Het is respectvol om altijd eerst even stil te zijn met de stenen en ze te eren met kruiden of tabak, voordat ze rond de vuurstapel worden gelegd. De stenen gaan voor ons door het vuur. In de sjamanistische traditie worden zij gezien als voorouders. Ze hebben immers al zoveel meegemaakt voordat ze zo groot zijn als ze zijn. In de tijd dat ze op Aarde waren, hebben ze alles in zich opgeslagen. Zij dragen veel wijsheid en kennis, die ze aan ons willen doorgeven.
Immia Schellevis
Vuur
VOORWOORD
“Het is dan ook niet zo gek dat wij onze overleden geliefden kunnen terugzien in alles wat er om ons heen leeft: de vogels, de zee, de bomen, maar ook in het ongeziene: de wind, gedachten, geluiden en gevoelens.” Deze prachtige zin las ik tijdens het redigeren van het boek over de dynamiek van archetypen daags na het plotselinge overlijden van mijn trouwe metgezel Belco. Wat een timing! Dit is zeker niet de eerste keer dat ik precies onder ogen krijg wat ik nodig heb. Ik hoor ook van veel lezers dat heus hen op het juiste moment bereikt en brengt waaraan ze op dat moment behoefte hebben. Trouwens, de ogen van Belco staan op de cover van het boek Zielscontracten tussen mens en dier dat enkele jaren geleden verscheen. Een aanrader! Net zoals de nieuwe oogst van dit voorjaar: De dynamiek van archetypen van Saskia Sinnige, Planten der doden van Aukje Bor-Stokroos, Diepzielduiken van Alice Henriëtte Clausde Jong en Moeiteloos groeien en creëren van Elvira van Rijn. Veel leesplezier!
adrie beyen, hoofdredacteur en uitgever
INHOUD
“Gedichten zijn als poorten.”
Alice Henriëtte Claus-de Jong 2
“Alles is uit te beelden.”
“De tonen drukken een creatiekracht uit.”
Elvira van Rijn 6
Susanne Vorstman 10
De toverkracht van vragen
Anky Floris 11
“Het gebruik van planten werkt verdiepend en geeft betekenis.”
Aukje Bor-Stokroos 12
info@A3boeken.nl – www.facebook.com/A3boeken
“Met de kennis van archetypen heb je goud in handen.”
Saskia Sinnige 16
Wanneer de werkelijkheid begint terug te dromen
Sara Hermanides 20
De dood in de kaarten
Anneliese Melens 22
DE LEZER
Peter Saarloos 26
OVERPEINZING
Het is gezien. Het is niet onopgemerkt gebleven.
Elodie Hunting 28
FONDSLIJST 29
LEGENDA
“Gedichten zijn
Diepzielduiken komt voort uit de levenslange fascinatie van musicus, kunstenaar en mind trainer Alice Henriëtte Claus-de Jong voor de innerlijke reis. Deze bijzondere bundel is een zintuigelijk reisboek voor de binnenwereld, dat je uitnodigt om te vertragen, te verwonderen en stil te staan bij wat zich in jou afspeelt. Gedicht voor gedicht duik je dieper. Niet lineair, maar spiraalsgewijs. Zoals de natuur beweegt. Zoals bewustzijn zich ontvouwt.
als poorten.”
Welke herinneringen heb je aan jouw kindertijd?
“Als kind hoorde ik ‘Die Moldau’ van Smetana en iets in mij werd stil getild. Het was alsof ik niet meer in de klas was, maar werd meegenomen door een rivier die door een andere laag van de werkelijkheid stroomde. Tijd verdween. Mijn lichaam zat nog in de klas, maar mijn bewustzijn zat ergens anders.
Na afloop liep ik het schoolplein op. Kinderen renden, lachten, speelden door. Ik keek naar hen alsof ik net was teruggekeerd uit een wereld die zij niet kenden. Ik begreep niet hoe je na zo’n reis zomaar weer verder kon spelen. Dat moment leerde me dat muziek een poort kan zijn om te herinneren dat er meer is dan wat zichtbaar is. Daar wilde ik zijn. In die laag onder de oppervlakte, waar klank ruimte wordt en tijd oplost.
Deze wereld voelde vollediger.
Steeds weer zocht ik deze wereld opnieuw op, zonder te weten dat ik zocht. In het kinderkoor waar mijn stem samenviel met iets groters. Op blokfluitles, waar een simpele toon genoeg was om de rand van de ruimte te laten vervagen.
Later, met de saxofoon, werd die ervaring lichamelijker: de trilling in mijn borst. Lucht werd klank, een stroom die door mij heen liep in plaats van langs mij. Weer later in orkest repetities en saxofoonkwartetten, waar luisteren net zo belangrijk is als spelen. Er waren momenten dat niemand meer leidde en alles op zijn plek viel. Dan was ik weer daar in diezelfde laag waar ik was als kind bij ‘Die Moldau’. Waar aandacht verdicht en tijd zich uitstrekt.
Het waren geen ontsnappingen, maar thuiskomsten. Steeds opnieuw koos ik voor die plek waar klank een ervaring wordt en ik mezelf vollediger voelde.”
Je bent professioneel musicus geworden. Hoe heb je dat ervaren?
“Het is een lang proces van belichaming, discipline en identiteit. Een sterk gestructureerd systeem: les, examens, concerten. In het begin overheerst techniek: embouchure, adem, intonatie en klankvorming. Het musicusgevoel kwam pas veel later, toen ik merkte dat ik iets kon vertellen, toen mijn luisteren veranderde naar stilte, naar ruimte, naar anderen in samenspel. Spelen wordt een vorm van diep luisteren.
De overstap van klassiek saxofonist naar mind trainer nog weer later, is geen breuk, maar een logische verdieping van hetzelfde pad.
Als klassiek musicus werkte je jarenlang aan aandacht, adem, lichaam en innerlijke stilte. Muzikale beheersing vraagt precies dat: aanwezig zijn in het moment, spanning reguleren, luisteren voor handelen. Wat
eerst gericht was op klank en interpretatie, verschoof gaandeweg naar het innerlijke proces eronder. Op een bepaald moment werd duidelijk dat het niet alleen ging om muziek maken, maar om bewustzijn trainen: hoe focus ontstaat, hoe spanning en alertheid samengaan, hoe blokkaden in het lichaam en geest oplossen en hoe creativiteit vanzelf gaat stromen wanneer het denken wijkt. De saxofoon was het oefenveld. Mind training werd de essentie.
Waar je eerder mensen raakte via klank, begeleid je hen nu via aandacht, waarneming en innerlijke ruimte. De rol verschoof van uitvoerder naar begeleider, maar de kern bleef hetzelfde: mensen helpen thuis te komen in zichzelf, precies zoals muziek dat ook doet.
Musicus zijn trainde mijn geest. Mind trainer zijn deelt die vaardigheid bewust met anderen.”
Je ontdekte dat alles resoneert. Wanneer deed je die ontdekking en welke gevolgen had dat?
“Gaandeweg ontdekte ik dat alles resoneert. Niet alleen een stem, een instrument, maar ook een boom in de wind, een mens die zwijgt, de zon die opkomt, alles trilt. Het was geen gedachte, maar het voelde als een lichamelijk weten. Alsof mijn eigen toon zich afstemde op een groter veld.
In die momenten voelde ik hoe ik werd opgenomen in een groter geheel. Klank bleek geen afzonderlijk verschijnsel, maar een eigenschap van het bestaan zelf.
Wanneer ik speelde, leek het soms alsof ik niet de muziek voortbracht, maar de muziek mij gebruikte om hoorbaar te worden.
Dat besef veranderde mijn manier van ervaren, luisteren. Afstemmen werd mijn primaire zintuig. Ik begon aandacht te krijgen voor wat niet klonk, maar wel voelbaar was: spanning, stilte, onderstromen. En telkens wanneer alles samenkwam – adem, toon, ruimte – herkende ik diezelfde dimensie waarin ik als kind was binnengevallen. Een wereld die niet buiten deze ligt, maar erdoorheen.”
Hoe zou je jouw binnenwereld omschrijven?
“In die resonantie ontdekte ik hoe rijk onze binnenwereld is. Hoeveel er gebeurt nog voor we woorden geven, nog voor we handelen. Het is daar waar emoties ontstaan, dat intuïtie fluistert, dat richting voelbaar wordt. Niet luid, maar precies.
Ik merkte dat wanneer ik daarmee contact hield, de buitenwereld minder hard werd. Niet omdat zij veranderde, maar omdat ik van binnen meebewoog. De binnenwereld bleek geen afgesloten ruimte, maar
een kompas. Wanneer ik haar negeerde, raakte ik mezelf kwijt. Wanneer ik luisterde, viel alles op zijn plaats. We leren vroeg om ons te richten op wat zichtbaar is, meetbaar, benoembaar. Wat ons werkelijk draagt, leeft onder die laag in stilte, in aandacht, in subtiele trillingen die ons vertellen of iets klopt of niet. Dat innerlijke landschap vraagt geen prestatie, alleen aanwezigheid. Misschien is dat wat muziek en later ook poëzie heeft mij geleerd: dat mens zijn begint aan de binnenkant. Dat wanneer we die ruimte serieus nemen, we niet zweverig worden, maar juist vollediger aanwezig zijn. Gegrond in onszelf, waardoor we werkelijk in contact zijn met de wereld. Iedereen heeft een unieke binnenwereld, maar niet iedereen leeft er bewust in. Ik zou geen uitspraak willen doen over of mijn binnenwereld verschilt van die van anderen. Ik weet alleen dat ik heb gewerkt met het ontwikkelen van manieren van ervaren op basis van mind training en emotionele vaardigheid. In de decennialange beoefening van de binnenwereld heb ik persoonlijke ontwikkelingen ondervonden die in lijn liggen met de voorspelling over het werken met dit soort ontwikkelingstools. Dat voelt krachtig. Zo krachtig dat ik heb besloten dit door te geven. Waar veel mensen hun binnenwereld pas opmerken als iets wringt of vastloopt, ervaar ik haar als een continu veld van informatie. Dat maakt dat ik minder werk vanuit controle, maar werk vanuit afstemming. Mijn binnenwereld is geen afgesloten plek, maar een werkruimte: een plek waar waarnemen, voelen en creëren samenkomen. En van daaruit zoek ik steeds verbinding met de buitenwereld.”
In Diepzielduiken staan gedichten. Hoe zou je die gedichten omschrijven?
“Mijn teksten worden gedichten genoemd en dat zijn ze ook, in vorm, in taal, in ritme. Maar voor mij ontstaan ze op dezelfde plek als muziek. Niet vanuit het hoofd, maar vanuit afstemming. Vanuit gewaarwordingen. Ik schrijf niet om iets te beschrijven, maar om een innerlijke beweging op gang te brengen. Het begint als een verstilling. Een moment waarop iets in mij aandacht vraagt en ik voelend waarneem. Woorden dienen zich aan zoals tonen dat doen: ze hebben gewicht, ritme, een eigen temperatuur. De woorden functioneren als klank. Ze dragen trilling, openen ruimte, vertragen, verdiepen of geven inzicht. Soms lees ik een gedicht terug en herken ik het moment waarop het ontstond, als een staat van aandacht waarin ik zelf even verdween.”
Hoe heb je de woorden gevonden voor die gedichten?
“De gedichten zijn poorten, doorgangen naar mijn binnenwereld. De woorden zijn soms moeilijk te vinden. Omdat voor bewustzijn nog weinig woorden zijn, gebruik ik metaforen, pointers die richting geven naar diepere werkelijkheden, ervaringen, gewaarwor-
dingen en inzichten die voorbij woorden reiken, maar innerlijk kunnen worden herkend en doorvoeld. Misschien bewegen de gedichten zich ergens tussen poëzie, meditatie of muziek in. Of misschien doen ze iets wat nog geen naam heeft. Voor mij zijn ze een manier om dezelfde binnenwereld tastbaar te maken en haar te delen.”
Elk gedicht wordt gevolgd door een reflectie, vragen en interactieve oefeningen. Wat is de functie van die drie?
“Na elk gedicht volgt een ruimte, een uitnodiging. De reflecties, vragen en oefeningen zijn er niet om de gedichten te ontleden, maar om door te laten werken. De reflecties vertragen, ze helpen om te blijven bij wat geraakt is, voordat het hoofd het overneemt. Alsof je na een muziekstuk nog in stilte blijft zitten, zodat de laatste trilling kan uitklinken.
De vragen openen. Ze wijzen niet naar een juist antwoord, maar naar de binnenwereld van de lezer. Ze nodigen uit tot het luisteren naar jouw eigen trilling.
Vaak ontstaat daar iets onverwachts: een gevoel, een herinnering, een inzicht.
De oefeningen brengen ons naar het lichaam. Naar adem, aandacht, aanwezigheid. Ze maken voelbaar wat de woorden hebben aangeraakt. Zodat het niet bij lezen blijft, maar wordt ervaren.
Zo wordt elk gedicht een beginpunt. Een moment van ontmoeting tussen taal en binnenwereld. Wat je ermee doet, bepaal je zelf, maar wie blijft, merkt dat er iets in beweging komt.”
De bundel bestaat uit drie delen: afdeling, transformatie en verlichting. Hoe ben je tot deze indeling gekomen?
“Toen ik mijn gedichten schreef, had ik nog niet het idee om een bundel uit te geven. Dat ontstond later, toen ik ze naast elkaar legde en ik zag ik dat ze een natuurlijke beweging volgden die ik zelf ook ken.
De drie delen beschrijven geen stappen die je moet bereiken, maar een natuurlijke innerlijke beweging die veel mensen herkennen.
De Afdaling is het vertragen en naar binnen keren. Het is het moment waarop je stopt met zoeken buiten jezelf en bereid bent te voelen wat er in je leeft. Naar dat stille gebied waar je jezelf ontmoet zonder masker. In het toelaten van wat wringt, schuurt. Het onder ogen zien van schaduw, twijfel, oude lagen. Zonder oordeel. Transformatie is wat er gebeurt wanneer je niet weggaat van wat je tegenkomt. Als je bij dat innerlijke contact blijft. Oude patronen verzachten, perspectief verschuift, aandacht wordt ruimer. Een alchemistisch midden, waar aandacht naar binnen keert, tegenstellingen samensmelten en verwarring langzaam richting geeft.
