Skip to main content

Aveve Perspectief - Maart 2026

Page 1


perspectief

Bioveiligheid in de zeugenstal 26 Tips voor de inzaai van je beschermingsstroken 24

Voersaldo als stuurinstrument: grip op kosten in uitdagende tijden

passie voor landbouw

Wat mag je verwachten

REDACTIETEAM

Anke Van Tigchelt

Anne Vandelannoote

Dries Vermander

Evy Vandebosch

Els Van Looveren

Jan Verhulst

Koen Clerix

Laurens Niclaes

Lien Vandecasteele

Lotte Beyens

Lotte De Vos

Maarten van Horen

Sander Maes

Yannick Hardy

LAY-OUT

APPS graphic design Hasselt

EINDREDACTIE

Ann Liekens

Delphine Cobbaert

Katie Willems

OPMAAK

Berlin Creative Studio

VERANTWOORDELIJKE UITGEVER

Kristof Douven Aveve

Aarschotsesteenweg 80 3012 Wilsele

Jongveestudiedagen

Kris getuigt over de meerwaarde van SMAG 16

Testimonial Vrijloopkraamhokken 30

Test nu 30 dagen GRATIS

Ontvang je Perspectief liever online?

Scan hier:

“Een goede start bepaalt de kracht van je maïs, van wortelontwikkeling tot topopbrengst.”

Beste klant

2026 is sterk van start gegaan. Op Agro Expo en Agridagen mochten we opnieuw heel wat klanten verwelkomen. Twee succesvolle beurzen die tonen hoe onze sector blijft investeren in kennis, innovatie en samenwerking. Zoals jullie vast al op de cover ontdekten, viert Arvesta 125 jaar. Een mijlpaal die onze verankering én onze missie onderstreept: landbouwers sterker maken, vandaag en morgen. Een visie die ook als een 'groene' draad door onze verhalen loopt.

In deze Perspectief lees je hoe je het voersaldo kan versterken bij een lage melkprijs én vind je een artikel over bioveiligheid in de zeugenstal met praktische maatregelen om ziekte-insleep en interne verspreiding te voorkomen.

De nieuwe lente voor de deur is ook het moment om je goed voor te bereiden, te beginnen met je bodem en de eerste groeistadia. Maar ook naar regelgeving is goed voorbereid aan de start komen niet onbelangrijk. De digitale registratieplicht komt er begin 2027 aan. We moedigen je dan ook aan om SMAG nu al uit te proberen en de meerwaarde ervan zelf te ontdekken: volledig gratis en vrijblijvend. Kris zette alvast de stap al in 2021 en legt uit welke voordelen hij nog elke dag ervaart.

Veel leesplezier

Kurt Notteboom - Sales Director Animal Nutrition Prof Junior Hoorelbeke - Sales Director Agri Horti Prof Noord

Jongveestudiedagen

Groeiende interesse voor kalveropfok op jongveedagen

Els Van Looveren - Salesmanager Rundvee

In de voorbije maanden organiseerden we een hele reeks jongveedagen, die met een totale opkomst van meer dan 500 veehouders het belang van doelgerichte kennisuitwisseling bevestigden. De sessies brachten landbouwers en specialisten samen voor een diepgaande blik op actuele uitdagingen en optimalisatie binnen de jongveehouderij.

Ready, Set, grow!

Zijn jouw kalveren klaar voor een perfecte start?

Eén van de hoofdthema’s tijdens de jongveedagen, was het herkennen en vermijden van valkuilen in de jongveeopfok. Onze jongveespecialisten Jens Goossens en Sander Van Beneden bespraken diverse topics:

• De impact van een goede transitieperiode op biestkwaliteit.

• Wat is een goed biestmanagement?

• Hoe maak je kalvermelk aan?

• Wat is een goed krachtvoederschema?

Aan de hand van hun praktijkervaring en recente inzichten werd duidelijk hoe veehouders valkuilen kunnen vermijden met kleine managementaanpassingen. De interactieve opzet stimuleerde bovendien uitwisseling tussen deelnemers, wat leidde tot waardevolle discussies en concrete oplossingen vanuit het veld.

We kijken tevreden terug op deze editie. De combinatie van inhoudelijke diepgang, praktijkgericht advies en netwerkmogelijkheden werd door de deelnemers echt gewaardeerd. De jongveedagen bevestigen dat investeren in kennisdeling belangrijk blijft om jongveeopfok verder te professionaliseren. We danken jullie voor de massale opkomst!

“De combinatie van inhoudelijke diepgang, praktijkgericht advies en netwerkmogelijkheden werd door de deelnemers echt gewaardeerd.”

Kon je niet aanwezig zijn, maar ben je wel benieuwd naar ons jongveeverhaal?

Niet iedereen kon deelnemen aan onze Jongveedagen. Ben je toch benieuwd naar de inzichten, besproken thema’s en praktische tips? Onze specialisten delen graag het volledige jongveeverhaal met jou. Of je nu vragen hebt over valkuilen in de opfok, het ideale voeder tijdens de melkperiode of concrete handvaten voor jouw bedrijf: we komen graag langs of bezorgen je de nodige informatie.

De kracht van doordacht bemesten in maïs: van analyse naar topopbrengst

Aangezien het suikerbietenareaal daalt, zal het maïsareaal in 2026 wellicht sterk toenemen. We staan dan ook even stil bij wat kuilmaïs nodig heeft om zich goed te ontwikkelen.

Kuilmaïs levert zetmeelenergie en celwanden met een lagere structuurwaarde dan gras. Omdat het weinig ruw eiwit bevat, is het een ideaal ruwvoeder naast eiwitrijke voedermiddelen zoals gras of voordroogkuil. De voederwaarde hangt vooral af van het kolfaandeel, de rijpheid en de verteerbaarheid van de celwanden en optimaliseer je via een beredeneerde bemesting.

Hoe beredeneerd bemesten?

Werkzame stikstof

De drogestofopbrengst van maïs wordt mee bepaald door de werkzame stikstof. Maïs neemt stikstof op vanaf de vegetatieve groei tot aan de bloei, met een piek tijdens de oprichting naar pluim. Uit proeven blijkt dat de opbrengst stijgt tot een gift van 200 eenheden werkzame stikstof en daarna afvlakt.

Een voorbeeld

Dien je 35 ton/ha runderdrijfmest toe, dan levert dat +/- 100 eenheden werkzame N op. De plant kan dus nog een extra gift gebruiken om optimaal te groeien (met respect van de MAP 7-regels).

Een aandachtspunt, jonge wortels kunnen stikstof in de bodem moeilijk mobiliseren. Het is dan ook belangrijk dat het toegediend wordt waar de wortels het effectief kunnen opnemen; in de rij, wat de werking van stikstof met 25 % verbetert.

Vlot opneembaar fosfaat

Bij lage bodemtemperaturen tijdens de jeugdgroei vormt vlot opneembaar fosfaat vaak een beperkende factor voor een goede wortelontwikkeling en een gezond gewas. In deze kritische jeugdfase (50 - 70 dagen na opkomst) heeft maïs 2 à 3 kg P₂O₅/ha/dag nodig. Omdat fosfaat nauwelijks beweegt in de bodem, dien je fosfor best naast de rij toe, waardoor de beschikbaarheid ongeveer verdubbelt. Vooral in koude, natte jaren is het

effect van startfosfor duidelijk merkbaar. Hou er wel rekening mee dat fosfaat minder goed opneembaar is bij een te lage pH, dus tijdig bekalken blijft cruciaal.

Magnesium, zwavel en boor

Rood-paarsverkleuring bij fosfortekort. (bron LCV)

Magnesium is een essentieel onderdeel van chlorofyl en dus van de fotosynthese. Het speelt ook een rol in de eiwitopbouw. Een tekort herken je aan geelverkleuring tussen de nerven. Vooral op zandgronden met een lage pH treedt dit sneller op.

