Skip to main content

Een blik op de bevoegdheid van de rechter om verplichte anticonceptie te bevelen

Page 1

ARTIKEL | PSYCHIATRISCH PATIËNTENRECHT

Vocht, voedsel en medicatie:

EEN BLIK OP DE BEVOEGDHEID VAN DE RECHTER OM VERPLICHTE ANTICONCEPTIE TE BEVELEN IEMAND VERBIEDEN OM KINDEREN TE KRIJGEN; HET LIJKT EEN ONDERWERP VAN DE VORIGE EEUW, WANT WANNEER ZOUDEN ‘WIJ’ DAAR OOIT DE BEVOEGDHEID TOE HEBBEN? DAT WAS PRECIES DE KRITIEK DIE GEBODEN WERD TEGEN DE INVOERING VAN DE WET VERPLICHTE GEESTELIJKE GEZONDHEIDSZORG (HIERNA: WVGGZ) DIE OP 1 JANUARI 2020 IN WERKING TRAD. DOOR DESTINY EBINUM

16

ALIBI MAGAZINE | EDITIE 3 2022


ARTIKEL | PSYCHIATRISCH PATIËNTENRECHT

De wet introduceerde – hoewel niet expliciet – de mogelijkheid om tegen de wil van een vrouw anticonceptiemiddelen toe te dienen in gevallen die de rechter geboden acht. Het wetsvoorstel ontving na het indienen al veel kritiek. Tegenstanders van het voorstel stelden zich op het standpunt dat het de rechter nooit zou toekomen om dergelijke ingrijpende beslissingen te maken over het lichaam van een vrouw. Voorstanders van het voorstel bepleitten echter dat in sommige gevallen de belangen van een (ongeboren) kind kunnen prevaleren. Kritiek of niet, de wet kwam er. In dit artikel zal de nieuwe – ingrijpende – bevoegdheid van de rechter van dichtbij worden bekeken. VERPLICHTE ZORG De Wvggz maakt onderdeel uit van het grotere raamwerk van het psychiatrisch-patiëntenrecht en maakt het mogelijk om verplichte zorg te verlenen bij personen met een psychische stoornis.1 Verplichte zorg betreft een laatste redmiddel en wordt alleen ingezet wanneer de patiënt vrijwillig zorgverlening niet (langer) accepteert of daartoe geen mogelijkheden zijn.2 De bevoegdheid om verplichte zorg te verzoeken ligt primair bij het Openbaar Ministerie. Het Openbaar ministerie kan namelijk bij de rechter een zorgmachtiging verzoeken.3 De toewijzing – of afwijzing- hiervan gebeurt door de rechter. De burgemeester kan daarnaast in voorkomende gevallen een crisismaatregel bevelen, waardoor ook verplichte zorg kan worden ingezet.4 Verplichte zorg wordt ingezet wanneer de rechter – of bij een crisismaatregel de burgemeester – constateert dat dit voor een patiënt (in ambulant behandeling of geïnterneerd) noodzakelijk is.5 Het doel van de maatregel is doorgaans het afwenden van een crisissituatie of het afwenden van ernstig nadeel.6

EDITIE 3 2022 | ALIBI MAGAZINE

Ook het stabiliseren van de geestelijke gezondheid, het herstellen van de geestelijke gezondheid om zo veel mogelijk autonomie te herwinnen of het stabiliseren van de fysieke gezondheid kunnen als gronden voor verplichte zorg dienen.7 Onder het afwenden van ernstig nadeel verstaat de wet het afwenden van een aanzienlijk risico op: levensgevaar, ernstig lichamelijk letsel, ernstige psychische, materiële, immateriële of financiële schade, ernstige verwaarlozing of maatschappelijke teloorgang, ernstige verstoorde ontwikkeling - zowel voor of van de patiënt zelf voor of van een ander; zoals een ongeboren kind.8 Er is sprake van een crisissituatie als er een onmiddellijke dreiging op ernstig nadeel is van de betrokkene zelf of zijn omgeving en er per direct maatregelen moeten worden genomen om dat gevaar af te wenden.9 DE VEREISTEN VOOR VERPLICHTE ANTICONCEPTIE De mogelijkheid om verplicht anticonceptie toe te dienen bestaat dus om ernstig nadeel bij de moeder of het ongeboren kind (de patiënt zelf of een ander) te voorkomen. In extreme gevallen, zoals in gevallen met vrouwen die lijden aan zware psychische problemen, kan de geboorte van een kind namelijk voor moeder of kind – en soms voor moeder én kind – nadelige gevolgen hebben. De Wvggz biedt sinds 2020 daarom dus een preventieve oplossing voor deze schrijnende gevallen. De manier waarop verplichte zorg wordt verleend verschilt per geval. Naast bijvoorbeeld beperking van de bewegingsvrijheid (internering) of het uitoefenen van toezicht is op grond van artikel 3:2 lid 2 sub a Wvggz ook de verplichte toediening van vocht, voedsel én medicatie mogelijk.10 Concreet houdt dit dus in dat bij een kwetsbaar persoon, tegen zijn