Verlichting bedoel ik niet als een verheven eindpunt, maar een staat van helder aanwezig zijn. Momenten waarop je jezelf en het leven directer ervaart, lichter
en vrijer. Niet los van het dagelijkse bestaan, maar er middenin. Met elkaar vormen deze drie delen de bedding van Diepzielduiken.”
Welke rol spelen de zintuigen?
“In alles wat ik doe spelen de zintuigen een stille maar essentiële rol. Ze zijn de poorten waardoor de binnenwereld zich opent. Nog voor er een gedachte ontstaat, is er waarneming: een trilling in het oor, een ruimte in de borst, een subtiele verschuiving in adem.
Bij het lezen van een gedicht gebeurt iets soortgelijks als bij het luisteren naar muziek. Het oog volgt woorden, maar het lichaam luistert. Een zin kan warm aanvoelen, een beeld scherp. Een stilte tussen regels is bijna tastbaar. De zintuigen vertragen ons, halen ons uit het hoofd en brengen ons terug in het moment. Ook in de reflecties en oefeningen worden ze aangesproken. Niet om iets te bereiken, maar om aanwezig te worden. Voelen hoe je voeten de grond raken.
Horen wat er klinkt achter de woorden. Opmerken hoe adem beweegt. Zo wordt aandacht iets lichamelijks, geen abstract begrip.
Wanneer de zintuigen meedoen, wordt de binnenwereld geen vaag idee, maar een aanvaardbare ruimte. Dan ontstaat er een vorm van luisteren die dieper gaat dan geluid, een afstemming waar lichaam, taal en stilte elkaar ontmoeten.”
Op de omslag staat een kunstwerk van jouw hand. Hoe zou je dat omschrijven? Wat is de idee erachter?
“Op de cover staat ‘Feeling the Unfelt’, het derde deel van het zesluik ‘Perceptions’. Perceptie is een interpretatie van waarneming waaraan een subtiel bewustwordingsproces voorafgaat. Aan dat proces heb ik expressie gegeven middels het zesluik ‘Perceptions’. Het kunstwerk ‘Feeling the Unfelt’ verbeeldt een botsing van vormen waaruit een zwart gat ontstaat. De diepe zwarte achtergrond, bron van alle creatie, is opgebouwd uit acryl diepzwart. De vormen, voortgekomen uit de onpeilbare diepten van de waarnemende geest, zijn aangebracht met watergedragen gel-inkt. Het is afgewerkt met meerdere lagen vernis. Kenmerkend voor dit werk is het pointillisme: een techniek waarbij beeld wordt opgebouwd uit talloze kleine stippen. Een rijk spel van vormen en structuren dat zich slechts langzaam onthult aan de beschouwer die met aandacht, verstilling en openheid kijkt.”
Je houdt je bezig met mind training en positieve neuroplasticiteit. In hoeverre liggen die ten grondslag aan Diepzielduiken?
“Mijn man Steven Claus-de Jong heeft een neurologische achtergrond in brein en kwaliteit van leven, en brengt die nu samen in training en coaching. We zijn als twee kanten van dezelfde medaille.
We werken met mind training die gericht is op het cultiveren van emotionele balans en het versterken van
positieve neuroplasticiteit. Dat betekent dat we leren onze aandacht bewust te richten, zodat helpende mentale en emotionele patronen kunnen groeien, zoals helderheid en veerkracht. Door oefeningen verandert niet alleen hoe we ons voelen, maar ook hoe ons brein zich structureel vormt. Het is een proces van vertragen, bewustwording en innerlijke afstemming. Precies waarover duurzame verandering gaat.
Mind training en positieve neuroplasticiteit zijn een onderstroom van Diepzielduiken. Ze zijn het stille fundament waarop de bundel rust.
Diepzielduiken is onderdeel van een groter proces: mind training. Het boek vormt een ingang. Een ervaringslaag van voelen en afstemmen.
Je hebt een proces, een gevoel. Daar ga je met bewustwording in. Daar kun je in blijven of je kunt het concreter voor jezelf maken. Concreter maken betekent: vangen in woorden of gedachten. Dat beperkt de vrijheid van betekenis. Maar het helpt om andere deelgenoot te laten worden van het proces.
We trainen mentale fitheid. We verbinden innerlijke bewustwording met praktische mind training en leren mensen focus, emotionele intelligentie en veerkracht toe te passen in werk en leven.”
Wat hoop je dat dit boek mensen zal brengen?
“Ik hoop dat Diepzielduiken mensen helpt hun rijke binnenwereld te ontdekken. Niet als iets abstracts, maar als levende ruimte die richting geeft. Wie leert luisteren naar wat er van binnen klinkt, vindt gaandeweg zijn eigen toon.
Een innerlijke reis die uitnodigt tot zelfreflectie, patronen te doorzien en meer rust, focus en helderheid. Wie durft te luisteren naar wat er van binnen klinkt, ontdekt niet alleen zichzelf, maar ook een manier om meer aanwezig te zijn en een veerkrachtig en vervuld leven te leiden.
Voor wie dat proces verder wil verdiepen hebben we een speciale Diepzielduikworkshop gemaakt. Een uitnodiging om via poëzie je innerlijke wereld te ontmoeten. We lezen, ervaren en doorvoelen gedichten en verbinden ze met reflectie en eenvoudige emotionele balans-tools. Geen theoretische les, maar een kunstzinnige en spirituele reis naar binnen. Waar woorden helen, creativiteit opent en inzicht mag ontstaan. Iedereen kan meedoen; wat telt is dat je komt met een hart dat wil luisteren.”
NIEUW
Diepzielduiken
– Poëtisch kompas voor je binnenwereld
Alice Henriëtte Claus-de Jong 17 x 17 cm, 84 pagina’s (hardcover) isbn 978 94 91557 94 1 € 19,50
Verschijnt maart 2026
“De tonen drukken een creatiekracht uit.”
Zou je graag werken met de Maya kalender, hun zegels en tonen, maar vind je de theorie knap ingewikkeld? Schrijf je graag intuïtief en reflectief, en ben je op zoek naar een andere ingang? In beide gevallen biedt het nieuwe boek van Elvira van Rijn jou wat je zoekt en meer!
Toen Elvira bij haar vriendin een boek over Maya astrologie op tafel zag liggen, had ze niet kunnen bevroeden dat dit haar leven totaal zou veranderen. De beschrijving van haar geboortezegel benoemde haar in haar ogen minder leuke eigenschappen juist als kwaliteiten. Toen realiseerde ze zich dat ze op een andere manier naar haarzelf mocht gaan kijken. Inmiddels werkt ze nu meer dan twintig jaar met de wijsheid van de Maya’s. Wat heeft dit haar gebracht?
“Vooral hun kalenders hebben me een andere kijk op het leven gegeven, een manier van leven vanuit verbinding”, antwoordt Elvira. “Verbinding met mezelf, met alle kwaliteiten die ik in me heb – meer dan waarvan ik me bewust was – en met anderen. Het besef dat we allemaal uniek zijn én tegelijkertijd ook allemaal gelijk of allemaal één. Dat wil zeggen: we maken allemaal op onze eigen unieke manier gebruik van hetzelfde gereedschap: de twintig zegels en dertien tonen van de kalender en alle 260 manieren waarop je die kunt combineren. Door de kalender heb ik niet alleen meer begrip voor en van mezelf gekregen, maar ook meer begrip voor anderen. We zijn niet allemaal hetzelfde en wat voor mij heel goed werkt, werkt voor jou misschien heel anders of helemaal niet.”
Ze is gaan doen wat echt bij haar past, wat ze echt leuk vindt om te doen. Niet meer als communicatietrainer mensen vaardigheden aanleren, maar op een diepere laag met mensen werken. Met workshops, trainingen, online trajecten, boeken, kaarten en meer.
DE EERSTE TWEE
Als eerste schreef Elvira Maya wijsheid voor je levenspad, het Tzolkin profielenboek. In dit basisboek (in 2020 verscheen een geheel herziene en uitgebreide druk) legt ze uit hoe je kunt werken met de kalender, zowel op basis van de dagenergie als met een geboortedatum. Alle zegels en tonen worden erin beschreven. Met dit boek in de hand kun je zelf van alles uitzoeken over je persoonlijke blauwdruk en allerlei profielen maken. In haar tweede boek, Maya wijsheid voor je levensreis, het levenspadenboek, beschrijft ze alle 260 dagen van de kalender en reikt ze een manier aan om zelf met de
dagenergie aan de slag te gaan. Dit boek is meer ervaringsgericht. “In de loop van de tijd heb ik ervaren wat het verschil is tussen lezen over de kalender en de kalender als het ware mee naar binnen nemen, eigen maken door bijvoorbeeld een versje te maken bij de dagenergie of het bijbehorende logboek bij te houden. Dan komt de kalender echt tot leven en krijg je inzichten die uit jezelf komen, aangeraakt door de kalender”, legt Elvira uit.
NOG ERVARINGSGERICHTER
In haar nieuwe boek, Moeiteloos groeien en creëren, gaat Elvira nog een stapje verder in het ervaringsgericht werken met de kalender: “Vaak vragen mensen om uitleg en duiding, of om achtergrondinformatie vanuit de Maya cultuur als ondersteuning voor hun interpretatie van de kalender. Veel mensen realiseren zich niet dat de energie niet bij de Maya’s vandaan komt, maar uit het hart van de Melkweg. Het is energie die hier en nu voor iedereen beschikbaar is. We zijn allemaal verbonden met deze bron en dat wisten de Maya’s al lang geleden. Met dit boek neem je niet alleen informatie mee naar binnen, maar breng je die ook weer op jouw eigen manier naar buiten. Al schrijvend, op een heel intuïtieve manier. Dat brengt je net onder de oppervlakte, daar waar je met je denken niet bij kunt, maar waar wel heel mooie inzichten op je liggen te wachten. Al schrijvend breng je die naar de oppervlakte.”
Moeiteloos groeien en creëren is een leesboek en werkboek ineen. Het staat bol van creatieve, intuïtieve schrijfopdrachten, die je inspireren om in de flow van de kalender af te stemmen op het innerlijk kompas dat we allemaal hebben, maar waar we soms niet zo goed bij kunnen. Elvira benadrukt dat je voor de opdrachten geen speciaal schrijftalent hoeft te hebben. Ze heeft ze zo gemaakt dat je moeiteloos kunt beginnen met schrijven en als je eenmaal aan het schrijven bent, komen de woorden meestal als vanzelf. En hoewel de dertien tonen en hun creatiekracht het uitgangspunt vormen, hoef je geen specifieke kennis van de Maya kalender te hebben om met dit boek aan de slag te gaan.
MOEITELOOS – GROEIEN
– CREËREN
De titel bevat drie elementen en Elvira licht ze alle drie toe: “Moeiteloosheid is voor mij verbonden met de natuur, onze eigen natuur. De dertien tonen helpen je om de verbinding met jouw eigen natuur te versterken, om mee te gaan in een natuurlijke beweging die de kalender laat zien. Elke dag een eigen energie, elk levensjaar een eigen energie, elke nieuwe maan een eigen energie. Groeien gaat vanzelf, het is een kwestie van ontwikkelen en uitbreiden van wat aanwezig is. Je ziet het om je heen. Kijk naar de seizoenen, de ontwikkeling van een mens: we worden geboren, groeien op en gaan weer dood. Het is een proces dat we allemaal op onze eigen manier beleven en ervaren. Groeien is iets wat je kunt bevorderen of remmen. Door je bewust te worden van wat er in je leeft, wat jouw mogelijkheden zijn, kun je jouw eigen groeikracht versterken. Creëren, tot slot, is een bewust samenspel tussen de mens, de natuur en de kosmos. Je creëert door je niet alleen bewust af te stemmen op de natuurlijke ritmen, maar ook op de kosmische ritmen. We zijn allemaal medescheppers. Wat we denken, zeggen en doen heeft een scheppende kracht. Door
bewust mee te bewegen met de tijd en met de kosmos kun je harmonie bewerkstelligen. In jezelf en om je heen.”
SCHRIJVEN – MEEBEWEGEN – TONEN
De subtitel bevat ook drie elementen en deze krijgen eveneens een toelichting: “De oefeningen zijn gebaseerd op intuïtief schrijven: je schrijft alles op wat er in je opkomt en laat je verrassen door wat er uit je pen rolt. Alles wat ontstaat, is goed. Ook het commentaar dat soms in je hoofd opduikt als je het even niet meer weet. Intuïtief schrijven is voor mij vol verwondering waarnemen wat geschreven wil worden. Niet vooraf bedenken wat je gaat schrijven, maar ontdekkend schrijven. Tijdens de online schrijfsessies die ik vorig jaar organiseerde, waren deelnemers vaak verwonderd en verrast over het moois dat uit hun pen vloeide. En over de emoties die loskwamen, over zelfvertrouwen dat groeide, over het plezier dat ze erin vonden en over nieuwe waardevolle inzichten die zich op verrassende wijze tijdens het schrijven en delen aandienden. In de natuur is alles altijd in beweging. Soms zo traag dat we het niet kunnen zien, maar beweging is er.
foto:
Meebewegen is voor mij met de stroom meegaan, niet harder willen, niet tegenhouden, maar jezelf afstemmen op de natuurlijke flow van het leven.
En dan de tonen. Er zijn drie concrete cycli van dertien tonen waarmee je kunt werken: de dagenergie waarbij elke dag een eigen toon heeft, je levensloop waarbij elk levensjaar een eigen toon heeft en de energie van de nieuwe maan, die je heel mooi kunt koppelen aan de dertien tonen. Als je daarmee gaat werken, heeft elke nieuwe maan behalve een collectief thema ook een persoonlijk thema en die verdieping ben ik nog nergens tegengekomen.”