Zwavel is eveneens onmisbaar. In de jeugdfase kan makkelijk een tekort ontstaan omdat de bodem dan nog koud is en weinig zwavel vrijstelt. Zwavel uit organische mest, zoals runderdrijfmest, is bovendien het eerste jaar na toedienen niet beschikbaar. Voor vroeggezaaide maïs is extra zwavel daarom belangrijk.

Maïs heeft in kleine hoeveelheden ook boor nodig. Boor zit in het groeipunt, de bloeiwijze en de bladeren, en ondersteunt bloei en korrelzetting. Bij een tekort zie je vaak slechte korrelvorming. Boorgebrek treedt sneller op bij koude en droogte en is gevoelig voor uitspoeling, wat vooral op zandgrond sneller speelt.

Magnesiumgebrek te herkennen aan het geel verkleuren van het blad tussen de nerven. (bron LCV)

Onze maïsstarters, ideaal om tegemoet te komen aan diverse voedingsbehoeftes.

Een goede maïsstarter levert direct beschikbare voedingsstoffen en stimuleert de ontwikkeling van wortels én bovengrondse groei.

Deze groeistarters breng je in de rij aan (150 kg/ha) en geven je maïs een duidelijke groeivoorsprong en betere kwaliteit. Resultaten tonen dat ze, bovenop drijfmest, zorgen voor een hoger drogestofgehalte, meer VEM en meer zetmeel (zie tabel).

Maïsstarter % N % P2O5 % MgO % SO3 % Boor

Groeistart

Groeistart

Humi Maïsstarter bevat naast de nodige nutriënten ook 1 % humusextracten. Die verbeteren de bodemstructuur en waterhuishouding, en verhogen de opname van voedingsstoffen zoals fosfor en sporenelementen. Je maïs kiemt daardoor sneller en ontwikkelt krachtiger in de jeugdgroei.

Onze microganulaten, fijne, hoogwaardige meststofkorrels die precies in de buurt van het zaad worden geplaatst tijdens het zaaien

Booster Speed “Maximale startkracht: sterkere wortels, betere fosforopname en optimale groei zelfs in droge omstandigheden.”

HumiSeed “Gerichte voeding in de rij: snelle kieming, krachtige jeugdgroei en een stevigere plant.”

Booster Start “Biologische boost aan het zaad: meer fosforbeschikbaarheid, sterkere beworteling en bewezen hogere opbrengst.”

Graag meer info over deze microgranulaten?

Scan dan de QR-code voor extra uitleg of surf naar bit.ly/microgranulaten

Graag meer info of advies? Contacteer je Aveve-zaakvoerder, hij helpt je graag verder.

Meten is weten

Aveve werkt samen met Eurofins om kwaliteitsvolle bodemanalyses aan te bieden. Je geniet als klant dan ook 30 % korting op al hun bodemanalyses, ongeacht areaalgrootte of aanvraagmoment.

Voor een correcte interpretatie van je bodemanalyses en een juist bemestingsadvies ontwikkelde Aveve bovendien de bemestingstool Fertiguide

Zo helpen we je om je maïspercelen doordacht te bemesten met oog voor bodemgezondheid.

Nog areaal vrij?
Korrelmaïs is de ideale en rendabele opvulling.

KWS Marco

Polo

(FAO 190)

Vroeg, flexibel & financieel sterk

✔ Zeer hoog financieel rendement: top 4 in meerjarig Varmabel-onderzoek.

✔ Uitzonderlijk droge korrel + sterke korrelopbrengst.

✔ Extreem vroeg: ideaal om vroeg te leveren (bv. alco biofuel).

✔ Ook laat te zaaien met toch gegarandeerde rijpheid.

✔ Sterke drogestofopbrengst, vergelijkbaar met FAO 210-silomaïs.

✔ Lage FAO, maar hoge prestaties — laat het getal je niet misleiden!

LID2210C (FAO 220)

Onze bewezen topper

✔ Al jaren het betrouwbare referentieras in ons gamma.

✔ Topresultaten voor zowel korrel- als silo-opbrengst

✔ Uitzonderlijke legervastheid, en hierdoor maximale zekerheid op het veld.

✔ Breed inzetbaar en flexibel te zaaien dankzij FAO 220.

✔ Het ras waarmee je altijd goed zit, ongeacht het teeltjaar.

Barkley (FAO 225)

De krachtpatser met dubbel potentieel

✔ Behaalt al 2 jaar sterk scorende (financiële) opbrengsten in Varmabel.

✔ Hoogste opbrengst van de drie rassen, maar iets nattere korrel.

✔ Perfect voor CCM en uitblinkend in droge jaren.

✔ Bewezen silokwaliteit in eigen proeven: 1018 VEM, 40 % DS, 78 VCOS, 407 zetmeel

✔ Sterke allrounder: zowel topkorrelmaïs als kwalitatieve silomaïs.

✔ Ideale opvolger voor wie vroeger met Micheleen werkte.

Contacteer jouw Aveve-zaakvoerder voor meer informatie over onze maïssoorten. www.aveveagrarisch.be

Bioveiligheid

Niet te onderschatten: bioveiligheid in de zeugenstal

Lien Vandecasteele - Commercieel vertegenwoordiger varkens

Geen goed draaiend zeugenbedrijf zonder een optimaal gezondheidsmanagement. Preventie van ziekten is onmisbaar om goede resultaten te blijven behalen.

Zowel externe als interne bioveiligheid vraagt de nodige aandacht. Met externe bioveiligheid bedoelen we het beperken van de risico’s op ziekte-insleep van buiten je bedrijf. Denk hierbij aan de aanvoer van dieren, erfbetreders die op bezoek komen, ... Interne bioveiligheid gaat over de verspreiding van ziekten van de ene naar de andere afdeling van je bedrijf. Een doordacht vaccinatiebeleid is geen overbodige luxe wanneer je de gezondheid van je dieren hoog op de agenda hebt staan. We helpen je graag verder met deze praktische tips.

Opgelet met aangekochte gelten

Het grootste risico op ziekte insleep is de aanvoer van dieren. Bedrijven die gelten aankopen moeten dus beschikken over een goede quarantainestal. Aangekochte gelten moeten zes weken in quarantaine blijven. In deze periode mag er geen contact zijn met de andere dieren op het bedrijf. De quarantaineperiode zorgt ervoor dat eventueel aanwezige infecties tot uiting kunnen komen, voordat de gelten in contact komen met de zeugenstapel. De quarantainestal is dus afgesloten van de rest van het bedrijf en wordt als laatste activiteit van de dag bezocht. Voor de quarantainestal moeten aparte kledij en aparte laarzen gebruikt worden. Het risico bij aanvoer van gelten bestaat trouwens niet alleen uit de dieren zelf. Ook het transport is een potentieel gevaar. Het lijkt logisch, maar we geven het toch maar mee: hou leeftijdsgroepen apart. Het mengen van dieren betekent altijd een groter risico op verspreiden van allerlei ziekten.

“Geen goed draaiend zeugenbedrijf zonder een optimaal gezondheidsmanagement.”

Bezoekers in de stal

Bezoekers (dierenarts, adviseurs, ...) kunnen dragers zijn van ziektekiemen van andere bedrijven. Voor deze personen moeten de nodige hygiënemaatregelen continu opgevolgd worden. Een zeugenbedrijf heeft in de ideale situatie een ‘schone’ en ‘vuile’ zone’. Deze zones mogen elkaar niet kruisen. Zeugenhouder, personeel en bezoekers nemen bij het betreden van de schone zone de nodige hygiëne maatregelen. Het intern beperken van ziekteoverdracht begint bij correcte looplijnen. Varkenshouders (en bezoekers) houden een vaste volgorde van afdelingen in de stal aan (van hoog naar lager risico): kraamstal, biggenstal, dek- en drachtstal, vleesvarkens. De quarantaine stal wordt altijd als laatste bezocht. Om de scheiding per diercategorie te optimaliseren voorzie je best aparte laarzen en overalls per afdeling. Vaak wordt met aparte kleuren gewerkt (zeugen – biggen – vleesvarkens). Het is ook belangrijk om dit aan bezoekers en personeel duidelijk te maken, bijvoorbeeld met informatiebladen die je ophangt.