wil, eten, drinken of medicijnen kunnen worden toegediend. Onder medicatie vallen ook anticonceptiemiddelen, zoals de (prik)pil.11 Dat het hier gaat om een verregaande bevoegdheid van de rechtbank moge duidelijk zijn. Het is dan ook begrijpelijk dat de Wvggz strenge eisen stelt aan het verlenen van een zorgmachtiging of crisismaatregelen voor het toedienen van een anticonceptie. Op grond van artikel 2:1 Wvggz mag verplichte zorg enkel en alleen toegepast worden als deze zorg voldoet aan de eisen van proportionaliteit en subsidiariteit en als de gekozen zorgmodaliteit bovendien effectief zal zijn en veilig ingezet kan worden.12 Dit komt er in het concrete geval op neer dat een rechter zal moeten toetsen of het noodzakelijk is om anticonceptie toe te dienen en of dat in het voorliggende geval ook geboden is. De noodzakelijkheidstoets zal de rechter gemakkelijker afgaan. De rechter zal namelijk moeten toetsen of een zwangerschap ook op een andere manier kan worden voorkomen dan door het toedienen van verplichte anticonceptie.13 De proportionaliteitstoets is lastiger. De rechter zal in dat kader in ieder geval de afweging moeten maken tussen enerzijds de lichamelijke integriteit van de vrouw en de rechten en belangen van het onge-

BIO Destiny Ebinum

Bachelorstudent Rechtsgeleerdheid aan de Universiteit van Amsterdam

17


ARTIKEL | PSYCHIATRISCH PATIËNTENRECHT

boren kind. Daarnaast zal de rechter in voorkomende gevallen ook haar persoonlijke, meer medische, belangen (lees: haar belang bij psychische welgesteldheid) van de kwetsbare vrouw moeten afwegen tegen andere persoonlijke belangen, zoals bijvoorbeeld haar actieve kinderwens. HET ETHISCH-JURIDISCHE DILEMMA De rechter – of de burgemeester – heeft dus de juridische bevoegdheid om te beslissen dat bij een kwetsbare vrouw anticonceptie moet worden toegediend. Dit neemt niet weg dat het hier ook gaat om een grote (juridisch)-ethische kwestie. Concreet komt de discussie neer op de vraag of de rechter onder omstandigheden mag besluiten dat het onverantwoord is dat iemand zich voortplant – en of hij dan vervolgens ook deze voortplanting mag verbieden. Velen vinden van niet. Een belangrijk tegenargument is dat de bevoegdheid een te ingrijpende inbreuk maakt op het recht op zelfbeschikking en het recht op bescherming van de persoonlijke levenssfeer.14 Onder deze rechten, die onder andere worden beschermd door art. 8 EVRM en art. 7 HvEU, valt ook het recht om te beschikken over de eigen gezinssitu-

18

atie (ofwel: de procreatie).15 Het recht om zichzelf voort te planten – en te bepalen hoe en wanneer hij dit doet – wordt expliciet erkend onder art. 8 EVRM.16 Het tegen de wil toedienen van anticonceptie zou op dit recht een te grove inbreuk zijn.17 De vrouw wordt namelijk een vrije keuze ontnomen en er wordt een inbreuk gemaakt op de lichamelijke integriteit.18

dat – om dit soort verschrikkelijke situaties te voorkomen – bij bepaalde ouders met psychische problematiek preventief moet worden ingegrepen.22 Verschillende auteurs bepleiten dat óók ongeboren kinderen afgeschermd dienen te worden van bepaalde risico’s.23 Daar zijn ze overigens niet alleen in, ook het EHRM kent veel belangen toe aan de rechten van het ongeboren kind in art. 8 EVRM.24