NOGMAALS DE TONEN
De tonen van de Tzolkin kalender zijn meestal wat minder in beeld dan de kleurrijke zegels met hun tot de verbeelding sprekende namen. Toch hebben de tonen Elvira altijd geïntrigeerd vanwege de beweging die erin zit: “Met elkaar vormen ze dertien stappen van het creatieproces. Elke toon kenmerkt zich door een manier van doen die je nodig hebt om van idee tot tastbare realiteit te komen, ervan te leren en het geleerde te integreren bij een volgende creatie. Een eindeloos doorlopende creatiespiraal die zich op vele manieren laat zien.”
Ze geeft aan dat de beweging zelfs letterlijk in de tonen zit, want ze zijn gekoppeld aan de dertien hoofdgewrichten van het menselijk lichaam. Alle tonen zijn belangrijk, want we hebben al die gewrichten nodig om te kunnen (mee)bewegen. Haar lievelingsgetal is dertien, dus hoe bijzonder dat er dertien tonen zijn, of toch niet? “Ik ontdekte pas later in mijn leven dat dertien een natuurlijk getal is en dat we het op allerlei manieren in het leven tegenkomen: dertien weken per kwartaal, dertien maanronden om de aarde in een zonnejaar, dertien hoofdgewrichten in het menselijk lichaam. Het getal dertien maakt ook deel uit van de Fibonaccireeks, een getallenreeks (0, 1, 1, 2, 3, 5, 8, 13...) die een patroon van natuurlijke groei, schoonheid, harmonie en verbondenheid laat zien. Dit patroon is in de natuur terug te vinden in de spiralende groeiwijze van onder andere schelpen, zonnebloemen en dna . Het symboliseert universele orde en creatie en wordt ook gebruikt in kunst en compositie om een natuurlijk evenwicht te creëren. Net zoals de Tzolkin kalender dat doet. Prachtig toch!”
VAN STIPPEN EN STREPEN
NAAR FIGUREN
Het telsysteem van de Maya’s vindt Elvira ingenieus, omdat het met slechts drie symbolen grote getallen compact weergeeft: een stip (1) een streep (5) en een schelp (0). Behalve dat je hiermee makkelijk rekensommen kunt maken, worden de relaties tussen getallen visueel gemaakt. Dat is precies hun waarde bij de Maya kalender: “Door deze notatie kun je mooie patronen herkennen in de tonen. Dus ook de tonen maken een dynamiek zichtbaar: de relatie tussen de tonen. Bijvoorbeeld toon 1, 6 en 11 hebben met elkaar gemeen dat er één stip in hun notatie staat. Toon 1 is de verbinding met de bron. Die verbinding in het creatieproces komt nog twee keer terug, namelijk bij 6 (een streep met een stip erboven) en bij 11 (twee strepen met een stip erboven). De toonfiguurtjes die Susanne Vorstman heeft getekend, laten zien dat de tonen niet alleen getallen zijn, maar deel uitmaken van het menselijk lichaam en een beweging uitdrukken. Heel mooi passend bij het feit dat de tonen in de kalender een creatiekracht uitdrukken. Daarom was ik meteen enthousiast toen ik ze voor het eerst zag. Ze zijn niet alleen stilistisch mooi, ze brengen de tonen ook heel dichtbij en ervaarbaar. Dat is iets waarnaar ik altijd op zoek ben bij het werken met de kalender. We zijn allemaal wandelende kalenders, alle dertien tonen, alle twintig zegels, we zijn het allemaal zelf.”
NOGMAALS CREËREN
Als bonus vind je in het boek bij elke toon een verdiepende oefening die je kunt doen met zegelkaarten van de Maya wijsheid creatiekaarten. Elvira geeft aan dat je daarmee nog dichter bij jezelf komt, bij jouw eigen blauwdruk en de manier waarop jij creëert, de schepper bent van je eigen werkelijkheid. In tegenstelling tot veel orakelkaarten geven de creatiekaarten geen kant-en-klare uitleg of omschrijving, maar een gedichtje, losse woorden en affirmaties. De kaarten geven een ingang om je te laten raken. Ze zijn op vele manieren te gebruiken: als orakelkaarten, om opstellingen mee te doen of om je persoonlijke profiel in beeld te brengen (met behulp van Maya wijsheid voor je levenspad, het Tzolkin profielenboek). Elvira gebruikte ze vorig jaar ook bij de online schrijfsessies: “Het woord of de zin op de kaart die jou raakt, is een opening naar
wat er in jou leeft. Als je dat woord of die zin gebruikt als vertrekpunt voor een intuïtieve schrijfoefening ben je al automatisch verbonden met de dagenergie en met jouw creatiekracht.”
NIEUWE MAAN
Een paar jaar geleden kwam Elvira op het idee om de energie van de nieuwe maan in verband te brengen met de dertien tonen. Ze volgde deze cyclus eerst zelf en later met een groep: “Dat werkte heel krachtig. Nieuwe maan gaat net als de Maya tonen over creatie-energie. Ik ontdekte niet alleen dat dit een heel mooie ingang is om de nieuwe maan bewust te beleven, maar ook dat deze combinatie de mogelijkheid biedt om aan een nieuwe maan een persoonlijk thema te koppelen en dat geeft extra mogelijkheden om bewust jouw eigen koers te bepalen of bij te stellen. Toen ik met een groep de cyclus van dertien nieuwe manen volgde, ben ik maandelijkse reflecties gaan schrijven en daarin kwam regelmatig mijn tuin voor. Door de dertien manen en de seizoenen te volgen, krijg je zicht op de langzame bewegingen in jouw leven. Het helpt je om te vertragen, mee te bewegen en geduld te oefenen. Mijn tuin helpt me daarbij: ze leert me loslaten, wachten, opnieuw beginnen. Het is een plek waar ik steeds opnieuw leer kijken en luisteren. Bij elke toon lees je over de energie van de nieuwe maan, verweven met het groeiverhaal van mijn tuin.”
TUIN
Het laatste hoofdstuk in Moeiteloos groeien en creëren gaat over de tuin die op allerlei manieren een rol in Elvira’s persoonlijke en professionele leven vervult:
“Als kind had ik al een klein stukje eigen tuin waarin ik vol enthousiasme een aardappel pootte en radijsjes zaaide. In elke tuin die ik heb gehad, tuinierde ik weer op een andere manier. Tijdens het schrijven van mijn nieuwe-maanreflecties kwam ik erachter dat mijn tuin altijd al een spiegel voor me is geweest. Mijn huidige tuin speelt ook nog een bijzondere rol, omdat ik die als het maar even kan betrek bij mijn workshops. Een tijdje geleden kwam hier een cursist die meerdere keren had deelgenomen aan een vierdaagse workshop waarbij elke deelnemer een eigen krachtplek in de tuin maakte die ook als spiegel diende. Het trof me
hoe bijzonder het voor haar was om weer in de tuin te zijn waar ze zoveel had losgelaten en meegekregen. Ik werk ook graag systemisch met de natuur. Als het kan in de tuin of op een andere mooie locatie. En soms neem ik de natuur mee naar binnen, bijvoorbeeld in de vorm van stenen waarmee we dan werken. Mijn tuin is dus niet alleen voor mij belangrijk, maar ook voor iedereen die hier heeft genoten van de fijne energie en heeft gewerkt met wat daar op dat moment aanwezig was.”
Op de vraag wat ze hoopt dat haar nieuwe boek mensen brengt, antwoordt Elvira: “Allereerst veel lees- en schrijfplezier. Verder hoop ik ook mensen aan te spreken die geen behoefte hebben om in de theorie van de kalender te duiken, maar wel geraakt zijn door de kalender en er meer mee willen doen. Of liefhebbers van schrijven die niets van de kalender weten, maar wel nieuwsgierig zijn naar deze ingang. Met dit boek kun je de theorie grotendeels overslaan en toch profiteren van het moois dat de kalender te bieden heeft. Ik kijk er ook naar uit om samen met het boek aan de slag te gaan. Samen schrijven geeft namelijk de mogelijkheid om te delen wat je hebt geschreven. In mijn workshops zie ik telkens weer hoe krachtig dat is: luisteren en gehoord worden. Het zorgt voor verbinding in een tijd waarin we heel veel verbindingen zijn kwijtgeraakt. Niet alleen met onszelf en met de natuur maar ook met elkaar.”
NIEUW
Moeiteloos groeien en creëren
– Schrijvend meebewegen met de Maya tonen
Elvira van Rijn
17x24 cm, 160 pagina’s, fc
€ 24,50
isbn 978 94 91557 93 4
Verschijnt maart 2026
SUSANNE VORSTMAN:
“Alles
is uit te beelden.”
In eerste instantie was haar kennismaking met de Maya kalender een horoscoopachtig dingetje. Susanne Vorstman herkende meer van zichzelf in Witte Spiegel, dan in de (westerse) Leeuw of het (Chinese) Vuurpaard. Op een gegeven moment kwam ze erachter dat er elke dag een bepaalde energie is met informatie: “Ja, dan gaat het stromen. Verschillende zegels, tonen, kleuren en die weer in combinaties. Dook ik in het een, kon het eigenlijk niet zonder het onderzoeken van iets anders. Je kunt dit ook op zo veel verschillende manieren benaderen. Je hoeft niet aan de slag met ingewikkelde planeetstanden, maar kunt gewoon met een boek op schoot gaan rekenen, filosoferen, verbanden zien, opvolgende en doorlopende verhalen vinden. Niet meer lineair denken, maar cycli ontdekken, waardoor er altijd ruimte is voor groei. Verschillende tandwielen zetten elkaar in beweging. Het kolkte, ook in mijn hoofd.”
Susanne houdt van puzzelen, verbanden vinden, terugbladeren, vooruitdenken, uitproberen, vergelijken. Ze ervoer dat de kalender niet statisch is: “Wat de ene dag duidelijk lijkt, blijkt de volgende dag heel anders aan te voelen. Dus, wat ik leerde uit boeken en van anderen was allemaal verhelderend en aanvullend, maar nooit de waarheid. Het staat nooit vast, hoe graag ik dat ook zou willen. Hopen op een moment
waarop ik alles begrijp, maar nee. Ondertussen legden woorden en letters wel heel veel vast in mijn hoofd. Het moest mijn eigen vorm krijgen.”
Dit leidde uiteindelijk tot illustraties van de zegels die bestaan uit een eenvoudige lijn die van donker naar licht gaat, maar toen ze de zwarte stippen en strepen van de tonen ernaast zette, klopte het niet. Dus ging ze aan de slag met de tonen: “Ik ben geëindigd met voor elke toon een momentopname van waar die voor staat: de energie/beweging waarmee je de kwaliteiten van het zegel in de wereld neerzet. Het (idee) met open armen ontvangen bij toon 1, voors en tegens afwegen, in beweging komen, vorm bepalen en in je kracht staan. Alles is uit te beelden. Het gekke is, besef ik nu pas nadat ze allang af zijn, dat de figuurtjes tot toon 7 druk bezig zijn met armen en benen, maar richting het manifesteren hartstikke rond worden. Je kunt er niet meer omheen, het idee/kind wordt op toon 10 geboren. Daarna begint het vrijgeven, nieuw evenwicht vinden en tot slot bij toon 13 nagenieten van het gelopen pad en open staan voor een nieuw begin. Vandaar de open armen, net als bij toon 1.”
De toonfiguren kregen elk een eigen kleur, volgens de regenboog van rood naar violet, waarbij rood staat voor een nieuw begin en actie, violet voor rustig aanwezig zijn.
Het levenskunstspel ontstond uit het verlangen van Anky Floris om gesprekken te verrijken en te verdiepen met behulp van de kracht van vragen. Bijna twintig jaar later wordt het spel nog steeds gebruikt in huiskamers, aan keukentafels, in kringgesprekken, in coaching, en steeds vaker ook buiten, in de natuur.
Voorbeelden van levensthema’s zijn: vertrouwen, geliefd, van harte. De vragen spreken jouw eigen wijsheid aan en maken jouw innerlijk landschap wakker. Elke kaart fungeert als een spiegel. Wie kijkt, ziet niet de kaart, maar zichzelf — of beter gezegd: een beweging in zichzelf. Dat maakt het spel verwant aan orakelkaarten, maar zonder voorspelling. Het levenskunstspel wijst niet vooruit naar de toekomst, maar verdiept het nu. Anky legt uit hoe: “De drie vragen bij elke kaart zijn essentieel. Niet om antwoorden te verzamelen, maar om de innerlijke stem te laten zakken van denken naar luisteren. Ze werken als een zachte afdaling van wat je ziet naar wat je voelt en vervolgens naar wat zich aandient. Wat mij raakt, is dat het spel niet uitgewerkt raakt. Integendeel. Hoe vaker het wordt gebruikt, hoe meer het zich lijkt te verdiepen. Mensen vertellen me vaak hoe een kaart hen na maanden of jaren iets totaal anders laat zien. Alsof de kaart meegroeit met hun leven.”
IN DE STILTE
Anky gebruikt haar levenskunstspel graag tijdens de stiltewandelingen die ze organiseert in de duinen: “Een heerlijke, inspirerende omgeving om te verstillen en dichter bij het fluisteren van je hart te komen. Zo wandelen we een half uurtje met een vraag uit het levenskunstspel. Het is een richtingaanwijzer die je aandacht richt op wat er in je leeft. Door met een vraag te lopen
wordt je aandacht als vanzelf getrokken door dingen die met je vraag te maken hebben. De natuur is zo een spiegel voor je: een vogel die opvliegt, reflecterend licht in een plas water, een gebogen boom, de zon die op je gezicht schijnt…. Het kan zo’n fijne ervaring zijn dat je met een vraag kunt wandelen in plaats van dat je een vraag direct moet beantwoorden. De stilte van de natuur en de openheid van de kaart versterken elkaar. Mensen ervaren inzichten die niet bedacht zijn, maar die zich in hen ontvouwen. Herinneringen die zich aandienen. Keuzes die zich voorzichtig laten voelen, nog voordat ze in woorden gegoten zijn.
Wat het levenskunstspel vooral doet, is ruimte scheppen. Ruimte waarin niets opgelost hoeft te worden. Waarin het leven niet gerepareerd hoeft te worden, maar bekeken. Aangeraakt. Geëerd in zijn onvolmaaktheid. Alles mag er zijn. In alle eenvoud.”
