Skip to main content

4.6 Praktijkgids Arbeidsrecht 2023_ZP_CTF

Page 1

Hoofdstuk 4.6 Subsidies en tegemoetkomingen

4.6

Subsidies en tegemoetkomingen Hoofdstuk 4.6 Subsidies en tegemoetkomingen 4.6

Wet- en regelgeving

Samenvatting

Subsidies en tegemoetkomingen

De Wet vermindering afdracht loonbelasting en premies volksverzekeringen. Besluit beoordelingskader loonkostensubsidie (Stcrt. 8 januari 2009, nr. 356). Wet tegemoetkomingen loondomein. Overige regelingen waarin de subsidiemogelijkheden zijn beschreven. De regelgeving in de cao die eventueel van toepassing is. Met ingang van 1 januari 2017 is de Wet Tegemoetkomingen Loondomein (WTL ingevoerd. De WTL bevat nieuwe tegemoetkomingen in de loonkosten om hierdoor werkgevers te stimuleren om werknemers met een kwetsbare positie op de arbeidsmarkt in dienst te nemen of juist te houden. De WTL bestaat uit loonkostenvoordelen (LKV’s), lage-Inkomensvoordeel (LIV) en het jeugd-LIV. De werkgever ontvangt steeds een bedrag voor werknemers die aan de (strikte) voorwaarden voldoen voor de betreffende tegemoetkoming. De LKV’s is een tegemoetkoming voor werkgevers die werknemers in dienst nemen met een kwetsbare positie op de arbeidsmarkt, bijvoorbeeld oudere werknemers of arbeidsgehandicapte werknemers. De LKV’s vervangen de voorheen geldende premiekortingen. Het LIV is een jaarlijkse tegemoetkoming in de loonkosten voor werkgevers die werknemer in dienst hebben met een laag loon (om en nabij het minimumloon). Het jeugd-LIV ten slotte is een tegemoetkoming in de loonkosten voor werkgevers die jongeren in dienst hebben die om en nabij het minimumloon verdienen. Daarnaast kunnen werkgevers gebruik maken van de zogeheten afdrachtverminderingen. Een werkgever die in aanmerking komt voor een afdrachtvermindering krijgt een korting op de af te dragen loonheffing. Ook voor de afdrachtverminderingen gelden strikte voorwaarden. Op dit moment zijn er nog twee afdrachtsverminderingen: afdrachtvermindering voor speur- en ontwikkelingswerk (S&O) en de afdrachtvermindering zeevaart. Voorheen was er ook nog een afdrachtvermindering onderwijs. Voor deze regeling is de zogenoemde subsidie praktijkleren van kracht gegaan. Naast de loongerelateerde regelingen uit de WTL en de afdrachtverminderingen zijn er voor werkgevers nog diverse andere subsidiemogelijkheden. Denk bijvoorbeeld aan proefplaatsing van een werkloze of gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemer, de premievrijstelling marginale arbeid en loondispensatie. Met name in situaties waarin kwetsbare groepen in dienst worden genomen, is het goed om te onderzoeken of een subsidie kan worden toegepast. 4.6.1

4.6.1

Loonkosten- en lage inkomensvoordelen

Loonkosten- en lage inkomensvoordelen

De overheid wenst werkgevers te stimuleren om mensen met een kwetsbare positie op de arbeidsmarkt in dienst te nemen. Tot 1 januari 2018 golden hiervoor de premiekortingen voor oudere werknemers en arbeidsgehandicapte werknemers. Per 1 januari 2018 zijn ten gevolge van de invoering van de Wet Tegemoetkomingen Loondomein (WTL) de premiekortingen vervallen en geldt het loonkostenvoordeel (LKV). Ook is ten gevolge van de WTL het lage-inkomensvoordeel (LIV) en het jeugd-LIV geïntroduceerd. Het grootste verschil tussen de vroegere premiekortingen en de huidige LKV en LIV is dat de Belastingdienst de LKV en LIV achteraf uitbetaald aan de werkgever. Bij de premiekortingen daarentegen kon de werkgever per aangiftetijdvak de premiekortingen zelfstandig verrekenen met de verschuldigde premies. Het recht op LKV en LIV wordt vastgesteld in het kalenderjaar volgend op het jaar waarover de tegemoetkomingen worden berekend. De werkgever ontvangt op 15 maart van het volgende kalenderjaar van het UWV een voorlopige berekening van de tegemoetkomingen waar recht op bestaat. Deze voorlopige berekening is gebaseerd op de gegevens die de werkgever lopende het jaar in de loonaangiften heeft aangegeven. De werkgever 419


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
4.6 Praktijkgids Arbeidsrecht 2023_ZP_CTF by VMN Media - Issuu