Art. 8 EVRM, en daarmee het recht op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer en het recht op voortplanting, is echter geen absoluut recht.19 Lid 2 van het artikel bepaalt dat (slechts) inbreuk mag worden gemaakt op dit recht wanneer dit noodzakelijk is in een democratische samenleving en hiervoor een grondslag bestaat. De vraag is dan of de belangen van het ongeboren kind van groot genoeg belang zijn om een inbreuk op art. 8 EVRM te rechtvaardigen.20 Het staat vast dat onder bepaalde omstandigheden ouders ongeschikt zijn als ouders en dit kan tot hele vervelende situaties leiden voor zowel ouder als kind; denk bijvoorbeeld aan het meisje Savanna, die op 3-jarige leeftijd werd omgebracht door haar moeder en stiefvader.21 Voorstanders van de Wvggz stellen

TERUGHOUDENDHEID VAN DE RECHTER Enige terughoudendheid van de rechter is echter geboden. Verplichte anticonceptie is een gevoelig onderwerp waarover de laatste dingen nog niet zijn gezegd. Bij het verlenen van een zorgmachtiging erkent de rechtbank dat art. 10 en 11 Grondwet en art. 8 EVRM de lichamelijke integriteit en de persoonlijke levenssfeer beschermen.25 Echter, zij is ook van mening dat art. 3:2 lid 2 sub a Wvggz voldoende grondslag biedt om inbreuk te maken op deze rechten.26 Desalniettemin vindt er bij dit soort zorgmachtigingen een uitgebreide afweging plaats. Hierbij wordt onder andere meegewogen of de betrokken vrouw al kinderen heeft, wat haar kinderwens is en hoe zij omgaat met alternatieve anticonceptie.27

ALIBI MAGAZINE | EDITIE 3 2022


ARTIKEL | PSYCHIATRISCH PATIËNTENRECHT

De eerste zorgmachtiging voor het verplicht toedienen van anticonceptie werd verleend door de rechtbank Rotterdam voor de behandeling van een Liberiaanse vrouw.28 Vast was komen te staan dat de vrouw leed aan een schizo-affectieve stoornis, maar daarnaast op verschillende vlakken problemen had.29 Zo had zij schulden, leefde zij (tot haar opname) op straat en was zij gestopt met het nemen van haar medicijnen. De vrouw was ten tijde van de zitting al moeder van vier kinderen, maar deze waren uit huis geplaatst en zij had ook niet langer het gezag over hen. Desondanks had zij een kinderwens, welke zij wilde waarmaken. Eerdere wisselvalligheid in deze kinderwens had echter ook al geleid tot een abortus, als gevolg waarvan zij mentaal ook heeft

1

2

3

4

5

6

7

8

9

10

11

12

13

Zie onder andere Opschrift Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (wet van 24 januari 2018). Artikel 2:1 lid 1 en 2 Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. Artikel 5:3 Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. Artikel 7:1 Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. Artikel 2:1 lid 2 Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. Artikel 3:4 sub a en b en artikel 7:1 lid 1 sub a en b Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. Artikel 3:4 sub c, d en e Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. Artikel 1:1 lid 2 Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport 2022, geraadpleegd via https://www.dwangindezorg.nl/wvggz/crisismaatregel op 7 april 2022 Artikel 3:2 lid 2 sub a Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. Zie bijvoorbeeld Rb. Rotterdam 12 maart 2020, ECLI:NL:RBROT:2020:2489. Artikel 2:1 lid 3 Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. Zie bijvoorbeeld r.o. 2.4.1. van Rb. Rotterdam van