EEN STILLEVEN
Ter afronding van het lopen met de vraag laat Anky ieder voor zich een stilleven maken: een collage met voorwerpen uit de natuur: “Zo breng je op eigen wijze symbolisch in beeld wat je hebt ontdekt en aan antwoorden hebt gevonden. Er worden altijd heel bijzondere stillevens gemaakt. Deze beelden kunnen een anker zijn voor de inzichten of antwoorden die iemand heeft ontvangen.”
5E DRUK
“Het
gebruik van
planten werkt verdiepend en geeft betekenis.”
Als je kijkt naar haar levensloop, dan is het niet zo vreemd dat Aukje Bor-Stokroos zich nu professioneel bezighoudt met de dood en planten. Ze diepte oude kennis over de rol van planten in het stervensproces op en voegde daarbij haar eigen inzichten en ervaringen. Dit alles deelt ze met ons in haar boek Planten der doden.
verbindend,
Met warme gevoelens kijkt kruidengeneeskundige, natuurcoach en druïde Aukje Bor-Stokroos terug op haar kindertijd. Ze speelde veel buiten met kinderen uit de buurt. Hun speelterrein was een weide omringd door bomen en sloten. Aan de zuidkant lag een kerkhof en aan de oostkant een school. Een waar paradijs en een betoverende wereld om te ontdekken: “Met een vriendinnetje speelde ik daar bijna elke dag en dan maakten we soms een bloemensoep van rozenbottels, eikeltjes, blaadjes en bloemen die we hier plukten. Hiervoor haalden we een emmer water uit de sloot en gebruikten we een tak als roerstaf. Soms bouwden we een hut van takken of klommen zo hoog mogelijk in een boom. In de zomer plukten we wilde bloemen en die werden thuis dan op de vaas gezet. Maar de sloot had misschien wel de meeste aantrekkingskracht, want als je daar overheen kon komen – en we verzonnen allerlei manieren – dan kwam je op stukken land waar je eigenlijk niet mocht komen: het kerkhof en het schoolterrein. Met name het kerkhof vond ik interessant, want daar groeiden andere planten.”
DE DOOD DICHTBIJ
Niet alleen de begraafplaats achter haar ouderlijk huis bracht de dood dichtbij. Haar opa stierf toen ze nog een kind was en dat maakte een diepe indruk op haar. Ze ziet hem nog liggen in bed, terwijl hij moeite had met ademhalen en buiten bewustzijn was. Ook hoe haar moeder regelmatig voorzichtig de dekens aan het voeteneind optilde om de bloedcirculatie in zijn voeten en onderbenen te checken. Als daar de bloedcirculatie wegvalt, is het sterven immers nabij. Haar oma stierf toen ze al een stuk ouder was. Na een telefoontje van het verpleeghuis ging zij samen met haar vader daar snel heen: “Ik herinner me nog dat ik naast haar bed stond en ze al buiten bewustzijn was. Ik heb toen voor haar gebeden. Later kwam de rest van de familie en is ze rustig overleden. Bij het sterven van mijn oma was ik oud genoeg om mijn ouders vragen te stellen over de stervensverschijnselen en ze leerden me waar ik naar moest kijken. Ik kan me herinneren dat ik goed moest opletten, omdat de dingen die gezegd werden over de dood echt heel belangrijk waren en ik ze moest onthouden. De dood is een aanwezigheid die vraagt om stilte, erkenning en respect.”
Toen ze 24 was, stierf haar vader in het ziekenhuis na een lang ziekbed. Ze weet nog goed dat ze haar moeder opbelde en zei dat ze snel naar het ziekenhuis moesten als ze hem nog wilden spreken: “Ook hier wilde ik graag iets doen, terwijl hij nog maar nauwelijks aanspreekbaar was, maar wist niet zo goed wat. Terwijl ik
zijn hand vasthield, heb ik aan zijn bed gebeden en gevraagd voor een zachte voorspoedige overgang naar het hiernamaals.”
VERDER MET PLANTEN
Haar vader deelde veel oude kennis met haar, maar dat viel uiteraard weg na zijn overlijden. Ze ging op zoek naar andere bronnen. Naast boeken over geneeskrachtige kruiden kwam ze via vrienden terecht in de wereld van re-enactment, waarbij historische gebeurtenissen worden nagespeeld en uitgebeeld. Ze raakte vooral gefascineerd door de kruidenkraampjes en het gebruik van natuurlijke pigmenten in kleding en kunstvoorwerpen. Toen ze een luchtweginfectie kreeg, had ze graag kruiden willen inzetten voor de genezing, maar als leek wist ze niet zo heel goed wat te gebruiken en kant-en-klare oplossingen gaven niet direct resultaat. Dat frustreerde haar dusdanig dat ze zich voornam fytotherapeut te worden, zodat ze het voortaan wel zou kunnen oplossen met kruiden. Met het diploma van een kruidenopleiding op zak ging ze fulltime werken in haar eigen praktijk: “Ik ontmoette de eerste jaren voornamelijk moeders met hun kinderen. Dit was geen bewuste keuze, maar kwam voort vanuit mijn achtergrond in de pedagogiek en agogiek. Ik heb in de eerste periode van mijn beroepsleven onder andere gewerkt met kinderen op de buitenschoolse opvang en voor het coa . Later ben ik me in mijn eigen praktijk meer gaan richten op het begeleiden van vrouwen door middel van kruidenadvies en natuurcoaching. Van jongs af aan speelden planten een rol in mijn leven, nu vormen ze de basis van mijn werk.”
CONFRONTATIE
Op mijn vraag waar haar fascinatie voor de dood vandaan komt, corrigeert ze mij enigszins: “Over fascinatie zou ik niet willen spreken, maar meer over coïncidentie. Het is gewoon toeval dat ik altijd nabij een begraafplaats heb gewoond. Dat maakt mij heel bewust dat de dood bij het leven hoort. Op begraafplaatsen is het vaak rustiger, groener en hebben bezoekers geen haast. De graven zelf vertellen een eigen verhaal.” Behalve die coïncidentie ligt er nog meer ten grondslag aan haar boek Planten der doden en dat komt voort uit een veelvuldige confrontatie met de dood: “In een tijdsbestek van zeven jaar ben ik veel dierbaren verloren, onder wie mijn beste vriendin. En alsof het daarmee allemaal begon, overleden vrienden, kennissen, mensen die veel voor mij hebben betekend, goede buurtgenoten, maar ook familieleden, onder wie mijn nichtje, de dochter van mijn zus. Met zoveel mensen die wegvallen, komt de dood heel dichtbij. Wanneer iemand in zeer korte tijd overlijdt, is er weinig tijd om afscheid te nemen. Soms lukt dat helemaal niet. Ik heb me vaak machteloos gevoeld, omdat ik graag iets wilde doen, maar wist niet hoe. Toen mijn moeder in december 2023 stierf, kreeg ik wel samen met mijn familie de gelegenheid om te helpen bij het verzorgen en
afleggen. Een laatste eerbetoon. Toen werd ik me heel bewust dat voor mijn eigen afscheid planten en rituelen mogen worden gebruikt die uiting geven aan mijn spirituele pad.”
RITUEEL GEBRUIK
Aukje maakt deel uit van een celebrantengroep binnen de druïdenorde waarbij ze is aangesloten en legt uit wat dit inhoudt: “Druïderij is een natuurgerichte spiritualiteit die zich richt op een diepe verbinding met de natuur, het vinden van wijsheid en creatieve expressie. Celebranten geven vorm aan rituelen en ceremonies, zoals een initiatie, een handvasten, maar ook een uitvaart. In deze celebrantengroep ontstond het idee om informatie bijeen te zoeken voor het ritueel gebruik van planten tijdens een uitvaartceremonie. Vanuit mijn achtergrond als kruidengeneeskundige stelde ik voor om dit uit te werken. Pas na het sterven van mijn moeder besloot ik dat de informatie die ik had verzameld, kon worden uitgebreid en vormgegeven in een boek. Naast planten voor de uitvaartceremonie ben ik gaan zoeken naar mogelijk gebruik van planten voor een zalving, een stervenswake, een rituele wassing en zegening tijdens de laatste zorg.”
DOOR DE EEUWEN HEEN
Het gebruik van planten in rituelen rondom sterven en begraven is niet nieuw. Al vanaf het begin der tijden is dat zo. Aukje dook de geschiedenis in en doet verslag van haar bevindingen in haar boek: “Er is redelijk veel archeologisch onderzoek gedaan naar het gebruik van planten. In mijn boek beschrijf ik in welke vorm planten werden meegegeven met als doel om de dode te begeleiden naar het hiernamaals, maar ik vertel ook over planten die zijn gebruikt om een dode mee te wassen en te conserveren. Door de eeuwen heen zie je steeds veranderingen onder invloed van de kerk of gebeurtenissen, wat maakt dat we planten steeds een beetje anders gaan gebruiken. Zo werden geurige bloemen voor de komst van elektriciteit met name gebruikt om een doodsgeur te maskeren, terwijl tegenwoordig bloemen meer iets vertellen over de relatie tot onze overleden dierbaren. Afscheid nemen van onze doden hebben we altijd op plechtige wijze gedaan. Planten hebben door de geschiedenis hierin een belangrijke rol gespeeld. Maar juist de symboliek en de werking ervan wilde ik beschrijven, omdat dit zo goed aansluit bij natuurgerichte afscheidsrituelen en ceremonies. Het gebruik van planten werkt verbindend, verdiepend en geeft betekenis.”
AANVULLEND
Aukjes antwoord op mijn vraag wat het werken met planten toevoegt aan de begeleiding van het stervensproces laat zien hoe divers dat kan zijn, waarbij ze aangeeft dat ze met haar boek vooral mensen wil inspireren. Mensen die zelf iets willen doen voor een geliefde of hun eigen wensen op papier willen zetten voor
later, maar ook professionals behoren tot haar doelgroep. “Planten kunnen verwoorden wat niet in woorden uit te drukken is”, begint Aukje. “Het meegeven van een takje rozemarijn bij een afscheid is een oud gebruik dat herinnering en bescherming biedt. Dit is op zich een klein gebaar, maar wel met een grote betekenis. In mijn boek vertel ik over planten met een diepere waarde en hoe deze van oudsher werden gebruikt in de laatste zorg voor een dode. Het is voornamelijk mijn doel om te inspireren. Ik geef onder andere recepten waarin planten worden gebruikt in een zalving, het waswater en als grafgave. Niet om de huidige zorg te overschrijven, maar om aanvullende mogelijkheden aan te reiken voor een afscheid. Ook voor diegenen die werkzaam zijn in de zorg of uitvaartbranche geeft dit boek inzicht in het ritueel gebruik van planten binnen het modern paganisme en natuurgerichte spiritualiteit. In de traditionele religie, zoals het christendom, kunnen de planten in dit boek een verbindende functie vervullen. Stel je voor hoe een plant als vergeet-me-nietje kan worden ingezet om herinneringen te symboliseren, maar ook de keuze voor het hout van een kist kan een betekenisvolle aanvulling geven. Met de beschrijving van planten richt ik me voornamelijk op inheemse soorten die iedereen kan vinden in ons landschap en die op natuurbegraafplaatsen zijn toegestaan als grafgave.”
30 PLANTEN
In haar boek beschrijft Aukje dertig planten, welk deel ervan te gebruiken en hoe te gebruiken. Onder ‘planten’ vallen kruiden, eenjarige en meerjarige planten, bomen en struiken: “Ik heb gekozen voor planten die van nature in Noordwest-Europa voorkomen of in onze geschiedenis zijn meegereisd met Vikingen en Romeinen. Maar er zijn er nog veel meer die genoemd kunnen worden voor rituelen rondom sterven en begraven. Ik bespreek de meest bekende, waarbij ik heb gekeken naar de toepasbaarheid, de werking en de symboliek. Daarbij heb ik me laten inspireren door Keltische, Germaanse en Noordse tradities. Daarnaast heb ik gebruiken uit onze vroegste geschiedenis onderzocht, zoals het gebruik van rood oker, dat een mineraal is en geen plant. Dertig planten zijn precies genoeg voor wie dit onderwerp nieuw is en een uitnodiging voor ritualisten, paganisten, herboristen en kruidengeneeskundigen om mijn boek aan te vullen met hun eigen kennis en ervaring.”
OPTIMALE SAMENWERKING
Aukje geeft aan dat liefdevol en met intentie oogsten het begin is van een optimale samenwerking met planten. Daarmee houdt het niet op. “Maak verbinding met je hart en intuïtie en laat je leiden”, legt ze uit. “In mijn boek geef ik aanwijzingen voor het oogsten in schone gebieden, maar ook hoe je op een eenvoudige manier ‘dankjewel’ kunt zeggen en iets kunt terugdoen voor de natuur. Voor wie dieper wil gaan, beschrijf ik het ritu-
ele stuk dat een extra dimensie toevoegt aan het werken met planten.” Ze noemt nog andere aandachtspunten: “Neem je tijd. Zet je telefoon uit. Leer luisteren, maak contact en ruim afval op. Planten zijn als mensen, ze houden er alleen een andere vorm van communicatie op na. In onze huidige maatschappij zijn we er enorm gewend aan geraakt dat alles kant-en-klaar te koop is. We staan er niet altijd bij stil hoeveel energie, grondstoffen en vervuiling een kant-en-klaar product oplevert. Hierbij hoeven we niet na te denken over het productieproces en verbreken we als het ware onze verbinding met de natuur. Een boeket wilde bloemen dat met intentie is geplukt, heeft zo veel meer diepgang en bevat geen bestrijdingsmiddelen. Hoe mooi is het om met planten te werken uit hetzelfde gebied waar je woont of met bloemen uit jouw eigen tuin? Zelfs de stad biedt tegenwoordig een overvloed aan wilde bloemen, die je kunt vinden in parken en langs groene lanen. Met planten uit onze eigen omgeving zijn we verbonden, omdat we leven van dezelfde lucht en gebruik maken van hetzelfde stukje aarde waarin velen van ons ook worden begraven. Een schoon gebied, zonder afval, is de ideale plek voor een plant om te groeien. Als wij zorg dragen voor een schone omgeving, krijgt de natuur de ruimte om te floreren en schenkt ze ons een rijkere oogst. Zo kom je tot een optimale samenwerking.”
