingezet.
ontvangen, maar een volgende keer zou ik het misschien toch van tevoren even aankondigen. Dan kunnen medewerkers waar nodig rekening met iemand houden.’ De intentie van Stadlander voor de toekomst is om samen met hun vaste bouwpartners steeds meer stappen te zetten op het vlak van SROI. Mensen met een ondersteuningsvraag structureel laten meedoen in de maatschappij, is het doel. Ploeg: ‘Naast Jesper was er op de Wierlaan nog een jongen met een indicatie, die nu op weg is naar een baan. Het is mooi om te zien hoe deze jongeren zich ontwikkelen als ze de kans én goede begeleiding krijgen. Daar doe je het voor.’
Cees Ploeg, Senior vastgoedontwikkelaar
Stadlander:
‘SROI begint bij de uitvraag en moet landen op de bouwplaats - pas dan levert het echte maatschappelijke waarde.’
Op zoek naar langetermijnoplossingen
‘Zie de mens en denk in mogelijkheden’
Bij Buursema Bouwbedrijf doen mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt ertoe. Of het nu gaat om schoonmaakwerkzaamheden bij een vertrekkende huurder of onderhoud aan de tuin: Buursema wil op deze manier zo veel mogelijk mensen werk geven. ‘Voor iedereen is er een juiste plek.’
Buursema staat bij sollicitanten bekend als een fijn bedrijf om te werken. Dat zit hem in de persoonlijke aandacht en de motivatie om voor elke medewerker de juiste plek te creëren. Een kleine drie jaar geleden kwam directeur Wim Idema in contact met de EMCO-groep, het werk–ontwikkelbedrijf van Zuidoost-Drenthe. Hier werken zo’n 1.300 medewerkers vanuit de Sociale Werkvoorziening, Beschut Werk of andere instellingen. De EMCO-groep streeft ernaar om iedereen in de regio met een afstand tot de arbeidsmarkt van werk te voorzien. Door het opdoen van werkervaring, scholing en training vergroot ieder individu namelijk zijn/haar kansen op de arbeidsmarkt. ‘Het initiële contact is organisch ontstaan’, begint Idema. ‘Als familiebedrijf wil je iets betekenen voor je omgeving. Daar hoort ook bij dat je kijkt of je werk hebt voor mensen die om een of andere reden moeilijker aan de slag komen.’
Gelijkwaardige bijdragen
de EMCO-groep. Zij bekijken welke mensen deze taken kunnen uitvoeren en begeleiden hen vervolgens. Voor ons is de EMCO-groep een vaste onderaannemer, gelijk aan andere onderaannemers met wie we samenwerken. De medewerkers van de EMCO-groep doen volwaardig mee in het proces.’
Langetermijnoplossingen
In het meerjarencontract met woningcorporatie Domesta voor dagelijks en mutatieonderhoud heeft de samenwerking concreet vorm gekregen. Wanneer een woning in orde wordt gemaakt voor de volgende huurder, is een grondige schoonmaak geen overbodige luxe. ‘Daarnaast kan de tuin vaak ook een opknapbeurt gebruiken. Hiervoor hebben we een contract gesloten met
Idema is groot voorstander van een structurele aanpak bij het inzetten van mensen die moeite hebben om zelfstandig op de arbeidsmarkt te slagen. ‘We onderzoeken of het loont om keukens die we bij mutatie vervangen, te laten opknappen. Dat is iets wat medewerkers van de EMCOgroep graag doen. SROI-eisen op projectbasis vind ik te ad-hoc; wij zoeken écht naar langetermijnoplossingen om mensen aan het werk te krijgen. En soms komt een medewerker bij ons in dienst. In dat geval kijken we goed naar wat iemand aankan. ‘Zie de mens en denk in mogelijkheden’ is dan ook ons credo. Dat geldt voor al onze medewerkers, ongeacht hun achtergrond. Wij zijn toegewijd aan onze mensen, en onze mensen op hun beurt aan de organisatie.’