EDITIE 3 2022 | ALIBI MAGAZINE

geleden.30 Deze factoren bij elkaar genomen heeft de rechter uiteindelijk doen besluiten de zorgmachtiging te verlenen. Een belangrijke kanttekening die daarom gemaakt dient te worden is dat niet zomaar, maar enkel in schrijnende situaties, een zorgmachtiging zal worden verleend voor anticonceptie. CONCLUSIE Sinds de invoering van de Wvggz hebben rechters en burgemeester de verregaande bevoegdheid om het verplicht innemen van anticonceptie te bevelen. De Wvggz bepaalt namelijk dat bij personen met een psychische stoornis verplicht medicatie kan worden toegediend, wanneer dit nodig is om onder andere ernstig nadeel af te wenden. Dit nadeel

kan ook bestaan in de (toekomstige) gebrekkige ontwikkeling van een (nu nog ongeboren) kind. Het betreft hier echter een gevoelig onderwerp. De fundamentele rechten op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer en het recht zichzelf voort te planten stuiten hier op beperkingen. In sommige gevallen kan het volgens voorstanders van de Wvggz namelijk nodig zijn om preventief maatregelen te nemen – om slechte gezinssituaties te voorkomen. Wat men er ook van denkt, de Wvggz is al in werking getreden en de eerste zorgmachtigingen zijn ook al verleend. Het lijkt echter vanzelfsprekend dat de Nederlandse rechter niet lichtelijk om zal gaan met zijn bevoegdheid en dat wij – al is het maar voor even - deze moeilijke afweging bij hen kunnen neerleggen.

8 september 2022, ECLI:NL:RBROT:2020:9178. C. van der Vleuten & H. van Kolfschooten, ‘’Van verplichte geestelijke gezondheidszorg naar verplichte anticonceptie?’’, Nederlands Juristenblad 2022/620. 15 Idem. 16 L. Ten Haaf, ‘’Grondrechten en het ongegronde recht op niet-bestaan. Gedwongen anticonceptie gezien in het licht van artikel 8 lid 2 EVRM’’, Ars Aequi Maandblad 2017/03. 17 C. van der Vleuten & H. van Kolfschooten, ‘’Van verplichte geestelijke gezondheidszorg naar verplichte anticonceptie?’’, Nederlands Juristenblad 2022/620. 18 C. van der Vleuten & H. van Kolfschooten, ‘’Van verplichte geestelijke gezondheidszorg naar verplichte anticonceptie?’’, Nederlands Juristenblad 2022/620. 19 L. Ten Haaf, ‘’Grondrechten en het ongegronde recht op niet-bestaan. Gedwongen anticonceptie gezien in het licht van artikel 8 lid 2 EVRM’’, Ars Aequi Maandblad 2017/03. 20 L. Ten Haaf, ‘’Grondrechten en het ongegronde recht op niet-bestaan. Gedwongen anticonceptie gezien in het licht van artikel 8 lid 2 EVRM’’, Ars Aequi Maandblad 2017/03. 21 Zie bijvoorbeeld ‘’Savanna werd thuis om-

gebracht’’ op Trouw.nl (auteur onbekend), via https://www.trouw.nl/nieuws/savanna-werd-thuis-omgebracht~b86c3933/?referrer=https%3A%2F%2Fwww.google.com%2F. Geraadpleegd op 21 maart 2022. L. Ten Haaf, ‘’Grondrechten en het ongegronde recht op niet-bestaan. Gedwongen anticonceptie gezien in het licht van artikel 8 lid 2 EVRM’’, Ars Aequi Maandblad 2017/03. A.C. Hendriks, ‘’Het recht op voortplanting en zijn grenzen’’, Tijdschrift voor Gezondheidsrecht 2012/04. A.C. Hendriks, ‘’Het recht op voortplanting en zijn grenzen’’, Tijdschrift voor Gezondheidsrecht 2012/04. Rb. Rotterdam 12 maart 2020, ECLI:NL:RBROT:2020:2489, r.o. 2.2.2. Rb. Rotterdam 12 maart 2020, ECLI:NL:RBROT:2020:2489, r.o. 2.2.2. Rb. Rotterdam 12 maart 2020, ECLI:NL:RBROT:2020:2489, r.o. 2.2.2. Rb. Rotterdam 12 maart 2020, ECLI:NL:RBROT:2020:2489. Rb. Rotterdam 12 maart 2020, ECLI:NL:RBROT:2020:2489, r.o. 2.2.2. Rb. Rotterdam 12 maart 2020, ECLI:NL:RBROT:2020:2489, r.o. 2.2.2.

14

22

23

24

25

26

27

28

29

30

19


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Een blik op de bevoegdheid van de rechter om verplichte anticonceptie te bevelen by ALIBImagazine - Issuu