DE ELEMENTEN
In haar werk maakt Aukje graag gebruik van het ritme in de seizoenen als metafoor. Hierbij speelt het jaarwiel met de elementen een belangrijke rol. Ze geeft aan dat mensen die een achtergrond hebben in onder andere de esoterie, antroposofie (vrije school) of het paganisme, bekend zijn met dit wiel en weten dat het jaar zich langs dit wiel afspeelt. “Dit wiel wordt ook gebruikt om de levensfasen van geboorte, leven, dood en wedergeboorte aan te duiden”, geeft Aukje aan. “Door te vertellen over hetzelfde wiel en de elementen, maar dan in de stervensfase, worden de signalen waarmee de naderende dood zich aankondigt veel helderder en kunnen mensen ze plaatsen.”
RITUELEN EN CEREMONIES
Na het hoofdstuk over planten en de dood in de geschiedenis en het hoofdstuk waarin dertig planten uitgebreid worden beschreven, volgt een uitgebreid hoofdstuk over rituelen en ceremonies. Aukje geeft aan dat deze kunnen worden uitgevoerd door ritueel ingewijden in overeenstemming met degene die stervende is. Dan is het wel fijn als er een wilsbeschikking of codicil is, waarin staat beschreven welke stervensbegeleiding en uitvaart iemand wenst. Is dit er niet, dan kan dit vaak worden besproken in de tijd voorafgaand aan het sterven. En anders weten vrienden of familie vaak wel welk pad iemand tijdens zijn of haar leven heeft gelopen. Zo kan iemand om een zegening vragen in de palliatieve fase of kan het lichaam van
een dierbare worden gezegend en bedankt tijdens de laatste verzorging. In haar boek nodigt Aukje de lezer uit om rituelen en ceremonies uit te zoeken die verbonden zijn aan hun eigen spirituele pad en deze binnen hun eigen kring zo samen te stellen dat ze helemaal passend zijn voor een waardig afscheid. Binnen de druïderij is een celebrantengroep werkzaam die zich toelegt op onder andere een uitvaartceremonie. Een begrafenisondernemer zal een goede begeleiding geven om de laatste wensen te helpen uitvoeren. Het boek van Aukje geeft vele handvatten voor rituelen en cremonies rondom sterven en begraven.
BEWUSTWORDING EN INSPIRATIE
Meestal sluit ik een interview met een auteur af met de vraag naar wat ze hopen dat hun boek de lezers zal brengen. Aukjes antwoord op mijn vraag luidt: “Ik hoop dat dit boek een stukje meer bewustwording rondom sterven en begraven zal brengen. In mijn boek verweef ik oude kennis met nieuwe inzichten en hiermee hoop ik te laten zien dat we zelf nieuwe tradities kunnen vormgeven die passen bij een natuurlijke manier van leven en sterven. Hoe we, door te kijken naar oude gebruiken, planten kunnen inzetten bij betekenisvolle rituelen, maar ook dat we bij een afscheid gebruik kunnen maken van planten die groeien in onze directe omgeving. Het meegeven van een takje rozemarijn voor bescherming en herinnering is al een heel mooi gebaar. Ik hoop dat het boek meer bewustwording brengt voor het stukje natuur waarin we leven. Hoe we bijvoorbeeld kunnen kiezen voor onbespoten bloemen. Met Planten der doden wil ik graag inspiratie geven aan hen die zoekende zijn naar hoe een afscheid en uitvaart vorm te geven wanneer vertrouwde spirituele paden zijn weggevallen, omdat steeds minder mensen aangesloten zijn bij een kerk.” Schrijven over de dood liet Aukje nadenken over haar eigen uitvaart en ze hoopt dat het lezen van haar boek mensen daartoe aanzet: “Wanneer iemand sterft, is het niet altijd duidelijk wat iemands wensen zijn. Maar voor nabestaanden is het wel heel belangrijk om met liefdevolle aandacht de laatste wensen te kunnen uitvoeren. Verzamel je wensen, schrijf ze op. De dood vraagt geen haast, maar aandacht. Wie zijn wensen deelt, geeft nabestaanden houvast om met zorg, ritueel en liefde afscheid te nemen.”
NIEUW
Planten der doden – rituelen rondom sterven en begraven
Aukje Bor-Stokroos 21x21 cm, 192 pagina’s isbn 978 94 91557 95 8 € 29,50
Verschijnt maart 2026
“Met de kennis van
Over archetypen zijn al vele boeken geschreven, maar zo persoonlijk en doorleefd als De dynamiek van archetypen heb ik niet eerder onder ogen gekregen. Rebirther en docent Saskia Sinnige verstaat de kunst om je mee te nemen op een reis vol ontdekkingen, relativeringen, oh ja’s en meer.
foto:
natasja verschoor
archetypen heb je goud in handen.”
Archetypen zijn universele, symbolische energiepatronen die in ieder mens aanwezig zijn. Ze zijn onpersoonlijk in die zin dat we ze niet zijn, maar ze bepalen wel degelijk ons gedrag, ons zelfbeeld en onze keuzen. Dat vindt Saskia Sinnige veruit het meest fascinerende aan archetypen: “Ze hebben iets dwingends, iets wat bepaalt hoe wij ons gedragen zonder dat we ons daarvan bewust zijn.”
Saskia leerde de twaalf archetypen van Carl Jung kennen toen ze in de reclame werkte, omdat de verlangens van de archetypen gebruikt kunnen worden als verkooptechniek. Archetypen komen natuurlijk ook voor in mythen en sagen en die zijn er sinds mensenheugenis. Binnenkort gaat ze naar IJsland en daarom kocht ze een boek vol IJslandse sagen, dat werd aangeprijsd met de woorden ‘Hier is een getuigenis van het vermogen van de menselijke geest, om niet alleen te verdragen wat het lot hem brengt, maar om zelfs vernieuwd te worden door de ervaringen.’ “Dat sluit perfect aan bij wat ik mensbewustzijn noem in mijn boek”, stelt Saskia. “Ik ben benieuwd wat ik in deze sagen aan archetypen ga herkennen.”
OVERLEVEN EN LEVEN
Archetypen geven altijd een drijfveer aan en dat maakt ze verschillend. Het belangrijkste verschil ziet Saskia tussen archetypen van overleving en die van leven.
“Archetypen van overleving komen voort uit het idee dat we niet goed genoeg zijn zoals we zijn”, legt ze uit. “Voor zover ik weet zijn dit altijd archetypen die we uit nood hebben aangetrokken in onze kindertijd, omdat we niet voor vol werden aangezien. Het Ongeziene Kind is iedereen wel bekend. Dit archetype trekt of overdreven veel aandacht of cijfert zichzelf juist helemaal weg. Archetypen van overleving geloven dat mensen recht hebben op iets of dat we een ander tot iets mogen verplichten. Een beetje zoals de survival of the fittest van Darwin ons wil doen geloven. Archetypen van overleving gaan uit van tekorten. Archetypen van leven gaan uit van gemeenschapszin en overvloed. Ze nodigen je uit tot floreren door jouw gaven vrij te delen, omdat je dat vreugde geeft. Iedereen is per definitie genoeg en bijzonder.” In haar boek bespreekt Saskia ook de zeven oerarchetypen. Die kunnen alleen maar functioneren vanuit samenwerking om het plezier van samenwerking.
DOMINANT
Door tijd en cultuur heen zijn er niet echt verschillen in soorten archetypen. Wel bepalen deze factoren welk archetype dominant is. Volgens Saskia is dat bij ons nu het Slachtoffer: “Die trekken we aan, omdat we anderen verantwoordelijk houden voor de ellende waarin we verkeren. Ik wil niet zeggen of dat goed of fout is, want archetypen zijn niet zo in te delen. Het betekent wel dat we als slachtoffers en masse op zoek gaan naar Daders en Redders. Het betekent ook dat wereldleiders zich ongestraft kunnen gedragen als drammende kleine kinderen. Totdat we deze dynamiek doorhebben, natuurlijk, want dan zullen we inzien dat er maar een iemand een situatie kan verbeteren: wijzelf.”
DE WAARDE VAN ARCHETYPEN
“Met de kennis van archetypen heb je goud in handen”, betoogt Saskia. “Hun energie wordt zichtbaar in acties en reacties. Je kunt ermee je levenservaring sturen. Vooral omdat kennis van archetypen je helpt situaties niet persoonlijk op te nemen. Ook niet als iemand je echt raakt. Als je inziet dat je geraakt bent, dan begrijp je waarom je zo geraakt bent, omdat je ziet dat er een archetypisch patroon actief is. En als je iets begrijpt, kun je jouw visie bijstellen en als jij jouw visie zo kan bijstellen dat het persoonlijke er vanaf gaat, dan kijk je echt alleen maar naar gedrag en veroordeel je niet wie iemand in wezen is. Dan kijk je vanuit compassie. Ik heb lang niet begrepen wat compassie was, terwijl ik wel wist dat het de oplossing zou zijn voor mijn frustratie en onbegrip ten aanzien van de wereld om mij heen. Tijdens een rebirthing-weekend over familiedynamieken zag ik heel goed hoe archetypen doorwerken. Hoe vaak wij wel niet onze moeder als boze stiefmoeder ervaren en dat ook nog eens projecteren op iedereen die ons moederlijk behandelt, is bizar. Zodra je doorhebt dat je vastzit in een archetypische dynamiek, ben je er direct uit.”
OMGAAN MET HET VERLEDEN
Ze was zich al vroeg bewust van de verstikkende dynamiek die archetypen van overleving in stand kunnen houden. Bij haar thuis was haar moeder het Slachtoffer, haar vader de Dader en haar broer en zijzelf waren de Reddertjes. “Aanvankelijk nog onbewust, zoals veel kinderen Redders zijn in een slecht huwelijk.
De ouders blijven voor de kinderen bij elkaar, ze houden de schijn op voor de kinderen, ze werken, poetsen, liegen en lachen allemaal voor de bestwil van hun kinderen. De kinderen voelen zich vervolgens verantwoordelijk voor alle ongeluk van hun ouders. Een omgekeerde wereld! Ik maak me hier nog steeds druk om. Dat komt omdat mijn generatie hier zo vreselijk mee geworsteld heeft. Zo veel van ons hebben ouders gehad die eigenlijk zelf nog kind waren. Maar goed, ik was me ook al vroeg wel bewust van archetypen, omdat ik graag en veel las. Ik was dol op heldenverhalen en sprookjes. Nog steeds. Intussen begrijp ik waarom: de kracht van fantasie wordt in jeugdliteratuur nog serieus genomen. De kracht van verbeelding werkt erin door en daarmee zijn jeugdboeken wat mij betreft vaak juist heel realistisch. Daar waar grote mensen in zichzelf spraken, sprak ik tegen de dieren en natuurwezens. Dat deed ik als kind en dat doe ik nu weer. Ik overleg alles met mijn hond en ja: die geeft antwoord. Tenminste, meestal. Ik vraag de bijen om raad en ik ga naar een oude eik als ik gekoesterd wil worden” Achteraf gezien hebben die verhalen Saskia geholpen het misbruik waarmee ze te maken kreeg, niet persoonlijk op te nemen: “Ze gingen allemaal over boze grote mensen die uiteindelijk of vriendelijk werden, of van het toneel verdwenen. Het leven was gewoon voor iedereen wel eens heel stom en ik was er niet minder vrolijk om. Ik vond altijd wel draagvlak. Was het niet in mijn medemens, dan was het wel in de natuur. Nu ik meer kennis heb van archetypen, kan ik makkelijker praten over mijn vervelende ervaringen.”
DYNAMIEK
Haar boek draagt als titel De dynamiek van archetypen Dit geeft aan dat het veel verder gaat dat een beschrijving van de verschillende archetypen en een verklaring vandaaruit. Maar hoe zit het dan wel? Saskia vindt deze vraag fijn, want “ ik vergeet soms dat dit niet voor iedereen vanzelfsprekend is. Ik wil altijd verandering en ik voel me ziek of slecht als ik te lang in eenzelfde situatie zit. Dat is de Rebel in mij die zich verzet tegen hokjes, geloof ik. Het staat voor mij vast dat wij en onze omgeving continu veranderen. We gebruiken hokjes als statische beelden, als ankerpunt om onszelf even te oriënteren op een situatie, maar het gaat natuurlijk om de veranderende aard van de dingen en van ons groeiende bewustzijn. Ze zeggen toch: het gaat om de reis, niet om de bestemming? Nou, zoiets bedoel ik dus. Maar even terug naar de dynamiek: in het boek spreek ik over bewegingsruimte door tegenpolen. Het gaat erom dat je je niet identificeert met goed of fout, lief of stout of welke tegenpool dan ook. Het gaat erom dat je beseft dat alles en/en is. Als ik uitga van ‘ik ben goed en fout’ zonder daaraan een waardeoordeel op te hangen, dan zeg ik tegen niets daartussenin ‘nee’. Intussen weet ik stiekem wel dat ik niet ben wat ik ervaar; ik ben het niet, want ik ben veel meer dan dat én ik ben het wel,
want ik ben het ook die dit ervaart. Ik kan mijzelf in het hele veld tussen de tegenpolen én in de tegenpolen zelf ervaren. Ik zei ooit tegen iemand dat ik had ontdekt dat ik niet alleen maar lief was, waarop ze uitriep: ‘Zie je wel! Ik wist het. Je bent gewoon schijnheilig!’ Nou, dat was dus net niet wat ik duidelijk probeerde te maken en het was ook heel moeilijk om die reactie niet persoonlijk te nemen. Ik probeerde hiermee juist te zeggen: ik ben Heilig, ik ben heel, ik ben alles: lief én stout. In het boek leg ik uit dat dit gaat over een verschil tussen je gedrag en wie je in wezen bent. Het is wel bijzonder eigenlijk; dat ik wilde uitleggen wie ik was, door te zeggen wat ik niet was.”