Hou ongedierte en kadavers buiten

• Ongedierte zoals ratten, muizen en vogels kunnen drager zijn van ziektes. Het is dus van groot belang om deze dieren uit de stallen te weren en een drastische ongediertebestrijding vol te houden.

• Zieke en gestorven dieren zijn uiteraard een groot risico. Probeer zieke dieren zo veel mogelijk apart te zetten. Dode varkens moeten zo snel mogelijk verwijderd worden. Verzamel de kadavers op een plaats buiten de schone zone.

Sterke bodem, sterke oogst: maximaliseer het potentieel van je veld

De bodem is als akkerbouwer jouw belangrijkste werktuig. Zonder een gezonde bodem kan een gewas geen optimale hoeveelheid voedingsstoffen opnemen, geen sterk wortelstelsel vormen en onvoldoende water vasthouden. Maar hoe benut je het volle potentieel van je grond?

Je kunt de vruchtbaarheid van je bodem meten via het klei-humuscomplex, ook wel CEC (Cation Exchange Capacity) genoemd. Zie de CEC als een batterij: hoe groter die batterij, hoe meer voedingsstoffen je bodem kan vasthouden en leveren aan je gewas. Onderzoek van Eurofins toont dat een hogere CEC sterk samenhangt met een hogere opbrengst in o.a. aardappelen, wintertarwe en koolzaad (zie figuur = recht evenredigheid). Bodems met een hogere CEC leveren meer nutriënten en zijn dus vruchtbaarder.

Kort gezegd: hoe hoger je CEC, hoe groter je opbrengstpotentieel.

Waarom de Ca/Mg/K-balans cruciaal is De CEC wordt bepaald door je bodemtype, het kleigehalte, het organischestofgehalte en de pH. Aan het klei-humuscomplex binden zich verschillende voedingsstoffen die jouw gewas kan opnemen. Wanneer de verhouding calcium (Ca), magnesium (Mg) en kalium (K) uit balans is, veroorzaakt dit twee problemen:

1. Een slechtere nutriëntenopname

Als bijvoorbeeld te veel magnesium is gebonden, kan je gewas calcium en kalium minder goed opnemen.

2. Een minder goede bodemstructuur

Omdat kalium een kleiner deeltje is dan calcium en magnesium, verkleint een overmaat aan K de ruimte tussen bodemdeeltjes. Dat maakt de bodem minder bewerkbaar. Calcium en magnesium vergroten die ruimte tussen bodemdeeltjes net, wat de structuur en bewerkbaarheid verbetert.

Meer calcium = betere bewaring

Calcium speelt een sleutelrol in een betere opbouw en behoud van celwanden. Gewassen en vruchten zoals aardappelen met een hoog calciumgehalte bewaren beter omdat ze minder vocht verliezen en langer stevig blijven. Sommige rassen, zoals Challenger en Innovator, zijn gevoeliger voor inwendige roestvlekken door calcium- én boorgebrek. Dankzij Haspargit®, dat zowel calcium als boor bevat, voorkom je dit probleem en verbeter je de bewaring.

Kaliumsulfaat voor sterkere gewassen

Via de samenwerking met Eurofins geniet je 30 % korting op jouw bodemanalyse, en kan je eenvoudig nagaan hoe het met je CEC en bodemvruchtbaarheid gesteld is.

Haspargit®: de sleutel tot een gezonde bodemstructuur

Haspargit

Aveve biedt Haspargit® aan als poedermeststof die je cruciale Ca/Mg/K-verhouding herstelt. De meststof levert calcium (in de vorm van calciumsulfaat) en magnesium aan je bodem. In de bodem splitst calciumsulfaat op in:

• calcium, dat zich bindt aan het klei-humuscomplex

• sulfaat, dat in het bodemvocht achterblijft en rechtstreeks opneembaar is voor je gewas.

Extra zwavel is vaak nodig

Sinds de jaren ’90 zijn de zwavelgehaltes in Vlaamse bodems sterk gedaald door de ontzwaveling van industriële installaties, minder gebruik van organische mest en intensievere akkerbouw.

“Slechts 20 % van de Vlaamse gronden bevat voldoende zwavel.”

Met Haspargit® vul je die reserves efficiënt aan en voorkom je tekorten in gewassen zoals granen, aardappelen, suikerbieten en maïs.

Lichte pH-optimalisatie

Haspargit® optimaliseert je pH, waardoor het ideaal is voor zwaardere gronden waar de pH vaak te hoog ligt. Een optimale pH verlaagt bijvoorbeeld het risico op schurft in aardappelen.

Haspargit® is rijk aan kaliumsulfaat. Kalium regelt de waterhuishouding, verhoogt de droogteresistentie, verbetert de legervastheid en vermindert blauwgevoeligheid bij aardappelen. Omdat aardappelen gevoelig zijn aan chloor, vormt Haspargit® een groot voordeel: het is, in tegenstelling tot klassieke kaliummeststoffen, chloorarm. Zo voorkom je opbrengstverliezen door geremde loofontwikkeling wegens te veel chloor. Ook groenten zijn een typisch gewas met een hoge kali-behoefte.

Bij bemestingsproeven in aardappelen zagen we opbrengststijgingen van + 5 % tot + 8 % wanneer Haspargit® werd toegepast in plaats van Potas60 in respectievelijk 2023 en 2024.

Formules op maat van elke teelt

Er zijn Haspargit® -formules voor aardappelen, suikerbieten (verrijkt met natrium) en grasland (Haspagras®, verrijkt met natrium, wat de smaak van het gras positief beïnvloedt, en ammoniumstikstof, waardoor het minder uitspoelingsgevoelig is)

Vragen of nood aan advies?

Met de nieuwe bemestingstool, Fertiguide, kan je zaakvoerder je correct adviseren voor teeltgericht bemestingsadvies en een optimale bodemgezondheid.

Waterkwaliteit

Waterkwaliteit: een stille maar cruciale factor op elk landbouwbedrijf

Lotte Beyens - Technisch commercieel vertegenwoordiger VHP & Jan Verhulst - Product Manager VHP

Een gezonde veestapel begint bij kwalitatief drinkwater. Toch zijn vervuilde leidingen, biofilmopbouw en bacteriële druk op veel bedrijven nog steeds een onderschat probleem. Chloordioxide is een krachtige en veilige manier om drinkwatersystemen proper te houden en de waterkwaliteit structureel te verbeteren.

Bij Aveve Veehouderijproducten begeleiden we bij alle diersoorten al jarenlang landbouwers bij waterbehandeling. We bieden verschillende systemen aan, van volautomatische installaties (Agridos S en M) tot een doseeroplossing met doseerbord en bidons Diox Forte. Voor alle systemen staat onze technische opvolging centraal.

Waarom chloordioxide als waterbehandeling?

Chloordioxide is bijzonder geschikt voor landbouwomgevingen dankzij:

• Krachtige werking tegen biofilm

• Brede desinfectiekracht tegen bacteriën, gisten, schimmels en virussen

• Constante effectiviteit, ook bij hogere pH

• Stabiele werking in lange leidingnetwerken

• Geen nare geur of smaak bij correcte dosering Onze opvolging focust op het meten van het residu aan chloordioxide in de leidingen. Zo bepalen we of de installatie correct ingesteld staat en of de leidingen voldoende schoon zijn.

Praktijkvoorbeeld: proefbedrijf Neerhespen

In het proefbedrijf in Neerhespen loopt een langdurige toepassing met een Agridos toestel. Het is een automatische installatie voor het toepassen van chloordioxide. Jana, de bedrijfsleidster, werd gevraagd naar haar ervaringen.

Welke factoren zorgden ervoor dat jullie waterbehandeling overwogen?

“Er was een biofilm aanwezig op de leidingen, bij het doorzagen van een leiding was dit duidelijk zichtbaar.”

Welke problemen of risico’s kwamen jullie tegen vóór de installatie?