Iedereen verdient een kans
‘Stap uit je comfortzone en ga eens in gesprek’
Dat bij Orly & Endevoets gelijkwaardigheid hoog in het vaandel staat, blijkt uit de manier waarop ze mensen met minder arbeidsmarktkansen begeleiden. ‘Mensen bloeien op als ze passende aandacht en begeleiding krijgen.’
In totaal werken er zestig medewerkers bij het Brabantse bedrijf waar buitengewoon planmatig onderhoud, energetisch renoveren en restaureren de hoofdmoot vormen. En het aantal medewerkers mag de komende jaren best verdubbelen, zegt HRmanager Martine van Cromvoirt. ‘We doen we het liefst zoveel mogelijk met eigen vakmensen. Voor extra capaciteit hebben we contact met scholen en kijken we naar mensen met minder arbeidsmarktkansen zoals vergunninghouders en mensen met een beperking.
De samenwerking met Weener XL, het werk- en ontwikkelbedrijf van gemeente Den Bosch, is door de jaren heen geïntensiveerd.
We nemen deel aan open koffiemomenten en kookworkshops in het Participatiehuis in Den Bosch. Hier ontmoeten werkgevers en werkzoekenden elkaar. Naast
ons college voor leerlingen van het praktijkonderwijs zetten we een tweede Orly College voor inburgeraars op.’
Structuur en duidelijke communicatie
Verder staat Orly & Endevoets ervoor open dat Weener XL periodiek met een aantal mensen langskomt.
‘Daarbij krijg je vaak te maken met cultuurverschillen, laaggeletterdheid en minder ervaring op digitaal gebied. Dat weerhoudt ons er niet van om deze groep voor de bouw te enthousiasmeren. Mensen met minder arbeidsmarktkansen zijn vaak bang dat ze ondergesneeuwd raken in een grote groep. Dan vertel ik dat wij met kleine teams werken. Bij ons oefenen ze eerst en gaan daarna pas met een leermeester op pad. Zij ontvangen hiervoor een opleiding en worden periodiek gecoacht door een Weener XL-jobcoach. Daarnaast hebben de potentiële nieuwe
medewerkers behoefte aan structuur en duidelijke communicatie. De jobcoach kan hierin ondersteunen. Voor de verminderde productiviteit krijg je als werkgever overigens een loonkostensubsidie.’
Open blik
Voor Van Cromvoirts collega’s was het in het begin best wennen. ‘Soms werden ze wat ongeduldig. Als onze directeur dat hoorde, greep hij in: iedereen krijgt een eerlijke kans om te leren. Probeer je daarom los te maken van je overtuiging en bekijk elke persoon met een open blik. Mensen bloeien op als ze passende aandacht en begeleiding krijgen.’
Diverse wegen bewandelen Iedereen die kan werken maar het zonder ondersteuning op de arbeidsmarkt niet redt, valt onder de Participatiewet. Gemeenten zijn hiervoor verantwoordelijk. Volgens Charity Timmers, accountmanager Bouw, Techniek en Energie van Weener XL, kunnen bedrijven diverse wegen bewandelen om de aansluiting op werk voor deze groep te vergroten. Dat kan variëren van informele contacten tot het faciliteren van een bedrijfsbezoek en van het opnemen van een VR-film opnemen over een bepaalde functie tot mensen in dienst nemen.
TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
Social Return in beweging: opdrachtgevers maken het verschil
Social return heeft zich de afgelopen jaren ontwikkeld tot een strategische bouwsteen voor maatschappelijk verantwoord ondernemerschap. Het is een essentieel instrument om mensen duurzaam aan het werk te helpen en tegelijkertijd bij te dragen aan ecologische en circulaire ambities.
Een inclusieve arbeidsmarkt: noodzaak én kans De arbeidsmarkt is structureel krap en dat blijft voorlopig zo.
Organisaties strijden om talent, terwijl een grote groep mensen met waardevolle vaardigheden nog vaak buiten beeld blijft. Het benutten van deze verborgen talenten – van mensen met een beperking tot statushouders en jongeren zonder startkwalificatie – wordt steeds meer gezien als een strategische kans. Niet alleen door tijdelijke inzet op projecten, maar juist door te investeren in begeleiding, scholing en doorstroom naar regulier werk. Social return verschuift daarmee van een instrument voor inkoop naar een integraal onderdeel van personeelsen organisatiestrategie.