DRIEHOEKSVERHOUDINGEN
Naast dat archetypen in paren voorkomen en er een bepaalde dynamiek is tussen de twee archetypen van zo’n paar, kunnen archetypen voorkomen in een driehoeksverhouding met weer een heel andere dynamiek. Dan parasiteren de drie archetypen op elkaar, waardoor het systeem zichzelf in stand houdt en zichzelf uiteindelijk doodt, omdat er geen vernieuwing in zit. Saskia beschrijft twee driehoeksverhoudingen: de dramadriehoek Dader-Slachtoffer-Redder, die gefocust is op de materie en die ze heel goed kent vanuit haar ouderlijke thuissituatie, en de liefdesdriehoek Liefhebber-Geliefde-Tolk, die is gefocust op het spirituele. De dramadriehoek gaat ongeveer als volgt: Slachtoffer: ‘O, ik kan ook niks’. Redder: ‘Laat mij het maar doen.’ Dader: ‘Zie je wel, door jou gaat altijd alles mis.’ De liefdesdriehoek gaat ongeveer zo: Liefhebber: ‘O, ik heb lief en ik heb lief, maar mijn liefde wordt niet op waarde geschat.’
Geliefde: ‘O, ik ben het niet waard om liefde te ontvangen.’ Tolk: ‘Luister naar mij, Liefhebber en Geliefde. Jullie weten niet wat liefde is. Om liefde te kunnen geven en ontvangen, moet liefde er zus of zo uitzien.’
OERARCHETYPEN
Saskia staat in haar boek uitgebreid stil bij de zeven oerarchetypen, die ook wel helpersgeesten worden genoemd. Deze werken niet met tegenpolen, want ze kennen geen dualiteit en we kunnen ze niet kiezen, aldus Saskia: “Hun oorsprong is anders. Ze ontstaan organisch vanuit een diep weten dat wij mensen allemaal uniek zijn, net als geen enkel sneeuwvlokje hetzelfde is. Voor deze archetypen hoeven we niets te doen of te laten, onze aanwezigheid is genoeg. Nou ja, dat klinkt makkelijk, maar is het niet. Om echt in je lichaam aanwezig te zijn, moet je je ervan bewust zijn en we hebben de neiging veel van wat ons lichaam laat zien te negeren. Maar goed, als we beseffen dat we uniek zijn, heeft dat enorme consequenties: rivaliteit, competitie of jaloezie hebben geen grond om op te staan. Elke relatie is ook uniek, dus niet te vergelijken. Vergelijken is sowieso niet interessant, omdat elke impuls om iets te doen vanbinnenuit komt.”
De oerarchetypen zijn: Beschermer, Uitvoerder, Magiër, Genezer, Boodschapper, Leraar en Strijder. We
hebben ze alle zeven in ons, maar bij een ervan voel je je het meest op je gemak, ervaar je de meeste levensvreugde, die je bovendien het minst moeite kost. Deze hoort bij je. Saskia: “Als je ermee bent samengesmolten, gaat alles vanzelf. Ik zeg niet dat alles dan per definitie makkelijk is. Het leven is niet altijd leuk, hoewel de werkelijkheid altijd liefdevoller en vreugdevoller kan worden. Maar bij oerarchetypen ben je met heel veel geneuzel niet meer bezig. Het gaat niet om ermee werken, wel om aanwezig zijn in het moment. Je ervaart ze als je het leven zelf vertrouwt en je aan de leiding ervan overgeeft. Het is heel motiverend te weten dat je hiernaartoe kunt bewegen zonder jouw plaats in het geheel te hoeven opgeven. Je hoeft ook niet eens voor jouw plek te knokken. Dat is ook een teken dat je bent samengevallen met jouw oerarchetype. Op zo’n moment is ‘met de stroom meegaan’ heel normaal, maar als je vanuit een positie van knokken hiernaar kijkt, is dat toch een gigantische verademing, nietwaar?” Uiteraard legt Saskia uit hoe je erachter kunt komen welke van de zeven aan het hoofd staat van jouw oerarchetypenteam.
MENSBEWUSTZIJN
Saskia gelooft stellig dat we op Aarde zijn om onszelf –via ervaringen – te leren kennen. Ik ben nieuwsgierig welke rol archetypen daarbij kunnen spelen. “Tja”, reageert ze, “ik denk dat ik dan het woord ‘compassie’ moet gebruiken. Archetypen, of eigenlijk je bewust zijn van het feit dat zij gedrag bepalen, maken dat je met compassie naar jezelf en anderen kunt kijken. Dat is misschien ook wel wat ik met ‘mensbewustzijn’ bedoel. Wij mensen kunnen compassie ontwikkelen. Ik definieer ‘mensbewustzijn’ als ‘het verlangen het geheel vooruit te helpen door te doen wat ons de meeste levensvreugde oplevert’. Als je kijkt naar hoe wij nu leven is dat zoiets als minder hard werken voor meer overvloed, minder geblaat en meer wol. Mensbewustzijn groeit naarmate levenservaringen toenemen. We groeien als mens en als mensheid dus ook echt op tot volwassenheid. We ervaren mensbewustzijn als we onszelf zonder verborgen agenda’s verbinden met wat resoneert, wat klopt. Wat voor ons kloppend is, verandert steeds, omdat wij met elke ervaring veranderen. Bij mensbewustzijn hoort de vraag: ‘Hoe kan ik meer van mijzelf worden dan ik nu (al) ben?’ Dat lijkt een rare vraag, maar vanuit heelheidsbewustzijn, het besef dat wat goed is voor jou goed is voor het geheel en andersom, is dit een heel logische vraag. Je gaat dan steeds meer ervaren dat het leven niet alleen maar leuk is en zeker zijn uitdagingen kent, maar dat je er nooit alleen voor staat en dat je altijd en overal Liefde kunt herkennen: in de muziek, in elkaar, in een gebaar, in een baksteen, maar vooral in de natuur, want daar heerst heelheidsbewustzijn als vanzelfsprekend. Ik ken niemand die dit niet aanvoelt of die niet oplaadt in een natuurlijke omgeving.”
MEDITATIES
Als toelichting op de meditaties in het boek zegt Saskia: “Juist in datgene wat we niet willen of kunnen aannemen over onszelf, juist daarin liggen onze groeimogelijkheden. Om daarbij te komen, zullen we schaamte en schuld, datgene wat door verwachtingen van buitenaf ontstaat, moeten deactiveren. Ik heb meditaties opgenomen om precies dat te bewerkstelligen. Wat we willen en denken is dan ondergeschikt aan wat zich spontaan aandient. Ons bewustzijn verruimen doen we door het onbewuste bewust te maken en het onderdrukte draagvlak te geven.”
BREDE INZET
“Als het maar even kan en mag, zet ik archetypen in”, laat Saskia met een brede lach weten. “Allereerst om inzicht te krijgen in onze eigen mindfucks en om ons te kunnen inleven in een ander, want waar dat gebeurt ontstaan altijd verrassende nieuwe wegen en gezondere samenwerkingsverbanden. Ik doe dat in rollenspellen en opstellingen of door de waarnemer in ons naar bepaalde relaties in ons leven te laten kijken. Dat kan een relatie zijn met een persoon, een organisatie, een cultuur, een land of zelfs buitenaardsen, dat maakt niets uit, want de archetypische dynamiek laat zien of we leven vanuit zelfvertrouwen en heelheid, of niet. Dit komt makkelijk aan het licht, omdat we het hebben over een dynamiek die onpersoonlijk en oordeelloos is. Ik gebruik de archetypen ook om te duiden wat mensen tijdens ademsessies tegenkomen. Je kunt niet echt anders met archetypen werken dan vanuit je eigen ontwikkeling. Ja, je kunt de dynamieken bestuderen en inzetten om anderen te controleren, maar dan ben je aan het overleven en daarvoor kiest niemand bewust. Als je echt begrijpt wat archetypen inhouden, dan wil je leven, dan wil je de Held zijn die obstakels overwint om meer levensvreugde te ervaren. Ik hoop dan ook van ganser harte dat dit boek mensen helpt bewust te kiezen voor leven in relatie met hun omgeving. En dat onze relaties oprecht zijn... We kunnen onze relaties geheid prettiger en speelser maken door meer te bespreken welke archetypische dynamieken we ervaren. Juist de relaties die ongewenst stroef verlopen. Ik zou het fantastisch vinden als de kennis over en interesse in archetypische dynamieken gemeengoed wordt.”
De dynamiek van archetypen
Saskia Sinnige 17x24 cm, 144 pagina’s isbn 978 94 91557 96 5 € 19,50
Verschijnt april 2026
NIEUW
WANNEER DE WERKELIJKHEID
Ik noemde ze lange tijd nachtmerries, dromen die me ’s nachts wakker schudden, mijn lichaam al alert voordat mijn denken erbij kon. Beelden die ik liever vergat bij het ochtendlicht. Pas later begreep ik dat er niets mis was met die dromen. Ze waren niet tegen mij. Ze waren alleen eerlijker dan ik op dat moment kon verdragen.
Wat we nachtmerries noemen, zijn vaak dromen die te dichtbij komen. Ze laten zien wat nog geen plek heeft gekregen in het waakleven. Maar juist daarin schuilt hun waarde. Ik ben ze prachtmerries gaan noemen. Niet omdat ze prettig zijn, maar omdat ze iets onthullen wat wezenlijk is. Ze willen ons niet bang maken. Ze willen ons helpen herinneren waar we in de spiegel mogen kijken.
Mijn zusje vertelde mij onlangs over een droom die haar diep raakte. Ze is filmmaker en werkt steeds opnieuw via haar eigen werk aan haar ontwikkeling. In de droom liep ze met een groep door een rauwe, onbekende stad. Alles was nieuw, onvast, levendig. Midden op straat gebeurde iets onverwachts. Een grote witte wolvin kwam op haar af. Ze drukte zich op haar achterpoten tegen haar aan en begon langdurig te huilen, alsof ze iets uitriep wat geen woorden kende. Het contact was intens, aardend en wederzijds. Daarna keerde de wolvin rustig terug naar haar roedel en liep verder.
Dit soort beelden laten zich niet vangen in verklaringen. Ze vragen geen analyse, maar aanwezigheid. De wolf is geen symbool dat ergens voor staat. Ze is een verschijning. Van instinct en innerlijke natuur van de dromer zelf. Van waarheid. Van een weten dat voorafgaat aan denken. Wanneer zo’n beeld verschijnt, gebeurt er iets essentieels, het laat ons herinneren wie we werkelijk zijn.
COLLECTIEF
Later in dezelfde droom zag mijn zusje een remake van een film van Tarkovski, een filmmaker die bekendstaat om zijn traagheid en bezieling. In deze versie was het einde vervangen door een technisch perfect, robotisch slot. Het raakte haar diep, alsof iets van de wereld zijn ziel verloor. Kort daarna verschenen er hevige vlekken in haar gezicht. Ze schaamde zich en wilde verdwijnen. Tot bleek dat anderen ze ook hadden. Wat eerst persoonlijk leek, bleek collectief. Hier laten dromen zien waarover ze werkelijk gaan. Niet alleen over individuele beleving, maar over het veld waarin we leven. Over wat er gebeurt wanneer bezieling onder druk komt te staan. Over hoe het lichaam reageert wanneer iets essentieels dreigt te verdwijnen.
OOK OVERDAG
Wat mij in al die jaren van droomwerk steeds opnieuw opvalt, is dat de nacht niet ophoudt bij het ontwaken. Wie leert luisteren naar dromen, merkt dat dezelfde taal zich ook overdag voortzet. In ontmoetingen. In beelden. In momenten die opvallen zonder dat ze zich aankondigen.
Nog diezelfde ochtend stuurde een vriend mij foto’s van een wandeling die hij maakte. Geen grote landschappen. Geen bijzondere gebeurtenissen. Maar losse beelden uit de stad. Een bord met Atlas Kids. Een uitnodiging om negentig dagen romans te luisteren. Een gebouw met de naam Apollo. En een kunstwerk van gestapelde auto’s. Ik keek ernaar zoals ik naar dromen kijk, binnen de context van zijn wandeling en zijn leven nu. Het bord met Atlas Kids raakte direct aan het dragen. Aan het kind dat ooit te veel heeft moeten dragen, zoals Atlas het hemelgewelf droeg. De olifanten brachten daar een tweede laag in. Zij staan voor zeer oude, intergenerationele wijsheid, voor het geheugen van de voorouders. Dit beeld stelde een heldere vraag: welke wijsheid neem je mee uit je lijn en welke last draag je niet langer. Waar ligt je grens, gevoeld vanuit het dierlijke, gevoelige weten van de olifant.
BEGINT TERUG TE DROMEN
De uitnodiging om negentig dagen romans te luisteren verwees naar een seizoensperiode. Negentig dagen als de duur van een cyclus. Book raakte hier aan het eigen boek, de eigen innerlijke wijsheid. Beat aan het eigen ritme. Wennen aan het eigen geluid. Luisteren zonder schuld (gratis), zonder verplichting. Een periode waarin zijn eigen verhaal hoorbaar mocht worden in zijn eigen maat.
Het gebouw met de naam Apollo bracht helderheid in het beeld. Apollo is in de Griekse mythologie de god van licht, helder zien, muziek en heling. In dit beeld kwamen muziek en heling samen in ritme. Zijn eigen muziek. Zijn eigen maat. Dat hij muzikant is, maakte dit beeld direct persoonlijk. Zijn eigengeluid functioneerde hier als richting.
De gestapelde auto’s lieten zien hoe oude aangeleerde vormen van zelf-zijn hun functie hebben verloren. De auto als symbool voor het ‘zelf’ dat zich door het leven beweegt. Deze auto’s waren oud, opgestapeld, stilgezet. Beelden van doorleefde vrouwelijke (3 auto’s, 3 staat in de tarot voor de keizerin, het meest feminiene principe) voorouderenergie die niet meer gedragen hoeft te worden als vorm. Wat overblijft, is de essentie van die lijn. Niet de ballast, wel de wijsheid.