“Bij een analyse van het water aan het einde van de leiding waren er clostridium, enterococcen, streptococcen en nitraten/ nitrieten aanwezig. Het verontreinigd drinkwater is een stille moordenaar.”

Welke criteria waren doorslaggevend bij het selecteren van de Agridos -installatie?

“De Agridos installatie is zeer gebruiksvriendelijk: het heeft een digitaal scherm dat eenvoudig te besturen is. Je krijgt een beeld van het waterverbruik van de dieren door online opvolging en we ontvangen tijdig meldingen wanneer het product (bijna) vervangen moet worden of wanneer er een storing aanwezig is. Er is ook

een periodieke opvolging door Aveve zodat we weten dat de dosering juist is.

Wat zijn de voelbare effecten van waterbehandeling op diergezondheid?

“Een daling in zeugensterfte, een verhoogde vruchtbaarheid en minder slijters in de biggenbatterij.

Wat algemeen resulteert in minder gebruik van medicatie en minder arbeid om de dieren te behandelen. De biggen doen het algemeen veel beter.”

Hoe is de waterkwaliteit geëvolueerd sinds de opstart van de behandeling?

“De biofilm is verwijderd en de wateranalyses zijn zeer goed.”

“Een gezonde veestapel begint bij kwalitatief drinkwater.”

De rol van Aveve: meten, opvolgen en optimaliseren Ongeacht het gekozen systeem (Agridos S, Agridos M of het doseerbord met Diox Forte) bieden we steeds dezelfde professionele begeleiding:

• Meten van het residu chloordioxide in de leidingen

• Bijsturen van doseringen of instellingen

• Advies op maat van het bedrijf

Zo zorgen we samen voor een propere waterleiding, gezonde dieren en een efficiënte bedrijfsvoering

SMAG-getuigenis

Van schriftje naar smartphone: waarom Kris kiest voor SMAG

Lotte De Vos - Concept Manager Arvesta Kris De Prins - Akkerbouwer in bijberoep

Digitalisering dringt steeds dieper door in de landbouwsector. Voor Kris De Prins, landbouwer in bijberoep uit Vlaams-Brabant, werd SMAG een belangrijke schakel in de modernisering van zijn akkerbouwbedrijf. In dit artikel vertelt hij hoe digitale teeltregistratie zijn werk eenvoudiger, efficiënter en toekomstbestendig maakt.

“Kris De Prins (2 e van rechts) zette vijf jaar geleden een belangrijke stap door officieel in het landbouwbedrijf van zijn ouders in te stappen (midden), die het jarenlang met hart en ziel hebben opgebouwd.”

Een landbouwbedrijf in evolutie

Kris groeide op in een landbouwfamilie. Zijn ouders runden jarenlang een gemengd bedrijf met vleeskoeien van Belgisch witblauw, gecombineerd met akkerbouw. Hij hielp altijd al mee, maar combineert dit met een carrière als lasingenieur. Vijf jaar geleden is hij officieel mee in de zaak gestapt. “Het akkerbouwgedeelte ligt nu volledig op mijn bord. We zijn een paar jaar geleden gestopt met vleesvee, omdat dat echt een fulltime engagement vraagt, en dat moeilijk te combineren was met mijn job.” De focus ligt nu op zo’n 40 hectare akkerbouw: wintertarwe, maïs, een beperkte teelt aardappelen voor thuisverkoop en enkele weides die dienen voor ruwvoederwinning.

De overstap naar digitale teeltregistratie

Tot 2021 gebeurde de administratie volledig op papier. Per perceel hield Kris’ moeder zorgvuldig bij wat er gebeurde: bemesting, zaaien, spuiten, oogsten. “Alles stond in haar schriftje, maar je had het natuurlijk niet altijd op zak.” Vandaag registreert Kris alles via de SMAGapp op zijn smartphone, vaak terwijl hij op de tractor zit. Later werkt hij de details verder uit op zijn computer, een workflow die voor hem logisch en efficiënt aanvoelt.

Enkel teeltregistratie?

De digitale teeltregistratie is natuurlijk belangrijk, maar Kris gebruikt SMAG nog voor veel meer. Kris voegt steevast zijn kosten en opbrengsten toe, zodat hij voor elke teelt of elk perceel een economisch rapport kan maken. “En ook de historiek kan je altijd raadplegen, makkelijk om bijvoorbeeld te kijken welke producten ik vorig jaar heb gebruikt. Dat vind ik een enorm voordeel.”

Elk jaar maakt Kris in SMAG een inventaris van zijn producten, die bij elke aankoop automatisch wordt aangevuld. Bij het gebruik van producten wordt de voorraad eveneens automatisch aangepast. Bovendien kan hij tijdens het registreren van een toepassing meteen zijn actuele stock raadplegen.

Daarnaast beheert Kris zijn volledige perceeladministratie in SMAG, zo is er minder kans op fouten. Kris maakt zich dan ook minder zorgen over de komst van het digitale spuitregister in 2027. “Ik denk dat ik klaar ben. Als ik fytomeldingen krijg, kan ik altijd nog even dubbelchecken bij mijn adviseur en dit dan corrigeren." Belangrijk voor hem is dat SMAG de regels automatisch volgt en zich aanpast wanneer de wetgeving wijzigt.

Bedrijfsfiche

Waarom Kris SMAG aanbeveelt

Wanneer we vragen of hij SMAG zou aanraden, komt het antwoord snel en duidelijk. “Het is gebruiksvriendelijk en efficiënt. Ik kan er bijna alles in kwijt en SMAG blijft evolueren, mee met de sector en mee met de regelgeving, precies wat we als landbouwers vandaag nodig hebben om het overzicht te houden.”

Met SMAG, klaar voor de toekomst?

“Voor mij voelt het alsof ik met SMAG helemaal klaar ben voor wat er op ons afkomt. Mijn bedrijf evolueert nog altijd, de administratie neemt toe en het wordt steeds belangrijker om rendabel te blijven werken. SMAG geeft me structuur, helderheid in het hoofd en vooral tijd. Ik heb het gevoel dat het beheer van mijn bedrijf er echt

futureproof van wordt, zonder dat ik mijn manier van werken drastisch moet omgooien. Voor mij is SMAG geen gewoon digitaal platform, maar een praktische partner die letterlijk met mij op het veld zit, via mijn smartphone, zelfs wanneer ik op de tractor zit.”

Het verhaal van Kris is heel herkenbaar binnen de landbouwsector: een bedrijf dat blijft evolueren, toenemende administratie, en een zoektocht om rendabel te blijven werken. SMAG biedt hem hierin de nodige ondersteuning zonder dat dit veel tijd vergt. “Ik heb het gevoel dat mijn bedrijf zo veel beter voorbereid is op de toekomst, zonder dat ik mijn manier van werken drastisch moest omgooien. Een beetje een praktische partner die letterlijk met mij op het veld zit.”

Hoe SMAG je nu al helpt bij de nieuwe uitbreiding van de verplichte fytogegevens

Vanaf 2026 moet je naast de bestaande verplichte gegevens (middel, datum, dosering, oppervlakte en gewas) ook extra informatie registreren, zoals:

• Starttijdstip van de behandeling (wanneer dit relevant is in de toelating)

• Grootte van het behandelde gebied of de hoeveelheid behandelde eenheid

• Referentie van het perceel (bijv. het verzamelaanvraagnummer)

• Gewasnaam of EPPO-code

• Groeistadium/BBCH-code (wanneer opgenomen in de producttoelating)

Deze bijkomende gegevens moet je nu al noteren, ongeacht of je je register op papier of digitaal bijhoudt. Dit staat dus volledig los van de digitale registratieplicht vanaf 2027.

Het goede nieuws?

SMAG ondersteunt al deze extra registraties, zodat je je niet moet bezighouden met extra opzoekingen, losse notities, vergeten gegevens of achteraf puzzelen.

Met SMAG:

• vul je alle verplichte fytogegevens eenvoudig in via je smartphone,

• en heb je altijd een volledig en up-to-date fytoregister klaar voor controle.