Lokale samenwerking en zichtbare sociale impact Een opvallende ontwikkeling is de groeiende aandacht voor lokale maatschappelijke waarde. Steeds meer organisaties zoeken samenwerking met regionale opleiders, sociale ondernemingen en maatschappelijke initiatieven. Deze lokale focus vergroot niet alleen de kans op duurzame plaatsingen – werk dat perspectief biedt op ontwikkeling en inkomen – maar maakt maatschappelijke impact ook beter zichtbaar in wijken en buurten.
Tegelijkertijd ontstaan er nieuwe kansen doordat social impact wordt gekoppeld aan ecologische en circulaire doelen. Denk aan leerwerkplekken rondom afvalscheiding, circulaire logistiek, het sorteren van materialen of werkzaamheden die bijdragen aan het verminderen van reststromen.
Werkgevers ervaren dat inclusieve teams niet alleen maatschappelijk relevant zijn, maar ook bijdragen aan innovatiekracht, loyaliteit en een gezonde werkcultuur. De bredere talentenpool die hierdoor ontstaat, maakt organisaties wendbaarder en toekomstbestendiger.
Zo versterkt social return de circulaire ambities van projecten op een praktische manier en levert het kostenbesparing op door efficiënter om te gaan met grondstoffen en afvalstromen.
Duurzaamheid en uniforme kaders
Social impact staat niet langer op zichzelf. Door nieuwe duurzaamheidskaders als transparante verslaglegging over sociale prestaties, verschuift de aandacht van ‘voldoen aan eisen’ naar het creëren van zichtbare maatschappelijke waarde. Bedrijven worden gestimuleerd én uitgedaagd om inzicht te geven in hun impact, variërend van kansenongelijkheid en arbeidsomstandigheden tot materiaalgebruik en circulair werken.
Tegelijkertijd laten opdrachtnemers steeds duidelijker weten dat zij behoefte hebben aan meer uniformiteit in social return-beleid. Door de grote verschillen tussen
opdrachtgevers – uiteenlopende definities, afwijkende doelgroepen, diverse rekenmodellen en variërende bewijslasten – kost het bedrijven veel tijd en energie om aan alle regels te voldoen. Meer uniforme kaders betekent minder ad-hoc oplossingen per project en meer ruimte voor langdurige begeleidingstrajecten en partnerschappen met sociale organisaties. Daarnaast vergroot dit de opschaalbaarheid van samenwerkingen en initiatieven, omdat succesvolle werkwijzen en ervaringen eenvoudiger gedeeld en toegepast kunnen worden binnen verschillende projecten en regio’s. Zo ontstaat er een stevig fundament voor duurzame groei en bredere maatschappelijke impact.
Wie maatschappelijke verantwoor–delijkheid serieus neemt, zet social return in als motor voor duurzame groei – mét oog voor werkbare, voorspelbare en transparante regels voor alle betrokken partijen.
Een uitnodiging aan opdrachtgevers Opdrachtgevers spelen een sleutelrol in deze beweging. Met hun inkoopkracht kunnen zij richting geven aan innovaties die zowel sociale als duurzame waarde opleveren. Organisaties die Social Return strategisch inzetten, profiteren van sterkere ketensamenwerking, een toekomstbestendig arbeidspotentieel, betere aansluiting op duurzaamheidsdoelen en groter maatschappelijk draagvlak. Daarnaast maken zij het verschil door hun risico’s beter te beheersen, hun
innovatievermogen te vergroten en structureel bij te dragen aan maatschappelijke kostenbesparing.
Social Return is daarmee een kans om daadwerkelijk verschil te maken. Door te investeren in mensen en vakmanschap (sociale duurzaamheid) én in circulaire werkwijzen en slimme materiaalstromen (ecologische duurzaamheid), bouwen opdrachtgevers aan projecten die sociaal én ecologisch veerkrachtiger zijn. Zo groeit Social Return uit tot een structurele motor voor vooruitgang in projecten, wijken en de toekomst van de bouwsector.