Toen ik mijn reflectie met hem deelde, viel hij even stil, daarna zei hij: “Er is een diepere premisse bij het gegeven dat de dagrealiteit of je onderbewuste via de materie om je heen spreekt. En dat zit in het dromen duiden. Het shift je gehele perceptie van wat het leven is.”
ERVARING EN HERKENNING
Wanneer we symboliek ruimte geven, verandert onze manier van waarnemen. Betekenis dient zich niet aan als concept, maar als ervaring. Dromen blijken daarin geen uitzondering, maar een oefenruimte waarin het leven zich laat lezen.
In mijn boek Je bent alles zelf! beschrijf ik hoe dromen en dagrealiteit ons voortdurend spiegelen. Niet als methode, maar als levenshouding. Wie die twee niet langer scheidt, ontdekt dat wijsheid steeds opnieuw oplicht in beelden, ontmoetingen en momenten van herkenning.
Misschien spreekt het leven al jaren met je, maar zag je de symboliek nog niet.
Sara Hermanides Gids symbolisch bewustzijn
Je bent alles zelf!
De dood in
De dood als levenseinde kent vele gezichten. Rauw voor een geliefde die achterblijft, dramatisch als iemand plots uit het leven wordt gerukt. Bevrijdend voor de een, beangstigend voor wie zich niet kan overgeven aan het proces. Hoe meer we ons bewust zijn van de eeuwige dans van leven, dood en wedergeboorte, hoe vanzelfsprekender we ons eigen plekje als onderdeel van het grote geheel kunnen ervaren.
Voor de leek is de dertiende kaart uit het tarotspel, de Dood, een van de meest gevreesde kaarten uit de tarot. Vaak slaat de schrik hem of haar dan om het hart. Hoe de dood meestal is afgebeeld, versterkt dit nog eens. In de Rider-Waite tarot verbeeldde illustrator Pamela Colman Smith de dood als een geharnast skelet te paard. Mensen van alle rangen en standen vallen neer bij zijn voeten. Het maakt niet uit wie of wat je bent. Vroeg of laat haalt de dood ons allemaal in. In de westerse cultuur zijn er rond de dood sterke taboes ontstaan. Rouw wordt weggemoffeld met een pilletje. In de nieuwsmedia wordt de dood herleid tot een getal. Een hoge leeftijd bereiken heeft nog steeds prioriteit op levenskwaliteit. Als collectief zijn we vergeten dat de dood zoveel meer is dan dat korte moment van verlies van bestaan in een tastbaar menselijk lichaam.
Terug naar de kaart. Wie voorbij de bovenste laag van de kaart kijkt, ziet in de verte twee torens met daarachter een stralend licht. De dood markeert nu niet meer alleen een einde. Hij vormt de brug van de ene bewustzijnsvorm naar de andere. De conceptuele dood is nu geüpgraded tot een instrument van transformatie, een essentiële fase die het voortbestaan van het leven waarborgt. Naast de symboliek van levenseinde, staat hij voor afscheid nemen van oude overtuigingen, contacten of omstandigheden die niet meer werken. Zo transformeert de dood tot kraamkamer van vernieuwing en verjonging. Op de resten van het oude ontkiemen de zaden.
DE DOOD IN SPIEGEL VAN DE ZODIAK
Waar de dood in de tarot een eigen kaart kreeg, heb ik ervoor gekozen om verschillende lagen (aspecten) van de dood te laten terugkomen in verschillende kaarten van Spiegel van de zodiak. De ene keer diffuus, een andere keer wat explicieter in tekst en beeld. In wezen loopt transformatie als een rode draad door het spel. In de tarot is de Grote Arcana een weg van bewustwording en groei doorheen het leven. Parallel daaraan doorlopen de tekens in de zodiak (dierenriem) een pad van bewustwording en groei. De zodiak is een zich eindeloos herhalende cyclus van transformatie. Deze
cyclus begint bij Ram (geboorte, ik-bewustzijn en initiatief) en eindigt bij Vissen (overgave, loslaten van ego, terugkeer naar eenheid). De kaarten van Spiegel van de zodiak zijn geïnspireerd op deze cyclus, spiegelen het kleurrijke palet aan menselijke eigenschappen, potenties en valkuilen die de astrologie de mens heeft toebedeeld. Onze levenshouding en omgang met welke vorm van afscheid dan ook wordt daardoor ingekleurd. Naast de 36 Attitudekaarten, die zijn gewijd aan de sterrenbeelden, zijn er 10 kaarten voor de astrologisch gezien belangrijkste hemellichamen. Het zijn de heersers over de sterrenbeelden, de krachten die hen drijven. De vier schijngestalten van de maan verbeelden de maancyclus met haar opkomende en afnemende energie. Hieronder komen van elke kaartgroep de kaarten aan bod die in het perspectief van dood en wedergeboorte kunnen worden geïnterpreteerd.
ATTITUDEKAARTEN
Elk sterrenbeeld kreeg drie kaarten toegewezen: een algemene, een mannelijke en een vrouwelijke manifestatie van de energie van dat sterrenbeeld. De algemene kaart verwijst naar een moment in de astrologische cyclus dat gerelateerd is aan het desbetreffende sterrenbeeld. Vaak is dat een omstandigheid. De term ‘attitude’ verwijst vooral naar de mannelijke en vrouwelijke manifestatie. Welke houding (attitude) nemen we aan ten aanzien van de omstandigheden? En in de context van dit artikel: welke rol speelt de transformerende dans van leven en dood daarin?
Lang leve de dood!
In de drie pionierskaarten die aan het teken Ram zijn toebedeeld, ligt bij Kiemkracht de nadruk op de kracht van geboorte en de potentie van elk nieuw begin. De eierschelp barst onder de levensdrang van het kuiken dat zich een weg naar de wereld baant. Staan we voor een nieuwe levensfase, dan is het afsterven van oude overtuigingen vaak noodzakelijk om met een frisse blik naar de omstandigheden te kunnen kijken. Vasthouden aan wat voorbij is, werkt remmend, is vermoeiend en kan je laten leeglopen. De haan kondigt de dagenraad aan. Nieuwe initiatieven geven energie en levenslust.
de kaarten
De drang tot zelfbehoud
De jager, de mannelijke manifestatie van het teken Ram, staat in het teken van ons overlevingsinstinct als drijvende kracht. Een kracht die ons helpt om op cruciale momenten een lijn te trekken en voor onszelf te kiezen. Elk levend wezen bezit deze instinctieve kracht die je tot je laatste snik laat vechten voor je leven. Ben je op deze plek belandt, dan telt geen enkele filosofische of spirituele overweging meer. Terugkijkend op De dood van de tarot valt op dat zelfs de geestelijke, als hij oog in oog staat met de dood, geen aandacht heeft voor het grote plaatje. Hij vergeet acuut het licht achter de torens en weet niet beter dan te smeken voor zijn leven.
Dans van de cycli
Reizend door de zodiak komen we bij Cyclische bewegingen. Thematisch is deze kaart aan het teken Kreeft gekoppeld. De periode van de kreeft vangt aan bij de zomerzonnewende. Het teken is energetisch en emotioneel verbonden met familie en verleden. Ze stelt generaties in het grote geheel van de levenscycli.
Het waterteken Kreeft wordt gedreven door de kracht en wisselvalligheid van de maan. Waar het in deze kaart om draait, is dat we in en om ons heen met zo veel op elkaar op elkaar inspelende cycli te maken hebben, dat we daar met ons verstand niet bij kunnen. Proberen we de dood te vatten met ons verstand, dan lopen we vast. De emotionele aard van het teken Kreeft is een uitnodiging om gevoel en emotie gewoon toe te laten, te doorleven. Ook als het gaat om afscheid en rouw, verdriet en loslaten. Als later de innerlijke storm weer tot rust komt, kunnen we weer verder met ons leven.
Waar komen wij vandaan?
De derde aan Kreeft gerelateerde kaart is Zwangerschap Aan een nachtelijke hemel schijnt het licht van de maan over een donker moerasachtig meer. Daarin staat een naakte vrouw. Ingetogen vouwt ze beide handen om haar zwangere buik. Om haar heen groeien witte lotussen, symbool voor wedergeboorte. Zwangerschap, het mysterie van nieuw leven, roept de vraag op waar we vandaan komen. Was het dezelfde
Kaarten Spiegel van de zodiak
plek als onze eindbestemming? Als je erover gaat nadenken is een stap van ‘niets naar iets’ een duizelingwekkende stap.
Het water op de kaart De dood doet denken aan de Styx. Deze rivier eindigt met nog vier andere onderwereld rivieren in een moeras in Hades, de onderwereld. Dat brengt me terug bij de lotus. De cyclus van de lotusbloem begint in de modder. Van daaruit voeden de wortels de bloem die naar het licht toegroeit.
EEN DRIELUIK UIT DE ONDERWERELD
Een ondergrondse reis
Van alle sterrenbeelden staat Schorpioen het dichtst bij thema’s als onderwereld, vergankelijkheid en transformatie. De eerste kaart, Het verborgene, verbeeldt de ondergrondse broedplaats. Hier zetten transformatieprocessen afvalstoffen om in waardevolle materie. Het is de plek waar biologische resten vergaan en kristallen worden gevormd Hier is geen begin of einde, geen herinnering. Wat hier terechtkomt, is verdrongen, gedumpt of vergeten.
Wanneer je de contouren van de roos op de vlag van de kaart De dood volgt, merk je een omgekeerd pentagram op. Het pentagram kan symbolisch geïnterpreteerd worden als de mens, die – in dit geval omgekeerd –afdaalt in een proces van transformatie om als witte roos, de gezuiverde ziel, weer tevoorschijn te komen.
De kunst van herkennen, erkennen en loslaten In De filosoof van de ervaring maakt filosofische beschouwing plaats voor ervaring, om vervolgens met meer diepgang te kunnen beschouwen. Als geen ander sterrenbeeld is Schorpioen zich bewust van de eindigheid van het leven en processen die zich onder de radar voordoen. Hij voelt onderstromen al kan hij ze niet altijd benoemen.
Op de kaart De filosoof van de ervaring vormen resten van een dode boom en een menselijk skelet de voedingsbodem voor de paarse distel. Paars staat symbool voor spiritualiteit en passie. Distel voor onafhankelijkheid en tegenslag. Wijsheid groeit door ervaring. De filosoof van de ervaring is een uitnodiging om elke angst die op je pad komt aan te kijken. Net zoals hij jou aankijkt vanuit zijn duistere rijk. Trek je uit de tarot De dood, kijk er dan niet van weg. De dood zou zomaar kunnen gaan over herkennen waar de weerstand zit tegen bijvoorbeeld het loslaten van een oude overtuiging of een omstandigheid die de houdbaarheidsdatum is gepasseerd.
Een brug tussen de werelden
Waar de vorige kaart gaat over onze omgang met angst voor de dood en angsten in het algemeen, overstijgt De sjamaan deze angst. Het is de ingewijde reiziger die communiceert met de spirits uit het dodenrijk. In haar hand houdt ze Pluto, de planeet van diepe transformaties. De uil aan haar zijde symboliseert wijsheid, magie en helderziendheid.
Kaarten Spiegel van de zodiak contouren.indd 43
Kaarten Spiegel van de zodiak contouren.indd 46
Wie de energie van De sjamaan in zich draagt, zal zich op de kaart De dood meteen aangetrokken voelen tot de torens op de achtergrond. Er zijn namelijk nog twee kaarten in het tarotspel waarop de torens voorkomen: De hogepriesteres en De maan. Op alle drie de kaarten zijn ze een poort naar een andere dimensie, bewustzijn of vormen de toegang tot verborgen kennis. Precies die domeinen waar de sjamaan zich thuis voelt.
AFLEGGEN VAN HET EGO
De dood staat ook voor het afleggen van ons ego. Als Inanna in een Sumirische inwijdingsmythe het dodenrijk betreedt, moet zij zich ontdoen van al haar bezittingen. Veel blijft er niet over van haar macht en status, als ze uiteindelijk naakt voor haar zuster Ereshkigal verschijnt, de koningin van het dodenrijk. Vertaald naar ons leven in het hier en nu, vraagt het leven soms grote offers om door de lagen van het ego heen te breken en weer bij onze eigen kern uit te komen. De kaart De dromer staat voor de bewustzijnsfase waarin het ego geen controle kan uitoefenen op ons zijn. Het zijn de impulsen van het onderbewustzijn die onze droomwereld bepalen. Onze belevingen schikken, verwerken en transformeren tot bruikbare ervaring. Daarnaast sluit De dromer als laatste kaart de zodiak af in het teken Vissen. Rechtsonder in de kaart verwijst het ei dat rust in de lotusbloem naar Kiemkracht. Waar het ik-bewustzijn wakker werd in Ram, verbindt het in Vissen weer met het Al, om in een volgende cyclus opnieuw te beginnen met het sterrenbeeld waarmee het allemaal begon.
DE HEMELLICHAMEN
Ondanks dat elke planeet zijn eigen kwaliteiten en schaduwkanten kent, zijn parallellen tussen de kaart De dood en de drijvende energieën van de planeten, het meest aanwezig bij Pluto en Saturnus. Waar Pluto zorgt voor radicale transformatie door crisis en
Onkruid Magazine is de bron voor wie zoekt naar verdieping, inspiratie en een bewuste levensstijl.
Lees alles over zingeving, zelfontwikkeling, duurzaamheid, spiritualiteit en natuurbeleving.
vernietiging, begrenst Saturnus, verwant aan Chronos, de tijd die ons rest. Op de Pluto-kaart staan de resten van een boom die door een hevige storm radicaal is afgebroken. Een witte vlinder, symbool voor transformatie, maakt zich los uit het tafereel. Saturnus wordt afgebeeld als een oude man met een zeis. Hij komt misschien wel het dichtst in de buurt van het beeld van de dood zoals wij het kennen. In zijn hand houdt hij een zandloper en een olijftakje, teken van hoop. Saturnus is de leermeester die ons confronteert met onze eigen beperkingen, leert om grenzen te stellen en wijst op onze verantwoordelijkheden. ‘Snoeien om te bloeien’ is hem op het lijf geschreven. Iedere maanmaand doorloopt de maan een cyclus die vergelijkbaar is met de levenscyclus van elk levend wezen. In Spiegel van de zodiak staan de schijngestalten voor opkomende en afnemende trends. Geboorte, groeien naar een hoogtepunt en loslaten. Ze helpen je om je bewust te worden welke fase van de cyclus je doormaakt.