Zo registreer je je werk op het veld niet alleen correct, maar ook een pak eenvoudiger, nog vóór de echte digitaliseringsplicht van start gaat en ben je ook perfect voorbereid op 2027.

Wil je SMAG zelf ontdekken?

Grijp dan deze unieke testkans.

Tot 30 april 2026 kan je je inschrijven om SMAG 30 dagen lang gratis en volledig vrijblijvend te testen. Zo kan je zelf ervaren hoe het werkt en/of het bij jouw bedrijf past.

Je kiest zelf wanneer jouw proefperiode start: 20 maart, 3 april, 17 april of 30 april jij bepaalt het moment.

Tijdens je testperiode krijg je ondersteuning via:

• een handige instructievideo,

• een uitgebreide handleiding,

• de SMAG-hulplijn,

• én een online oefensessie waarin je al je vragen kan stellen.

Je gratis test starten?

Scan de QR-code

of surf naar bit.ly/smag30dagen.

Wil je eerst even zien wat SMAG precies doet?

Volg dan onze online SMAG-demosessie op donderdag 2 april om 20 uur

Tijdens deze live sessie krijg je een duidelijk en concreet beeld van wat SMAG allemaal kan en hoe het jouw bedrijfsadministratie op termijn kan halveren.

Graag deelnemen?

Scan de QR-code

of surf naar bit.ly/SMAGdemo om je in te schrijven.

Actie geldig vanaf 24/01/2026 tot en met 30/04/2026

(= laatst mogelijke aanvraagdag om van de 30 dagen gratis test te genieten).

Meer details en de actievoorwaarden vind je op het registratieformulier.

Verlegstrategie

Verlegstrategie onder de loep

Lien Vandecasteele - Commercieel vertegenwoordiger varkens

We merken dat elk bedrijf een andere verlegstrategie toepast en iedereen een eigen visie heeft op hun verlegstrategie. We zullen in de komende edities van Perspectief verschillende bedrijven toelichten. In deze editie bespreken we een bedrijf in een vijfwekensysteem dat speent op drie weken.

Wekensysteem

Genetica

Vijfwekensysteem

TN70*Groeibeer

Balanskooi Nee

Automatische voedersysteem Nee, clickfeeder

PG 36,32

Percentagesterfte 11,5 %

Vanaf wanneer start je met verleggen?

“We starten met het verleggen zodra alle biggen 24 uur de kans hebben gehad om voldoende biest op te nemen. Tijdens deze eerste 24 uur passen we alternerend zogen toe bij zeugen met meer dan 17 levend geboren biggen. Hierbij halen we drie keer, telkens gedurende vier uur, de grootste en best gevulde biggen weg. Dit gebeurt uitsluitend overdag. Na de eerste 24 uur beginnen we met het definitieve verleggen.

“We hebben onze verlegstrategie verfijnd zodat de biggen langer bij de zeug blijven, en dat resulteert vandaag in sterkere, homogenere tomen.”

Maak je gebruik van pleegzeugen?

“We maken gebruik van pleegzeugen wanneer dat nodig is. Eerst zorgen we ervoor dat alle zeugen volledig gevuld zijn met biggen van een zo gelijk mogelijke grootte. Wanneer alle zeugen vol liggen, nemen we een zeug van buiten de groep of een jonge zeug die eerder heeft gejongd om als pleegzeug te dienen. Tijdens de eerste dagen laten we de zeugen zoveel mogelijk vol liggen. Daarna halen we de kleinste biggen weg en plaatsen we deze bij een jonge zeug, omdat zij kleinere spenen heeft die beter geschikt zijn voor deze biggen. Deze jonge pleegzeug heeft meestal al eerder gejongd. We beginnen pas met het voorspenen vanaf een leeftijd van 8 dagen. Deze biggen blijven gewoon in het kraamhok en krijgen extra warmte via een lamp. We verleggen vooral tijdens de eerste 10 dagen, maar uitzonderlijk verleggen we ook tot 1 week voor spenen.

Hoe bepaal je hoeveel biggen er bij de zeug blijven liggen?

“Onze zeugen hebben doorgaans 16 spenen. Daarom laten we tijdens de eerste dagen 15 à 16 biggen bij de zeug liggen. Op die manier kunnen alle biggen vlot drinken en blijft de melkproductie gestimuleerd. Na die eerste periode halen we enkel nog de biggen weg die te mager worden of onvoldoende mee kunnen. Zo zorgen we ervoor dat elke big voldoende melk krijgt en dat de groep zo uniform mogelijk blijft.”

Welke aanpassingen zijn er de afgelopen jaren gebeurd aan jullie verlegstrategie?

“We laten de biggen bewust langer bij de zeug liggen. We merken namelijk dat onze zeugen veel melk produceren, waardoor de biggen langere tijd voldoende voeding krijgen zonder dat er magere biggen ontstaan. Door de biggen langer bij de zeugen te houden, hebben we minder jonge zeugen nodig voor de kleine biggen en dekken we ook minder jonge zeugen voor. Dit resulteert uiteindelijk in homogenere tomen.”

Grasland

Hou jouw grasland in topconditie!

Heel wat weides kregen afgelopen najaar een broodnodige vernieuwing of herinzaai, na de uitzonderlijk droge zomer die het grasland zwaar op de proef stelde. Een regelmatige controle kan een groot verschil maken, regelmatig monitoren loont dan ook.

Vernieuwde je jouw weides nog niet, dan loont het zeker om ze eens kritisch te bekijken. Vaak blijkt doorzaaien aangewezen om de zode weer sterk en productief te krijgen. We zien daarnaast steeds vaker aantasting door pythium of rhizoctonia in recent ingezaaid grasland. Jong gras gaat onvoldoende ontwikkeld de winter in en komt vervolgens in een koude, vochtige bodem terecht, omstandigheden waarin deze bodemschimmels makkelijk toeslaan. Ook bodeminsecten veroorzaken opvallend meer schade dan vroeger. Een goede opvolging wordt dan ook belangrijker dan ooit.

Doorzaai

Wanneer je je percelen nu gaat bekijken en merkt dat 20 % tot 40 % van het grasland bestaat uit kale plekken, ongewenste kruiden of slechte grassen, is doorzaaien sterk aan te raden. Eventueel kan je vooraf een onkruidbestrijding uitvoeren, maar hou daarbij wel rekening met de wachttermijnen voordat je opnieuw inzaait.

Wat bepaalt een geslaagde doorzaai?

• Zaai in maart of begin april, wanneer er nog weinig concurrentie is van het bestaande gras.

• Zaai op kort gras, zodat het nieuwe zaad voldoende licht krijgt.

• Werk op een open zode (eg eventueel eerst de zode voordat je zaait).

• Zaai op een vochtige bodem en kies een periode met voldoende vocht.

• Gebruik een doorzaaimachine, zodat het graszaad goed wordt ingewerkt.

• Kies voor kwaliteitsgraszaad.

Of herzaai

Afgelopen herfst werd enorm veel grasland heringericht of opnieuw ingezaaid. Merk je nu dat jouw recent herzaaide percelen vergeling tonen, kale plekken ontwikkelen of niet goed doorgroeien, dan kan dat wijzen op bodemschimmels of insectenschade. Wellicht kan je dit opvangen met een goede startbemesting, zodat het jonge gras vlot doorgroeit en zich beter kan verweren tegen deze aantastingen. Wanneer dat echter niet volstaat en de schade te groot wordt, is herzaai de best te overwegen oplossing.

Superstar Restart

Dit kwaliteitsvolle mengsel is ideaal voor zowel doorzaai als herzaai.

Het bevat rassen van Engels raaigras die uitstekend kiemen bij lage bodemtemperaturen en een hoog opbrengstpotentieel bieden — precies wat je nodig hebt bij een vroege doorzaai in het voorjaar. De zaden zijn bovendien voorzien van een stikstofcoating, die de jeugdgroei versnelt en de slaagkans van je doorzaai merkbaar verhoogt.