Arjan Nihot, initiatiefnemer van De Terugwinning:
‘Bij De Terugwinning brengen we circulair werken en social return letterlijk samen. Materialen uit renovatie- en onderhoudsprojecten krijgen bij ons een nieuw leven én mensen bouwen er aan hun toekomst. Terwijl we bouwplaatsen ondersteunen met opruim- en logistieke werkzaamheden, ontwikkelen deelnemers zich richting bouwlogistiek, montage en techniek. Zo maken we circulaire ambities tastbaar en creëren we sociale impact met zichtbaar resultaat.’
De rode draad: duurzame social return is iets wat je bouwt, samen met je partners, je eigen organisatie én de mensen voor wie het bedoeld is. Daarom 5 tips voor opdrachtgevers én 5 tips voor opdrachtnemers.
5 PRAKTISCHE TIPS VOOR OPDRACHTGEVERS
1 Formuleer een mensgerichte ambitie
Stel niet alleen een percentage of verplichting vast, maar beschrijf ook wat je maatschappelijke doel is: wat wil je dat deze opdracht oplevert voor mensen die nu moeilijk aan de slag komen? Zo geef je richting aan opdrachtnemers en nodig je hen uit tot betere en creatievere voorstellen. Ambitie zet beweging in gang.
2 Maak de keten mede-eigenaar
Ga vroegtijdig in gesprek met opdrachtnemers, onderaannemers en sociale partners. Bespreek samen welke rollen zij kunnen oppakken en welke ondersteuning daarvoor nodig is. Als de hele keten zich verantwoordelijk voelt, verbetert de kwaliteit van matching, begeleiding en duurzame plaatsing. Social return is een teamsport.
3 Zorg voor een stabiel aanspreekpunt
Voor duurzame resultaten is continuïteit cruciaal. Wijs binnen je organisatie iemand aan die de social return opgave actief volgt, contact houdt met uitvoerende partijen en knelpunten tijdig opvangt. Zo blijft social return niet aan de voorkant hangen, maar krijgt het aandacht gedurende de volledige looptijd van het contract. Dat vergroot de kans op duurzame resultaten.
4 Geef het goede voorbeeld
Laat als opdrachtgever zélf zien hoe je inclusie vormgeeft: bied interne kansen, maak ruimte voor leerplekken en laat zien dat social return een vanzelfsprekend onderdeel van jouw organisatie is. Goed voorbeeld doet volgen en versterkt de legitimiteit van elke eis die je aan anderen stelt.
5 Investeer in zichtbaarheid en erkenning
Laat zien wat social return oplevert: deel verhalen, toon groei en waardeer partners publiekelijk. Zichtbaarheid werkt als vliegwiel voor motivatie, samenwerking en maatschappelijke impact.
5 PRAKTISCHE TIPS VOOR OPDRACHTNEMERS
1 Weet wie je wilt zijn Duurzame social return begint bij je identiteit als bedrijf: vakmanschap, veiligheid, betrouwbaarheid en inclusief werken horen bij elkaar. Als duidelijk is wélke kansen je wilt bieden en voor wíe, wordt social return een logische vertaling van je waarden in plaats van een verplichting.
4 Bouw bewust aan intern draagvlak Medewerkers moeten social return ervaren als iets dat past bij de koers van het bedrijf. Betrek uitvoerders, leermeesters en vaklieden bij keuzes en werkwijze. Luister naar hun ervaring en mening. Als medewerkers zich serieus genomen voelen, ontstaat eigenaarschap. Dat is dé sleutel tot duurzame plaatsingen.
2 Maak het praktisch en werkbaar Vertaal je visie naar duidelijke werkwijzen op de bouwplaats: wie begeleidt, hoe dat gebeurt, wat kandidaten mogen verwachten en hoe veiligheid en tempo worden geborgd. Begeleidingstijd hoort bij het vak.