De divinatiekaarten van Spiegel van de zodiak vormen een spel dat dicht bij het leven op aarde staat. Bij elke attitudekaart geef ik naast mijn eigen interpretatie een verhaaltje om de kaart een menselijk gezicht te geven. Elke kaart kent kansen, groeimogelijkheden en valkuilen. De houvast die de thematiek van de kaart je geeft, biedt speelruimte om er jouw eigen interpretatie aan te geven. In het spoor van het cyclische karakter van de dierenriem heeft polariteit een even groot gewicht. Licht en donker kunnen niet bestaan zonder elkaar. Zonder de dood is geen leven mogelijk.
Anneliese Melens kunstenaar en tarotist
Spiegel van de zodiak
Met columns van Janosh, Robert Bridgeman en Geert Kimpen.
Leef vrij. Kijk visionair. Verwonder je. Voel je verbonden.
WORD NU LID EN KIES JOUW VOORDEEL. GA NAAR onkruid.nl/abonnee-worden
DE LEZER
Peter Saarloos (61), zelfstandig ondernemer. Werkt al vele jaren als astroloog en astrologiedocent onder de naam van Opleidingscentrum Ishtar. Uitgever van astrologie- en spirituele boeken, de maankalender en -agenda en de astrologische agenda vanuit Uitgeverij Hajefa.
Wat is het eerste boek dat je je kunt herinneren?
Het eerste boek dat me nu te binnenschiet is een boek over Pinkeltje: dat vond ik helemaal geweldig als kind. Later vond ik veel boeken uit het magisch realisme erg mooi en aansprekend. Een andere herinnering die me nu te binnenschiet is mijn eerste echt spirituele boek: Brengers van de dageraad van Barbara Marciniak. Ik had dit boek op aanraden van medecursisten gekocht in een boekwinkel in Amersfoort en pas later in de trein zag ik dat dit een boek was over wezens van de Pleïaden. ‘Ik ga toch geen boek lezen over buitenaardse wezens?’, was mijn gedachte, en vervolgens schoof ik het weer terug in het cadeaupapier waarin het zat ingepakt. Vele maanden later sprak ik iemand die vertelde dat ze werkte met de energieën van de Pleïaden. Na het gesprek heb ik dit boek uitgepakt en ben vrijwel direct begonnen met lezen en ik wist niet wat ik las: het was een feest van herkenning, dit is wie ik ben! Na dit boek had ik voor mezelf besloten om boeken open te lezen en het niet direct weg te leggen als de inhoud niet overeenkwam met mijn wereldbeeld. Er volgden nog vele spirituele boeken.
Hoe belangrijk zijn boeken voor jou?
Heel belangrijk, want het is onderdeel van mijn werk. Natuurlijk als uitgever van boeken, maar ook als astroloog en astrologiedocent heb ik veel boeken gelezen. Dus boeken zijn onderdeel van mijn werk. Het mooie is dat ik bij mijn vorige werkgever magazijnbeheerder was van onder andere een uitgeverij. In het verleden vond ik het heerlijk om te struinen bij De Slegte en andere tweedehandsboekenwinkels: geweldig om te doen. Zelf verkoop ik inmiddels meer dan twintig jaar boeken op beurzen, congressen en dagen van de astrologische vakverenigingen.
Hoeveel boeken heb je in huis en waar zijn die te vinden?
Nou, heel precies kan ik dat niet aangeven, maar vele duizenden. Daar zijn natuurlijk veel boeken bij die hier liggen vanuit de uitgeverij. Ik heb een woon/ werkwoning. De bedrijfsruimte is beneden en boven woon ik. In de bedrijfsruimte liggen dus de boeken van de uitgeverij. De meeste voorraad ligt bij het Centraal Boekhuis, maar thuis in mijn werkruimte heb ik van alle titels wat voorraad staan om toe te sturen of te verkopen op beurzen of als iemand een boek komt afhalen. Bovendien verkoop ik ook tweedehands astro-
logieboeken op astrologiecongressen en dagen van de astrologische (vak)verenigingen in Nederland en België. Dus boeken genoeg. En af en toe kom ik een bijzonder boek tegen en deze verdwijnt dan naar mijn eigen boekenkast. Mijn eigen boeken staan boven op de tweede verdieping in een apart kamertje, maar er ligt altijd een stapeltje boeken in mijn huiskamer en ook een klein stapeltje naast mijn bed.
Welk soort boeken spreekt je aan?
Zoals ik al schreef: in het verleden sprak het magisch realisme van bijvoorbeeld Hubert Lampo mij aan, in het verlengde hiervan heb ik een paar jaar geleden het boek Time Bender van Tijn Touber gelezen: heerlijk! Het genre dat ik eigenlijk alleen maar lees zijn astrologieboeken en spirituele boeken. Deze boeken spreken mij aan en ook omdat ik hierdoor meer zelfinzicht krijg en meer bij mezelf ben gekomen en ik hierdoor persoonlijk heb kunnen groeien. De afgelopen jaren lees ik voornamelijk gechannelde boeken en vaak lees ik dit soort boeken meer om in de energie te zijn, dan om de kennis die erin staat.
Dit soort boeken geef ik ook uit met de uitgeverij: om een bijdrage te leveren aan de persoonlijke en geestelijke groei van mensen. Boeken die mensen bekrachtigen om vanuit hun hart en bezieling te leven. Dat geeft mij een gevoel van zingeving met het werk dat ik doe.
Welk soort boeken zul je nooit lezen?
Thrillers en detectives: dat is zo’n andere energie en ik vind het niet fijn om deze energie in mijn systeem toe te laten.
Is er een boek dat voor jou heel belangrijk is?
Ja, meerdere boeken zelfs. Het boek Brengers van de dageraad had ik eerder al genoemd. Maar ook De Nieuwe Tijd, waarin Elias, een entiteit, wordt doorgegeven. Het is in het begin wat taai om te lezen, maar als je door de eerste vijftig bladzijden heen bent, dan is het een geweldig boek. Elias zegt dat het er om gaat om onze overtuigingen te zien en te accepteren, niet om onze overtuigingen los te laten. Volgens hem zal dit voor de verschuiving in bewustzijn zorgen die we als mensheid doormaken. Als je dit ziet, dan kun je de overtuiging gebruiken of naast je neerleggen en volgens hem ben je dan vrij om te kiezen of je in of naast de overtuiging gaat staan. Het lijkt een beetje op de boeken van Seth uit de jaren zeventig. Het heeft mij
veel inzichten gegeven die ik nog steeds gebruik bij mijn astrologielessen.
Een ander boek dat mij veel gebracht heeft is het boek Zero Limits van Joe Vitale. Niet zozeer zijn verhaal, want dat is een Amerikaans verhaal, maar meer de achterliggende wijsheid van de Hawaiiaanse ho’oponopono. Een van de uitgangspunten is dat jij het middelpunt bent van jouw universum en dat wat in je bewustzijn verschijnt dat je dit zelf creëert. Een lastig concept voor ons westerse mensen, maar het heeft mij meer in mijn kracht gezet en meer in mijn hart gebracht.
Welk boek ben je nu aan het lezen?
Op dit moment ben ik een boek aan het lezen dat ik onlangs heb gekregen van Jan Vermeiren. Het boek heeft als titel Ware Vrijheid en gaat over hoe je innerlijke rust en acceptatie kunt verkrijgen. Hij vergelijkt het met de verschillende verdiepingen van een huis: op de begane grond heb je geen overzicht en komt de wereld bij je binnen. Op de eerste verdieping ontstijg je de dagelijkse hectiek, maar hoor je deze hectiek nog wel en op de tweede verdieping heb je een groter uitzicht en perspectief en heb je vrijwel geen last meer van alle drukte op de begane grond. Een erg leuke metafoor die hij in dit boek gebruikt.
En het volgende boek ligt al klaar: Ganbatte, De Japanse kunst van de wilskracht. Hier heb ik al kort in gekeken en
gelezen: Ganbatte betekent ‘doe je best, geef niet op.’ Wij wensen iemand vaak veel geluk, met een examen of een nieuw huis of iets dergelijks: dat impliceert dat succes afhankelijk is van het lot. Met ganbatte heb je dat zelf meer in de hand. Het gaat over de Japanse benadering van hoe om te gaan met aardse en alledaagse beslommeringen. Het is wat filosofisch en ik denk dat dit boek mij ook weer mooie inzichten kan geven.
Wie is jouw favoriete auteur?
Ik heb niet een specifieke favoriete auteur. In het verleden heb ik wel van een aantal auteurs meerdere boeken gelezen, zoals van Barbara Marciniak met de boeken over de Pleïaden, Neil Donald Walsh met de boeken over Een ongewoon gesprek met God. Ook Matt Kahn is een van de auteurs die mij aanspreekt met zijn boeken Liefde is altijd het antwoord en Geef je hart de ruimte
Welk boek wil je van harte aanbevelen?
De twee boeken die me gelijk te binnenschieten zijn: Krachtdieren van Petra Stam en het boek Mythen van de dierenriem van Jan de Graaf. Dit zijn prachtige boeken en niet alleen om de lay-out, kleuren en vormgeving, maar ook voor de inhoud. Bij het boek van Petra is er ook een kaartenset met krachtdieren en die ondersteunt het werken met krachtdieren dat beschreven staat in het boek: een prachtige combinatie.
Het is gezien. Het is niet onopgemerkt gebleven.
Astrologie heeft een directe verbinding met de rondgang van de zon door de dierenriem.
Op dit moment staat de zon in het sterrenbeeld Vissen en dat is het twaalfde en laatste teken van die dierenriem. In dat laatste teken wordt een cyclus afgesloten. Over en uit.
Is dan alles gezegd en gedaan? Nee, want hierna volgt een nieuwe cyclus. De dierenriem is geen cirkel, maar een spiraal.
Onlangs volgde ik een online winterretraite. Ik luisterde naar lessen en deed meditaties. Het onderwerp was de winter. De natuur doet ons geloven dat alles dood en weg is.
Het is koud, de ramen zijn bevroren en de sneeuw blijft liggen. Het is stiller dan in de zomer en er zijn minder mensen op straat. We slapen langer en hebben meer rust. Toch is er nieuw leven. De sneeuw bedekt als een deken het nieuwe jonge leven dat aan het ontwaken is. Dood was het nooit, onzichtbaar wel.
Na 21 december worden de dagen langzaamaan weer langer. Het licht keert minuut voor minuut terug.
Nu we in Vissen zijn aanbeland, komt de zon eerder op en gaat hij later onder. In de lente zijn we nog niet. Het is de laatste fase voor het nieuwe leven de grond uit wordt geduwd en ons verwelkomt als kleurrijke bloemen.
In Vissen gaan we contempleren. Wat was fijn en wat was voeding voor de ziel? Waardoor lichtten we op en voelden we ons diep gelukkig?
Wat was goed, maar past niet meer in ons leven van nu.
Er wordt vaak gezegd dat Vissen gaat over loslaten. Wegzwemmen en niet meer omkijken. Het woord ‘loslaten’ is een werkwoord en suggereert een actieve houding. Dat is paradoxaal.
Want hoe meer we proberen om los te laten, hoe meer we ermee bezig zijn. Loslaten lukt op die manier meestal niet. Hoe dan wel?
Door je op iets anders te richten. Door actief je aandacht en tijd te richten op iets wat wenselijk is.
Door het onwenselijke geen aandacht meer te geven.
In dankbaarheid en met respect, want dat oude heeft ons eens gediend. En dat is waarover Vissen gaat. Over respectvol afscheid nemen.
Vissen gaat ook over sublimeren. De aangereikte levenslessen doorgronden, begrijpen en integreren.
In Vissen kunnen delen van ons bewustzijn die ontoegankelijk of gewoonweg onbewust waren, naar het licht komen.
En dat is de ware aard van Vissen. Overgaan naar een hoger bewustzijn en van daaruit begrijpen waarover dit aardse leven gaat.
Het sterke verlangen naar het goddelijke is de drijfveer om op onze persoonlijke queeste te gaan.
Ten tijde van dit schrijven is net mijn grootse, wijze en lieve lerares Dolores Ashcroft-Nowicki naar het
land van Amenti gegaan. Ze werd 96 jaar en was een Hele Grote in de esoterische en magische wereld. Ze stierf op dezelfde dag als Dion Fortune en mag zich in de rij van de allergrootsten occultisten van de 20e eeuw scharen.
Ik had het voorrecht vele workshops van haar bij te wonen en veel gesprekken met haar te voeren.
Haar motto was: magical work must serve consciousness and balance rather than personal ambition.
Zo was ze. Als je niet beter zou weten, is het de vrouw met een Hema rookworst in haar ene hand en de andere hand aan een boodschappenwagentje. Geen opsmuk. Met een inhoud waar je ‘U’ tegen zegt. En met een scherp gevoel voor humor met haar zon in Tweelingen. Ze laat een sterk oeuvre aan boeken en een onuitwisbare indruk na. Ze heeft me zo ontzettend veel geleerd en daar ben ik haar diep dankbaar voor.
Ik heb een jarenlange training gevolgd aan de school die zij decennia leidde, The Servants of the Light. De laatste jaren had ik meer afstand tot magie en het praktisch beoefenen ervan. Het laatste jaar keerde ik voorzichtig weer terug. Haar hemelreis versnelt dat proces.
Terwijl nu de zon door Vissen loopt, zijn we in de plaats van wat niet meer is en van wat nog niet is. Een prachtige gelegenheid om innerlijk te schouwen en te zien waar we zijn.
Met de wetenschap dat na deze periode de lente in al haar kracht losbarst om ons heen.