Die snelle start, dankzij vlotte kieming bij lage temperaturen én sterke jeugdgroei, is ook bij herzaai een grote troef. Ze zorgt ervoor dat jonge planten sneller uitgroeien en minder gevoelig zijn voor plagen, waardoor ze minder kans krijgen om het gras vroeg en ernstig aan te tasten.

Twijfel je over de voor jouw grasland beste optie, contacteer dan je Aveve-zaakvoerder. Hij/Zij helpt je graag verder.

Voersaldo

Voersaldo als stuurinstrument: grip op kosten in uitdagende tijden

Dries Vermander - Productmanager

Het voersaldo is één van de belangrijkste kengetallen op een melkveebedrijf. Het toont hoeveel van je melkgeld overblijft nadat je alle voerkosten hebt betaald. Ook in 2025 hebben we bij Aveve heel wat voersaldo’s berekend. Daarnaast zijn we ook gestart met de voersaldo-app in Link2Farm. In deze app kan je als veehouder zelf je berekende voersaldo’s terugvinden en worden deze ook vergeleken met het gemiddelde van de berekende voersaldo’s over een gedefinieerde periode.

Voersaldo’s 2025

Op bedrijven waar we regelmatig het voersaldo berekenen, zien we in 2025 een gemiddelde productie van 31 kg melk met 4,36 % vet en 3,59 % eiwit. Begin het jaar lag dit eerder rond de 30 kg, maar dankzij de kalfpiek sinds augustus en goede ruwvoeders steeg dit naar 32 kg. Dit zorgde er ook voor dat het voersaldo zeer hoog bleef. Door de goede productie en hoge melkprijzen bleef dit tot september schommelen tussen 11,3 en 11,8 euro/ koe/ dag. Op een aantal bedrijven werden zelfs saldo’s behaald van 14 euro en meer! Daarnaast bleef de kostprijs van de rantsoenen zeer stabiel, met een gemiddelde kost van 5,62 euro/ koe/ dag (Figuur 1).

Helaas daalde de melkprijs sterk in het laatste kwartaal van 2025. Ondanks gelijke kosten en een stabiele productie resulteerde dit in een daling van het voersaldo tot 7,82 euro/ koe/ dag in januari 2026.

E ect kostprijs rantsoen op voersaldo

Melkopbrengsten/koe

Figuur 1: Verloop voersaldo 2025.

Hoe voersaldo optimaliseren bij lage melkprijs?

Bij een lage melkprijs wordt er automatisch sneller gekeken naar de kosten. Zo goed mogelijk melken met zo weinig mogelijk kosten is dan nog belangrijker. Het

Figuur 3: Effect kostprijs rantsoen op het voersaldo.

Bij de huidige melkprijzen is het belangrijk om samen met je adviseur na te gaan wat het rantsoen precies kost. Door te berekenen hoeveel melkproductie je maximaal mag verliezen bij een goedkopere voederstrategie, kan je beter inschatten of je nog op de juiste manier voert. Zo mag bij een daling van de voerkost van 20 cent, de productie met maximaal 0.5 liter dalen, zonder dat het voersaldo daalt. Op langere termijn blijft de gezondheid van de

“Het voersaldo is een dankbaar stuurinstrument: meer melk levert bijna altijd meer saldo op.”

voersaldo is een dankbaar instrument om te evalueren of ingrepen verantwoord zijn of niet. Daarom is het belangrijk om goed te bekijken wat er allemaal een invloed heeft op het saldo. In onderstaande figuren hebben we gekeken naar het verband tussen het voersaldo en enerzijds de melkopbrengst (melkproductie x melkprijs), en anderzijds de impact van de rantsoenkost (Figuur 2 en 3 ). Voor deze grafieken worden de gegevens van de voersaldo’s van januari tot augustus gebruikt. In deze periode was de melkprijs stabiel en had ze dus geen invloed op het voersaldo. Hieruit kunnen we concluderen dat de melkopbrengst een heel grote invloed heeft op het saldo. Meer melk zorgt dus bijna zo goed als altijd voor meer saldo. We zien ook dat de voerkost een kleinere invloed heeft op het saldo. Een duurder rantsoen drukt het voersaldo licht, maar het effect daarvan is veel kleiner dan de impact op de melkopbrengst. Het is dus meestal interessanter om te sturen op productiebehoud en voerefficiëntie, dan om enkel te besparen op de voerkosten.

E ec t m el kopbrengst op voersal do

Figuur 2: Effect melkopbrengst op het voersaldo.

koeien natuurlijk doorslaggevend. Als besparingen de diergezondheid aantasten, ondermijnt dat uiteindelijk ook het toekomstige voersaldo.

Volg je voersaldo op in link2farm

Sinds juli 2025 komen jouw voersaldo’s in Link2Farm. Alle berekeningen die je voedingsadviseur maakt, worden hierin beschikbaar. Zo kan je de evolutie van je voersaldo opvolgen. Bovendien wordt deze ook vergeleken met de benchmark op basis van alle berekeningen bij klanten. Naast de evolutie van je voersaldo kan je ook de evolutie van de melkopbrengsten en voerkosten opvolgen. Op die manier krijg je nog meer inzicht in de technische en economische cijfers van je rantsoen. De invloed van de ruwvoerkwaliteit op de melkopbrengsten en voerkosten kan worden geëvalueerd, evenals een rantsoenwijziging of een aanpassing in de droogstand.

Ben je nog niet aangemeld op Link2Farm?

Bespreek het met je voedingsadviseur en ontdek hoe je je voersaldo kan opvolgen!

Kan je niet wachten?

Scan de QR-code en maak een account aan.

Beschermingsstroken

Tips voor de inzaai van je beschermingsstrook

Eind dit jaar werd het verhaal rond de beschermingsstroken en de bijhorende ecoregelingen verder verfijnd. Vorig jaar moest je als landbouwer al een beschermingsstrook voorzien langs VHA-waterlopen. In deze editie belichten we de actuele stand van zaken. We leggen eerst uit welke afstanden je moet respecteren afhankelijk van de situatie op je perceel. Daarna ontdek je welke mengsels je kan inzaaien op deze stroken. Tot slot gaan we dieper in op de mogelijke ecoregelingen die daarbij aansluiten.

Tip:

Ben je niet zeker of jouw perceel langs een VHA-waterloop ligt? Controleer dit in je verzamelaanvraag. Let op als je ecoregelingen voor deze stroken wil aanvragen. Je moet een actieve landbouwer zijn en je mag geen rustpensioen ontvangen.

Jouw perceel ligt langs een VHA-waterloop

Afhankelijk van de ligging van jouw perceel en inzaai van de hoofdteelt zit je in één van de volgende twee situaties:

Je perceel ligt in gebiedstype 2 of 3 met inzaai van een nitraatgevoelige hoofdteelt? Of ligt in een SBZ-H-gebied of groene bestemming?

In deze situaties moet je een fyto- en bemestingsvrije beschermingsstrook van 5 meter aanleggen. Die 5 meter wordt gemeten vanaf de talud, en je 1 meter teeltvrije strook maakt daar deel van uit. Ligt je perceel in VEN-gebied of op een helling, dan moet je nog een 5 meter extra bemestingsvrije strook voorzien.

Jouw perceel ligt langs een VHA-waterloop in gebiedstype 2 of 3 met inzaai van een nietnitraatgevoelige hoofdteelt, óf langs een VHAwaterloop in gebiedstype 0 of 1?

Dan geldt voor jou een volledig fyto- en bemestingsvrije beschermingsstrook van 3 meter. Ligt jouw perceel daarenboven in VEN-gebied of op een helling, dan moet je 7 meter extra voorzien, zodat je in totaal een 10 meter bemestingsvrije zone hebt.

SITUATIE 1
SITUATIE 2

Wat kan je inzaaien?