3 Weet wat kan - en wat niet Maak per project een realistische kansenanalyse: welke werkzaamheden lenen zich voor instroom, welke collega’s hebben interesse en ruimte om te begeleiden en wanneer is het juiste instroommoment? Benoem vooraf mogelijke risico’s (taal, mobiliteit, planning) om teleurstelling te voorkomen en succes te vergroten.
5 Zorg dat Social Return wordt ingebed Neem social return vanaf het begin mee in planning, begroting, toolboxen en bouwvergaderingen. Zo wordt het een vanzelfsprekend onderdeel van projectmatig werken. Kies instroommomenten bewust en zorg dat begeleiding een vaste plek krijgt in het overleg. Social return is niet iets dat ‘erbij’ komt, maar structureel onderdeel van de manier waarop jullie bouwen, samenwerken en vakmanschap doorgeven.
John Waayer, medeoprichter Ander Hout:
‘Bij Ander Hout combineren we circulair vakmanschap met sociale groei. Door te werken met hout dat al een leven achter de rug heeft, én mensen die toe zijn aan een nieuwe start, laten we zien dat je duurzaamheid en social return niet hoeft te scheiden. Het wordt sterker wanneer je het samen bouwt, aan echte opdrachten met echte impact.’
DANKWOORD
Samen maken we duurzame Social Return mogelijk
Met dit magazine zetten we een aantal mooie voorbeelden en inspirerende gesprekken in het licht. Maar achter elk verhaal dat hier staat, gaan tientallen andere organisaties schuil die zich – vaak al jarenlang –inzetten voor duurzame social return in de bouw- en infrasector.
Aan alle bedrijven, (publieke) opdrachtgevers, gemeenten en UWV, opleiders, sociale ondernemingen, vakbonden en brancheorganisaties: dank jullie wel Voor jullie inzet. Voor jullie doorzettingsvermogen. Voor jullie bereidheid om samen te leren, te experimenteren en kansen te creëren voor mensen die die kansen verdienen en nodig hebben om mee te kunnen doen.
In het bijzonder willen we onze betrokken opdrachtgevers bedanken.
Opdrachtgevers spelen een sleutelrol: zij bepalen de koers, scheppen de randvoorwaarden en maken het mogelijk dat sociaal en duurzaam opdrachtgeverschap écht tot impact leidt. Mede dankzij jullie visie en lef kan duurzame social return groeien van verplichting naar beweging — en van experiment naar gemeenschappelijke praktijk.
Niet iedereen komt in dit magazine voorbij. Dat kan simpelweg niet – maar jullie impact telt minstens zo zwaar mee. Juist dankzij deze brede beweging kunnen we bouwen aan een sector waarin werk niet alleen werk is, maar ook perspectief, ontwikkeling en waardigheid brengt.
Dit magazine is een momentopname. De beweging erachter is van ons allemaal.
Dank voor jullie vertrouwen, jullie vakmanschap en jullie voortdurende inzet voor duurzame social return. Samen laten we zien dat sociale impact en bouwen hand in hand kunnen gaan — en dat het werkt.
Met dit eerste themanummer over Duurzaam SROI openen we een drieluik binnen de lobby voor Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeverschap in bouw en infra. In drie edities verkennen we hoe opdrachtgevers sturen op maatschappelijke waarde. Dat doen we aan de hand van de pijlers van de Verantwoord Bouwen Toets: duurzaam inkopen, veiligheid en SROI.
In het volgende nummer staat Veiligheid centraal: een thema dat richtinggevend is voor kwaliteit, continuïteit en de menselijkheid van onze sector. Met praktijkverhalen laten we zien hoe opdrachtgevers verschil maken en hoe zij, samen met marktpartijen, daadwerkelijk richting geven aan veiligheid.
Samen bouwen aan maatschappelijke waarde
Ben je geïnspireerd door de verhalen in dit magazine? Wil je als opdrachtgever, opdrachtnemer of partner meer weten over Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeverschap, Social Return of de Verantwoord Bouwen Toets?
Het Technisch Bureau Bouw & Infra in Harderwijk vertelt je graag meer en denkt met je mee over concrete kansen en mogelijke samenwerkingen.