Op jouw beschermingsstroken kan je kiezen voor een productief mengsel zoals grasklaver of gras. Denk daarbij aan mengsels zoals Superstar Beltop Blanc of Superstar Extra. Wil je zo weinig mogelijk onderhoud, ga dan voor onze mengeling Rijstroken Traag. Die bevat roodzwenkgras en veldbeemdgras, beide traaggroeiende soorten die het onderhoud tot een minimum beperken. Voor het beheer van deze beschermingsstrook kan je bovendien opteren voor een ecoregeling.

Mogelijke ecoregelingen

Vraag je deze regeling aan dan spreken we niet langer over 'beschermingsstrook' maar over 'bufferstrook'.

Optie 1

Beheer met klepelmaaier

Je beheert de bufferstrook volledig met een klepelmaaier.

• Premie: € 1 000/ha

• Breedte: minstens 3 meter vanaf de talud

• Maaiverbod: van 20/03 tot en met 15/07

• Geen begrazing toegestaan

• Je maait minstens 1 keer per jaar, telkens met een klepelmaaier.

• Het maaisel mag je afvoeren en bijvoorbeeld voederen.

Optie 2

Maaien met afvoer van het maaisel

Je beheert de bufferstrook door te maaien mét afvoer.

• Premie: € 1 250/ha

• Breedte: minstens 3 meter vanaf de talud

• Maaiverbod: van 20/03 tot en met 15/07

• Geen begrazing toegestaan

• Je maait minstens 1 keer per jaar en voert het maaisel telkens af.

Wat kan je inzaaien?

Op jouw fyto/bemestingsvrije stroken kan je dezelfde mengsels zaaien als langs VHA-waterlopen. Kies je voor een productief mengsel zoals grasklaver of gras, dan kan bijvoorbeeld Superstar Beltop Blanc of Superstar Extra Wil je zo weinig mogelijk onderhoud, ga dan voor onze Rijstroken Traag -mengeling met roodzwenkgras en veldbeemdgras, twee traaggroeiende soorten. Bij de inzaai van deze mengsels kan je bovendien een ecoregeling aanvragen.

Mogelijke ecoregelingen

Ter hoogte van deze stroken kan je drie ecoregelingen aanvragen:

• Premie: € 1 025/ha

Grasbufferstrook langs kwetsbare landschapselementen

2

Grasbufferstrook erosie (enkel op visueel hellende percelen)

3

• Ook hier ben je vrij om het afgevoerde maaisel te vervoederen. 1

Jouw perceel ligt langs een oppervlaktewater dat geen VHA-waterloop is

SITUATIE 3

Ligt jouw perceel langs oppervlaktewater dat geen VHA-waterloop is — bijvoorbeeld een poel — dan blijven de regels ongewijzigd. Je moet langs de waterkant 1 meter teelt- en fytovrij en 5 meter bemestings vrij aanhouden.

Bufferstrook bloemenmengsel

• Breedte: minstens 6 meter, gemeten vanaf de talud

• Voorwaarden:

- niet langs grasland

- geen begrazing toegelaten

• Premie: € 1 025/ha

• Breedte: minstens 6 meter vanaf de talud

• Voorwaarden:

- niet langs grasland

- geen begrazing toegelaten

- visueel links

• Premie: € 1 745/ha

• Breedte: minstens 6 meter, startend na de 1 meter teeltvrije strook

• Geschikt voor: percelen die niet-, heel laag of laag erosiegevoelig zijn

• Voorwaarden:

- niet langs grasland

- geen begrazing toegelaten

- vereist een specifiek bloemenmengsel, zoals onze Bufferstrook Plus

Met extra vragen kan je terecht bij je Avevezaakvoerder. Meer info over de regelgeving vind je op de websites van Landbouw en Visserij (Ecoregeling aanleg bufferstroken) en de VLM (Afstandsregels tot waterlopen).

Een volledig overzicht van wat je wel of niet mag, kan je ook hier downloaden: scan de Qr-code of surf naar aveveagrarisch.be/nl/ beheer-van-jouwbeschermingsstrook

Ontdek hier de voordelen voor jou

Mn Green vium Acty

Start het seizoen met een solide basis

Mangaanbemesting met dubbele snelheid

Ideale combinatie van de langzame maar constante werking van het mangaanchelaat met de onmiddellijke actie van mangaansulfaat voor continue groei

Mangaan en magnesium stimuleren de groei en de vitaliteit van het gewas voor een betere opbrengst

• Een najaarstoepassing voorkomt mangaangebrek in het voorjaar

IPO Marine

Uw verzekering voor groei en rendement

Fosforbemesting met unieke mix van sporenelementen

• Hogere opbrengst door uitstekende mix van nutriënten en biostimulanten

• Goede stresstolerantie door aanwezigheid van zeewierextracten

• Specifiek ontwikkeld voor granen en vlas

• Flexibel inzetbaar in combinatie met gewasbeschermingsmiddelen

Vrijloopkraamhokken

PVL in Bocholt is tevreden over vrijloopkraamhokken

Anke Van Tigchelt - Commercieel vertegenwoordiger varkens

In het Limburgse Bocholt bevindt zich het varkensbedrijf van PVL, een proef- en vormingscentrum voor de landbouw. Sander Palmans is als bedrijfsleider de drijvende kracht achter het PVL. Hij stelt met plezier de werking van de varkensstal voor.

Hoe werken jullie precies?

“Het bedrijf telt 96 zeugen en werkt in een zevenwekensysteem, goed voor drie groepen van telkens 32 dieren. Er wordt gewerkt met Topigs-genetica en een bijpassende eindbeer. Zodra de biggen een gewicht van 7 kg bereiken, verhuizen ze naar een andere locatie in Veldhoven.

De stal is emissiearm uitgevoerd, met onder meer schuine putwanden en een mestbak onder de vrijloopkraamhokken. We focussen op praktijkgericht onderzoek en is actief betrokken bij verschillende innovatieve projecten, waaronder onderzoek naar

“Dankzij het ‘frisse neuzen’-systeem is het rond het werpmoment goed mogelijk om een temperatuur van 20 à 21°C te realiseren.”

vrijloopkraamhokken. In dat kader wordt onder meer elke biggengroep 5 keer gewogen om groei en ontwikkeling nauwgezet op te volgen.”

Waarom hebben jullie gekozen voor een vrijloopkraamhok?

“Over die keuze hebben we niet getwijfeld. Als proefen vormingscentrum willen we bij de bouw van onze stal maximaal toekomstgericht denken. Het is onze ambitie om kennis en praktijkervaring te delen met collega-landbouwers. Daarom werd ook een kijkstal geïntegreerd, zodat bezoekers het systeem in de praktijk kunnen bekijken.”

Hoe is jullie vrijloopkraamhok opgesteld?

“Er werd gekozen voor een ITEK-vrijloopkraamhok met afmetingen 3m x 2,6 m. Onder de zeug zijn metalen roosters voorzien, zodat zij haar lichaamswarmte beter kan afvoeren. Voor de biggen is een verwarmd ligbed met afsluitbare kap en warmtelamp ingericht. Zo kan een optimaal microklimaat worden gecreëerd. De verse luchttoevoer gebeurt via het zogenaamde ‘frisse neuzen’-systeem, dat zorgt voor een aangenaam en stabiel stalklimaat.”

Wordt het losloopsysteem continu gebruikt?

“Momenteel worden de zeugen tijdens de eerste vijf tot zeven dagen na het werpen tijdelijk vastgezet. In de toekomst willen we hier verder mee experimenteren, maar op dit moment levert deze werkwijze de beste resultaten op binnen hun bedrijfsvoering.”

Wat zijn de belangrijkste voordelen van jullie kraamhok?

“Een belangrijk voordeel is dat het kraamhok eenvoudig gekoeld kan

worden. Dankzij het ‘frisse neuzen’-systeem is het rond het werpmoment goed mogelijk om een temperatuur van 20 à 21°C te realiseren. Daarnaast wordt via vloerverwarming, een verwarmde kap en een warmtelamp een optimaal microklimaat voor de biggen gecreëerd — essentieel voor een goede opstart. Ook het automatische voedersysteem vormt een grote meerwaarde. De zeugen worden zes keer per dag gevoerd en krijgen telkens een deel van hun dagportie. In de voederbak is een sensor geïntegreerd: wanneer de zeug deze activeert, ontvangt ze het extra voeder dat voor die voederbeurt voorzien is. Het bijsturen van de voergift in de kraamstal verloopt daardoor zeer eenvoudig, waarbij de zeugen deels zelf hun voederopname kunnen beïnvloeden. Momenteel wordt gewerkt met aparte voedercurves voor zeugen en gelten, maar het systeem laat ook hokgestuurde aanpassingen toe.”

Welke tip wil je meegeven aan collega’s die de overstap naar vrijloopkraamhokken overwegen?

“Denk grondig na over de indeling van het kraamhok vóór de vergunningsaanvraag wordt ingediend. Een doordachte voorbereiding vormt de basis voor een efficiënte en toekomstbestendige werking.”

Healthy Dry, succes gegarandeerd!

Gedurende enkele jaren werken we bij Aveve met Healthy Dry. Een voeder dat in de droogstand wordt gecombineerd met maïs en stro om zo tot een ideaal rantsoen te komen. Het combineert eenvoud met prachtige resultaten: minder metabole problemen, betere vruchtbaarheid én meer melk! Op basis van de productiegegevens in ons data-analyse programma Link2Milk gingen we het effect van Healthy Dry op de productie na.

Het concept Healthy Dry

Healthy Dry is een voeder dat 32 % ruw eiwit, 5 % ruw vet en 1 000 VEM bevat. Het is een compleet voeder dat naast energie en eiwit ook volledig gemineraliseerd is. Healthy Dry is extra verrijkt met magnesium en vitamine D3, onder 25-hydroxy cholecalciferol voor een betere opname, om zo de koe te beschermen tegen kalfziekte. Met pensbestendige niacine en choline chloride wordt er ingezet op een betere leverwerking tijdens de transitieperiode. Tot slot bevat het een complex

van anti-oxidanten, het ‘Healthy complex’, wat bestaat uit een combinatie van vitamine E en C, organisch selenium, polyphenolen afkomstig van druiven, thee en granaatappel, en flavanoïden waaronder baïcaline. Deze combinatie zorgt voor een verlengde levensduur van de cellen, wat zorgt voor zowel betere weerstand, een hogere nutriëntopname in de darm en een efficiëntere melkproductie.

Het rantsoen met Healthy Dry bestaat doorgaans uit 6 kg ds (droge stof) maïs, 3,4 kg ds stro en 3 kg N° 460 Healthy Dry bij een totale droge stof opname van 12 kg. Eten de koeien meer, dan moet het ganse rantsoen in dezelfde verhouding worden verhoogd. Op basis van een ruwvoeranalyse en rantsoenberekening kan deze verhouding licht afwijken.

Naast gebruik in de droogstand, wordt het Healthy complex ook gebruikt in een lactatiestarter, N° 27 Roboxx Healthy Start . Dit voeder bevat 17 % ruw eiwit, 5 % ruw vet en 1 020 VEM en is met dit complex aangevuld om koeien tijdens de start van de lactatie optimaal te ondersteunen.

“Healthy Dry combineert eenvoud met prachtige resultaten: minder metabole problemen, betere vruchtbaarheid én meer melk.”

Effect van Healthy Dry op de productie

Op basis van het data-analyse programma Link2Milk bekeken we het effect op de productie wanneer de droge koeien gevoederd worden met Healthy Dry. Van alle bedrijven en koeien die zijn aangemeld op Link2Milk en momenteel in productie zitten, kregen 9 760 koeien

Healthy Dry tijdens de droogstand. Als we kijken naar de gemiddelde productie van deze koeien tussen 41 en 80 dagen, dan zitten ze op 41,8 kg melk, met een BSK van 49,5. De koeien die tijdens de droogstand geen Healthy Dry kregen, zitten tijdens dezelfde periode op 40,6 kg melk, met een BSK van 48,2. (Tabel 1, figuur 1 en 2)

Als we kijken naar de totale gemiddelde productie bij de koeien die Healthy Dry kregen, zitten ze op 34,5 kg melk, met gemiddeld 174 lactatiedagen en een BSK van 51,9. De koeien zonder Healthy Dry produceren 32,8 kg melk, met gemiddeld 177 lactatiedagen en een BSK van 49,5.

Dit toont aan dat naast een betere opstart, de koeien ook in staat zijn om hun productie langer vast te houden, om zo de totale productie van de veestapel te verhogen.

Uiteraard is het van belang dat er naast het vaste rantsoen, ook aan andere voorwaarden voldaan is. Voldoende eet- en ligplaatsen, genoeg mogelijkheden om water te drinken, bij voorkeur uit vlotterbakken, minimaal 42 dagen droogstand, beperken van stress, goeie klauwgezondheid… zijn van cruciaal belang om de droogstand te doen slagen.

Droogstand met Healthy Dry Droogstand zonder Healthy Dry Aantal koeien 9 760 35 906

Productie 41-80 dagen

BSK 41-80 dagen 49,5 48,2

Productie gemiddeld 34,53 kg (174 dagen in lactatie) 32,84 kg (177 dagen in lactatie)

BSK gemiddeld 51,9 49,5

Tabel 1: Effect van Healthy Dry op de productie.

Figuur 1: Productie tussen 41 en 80 dagen van koeien die Healthy Dry kregen tijdens droogstand.

Figuur 2: Productie tussen 41 en 80 dagen van koeien die geen Healthy Dry kregen tijdens droogstand.

Op 10 juni zetten we Neerhespen weer op stelten – met een feestelijke editie

Agro Experience want hey, 125 jaar Arvesta!

Zoals altijd draait alles om jouw bodempotentieel, onze graanproefvelden en de experten die je wegwijs maken. En wie dat wil, kan ter plekke ook een fytolicentievergadering volgen.

Wil je niets missen? Preregistreer dan nu en jij hoort als eerste wanneer de inschrijvingen opengaan. En psst… er ligt daardoor al een leuke verrassing op jou te wachten.

Events 2026

Winnaars in de kijker!

Proficiat aan Michaël Van Eynde uit Stekene, winnaar van onze ‘125 jaar Arvesta’-wedstrijd. Hij mag binnenkort zijn gloednieuwe John Deere zitmaaier X107 in ontvangst nemen. Veel maaiplezier, Michaël!

John Deere X107 John Deere X107

Neerhespen

Of surf naar bit.ly/PreregistratieNeerhespen

Familie Alliet en Aveve-vertegenwoordiger David Gaereminck

Ook de KalverKompas-wedstrijd op Agro Expo en Agridagen lokte heel wat enthousiaste deelnemers. De zes geselecteerde winnaars ontvangen 500 kg startvoeder of een reinigings en ontsmettingspakket. Dank aan alle bezoekers voor hun warme interesse.

Agro Expo

1. Bart Alliet uit Meulebeke

2. Bart Vandekerckhove uit Knesselare

3. Dirk Van Cauteren uit Belsele

Agridagen

1. Kris Hendrix uit Peer

2. Geert Rommens uit Retie

3. Noortje Aernouts uit Sint-Lenaarts

Scan de QR

Speel mee en win!

Ontcijfer deze rebus en maak kans op een Aveve-waardebon van €50!

Mail je antwoord naar agrarisch@aveve.be met als onderwerp ‘ Rebuswedstrijd ’. Vergeet zeker je naam en adres er niet bij te vermelden.

Het antwoord op de vorige rebus was: Ready. Set. Grow! Met de Aveve kalvermelken maken jouw kalveren de beste start!

De volgende personen hebben het juiste antwoord gevonden en vallen in de prijzen. Proficiat!

• Ann Desmedt – Oudenburg

• Filip Carton – Woesten

• Louise Clabots – Boutersem

• Eric Van Akeren – Poppel

• Magda Huyghe – Assenede

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Aveve Perspectief - Maart 2026 by Arvesta - Issuu